Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 11 juli 2026 tot 12 juli 2026

Nieuws (David Troch), Sasha Filipenko, Pablo Neruda

 

 

2712220-b1e98f20ec594dab3b5ab785af08739c.jpg
Zomer strandtafereel door Josine Vignon, jaren 1960

 

 

Nieuws

het kwik stijgt fel. het ijs smelt. we staan met een voet in zee.
wat een nieuws je toch in de krant leest. en dan schrijft men:
als het niet tot aan de kin is. straks leeft slechts wat vin heeft.

het hek is van de dam. je keert het tij niet meer. je zal blij zijn
als er een wolk voor de zon schuift en dat het stormt dat het
geen naam heeft. zet een stap uit huis en je schroeit half dood.

waar haalt men het! het is al te gek. een grap. een graad meer,
wat zou het? wie voelt zich niet in zijn sas als het goed warm
is. je lacht het weg, denkt: ik zwem niet slecht. ik red me wel.

 

 

2712220-17dde45181869c92751264539ead92a4.png
David Troch (Bonheiden, 28 juli 1977)
Bonheiden, Gemeenschapscentrum ’t Blikveld

 

 

De Belarussische schrijver, journalist en tv-presentator Sasha Filipenko werd geboren op 12 juli 1984 in Minsk. Zie ook alle tags voor Sasha Filipenko op dit blog.

Uit: Hetze (Vertaald door Jan Lodewijk Eshuis)

“Na de lunch wordt er in de tuin een muziekquiz gespeeld. De privéleraren kiezen als onderwerp het negentiende- en twintigste-eeuwse Rusland. Onder begeleiding van cicaden klinken Moessorgski, Tsjaikovski en Cui. Liza wint met maar één foutje: ze heeft het Dodeneiland verward met de Symfonische dansen. ‘Rachmaninov zou het je vergeven,’ grapt de muziekdocent, die ze speciaal voor de zomer uit Rusland hebben laten overkomen. Het zilver is voor Pavel, die het bojarenkoor uit Prins Igor en De liefde voor drie sinaasappelen niet wist te herkennen. De oudste en de jongste, Aleksandr en Anatoli, leveren hun papier blanco in. De eerste, ook wel Sasja, is net terug van zijn training, de tweede, ook wel Tolja, kan zich niet losscheuren van zijn computerspelletje.
Tegen achten gaan ze aan tafel. Uit de boxen klinkt ‘Moskouse nachten’. De privékok dient zeevruchten op.
Pavel schept erover op dat hij monsieur Guillaume in Antibes drie flessen voor zesduizend per stuk heeft weten af te pingelen. Aleksandr zwijgt. Tolja speelt. Mama
merkt op dat het verachtelijk is om af te dingen, want fransozen – die orgeldraaiertjes met hun zwabbers, je weet wel waar – gaan vast lopen rondbazuinen dat alle Russen sjacheraars zijn.
Na het eten gaan ze voor de televisie zitten, een grote flatscreen-tv die ook in de tuin staat. De kabels zijn verstrengeld met de groene tuinslang. Boven het scherm cirkelt een bij.
Zwijgend luisteren ze naar vader, met meer aandacht dan ooit. Papa voorspelt een onafwendbare ineenstorting van de consumptiemaatschappij, vertelt van de ineffectiviteit van democratie en dringt erop aan dat de wereld hervormd moet worden op basis van orthodoxe principes. Op de vraag van een journaliste (de zoveelste uiterst knappe maar oliedomme minnares van een bekende minister) antwoordt papa dat hij niet bang is voor sancties, dat hij geen onroerend goed in het buitenland heeft en dat zijn enige rijkdom het goede oude Rusland is. De kinderen lachen. Mama’s humeur betrekt.”

 

2712220-6d66c6fba2f7ac7d20424d7f8c6bc315.jpg
Sasha Filipenko (Minsk, 12 juli 1984)

 

 

De Chileense dichter Pablo Neruda (eig. Ricardo Eliecer Neftalí Reyes Basoalto) werd geboren in Parral op 12 juli 1904. Zie ook alle tags voor Pablo Neruda op dit blog.

 

 

De poëzie

En het was op die leeftijd… De poëzie
kwam mij opzoeken. Ik weet niet, weet niet
van waar ze kwam, van de winter of de rivier.
Ik weet niet hoe noch wanneer, het waren
geen stemmen, geen woorden noch stilte,
maar uit een straat riep ze mij, uit de takken
van de nacht, plotseling daar bij de anderen,
temidden van laaiende vuren en alleen terugkerend,
was ze daar zonder gezicht en beroerde mij.

Ik wist niet wat ik moest zeggen en mijn mond
was niet in staat te benoemen, mijn ogen
waren blind en iets sloeg in mijn keel, koorts
of verloren vleugels en ik ging
mijn eigen weg, ontcijferend deze brandwond,
en ik schreef
de eerste vage strofe, onbestemd, zonder lichaam,
pure nonsens,
zuivere wijsheid
van iemand die niets weet en plotseling zag ik
de hemel uitgepeld en open, de planeten,
de zwetende plantages, de doorboorde schaduw
vol gaten van pijlen – ik zag
vuur en bloemen, de voortrollende nacht,
het heelal.

En ik, klein wezen, dronken
van de grote leegte vol sterren, naar de gelijkenis,
naar het beeld van het mysterie, voelde mij
een zuiver deel van de afgrond en rolde voort
met de sterren – mijn hart
brak los in de wind.

 

 

Vertaald door Riekus Waskowsky

 

2712220-e4d121b0a00ce88468655eb68f806fcf.jpg
Pablo Neruda (12 juli 1904 – 23 september 1973)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 12e juli ook mijn blog van 12 juli 2020 en eveneens mijn blog van 12 juli 2019 en ook mijn blog van 12 juli 2016 en ook mijn blog van 12 juli 2015 deel 2.

Geschreven door Romenu om 15:55 Reageer op dit bericht

Er is nog zomer (Judith Herzberg), Amitav Ghosh, Jürgen Becker

 

2712135-432c49fae13e1f5d39336b50a16cd943.jpg
Stadsterras door Hans Versfelt, 2024

 

 

Er is nog zomer

Er is nog zomer en genoeg
wat zou het loodzwaar
tillen zijn, wat een gezwoeg
als iedereen niet iedereen
ter wille was
als iedereen niet iedereen
op handen droeg.   

 

 

2712135-0156d8b67eb0363d3a2fcd796f8a9fed.png

Judith Herzberg (Amsterdam, 4 november 1934)
De Bogortuin in Amsterdam, een geliefde recreatieplek in de zomer

 

 

De Indiase schrijver Amitav Ghosh werd geboren in Calcutta op 11 juli 1956. Zie ook alle tags voor Amitav Ghosh op dit blog.

Uit: Zee van papaver (Vertaald door Joop van Helmond)

“Het visioen van een schip met hoge masten op de oceaan kwam tot Deeti op een voor het overige gewone dag, maar ze wist onmiddellijk dat de verschijning een noodlotsteken was, want ze had nog nooit eerder zo’n vaartuig gezien, zelfs niet in een droom: hoe kon dat ook, aangezien ze in het noorden van Bihar woonde, zeshonderd kilometer van de kust af. Haar dorp lag zo diep landinwaarts dat de zee net zo ver weg leek als het schimmenrijk: het was de kloof der duisternis waar de heilige Ganges verdween in de Kala-Pani, ‘het Zwarte Water’. Het gebeurde aan het einde van de winter, in een jaar dat de papavers er wonderlijk lang over deden om hun bloemblaadjes te laten vallen: vanaf Benares leek het of kilometer na kilometer de Ganges tussen twee identieke gletsjers stroomde, omdat de beide oevers overdekt waren met velden vol bloemen met witte blaadjes. Het was alsof de sneeuw van de hoge Himalaya was afgedaald naar de vlakten om te wachten op de komst van het Holi-feest met zijn overdadige lentekleuren. Het dorp waarin Deeti woonde, lag aan de rand van de stad Ghazipur, zo’n vijfenzeventig kilometer ten oosten van Benares. Net als al haar buren zat Deeti in over de verlate papaveroogst: die dag was ze vroeg opgestaan en werkte haar dagelijkse routine af, legde een fris gewassen dhoti en kameez klaar voor Hukam Singh, haar man, en bereidde de roti’s en achar die hij midden op de dag zou eten. Toen zijn maaltijd was ingepakt, onderbrak ze haar werk om snel langs haar schrijnkamer te lopen: later, nadat ze zich had gebaad en verkleed, zou Deeti een echte puja doen, met bloemen en offerandes; nu ze nog haar nachtsari droeg, bleef ze alleen bij de deur staan om met haar handen tegen elkaar een kleine buiging te maken. Al spoedig kondigde een krakend wiel de komst van de ossenwagen aan die Hukam Singh naar de fabriek in Ghazipur zou brengen, vijf kilometer verderop, waar hij werkte. Hoewel niet ver was de afstand voor Hukam Singh te groot om te voet af te leggen, want hij had een beenwond opgelopen toen hij als sepoy in een Brits regiment diende. Het letsel was echter niet zo ernstig dat hij krukken moest gebruiken en Hukam Singh kon zonder hulp naar de wagen lopen. Deert volgde op een pas achter hem met zijn eten en drinkwater en reikte hem de in een lap gewikkelde bundel aan nadat hij op de wagen was geklommen. Kalua, de voerman van de ossenwagen, was een boom van een kerel, maar hij maakte geen aanstalten om zijn passagier te helpen en zorgde ervoor dat zijn gezicht voor hem verholen bleef: hij behoorde tot de kaste van de leerbewerkers, en Hukam Singh, die behoorde tot de hoge Rajput-kaste, geloofde dat het zien van zijn gezicht een slechte voorbode zou zijn voor de komende dag.”

 

2712135-a272beb1cba2418dd054d0bfdcc6c8fb.jpg
Amitav Ghosh (Calcutta, 11 juli 1956)

 

 

De Duitse dichter en schrijver Jürgen Becker werd op 10 juli 1932 in Keulen geboren. Zie ook alle tags voor Jürgen Becker op dit blog.

 

 

In de wisselende ogenblikken

met de gelijktijdige telefoontjes uit Meiningen, Detroit, Heilbronn,
en in de regenbui licht de zon op,
voordat ze verdwijnt. De verdwijning laat
geen lijst achter waarop we kunnen kijken
naar wat er niet meer is.
Klimop groeit tegen de muur van het huis, schuin tegenover,
waar ooit de man woonde die
met zijn kruiwagen de sneeuw het bos in duwde.

 

 

Vertaald door Frans Roumen

 

2712135-929078a44d381b83206c4d25181a9551.jpg

Jürgen Becker (10 juli 1932 – 27 november 2024)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 11e juli ook mijn blog van 11 juli 2020 en eveneens mijn blog van 11 juli 2019 en ook mijn blog van 11 juli 2016 en ook mijn blog van 11 juli 2015 deel 1 en ook deel 2.



Geschreven door Romenu om 15:45 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten