Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 6 juli 2017 tot 7 juli 2017

Jan H. de Groot, Ivo Victoria, Lion Feuchtwanger, Vladimir Majakovski, Clemens Haipl

 

Dolce far niente

 

dolce far niente
 The Rainbow door George Inness, 1878

 

Onweer

‘k Lig op mijn buk
in ‘t gras en ruik
het loof van pieperblommen.
Ginds licht het door
het bos en ‘k hoor
een verre donder grommen.

De zon verlaat
de dag en gaat
in rode wolken onder.
In ‘t Zuiden richt
een bliksemschicht
zijn speer en zwelt de donder.

Nu nadert zacht
de zomernacht
met zwaar bevochte schreden.
Er rilt gerucht,
een windezucht
komt uit het bos gegleden.

Er wervelt wind
die drijft en dringt
de volle donderkoppen.
Een vette blik
en hardop tikt
de val der eerste droppen.

Dan aarz’lend sta
ik op en ga
door wind en regenvlagen.
En boven mij
barst het getij
van vreselijke slagen.

 

 2053479-43694eca9dcca721b57db6f2d893c181.jpg
Jan H. de Groot (13 maart 1901 - 1 december 1990)
Stadsgezicht Alkmaar door Jaap Zomer, 2014. Jan H. de Groot werd geboren in Alkmaar

 

 

De Vlaamse schrijver Ivo Victoria (pseudoniem van Hans van Rompaey) werd op 7 juli 1971 geboren in Edegem (Antwerpen). Zie ook alle tags voor Ivo Victoria op dit blog

Uit: Gelukkig zijn we machteloos

“De zon die nog nét boven de aarde zweeft. En de wolken glijden weg, vanaf de horizon omhoog, zoals het doek op het toneel wordt opgetrokken voor een volgend bedrijf. Ik begin te lopen in de richting van de plek waar ik haar het laatst heb gezien. De vogel wipt achter me aan. Het lijkt iets beter met hem te gaan. Hij houdt me in de gaten. Een schrander dier. Ik loop honderd, hooguit tweehonderd meter.
Daar ligt ze. Op de grond. Als een vod. Ik kniel bij haar neer. Ook de jan-van-gent komt naderbij en gaat naast haar zitten op circa één meter van haar hoofd. Samen bekijken we haar. Een pop van porselein. Haar shirt gescheurd. Een lange, helderrode schram loopt over haar borstbeen vanaf haar hals. Ik kan niet zien tot waar. Ze ligt rustig, op haar rug, haar armen langs haar lichaam. Haar pet is afgerukt door wat het ook geweest is dat haar geveld heeft, en haar steile haren zijn nu verwilderd riet. De ogen gesloten. Ik hou een vinger voor haar neusgaten. Ik voel de warme lucht die haar lijf verlaat. Hier zit ik dan. Een oude man bij het bewegingloze lichaam van een meisje. Wie ons nu kan zien zou merkwaardige gedachten kunnen hebben. Maar niemand kan ons zien, behalve een vogel. Dit kan nog altijd nooit gebeurd zijn. Ik denk aan die eigenaardige fluittoon die ik net hoorde en die nu is verdwenen, opgelost in de wind. En voor het eerst sedert we het feest achter ons lieten, denk ik aan dat bizarre verhaal van de ruis.”

 

 2053479-461b98769d4fa45e56b772501ef3d3ba.jpeg
Ivo Victoria (Edegem, 7 juli 1971)

 

 

De Duitse schrijver Lion Feuchtwanger werd geboren in München op 7 juli 1884. Zie ook alle tags voor Lion Feuchtwanger op dit blog.

Uit: Goya oder der arge Weg der Erkenntnis

„Er arbeitete eine weitere Woche. Dann war das Porträt fertig. Er trat zurück. »Königin Doha Maria Luisa als Maja in Schwarz«, stellte er seine Königin der Königin in Fleisch und Blut vor. Da steht sie, in einer natürlichen und gleichzeitig repräsentativen Haltung, Maja und Königin. Die Augen über der Raubvogelnase sind gescheit und gierig, die Lippen über dem harten Kinn hält sie verpreßt, wegen der diamantenen Zähne. Das ganze geschminkte Gesicht ist voll von Wissen, Gier und Gewalttätigkeit. Die Mantilla, von der Perücke fallend, ist über der Brust gekreuzt, jung und tief entblößt lockt der Halsausschnitt, fleischig und wohlgeformt sind die Arme, die linke, beringte Hand fällt lässig herab, die rechte hält über der Brust den winzigen Fächer geschlossen, in der Geste des Lockens und Abwartens. Goya hatte sich bemüht, nicht zuviel zu malen und nicht zuwenig. Seine Doha Maria Luisa war häßlich, aber er hatte diese Häßlichkeit lebendig gemacht, schimmernd, beinahe anziehend. Er hatte ihr eine bläulichrote Schleife ins Haar gegeben, und das Licht dieser Schleife machte das stolze Schwarz der Spitzen leuchten. Er hatte ihr goldene Schuhe gegeben, die glänzend aus dem vielen Schwarz herauskamen, und er hatte das Ganze getönt durch den matten Schimmer des Fleisches. Die Königin fand nichts mehr, was sie hätte aussetzen können. Sie erklärte in schmeichelhaften Worten ihre Befriedigung und forderte Goya auf, noch hier in San Ildefonso selber zwei Kopien anzufertigen. Ehrerbietig, aber entschieden lehnte er ab. Wenn er soviel ernsthaftes Bemühen an ein Werk gewandt habe, könne er's nicht kopieren. Doch wolle er von seinem Mitarbeiter Don Agustin Esteve, dessen Geschick und Zuverlässigkeit Dofia Maria Luisa kenne, die gewünschten Kopien anfertigen lassen. Endlich konnte er nach Madrid. Aber es ging ihm hier nicht besser als in San Ildefonso. Er sagte sich hundertmal, das Klügste wäre, er schriebe Cayetana, oder er ginge einfach wieder nach Piedrahita. Doch das konnte er seinem Stolze nicht abkämpfen.”

 

 2053479-bfdce4c4a8986f1b579a61adbc6b8cb8.jpg
Lion Feuchtwanger (7 juli 1884 – 21 december 1958)
Hier met echtgenote Marta

 

 

De Russische dichter Vladimir Majakovski werd op 7 juli 1893 in Baghdati, Imereti, Georgië, geboren. Zie ook alle tags voor alle tags voor Vladimir Majakovski op dit blog.

 

A Cloud In Trousers - Part I (Fragment)

Again and again 
nuzzling against the rain, 
my face pressed against its pitted face, 
I wait, 
splashed by the city¡¯s thundering surf. 

Then midnight, amok with a knife, 
caught up, 
cut him down ¨C 
out with him! 

The stroke of twelve fell 
like a head from a block. 

On the windowpanes, grey raindrops 
howled together, 
piling on a grimace 
as though the gargoyles 
of Notre Dame were howling. 

Damn you! 
Isn¡¯t that enough? 
Screams will soon claw my mouth apart. 

Then I heard, 
softly, 
a nerve leap 
like a sick man from his bed. 
Then, 
barely moving, 
at first, 
it soon scampered about, 
agitated, 
distinct. 
Now, with a couple more, 
it darted about in a desperate dance. 

The plaster on the ground floor crashed. 

Nerves, 
big nerves, 
tiny nerves, 
many nerves! ¨C 
galloped madly 
till soon 
their legs gave way. 

But night oozed and oozed through the room ¨C 
and the eye, weighed down, could not slither out of 
the slime. 

 

 2053479-9687ee2b8e924bdf6dc4370624262958.jpg
Vladimir Majakovski (7 juli 1893 - 14 april 1930)
Majakovski’s geboortehuis in Baghdati, Imereti, Georgië, nu museum

 

 

De Oostenrijkse schrijver, cabaretier, tekenaar en muziekproducent Clemens Haipl werd geboren op 7 juli 1969 in Wenen. Zie ook alle tags voor Clemens Haipl op dit blog.

Uit: Sind wir bald da?

„MONTAG, 4. MAI
Das Wetter benimmt sich nicht so, wie man es von einem anständigen Mai erwarten könnte. In der Nacht hat es gestürmt und geregnet, und ich bin auf der Wohnzimmercouch aufgewacht. (Dort schlafe ich freiwillig, wenn ich rauche und dem Vergorenen besonders zuspreche. Der daraus resultierende Geruch ist nichts, worauf ich besonders stolz bin.) Ich wache also auf der Wohnzimmercouch auf und habe weder das Gefühl, ein Rockstar zu sein, noch fühle ich in mir die Segnungen des hl. Jakob. Im Gegenteil, im Gaumen sitzt der Beelzebub und im Nacken die Verspannung (so eine Bassgitarre wiegt mehr, als man glaubt).
Nach einem gehaltvollen Frühstück bestehend aus Actimel und Schwarztee beschließe ich, den Jakobsweg mit dem Datenhighway kurzzuschließen und google nach »St. Jakob«. Ungefähr 1.380.000 Einträge. Die ersten: Bergbahnen, Urlaub im Pillerseetal, eine Pfarre in Deutschland. (Die muss ich leider auslassen. Wenn ich Deutschland in die Suche nach dem ewigen Glück mit einbeziehe, könnte das Unternehmen unüberschaubar werden – und das meine ich überhaupt nicht zynisch.) Ein Behindertenheim in der Schweiz habe ich auch gefunden. Das lassen wir vielleicht auch weg.
St. Jakob im Pillerseetal gefällt mir ausnehmend gut: 630 Einwohner und 900 Gästebetten. Das heißt, wenn die ausgebucht sind, könnten die Gäste den Ort rein zahlenmäßig übernehmen. Kapern und entführen. Passiert nicht oft, aber warum nicht? Ich würde gerne ein hübsches Bergdorf kapern und entführen. Oder eine Südseeinsel.
Unter der Überschrift »Geschichte« lernen wir Folgendes: ST. JAKOB IN HAUS: Der Name »Haus« geht in St. Jakob vermutlich auf einen sehr alten, bereits vor der endgültigen Besiedlung bestehenden Einödhof zurück. St. Jakob in Haus heißt nun: der heilige Jakob im Ortsteil Haus. Der Kirchenpatron ist personifiziert für die Kirche. Das Wappen zeigt drei goldene Jakobsmuscheln, wie sie einst die Jakobs-Pilger auf ihren Kleidern aufgenäht hatten. Darüber befindet sich ein schwarzer Sparren, der an einen Hausgiebel erinnert und die Siedlungsbezeichnung »Haus« symbolisiert."

 

 2053479-a436e7c0c6f21d0583bed0bcfb420b43.jpg
Clemens Haipl (Wenen, 7 juli 1969)
Cover

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 7e juli ook mijn blog van 7 juli 2016 en ook mijn blog van 7 juli 2014 en ook mijn blog van 7 juli 2013 deel 2 en eveneens deel 3.

Geschreven door Romenu om 18:33 Reageer op dit bericht

Chad Ashby

 

Onafhankelijk van geboortedata

De Amerikaanse predikant, blogger en dichter Chad Ashby bracht vier jaar door als DJ voor WSAJ, Grove City College Radio, voordat hij zich richtte op meer volwassen activiteiten op het Southern Seminary, waar hij de graad Master of Divinity behaalde. Hij is nu predikant aan de College Street Baptist Church in Newberry, South Carolina, waar hij nog steeds een schizofrene smaak cultiveert voor folk, hiphop, jazz, indie rock, funk en 4th c. hymnodie. Hij en zijn vrouw, Mindy, hebben drie jongens en hij blogt regelmatig op After + Math.

Uit: Dave Eggers’s The Circle : A Social Media Dystopia

« When it comes to dystopian novels, George Orwell’s 1984 has been the standard for over half a century. It is no surprise that David Eggers’s The Circle feels like an unashamed update of that foreboding work. In fact, Eggers has woven intentional homages throughout. The story is told from the perspective of Mae, a newly hired employee at The Circle (think Google, Apple, and Facebook rolled into one). The Circle is a blur of social media smiles and frowns (likes and dislikes) and constant a barrage of screens. Refusing to be flustered, Mae quickly adapts to the fast-paced culture and becomes determined to excel. As the story progresses, Mae faces difficult choices, each threatening to swallow more of her personal identity. She learns, perhaps too late, that The Circle has quite a voracious appetite.
Eggers presents a society where the general public willingly and enthusiastically surrenders the right to privacy. Throughout the book, The Circle rolls out various new technologies in Apple product-reveal fashion, each more worrying to the reader than the next. However, the exciting prospect of eradicating social evils like crime, child abduction, and disease creates a smoke-and-mirrors situation. The public cannot see past the flash and bang to the real dangers of these unbridled technologies. Each time The Circle rolls out a new concept, society cries out via social media for its instant and unequivocal adoption. And of course, The Circle is more than willing to oblige the cries of the mob.
Like 1984, surveillance becomes a central tool of The Circle’s power. Cameras hidden on every beach, by city block, and in every house encourage conformity and discourage crime and aberrant behaviors. (To put things in perspective, Periscope was just coming out the summer I picked up this novel.) Politicians go “transparent,” wearing cameras at all times to prevent government corruption. Interestingly, in a world where Mae is never alone, we find that she is never fully herself. It’s a society where all citizens lose their true identities as they seek to maintain, primp, and improve their social media identity—the TruYou.
There is certain poetic irony to social media driving individuals further from one another. As the story develops, Mae becomes distant from everyone who matters in her life. By the close of the novel, she loses contact with her parents, her best friend, and her ex-boyfriend because of her involvement at The Circle. She takes solace in knowing that the online community will comfort her.“

 

 2160820-03457c1e444ff37804e7f3ec70b6cbf9.jpg
Chad Ashby (College Street Baptist Church in Newberry)

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Christopher Marlowe, Bodo Kirchhoff, Lucas Hirsch, William Wall, Hilary Mantel, Bernhard Schlink

Dolce far niente

 

 2053187-6bf49e3b5d73db891f69da7ddc4d5c6e.jpg
La petite fenêtre au Cannet door Pierre Bonnard, 1946

 

 

In summer’s heat, and mid-time of the day

In summer’s heat, and mid-time of the day,
To rest my limbs, upon a bed I lay,
One window shut the other open stood,
Which gave such light as twinkles in a wood,
Like twilight glimpse at setting of the sun
Or night being past, and yet not day begun.
Such light to shamefaced maidens must be shown,
Where they may sport, and seem to be unknown.
Then came Corinna in a long loose gown,
Her white neck hid with tresses hanging down:
Resembling fair Semiramis going to bed
Or Laïs of a thousand wooers sped.
I snatched her gown, being thin, the harm was small,
Yet strived she to be covered therewithal.
And striving thus as one that would be cast,
Betrayed herself, and yielded at the last.
Stark naked as she stood before mine eye,
Not one wen in her body could I spy.
What arms and shoulders did I touch and see,
How apt her breasts were to be pressed by me?
How smooth a belly, under her waist saw I?
How large a leg, and what a lusty thigh?
To leave the rest, all liked me passing well,
I clinged her naked body, down she fell,
Judge you the rest: being tired she bade me kiss.
Jove send me more such afternoons as this.

 

 2053187-0cc083fdef2f7fd3f05ce9c5dbbc69f3.jpg
Christopher Marlowe (6 februari 1564 - 30 mei 1593
Christopher Marlowe werd geboren in Canterbury.

 

 

De Duitse schrijver Bodo Kirchhoff werd geboren op 6 juli 1948 in Hamburg. Zie ook alle tags voor Bodo Kirchhoff op dit blog.

Uit:Gegen die Laufrichtung

„Doch. Ich hab eine Idee. Willst du sie hören? Ich erzähl sie dir. Einem blind gewordenen Dilet-tanten erfüllen Angehörige und Freunde den Le-benswunsch, Bedeutung zu erlangen. Man redet ihm ein, dass seine Schriften mit einem Male An-erkennung finden, und er glaubt alles begierig. So begierig, dass es kein Zurück mehr gibt: Sein Glück wird grenzenlos. Wie gefällt dir das?
Schreib was Lesbares.
Mir gefällt die Idee.
Schreib nur noch Überschriften.
Das kann ich alleine entscheiden.
(langes Schweigen)
Ich häng jetzt auf. Geht's dir gut?
Im Großen und Ganzen.
Wolltest du nicht aufhängen?
Gleich. (kurzes Schweigen) jetzt.
Und Branzger hängt auf und vertieft sich wie-der. Er sitzt da und unterstreicht, verdient den Lebensunterhalt als freier Mitarbeiter bei verschie-denen Fachzeitschriften, meistens blasse, psycho-logische Artikel, ohne Eigenwilligkeit. Unter seinem Pseudonym: Branzger, so, wie man es spricht. Er schiebt den einen Text beiseite, Quellen für einen Aufsatz über Kindermord, und zum Vor-
schein kommen handbeschriebene Seiten, eine alte Geschichte, die ihn neuerdings beschäftigt, jetzt, nachträglich, wo er sich alles dazu denken kann. Im Bademantel sitzt er da und zählt die Blätter. Um ihn herum in der Einzimmerwohnung lauter Zeichen seiner Ordnungsliebe. Sogar die Essens-reste auf dem Sofabett: zu einem Zeichen aufge-räumte Krümel. Branzger blickt auf seine Schrift und wird noch einmal unterbrochen, von sich selbst, denkt unter Zwang: weibliche Gesäßfalte, weit geöffnet, unbe-haart ... Und während er Schokolade isst, nimmt unter der Hand alles seinen Lauf. Unmittelbar nach der Erleichterung möchte Branzger etwas Großes tun und fragt sich: Warum immer wieder dieser Drang nach etwas Großem, anschließend an den Erguss, oder kurz vor dem Einschlafen, in den letzten verfügbaren Minuten. Er schaut in seinen Taschenspiegel, und ihm ist, als hätte er die Antwort. Dann, von einem Augenblick zum anderen, fällt ihm etwas anderes ein: dass er gestern sein Geld verloren hat, dreihundertftInfzig Mark fier einen Artikel über Kindesmisshandlung -und alles auf Schwarz gesetzt. Branzger geht wö-chentlich spielen. Er hat kein System; ihn begeis-tert der Zufall. Am Rande eines Roulettetisches lebt er auf und spielt mit dem Verlust.“

 

 2053187-16e219fd75de3b8508c2984256c79628.jpg
Bodo Kirchhoff (Hamburg, 6 juli 1948)

 

 

De Nederlandse dichter Lucas Hirsch werd geboren op 6 juli 1975 in Hilversum. Zie ook alle tags voor Lucas Hirsch op dit blog.

 

Nr. 4

Er is te weinig ruimte. We mogen zevenentwintig wolven schieten
Voor de ramen dringen de kijkers. We drijven achtentwintig
dieren in een hoek en halen de trekker over

Om ze een kans te geven schieten we met zesentwintig kogels
Zielig? Een blinde kitten zonder moeder is zielig! En je moeder?
Je moeder is een loeder

Als we door de bodyscan lopen zien we dat we honger hebben

We leggen onze wapens af en wassen onze handen
Voor de goede vrede prevelen we een gebed

 

 

Nr. 25.

Vannacht in een droom waarin alles heel was
Een man een man, een woord een woord
Het huilen van wolven verbonden met honden

Vader pak het geweer dat boven de deur hangt
Ze komen uit het woud

Ik heb op die deur geklopt in mijn slaap
De gloed van mijn vuurhaard bevochten
Kom niet thuis in dit huis, in dit land
De gevaren zijn groot als gloeiende kolen
aan de nachtelijke hemel, eronder de roedel

Broeder het spijt me dat je de patronen ziet branden
Dat ik vasthoud aan dit goud. Als ik loslaat
zijn mijn handen vrij

Ik probeer deze dood in een laken te wikkelen
je tong in een knoop te leggen

 

 2053187-a4e966aafe94c38e056c38c222607f14.jpg
Lucas Hirsch (Hilversum, 6 juli 1975)

 

 

De Ierse dichter en schrijver dichter William Wall werd geboren in Cork City in 1955. Zie ook alle tags voor William Wall op dit blog.

 

Ghost estate

women inherit
the ghost estate
their unborn children
play invisible games
of hide & seek
in the scaffold frames
if you lived here
you’d be home by now

they fear winter
& the missing lights
on the unmade road
& who they will get
for neighbours
if anyone comes anymore
if you lived here
you’d be home by now

the saurian cranes
& concrete mixers
the rain greying into
the hard-core
& the wind
in the empty windows
if you lived here
you’d be home by now

the heart is open plan
wired for alarm
but we never thought
we’d end like this
the whole country
a builder’s tip
if you lived here
you’d be home by now

it’s all over now
but to fill the holes
nowhere to go
& out on the edge
where the boys drive
too fast for the road
that old sign says
first phase sold out

 

 2053187-7c5604937bfd2ffc8e8c25d9d803ad20.jpg
William Wall (Cork City, 6 juli 1955)
Cork City

 

 

De Engelse schrijfster, critica en advocate Hilary Mary Mantel werd op 6 juli 1952 als Hilary Mary Thompson in Glossop, Derbyshire, geboren. Zie ook alle tags voor Hilary Mantel op dit blog.

Uit: Wolf Hall

"I wonder what I’ve married into," Morgan Williams says.
But really, this is just something Morgan says; some men have a habitual sniffle, some women have a headache, and Morgan has this wonder. The boy doesn’t listen to him; he thinks, if my father did that to my mother, so long dead, then maybe he killed her? No, surely he’d have been taken up for it; Putney’s lawless, but you don’t get away with murder. Kat’s what he’s got for a mother: crying for him, rubbing the back of his neck.
He shuts his eyes, to make the left eye equal with the right; he tries to open both. "Kat," he says, "I have got an eye under there, have I? Because it can’t see anything." Yes, yes, yes, she says, while Morgan Williams continues his interrogation of the facts; settles on a hard, moderately heavy, sharp object, but possibly not a broken bottle, otherwise Thomas would have seen its jagged edge, prior to Walter splitting his eyebrow open and aiming to blind him. He hears Morgan forming up this theory and would like to speak about the boot, the knot, the knot in the twine, but the effort of moving his mouth seems disproportionate to the reward. By and large he agrees with Morgan’s conclusion; he tries to shrug, but it hurts so much, and he feels so crushed and disjointed, that he wonders if his neck is broken.
"Anyway," Kat says, "what were you doing, Tom, to set him off? He usually won’t start up till after dark, if it’s for no cause at all."
"Yes," Morgan Williams says, "was there a cause?"
"Yesterday. I was fighting."
"You were fighting yesterday? Who in the holy name were you fighting?"
"I don’t know." The name, along with the reason, has dropped out of his head; but it feels as if, in exiting, it has removed a jagged splinter of bone from his skull. He touches his scalp, carefully. Bottle? Possible.

 

 2053187-fa52e91389127956f6c6fdf43a9afef0.jpg
Hilary Mantel (Glossop, 6 juli 1952)
Scene uit de tv-serie “Wolf Hall” met Damian Lewis (Henry VIII) en Mark Rylance (Cromwell), 2015

 

 

De Duitse schrijver en jurist Bernhard Schlink werd geboren in Großdornberg op 6 juli 1944. Zie ook alle tags voor Bernhard Schlink op dit blog.

Uit: Sommerlügen

„Wie Sehen und hören und Laufen und lesen und Schreiben

und Rechnen. Sie harte immer funktioniert, und auf einmal funktionierte sie nicht mehr, nicht weil ihr etwas von außen zugestoßen wäre. sondern weil ihre Ausstattung versagt hatte. Dazu kam die Angst, sie würde stinken. Sie erinnerte sich an ihre Besuche bei ihrer Mutter im Altersheim. •Sie können nicht mehr riechen•, hatte ihre Mutter ihr erklärt, als sie eine Bemerkung über den Geruch der anderen Alten gemacht hatte. Stank sie jetzt auch so? Sie war auf peinliche Sauberkeit bedacht und benutzte ein Eau de Toilette, das ihre Enkelinnen mochten. •Wie gut du riechst, Großmut-ter!. Ab« man weiß nie, und wenn man zu viel davon nimmt, stinkt man auch nach Eau de Toilette. Außer ihrem Arzt wusste niemand, dass sie nicht mehr riechen und schmecken konnte. Sie lobte das Exxen, wenn ihre Kinder sie ausführten, und roch an den Sträußen,die sie ihr mitbrachten. Wenn sie ihnen die Blüten auf dem Balkon zeigte. sagte •Riecht mal, sie riechen wunderbarl• So musste sie es auch mit der verlorenen Liebe halten. Zum Sehen und Hören und Riechen und Laufen und Lesen und Schreiben und Rechnen gehört auch, dass nun seine Kinder und Enkel und Enkelinnen liebt. Sich dem Telefo-nieren verweigern, wie sie es gestern getan hatte — nein, das würde sie sich nicht noch einmal erlauben. Der Geburtstag würde normal gefeiert werden, und die Besuche würden nor-mal weitergehen. Wieder kam eine Erinnerung hoch. Als sie ein kleines Mädchen war, hatte sie ihre Mutter, die einen Witwer mit zwei Kindern und schwierigen, fordernden Schwiegereltern, Schwägern und Schwägerinnen geheiratet hatte, gefragt, ob sie diese Verwandten der ersten Frau, um die sie sich kümmern musste, eigentlich liebe.
Ihre Mutter harte gelächelt. "Ja, mein Liebes.• 'Aber ...« "Liebe ist keine Sache des Gefühls, sondern des Willens.• Sie hatte es über Jahre und Jahrzehnte geschafft und schaffte es nicht mehr. Wenn man nur richtig will, kann man aus einer Pflicht eine Neigung und aus einer Verantwortung eine Liebe machen. Aber sie hatte keine Verantwortung mehr für ihre Kinder, keine Pflichten gegenüber ihren En-keln und Enkelinnen. Da war nichts, was sie zur Liebe hätte wollen können. Aber die Kinder. die so wohlgeraten waren. zu kränken und die anderen Frauen im Stift zu irritieren und sich selbst zu blamieren bestand kein Anlass. Sie hatte ihren Spaziergang beschwingt begonnen. Die Leere, nachdem die Liebe zu den Kindern abhandengekom-men war, hatte sie erschreckt, aber auch erleichtert.“

 

 2053187-72a5e6aa8d9063180b3d5837c6d6ca87.jpg
Bernhard Schlink (Großdornberg, 6 juli 1944)
Het openluchtzwembad in Großdornberg

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 6e juli ook mijn blog van 6 juli 2016 en ook mijn blog van 6 juli 2014 deel 1 en eveneens deel 2.



Geschreven door Romenu om 18:40 Reageer op dit bericht

Adrian Alui Gheorghe

De Roemeense dichter, romancier, essayist en journalist Adrian Alui Gheorghe werd geboren op 6 juli 1958 in Grumăzeşti, in het district Neamț. Hij is afgestudeerd aan de filologische faculteit van de Alexandru Ioan Cuza Universiteit in Iași. In 2004 behaalde hij een doctoraat in de filologie met zijn proefschrift “Tinerete fara batrinete si sentimentul tragic al timpului" (Engels:”Unaging Death and the Tragic Sentiment of Time”). In 2010 ontving hij de medaille voor culturele verdienste in de rang van officier, categorie A. Sinds 2005 is hij ereburger van de stad Piatra Neamț. Hij is de auteur van talloze boeken met poëzie, essays, toneelstukken en journalistiek. Adrian Alui Gheorghe debuteerde in 1974 met een aantal gedichten in het tijdschrift "Cronica". In 1992 verscheen de bundel “Intimitatea absentei” (“De intimiteit van afwezigheid”) en in 1993 “Cintece de ingropat pe cei vii" (“Lied van de begrafenis der levenden”). In 2001 ontving hij de prijs van de Roemeense Schrijversunie voor zijn bundel gedichten “Îngerul căzut” (“Gevallen engel”). Zijn proza-werken omvatten o.a.: “Titanic svaiter. Momente si schite” (“Titanic Schweitzer. Momenten en schetsen”, 1997), Goliath" (1999), “România pe înțelesul tuturor” (“Roemenië voor iedereen”, 2003). Hij publiceerde in vele kranten en culturele tijdschriften meer dan zeshonderd pagina's met artikelen, studies, essays, literaire recensies en interviews. In 2014 verscheen de roman “Cartea Romaneasca.”

Uit: Cartea Romaneasca (Vertaald doorAlistair Ian Blyth)

"In the first news broadcast that the patients were brought in to watch so that they could find out what world they were living in, which was a colour broadcast, a novelty in those days, the President was shown in a field of wheat, inspecting an ear of wheat in the palm of his hand.
And his palm filled with bronze-coloured kernels.
The President was satisfied, but he called over one of the directors, the one with the blue helmet on his head, and told him that much better was also possible. The director acknowledged that that was right.
The man with the green helmet watched the exchange with interest and nodding his head he too acknowledged that that was right and that it was possible.
He went over to the man with the yellow helmet, who did not waste a moment’s thought and likewise said, yes, that was right.
Bread was at stake, and so everybody had to be satisfied.
The patients watched the scene with interest.

One of them, Susanu, who had once been an agricultural engineer, and subsequently an activist responsible for agricultural matters in one of the capital’s principal districts, acknowledged that the variety of wheat, an ear of which the President had rubbed in his palm, was called the Gruia variety and that it was drought-resistant, much more so even than the Glossa variety.
A patient whose name was Gruia Condurache retorted that it was not possible for there to be a variety of wheat called Gruia, because it was a name that could only be applied to a person.
Or to a dog. But to give a plant that name seemed stupid to him.
Nurse Badalau demanded silence.
Patient Bogdan Atitei saw fit to take the side of Gruia Condurache, who occupied the bed next to his. No, he did not believe that there was a variety of wheat called Gruia. I mean, if we go by the same logic, we could have Bogdan apples, Vasile pears, Maria radishes, Elena beetroot, and Nicolae beans or cabbage. And then where would we end up?
Engineer Susanu saw fit to remark that he did not waste time talking to idiots.”


 2141242-a25d5922180ef100bd6bf4566456fd40.jpg
Adrian Alui Gheorghe (Grumăzeşti, 6 juli 1958)



Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten