Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 18 juni 2017 tot 19 juni 2017

Billy Collins, Salman Rushdie, Sybren Polet

 

Dolce far niente

 

 2048095-ce6315361249e52e1364945a459822b7.jpeg
The Ambassador Hotel Swimming Pool door Joseph Kleitsch, jaren 1920

 

 

By A Swimming Pool Outside Syracusa

All afternoon I have been struggling
to communicate in Italian
with Roberto and Giuseppe, who have begun
to resemble the two male characters
in my Italian for Beginners,
the ones who are always shopping
or inquiring about the times of trains,
and now I can hardly speak or write English.

I have made important pronouncements
in this remote limestone valley
with its trickle of a river,
stating that it seems hotter
today even than it was yesterday
and that swimming is very good for you,
very beneficial, you might say.
I also posed burning questions
about the hours of the archaeological museum
and the location of the local necropolis.

But now I am alone in the evening light
which has softened the white cliffs,
and I have had a little gin in a glass with ice
which has softened my mood or—
how would you say in English—
has allowed my thoughts to traverse my brain
with greater gentleness, shall we say,

or, to put it less literally,
this drink has extended permission
to my mind to feel—what's the word?—
a friendship with the vast sky
which is very—give me a minute—very blue
but with much great paleness
at this special time of day, or as we say in America, now.

 

 2048095-e29db9bb9d1b46c655c96610b7d1256a.jpg
Billy Collins (New York, 22 maart 1941)
New York, Astoria Park Pool. Billy Collins werd geboren in New York

 

 

De Indisch-Britse schrijver en essayist Salman Rushdie werd geboren in Bombay op 19 juni 1947. Zie ook alle tags voor Salman Rushdie op dit blog.

Uit: The Enchantress of Florence

“When the prince arrived perspiring from the hard work of galloping around killing animals in the heat of the day, Mohini was at the head of the retinue whose task it was to remove all his clothes and massage his pale skin with scented, cooling oils. Mohini was the one who chose the perfume, sandalwood or musk, patchouli or rose, and Mohini it was who performed the privileged function of massaging his manhood to prepare him for her mistress. Other slaves fanned him and rubbed his hands and feet, but only the Skeleton could touch the royal sex. This was because of her expertise in preparing the unguents necessary for the heightening of sexual desire and the prolongation of sexual congress. She made the pastes of tamarind and cinnabar, or dry ginger and pepper which, when mixed with the honey of a large bee, gave a woman intense pleasure without requiring much exertion from the man, and allowed the man also to experience sensations of warmth and a kind of squeezing palpitation that were extremely pleasurable. She applied the pastes sometimes to her mistress’s vagina, sometimes to the prince’s member, usually to both. The results were held by both parties to be excellent. It was her mastery of the male drugs known as the “ones that made men into horses” that undid her. One day she ordered the castration of a male goat and boiled its testes in milk, after which she salted and peppered them, fried them in ghee, and finally chopped them up into a delicious-tasting mince. This preparation was to be eaten, not rubbed upon the body, and she fed it to the prince on a silver spoon, explaining that it was a medicine that would allow him to make love like a horse, five, ten, or even twenty times without losing his force. In the case of particularly virile young men it could facilitate one hundred consecutive ejaculations. “Delicious,” said the prince, and ate heartily. The next morning he emerged from his mistress’s boudoir, leaving her on the point of death. “Ha! Ha!” he shouted at Mohini on his way out. “That was fun.”
It would be forty-seven days and nights before Lady Man Bai could even think about having sex again, and during that time the prince, when he visited her, was fully understanding of the damage he had wrought, behaved in a manner both contrite and solicitous, and fucked the slaves instead, asking, most often, for the favors of the skinny creature who had endowed him with such superhuman sexual powers. Lady Man Bai could not refuse him but inwardly she raged with jealousy.”

 2048095-ceb2281d69138eced25ffab486137378.jpg
Salman Rushdie (Bombay, 19 juni 1947)
Portret door Thom Phillips, 1992

 

 

De Nederlandse dichter en schrijver Sybren Polet (pseudoniem van Sybe Minnema) werd geboren in Kampen op 19 juni 1924. Zie ook alle tags voor Sybren Polet op dit blog.

 

Waai niet

Waai niet, zeg niet
ik ben er niet; ik heb geen wolken om mee te spelen,
geen acrobaten om uit te beelden.

Je bent de tevreden stemming
die in het gedicht heerst
als ik thuiskom en mijn pygmeeën heb uitgehakt.

Ik kom stoffig thuis uit mijn verleden tijd,
een half humoristische sage
en breng de wind mee
die buigt en zijn hoed afneemt.

Met lippen als volleerde glimlachjes
verwelkom je hem
en je zegt: ik ben zijn huisgenoot, ik buikdanseres,
maar ik waai niet.

Zeg niet, ik ben er niet,
ik heb geen woorden om mee te spelen, geen
vreemde dieren om mij in te kleden.

Je bent de dag die op mij neerstrijkt,
schouderwarm, wanneer de woorden leeg en alle
ledematen
tevergeefs lijken,
en het verleden dat opnieuw gevuld moet worden
met warme pas genezen beelden
vul je met warme pas genezen beelden.
Zo maak je zelfs de groenste uniformen ongedaan.

Zeg niet, ik ben er niet. Want zoals je bent
ben je het hooi van wind dat door mijn haar gaat,
water dat mijn gedachten wast
als er een tijdlijke afwezigheid van zee is,
de onrust van mijn slaap, in mijn slaap zelfs
raak je mij aan. Ik raak je aan,

zo licht
alsof ik een soldaat ben die de zee kust.

 

 2048095-1b8179433a2cd825f1e1e936a029c4ad.jpg
Sybren Polet (19 juni 1924 – 19 juli 2015)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 19e juni ook mijn blog van 19 juni 2016.

Geschreven door Romenu om 18:23 Reageer op dit bericht

To Summer (William Blake)

 

Dolce far niente

 

 2047469-605aeb13320e3cb9b9b5d9b5f0cf3828.jpg
Summer Landscape II door William Brymner, 1910

 

 

To Summer

O thou who passest thro' our valleys in
Thy strength, curb thy fierce steeds, allay the heat
That flames from their large nostrils! thou, O Summer,
Oft pitched'st here thy goldent tent, and oft
Beneath our oaks hast slept, while we beheld
With joy thy ruddy limbs and flourishing hair.

Beneath our thickest shades we oft have heard
Thy voice, when noon upon his fervid car
Rode o'er the deep of heaven; beside our springs
Sit down, and in our mossy valleys, on
Some bank beside a river clear, throw thy
Silk draperies off, and rush into the stream:
Our valleys love the Summer in his pride.

Our bards are fam'd who strike the silver wire:
Our youth are bolder than the southern swains:
Our maidens fairer in the sprightly dance:
We lack not songs, nor instruments of joy,
Nor echoes sweet, nor waters clear as heaven,
Nor laurel wreaths against the sultry heat.

 

 

 2047469-36283f510541ce6fed69575934010c92.jpg
William Blake (28 november 1757 – 12 augustus 1827)
Londen. William Blake werd in Londen geboren.

 

 

Zie voor de schrijvers van de 18e juni ook mijn blog van 18 juni 2016 deel 1 en eveneens deel 2.

Geschreven door Romenu om 11:31 Reageer op dit bericht

Vader en zoon (Michel van der Plas)

 

Bij Vaderdag

 

 2154731-4139bf429fda666ccb2368df58fb48fd.jpg
Een buitenman en zijn zoon door Traian Biltiu Dancus, 1946

 

 

Vader en zoon

Vader. Waarom als iemand dat woord zegt
kijk ik nog steeds vooruit, niet achter mij?
ben ik niet, zoek ik? Het is toch voorbij?
jij bent toch in de regen weggelegd?

Wat verwacht ik dan: je hand op mijn hoofd?
Waar zou ik moeten komen? ben je daar
nog wel, warm woord? Of hebben ze je naar
het huis gebracht waarin je hebt geloofd?

Als ik het hoor is het of ik zelf riep.
Ik moet al antwoord geven en ik ken
nauwelijks de vraag die ik nog altijd ben

Ja, zeg ik, en kijk om. De nacht is diep.
Ik weet opeens waarvoor je hebt geleefd:
ik draag de naam van wie de dood doorgeeft.

 

 

 2154731-6d57fbab993a72842b13ce595ceb3178.jpg
Michel van der Plas (23 oktober 1927 – 21 juli 2013)
Den Haag, de geboorteplaats van Michel van der Plas

 

 

Zie voor de schrijvers van de 18e juni ook mijn blog van 18 juni 2016 deel 1 en eveneens deel 2.

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Marije Langelaar

De Nederlandse dichteres en beeldend kunstenares Marije Langelaar werd geboren op 18 juni 1978 in Goes. In 2000 voltooide ze haar studie aan de Hogeschool voor de Kunsten in Arnhem en nam sindsdien deel aan diverse tentoonstellingen en festivals in binnen- en buitenland. Met Mark Manders runt ze de uitgeverij ROMA Publications. In het voorjaar van 2003 verscheen haar officiële debuutbundel “De rivier als vlakte.” In 2009 volgde “De schuur in”, diewerd genomineerd voor de Jo Peterspoëzieprijs en de J.C. Bloemprijs en werd bekroond met de Hugues C Pernathprijs.  Voor haar bundel “Vonkt” ontving zij de Jan Campert prijs 2017 en de Awater Poëzieprijs. De bundel werd ook genomineerd voor de VSB Poëzieprijs 2018. 

 

In het dier

Ik klim in de boom voor het uitzicht
een hert komt naderbij om ons te warmen.
We spreken hem toe over de stad, buiten de greep van de bladeren.
De ogen van het dier openen zich in een weg naar elders
we lopen naar binnen het is warm en behaaglijk en zoveel instinct.
Mijn man klikt in een poot en begint op en neer, op en neer, en krom en recht, en krom en recht zoveel beweging in mijn man.
Het dier accepteert gelaten.
Ik loop verder richting hersens, altijd zo gedachtengeoriënteerd.
Ik kom terecht in een ijle substantie.
Ik zie hier de varianten van het dier. Kortpotig of juist
lang, met of zonder hoorns, verlengde tong, ingegroeide hoeven de
mogelijkheden zijn eindeloos.
het dier gorgelt.
Te lang ronddraven is nooit goed dus glijd ik weer naar
beneden waar mij man inmiddels in de staart de lucht rond het dier
circuleert.
Mijn man is zo speels het verwondert mij.
We lopen eruit. Het dier schudt zich.
We aaien zijn rug en keren weer terug naar de auto

 

 

De hoeder van mijn oude eenzaamheid

De hoeder van mijn oude eenzaamheid
schudt aan de tafel

een wilde dans is gestopt
wat nu nog moet wordt afgerond

willoze twijgen in het gedoofde venster
de kop van de helling bezwijkt

de andere wereldhelft zal stonds ontwaken

ik leg mij neer
in de opalen schijnsels
de roep van dieren komt tot de deur

zacht zal ik straks belijden
wat nu nog komt dat hoeft niet meer

 

 2114589-874b0930f3cfc9d4ef656fe4365a5d11.jpg
Marije Langelaar (Goes, 18 juni 1978)

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten