Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 12 oktober 2024 tot 13 oktober 2024

Colin Channer, Jeet Thayil

De Jamaicaanse dichter en schrijver Colin Channer werd geboren op 13 oktober 1963 in Kingston. Zie ook alle tags voor Colin Channer op dit blog.

 

 

The Vendor of New Hearts

Me? Once way far in time in a village coiled from stone
I met an elder in a teahouse. He proposed, and I said yes
I’ll join you, and we walked together to the vendor of new hearts.

I bought one, an olive, a fat one, did as I was told,
set it on my soft chest near where my birthmark is
and when I flew home and kissed my children

one sniffed up “dandelion” and the other hmmmmed “wild grass.”
A friend said since that trip I give my time more easy,
that my my bads and sorrys have a ghee-ish butter feel.

Look, you’re the friend who said I share time freer, so you
know the olive worked; so my dear one, as I sit here
at your bedside consoling while you sweat out in your

nightgown-jellied grief, let me choose. For you?
A sweet-tart pomegranate, prongonat, combo lung and heart.
Efficient pumper for the hiccup sobs to come.

It’s even lovelier when broken—and whole? Thug-tough.
Unlike Evie’s Red Delicious, when slit does not air-brown.
Friend, why wouldn’t you want to have in you

self-parable, hive of glammy seed coats just embedded
not stuck? I should tell you as you brow-twitch in this dim room’s
lily smell, babes, when a new hub starts its sink-in, fuck, it burns,

and coughing up the old one with its huck pneumonics isn’t nice,

but the godheart can’t live through abscission. How it goes, I’ve heard,
you’re out part-fine then brown anthurium leaf drops on your shoe.

 

 

On Sugar and the Carnival of War

At-sink coffee;
way horizon curry lined.

We’re spilling turbinado
as we spoon out in half light.

Jouvay. Sugar the jute frocked assassin
is clumsy, carries shekere and crunch,

disarms with hemp smell.
I know alluvial, but if not

I’d sense the crystals’ origin in earth,
lava over eons going crumble,

sawyer negros ganging timber—
clearing—language will and

muscles breaking down.
In the show framed by sash window

clumps of palms stickfight,
get limber, fronds as long calindas

spinning, blurred. A fruit of some size
falls out there in shadow

and we can’t see what’s destroyed
what ant pounded

what twig maligned
and we perk in hush

as what happens in filial dry climates
when drones do their work

and boof thoraxes dismembered.
Of a sudden collateral gone.

I took my coffee black today.
Somewhere without degreed baristas

a near-blind hand inchworms
a counter and

the crystals’ ant-attracting
frass is dulled of bite.

Pain’s absence is a danger.
Blindness of the spirit a choice.

 

 

Colin Channer (Kingston, 13 oktober 1963)

 

 

De Indiase dichter, schrijver, librettist en muzikant Jeet Thayil werd geboren op 13 oktober 1959 in Kerala. Zie ook alle tags voor Jeet Thavil op dit blog.

 

 

GHAZAL VOOR HET MALAYALAM

Luister! Iemand zegt een gebed in het Malayalam.
Hij zegt dat er geen woord voor ‘wanhoop’ is in het Malayalam.

Soms bij het ochtendgloren zing je een garba in het Gujarati.
’s Nachts sla je je haar open in het Malayalam.

Wanneer je symmetrie wilt begrijpen, moet je Kerala begrijpen.
Daar hebben ze het langste palindroom, Malayalam.

Als je te lang in de kamers van het Engels hebt verkeerd,
Zet dan je ramen open voor de frisse lucht van het Malayalam.

Bezoekers zijn welkom op De School voor de Verloren Talen.
Iemand ontvangt een kinderstoel in het Malayalam.

Ik groet u, mijn voorouders, o geleerden en taalkundigen.
Mijn vader die Baudelaire declameert in het Malayalam.

Jeet, wat een poeha met die paar fragmentjes die je kent.
Schrijf eens een vers, als je durft, in het Malayalam.   

 

Vertaald door Jabik Veenbaas

 

 

Jeet Thayil (Kerala, 13 oktober 1959)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 13e oktober ook mijn blog van 13 oktober 2018 deel 1 en eveneens deel 2.

Geschreven door Romenu om 11:17 Reageer op dit bericht

NoViolet Bulawayo, Eugenio Montale

De Zimbabwaanse schrijfster NoViolet Bulawayo (pseudoniem van Elizabeth Zandile Tshele) werd geboren op 12 oktober 1981 in Tsholotsho, Zimbabwe. Zie ook alle tags voor NoViolet Bulawayo op dit blog.

Uit: We hebben nieuwe namen nodig (Vertaald door Dirk-Jan Arensman)

“We zijn op weg naar Boedapest; Bastard en Chipo en Godknows en Sbho en Stina en ik. We gaan, hoewel we Mzilikazi Road niet mogen oversteken, hoewel Bastard eigenlijk op zijn zusje Fraction moet passen, hoewel mijn moeder me zou vermoorden als ze erachter kwam; we gaan gewoon. In Boedapest kunnen we guaves stelen en ik zou op het moment liever doodgaan voor guaves. We hebben vanochtend niet gegeten en mijn maag voelt alsof iemand gewoon een schop heeft gepakt en alles eruit heeft gegraven.
Uit Paradise komen is niet zo moeilijk, omdat de moeders het druk hebben met haar en praten, wat het enige is wat ze ooit doen. Ze werpen hooguit een vluchtige blik op ons als we op een rijtje langs de sloppen lopen, en kijken dan een andere kant op. Over de mannen onder de jacaranda hoeven we ons ook geen zorgen te maken, want hun ogen kijken nooit op van hun dambord. Alleen de kleine kinderen zien ons, en die willen mee. Maar Bastard geeft dat naakte jochie vooraan gewoon met zijn vuist een knal op zijn grote hoofd, en dan gaan ze allemaal terug.
Als we bij de bush aankomen, vliegen we al, schreeuwzingen alsof we door de wielen in onze stemmen harder zullen gaan. Sbho zingt voor: Wie ontdekte de route naar India? en dan vallen wij allemaal in met: Vasco da Gama! Vasco da Gama! Vasco da Gama! Bastard loopt voorop, omdat hij vandaag het Landspel heeft gewonnen en hij denkt dat-ie daarom onze president is of zo, en daarachter ik en Godknows, Stina, Sbho, en helemaal achteraan Chipo, die vroeger altijd harder rende dan iedereen in Paradise maar nu niet meer, omdat iemand haar zwanger heeft gemaakt.
Als we de Mzilikazi zijn overgestoken, duiken we door een andere bush heen, schieten een tijdje door Hope Street voor we langs het grote stadion draven met die glimmende bankjes waar we nooit op zullen mogen zitten, en dan zijn we eindelijk in Boedapest. Maar we moeten onderweg een keer stoppen, zodat Chipo kan gaan zitten voor haar buik. Soms, als-ie pijn gaat doen, moet ze die even laten rusten.
Wanneer krijgt ze die baby eigenlijk? zegt Bastard. Bastard vindt het niet leuk als we met dingen moeten stoppen vanwege Chipo’s buik. Hij heeft zelfs geprobeerd ons zover te krijgen dat we helemaal niet meer met haar speelden.
Op een dag, zeg ik namens Chiro, omdat zij niet meer praat. Ze is niet stom-stom; toen je haar buik begon te zien, hield ze gewoon op met praten. Maar ze speelt nog wel met ons en alles, en als ze echt, echt iets moet zeggen, dan gebruikt ze haar handen.”

 

 

NoViolet Bulawayo (Tsholotsho, 12 oktober 1981)

 

 

De Italiaanse dichter Eugenio Montale werd geboren in Genua op 12 oktober 1896. Zie ook mijn blog van 12 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Eugenio Montale op dit blog.

 

 

Gloria del disteso mezzogiorno

Glorie van ’t uitgespreide middaguur
als nergens meer een boom nog schaduw draagt
en al wat zich vertoont in de natuur
door té veel licht verdoezelt en vervaagt.

De zon in ’t zenit, – een verdroogd riviertje.
Mijn dag is dus nog niet geheel verstreken:
de mooiste uren liggen achter ’t muurtje
waarop de vale avondstralen breken.

De hitte schroeit; een ijsvogeltje zwenkt
en fladdert rond op zoek naar restjes leven.
De malse regen schuilt in wat verzengt,
maar slechts in ’t wachten is ’t geluk gegeven.

 

Vertaald door Frans van Dooren

 

Eugenio Montale (12 oktober 1896 – 12 september 1981)
Portret door Ottone Rosai, 1941

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 12e oktober ook mijn blog van 12 oktober 2023 en ook mijn blog van 12 oktober 2018 en ook mijn blog van 12 oktober 2017.

Geschreven door Romenu om 16:33 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten