Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
seniorennet.beseniorennet.be

Rainer Maria Rilke, Nikoloz Baratashvili

Rainer Maria Rilke (4 december 1875 – 29 december 1926)





De Duitse dichter Rainer Maria Rilke werd als René Karel Wilhelm Johann Josef Maria Rilke op 4 december 1875 in Praag geboren. Zie ook mijn blog van 4 december 2006.

 

 

 

David singt vor Saul

 

 

König, hörst du, wie mein Saitenspiel
Fernen wirft, durch die wir uns bewegen:
Sterne treiben uns verwirrt entgegen,
und wir fallen endlich wie ein Regen,
und es blüht, wo dieser Regen fiel.

Mädchen blühen, die du noch erkannt,
die jetzt Frauen sind und mich verführen;
den Geruch der Jungfraun kannst du spüren,
und die Knaben stehen, angespannt
schlank und atmend, an verschwiegnen Türen.

Daß mein Klang dir alles wiederbrächte.
Aber trunken taumelt mein Getön:
Deine Nächte, König, deine Nächte -,
und wie waren, die dein Schaffen schwächte,
o wie waren alle Leiber schön.

Dein Erinnern glaub ich zu begleiten,
weil ich ahne. Doch auf welchen Saiten
greif ich dir ihr dunkles Lustgestöhn? -


II

König, der du alles dieses hattest
und der du mit lauter Leben mich
überwältigest und überschattest:
komm aus deinem Throne und zerbrich
meine Harfe, die du so ermattest.

Sie ist wie ein abgenommner Baum:
durch die Zweige, die dir Frucht getragen,
schaut jetzt eine Tiefe wie von Tagen
welche kommen -, und ich kenn sie kaum.

Laß mich nicht mehr bei der Harfe schlafen;
sieh dir diese Knabenhand da an:
glaubst du, König, daß sie die Oktaven
eines Leibes noch nicht greifen kann?


III

König, birgst du dich in Finsternissen,
und ich hab dich doch in der Gewalt.
Sieh, mein festes Lied ist nicht gerissen,
und der Raum wird um uns beide kalt.
Mein verwaistes Herz und dein verworrnes
hängen in den Wolken deines Zornes,
wütend ineinander eingebissen
und zu einem einzigen verkrallt.

Fühlst du jetzt, wie wir uns umgestalten?
König, König, das Gewicht wird Geist.
Wenn wir uns nur aneinander halten,
du am Jungen, König, ich am Alten,
sind wir fast wie ein Gestirn das kreist

 

 

 

Sankt Sebastian

 

 

Wie ein Liegender so steht er; ganz
hingehalten von dem großen Willen.
Weitentrückt wie Mütter, wenn sie stillen,
und in sich gebunden wie ein Kranz.

Und die Pfeile kommen: jetzt und jetzt
und als sprängen sie aus seinen Lenden,
eisern bebend mit den freien Enden.
Doch er lächelt dunkel, unverletzt.

Einmal nur wird seine Trauer groß,
und die Augen liegen schmerzlich bloß,
bis sie etwas leugnen, wie Geringes,
und als ließen sie verächtlich los
die Vernichter eines schönen Dinges.

 

 

 

 

Adam

Staunend steht er an der Kathedrale
steilem Aufstieg, nah der Fensterrose,
wie erschreckt von der Apotheose,
welche wuchs und ihn mit einem Male

niederstellte über die und die.
Und er ragt und freut sich seiner Dauer
schlicht entschlossen; als der Ackerbauer
der begann, und der nicht wußte, wie

aus dem fertig-vollen Garten Eden
einen Ausweg in die neue Erde
finden. Gott war schwer zu überreden;

und er drohte ihm, statt zu gewähren,
immer wieder, daß er sterben werde.
Doch der Mensch bestand: sie wird gebären.

 

 

 

 

 

 

De Georgische schrijver en dichter Nikoloz Baratashvili werd geboren op 4 december 1817 in Tbilisi. Zie ook mijn blog van 4 december 2006.

 

Geschreven door Romenu om 20:49 Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht

Reageer op dit bericht

Een titel of je eigen website toevoegen

De blogger leest alles eerst na: je tekst verschijnt zodra die goedgekeurd is.

In memoriam Elisabeth Eybers

Elisabeth Eybers (16 februari 1915 – 1 december 2007)


De Zuid-Afrikaanse dichteres Elisabeth Eybers is op zaterdag, 1 december, overleden. Zij is 92 jaar geworden. Eybers verruilde Zuid-Afrika in 1961, na haar echtscheiding, voor Nederland. Ze nam ook de Nederlandse nationaliteit aan, maar ze schreef in het Afrikaans en in het Engels. De dood was geen onwelkome gast voor haar, schreef ze ruim twee jaar terug, nadat een zoon van haar was gestorven: ‘Noudat jy swyg is daar niks meer vir my om ooit nog te begeer buiten die tydstip waarop ek dieselfde stilte mag betrek. Elisabeth Françoise Eybers werd geboren in Klerksdorp, Transvaal,  op 16 februari 1915. Ze woonde als kind in een West-Transvaals dorp. Haar vader was daar Nederduits gereformeerd predikant en haar moeder was docente en hoofd van een middelbare meisjesschool. Eybers studeerde van 1932 tot 1936 moderne talen aan de universiteit van Witwatersrand in Johannesburg. Zij ontving diverse onderscheidingen voor haar werk, in Nederland onder meer de PC Hooftprijs in 1991. Zie ook mijn blog van 16 februari 2007.

 

 

 

Immigrant

 

Niks as my hande en voete het ek hier,
die res het met die oortog soek geraak:
die katswink hart, die prikkelbare klier,
wat moet mens bowendien met hulle maak?

 

Om wat verlore is te vergelyk
met die omringende, om klank en lig
te gryp sonder te luister of te kyk
het ek tog nog sintuie aan my gesig.

 

Ook aan my bors en buikruimte gewaar
ek dat daar vroeër wel iets anders was.
wie het geweet dat leegte ooit so swaar
sou word en onbelemmerdheid so ’n las?

 

 

 

 

Ouer word

 

'n Eindigheid sprei langsaam, ongevra,

'n stipter onderskeiding word van krag.

Wat ek verloor het suig my terug in drome,

hul nagtelike helende verwarring;

wat oorbly dwing my voorwaarts, stoot of dra

my onversetliker van dag tot dag

met afgepaste tydverdryf en werk.

Ek hul my heelheidshalwe in 'n huis

wat stuksgewyse toeslik tot 'n kluis.

 

Iets wat 'k onthou: eens was ek 'n beminde

kind, tintelend van hiernamaalse onkunde,

deur louter eindeloosheid ingeperk.

 

 

 

 

Uitsig op die kade

 

Nouliks vertolkbaar wat hulle my vertel,

spreeus, eksters, meeue, eende, kraaie, al

die ywerige dagloners van die wal,

die reier so afgetrokke opgestel.

 

Ek mis myself steeds minder. Ek bedoel:

as steeds meer buitedinge my gaan boei

dan sintels van inwendige gevoel

tintel dit of ek selfafstotend groei.

 

Vermindering neem waarneembaar toe. Ek hoop

om te voldoen aan omgekeerde bloei

en leeg genoeg te loop om vol te loop

met wat vanuit hierbuite binnevloei.

 

Geschreven door Romenu om 16:59 Reageer op dit bericht

Joseph Conrad, Herman Heijermans, Ludvig Holberg, France Prešeren

Joseph Conrad (3 december 1857 – 3 augustus 1924)





De Brits-Poolse schrijver Joseph Conrad werd geboren op 3 december 1857 in Berdichev, Rusland in een gezin met Poolse ouders. Zie ook mijn blog van 3 december 2006.

 

 

Uit: The Secret Agent

 

“Mr Verloc, going out in the morning, left his shop nominally in charge of his brother-in-law. It could be done, because there was very little business at any time, and practically none at all before the evening. Mr Verloc cared but little about his ostensible business. And, moreover, his wife was in charge of his brother-in-law.

The shop was small, and so was the house. It was one of those grimy brick houses which existed in large quantities before the era of reconstruction dawned upon London. The shop was a square box of a place, with the front glazed in small panes. In the daytime the door remained closed; in the evening it stood discreetly but suspiciously ajar.

The window contained photographs of more or less undressed dancing girls; nondescript packages in wrappers like patent medicines; closed yellow paper envelopes, very flimsy, and marked two and six in heavy black figures; a few numbers of ancient French comic publications hung across a string as if to dry; a dingy blue china bowl, a casket of black wood, bottles of marking ink, and rubber stamps; a few books with titles hinting at impropriety; a few apparently old copies of obscure newspapers, badly printed, with titles like the Torch, the Gong--rousing titles. And the two gas-jets inside the panes were always turned low, either for economy's sake or for the sake of the customers.

These customers were either very young men, who hung about the window for a time before slipping in suddenly; or men of a more mature age, but looking generally as if they were not in funds. Some of that last kind had the collars of their overcoats turned right up to their moustaches, and traces of mud on the bottom of their nether garments, which had the appearance of being much worn and not very valuable. And the legs inside them did not, as a general rule, seem of much account either. With their hands plunged deep in the side pockets of their coats, they dodged in sideways, one shoulder first, as if afraid to start the bell going.

The bell, hung on the door by means of a curved ribbon of steel, was difficult to circumvent. It was hopelessly cracked; but of an evening, at the slightest provocation, it clattered behind the customer with impudent virulence.”


 

 

De Nederlandse schrijver Herman Heijermans werd geboren op 3 december 1864 in Rotterdam. Zie ook mijn blog van 3 december 2006.

 

 

Uit: Een wereldstad. Berlijnsche impressies en schetsen

 

De kamerverhuurster

 

“...Ik zeg: de kamerverhuurster, en niet de ‘Berlijnsche’ omdat dit hoogst opgepast zou zijn.

Er is maar één soort over de heele wereld.

Een soort, waarvoor het ‘Heb uw naaste lief gelijk uzelf’ nooit geschreven kan zijn - tenzij ironisch.

En de bijbel kent geen ironie.

Indien ik het voorrecht had kamers te verhuren, inplaats van te schrijven, zou ik met bezwaarlijke mate den naaste in mijn kamers kunnen liefhebben.

Der natuur doet men geen geweld aan. Want wat is een kamerverhuurster en wat een huurder?

De verhuurster is iemand vol wrokkige zorgjes, met dag en nacht angst voor 'r meubeltjes, dag en nacht berekenen van 't ‘boekje’ - kortom iemand, die niet geheel en al voor haar genoegen leeft.

Ze voelt bij intuïtie, zonder eenige psychologische voorstudie, dat de hij of de zij, aan wie zij kamers verhuurt, geen hart voor haar hebbedingetjes bezitten kàn, dat ze dien hij, die zij als 'r dichst nabije vijanden beloeren moet.

[p. 86]

Er is op 't heelal geen hospita, of ze vergiftigt in gedachten, in verhouding tot de smart over 'n barst in 'n kop of 'n kras in 'n tafel, de bewoners van 'r kamers.

Dat moet zoo zijn. Het ligt in de rechte lijn der dingen.

Een kamerverhuurster, die de lieden welke hare beste vertrekken bewonen, bemint, is ondenkbaar en zoo zij bestaat, is zij niet recht snik.

Ik heb ondervinding.

Hier en daar was ik in den genietenden toestand.

Aan 't noodlot van 'n kwestie over 't ‘boekje’ ontkomt geen sterveling.

Eerst als je onder 't zelfde dak vandaan ben - eerst als je op voet van oorlog met 'n nieuwe kamerverhuurster staat, leer je de goede kwaliteiten der vorige, die de papieren van je bureau nasnuffelde, je wasch verwaarloosde, je boter met je deelde - enz., waardeeren.

Over de kamerverhuurster die tot 't verleden behoort, kun je met zekere objectieve beminnelijkheid naspreken - over die van heden en toekomst, mis je philosofische berusting...

 

Voor we 'n eigen woning in Berlijn hadden gehuurd, woonden we ergens 'n maand op kamers.

Ik zeg: ergens uit loyaliteit, om geen bepaalde straat te compromiteeren. En om geen uitzondering te scheppen op wat in alle beschaafde landen usance tegenover menschen met een buitenlandsch accent schijnt.

[p. 87]

Een koetsier, een kellner, een kamerverhuurster, plegen detective-ooren tegenover den vreemdeling te bezitten...

We hadden in die dagen - 't was kort voor 'n stuk dat om z'n verderfelijke ‘Elends-Malerei’ de schande van slechts 'n paar opvoeringen beleefde - waarachtige kunst eischt 'n hooger getal op den onsterfelijkheids-taxameter - we hadden in die dagen verschillende advertenties in een door kamerverhuursters veel gelezen dagblad aangestreept, en na uren lang trappen en trappen beklommen te hebben, hakten we den knoop door.

De dame maakte een voortreffelijken indruk. Ook de zindelijke goed onderhouden kamers.

We konden informeeren bij Frau Ober-leutnant zoo en zoo en bij Frau Justizrat zoo en zoo.

Ook had er voor 'n paar maanden 'n sinds overleden schrijver bij haar gelogeerd.

Een, die 'n roman in twee deelen met 'n ‘opdracht’ in haar handen achtergelaten had. Een nog niet opengesneden exemplaar”

 

 

. 

 

 

 

Zie voor onderstaande schrijvers ook mijn blog van 3 december 2006.

 

De Noorse schrijver Ludvig Holberg werd geboren in Bergen op 3 december 1684

 

De Sloveense dichter en schrijver France Prešeren werd geboren op 3 december 1800 in Vrba.
Geschreven door Romenu om 20:21 Reageer op dit bericht

Ann Patchett, George Saunders, Eric L. Harry, Botho Strauß, Frédéric Leroy

Frédéric Leroy (Blankenberge, 2 december 1974)





De Vlaamse dichter Frédéric Leroy werd geboren op 2 december 1974 in Blankenberge. Zie ook mijn blog van 2 december 2006 en mijn blog van 24 november 2007.

 

 

 

Parasolpoëzie

 

(Het terras van café Liberty)

De lijven zijn week en blank vandaag. De man kijkt naar
de vrouw en weet dat de vrouw kijkt naar het schaaltje
met groene olijven maar weet dat de man naar haar kijkt
en zo vult kijken en weten bijna een uur en stapt ergens
halverwege dit uur, alsof hij een symmetrie wil breken,
een postbode voorbij die met het tweetal weinig van doen
heeft behalve dan dat hij de vrouw soms envelopjes bezorgt,
maar zo zullen er wel meer van die toevalligheden zijn
die er niets of alles toe doen, ik alvast betaal mijn schuld
en laat geen fooi na, nooit een fooi na.

 

 

 

 

Zij stoeit met stiletto's

Het gedicht als zoektocht
naar mezelf maar vooral
naar jou, datgene
wat mij ontbreekt,
rusteloos maakt

en soms korrelig
geprojecteerd in een cerebrale
achterbuurt (hersenwijk waar ik
mijn eigen gore lijk verberg) ben jij

een nymfomane ijspop: Eurotrash
en naakt in hoge laarzen speel je er
een bleke heroine, draag je
in een vluchtige zwarte mis
met gladgestreken haren
je merrieheupen hoog,

stoei je met stiletto's.



De Amerikaanse schrijfster Ann Patchett werd geboren in Los Angeles op 2 december 1963. Zij schreef vier bekroonde romans, waarvan de wereldwijde bestseller Belcanto zowel de PEN/Faulkner Award als de Orange Prize won. Ze woont en werkt in Nashville, Tennessee, en schrijft regelmatig voor The New York Times Magazine, Vogue en de Washington Post.

 

Uit: Run

 

“Bernadette had been dead two weeks when her sisters showed up in Doyle's living room asking for the statue back. They had no legal claim to it, of course, she never would have thought of leaving it to them, but the statue had been in their family for four generations, passing down a maternal line from mother to daughter, and it was their intention to hold with tradition. Bernadette had no daughters. In every generation there had been an uncomfortable moment when the mother had to choose between her children as there was only one statue and these Irish Catholic families were large. The rule in the past had always been to give it to the girl who most resembled the statue, and among Bernadette and her siblings, not that the boys ever had a chance, Bernadette was the clear winner: iron rust hair, dark blue eyes, a long, narrow nose. It was frankly unnerving at times how much the carving looked like Bernadette, as if she had at some point modeled in a blue robe with a halo stuck to the back of her head.

"I can't give it to you," Doyle said. "It's in the little boys' room, on the dresser. Tip and Teddy say a prayer to it at night." He kept his eyes on them steadily. He waited for an apology, some indication of backing down, but instead they just kept staring right at him. He tried again. "They believe it's actually a statue of her."

 

 

 

 

 

De Amerikaanse schrijver George Saunders werd geboren op 2 december 1958 in Chicago (USA) en schrijft vooral korte satirische verhalen, gebundeld in onder meer CivilWarLand in Bad Decline (1996) en Pastoralia (2000). Hij publiceert regelmatig verhalen in McSweeney’s, een literaire blad dat in Amerika erg populair is. Voor zijn verhalen kreeg hij in 1994 en in 1996 de National Magazine Award. In 2000 debuteerde hij als kinderboekenschrijver met The very persistent Gappers of Frip.

 

 

Uit: Sticks

“Every year Thanksgiving night we flocked out behind Dad as he dragged the Santa suit to the road and draped it over a kind of crucifix he'd built out of metal pole in the yard. Super Bowl week the pole was dressed in ajersey and Rod's helmet and Rod had to clear it with Dad if he wanted to take the helmet off. On the Fourth of July the pole was Uncle Sam, on Veterens Day a soldier,  on Halloween a ghost. The pole was Dad's only concession to glee. We were allowed a single Crayola from the box at a time. One Christmas Eve he shrieked at Kimmie for wasting an apple slice. He hovered over us as we poured ketchup saying: good enough good enough good enough. Birthday parties consisted of cupcakes, no ice cream. The first I brought a date over she said: what's with your dad and that pole? and I sat there blinking.

We left home, married,  had children of our own, found the seeds of meanness blooming also within us. Dad began dresssing the pole with more complexity and less discernible logic. He draped some kind of fur over it on Groundhog Day and lugged out a floodlight to ensure a shadow. When an earthquake struck Chile he lay the pole on its side and spray painted a rift in the earth. Mom died and he dressed the pole as Death and hung from the crossbar photos of Mom as a baby. We'd stop by and find odd talismans from his youth arranged around the base: army medals, theater tickets, old sweatshirts, tubes of Mom's makeup. One autumn he painted the pole bright yellow. He covered it with cotton swabs that winter fro warmth and provided offspring by hammering in six crossed sticks around the yard. He ran lengths of string between the pole and the sticks, and taped to the string letters of apology, admissions of error, pleas for understanding, all written in a frantic hand on index cards. He painted a sign saying LOVE and hung it from the pole and another that said FORGIVE? and then he died in the hall with the radio on and we sold the house to a young couple who yanked out the pole and the sticks and left them by the road on garbage day.

 

 

 

 

De Amerikaanse schrijver Eric L. Harry werd geboren op 2 december 1958 in Ocean Springs, Mississippi. Harry raakte plotsklaps bekend binnen de internationale techno-thriller gemeenschap dankzij zijn eerste boek "Arc Light" (WWIII) waarin de 3de wereldoorlog uitbreekt door de schuld van een overijverige Russische generaal. Harry werd dankzij dit boek onmiddellijk vergeleken met andere schrijvers zoals Tom Clancy en Michael Crichton en wordt aanzien als 1 van de leidende nieuwe meesters in het genre. Nochtans wees niets in het verleden van Harry erop dat hij ooit schrijver zou worden. Hij studeerde o.a. op de Militaire Marine Academie en in de staatsuniversiteiten van Moskou en Leningrad. (Harry spreekt dan ook vloeiend Russisch en gaf reeds lezingen over de post-soviet militaire capaciteiten) Momenteel is hij Senior Vice President bij El Paso Corporation ( gas en olie maatschappij ) en is hij verantwoordelijk voor alle legale aspecten binnen het bedrijf. Volgens eigen zeggen rolde hij totaal onverwacht het schrijversvak in. Toen hij op een dag zijn nieuwe printer wou uittesten, kwam hij tot de conclusie dat hij eigenlijk niets te printen had. Met de eerste Golfoorlog in gedachten, begon hij dan maar wat in te typen. Zijn echtgenote Marina las deze pagina's en moedigde hem aan het verhaal te vervolledigen. Deze eerste pagina's vormden het begin van zijn bestseller "Arc Light" en Harry heeft sindsdien 3 andere romans geschreven. Eric L. Harry woont momenteel samen met zijn vrouw en 2 zonen in Houston, Texas.

 

Eric L. Harry zelf over Society of the mind:

 

“Following Arc Light, I went to work on Protect & Defend -- a military/political technothriller about the collapse of Russia into anarchy, an attempt by China to claim Siberia, and the American and European "blue berets" who are in the wrong place at the wrong time. I'm now back with the troops on the frigid Eurasian plain, but I took a feverish six-week detour to produce the first draft of a book about artificial intelligence, virtual reality, and robotics. Society of the Mind may be about computers, but it sprang from my reading of a book entitled Consciousness Explained by Daniel Dennett. I've since forsworn further reading until I've completely finished the project to which I'm committed.”

 

 

 

 

 

De Duitse schrijver Botho Strauß werd geboren op 2 december 1944 in Naumburg an der Saale. Zie ook mijn blog van 2 december 2006.

 

Uit: Mikado

 

”Zu einem Fabrikanten, dessen Gattin ihm während eines Messebesuchs entführt worden war, kehrte nach Zahlung eines hohen Lösegelds eine Frau zurück, die er nicht kannte und die ihm nicht entführt worden war. Als die Beamten sie ihm erleichtert und stolz nach Hause brachten, stutzte er und erklärte: Es ist Ihnen ein Fehler unterlaufen. Dies ist nicht meine Frau.

Die ihm Zu-, jedoch nicht Zurückgeführte stand indessen hübsch und ungezwungen vor ihm, wachsam und eben ganz neu. Außerdem schien sie schlagfertig und geistesgegenwärtig zu sein. Den Beamten, die betreten unter sich blickten, gab sie zu verstehen, ihr Mann habe unter den Strapazen der vergangenen Wochen allzusehr gelitten, er sei von der Ungewißheit über das Schicksal seiner Frau noch immer so durchdrungen und besetzt, daß er sie nicht auf Anhieb wiedererkenne. Solch eine Verstörung sei bei Opfern einer Entführung und ihren Angehörigen nichts Ungewöhnliches und werde sich bald wieder geben. Darauf nickten die Beamten verständnisvoll, und auch der tatsächlich verwirrte Mann nickte ein wenig mit.

Aus seinen dunkelsten Stunden war also unversehens diese völlig Fremde, diese helle und muntere Person aufgetaucht, die den übernächtigten Fabrikanten von seinen schlimmsten Befürchtungen zwar ablenkte, diese aber keinesfalls zerstreute.

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Tahar Ben Jelloun, Daniel Pennac, Mihály Vörösmarty, Valery Bryusov, Ernst Toller

Tahar Ben Jelloun (Fez, 1 december 1944)


De Marokkaanse romanschrijver, dichter en essayist Tahar Ben Jelloun werd geboren in Fez op 1 december 1944. Hij was professor in Tetouan en daarna in Casablanca. Sinds 1971 woont en werkt hij in Frankrijk. Hij heeft lesgegeven in sociale psychologie en gewerkt als psychotherapeut. Hij schrijft in het Frans, hoewel Arabisch zijn moedertaal is. Hij schreef voor diverse tijdschriften en kranten en m.n. Le Monde. Zijn roman Gewijde Nacht won de Prix Goncourt in 1987. In 2004 ontving hij de International IMPAC Dublin Literary Award voor Een verblindende afwezigheid van Licht.

 

 

Ville

 

Il ne suffit pas d'un tas de maisons pour faire une ville
Il faut des visages et des cerises
Des hirondelles bleues et des danseuses frêles
Un écran et des images qui racontent des histoires

 

Il n'est de ruines qu'un ciel mâché par des nuages
Une avenue et des aigles peints sur les arbres
Des pierres et des statues qui traquent la lumière
Et un cirque qui perd ses musiciens

 

Des orfèvres retiennent le printemps dans des mains en cristal
Sur le sol des empreintes d'un temps sans cruauté
Une nappe et des syllabes déposées par le jus d'une grenade
C'est le soleil qui s'ennuie et des hommes qui boivent

 

Une ville est une énigme leurrée par les miroirs
Des jardins de papier et des sources d'eau sans âme
Seules les femmes romantiques le savent
Elles s'habillent de lumière et de songe

 

Métallique et hautaine,
La ville secoue sa mémoire
En tombe des livres et des sarcasmes, des rumeurs et des rires
Et nous la traversons comme si nous étions éternels.

 

 

 

Onze rug naar het land gekeerd

 

Onze rug naar het land gekeerd

onze ogen willen zich niets meer herinneren.

Ze kijken naar de horizon van zand en vuur.

We stappen, zonder angst, zonder vreugde

naar de onaantastbare woestijn.

De hemel berooft ons van onze gedachten.

We gaan verder, we geven begeerte geen naam.

Sommigen, verdoemden der verdroogde aarde,

vielen de steden binnen

met kinderen op hun rug in hun armen tussen hun benen.

Ze staken de hand uit aan de poorten van de moskeeën

hun dochters groeiden op in angst en gemis

ze verkopen hun handen, hun borsten

wenen bij de muur waar hun ziel ligt begraven.

Hoe wreed is het gezicht van het verlangen

als het ongeluk aan alles kleeft.

En wij, verdreven door de wind,

wij verlangen naar niets, de volstrekte woestijn,

de ultieme ballingschap

voor eeuwig gescheiden van hen

die de mens in ons

door slagen en honger lieten sterven.

 

 

 

 

 

 

De Franse schrijver Daniel Pennac werd geboren in Casablanca op 1 december 1944. Hij bracht zijn jeugd door in verschillende landen, onder meer in Ethiopië, Algerije en Ivoorkust. Zijn vader was militair. In 1970 verhuisde hij naar Belville en begon les te geven op een lyceum in Parijs, wat hij uiteindelijk 28 jaar heeft gedaan. Pennac geeft nu geen les meer omdat hij zich toe wilde leggen op schrijven. Aan het eind van de jaren zeventig en begin van de jaren tachtig schreef hij samen met Tudor Eliad twee boeken over politiek. In de jaren tachtig begon hij tevens voor kinderen te schrijven. In 1980 vertrok Pennac voor een jaar naar Brazilië, waar hij de dectiveroman als genre ontdekte. Terug in Frankrijk schreef hij zijn eerste detective. De verloedering, een strip in samenwerking met Jacques Tardi, verscheen in 2001. In 2007 won hij de prix Renaudot for Chagrin d'école.

 

Uit:    Comme un Roman

 

Et le voilà, adolescent reclus dans sa chambre, devant un livre qu’il ne lit pas.  Toutes ces envies d’être ailleurs font entre lui et les pages ouvertes un écran glauque qui trouble les lignes.  Il est assis devant sa fenêtre, la porte fermée dans son dos.  Page 48.  Il n’ose compter les heures passées à atteindre cette quarante-huitième page.  Le bouquin en compte exactement quatre cent quarante-six.  Autant dire cinq cents.  500 pages !  S’il y avait des dialogues, encore.  Tu parles !  Des pages bourrées de lignes comprimées entre des marges minuscules, de noirs paragraphes entassés les uns sur les autres, et, par-ci, par-là, la charité d’un dialogue – un tiret, comme une oasis, qui indique qu’un personnage parle à un autre personnage.  Mais l’autre ne lui répond pas.  Suit un bloc de douze pages !  Douze pages d’encre noire !  Ça manque d’air !  Ouh là que ça manque d’air !  Putain de bordel de merde !  Il jure.  Desolé, mais il jure.  Putain de bordel de merde de bouquin à la con.  Page quarante-huit… S’il se souvenait, au moins, du contenu de ces quarante-sept premières pages !  Il n’ose même pas se poser la question – qu’on lui posera, inévitablement.  La nuit d’hiver est tombée.  Des profondeurs de la maison monte jusqu’à lui l’indicatif du journal télévisé.  Encore une demi-heure à tirer avant le dîner.  C’est extraordinairement compact, un livre.  Ça ne se laisse pas entamer.  Il paraît, d’ailleurs, que ça brûle difficilement.  Même le feu ne peut pas s’insinuer entre les pages.  Manque d’oxygène.  Toutes réflexions qu’il se fait en marge.  Et ses marges à lui sont immenses.  C’est épais, c’est compact, c’est dense, c’est un objet contondant, un livre.  Page quarante-huit, quelle différence ?  Le paysage est le même.  Il revoit les lèvres du prof annoncer le titre.  Il entend la question unanime des copains :
- Combien de pages ?
- Trois ou quatre cents…
- (Menteur…)
- C’est pour quand ?
- L’annonce de la date fatidique déclenche un concert de protestations :
- Quinze jours ?  Quatre cent pages (cinq cents) à lire en quinze jours !  Mais on n’y arrivera jamais, Monsieur !

 

 

 

 

 

 

 

Zie voor onderstaande schrijvers ook mijn blog van 1 december 2006.

 

De Hongaarse dichter Mihály Vörösmarty werd geboren op 1 december 1800 in Puszta-Nyék.

 

De Russische dichter en schrijver Valery Bryusov werd geboren op 1 december 1873 in Moskou.

 

De Duitse schrijver Ernst Toller werd geboren op 1 december 1893 in Samotschin (tegenwoordig Szamocin).

 

Geschreven door Romenu om 16:46 Reageer op dit bericht

Jan G. Elburg, Winston Churchill, Mark Twain, Jonathan Swift, Sir Philip Sidney, John Bunyan

Jan G. Elburg (30 november 1919 – 13 augustus 1992)









De Nederlandse dichter
Jan G. Elburg werd geboren op 30 november 1919 te Wemeldinge. Zie ook mijn blog van 30 november 2006.

 

 

Stadgenoot

 

Hij is het licht vergeten
en het gras vergeten

en al die kleine levende kevertjes

en de smaak van water en het waaien

 

hij is de geur vergeten

van het hooi de grijze vacht van schapen

de varens de omgelegde aardkluiten

 

zijn binnen is geen nest zijn buiten

geen buiten zijn tuin een vaas.

 

hij is ook

de bliksem vergeten de rauwe

hagel op zijn voorhoofd

 

hij zegt niet: graan meel brood

hij ziet de vogels niet weggaan

en de sneeuw niet komen

 

hij zal bang en verongelijkt doodgaan

 

 

 

 

 

Dan dit nu hier

 

De uitzichtafsponzer onnozele crooner
de geveltoerist aan je binnenhuisje
dag vader en moeder en ventje in triplex

het ei nog brakwater geleid aan de ketting
de schippers volharden in overvaren
je glijdt op de zon op de lange rivier
benadert de sjimpansee hebt er geen weet van

men spookt in de steenkolenkachel een plaaggeest
de geitekeutels vergeef je als dropjes
de ogen van de sneeuwmannen ijscomannen

een spinnende inktvlek op het karpet
je kan op je tong een epistel pennen
een muzelman met een maanvormige bijl
een houten je hakt in de heilsoldate

groen prakje van rupsen smoort in je broekzak
een rode belofte verregent in witkalk
je zal nog gestopte jasjes dragen.

 

 

 

 

 

 

 

De Britse staatsman en schrijver Sir Winston Leonard Spencer Churchill werd geboren in Woodstock op 30 november 1874

 

 

Uit: The River War

 

“How dreadful are the curses which Mohammedanism lays on its votaries! Besides the fanatical frenzy, which is as dangerous in a man as hydrophobia in a dog, there is this fearful fatalistic apathy. The effects are apparent in many countries. Improvident habits, slovenly systems of agriculture, sluggish methods of commerce, and insecurity of property exist wherever the followers of the Prophet rule or live. A degraded sensualism deprives this life of its grace and refinement; the next of its dignity and sanctity. The fact that in Mohammedan law every woman must belong to some man as his absolute property; either as a child, a wife, or a concubine; must delay the final extinction of slavery until the faith of Islam has ceased to be a great power among men.

Individual Moslems may show splendid qualities. Thousands become the brave and loyal soldiers of the Queen; all know how to die; but the influence of the religion paralyses the social development of those who follow it. No stronger retrograde force exists in the world. Far from being moribund, Mohammedanism is a militant and proselytizing faith. It has already spread throughout Central Africa, raising fearless warriors at every step; and were it not that Christianity is sheltered in the strong arms of science, the science against which it had vainly struggled, the civilisation of modern Europe might fall, as fell the civilisation of ancient Rome.”

 

 

 

 

 

 

Zie voor onderstaande schrijvers ook mijn blog van 30 november 2006.

De Amerikaanse schrijver pseudoniem van Samuel 
Langhorne Clemens) werd geboren op 30 november 1835 te Florida.
De Engelse schrijver werd op 30 november 1667 in 
Dublin geboren uit Engelse ouders.
De Engelse schrijver  werd geboren op 30 november 
1554 in het kasteel van Penshurst in het graafschap Kent.
De Engelse dichter en schrijver  werd geboren op 
30 november 1628 in Harrowden bij Bedford.

 

Geschreven door Romenu om 21:06 Reageer op dit bericht

In memoriam August Willemsen

August Willemsen (16 juni 1936 - 29 november 2007)



De Nederlandse vertaler en schrijver August Willemsen is gisteren overleden. Hij is 71 jaar oud geworden. Na zijn middelbare school in Amsterdam, ging Willemsen in dezelfde stad naar het conservatorium, richting piano. Dit bleek geen succes en op vrij late leeftijd startte hij een studie Portugees. Door zijn vertalingen van de Portugese dichter Fernando Pessoa raakte hij bekend als een vooraanstaand vertaler. In 1983 werden zijn vertalingen bekroond met de Martinus Nijhoff-prijs. Willemsen maakte ook naam als schrijver. In 1985 publiceerde hij Braziliaanse Brieven over zijn verblijf in Brazilië. In 1986 ontving hij daar de Lucy B. en C.W. van der Hoogtprijs voor. In 1991 verscheen De val, over zijn drankverslaving en zijn revalidatie na een ongeval en in 1994 De goddelijke kanarie, een lyrische geschiedenis van het Braziliaanse voetbal. Hij werkte aan een biografie van de tragische Braziliaanse stervoetballer Garrincha en aan een vertaling van het volledige werk van Pessoa. Zie ook mijn blog van 16 juni 2006 en mijn blog van 16 juni 2007.

.

 

'Programma voor na mijn dood'

 

Wanneer ik, na mijn sterven, aankom in de andere wereld,
Zal ik eerst mijn vader en moeder willen kussen, mijn broers en zusjes, mijn opa en oma,
ooms en tantes, neefjes en nichtjes.
Daarna zal ik langdurig een paar vrienden omhelzen – Vasconcelos, Ovalle, Mário…
Ook zou ik graag de heilige Franciscus van Assisi ontmoeten.
Maar wie ben ik? Teveel eer.
Dit gedaan zijnd zal ik verzinken in de aanschouwing van God en zijn glorie,
Vergeten, voor altijd, alle heerlijkheden, pijnen en verbijsteringen
Van dit andere leven aan deze zijde van het graf.

 

 

 

 

Manuel Bandeira (vertaald door August Willemsen)

 

Geschreven door Romenu om 18:41 Reageer op dit bericht

In memoriam Boeli van Leeuwen

Boeli  van Leeuwen (10 oktober 1922 - 28 november 2007)




De Curaçaose schrijver Willem Christiaan Jacobus (Boeli) van Leeuwen is woensdagavond (lokale tijd) op 85-jarige leeftijd overleden. Hij overleed na een kort ziekbed. Van Leeuwen werd op Curaçao geboren op 10 oktober 1922 en was een zoon van de voormalige gouverneur van het eiland. Hij debuteerde in 1959 met ‘De rots der struikeling', een roman die in 1960 in Nederland werd bekroond met de prestigieuze Vijverbergprijs, de huidige Bordewijkprijs. Van Leeuwen heeft diverse romans geschreven, waaronder ‘Het teken van Jona’ en de verhalenbundel ‘Geniale anarchie’. Op zijn 85ste verjaardag kreeg hij de bijzondere oeuvreprijs van het Nederlandse Fonds voor de Letteren. Zie ook mijn blog van 10 oktober 2006.

 

Uit: Geniale Anarchie

 

“Miljoenen jaren geleden spoot een machtige fontein vanuit het binnenste der aarde dwars door de zeebodem gloeiende lava sissend omhoog en liet twee stukken diabaas achter, die daarna door microscopisch kleine koraaldiertjes aan elkaar zijn geborduurd. Duizend meter steil omhoogrijzend van de bodem van de oceaan, in de zee geboren en niet afgebrokkeld van het Zuidamerikaanse continent, geeft het eiland aan niemand een claim: in de tijd gezien zijn mens en dier hier gisteren aan komen drijven.
De Spanjaarden noemden het la Isla de los Gigantes en nadat alle bomen waren omgehakt en de indieros de reuzen hadden weggevoerd of doodgeknuppeld zodat er niets meer te stelen viel: la Isla Inútil. Corossol, curacan, corazón, curacao, wie kan vandaag de oorsprong van je naam nog vinden?
Maar terwijl de Spanjaard te gronde is gegaan aan het waanidee dat goud en zilver intrinsieke waarde hebben, is de Hollander hier zout komen halen om zijn haring te behoeden voor bederf. Amsterdam kreeg verlof van de Heren Negentien ‘tot bemachtiginge van het Eylandt Curaçao om te hebben een bequaeme plaetse, daar men sout mocht becomen’, weshalve ik Anno Domini 1989 op het eiland een verhaal voor u zit te schrijven... “


 

Geschreven door Romenu om 21:06 Reageer op dit bericht

Jean-Philippe Toussaint, C.S. Lewis, Louisa May Alcott, Ludwig Anzengruber, Wilhelm Hauff

Jean-Philippe Toussaint (Brussel, 29 november 1957)





De Belgische schrijver Jean-Philippe Toussaint werd op 29 november 1957 geboren in Brussel. Zie ook mijn blog van 29 november 2006.

 

 

Uit: Television (Vertaald door Jordan Stump)

 

“I went into the kitchen and opened the cupboard under the sink, kneeling down to extract a basin and a sponge, as well as the spray bottle of window cleaner, so beloved of my son (for its "tricker," as he said, doubly wrongly, to refer to the lever that operated the pump), which did not prevent him from displaying a particularly itchy forefinger whenever I authorized him, under my imperturbable surveillance, to moisten the windows or coffee table with a spray of that miraculous liquid, which went ssshhht and turned foamy the moment it touched the glass. It's true that this was a fascinating tool, this transparent plastic bulb, full of a limpid, blue solution with a lovely detergent scent. I threw open one of the living room's two French doors, almost two meters high, with a single unbroken pane of glass extending almost to the ceiling, topped moreover by a little transom, and I climbed onto the radiator, the basin at my feet. Standing on the brink of the void, clasping the French door with one hand while the other peppered the glass with the spray from my pistol, I soon realized that, once the first lighthearted spatterings are over, carefree and slightly silly, the window washer's delight, of which Jackson Pollock surely knew a thing or two, the task quickly turns tiresome, for now there's nothing to do but wipe, like some maniacal housewife, firmly pressing your sponge to the glass--or, even better than a sponge, a page from an old newspaper, for, even where windows are concerned, nothing will ever replace the printed page, in my opinion. I thus held in my hand a crumpled sheet of newsprint, and I was wiping the top of the windowpane, standing on the edge of the sill, sometimes leaning perilously into the emptiness to reach some complicated corner and give it a finishing touch with a sponge, when I saw a taxi rolling down the street before me. I stopped wiping for a minute, my sponge in my hand, to watch its approach. Slowly the car rolled to a stop in front of my building, the engine still running quietly. After a moment, the driver climbed out and raised his head toward me, casting a quick glance over the building's facade. Slightly uncomfortable on my second-floor window ledge, I looked away and began wiping distractedly, doing me best to look occupied. I wiped slowly, almost in place, my eyes downcast. "Hallo," the driver said abruptly, to attract my attention, "did you call for a taxi?" "Me?" I said, cautiously pointing at my breast with the sponge. Me? How could he accuse me? Couldn't he see I was busy, washing the windows? He let it drop there...

 

 

 

 

 

 

 

Zie voor onderstaande schrijvers ook mijn blog van 29 november 2006.

 

De Ierse schrijver C.S. Lewis werd geboren op 29 november 1898 in Belfast.

 

De Amerikaanse schrijfster Louisa May Alcott werd geboren op 29 november 1832 in Germantown, Pennylvania.

 

De Oostenrijkse schrijver Ludwig Anzengruber werd geboren op 29 november 1839 in Wenen.

 

De Duitse schrijver Wilhelm Hauff werd geboren in Stuttgart op 29 november 1802.

 

Geschreven door Romenu om 21:00 Reageer op dit bericht

Erwin Mortier, Stefan Zweig, Alexander Blok, William Blake, Alberto Moravia

Erwin Mortier (Nevele, 28 november 1965)







De Vlaamse dichter en schrijver
Erwin Mortier werd geboren in Nevele op 28 november 1965. Zie ook mijn blog van 28 november 2006.

 

 

 

Uit: Les Femmes de Barbe-bleue

(Maeterlinck – variaties)

 

3.

Vroeg of laat zal Hij komen.
Zijn tred wakkert de onrust
en de toortsen aan.

Ons kuiken in Zijn stalen ei.
Ons kind in zilveren vliezen.

Hij die elders knapen onthoofdt
en zich tooit met hun bloed
en hun kreten drinkt.

Ons zanikende embryo.

U weet niet hoe zoet,
Mevrouw, het wachten uitvalt
tot Hij komt, vroeg of laat

als een geslagen hond hier
door Zijn ridderzalen dwaalt.

Hoe zoet het is Zijn wonden
af te binden, Zijn schrammen
schoon te spoelen,

Hem te omzwachtelen – onze Getergde
Zoon. Hij daalt de trap af,

Snuift onze lucht op, gromt, begraaft
Zijn hoofd in onze vacht

en jankt zich in slaap in onze rokken.


4.

Op een dag zal Hij zacht en glad
in onze handpalm rusten

-- een kiezel, een opaal, een door
de golven gepolijste drenkeling,

doorzichtig als barnsteen
waarin Zijn doden roerloos grijnzen.

Hoop is alles, Mevrouw.
Ochtendzon en sterrennacht.

Aurora Borealis.

Hoop schittert. De dofheid
van de Hoop is nergens doffer

dan in het land van de Hoop.

Hoop grasgroene Hoop.
Hoop van zilver. Gouden Hoop.

De Nacht van de Hoop straalt
in zijn donker even triomfant

als een middag in juni.

Wat komt u ons hier verlokken,
Mevrouw, met uw stalen wilskracht,
het al bij al vulgaire metaal

van uw Trots?


5.

Hoop kent geen taal.
Zwijg ons over uw landerijen,
de dorst van de zee, de grote groene
weiden, het stralende land, de virulente
lente, het rijpende koren, de roestige
herfst, de jonge boerenknechten,
de talloze de talloze de talloze sterren

en de al te lieflijk kwinkelerende diertjes,
de vogeltjes de vlindertjes, de talloze de talloze
de talloze mieren.

U heeft niets gezien als u niet eerst
onze doodstille binnentuinen betreedt

-- hun roerloze vegetatie,
waar het lover druipt van bloed
of dauw.

 

 

 

Erwin Mortier (Nevele, 28 november 1965)

 

 

 

Zie voor onderstaande schrijvers ook mijn blog van 28 november 2006.

 

 

De Oostenrijkse schrijver Stefan Zweig werd op 28 november 1881 in Wenen.

 

De Russische schrijver en dichter Alexander Blok werd geboren op 28 november 1880 in St. Petersburg.

De Engelse schrijver, dichter en schilder William Blake werd geboren op 28 november 1757 in Londen.

 

De Italiaanse schrijver Alberto Moravia werd geboren in Rome op 28 november 1907.

 

Geschreven door Romenu om 20:25 Reageer op dit bericht

Nicole Brossard, James Agee, Klara Blum

Nicole Brossard (Montreal, 27 november 1943)




De Canadese dichteres en schrijfster Nicole Brossard werd geboren op 27 november 1943 in Montreal (Quebec). Zie ook mijn blog van 27 november 2006.

 

Uit: Soft Links

 

“Des matins clairs, une pluie fine qui tombe depuis vingt-quatre heures, des images rares en provenance d'ailleurs et d'Amérique, deux désastres naturels qui obligent à se serrer les coudes au milieu des cadavres, ce sont des gestes tranquilles ou violets, des obus, des glaçons dans les verres à l'heure de l'apéro, bruits de vaisselles ou un léger bégaiement qui tourmente un instant, une gifle, un baiser ce sont des noms de villes comme Venise ou Reading, Tongue et Pueblo, des noms de personnages Fabrice, Laure ou Emma. Des mots aiguisés au fil des ans et des romans, mots que l'on a prononcés en respirant mal, en riant, en crachant, en suçant une olive, des verbes qu'on ajoute au plaisir des lèvres, au succès, à la mort certaine. Ce sont des mots comme genou ou joue et encore d'autres à perte de vue qui nous obligent à nous pencher au-dessus du vide, à nous étirer comme des chats le matin ce sont des mots qui font veiller jusqu'à l'aube ou prendre un taxi les soirs de semaine quand la ville s'endort avant minuit et que la solitude reste coincée entre les mâchoires comme un abcès. Ce sont des mots dits de mémoire, par envie ou par orgueil, très souvent mots prononcés avec amour en plaçant les mains derrière la nuque ou en remplissant un verre de porto. Ce sont des mots dont il faut chercher l'étymologie, qu'il faut ensuite placarder sur un mur dit de son de manière à ce que cris de douleur et soupirs de plaisir qui errent dans les rêves et les documents prennent d'assaut la mystérieuse obscurité du cœur. Ce sont des mots comme baie, colline, oued, via, street, strasse dispersés dans le dictionnaire entre flamboyants et néons, cimetières, mornes et forêts. Ce sont des mots bras de mer, des ensembles de sens qui font griffes ou soft sur nos poitrines, froid, frissons, rigoles et peur dans le dos sans attendre pendant que nous cherchons à fissurer le temps lisse du futur avec des citations tranchantes. Ce sont des mots avaleurs de feu et de vie, on ne sait plus s'ils sont latins, français, italiens, sanskrits, mandarins, andalous, arabes ou anglais, s'ils cachent un chiffre, un animal ou de vieilles angoisses pressées de jaillir sous nos yeux comme des ombres clones remplies de lumière et de grands mythes.”

 

 

 

 

 

 

Zie voor onderstaande schrijvers ook mijn blog van 27 november 2006.

 

De Amerikaanse dichter en prozaïst James Agee werd geboren in Knoxville, Tennessee.op 27 november 1909.

 

De Duitstalige, joodse, Oostenrijkse, Russische en Chinese schrijfster Klara Blum werd geboren op 27 november 1904 in Czernowitz/Bukowina.

 

Geschreven door Romenu om 20:20 Reageer op dit bericht

Eugène Ionesco, William Cowper

Eugène Ionesco (26 november 1912 – 28 maart 1994)





De Frans-Roemeense schrijver Eugène Ionesco werd geboren op 26 november 1912 in Slatina, Roemenië. Zie ook mijn blog van 26 november 2006.

 

Uit: Rhinocéros

“BÉRENGER.

Je n'aime pas tellement l'alcool. Et pourtant si je ne bois pas, ça ne va pas. C'est comme si j'avais peur, alors je bois pour ne plus avoir peur.

JEAN.

Peur de quoi ?

BÉRENGER.

Je ne sais pas trop Des angoisses difficiles à définir le me sens mai à l'aise dans l'existence, parmi les gens, alors je prends un verre. Cela me calme, cela me détend, j'oublie.

JEAN.

Vous vous oubliez !

BÉRENGER.

Je suis fatigué, depuis des années fatigué J'ai du mal à porter le poids de mon propre corps…

JEAN.

C'est de la neurasthénie alcoolique, la mélancolie du buveur de vin...

BÉRENGER, continuant.

Je sens à chaque instant mon corps, comme s'il était de plomb, ou comme si je portais un autre homme sur mon dos je ne me suis pas habitué à moi-même. Je ne sais pas si je suis moi. Dès que je bois un peu, le fardeau disparaît, et je me reconnais, je deviens moi.

JEAN.

Des élucubrations ! Bérenger, regardez-moi. Je pèse plus que vous. Pourtant, je me sens léger, léger, léger (II bouge ses bras comme s'il allait s'envoler. Le Vieux Monsieur et le Logicien qui sont de nouveau entrés sur le plateau ont fait quelques pas sur la scène en devisant. Juste à ce moment, ils passent à côté de jean et de Bérenger. Un bras de jean heurte très fort le Vieux Monsieur qui bascule dans les bras du Logicien.)

LE LOGICIEN, continuant la discussion.

Un exemple de syllogisme . (Il est heurté.) Oh !...

LE VIEUX MONSIEUR, à Jean.

Attention. (Au Logicien.) Pardon.

JEAN, au Vieux Monsieur.

Pardon

LE LOGICIEN, au Vieux Monsieur.

Il n'y a pas de mal.

LE VIEUX MONSIEUR, à Jean.

Il n'y a pas de mal.

(Le Vieux Monsieur et le Logicien vont s'asseoir à l'une des tables de la terrasse, un peu à droite et derrière Jean et Bérenger )

BÉRENGER, à Jean.

Vous avez de la force.

JEAN.

Oui, j'ai de la force, j'ai de la force pour plusieurs raisons. D'abord, j'ai de la force parce que j'ai de la force, ensuite j'ai de la force parce que j'ai de la force morale. J'ai aussi de la force parce que je suis pas alcoolisé. Je ne veux pas vous vexer, mon cher ami, mais je dois vous dire que c'est l'alcool qui pèse en réalité.

LE LOGICIEN, au Vieux Monsieur.

Voici donc un syllogisme exemplaire Le chat a quatre pattes. Isidore et Fricot ont chacun quatre pattes Donc Isidore et Fricot sont chats.

LE VIEUX MONSIEUR, au Logicien.

Mon chien aussi a quatre pattes.

LE LOGICIEN, au Vieux Monsieur.

Alors, c'est un chat.

BÉRENGER, à Jean.

Moi, j'ai à peine la force de vivre. Je n'en ai plus envie peut-être.

LE VIEUX MONSIEUR, au Logicien après avoir longuement réfléchi.

Donc, logiquement, mon chien serait un chat.

LE LOGICIEN, au Vieux Monsieur.

Logiquement, oui. Mais le contraire est aussi vrai.

BÉRENGER, à Jean.

La solitude me pèse. La société aussi.

JEAN, à Bérenger.

Vous vous contredisez. Est-ce la solitude qui pèse, ou est-ce la multitude ? Vous vous prenez pour un penseur et vous n'avez aucune logique.

LE VIEUX MONSIEUR, au Logicien.

C'est très beau, la logique.

LE LOGICIEN, au Vieux Monsieur

A condition de ne pas en abuser.

BÉRENGER, à Jean.

C'est une chose anormale de vivre.

JEAN.

Au contraire. Rien de plus naturel. La preuve : tout le monde vit.

BÉRENGER.

Les morts sont plus nombreux que les vivants. Leur nombre augmente. Les vivants sont rares.

JEAN.

Les morts, ça n'existe pas, c'est le cas de le dire !... Ah ! ah! … (Gros rire.) Ceux-là aussi vous pèsent ? Comment peuvent peser des choses qui n'existent pas?

BÉRENGER.

Je me demande moi-même si j'existe.

JEAN, à Bérenger.

Vous n'existez pas, mon cher, parce que vous ne pensez pas ! Pensez, et vous serez.

LE LOGICIEN, au Vieux Monsieur.

Autre syllogisme : tous les chats sont mortels. Socrate est mortel. Donc Socrate est un chat.”

 

 


Zie voor onderstaande schrijver ook mijn blog van 26 november 2006.

 

De Engelse dichter William Cowper werd geboren op 26 november 1731 in Berkhamstead, Herford.

 

Geschreven door Romenu om 21:01 Reageer op dit bericht

Joseph von Eichendorff

Joseph von Eichendorff (10 maart 1788 - 26 november 1857)


Vandaag is het precies 150 jaar geleden dat de Duitse schrijver en dichter Joseph von Eichendorff overleed. Joseph Karl Benedikt Freiherr von Eichendorff  werd geboren in het Poolse Ratibor op 10 maart 1788. Hij werd in zijn jeugd tweetalig; doordat hij in het grensgebied woonde, sprak hij even goed Duits als Pools. Eichendorff werd in 1816 ambtenaar in dienst van de Pruisische staat en hield zich hoofdzakelijk met religieuze aangelegenheden bezig. In deze periode schreef hij het gros van zijn novelles. Eichendorff verwerkte in zijn vertellingen een aanzienlijke hoeveelheid gedichten, die hij later bundelde, en het zijn deze die hem zijn grote roem brachten. Veel van zijn gedichten werd door Robert Schumann op muziek gezet. Zie ook mijn blog van 10 maart 2007.

 

 

Auf einer Burg

 

Eingeschlafen auf der Lauer
Oben ist der alte Ritter;
Drüber gehen Regenschauer,
Und der Wald rauscht durch das Gitter.

 

Eingewachsen Bart und Haare,
Und versteinert Brust und Krause,
Sitzt er viele hundert Jahre
Oben in der stillen Klause.

 

Draußen ist es still und friedlich,
Alle sind ins Tal gezogen,
Waldesvögel einsam singen
In den leeren Fensterbogen.

 

Eine Hochzeit fährt da unten
Auf dem Rhein im Sonnenscheine,
Musikanten spielen munter,
Und die schöne Braut die weinet.

 

 

 

Abschied

 

O Täler weit, o Höhen,
O schöner, grüner Wald,
Du meiner Lust und Wehen
Andächtger Aufenthalt.
Da draußen, stets betrogen,
Saust die geschäftge Welt;
Schlag noch einmal die Bogen,
Um mich, du grünes Zelt.

 

Wenn es beginnt zu tagen,
Die Erde dampft und blinkt,
Die Vögel lustig schlagen,
Dass dir dein Herz erklingt:
Da mag vergehn, verwehen
Das trübe Erdenleid,
Da sollst du auferstehen
In junger Herrlichkeit!

 

Da steht im Wald geschrieben
Ein stilles, ernstes Wort
Von rechtem Tun und Lieben,
Und was des Menschen Hort.
Ich habe treu gelesen
Die Worte schlicht und wahr,
Und durch mein ganzes Wesen
Wards unaussprechlich klar.

 

Bald werd ich dich verlassen,
Fremd in der Fremde gehn,
Auf buntbewegten Gassen
Des Lebens Schauspiel sehn;
Und mitten in dem Leben
Wird deines Ernsts Gewalt
Mich Einsamen erheben,
So wird mein Herz nicht alt

 

 

 

 

Der wandernde Student

 

Bei dem angenehmsten Wetter
Singen alle Vögelein,
Klatscht der Regen auf die Blätter,
Sing ich so für mich allein.

 

Denn mein Aug kann nichts entdecken,
Wenn der Blitz auch grausam glüht,
Was im Wandern könnt erschrecken
Ein zufriedenes Gemüt.

 

Frei von Mammon will ich schreiten
Auf dem Feld der Wissenschaft,
Sinne ernst und nahm zu Zeiten
Einen Mund voll Rebensaft.

 

Bin ich müde vom Studieren,
Wann der Mond tritt sanft herfür,
Pfleg ich dann zu musizieren
Vor der Allerschönsten Tür.

 

Geschreven door Romenu om 20:58 Reageer op dit bericht

Connie Palmen, Maarten 't Hart, Ba Jin, Isaac Rosenberg, Lope de Vega, José Maria Eça de Queiroz

Connie Palmen (Sint Odiliënberg, 25 november 1955)





De Nederlandse schrijfster Connie Palmen werd op 25 november 1955 geboren in Sint Odiliënberg. Zie ook mijn blog van 25 november 2006.

 

 

Uit: Lucifer

 

“Sommige mensen kunnen in een oogopslag een hele omgeving in zich opnemen, maar dat kan ik niet. Eerst moet ik de verlegenheid en lichte weerzin tegen onverwachte ontmoetingen overwinnen om gehoor te geven aan de roep van de wereld en eropaf te koersen.

Worstelend met die tegenstrijdigheid kon ik alleen de straat oversteken door mijn ogen strak gericht te houden op de man die zijn hand de lucht in stak en me daarmee persoonlijk lonkte en leidde.
Zo liep ik op die dag in juli naar het kleine gezelschap toe. Ik wist niet dat ik op dat moment op mijn verhaal afstevende en dat daar, op een terras in Amsterdam, de speurtocht begon die me een jaar lang volledig in beslag zou nemen. Het zou een tocht zijn langs de afgronden van een turbulent huwelijk en een evenzo turbulente tijd, een zoektocht naar de betekenis van een eenzame zin in een dodenadvertentie en van een kunst die zelfs atheïsten in het bestaan van God doet geloven: de muziek.
Afstevenen op een verhaal is een misleidende uitdrukking, alsof een verhaal kant-en-klaar op straat ligt en opgeraapt kan worden.
Zo is het niet. Verhalen worden gemaakt en juist daarom zijn ze interessant. Alles wat gemaakt wordt onthult de maker.

 

-----

 

Vijfentwintig jaar geleden las ik een zin in de krant. Dit verhaal gaat over die zin, of liever over de zoektocht naar de betekenis ervan. Was ze omringd geweest door andere zinnen, in een column, in een recensie van een toneelstuk of desnoods in een beschouwend stuk over de een of andere ster, dan had ze me niet vijfentwintig jaar achtervolgd. Ongetwijfeld was ze dan bij de eerste lezing van haar raadselachtigheid beroofd door een gezelschap van zinnen dat haar betekenis inperkte en een duiding gaf die andere duidingen uitsloot. Dat was niet het geval. Het was een eenzame zin. Toch was het de omgeving die haar het mysterie verleende waardoor ze me nooit losliet. Ze was omkaderd door een zwarte rand. Ze stond in de kop van een rouwadvertentie.”

 

 

 

 

 

 

 

Zie voor onderstaande schrijvers ook mijn blog van 25 november 2006.

 

 

De Nederlandse schrijver Maarten 't Hart werd geboren op 25 november 1944 in Maassluis.

 

De Chinese schrijver Ba Jin werd op 25 november 1904 geboren in Chengdu.

 

De Engelse dichter Isaac Rosenberg werd geboren in Bristol op 25 november 1890.

 

De Spaanse schrijver Lope de Vega werd geboren op 25 november 1562 in Madrid.

 

De Portugese schrijver José Maria Eça de Queiroz werd geboren op 25 november 1845 in Póvoa de Varzim.

 

Geschreven door Romenu om 20:22 Reageer op dit bericht

Frédéric Leroy, Jules Deelder, Laurence Sterne, Cissy van Marxveldt, Arundhati Roy, Carlo Collodi

Frédéric Leroy (Blankenberge, 2 december 1974)




De Vlaamse dichter (en
voedingsbiotechnoloog) Frédéric Leroy ontving vandaag in Brugge de Prijs Letterkunde 2007 van de Provincie West-Vlaanderen voor zijn bundel "Lucifer en het grote belang (van kleine rituelen)".

 

 

Kleine ode aan de verloren tijd

Deur die opent. Stappen. Deur die sluit.
De zure geur van houten kasten en de wijze
waarop licht in oude gebouwen zichzelf dooddrukt
tegen muren, documentarisch wordt, onwerkelijk
als een foetus op sterk water. Deur die opent.

(Maar waarom toch altijd de verloren tijd
het scherpst in mijn geheugen gegrift wordt:
het wandelen, het wachten, het nagelbijten,
het staren naar de straatstenen – en de rest,
dat wat men al snel sleutelmomenten noemt,
een lijstje, een overhoop gegooide chronologie?)

Deur die sluit. Uitspraak. Stappen.
Schouderklopjes. De onaangepaste kleur
van mijn schoenen.

 

 

 

 

 

 

De Nederlandse dichter en schrijver Jules Deelder werd geboren op 24 november 1944 te Rotterdam, in de wijk Overschie. Zie ook mijn blog van 24 november 2006.

 

 

Blues on tuesday

 

Geen geld.
Geen vuur.
Geen speed.

Geen krant.
Geen wonder.
Geen weed.

Geen brood.
Geen tijd.
Geen weet.

Geen klote.
Geen donder.
Geen reet.

 

 


Aan de Maas

 

Aan de Maas gezeten
turend in het zwerk
het stadsgeraas geweken
ontstijgt men aan zichzelf

Op hoger plan gekomen
wiekend door de lucht
de zwaartekracht te boven
vindt men een ander terug

O vogel van verlangen
wiegend op de wind
verlos ons van elkander
en van elkaars gewicht

 

 

 


Bokswereld

 

Half Moon Inn
San Diego California

Op het gazon rond
het zwembad groepen ze samen
de gok- sex- en horecaf-
bazen doen zaken

Soms laat er een
zich voorzichtig te water
Van ver klinkt de stem
van Bep van Klaveren

"Ik gaf 'm een hóek ...
Hij hep nóoit meer gebokst"
De temperatuur loopt op
tot 26 graden

 

 

 

 

 

Zie voor onderstaande schrijvers ook mijn blog van 24 november 2006.

 

De Engels-Ierse schrijver Laurence Sterne werd geboren op 24 november 1713 in Clonmel, Tipperary, Ierland.

 

De Nederlandse schrijfster Cissy van Marxveldt werd geboren in Oranjewoud op 24 november 1889.

 

De Indiase schrijfster Arundhati Roy werd geboren op 24 november 1961 in Shillong.

 

De Italiaanse schrijver Carlo Collodi werd als Carlo Lorenzi op 24 november 1826 in Florence geboren.

 

Geschreven door Romenu om 20:37 Reageer op dit bericht

Paul Celan, Jennifer Michael Hecht, Marcel Beyer

Paul Celan (23 november 1920 – 20 april 1970)





De Duits-Roemeense dichter Paul Celan werd onder de naam Paul Antschel op 23 november 1920 geboren in Czernowitz, toentertijd de hoofdstad van de Roemeense Boekovina, nu behorend bij de Oekraïne. Zie ook mijn blog van 23 november 2006.

 

 

Kristall

Nicht an meinen Lippen suche deinen Mund,
nicht vorm Tor den Fremdling,
nicht im Aug die Träne.

Sieben Nächte höher wandert Rot zu Rot,
sieben Herzen tiefer pocht die Hand ans Tor,
sieben Rosen später rauscht der Brunnen.

 

 

 

 

Schibboleth

Mitsamt meinen Steinen,
den großgeweinten
hinter den Gittern,

schleiften sie mich
in die Mitte des Marktes,
dorthin,
wo die Fahne sich aufrollt, der ich
keinerlei Eid schwor.

Flöte,
Doppelflöte der Nacht:
denke der dunklen,
Zwillingsröte
in Wien und Madrid.

Setz deine Fahne auf Halbmast,
Erinnrung.
Auf Halbmast
für heute und immer.

 

Herz:
gib dich auch hier zu erkennen,
hier, in der Mitte des Marktes.
Ruf's, das Schibboleth, hinaus
in die Fremde der Heimat:
Februar. No pasaran.

Einhorn:
du weißt um die Steine
du weißt um die Wasser,
komm,
ich führ dich hinweg
zu den Stimmen
von Estremadura.

 

 

 

Pau, später

In deinen Augen-
winkeln, Fremde,
der Albigenserschatten-

nach
dem Waterloo-Plein,
zum verwaisten
Bastschuh, zum
mitverhökerten Amen,
in die ewige
Hauslücke sing ich
dich hin:

daß Baruch, der niemals
Weinende
rund um dich die
kantige,
unverstandene, sehende,
Träne zurecht-
schleife.

 

 

GEEN ZANDKUNST meer, geen zandboek, geen meesters.

Niets bedobbeld. Hoeveel
Stommen?
Zeventien.

Jouw vraag - jouw antwoord.
Jouw gezang, wat weet het?

Diepinsneeuw,
                        Iepinneeuw,
                                            I-i-e.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

 

 

 

 

 

Zie voor onderstaande schrijvers ook mijn blog van 23 november 2006.

 

 

De Amerikaanse schrijfster en dichteres Jennifer Michael Hecht werd geboren op 23 november 1965 in New York.

 

De Duitse dichter, schrijver en essayist Marcel Beyer werd op 23 november 1965 in Tailfingen / Württemberg geboren.

 

Geschreven door Romenu om 19:36 Reageer op dit bericht

André Gide, George Eliot, Endre Ady, Elisabeth Maria Post

André Gide (22 november 1869 – 19 februari 1951)





De Franse schrijver André Gide werd geboren op 22 november 1869 in Parijs.Zie ook mijn blog van 22 november 2006.

 

Uit:  Nourritures terrestres

 

" Nathanaël, à présent, jette mon livre. Emancipe-t’en. Quitte-moi ; maintenant tu m’importunes ; tu me retiens ; l’amour que je me suis surfait pour toi m’occupe trop. Je suis las de feindre d’éduquer quelqu’un. Quand ai-je dit que je te voulais pareil à moi ? C’est parce que tu diffères de moi que je t’aime ; je n’aime en toi que ce qui diffère de moi. Eduquer ! Qui donc éduquerais-je, que moi-même ? Nathanaël, te le dirai-je ? Je me suis interminablement éduqué. Je continue. Je ne m’estime jamais que dans ce que je pourrais faire.

Nathanaël, jette mon livre ; ne t’y satisfais point. Ne crois pas que ta vérité puisse être trouvée par quelque autre ; plus que de tout, aie honte de cela. Si je cherchais tes aliments, tu n’aurais pas de faim pour les manger ; si je te préparais ton lit, tu n’aurais pas sommeil pour y dormir.

Jette mon livre ; dis-toi bien que ce n’est là qu’une des mille postures possible en face de la vie. Cherche la tienne. Ce qu’un autre aurait aussi bien fait que toi, ne le fais pas. Ce qu’un autre aurait aussi bien dit que toi, ne le dis pas, aussi bien écrit que toi, ne l’écris pas. Ne t’attache en toi qu’à ce que tu sens qui n’est nulle part ailleurs qu’en toi-même, et crée de toi, impatiemment ou patiemment, ah ! le plus irremplaçable des êtres. "

"Du jour où je parvins à me persuader que je n'avais pas besoin d'être heureux, commença d'habiter en moi le bonheur ; oui, du jour où je me persuadai que je n'avais besoin de rien pour être heureux. Il semblait, après avoir donné le coup de pioche à l'égoïsme, que j'avais fait jaillir aussitôt de mon coeur une telle abondance de joie que j'en pusse abreuver tous les autres. Je compris que le meilleur enseignement est d'exemple. J'assumai mon bonheur comme une vocation."

"La peur de trébucher cramponne notre esprit à la rampe de la logique. Il y a la logique et il y a ce qui échappe à la logique. L'illogisme m'irrite, mais l'excès de logique m'exténue. Il y a ceux qui raisonnent et il y a ceux qui laissent les autres avoir raison. Mon coeur, si ma raison lui donne tort de battre, c'est à lui que je donne raison. Il y a ceux qui se passent de vivre et ceux qui se passent d'avoir raison. C'est au défaut de la logique que je prends conscience de moi. Ô ma plus chère et ma plus riante pensée ! Qu'ai-je affaire de chercher plus longtemps à légitimer ta naissance ? N'ai-je pas lu ce matin dans Plutarque, au seuil des Vies de Romulus et de Thésée, que ces deux grands fondateurs de cités, pour être nés "secrètement et d'une union clandestine" ont passé pour des fils de dieux ?..."

" Il y a sur terre de telles immensités de misère, de détresse, de gêne et d’horreur, que l’homme heureux n’y peut songer sans prendre honte de son bonheur. Et pourtant ne peut rien pour le bonheur d’autrui celui qui ne sait être heureux lui-même. Je sens en moi l’impérieuse obligation d’être heureux. Mais tout bonheur me paraît haïssable qui ne s’obtient qu’aux dépens d’autrui… Je préfère le repas d'auberge à la table la mieux servie, le jardin public au plus beau parc enclos de murs, le livre que je ne crains pas d'emmener en promenade à l'édition la plus rare, et, si je devais être seul à pourvoir contempler une oeuvre d'art, plus elle serait belle et plus l'emporterait sur la joie ma tristesse. Mon bonheur est d'augmenter celui des autres. J'ai besoin du bonheur de tous pour être heureux."

 

 

 

 

 

 

Zie voor onderstaande schrijvers ook mijn blog van 22 november 2006.

 

De Engelse schrijfster George Eliot werd geboren op 22 november 1819 in Nuneaton in Warwickshire.

De Hongaarse dichter Endre Ady werd geboren op 22 november 1877 in het huidige Adyfalva.

 

De Russische schrijver Viktor Pelevin werd geboren op 22 november 1962 in Moskou.

 

De Nederlands dichteres en schrijfster Elisabeth Maria Post werd geboren in Utrecht op 22 november 1755.

 

Geschreven door Romenu om 20:29 Reageer op dit bericht

Isaac Bashevis Singer, Voltaire, Marilyn French, Franz Hessel

Voltaire (21 november 1694 – 30 mei 1778)





De Franse schrijver Voltaire, pseudoniem van François-Marie Arouetwerd werd op 21 november 1694 geboren in Parijs. Zie ook mijn blog van 21 november 2006.


Poème sur le désastre de Lisbonne (1756)

O malheureux mortels ! ô terre déplorable !
O de tous les mortels assemblage effroyable !
D'inutiles douleurs éternel entretien !
Philosophes trompés qui criez : " Tout est bien " ;
Accourez, contemplez ces ruines affreuses,
Ces débris, ces lambeaux, ces cendres malheureuses.
Ces femmes, ces enfants l'un sur l'autre entassés,
Sous ces marbres rompus ces membres dispersés :
Cent mille infortunés que la terre dévore,
Qui, sanglants, déchirés, et palpitants encore,
Enterrés sous leurs toits, terminent sans secours
Dans l'horreur des tourments leurs lamentables jours !
Aux cris demi-formés de leurs voix expirantes,
Au spectacle effrayant de leurs cendres fumantes,
Direz-vous : " C'est l'effet des éternelles lois
Qui d'un Dieu libre et bon nécessitent le choix " ?
Direz-vous, en voyant cet amas de victimes :
" Dieu s'est vengé, leur mort est le prix de leurs crimes " ?
Quel crime, quelle faute ont commis ces enfants
Sur le sein maternel écrasés et sanglants ?
Lisbonne, qui n'est plus, eut-elle plus de vices
Que Londres, que Paris, plongés dans les délices ?
Lisbonne est abîmée, et l'on danse à Paris.
Tranquilles spectateurs, intrépides esprits,
De vos frères mourants contemplant les naufrages,
Vous recherchez en paix les causes des orages :
Mais du sort ennemi quand vous sentez les coups,
Devenus plus humains, vous pleurez comme nous.
Croyez-moi, quand la terre entrouvre ses abîmes,
Ma plainte est innocente et mes cris légitimes. [...]
Un jour tout sera bien, voilà notre espérance ;
Tout est bien aujourd'hui, voilà l'illusion.
Les sages me trompaient, et Dieu seul a raison.
Humble dans mes soupirs, soumis dans ma souffrance,
Je ne m'élève point contre la Providence.
Sur un ton moins lugubre on me vit autrefois
Chanter des doux plaisirs les séduisantes lois :
D'autres temps, d'autres moeurs : instruit par la vieillesse,
Des humains égarés partageant la faiblesse,
Dans une épaisse nuit cherchant à m'éclairer,
Je ne sais que souffrir, et non pas murmurer.
Un calife autrefois, à son heure dernière,
Au Dieu qu'il adorait dit pour toute prière :
" Je t'apporte, ô seul roi, seul être illimité,
Tout ce que tu n'as pas dans ton immensité,
Les défauts, les regrets, les maux et l'ignorance. "
Mais il pouvait encore ajouter l'espérance.




De Amerikaans-Poolse schrijver Isaac Bashevis Singer werd geboren op 21 november 1904 als Isaac Hertz Singer in Radzymin, Polen. Zie ook mijn blog van 21 november 2006.

Uit: Satan in Goray

“In the year 1648, the wicked Ukrainian hetman, Bogdan Chmelnicki, and his followers besieged the city of Zamosc but could not take it, because it was strongly fortified; the rebelling haidamak peasants moved on to spread havoc in Tomaszow, Bilgoraj, Krasnik, Turbin, Frampol – and in Goray, too, the town that lay in the midst of the hills at the end of the world. They slaughtered on every hand, flayed men alive, murdered small children, violated women and afterward ripped open their bellies and sewed cats inside. Many fled to Lublin, many underwent baptism or were sold into slavery. Goray, which once had been known for its scholars and men of accomplishment, was completely deserted.… For weeks after the razing of Goray, corpses lay neglected in every street, with no one to bury them. Savage dogs tugged at dismembered limbs.… The handful who survived left the town and wandered away. It seemed as though Goray had been erased forever.” (pages 3-4)

…..

“Now Rechele was alone in the house on the night before Yom Kippur, and only a few hours previously a corpse had been taken away. Rechele wanted to go out into the street and call people to her, but she was afraid to open the door in the dark passageway. She pursed her lips to shout, but the cry would not leave her throat. Terrified, she threw herself on the bench-bed, rolled up into a ball, and covered herself with the comforter. From somewhere a low mutter reached her ears. The sound seemed to come from beneath the earth, and it appeared to Rechele that it was the chanting of Kol Nidre. But then it dawned on her that it was the dead who were chanting, and she knew that whosoever hears the Kol Nidre of the dead would not live out the year.” (page 66)

 

Geschreven door Romenu om 20:30 Reageer op dit bericht

Nadine Gordimer, Selma Lagerlöf

Nadine Gordimer (Springs. 20 november 1923)







De Zuidafrikaanse schrijfster
Nadine Gordimer werd geboren op 20 november 1923 in Springs. Zie ook mijn blog van 20 november 2006.

 


Uit:
The Pickup

 

“For 41 years the boundless opportunities of the gynecologist were there, his harem of beauties passed literally through his hands. That afternoon as every afternoon in consulting hours the anteroom where they waited on his summons was full. His girls. On this day one or two among them were new acquisitions, no doubt brought there by the faith of others in the understanding and healing powers of their ‘Archie’. The newcomers were identifiable because they were busy under instruction from the serene and elegant Farida at Reception, filling in forms with personal details. Farida remembers well—trust her efficiency—the two women, on the kind coming along with a first pregnancy, and the other, age on her form set down as 35, a youthful-looking woman—well-endowed in every sense (Farida’s image of her, later), expensive clothes and rings, breasts soft as marshmallows falling together in the scoop neck of her dress as she leaned to write. Her appointment was early on the list and she did not have to wait long. Farida knows all kinds: this was one of those who feign not to be aware that there is anyone else, any woman other than herself, in the space around that self. She had not brought a book with her, as the intellectuals do, nor did she delve into her handbag or pick up and toss aside one magazine after another, as others do. One of the tense and haughty ones, plenty on their minds.
When shown into the doctor’s room she greeted him as with relief at getting away to find herself with an equal. She sat back confidently in the chair across from his desk furnished with friendly tokens of patients gratitude, malachite paperweight, embossed diary, clutch of gilt and silver pens, miniature calculator, two statuettes, copies of some god and goddess—he was at once interrupted by an urgent phone call, and she picked up one of the sacred objects and turned it, smiling. As he ended the call with a gesture of apology, she replaced the god. –Like the good Doctor Freud you enjoy having ancient art around you.—

—They are nice, aren’t they. The Greek period in Egypt, I’m told.—

—Well, I’m sure they’re a necessary change from the present with the troubles of people like me.—

He recognized then, at once, that she was not a woman who must be approached with small talk. —Now let’s hear what the trouble is.— He was also smiling slightly as he glanced through the form bearing her statistics and medical history.

—I’m in the middle of a divorce—and you know how that is, the lawyer says if I want the settlement I’m entitled to I shouldn’t be found to be having anyone else—if my husband’s lawyers knew there was another man…—

—I understand. Yes, that generally would be the case.—

—And now. I have a problem.—

—There is another man. Yes. That’s also generally the case. You are—let’s see—thirty-five. It is a restless age for women. If only men would understand that, there wouldn’t be so many divorces.—

They both laugh.

—So you’ll know what’s coming next, Doctor. I think I’m pregnant. God knows how it happened, I’m careful. The usual symptom, no period for two months. I thought the first miss was, what does everyone blame everything on, now—stress. I’ve got a new job—credit manager in a multinational company and now there’s this. I’ve done that urine test thing—negative, but I don’t trust it.—

—Any children of your marriage?—

—No. An abortion, five years ago. I’m not the motherly type, that was one of the things—many things—wrong in the marriage.—“

 

 

 

 

 

 

De Zweedse schrijfster Selma Lagerlöf werd geboren op 20 november 1858 in Östra Emterwik in Zweden. Zie ook mijn blog van 20 november 2006.

 

Geschreven door Romenu om 20:24 Reageer op dit bericht

Sharon Olds, Anna Seghers, Alan Tate

Sharon Olds (San Francisco, 19 november 1942)


De Amerikaanse dichteres Sharon Olds werd geboren op 19 november 1942 in San Francisco. Zie ook mijn blog van 19 november 2006.


Sex Without Love


How do they do it, the ones who make love
without love? Beautiful as dancers,
gliding over each other like ice-skaters
over the ice, fingers hooked
inside each other's bodies, faces
red as steak, wine, wet as the
children at birth whose mothers are going to
give them away. How do they come to the
come to the come to the God come to the
still waters, and not love
the one who came there with them, light
rising slowly as steam off their joined
skin? These are the true religious,
the purists, the pros, the ones who will not
accept a false Messiah, love the
priest instead of the God. They do not
mistake the lover for their own pleasure,
they are like great runners: they know they are alone
with the road surface, the cold, the wind,
the fit of their shoes, their over-all cardio-
vascular health--just factors, like the partner
in the bed, and not the truth, which is the
single body alone in the universe
against its own best time.


The Victims

 

When Mother divorced you, we were glad. She took it and
took it in silence, all those years and then
kicked you out, suddenly, and her
kids loved it. Then you were fired, and we
grinned inside, the way people grinned when
Nixon's helicopter lifted off the South
Lawn for the last time. We were tickled
to think of your office taken away,
your secretaries taken away,
your lunches with three double bourbons,
your pencils, your reams of paper. Would they take your
suits back, too, those dark
carcasses hung in your closet, and the black
noses of your shoes with their large pores?
She had taught us to take it, to hate you and take it
until we pricked with her for your
annihilation, Father. Now I
pass the bums in doorways, the white
slugs of their bodies gleaming through slits in their
suits of compressed silt, the stained
flippers of their hands, the underwater
fire of their eyes, ships gone down with the
lanterns lit, and I wonder who took it and
took it from them in silence until they had
given it all away and had nothing
left but this.


Zie voor onderstaande schrijvers ook mijn blog van 19 november 2006.

 

De Duitse schrijfster Anna Seghers werd op 19 november 1900 geboren in Mainz.

 

De Amerikaanse dichter Alan Tate werd geboren op 19 november 1899 in de buurt van Winchester, Kentucky.

Geschreven door Romenu om 20:48 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten