Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 10 april 2026 tot 11 april 2026

Leonard Nolens, Mark Strand

De Belgische dichter en schrijver Leonard Nolens werd geboren in Bree op 11 april 1947. Zie ook alle tags voor Leonard Nolens op dit blog. Leonard Nolens overleed op 26 december 2025 op 78-jarige leeftijd.

 

 

Het feest

1

Laten we drinken omdat er niets te vieren valt
Dan dat we bleven leven om mekaar te bezoeken.
Het is een feest dat jij vandaag niet bent gestorven.
Het is een feest dat hij geen degelijke wortels had
Maar benen om te komen naar mijn huis van ons.
Het is een feest dat zij haar eenzaamheid kan geven
Aan het muzikale oor dat deze kamer is geworden.
Laten we drinken zonder andere reden dan wij.

2

De avond valt. Het ernstige oktoberlicht
Dat ouder is dan wij, kijkt door de tuimelramen
Op ons neer met zijn oorspronkelijke perfectie.
Zijn juiste warmte leert ons wat we kunnen worden,
Delend in zijn antieke waarde van levend goud.
Zijn sprakeloos gezicht doet ons de dromen aan
Waarin we samen sprekend worden opgenomen –
Zijn pure buitenkant is helemaal zichzelf.

3

Vriendschap heeft vanavond de deuren vernageld.
De kamer bestrijkt de wereld zoals we hem denken.
Het kijkende wiel van onze gesprekken neemt hem
In zich op – we maken naam en krijgen zin.

De fles gaat rond zoals een woord dat laaft en lest.
De wildpastei als voorgerecht is een memento mori
Recht uit de oven. De dode dieren heb ik gered
Van hun dood – die moge jullie goed en wel bekomen.

Wat ik bedacht en deed in mijn eenzame keuken
Wandelt nu door onze darmen en verandert zich
In ons denken en doen. Ik heb me uitgedeeld –
Het is mijn vlees en bloed dat in de borden dampt.

 

 

2700654-fcbd3f3300424a5c084013f6f92143c9.jpeg
Leonard Nolens (11 april 1947 - 26 december 2025)

 

 

De Amerikaanse dichter en schrijver Mark Strand werd geboren op 11 april 1934 in Summerside, Prince Edward Island, Canada. Zie ook alle tags voor Mark Strand op dit blog.

 

 

Wat het was

II

Het was de omtrek van een stoel;
Het was de grijze bank; het was de ommuring,
De tuin, de grindweg; het was de manier
Waarop het verbrokkelde maanlicht over haar haar viel.
Dat was het, en het was meer. Het was de wind die aan de bomen
Rukte; het was het gerommel en gedonder van wolken, de kust
Bezaaid met sterren. Het was de tijd die leek te zeggen
Dat als je wist hoe laat het werkelijk was, je nergens meer
Naar vragen zou. Dat was het. Dat was het beslist.
Het was ook wat nooit gebeurde – een ogenblik zo vol
Dat toen het onvermijdelijk voorbijging, geen smart groot genoeg was
Om het te bevatten. Het was de kamer die er na zoveel jaren
Onveranderd uitzag. Dat was het. Het was de hoed
Die zij vergeten was, haar pen die op de tafel lag.
Het was de zon op mijn hand. Het was de gloed van de zon. Het was de manier
Waarop ik zat, de manier waarop ik uren, dagen wachtte. Dat was het. Precies dat.

 

 

Vertaald door H. C. ten Berge

 

 

2700654-4d8be1d825ba2fd6b6fbde5953319e93.jpg
Mark Strand (11 april 1934 – 29 november 2014)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 11e april ook mijn blog van 11 april 2020 en eveneens mijn blog van 11 april 2019 en mijn blog van 11 april 2017 en ook mijn blog van 11 april 2015 deel 1 en eveneens deel 2 en deel 3.



Geschreven door Romenu om 16:45 Reageer op dit bericht

Leo Vroman, Bella Achmadoelina

De Nederlandse dichter Leo Vroman werd op 10 april 1915 in Gouda geboren. Zie ook alle tags voor Leo Vroman op dit blog.

 

 

De laatste wereldvrede

Waarom draait een groot verschil?
Kijk vannacht eens lang en dood
doodstil vanuit de sterren
naar deze kleine aarde
en niets blijft groot. Wat blijft eigenlijk van verre
over van onze eigenwaarde?

Niets in de eeuwigheid
om voor te vechten zo gezien
en waar kan oorlog anders nog toe dienen?

Ikzelf was eens in een daarvan gevangen
en zag de eeuwigheid al gapen in de dood-
saaie eindeloze tijd
van ons hopeloos verslappende verlangen
naar vrijheid of desnoods een kopje chocola
met niets dan eindeloze slaap daarna.

Mensen! Hoe zoet is men geschapen!
Hoe prachtig past men in elkaar!
Ik ben verliefd op jullie, maar
ik ga met één oog open slapen:
ergens is jullie vreselijkste wapen
vast bijna klaar.

 

 

De ruimte in

Mij zijn de dingen
als bloemen: bedoeld
tot openspringen
van bewijs dat woelt
overal in;
zelfs in mensen
die het einde wensen
woelt begin.

Ik kan in mijn handen
de wereld voelen:
als vlees krioelen
de vastelanden
en tintelen van de bommen,
rimpelen van de rampen,
huiveren van de drommen.
Onder nauwe dampen
in het aardse zonlicht
drukken lichamen
zich zo dicht tezamen,
zo eenzaam en
zo dicht, zo dicht.

Trek de kou in van
de lege maan.
Blijf even staan
luisteren, trek dan
door de lange nacht
naar een planeet
(plotseling heet),
mompel zacht,

en tuimel maar voort.
Wat heb je na jaren
dan gezien, ervaren
en gehoord?

Snik maar, want
van hier tot God
snikt om ons lot
niemand, niemand.

De melkweg? Bleek zand
dat traag na draait,
eens opgewaaid
van een leeg strand,
en…

Een ogenblik!
Wat hoor ik daar?
De wind.
Niemand.
Snik maar.

 

 

Een zee van mensen

De menigte bruist en bruist als ijskoud water,
donker te zien en somber te beluisteren.
Schuin zijn de koppen wier kortstondig fluisteren
tot schuimblaasjes verbreekt seconden later.

Huiverend is het liggen over het strand.
Als branding kolkt het hulpeloos verkeer,
klederen verstuivende: het bleke zand
der levenden waait bloot en dekt zich weer.

Waartoe de kleine golven turend spitsen,
dan puilen en verstompen in het baren
van kleine golven? Al wat zij ontwaren
zijn korte flitsen van bedolven baren.

O daartoe bulderen de rollers Ach
slaande op de zacht bewierde hoofden,
op naar het natte rafelen der verdoofde
lage wolken van de late namiddag.

In schier onmenselijke verdergang
verschuifelen de zo millioenen voeten,
in een onbedoelde en ondoenbare boete,
even bedroevende althans, en even lang.

Ellendig is het uiterste genot
van het alzijdig toegelispeld lijden
als de brekers over de gebrokenen glijden,
ik hoor het nodeloze stijgen van hun lot,
op het eiland liggende dat zich verkleint
tot aan mijn flanken, dat nu onderlangs mijn buik
kriebelend en kronkelend verdwijnt.
Mijn mond is vol van mensenleed, ik duik.

 

2700545-1cc8d77db934c89476e937aba6b0563e.jpg
Leo Vroman (10 april 1915 – 22 februari 2014)

 

 

 

De Russische dichteres Bella Achmadoelina werd geboren op 10 April 1937 in Moskou. Zie ook alle tags voor Bella Achmadoelina op dit blog.

 

De vergeten bal

Vergeten bal (die mij de zomer plaagde).
Oranje bal vergeten in de tuin.
Prompt spande hij met de calendula samen,
koos moeiteloos een plek tussen hen uit.

Wat pasten ze precies, hoe sierlijk negen
ze naar elkaar. Het zenit zond de dag
naar de calendula. Alleen vanwege
die oranje in de tuin vergeten bal?

Voor de herfst een voorwendsel, een reden
om bij het kampvuur in de duisternis
die kleurbarbaren, afvalligen te leren,
wiens absoluut door kinderen vergeten is.

Maar wat een tuin, wiens dwaze oordeel noemde
hem groen? Hij stak de datsja’s in de brand.
Hoe mooi ze zijn, de esdoorn is de kampioen,
dacht al: wanneer vergeten ze die bal?

Gans ’t aardse vuur is neergekomen
op het onschuldig aas. Het totaal overziend,
maakt hij een toespeling, met enig schromen:
Die bal daar, is die vergeten misschien?

Allang neemt de vergeten bal een loopje
met mij, wanneer ik tussen de espen ga
zoek ik de bal, en dan vind ik een plukje
calendula, en kijk, nog eentje daar.

Het middaguur verstreek verrassend helder
en vereenvoudigde het talrijk al
tot waarneming van voorwerpen die gelden:
Sneeuw op de tuin, plus een vergeten bal.

 

Vertaald door Petra Couvée

 

 

2700545-5be067db37fc04ac61eca1618485f9df.jpeg
Bella Achmadoelina (10 April 1937 – 29 november 2010)

 

Zie voor de schrijvers van de 10e april ook mijn blog van 10 april 2020 en eveneens mijn blog van 10 april 2019 en ook mijn blog van 10 april 2016 deel 2.



Geschreven door Romenu om 17:05 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten