Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
seniorennet.beseniorennet.be

Advent (Karl Gerok), Gerard Reve, Paul Eluard

 

 

 

2685115-08a722b04f6f09cf13bf88375e792ec1.jpg
“Neudorf im Advent (Erzgebirge)” door Dieter Jacob, 2009

 

 

Advent

Offenb. 3, 20.
Siehe, ich stehe vor der Tür und
klopfe an.

Ich klopfe an zum heiligen Advent
Und stehe vor der Tür!
O selig, wer des Hirten Stimme kennt,
Und eilt und öffnet mir.
Ich werde Nachtmahl mit ihm halten,
Ihm Gnade spenden, Licht entfalten,
Der ganze Himmel wird ihm aufgetan,
Ich klopfe an.

Ich klopfe an, da draußen ists so kalt
In dieser Winterszeit;
Von Eise starrt der finstre Tannenwald,
Die Welt ist eingeschneit,
Auch Menschenherzen sind gefroren,
Ich stehe vor der verschlossnen Toren,
Wo ist ein Herz, den Heiland zu empfahn?
Ich klopfe an.

Ich klopfe an, sähst du mir nur einmal
Ins treue Angesicht,
Den Dornenkranz, der Nägel blutig Mahl, —
O du verwärst mich nicht!
Ich trug um dich so heiß Verlangen,
Ich bin so lang dich suchen gangen,
Vom Kreuze her komm ich die blut’ge Bahn:
Ich klopfe an.

Ich klopfe an, der Abend ist so traut,
So stille nah und fern,
Die Erde schläft, vom klaren Himmel schaut
Der lichte Abendstern;
In solchen heilgen Dämmerstunden
Hat manches Herz mich schon gefunden;
O denk, wie Nikodemus einst getan:
Ich klopfe an!

Ich klopfe an und bringe nichts als Heil
Und Segen für und für,
Zachäus ‘ Glück, Marias gutes Teil
Bescheert‘ ich gern auch dir,
Wie ich den Jüngern einst beschieden
In finstrer Nacht den süßen Frieden,
So möchte‘ ich dir mit holdem Gruße nahn;
Ich klopfe an.

Ich klopfe an, bist, Seele du, zu Haus,
Wenn dein Geliebter pocht?
Blüht mir im Krug ein frischer Blumenstrauß,
Brennt deines Glaubens Docht?
Weißt du, wie man den Freund bewirtet?
Bist du geschürzet und gegürtet?
Bist du bereit mich bräutlich zu umsahn?
Ich klopfe an.

Ich klopfe an, klopft dir dein Herze mit
Bei meiner Stimme Ton?
Schreckt dich der treusten Mutterliebe Tritt
Wie fernen Donners Drohn?
O hör‘ auch deines Herzens Pochen,
In deiner Brust hat Gott gesprochen:
Wach‘ auf, der Morgen graut, bald kräht der Hahn,
Ich klopfe an.

Ich klopfe an; spricht nicht: es ist der Wind,
Er rauscht im dürren Laub; —
Dein Heiland ists, dein Herr, dein Gott, mein Kind,
O stelle dich nicht taub;
Jetzt komm‘ ich noch im sanften Sausen,
Doch bald vielleicht im Sturmesbrausen,
O glaub‘, es ist kein eitler Kinderwahn:
Ich klopfe an.

Ich klopfe an, jetzt bin ich noch dein Gast
Und steh vor deiner Tür,
Einst, Seele, wenn du hier kein Haus mehr hast,
Dann klopfest du bei mir;
Wer hier getan nach meinem Worte,
Denn öffn‘ ich dort die Friedenspforte,
Wer mich verstieß, dem wird nicht aufgetan;
Ich klopfe an.

 

2685115-800905c0da4f1e38a467533d2849dd74.jpg
Karl Gerok (30 januari 1815 – 14 januari 1890)
Advent in Vaihingen an der Enz, de geboorteplaats van Karl Gerok

 

 

De Nederlandse dichter en schrijver Gerard Reve werd op 14 december 1923 in Amsterdam geboren. Zie ook alle tags voor Gerard Reve op dit blog.

Uit: Brief uit Berlijn

“Berlijn-Zehlendorf, Paaszondag 1962. Naarmate de trein de grens van Oost-Duitsland – waar men, zoals bekend, doorheen moet reizen om West-Berlijn te bereiken – nadert, groeit er, met mijn nieuwsgierigheid over wat ik te zien zal krijgen, ook een zonderlinge hoop: de hoop, dat alles zich veel betrekkelijker en veel minder ernstig zal laten aanzien, en dat de voorstelling die ik uit de berichtgeving van vele jaren heb opgebouwd, veel meer een projektie van mijn eigen, dikwijls zeer absoluut gestelde problematiek zal blijken te zijn, dan een met de werkelijkheid vergelijkbaar beeld.
Men kent de voorstelling van de Duitse Bondsrepubliek zoals die wordt gekoesterd door de mensen voor wie de in de bezetting ondergane verschrikking een levenvullende tijdloosheid heeft gekregen; een voorstelling waaraan ook, vooral uit gemakzucht, wordt vastgehouden door mensen die politiek nooit volwassen willen worden; een voorstelling die haar voortbestaan in veel grotere mate aan de communistiese propaganda dankt dan men in het algemeen wel vermoedt. Volgens deze voorstelling is de Westduitse democratie een schijndemocratie, waarin de nazi’s en het grootkapitaal bezig zijn een nieuwe autoritaire Duitse staat naar een nieuwe veroveringsoorlog te voeren. De kracht van deze voorstelling berust in niet geringe mate op het ontbreken van een redelijke hoeveelheid feitelijk bewijsmateriaal: materiaal dat er niet is, kan men immers niet aanvechten. In werkelijkheid wordt slechts een handvol voorvallen gebruikt om de al van te voren axiomaties aangenomen agressiviteit van West-Duitsland te illustreren. Feiten zoals de nog nooit in de Duitse geschiedenis vertoonde impopulariteit van de Westduitse dienstplicht – waarvoor iedereen zich probeert te drukken – en de verbijsterend geringe percentages stemmen, die neo-, semi-nazistiese of andere ultra-rechtse groeperingen, voordat ze bij de wet werden verboden, bij verkiezingen behaalden zelfs in die deelstaten, die indertijd de typiese voedingsbodem waren van het nationaal-socialisme – die feiten zeggen de politieke dommelaar niets. Voor het handhaven van zijn op onvruchtbare moffenhaat steunende visie heeft hij slechts een paar berichten per jaar over geschonden Joodse begraafplaatsen, op muren geschilderde hakenkruisen of over de ontmaskering van een op een verantwoordelijke post gekomen oorlogsmisdadiger nodig.”

 

2685115-d32b0e3d65d0bdf448ce10c766a084d0.jpg
Gerard Reve (14 december 1923 – 8 april 2006)
Reve met Woelrat en kat op schoot

 

 

De Franse dichter en schrijver Paul Eluard werd geboren op 14 december 1895 in Saint Denis. Zie ook alle tags voor Paul Eluard op dit blog.

 

Ik houd van je

Ik houd van je om alle vrouwen
Die ik niet heb gekend
Ik houd van je om alle tijden
Dat ik niet heb geleefd
Om de geur van het ruime sop
En de geur van warm brood
Om de sneeuw die smelt
Om de eerste bloemen
Om de zuivere dieren
Die de mens niet verschrikt
Ik houd van je om lief te hebben
Ik houd van je om alle vrouwen
Die ik niet liefheb

Wie anders spiegelt mij dan jij zelf
Ik zie ik mij amper
Zonder jou zie ik enkel
Een verlaten vlakte
Tussen vroeger en vandaag
Waren al die doden
Waar ik doorheen
Loop op stro
Ik kon geen gat boren
In de muur van mijn spiegel
Ik moest het leven leren
Woord voor woord
Zoals men vergeet

Ik houd van je om jouw wijsheid
Die niet van mij is
Om de gezondheid houd ik
Van je ondanks alles dat enkel illusie is
Om het onsterfelijke hart
Dat ik niet beheer
Je meent twijfel te zijn
En je bent slechts rede
Je bent de grote zon
Die mij naar het hoofd stijgt
Als ik zeker ben van mezelf
Als ik zeker ben van mezelf.

 

 

Vertaald door Theo Festen

 

 

2685115-a910501c4be82e9c06132ff42a417c8b.jpg
Paul Eluard (14 december 1895 – 18 november 1952)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 14e december ook mijn blog van 14 december 2021 en ook mijn blog van 14 december 2018 en ook mijn blog van 14 december 2014 deel 2 en eveneens deel 3.




Geschreven door Romenu om 17:55 Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht

Reageer op dit bericht

Een titel of je eigen website toevoegen

De blogger leest alles eerst na: je tekst verschijnt zodra die goedgekeurd is.

José Eduardo Agualusa, Heinrich Heine, Olaf Lüken

De Angolese schrijver José Eduardo Agualusa werd op 13 december 1960 in Huambo geboren. Zie ook alle tags voor José Eduardo Agualusa op dit blog.

Uit: Regentijd (Vertaald door Harrie Lemmens)

“Die nacht droomde Lídia over de zee. Een diepe, doorzichtige zee vol trage wezens die gemaakt leken van hetzelfde weemoedige licht als je hebt in de schemering. Lídia wist niet waar ze was, maar ze wist wel dat die wezens kwallen waren. Terwijl ze wakker werd zag ze ze nog door de muren van haar kamer heen glippen, en toen moest ze denken aan haar oma, dona Josephine do Carmo Ferreira, alias nga[1] Fina Diá Makulussu, beroemd droomduidster. Volgens de oude vrouw stond dromen over de zee gelijk aan dromen over de dood.
Het eerste wat ze zag toen ze haar ogen opende was de tijd op de grote wandklok: twintig over twaalf. Angola was dus al twintig minuten onafhankelijk, dacht ze, en ze verbaasde zich over het feit dat ze in dat bed lag, in het oude huis in Ingombotas[2]. Wat deed ze hier, in het centrum van Luanda, wat deed ze in dit land? Een zinloze vraag die haar dag in dag uit kwelde.
Maar op dat moment had de vraag wat ze daar deed een andere betekenis.
Haar hoofd was helder en ze voelde niets, noch de verbittering van een verliezer, noch de euforie van een overwinnaar (die nacht was ze het allebei). Het is de nacht van de sprinkhaan, dacht ze, en ze zag zichzelf als pasgeboren baby met een grote bidsprinkhaan op haar borst.
Toen ze klein was, had de oude Jacinto haar dat verteld: ‘Vlak na je geboorte zag je moeder toen ze naar je keek een enorme bidsprinkhaan op je borst zitten.’ Lang daarna herinnerde oma Fina haar aan het voorval en zei: ‘Het leven zal jou verslinden.’
Oma Fina was die maand honderdvijf geworden, maar ze was nog even fris en fit als altijd. Lídia geloofde alles wat ze zei, ook haar voorspellingen. Heel even dacht ze erover haar te wekken en haar droom te vertellen, maar ze deed het niet, had er de kracht niet voor. Ze ademde diep de met kikombo-parfum[3] doordrenkte lucht in en voelde zich lichter. Een ver en vet rumoer drong haar oren binnen; ze kon de geluiden niet van elkaar onderscheiden maar wist dat het ging om geweerschoten, ontploffingen en kreten van pijn, woede en euforie. Eén en al razernij, maar er moest ook liefdesgekreun tussen zitten, geblaf van honden en het bonzen van harten. Lídia dacht aan Viriato da Cruz, dacht aan de dood, dacht aan het leven, dat buiten de dichte ramen van haar slaapkamer doorging. Ze ging rechtop zitten, stak haar hand uit naar het nachtkastje en pakte een langwerpig zwart notitieboekje, zo een waarin kruideniers met potlood hun dagomzet noteren.”

 2684976-715e480d8b8ff217e342f993e1accdf5.jpg
José Eduardo Agualusa (Huambo, 13 december 1960)

 

 

De Duitse dichter Heinrich Heine werd geboren in Düsseldorf op 13 december 1797. Zie ook alle tags voor Heinrich Heine op dit blog.

 

 

Verwording

Krijgt de natuur, steeds dieper zinkend,
Al fouten met de mens gemeen?
Mij dunkt – de planten en de dieren
Die liegen nu als iedereen.

‘k Geloof niet aan de kuise lelie,
Zij houdt het met de bonte zot
Die vlinder heet; dat zoent en fladdert
Nog met haar onschuld heen tot slot.

’t Viooltje lijkt dan wel bescheiden,
Maar ‘k moet nog zien. De kleine bloem
Lokt aan met haar koket aroma,
Maar in ’t geniep dorst zij naar roem.

Doorvoelt de nachtegaal zijn zingen? –
Daar ga ik ook al niet in mee;
Hij slooft zich uit, snikt en slaakt trillers –
Lijkt mij – als pure routinier.

 

 

Vertaald door Marko Fondse en Peter Verstegen

 

 2684976-892a0388212530aad2d6ddeb051e0104.jpg
Heinrich Heine (13 december 1797- 17 februari 1856)
Heinrich Heine monument in Düsseldorf

 

 

De Duitse dichter en schrijver Olaf Lüken werd geboren op 13 december 1952 in Herne (Westfalen). Zie ook alle tags voor Olaf Lüken op dit blog. 

 

Advent – die Ankunft

Am Fenster glitzern Eiskristalle.
Es ruht das Wirtschaftswunderland.
In weißen Dörfern, grauen Städten,
blicken wir Menschen – wie gebannt.

Nicht Elend, sondern Herzenswärme
und jede Menge Zuversicht.
Vorfreude steckt wohl in uns allen,
weil Jesu Wiederkunft anbricht.

Heute, eine kurze Zeit vorher,
geben wir uns Tagträumen hin.
Zwischen all dem, was ist dort draußen,
steckt auch in uns ein tiefer Sinn.

 

 2684976-503cfd0d8133b712a745b59e60c58aba.jpg
Olaf Lüken (Herne, 13 december 1952)
Herne in de Adventstijd

 

 

Zie voor nog meer de schrijvers van de 13e december ook mijn blog van 13 december 2021 en ook mijn blog van 13 december 2018 en ook mijn blog van 13 december 2015 deel 1 en eveneens deel 2.

—————————————————

[1] Nga: afkorting van nganga, ‘mevrouw’.
[2] Ingombotas: wijk in Luanda.
[3] Kikombo: hout waarvan bedden werden gemaakt omdat men geloofde dat de sterke geur ervan wantsen weghield.
[4] 11 november 1975: dag waarop de Angolese onafhankelijkheid werd uitgeroepen. 



Geschreven door Romenu om 16:33 Reageer op dit bericht

Susanna Tamaro, Helen Dunmore, Kader Abdolah

De Italiaanse schrijfster Susanna Tamaro werd geboren in Triëst op 12 december 1957. Zie ook alle tags voor Susanna Tamaro op dit blog.

Uit: Voor altijd (Vertaald door Philip Supèr)

“Er is zoveel over mezelf dat ik je nooit heb verteld. We waren nog zo jong, zo vol van enthousiasme voor de tijd waarin we leefden. Er was het heden – de tijd van onze liefde – en de toekomst, de tijd die we in de komende jaren met z’n tweeën zelf vorm zouden geven: werk, een huis, kinderen.
We waren vast van plan de wereld beter achter te laten dan we hem aangetroffen hadden. Alles wat achter ons lag was van geen enkel belang, we waren ervan overtuigd dat onze hartstocht en liefde elk obstakel zouden overwinnen.
Jij vergeleek ons leven altijd met water dat stroomt. ‘Nu zijn we een bergbeek,’ zei je dan, ‘onstuimig schieten we vooruit, springen we over steenmassa’s heen, vormen we watervallen; ons kolkende geraas vult de hele omgeving, van de bergtop tot het dal. Maar op een dag worden we rivieren in vlak land – bedaard, gezwollen, lui – en verstommen we, dan hoor je alleen nog het gefluit van de wind die door de wilgen strijkt.’
‘Is dat saai?’
‘Nee, dat is de natuur.’
’s Nachts in bed, starend naar het plafond, speelden we vaak ‘Welke-rivier-wil-je-zijn?’
‘Wil jij de Dora Baltea zijn?’ vroeg ik aan je. Waarop jij in de dekens begon te trappelen en riep: ‘Nee! Niet de Dora Baltea!’ Die vond je te klein, te bescheiden en daarbij stond het idee je tegen uit te komen in de Po. ‘Ik wil geen zijrivier zijn,’ zei je. ‘Ik wil een rivier zijn die direct in zee uitstroomt.’
Jouw ideaal was de Amazone, Uren kon je me vertellen over de schitterende fauna die je waarnam op je tocht: vlinders, papegaaien en roze dolfijnen, die tegen je stroom in zwommen.”

 

2684856-f5330f9341948b1c88f9f2725e8c0b48.jpg
Susanna Tamaro (Triëst, 12 december 1957)

 

 

De Britse dichteres en schrijfster Helen Dunmore werd geboren op 12 december 1952 in Beverley, Yorkshire. Zie ook alle tags voor Helen Dunmore op dit blog.

 

Wat een flauwekul

Waarom zei je dat ze stil moesten zijn
en rechtop moesten zitten tot je terugkwam?
Die flauwekul zou je naar ze toe hebben geleid.

Je loopt van de ene geparkeerde auto naar de andere
en tuurt door de beslagen ramen
voordat je het kenteken controleert.

Je zakken puilen uit. Je hebt snoep voor ze gekocht
maar de condens zit aan de binnenkant van de ramen.
Hoeveel kinderen ademen er?

Die flauwekul is over achter in de auto.
Buiten de ramen is de dag voorbij.
Er is geen straatlantaarn aangegaan.

Je hebt ze kokkels in azijn gevoerd,
je hebt ze op de speelautomaten gezet.
Je keek maar één keer weg.

Je keek maar één keer weg
terwijl je tegen de toonbank van de snackbar leunde,
en veertig jaar waren voorbij.

Je hebt ze telkens weer gezegd:
Hou op met die flauwekul daar achterin!
En nu hebben ze het gedaan.
Is dat mist, of water met adem erin?

 

Vertaald door Frans Roumen

 

 

2684856-97751decdf996aa9f9b30a6a2690920b.jpg
Helen Dunmore (12 december 1952 – 5 juni 2017)

 

 

Rectificatie

De Iraans – Nederlandse schrijver Kader Abdolah (pseudoniem van Hossein Sadjadi Ghaemmaghami Farahani) werd geboren in Arak op 12 november (niet 12 december) 1954. Zie ook alle tags voor Kader Abdolah op dit blog.

Uit: Ze vliegen nog altijd over de Schie

“Ernesto was niet de echte naam van Ernesto.
Een tijdlang wist hij niet waarom hij zo genoemd werd, of hoe het zover gekomen was dat hij uiteindelijk Ernesto werd.
Misschien had iemand hem, voorafgaand aan zijn verleden, met deze naam geroepen, en was hij sindsdien Ernesto geworden.
Hij wist ook niet waar hij vandaan kwam.
Naast Arabisch sprak hij Spaans, maar hij was geen Spanjaard, en ook geen Zuid-Amerikaan. Zijn voorkomen deed eerder vermoeden dat hij tot een van de oude culturen uit Syrië, Libanon, Palestina of waar dan ook behoorde.
Ernesto wist lange tijd niet dat hij een groot deel van zijn herinneringen was kwijtgeraakt door een klap, veroorzaakt door het instorten van het plafond van de kamer waarin hij sliep.
Pas later, toen hij na veel ronddwalingen uiteindelijk in Nederland was terechtgekomen, kreeg hij stapsgewijs stukjes van zijn achtergrond terug in zijn dromen en nachtmerries.
Maar wat er ook met hem gebeurd was: die klap was net voor zijn vijfendertigste geweest, als zijn berekeningen klopten, tenminste.
Ernesto kende zichzelf dus goed sinds zijn vijfendertigste, vanaf het moment dat hij Ernesto was geworden. Later zou hij zich duidelijk dat moment van zijn bewustwording herinneren: hij stond op het oude, drukke plein van de bazaar in Caïro, precies als iemand die zojuist uit een diepe slaap ontwaakt was en zich ineens op een plein bevond waar hij nooit eerder was geweest.
Daarna liep hij maar gewoon met de mensenmassa mee de historische Khan El-Khalili-bazaar binnen.
Die bazaar of soek was een van de oudste, meest levendige en kleurrijke bazaars in de Arabische wereld, en is dat nog steeds.
Vanaf dat moment begon het leven van Ernesto, of anders gezegd: hij begon met een nieuw leven.”

 

2684856-65a56af8b8458a6148dda79a6cbc4356.jpg
Kader Abdolah (Arak, 12 november 1954)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 12e december ook mijn blog van 12 december 2021 en ook mijn blog van 12 december 2020 en eveneens mijn blog van 12 december 2018 en ook mijn blog van 12 december 2015 deel 2 en eveneens deel 3.



Geschreven door Romenu om 16:38 Reageer op dit bericht

Marie Kessels, Christoph W. Bauer

De Nederlandse schrijfster Marie Kessels werd geboren in Nederweert op 11 december 1954. Zie ook alle tags voor Marie Kessels op dit blog.

Uit: Het gezicht

“Als je de hele dag een man zou horen huilen en je vond hem niet in huis of op straat en hij ging gewoon verder met huilen, ’s nachts en de volgende dag, weken achter elkaar, onstuitbaar, hoe zou je dan veranderen?
Als hij op dezelfde manier onstuitbaar zou lachen zou je zeker krankzinnig worden en hulp nodig hebben, al klonk dat lachen vrolijk en niet spottend of hatelijk.
Maar tegen zijn huilen zet je je eerder schrap, na een tijdje ‘geloof je het wel’, je leeft door alsof je het niet hoort. Zijn snikken werkt niet minder direct op de zenuwen dan dat gelach zonder reden, op een schaal van een tot tien geef je een negen aan het lachen en een twee aan het huilen als het om indringendheid gaat. Op den duur is het bladergeritsel huilen, je hoort het pas goed op het ogenblik dat het wegsterft en de plotselinge stilte je korzelig maakt.
De korven voor het mensenvervoer beginnen zo erg te slingeren in het harde licht van de middagzon dat we vlug uit onze wagens stappen om ons te verkneukelen.
Van een andere vrouw houden zonder door te stoten naar de plaats, het brandende centrum waar haar scheppende kracht aan het werk is, zonder dat brandende centrum te kunnen vinden, is een hopeloze aangelegenheid waardoor je heftig naar de dood gaat verlangen (net of je steentje voor steentje wordt afgebroken als een wrakke kathedraal).
Tot het laatst toe bewaarde de man die door het vuurpeleton zou worden gedood de ironische houding waarmee hij als televisiepresentator bekend is geworden. Ook zijn executie nam hij niet serieus, hij praatte badinerend tegen zijn publiek (dat er niet was, behalve het vuurpeloton), maakte wegwerpende gebaren, vulde de ruimte met het het spottende stemgeluid van de teleurgestelde en vermoeide oudere man, zijn glansrol: een bologige, kwakende heer zonder illusies, de draak
stekend met alles waar zijn vinger naar wees, waar zijn blik even langs streek. Zo nam hij de openbare ruimte (onafzienbaar en leeg) nog één keer in bezit, clownesk en droevig maar niet droeviger dan anders, niet droevig om zijn dood; misschien had hij te weinig verbeeldingskracht voor een voorstelling van zijn dood. Is het mogelijk dat mensen onder zulke omstandigheden niet zweten? Iedereen heeft wel eens de gewaarwording van gummi te zijn, onverwoestbaar en ook onecht, bijvoorbeeld op het ogenblik dat er op de snelweg een auto op hem af stormt. Die auto kan hem toch niets doen! De televisiepresentator had zo’n gummi-gedachte niet nodig tegen de schrik, de ironicus rekent al blindelings op de overmacht van de onwerkelijkheid. Nee, hij zweette niet en zijn zware oogleden bewogen heel snel op en neer om zijn publiek naar zich toe te zuigen, het in te palmen, op zijn hand te krijgen, aan het lachen te maken. Alles als vanouds.”

 

2684674-f772adfbe36d72598911af280a6e4de6.jpg

Marie Kessels (Nederweert, 11 december 1954)

 

 

De Oostenrijkse dichter, schrijver en vertaler Christoph W. Bauer werd geboren in Kolbnitz op 11 december 1968. Zie ook mijn blog van 26 september 2010 en ook alle tags voor Christoph W. Bauer op dit blog.

 

lawaai is een begin, geluk een simpel akkoord
achter de ogen rollen bassen dreunen
over ons heen, jaren lang heb ik gerend naar
dit concert, jij kwam uit dezelfde
richting, en de rest kan ik me voorstellen.

zeg je zo zachtjes dat ik het nauwelijks versta en
misschien alleen maar wil aannemen omdat jouw
handen de reizen aan die van mij aflezen alsof
het hun eigen reizen zijn, en de hemel rockt
en brult en blijft in alles een punk die

zijn hanenkam in regenboogkleuren
schildert, metaforisch gesproken dansen we op een
dun koord horen de surfers lasteren
geen cent waard is ons hun geblaat vivamus
atque amemus, Campino krakeelt wat telt.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

2684674-e673ac0d03f63dd643794e64a65a5c23.jpg

Christoph W. Bauer (Kolbnitz, 11 december 1968)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 11e december ook mijn blog van 11 december 2018 en eveneens mijn blog van 11 december 2016 deel 2 en eveneens deel 3.



Geschreven door Romenu om 16:52 Reageer op dit bericht

Karl Heinrich Waggerl, Emily Dickinson

De Oostenrijkse schrijver Karl Heinrich Waggerl werd geboren op 10 december 1897 in Bad Gastein. Zie ook alle tags voor Karl Heinrich Waggerl op dit blog.

Wie Ochs und Esel an die Krippe kamen

Als Josef mit Maria auf dem Weg nach Betlehem war, rief ein Engel die Tiere heimlich zusammen, um einige auszuwählen, der Heiligen Familie im Stalle zu helfen. Als erster meldete sich natürlich der Löwe: »Nur ein König ist würdig, dem Herrn der Welt zu dienen“, brüllte er, „ich werde jeden zerreißen, der dem Kind zu nahe kommt!“ “Du bist mir zu grimmig“, sagte der Engel. Darauf schlich sich der Fuchs näher. Mit unschuldiger Miene meinte er: „Ich werde sie gut versorgen. Für das Gotteskind besorge ich den süßesten Honig, und für die Wöchnerin stehle ich jeden Morgen ein Huhn!“ „Du bist mir zu verschlagen“, sagte der Engel. Da stelzte der Pfau heran. Rauschend entfaltete er sein Rad und glänzte in seinem Gefieder. „Ich will den armseligen Schafstall köstlicher schmücken als Salomon seinen Tempel!.“ „Du bist mir zu eitel“, sagte der Engel. Es kamen noch viele und priesen ihre Künste an. Vergeblich. Zuletzt blickte der strenge Engel noch einmal suchend um sich und sah Ochs und Esel draußen auf dem Felde dem Bauern dienen. Der Engel rief auch sie heran, »Was habt ihr anzubieten?“. »Nichts“, sagte der Esel und klappte traurig die Ohren herunter, „wir haben nichts gelernt außer Demut und Geduld. Denn alles andere hat uns immer noch mehr Prügel eingebracht!“. Und der Ochse warf schüchtern ein: „Aber vielleicht könnten wir dann und wann mit unseren Schwänzen die Fliegen verscheuchen!“ Da sagte der Engel: »Ihr seid die richtigen!“

 

2684528-13786b4e23df017f475ed56110e99872.jpg
Karl Heinrich Waggerl (10 december 1897 – 4 november 1973)

 

 

 

De Amerikaanse dichteres Emily Dickinson werd geboren op 10 december 1830 in Amherst, Massachusetts. Zie ook alle tags voor Emily Dickinson op dit blog.

 

 

The Soul Selects her own Society

De ziel verkiest haar eigen maatschappij,
trekt dan een lijn;
dring u niet op aan zulk een goddelijk
getweeën zijn.

Onaangedaan hoort zij hoe ’t rijtuig stopt
bij haar bescheiden poort;
een keizer knielend op haar mat
wordt nauw’lijks aangehoord.

Ik weet het: uit een wereldmacht
koos zij slechts één;
toen sloot zij heel haar aandacht af
als steen.

 

 

Vertaald door Jan Eijkelboom

 

 

2684528-f20f87d784133ec334af8224b949a68a.jpg

Emily Dickinson (10 december 1830 – 15 mei 1886)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 10e december ook mijn blog van 10 december 2022 en ook mijn blog van 10 december 2018 en ook mijn blog van 10 december 2017 deel 3.

Geschreven door Romenu om 16:50 Reageer op dit bericht

Thomas Verbogt, Eileen Myles

De Nederlandse schrijver Thomas Verbogt werd op 9 december 1952 geboren in Nijmegen. Zie ook alle tags voor Thomas Verbogt op dit blog.

Uit: Schrijven is ritme (De meisjes hadden wél gelijk)

“Het moment waarop ik voor het eerst een literaire tekst hoorde, herinner ik me niet. Toch was dat moment er. Mijn moeder zong een liedje dat ik later, na dat moment van heel vroeg in mijn leven, opnieuw hoorde, hoeveel later weet ik niet precies, maar wel dat het een vage herkenning opriep, ik hoorde het bewust of in ieder geval bewuster dan toen, het liedje ‘Slaap kindje slaap’. Mijn moeder zong het met zachte stem, een paar keer achter elkaar, het woord ‘kindje’ verving ze de tweede keer dat ze het zong door mijn naam. Het liedje maakte me niet alleen slaperig, het stelde me ook gerust, terwijl het nauwelijks iets in me opriep wat ik wilde begrijpen (als ik dat toen al wilde), want hoe simpel de tekst ook is, ik geloof niet dat ik begreep wat ‘zo zoetjes’ was, want het woord ‘zoet’ had ik niet gehoord. Mijn ouders gebruikten het niet ter vervanging van ‘gehoorzaam’ of ‘braaf, ze noemden mij nooit ‘een zoete jongen’, wat ik achteraf niet betreur. Het liedje kende ik wel vrij snel uit mijn hoofd, althans ik wist wat er komen ging als mijn moeder had gezongen ‘Daar buiten loopt een schaap’, hoewel wat er volgde niet rijmde op ‘slaap’: ‘Een schaap met witte voetjes’. Niet alleen mijn geheugen hielp me, ook het ritme van het liedje, weliswaar een kalm ritme, maar wel degelijk aanwezig. Behalve dat ik woorden leerde om te communiceren, leerde ik meer liedjes van mijn moeder, liedjes die ik onthield zonder dat de tekst glashelder was. Hoe het met de kinderliedjes van nu zit weet ik niet, maar in die jaren was er soms geen touw aan vast te knopen. Op de kleuterschool, waar ik hoopte te leren schrijven, wat niet het geval bleek, zongen we liedjes — tot mijn spijt toen was dat belangrijker dan schrijven —, liedjes als:

Daar kwam ene boer uit Zwitserland
Kadee, kadulleke, kada
En die had enen ezel aan zijn hand
Laberdi laberda laberdonia
Een die had enen ezel aan zijn hand
Cecilia!

Volgens mij was het een lied waaraan geen einde kwam. Waar die boer vandaan kwam, snapte ik. Ook hoe hij erbij liep, met een ezel immers. De woorden die ik niet kende en niet begreep, vond ik rare, een beetje beschamende woorden. Toch leerde ik het met betrekkelijk weinig moeite vanbuiten.”

 

2684388-fbe709377b3a5dde2bd85ef6b1c4f8a3.jpg
Thomas Verbogt (Nijmegen, 9 december 1952)

 

De Amerikaanse dichteres en schrijfster Eileen Myles werd geboren in Boston, Massachusetts, op 9 december 1949. Zie ook alle tags voor Eileen Myles op dit blog.

 

 

Het verdriet van het vertrek

Alles is
zo ver weg—
mijn jas is
daar. Ik ben doodsbang
om te gaan en dat jij
me niet zult missen
Ik ben doodsbang voor het
heldere blauw van
de metro
op andere dagen ben ik

zo blij en
bereid om te geloven
dat iedereen die
door de straat loopt
iemand is die ik ken.
De ouderdom van Macy’s
maakt indruk op me. De
houten roltrappen
als je
verder boven bij de meubels komt,
krediet, lampenkappen—
Je hebt hier gewinkeld
als kind. Oh,
je verdient me! In
een film genaamd
Close Up—af en toe
de kronkelende

stangen, let op
de kronkelende blauwe
stangen van
metro-ingangen,
de korrelige schoonheid,
de vlek. Ik zal vandaag geen
zelfmoord plegen. Het is
te mooi. Mijn hart
breekt op de 23e
straat. Om dit
met jullie te delen, de
zoetheid van het
frame. Mijn lichaam
in perfecte vorm
voor niets anders dan
de dood. Ik wil
je dit laten zien.
Op het San Marcoplein
schreeuwt een gek:
mijn voetstappen, de
trommelslagen van Armageddon.

O ja, breng me
dichter bij U, Heer.
Ik wil sterven
Van Dichtbij. Een handvol
stuiterende gele
tulpen voor David. Ik
geef toe dat ik van tulpen houd
omdat ze
zo mooi sterven.
Ik
zie verlossing in
hun hangende hoofdjes.
Een prachtige uitgang. Hoe
komen ze ertoe
zich zo vrij te voelen? Ik ben
gevangen door liefde—
boven frietjes
dwalen mijn ogen af naar
De Hue Bar. Een blauw
bord. Door het
leven. Op weg om
een punt te maken,
om logica te vinden, om niet
verliefd te worden van-
nacht en
mijn pijn onverpakt
te laten – om
de machine te duwen – Paul
houdt contact, maar
oh, herinner je Jessica nog
Lange, ze zag er zo
mooi uit
helemaal
onder invloed, op weg
om King

Kong te ontmoeten. Ik zit
op mijn kleine rode
bank in februari
hoe krijgen ze het voor elkaar
om zich zo vrij te voelen
1.000.000 vrouwen
niet ik die door
de straat bewegen vanavond
van deze vage
stad & ik
kroon mezelf
keer op keer
en er
kunnen geen
twee koningen zijn.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

 

2684388-f53a5c7af6da077aeb472bc40ca804ca.jpg
Eileen Myles (Boston, 9 december 1949)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 9e december ook mijn blog van 9 december 2018 deel 2 en eveneens deel 3.

Geschreven door Romenu om 16:33 Reageer op dit bericht

Jamal Ouariachi, Delmore Schwartz

De Nederlandse schrijver Jamal Ouariachi werd geboren in Amsterdam op 8 december 1978. Zie ook alle tags voor Jamal Ouariachi op dit blog.

Uit: De mogelijkheden van het onmogelijke

“Geen voorzichtige inleiding. Mijn deurmat is niet gemaakt van kokoshaar maar van de afgestroopte stekelhuid van een egel. Er staat niet ‘Welkom’ op gedrukt, maar ‘Nietzsche’.
Laat ik beginnen met een citaat uit diens De geboorte van de tragedie:
‘Er is een oude sage die zegt dat koning Midas lange tijd in het bos jacht maakte op de wijze Silenus, de metgezel van Dionysus, zonder hem te pakken te krijgen. Als hij hem ten slotte toch in handen valt, vraagt de koning wat het allerbeste en allervoortreffelijkste is voor de mens. De demon hult zich in een koppig en onverstoorbaar stilzwijgen totdat hij, door de koning gedwongen, ten slotte in lachen uitbarst en de volgende woorden spreekt: “Jullie, beklagenswaardig eendagsgeslacht, kinderen van toeval en kommer, waarom dwing je me te zeggen wat je veel beter niet kunt horen? Het allerbeste is voor jou totaal onbereikbaar, namelijk niet geboren te zijn, niet te zijn, niets te zijn. Het op één na beste echter is – zo spoedig mogelijk te sterven.”’
Puur sadisme, dat lachen van die oude sater Silenus, want zelfs het op één na beste is voor de meeste mensen geen optie. Al hangt hun leven van ellende aaneen, er een einde aan maken zien ze niet zitten. Doodsangst steekt daar een stokje voor.
Lijdzaam afwachten, meer kunnen we niet doen.
Er lopen allerlei draden van deze passage bij Nietzsche naar het werk van A.F.Th. van der Heijden. Meteen al in zijn debuut, het onder de naam Patrizio Canaponi gepubliceerde Een gondel in de Herengracht, is het Silenus-verhaal onderwerp van gesprek tussen Bruno Tirlantino en diens minnaar Simon Fringle. In de romancyclus De tandeloze tijd klinken de woorden van Silenus menigmaal, bijna als een refrein. De tekst van Nietzsche fungeert zelfs als motto bij het hoofdstuk ‘Het antwoord aan koning Midas’ in de roman Vallende ouders (De tandeloze tijd 1).
Het allerbeste is onbereikbaar, het op één na beste onwenselijk. Van der Heijdens hele oeuvre, zo schijnt het mij toe, is doordrenkt van de vraag wat dan wél een wenselijke manier is om het leven te kunnen verdragen. En in zijn zoektocht naar antwoorden op die vraag lijkt hij geïnspireerd door de onmogelijkheid van wat Silenus het allervoortreffelijkste noemt. Het onmogelijke: daarin moeten de antwoorden gezocht worden.
Leven in de breedte
In De tandeloze tijd heeft het personage Albert Egberts zo’n mogelijk-onmogelijk antwoord bedacht. Op verleidelijke wijze legt hij het voor aan zijn vriend Thjum Schwantje: ‘Er is een manier, Thjum, een truc om tijd te winnen… oneindig veel tijd te winnen en te ontginnen. Tijd die niet aan je vreet… die je niet ouder maakt. Integendeel! Het is een tijd die je het eeuwige leven kan geven… of bijna in ieder geval.’
Wie wil dat niet, een trucje leren om een bijna eeuwig leven te verkrijgen? Mijn aandacht heeft hij in ieder geval, die Egberts. Hij gaat verder: ‘Aangezien het leven zich nietsontziend in de lengte ontrolt, moet je proberen het zo breed mogelijk te maken… moet je proberen het in de breedte te laten uitdijen…”

 

2684256-463962cf33ac8e6868936fb73fa6f3f5.png

Jamal Ouariachi (Amsterdam, 8 december 1978)

 

 

De Amerikaanse dichter en schrijver Delmore Schwartz werd geboren op 8 december 1913 in New York. Zie ook alle tags voor Delmore Schwarz op dit blog.

 

 

Betreffende de synthetische eenheid van het zelfbewustzijn

‘Quatsch, quatsch!’ zei de koning mijn oom,
‘de geest is rook en stijgt op, zwak als rook.
Zit niet tussen de doden, zit in de zon.
Eet sinaasappels! Kul! De wagen komt.

Alle geesten keerden terug. Het bevalt ze daar niet meer.
Geen zijdezacht water en geen grote bruine beer,

geen bier daarboven, geen siësta’s en ook al geen –’
‘Oom,’ zei ik, ‘wat is liefde? Ik ben zo alleen.’

Gek werd hij daarvan. Nu knoopt hij tijd
en zelfbewustzijn draad na draad aaneen.

•••

Zulke antwoorden zijn een schrale troost voor de doden
‘Wat een holle retoriek,’ zei de stilte,
‘jij leert de jongens en meisjes dat brood en wijn,
waarop hun wellust spuugt als op de macht,
binnen handbereik zijn.
Het zijn waanbeelden van je schuldgevoel
dat je tot schande strekt als een leugen die uitkomt.
De andere jongens ploften als zoutzakken op wanhopige kusten.’

‘Maar je weet toch wat voor leven ik heb geleid,
dat werkelijk alles wat ik ben geweest me afsnijdt
van normale burgermansgenoegens.
Hoe vaak ben ik niet ’s nachts langs een feest gekomen
waar goedkope minachting getoeterd werd
en klokslag twaalf de gulle lach losbarstte,
het feest waar ze het nieuwe jaar ontkurkten
als champagne of als liefde, met een knal en schuim,
terwijl ik langdurig studeerde op de kunst
waarmee je in Amerika een muur van stilte verdient.
– Ik ben een onderzoeker van de typen licht,
ik ben een dichter van de waakzame nacht,
in het nieuwe en nog ongekende Amerika.
Ik ben een onderzoeker van de gedurige nederlaag van de liefde.
Ik schonk de jongens en meisjes mijn geest en mijn kunst,
ik leerde hun over het vroege morgenlicht:
kan ik dat niet aanvoeren als enigszins goed?’

 

Vertaald door Frans Roumen

 

 

2684256-1c232276d32298b68301de0c1db18e80.png

Delmore Schwartz (8 december 1913 – 11 juli 1966)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 8e december ook mijn blog van 8 december 2023 en ook mijn blog van 8 december 2020 en eveneens mijn blog van 8 december 2018 deel 1 en eveneens deel 2.

Geschreven door Romenu om 16:49 Reageer op dit bericht

Der Täufer (Christian Morgenstern), Tatamkhulu Afrika

 

 

 

2684090-ca434aa8c98b36d72f5ba1fec7bfa0cd.jpg
St. Johannes de Doper als jongen door Andrea del Sarto, ca. 1525

 

 

Der Täufer

Siehe! Das ist Gottes Lamm.
Dieser wird für unsre Sünde
sterben an des Kreuzes Stamm,
dass er allen Völkern künde:
Gott nimmt ihr Gebrest auf sich.
Dass fortan die Menschheit wisse:
Träger ihrer Finsternisse
ist nicht nur ihr kleines Ich.

 

 

2684090-386de36c5c30079fbd114156b1469f2c.jpg
Christian Morgenstern (6 mei 1871 – 31 maart 1914)
Christkindlmarkt in München, de geboorteplaats van Christian Morgenstern

 

 

De Zuid-Afrikaanse dichter en schrijver Tatamkhulu Afrika werd geboren op 7 december 1920 in Egypte. Zie ook alle tags voor Tatamkhulu Afrika op dit blog.

 

 

Niets is veranderd

Kleine ronde harde stenen klikken
onder mijn hielen,
zaaiend gras duwt
baardzaadjes
in broekspijpen, blikjes,
waarop getrapt wordt, knarsen
in hoog, paars bloeiend,
vriendelijk onkruid.

District zes.
Geen bord zegt dat het zo is:
maar mijn voeten weten het,
en mijn handen,
en de huid rond mijn botten,
en het zachte gezwoeg van mijn longen,
en de hete, witte, naar binnen draaiende
woede van mijn ogen.

Ruw met glas,
naam wapperend als een vlag,
hurkt het
in het gras en onkruid,
ontluikende Port Jackson-bomen:
nieuwe, chique haute cuisine,
wachter bij de poort,
herberg alleen voor blanken.

Geen bord zegt dat het zo is:
Maar we weten waar we thuishoren.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

2684090-cf6e19b890856fed735a997a744eff53.jpg
Tatamkhulu Afrika (7 december 1920 – 23 december 2002)
Cover

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 7e december ook mijn blog van 7 december 2024 en ook mijn blog van 7 december 2023 en ook mijn blog van 7 december 2020 en eveneens mijn blog van 7 december 2018 en eveneens mijn blog van 7 december 2014 deel 2.

 

Geschreven door Romenu om 17:24 Reageer op dit bericht

Julia Kasdorf

 De Amerikaanse dichteres Julia Mae Spicher Kasdorf werd geboren op 6 december 1962 in Lewistown, Pennsylvania. Zie ook alle tags voor Julia Kasdorf op dit blog.

 

English 213: Introduction to Poetry Writing

Metaphor is made of two parts, I tell them 
because I must say something: vehicle and tenor,

and we should know the names of things we do by instinct, 
though I only half believe this. Not that kind of vehicle,

not that kind of tenor, and yet their poems must move, 
must sing. It’s confusing and hard. Aristotle said

genius sees resemblance in difference. A car is not 
a metaphor, is a machine made of countless metal parts

that keep us mindful of oil, coolant, a milk jug in the trunk 
in which to dilute it, mindful of all the ways a day can turn-

pulling into Bloomsburg State, for instance, steam blowing 
from under the hood, I asked a student for the lecture hall,

campus clock gonging the hour of my talk, but he said, 
“Look, something really bad is happening to your car.”

I have watched water run off my radiator 
as freely as the waters of birth. I have peered

into the boxy chambers of my master cylinder, drained 
of brake fluid, dark and divided as the human heart.

Unable to start some mornings, I have loosened a wing nut, 
lifted the air filter, and jabbed a pencil stub

into my butterfly valve, clenched like a catch in the throat. 
So when half the audience walked out of that reading

to attend a memorial service for some boys, killed 
in a frat house fire, I did what any of us would do:

paused until the room grew still, then continued.
In towns like that, mechanics take only cash,

but the folks who remained bought enough books 
to cover the cost of radiator hose, plus labor,

that transaction as sweet and pure as the motion 
of any of our lubricious, invisible parts.

 

 

Ondergronds

In die jaren werden bloemblaadjes van hun stengels geplukt.
In het begin versplinterden kasruiten
door de omhoogstaande knoppen van chrysanten;
aardepotten werden in scherven vermalen.
Bloemen op openbare pleinen
werden ondergeploegd om rapen,
radijsjes en kool te kweken voor de massa.
Zaden werden oud en machteloos in hun verpakkingen;
bollen verschrompelden en stierven in donkere kelders.
Bonsai’s stonden onder theetafels
in stille stadsappartementen
terwijl boeren slechts een slordige rij
goudsbloemen langs de lemen muren van hun huis riskeerden.
Misschien bleven de vaste planten bestaan,
hun wortels onwetend van de wet —
stengels, die zich door de aarde heen strekken
om vertrapt te worden — of stiekem bewaard,
bloemblaadjes in boeken gedrukt als iconen van vislijm.

 

 

Vertaald door Frans Roumen

 

 


Julia Kasdorf (Lewistown, 6 december 1962)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 6e december ook mijn blog van 6 december 2023 en ook mijn blog van 6 december 2018 en ook mijn blog van 6 december 2017

Geschreven door Romenu om 17:36 Reageer op dit bericht

Het heerlijk avondje (Simon Carmiggelt), Christina Rossetti

 

 

2683844-3c810556e96544d698b7d6bd5cb950c5.jpg 

 

 

 

 

 

2683844-d8c0f3da6ac6cb05309803ca93328b23.gif

Simon Carmiggelt (7 oktober 1913 – 30 november 1987)

Illustratie bij “Het heerlijk avondje” uit Carmiggelts bundel “Onzin” uit 1979

 

 

De Engelse dichteres en schrijfster Christina Georgina Rossetti werd geboren in Londen op 5 december 1830. Zie ook alle tags voor Christina Rossetti op dit blog.

 

Als voor mij het einde daar is
en het Licht mijn ogen sluit
wil ik geen wake en geen tranen
mijn ziel is vrij, dus draag dat uit

Mis mij gerust, maar niet te lang
niet buigen, réchtop blijven staan
denk aan de liefde die we deelden
mis mij gerust, maar laat me gaan

Want allen wacht ons deze reis
al gaat elk van ons alleen
’t hoort allemaal bij ’t Grote Plan
naar Huis en nergens anders heen

 

 

Vertaald door Marjos Kösters

 

2683844-5bb0dd8aec2c22ccfc13915e90c6c94e.jpg

Christina Rossetti (5 december 1830 – 27 december 1894)

Cover

 

 

Zie voor de schrijvers van de 5e december ook mijn blog van 5 december 2018.




Geschreven door Romenu om 16:55 Reageer op dit bericht

150 jaar Rainer Maria Rilke, Geert Mak

150 jaar Rainer Maria Rilke 

De Duitse dichter Rainer Maria Rilke werd als René Karel Wilhelm Johann Josef Maria Rilke op 4 december 1875 in Praag geboren. Dat is vandaag precies 150 jaar geleden. Zie ook alle tags voor Rainer Maria Rilke op dit blog.

 

Die sechste Elegie

Feigenbaum, seit wie lange schon ists mir bedeutend,
wie du die Blüte beinah ganz überschlägst
und hinein in die zeitig entschlossene Frucht,
ungerühmt, drängst dein reines Geheimnis.
Wie der Fontäne Rohr treibt dein gebognes Gezweig
abwärts den Saft und hinan: und er springt aus dem Schlaf,
fast nicht erwachend, ins Glück seiner süßesten Leistung.
Sieh: wie der Gott in den Schwan……. Wir aber verweilen,
ach, uns rühmt es zu blühn, und ins verspätete Innre
unserer endlichen Frucht gehn wir verraten hinein.
Wenigen steigt so stark der Andrang des Handelns,
dass sie schon anstehn und glühn in der Fülle des Herzens,
wenn die Verführung zum Blühn wie gelinderte Nachtluft
ihnen die Jugend des Munds, ihnen die Lider berührt:
Helden vielleicht und den frühe Hinüberbestimmten,
denen der gärtnernde Tod anders die Adern verbiegt.
Diese stürzen dahin: dem eigenen Lächeln
sind sie voran, wie das Rossegespann in den milden
muldigen Bildern von Karnak dem siegenden König.

Wunderlich nah ist der Held doch den jugendlich Toten. Dauern
ficht ihn nicht an. Sein Aufgang ist Dasein; beständig
nimmt er sich fort und tritt ins veränderte Sternbild
seiner steten Gefahr. Dort fänden ihn wenige. Aber,
das uns finster verschweigt, das plötzlich begeisterte Schicksal
singt ihn hinein in den Sturm seiner aufrauschenden Welt.
Hör ich doch keinen wie ihn. Auf einmal durchgeht mich
mit der strömenden Luft sein verdunkelter Ton.

Dann, wie verbärg ich mich gern vor der Sehnsucht: O wär ich,
wär ich ein Knabe und dürft es noch werden und säße
in die künftigen Arme gestützt und läse von Simson,
wie seine Mutter erst nichts und dann alles gebar.

War er nicht Held schon in dir, o Mutter, begann nicht
dort schon, in dir, seine herrische Auswahl?
Tausende brauten im Schoß und wollten er sein,
aber sieh: er ergriff und ließ aus -, wählte und konnte.
Und wenn er Säulen zerstieß, so wars, da er ausbrach
aus der Welt deines Leibs in die engere Welt, wo er weiter
wählte und konnte. O Mütter der Helden, o Ursprung
reißender Ströme! Ihr Schluchten, in die sich
hoch von dem Herzrand, klagend,
schon die Mädchen gestürzt, künftig die Opfer dem Sohn.

Denn hinstürmte der Held durch Aufenthalte der Liebe,
jeder hob ihn hinaus, jeder ihn meinende Herzschlag,
abgewendet schon, stand er am Ende der Lächeln, – anders.

 

 

De Sonnetten aan Orpheus

VI

Is hij een aardeling? Neen, zijn wijde
wezen ontsproot aan beiderlei sfeer.
Kundiger weet de loten te leiden
wie met de wortels der wilgen verkeert.

Gaat gij naar bed, laat op tafel achter
– doden trekt het – melk niet, noch brood.
Hij echter menge onder het zachte
ooglid, bezwerend, al wat als dood

aan hem verschijnt in de zichtbare dingen;
en de betoovring van wijnruit en kervel
is hem zo waar als het klaarste verband.

Niets kan het geldige beeld hem verwringen.
Gaven voor ’t leven, gaven bij ’t sterven,
love hij vingerling, haarspeld en kan.

 

Vertaald door W. Blok en C.O. Jellema

 

 

2683697-433b5b084fab73f180f6ca9591ede8ec.jpg

Rainer Maria Rilke (4 december 1875 – 29 december 1926)

 

 

De Nederlandse schrijver Geert Mak werd geboren op 4 december 1946 in Vlaardingen. Zie ook alle tags voor Geert Mak op dit blog.

Uit: Wisselwachter

“Deze geschiedenis speelt zich af in een ander land. Een land waar het dienen van de publieke zaak nog gold als hoogste doel. Een land waar, dwars door al het harde onrecht, een democratische belofte gloorde. Een land dat, ondanks alle verschillen tussen de mensen, de kracht en eenheid kon opbrengen om die te verdedigen, tot in het verre Europa toe.
De president kreeg, toen alles voorbij was, zijn pleinen, straten en standbeelden, zijn bibliotheken, scholen en vliegdekschepen. Voor hem restte een kleine steen, op de begraafplaats van Grinnell, ergens ver weg in lowa. Daar kwam hij vandaan, daarheen keerde hij terug.
Harry LIoyd Hopkins. In Europa kent bijna niemand hem. Toch hoort hij bij de handvol mensen die vanuit de verte, bepalend waren voor het lot van ons continent, van ons land, van onze dierbaren en onszelf. Tijdens de oorlogsjaren gold hij in de kleine wereld van internationale diplomaten en politici als de belangrijkste Amerikaan na Roosevelt, samen met opperbevelhebber Marshall. Hopkins was een wisselwachter, niet meer dan dat, maar op cruciale momenten was hij welde man die, achter de schermen, geschiedenis schreef.
Zelf liep ik hem min of meer bij toeval tegen het lijf. Toen ik een artikel schreef over Martha Gellhorn, de legendarische oorlogsverslaggeefster, bleek dat ze haar loopbaan was begonnen in de crisisjaren, als een soortverkenner voor het Witte Huis. Zij was nog jong, ze trok door het hele land, praatte met iedereen, en brief na brief rapporteerde ze haar bevindingen aan een mistige maar altijd nieuwsgierige topfunctionaris, grote man achter de New Deal “My dear Mr.Hopkins”. Toen ik, jaren later, schreef over Engeland tijdens de Tweede Wereldoorlog, trof ik hem opnieuw.”

 

 

2683697-3263892d7ddd0cbcfd154f909429456f.jpg

Geert Mak (Vlaardingen, 4 december 1946)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 4e december ook mijn blog van 4 december 2018 en eveneens mijn blog van 4 december 2017 en ook mijn blog van 4 december 2016 deel 3.

Geschreven door Romenu om 17:32 Reageer op dit bericht

Grace Andreacchi, Joseph Conrad

De Amerikaanse dichteres en schrijfster Grace Andreacchi werd geboren op 3 december 1954 in New York. Zie ook alle tags voor Grace Andreacchi op dit blog.

 

ITHAKA

If you’re going to Ithaka
setting out empty handed
from your own bright darkness

Fear not for
the gentle gods already know
the exact moment of your arrival

In her high palace
faithful Penelope has pulled taut
the threads of your life

Upon her loom
your blood stained histories woven into
her golden web and torn

Out again with deft fingers
Yes, Ithaka has waited
a long time for you

Ageless eyes scanning the horizon
examining each white sail
upon the wine dark sea

Now you are here at last
as morning flushes
the last small dreaming birds

The gods spread
dishes of olives blue sea
water white stones

for your bed
Lie still and the gods will dance for you
the stars by night will dance for you

When you go forth from Ithaka
lighter than light
the dance goes with you

 

 

The Heart Doctor

I enjoy my life
I enjoy my children now
particularly they’re grown up and
not squawking
I love being with them all
perhaps not at the same time

I’m fairly hopeless grandmother
I like them when they grow up
You don’t leave small children with me!
I’d always got, as my oldest son said, ‘staff’
someone who looked after their nonsenses

I don’t like this repetitive
‘Please do this’
‘Please don’t be rude’
I can’t be dealing with all that!
Actually I tell them
I like the dog best

 

 

In de Gouden Kamer van Sint Ursula

Botten kronkelen naar buiten
doordrenkt met goud
klein en dun, kip of kind

Gouden chrysalis van pijn
een stilte ongebroken
door donderslagen

Die laatste nacht van Maria’s maand
druppelde de lucht vuur
en elfduizend

Sterren brandden in de grillige straten
mannen veranderden
fosforescerend in kleine klompjes klei

In ons uur van nood, o Prinses
heb je je hermelijnen mantel
wijd uitgespreid?

 

Vertaald door Frans Roumen

 

 

2683543-f7ff7985bf9dbc91afe755538b209b6d.jpg

Grace Andreacchi (New York, 3 december 1954)

 

 

De Brits-Poolse schrijver Joseph Conrad werd geboren op 3 december 1857 in Berdichev, Rusland in een gezin met Poolse ouders. Zie ook alle tags voor Joseph Conrad op dit blog.

Uit: Lord Jim

To the white men in the waterside business and to the captains of ships he was just Jim–nothing more. He had, of course, another name, but he was anxious that it should not be pronounced. His incognito, which had as many holes as a sieve, was not meant to hide a personality but a fact. When the fact broke through the incognito he would leave suddenly the seaport where he happened to be at the time and go to another–generally farther east. He kept to seaports because he was a seaman in exile from the sea, and had Ability in the abstract, which is good for no other work but that of a water-clerk. He retreated in good order towards the rising sun, and the fact followed him casually but inevitably. Thus in the course of years he was known successively in Bombay, in Calcutta, in Rangoon, in Penang, in Batavia–and in each of these halting-places was just Jim the water-clerk. Afterwards, when his keen perception of the Intolerable drove him away for good from seaports and white men, even into the virgin forest, the Malays of the jungle village, where he had elected to conceal his deplorable faculty, added a word to the monosyllable of his incognito. They called him Tuan Jim: as one might say–Lord Jim.
Originally he came from a parsonage. Many commanders of fine merchant-ships come from these abodes of piety and peace. Jim’s father possessed such certain knowledge of the Unknowable as made for the righteousness of people in cottages without disturbing the ease of mind of those whom an unerring Providence enables to live in mansions. The little church on a hill had the mossy greyness of a rock seen through a ragged screen of leaves. It had stood there for centuries, but the trees around probably remembered the laying of the first stone. Below, the red front of the rectory gleamed with a warm tint in the midst of grass-plots, flower-beds, and fir-trees, with an orchard at the back, a paved stable-yard to the left, and the sloping glass of greenhouses tacked along a wall of bricks. The living had belonged to the family for generations; but Jim was one of five sons, and when after a course of light holiday literature his vocation for the sea had declared itself, he was sent at once to a “training-ship for officers of the mercantile marine.”

 

 

2683543-d41403a2b7290da9b1397c27ab2e8c16.jpg

Joseph Conrad (3 december 1857 – 3 augustus 1924)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 3e september ook mijn blog van 3 december 2024 en ook mijn blog van 3 december 2021 en ook mijn blog van 3 december 2018 en eveneens mijn blog van 3 december 2017 deel 3.

Geschreven door Romenu om 17:14 Reageer op dit bericht

Botho Strauß, Arthur Sze

De Duitse schrijver Botho Strauß werd geboren op 2 december 1944 in Naumburg an der Saale. Zie ook alle tags voor Botho Strauß op dit blog.

Uit: Das Schattengetuschel

„Auch ich erwartete den Sohn, der den Weg zu seinem Vater so lange nicht gefunden hatte. Seit bald drei Jahren war er, ein junger Architekt, in einem Züricher Planungsbüro angestellt und in dieser Funktion auf der ganzen Welt unterwegs. Da blieb für Gut Zichow, für das Haus und den Garten seiner Kindheit, kein Platz im Kalender, aber doch wohl immer in seinem Herzen. Und trotzdem hatte er nun überraschend seinen Besuch angekündigt, da er zu einer Besprechung nach Berlin mußte und sich für einen Abstecher zu seinem Vater unbedingt die nötige Zeit nehmen wollte. Ankunft Sonntag mittag; ich bereitete das Haus, im besonderen sein altes Kinderzimmer, und ein Mittagessen mit mehreren Gängen. Es war auch geplant, daß er über Nacht bliebe, um Montag früh mit dem Mietwagen zurück nach Berlin zu fahren. Nur ein Kurzbesuch, ja, eine Stippvisite. Damit mußte ich zufrieden sein. Sein Beruf — sicher auch sein persönlicher Ehrgeiz —ließ ihm wenig Zeit zum Ausruhen und für private Termine, er hatte ja selbst noch keine Familie Ihm lag daran, in seiner corporation geschätzt und entsprechend mit verantwortungsvollen Aufgaben betraut zu werden. Also wurde es Sonntag, die Stunden standen still, und ich betrat den quälenden Zeitraum der Erwartung, wenn die Minuten sich hinschleppen und nie eine Stunde füllen wollen. Sonntag vormittag, zehn Uhr zwanzig. Er müßte sich langsam auf den Weg machen. Elf Uhr sieben. Warum gibt er kein Zeichen, daß er unterwegs ist? Ich kann ihn nicht erreichen. Sein Handy ist aus. Mittag. Jonas meldet sich nicht. Ich sitze schon bei Tisch. Warum hat er das Handy ausgestellt? Dreizehn Uhr fünfunddreißig. Er hat unsere Verabredung vergessen! Er sitzt mit wichtigen Leuten zusammen und hat sein Handy ausgestellt. Und wieder das Warten. Welche Freude, ihm zu zeigen den neu gepflanzten Purpurahorn, schon bald drei Meter hoch, die Birkenreihe hinter dem Kornspeicher. Und was aus dem Ginkgo wurde, den wir zusammen in die Erde brachten. Und extra für ihn habe ich neu pflastern lassen den Brunnenplatz, wo wir einander gegenübersaßen und lange schwiegen, bevor er den Ort verließ, um nach Zürich zu ziehen. Jedenfalls kam die letzte Ankündigung seines Besuchs gegen siebzehn Uhr. Das war schon spät, viel Zeit wäre uns ohnehin nicht geblieben. Dann seine SMS eine Stunde später: Ich schaff es nicht mehr, lieber Papa. Ich muß morgen früh überraschend nach Amsterdam. Aber das nächste Mal bestimmt! Nehme mir dann mehr Zeit für Berlin und für dich. Dein dich ewig liebender Sohn.”

 

 

2683373-d6bd3739157ed780b6a47c75ada013e9.jpg
Botho Strauß (Naumburg, 2 december 1944)

 

 

De Chinees-Amerikaanse dichter Arthur Sze werd geboren op 1 december 1950 in New York. Zie ook alle tags voor Arthur Sze op dit blog.

 

Oolong

3

Je zeeft sluiers van rood licht
glinsterend in de novemberlucht,
zeeft de gedachten van een terende dakdekker.
Door een gang lopend sta je even stil

en zeeft de hersens in een glazen kom,
zeeft het label hangend aan de pols van een lijk,
zeeft de gevouwen vleugels van een musje.
De heersende noties van het seizoen zijn

groen gevlekte melkzwammen die in de bergen
wijdverspreid drie dagen en een uur heersen.
Wat je moet verwerpen zijn ideeën van disjunctie
en collage, verwerp ook advies, lofprijzing.

Pas dan kun je kijken naar een kaart van Hangzhou
uit de Song-dynastie en de configuratie zien
van ionkanalen in het brein. Kun je kijken
naar een aboriginal zandschildering en daarin

een kosmologie van smart zien. Kun je kijken
naar de zwaaiende beweging van een tak
en voelen wat het is om een verschroeid
verschrompeld blad te zijn hangend aan de dood.

 

 

Vertaald door K. Michel

 

 

2683373-48040096530131f65af1c989857908fc.jpg
Arthur Sze (New York, 1 december 1950)

 

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 2e december ook mijn blog van 2 december 2024 en ook mijn blog van 2 december 2023 en ook mijn blog van 2 december 2018.

Geschreven door Romenu om 16:38 Reageer op dit bericht

December (C. S. Adama van Scheltema), Pierre Kemp, Arthur Sze

 

 

 

2683232-21a0c8794ae85da8c4e5f73618e3a3b0.jpg
December door Theodor Severin Kittelsen, 1890

 

 

December

Al de bladers zijn verdronken
In het water, in de regen,
En het donker bos staat open
En de droppelende stronken
Staan verlaten aan de wegen, –
Kille winter laat één sprokkel
Aan een hart, dat niet mag hopen!

Al de zon is uitgeblonken,
En het jaar is heengezegen,
En mijn handen zijn nog open,
En mijn hart is leeggeschonken,
En het heeft niets weergekregen, –
Schemer laat één lichte sprankel
Aan een hart, dat niet mag hopen!

En de nacht is neergezonken,
En de dag is opgestegen,
En mijn ogen zijn nog open,
En zijn duizend witte vonken
Hebben zo doodstil gezwegen, –
Klare nacht laat éne starre
Aan een hart, dat niet mag hopen!

 

2683232-2dcd497241b745bd419d574299f8dfa0.jpg
C. S. Adama van Scheltema (26 februari 1877 – 6 mei 1924)
Amsterdam, de geboorteplaats van C. S. Adama van Scheltema

 

 

De Nederlandse dichter en schilder Pierre Kemp werd geboren in Maastricht op 1 december 1886. Zie ook alle tags voor Pierre Kemp op dit blog.

 

Horizon blue

Horizons heb ik altijd graag geschilderd
en hun teer blauw ontroerd op doek gelegd.
Woeste buien werden in mij gemilderd,
nadat ik me voor een kim had uitgezegd.

De bomen hebben hun takken dan gekruist
en hun applaus heeft het dal doorruist.
Dit blijft mij een troost, mijn hele leven
liep ik horizons na. Ik heb gefaald.
De vreugde erin te slapen werd mij niet gegeven,
Ik heb er nooit een ingehaald.

 

 

Dimensies

Totdat ik onder een boom ga staan
voor het veel te grote licht
en dan mijn handen saam moet slaan
om mijn veel te klein gezicht.

Totdat ik onder een ster ga staan
voor het veel te kleine licht
en daar nog mijn handen saam moet slaan
om mijn veel te groot gezicht.

 

 

Heraldiek

Het leven in een zwarte kat glijdt van een stoep
en springt het leven in een vogel na,
die zich stort in een boom vol verse zon.
Dit zijn dus mijn kleuren voor vandaag,
met zwart en groen
zal ik het moeten doen.
Niet dat ik mij daarom beklaag.
Er waren er vroeger in het blazoen
van menig heer
niet meer.

 

 

2683232-84ca2aa40274f4c97351ed3a3e0da049.jpg
Pierre Kemp (1 december 1886 – 21 juli 1967)
In 1915

 

 

De Chinees-Amerikaanse dichter Arthur Sze werd geboren op 1 december 1950 in New York. Zie ook alle tags voor Arthur Sze op dit blog.

 

Oolong

1

Theeblaadjes verwelkt in de zon worden geschud
en gekneusd zodat de randen rood worden
en de nerven transparant. Aan de bar eet een man
gekookte zijdewormen en hoest;
een vrouw stopt met praten en staart
naar het sterrenbeeld Perseus. Ooit
sloeg een handelaar een zwarte raku-kom kapot
toen die een theemeester niet bekoren kon,
weer samen gelijmd bleken de zwarte scherven
de textuur van moerbeiblaadjes te hebben.
Je passeert iemand die al telefonerend buigt
en de schok is een witgloeiende quark
die een spiralend spoor achterlaat in je geest:
je voelt hoe onmogelijk het is, in een veldgids,
om de groeicirkel van een paddestoel te bepalen
maar stuit je op rijen oesterzwammen
groeiend op dode populieren dan zie je
hoe in deze wereld niets nog van jou is.

 

Vertaald door K. Michel

 

2683232-5070e39f0e683ab131c9c7857e9dc4c7.jpg
Arthur Sze (New York, 1 december 1950)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 1e december ook mijn blog van 1 december 2023 en ook mijn blog van 1 december 2020 en eveneens mijn blog van 1 december 2018 deel 2 en eveneens deel 3.  



Geschreven door Romenu om 16:49 Reageer op dit bericht

Advent (Karl Röttger), Dennis Gaens, Arthur Sze

 

 

2683047-2a2b0f32762d7bc37d3282be22c60eeb.jpg
Kerstmarkt door Alexander Buchkuri, 1906

 

 

Advent

Wieder sieht man in den frühen
Abenden die Lichter blühen.
Straßen hin und wieder funkeln
bunte Wunder in das Dunkeln.

Wieder träumt viel Kinderhoffen
vor den Fenstern – leise Stimmen
flüstern; in der Dämmrung glimmen
Augen groß – und sehn den Himmel offen.

Seligen Kinderglücks. Voll Wartens sind die Tage
und die Abende vorm Schlafengehn –
Wohl im Schlaf und Traum der Nächte sehn
sie erfüllt schon ihres Sehnens Frage;

schon erfüllt im Traum des Traums Verlangen,
sehen, wie das Wunder – schon geschah -:
Christkind kommt weiß durch die Nacht gegangen
und ist da …

 

 

2683047-bd58c492a0c56f10122a38f1fce6e64b.png
Karl Röttger (23 december 1877 – 1 september 1942)
De Evangelisch-Lutherse St. Andreaskerk in Lübbecke, de geboorteplaats van Karl Röttger

 

 

De Nederlandse dichter Dennis Gaens werd geboren in Susteren op 30 november 1982. Zie ook alle tags voor Dennis Gaens op dit blog.

 

ÇETIN

Ik ben geen vluchteling; ik ben een bouwer en mijn broers vertelden mij dat de grond hier goed was. Muharrem en Metin werkten in de put, maar toen er in de put geen werk meer was, brachten ze shoarma naar de buitenstad. Daarna haalden ze mij naar Nijmegen. Dat is bouwen.
Er waren dagen waarop ik moest bepalen: ga ik eten of toch maar slapen?
Ik kom uit een land waar je geen garanties hebt behalve je twee handen en wat daar verder aan vastzit – zolang dat lichaam het uithoudt moet je gaan. Hier deden we niet anders; wij drieën draaiden zaken, maakten het steeds later en nu is alles anders hier. Het draait, dag en nacht door.
Toen zeiden ze: ‘Je bent klaar, boven zeggen ze dat je weg moet.’
Ik vroeg: ‘Wie is boven?’
Want beneden willen ze dat ik blijf. Zoiets noem je een fundament. Eigenlijk is alles bouwen of breken en wat ik wil is bouwen, dingen zoals rust.

 

 


Dennis Gaens (Susteren, 30 november 1982)

 

 

De Chinees-Amerikaanse dichter Arthur Sze werd geboren op 1 december 1950 in New York. Zie ook alle tags voor Arthur Sze op dit blog.

 

 

Het scheppingsmoment

Een schilder duidt de tijd van de dag aan
in een stilleven; schuin valt middaglicht op een mes,
citroenen, groene wijnfles met restje rode wijn.
Laten we altijd iets niet helemaal af?
We willen x hebben we x willen we y en hebben we y willen we z?
Ik probeer het scheppingsmoment te voelen
in de lichtval op een doorgesneden citroen. Wat ik wil is
het strooien van grind op modder verbinden met hongerig zijn.
‘Eet’, zei een man uit Afghanistan en wees
naar de oude rottende appels in de open kofferbak.
Ik zie een rij mannen een wolkendans dansen;
twee vrouwen dansen de complexe bliksempassen
aan de uiteindes. Mijn fouten en vergissingen
kloppen in mij ook als momenten van geluk,
maar ik wil dat de glanzende momenten uitdijen
resonerend als een gamelangong. Ik wil van de complexe
brokkelige momenten van onze levens een vloer
maken van jade, obsidiaan, turkoois, ebbenhout en lapis.

 

 

Vertaald door K. Michel

 

 

2683047-f896bc9e6a95b58d325fd8597099cc1b.jpg
Arthur Sze (New York, 1 december 1950)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 1e december ook mijn blog van 1 december 2023 en ook mijn blog van 1 december 2020 en eveneens mijn blog van 1 december 2018 deel 2 en eveneens deel 3.  


Geschreven door Romenu om 12:17 Reageer op dit bericht

Mario Petrucci, George Szirtes

De Engelse dichter en schrijver Mario Petrucci werd geboren op 29 november 1958 in Londen. Zie ook alle tags voor Mario Petrucci op dit blog.

 

 

NIGHTWALKER

Flanders, 1917

“… the man who walked in his sleep to Fritz-y, slept well, woke, realised, and bolted…” Ivor Gurney

It was not dusk, not yet, when he
stood — night’s last dim silhouette full
teetering he stood, out of nod with step as shut-
eyed he dreamed himself over the top, head

unhelmeted, mud-tousled, nod-heavy as
some old carthorse long overdue for the yard,
hands meek by pockets, top button askew as he
lurched serene and sleep-stupid through

wire’s one blasted gate where first-startled
bullets hissed their stave on his air of death yet
refused to thread his upright rest until

Jerry for himself saw how the wretch so
utterly slept to war, and with his heart-enemy’s
heart full-squared in his sight let his firing-pin drowse,
left the trigger slack — let this one man

walk who would take too easy death’s touch, too
easy — as a child might draw sigh mid-slumber at a mother’s
kiss then turn, in that small unthinking span
of self, small shoulders to the dark.

 

 

Lazarus

There are things perhaps
a father should not write –
how his five-year-old clings
through night in fits of sleep

almost as a woman might
to the man lost in grief
stroking his face his feet
caressing him back to life.

And what if that Lazarus
whose absent wife brought
no tenderness to his tomb
who died alive awaiting

the lover’s Pentecost
felt his doomed body visited
in stupor of emergent death
not by the man of the Cross

but by innocent son
by spotless daughter
who melt a stiffened heart
and stir the stifled breath?

 

 

our bluest Drop

because of You
our sky
is Ocean in suspense

Stars
flick tails among the Souls
that swim

our every Planet : a white
whale You skim
upon so

Sun &
Moon may fuse to become
this – Your

heart
& Skin – in that truest
Sea

You have made us
let there Be
no rule

only One
Beloved do not
refuse

Your Own
deep
blue Drop – O

Thou
unschooled
so Unstoppably So :

be You
Bluest Love
Be
You

 

2682963-53073fdfbe4d5c40d75b6a68d6f8d32c.jpg
Mario Petrucci (Londen, 29 november 1958)

 

 

De Britse dichter en schrijver George Szirtes werd geboren op 29 november 1948 in Boedapest. Zie ook alle tags voor George Szirtes op dit blog.

 

 

PETERSEN: KLEICHEN EN EEN MAN

Ik heb de eeuwigheid gezien, die ziet er zo uit,
een man en vrouw dansen in een café
in een armoedig straatje op een vuile vloer.

Het achtervolgt je, fascineert, verscheurt,
iets tussen heftig en neerdrukkend in,
tussen warmbloedigheid en agorafobie.

Laat me dit omkeren en de angst accepteren.
Wegdrukken wat ik heb tegen neerdrukkend
want leven zelf is verscheurd

en moet de ongeveegde vloer op,
voorzichtig, vol liefde, terwijl het café
zweeft in eeuwigheid. Zoals hier.

 

 

Vertaald door Rob Schouten

 

 

2682963-05e7b68d1dbe6db9e4187c53048192a1.jpg
George Szirtes (Boedapest, 29 november 1948)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 29e november ook mijn blog van 29 november 2023 en ook mijn blog van 29 november 2018 en eveneens mijn blog van 29 november 2015 deel 2 en eveneens deel 3.



Geschreven door Romenu om 16:41 Reageer op dit bericht

Erwin Mortier, William Blake

De Vlaamse dichter en schrijver Erwin Mortier werd geboren in Nevele op 28 november 1965. Zie ook alle tags voor Erwin Mortier op dit blog.

 

Acclamatie

(Voor mijn man)

Kom, sta achter mij. Wacht vierkant af
tot ik verval in zin. Leer me lichter lopen.
Leg het knarsen achter de wijzerplaat

als een nog geen strop
geworden ketting in mijn hals.

Wen me aan het koudvuur nu mijn moeder-
taal in mij steeds ijziger decaden viert.
Kalf me af tot manshoog vlees

dat in alle windrichtingen al te kil
betekenissen lekt.

Dicht geen gaten meer
maar schrijf me wijd.

Sta in al mijn dode letters nimmer stil.

 

 

Ik heb zelden geschreven, altijd gewacht…

Ik heb zelden geschreven, altijd gewacht
tot in het kraakpand van de klank

betekenis aanbrak.

Geslepen gelummeld, alert gedommeld
aan de oevers van de Styx.

Een dijbeen, schedeldak
of schouder, gekarteld bekken
of gebarsten kruik drijft

al zinkend alle talen
op de spits

Ergens valt volkomen doof
de mond van een drenkeling

dicht rond het kiezelglad
getier van de dictator.

In de strot der gehangenen
stamelt wier en de beul grimlacht
groen in algen en gekringel.

Ons wacht als noodlot vroeg
of laat een vorm van stolling maar

de dingen kolken nog.

Nergens zwijgt de botte wereld
luid genoeg, hard genoeg.

 

 

Ikebana

Ik droomde op een nacht dat al mijn woorden
samenvielen met hun dingen.
Alles sprak,
en was zijn eigen tactiele dictaat.

Geen wereld die ik nog bekennen kon,
geen ergens of daarbuiten.
Nergens klank
die niet zat als gegoten.

Lucht bleek wonderwel adembaar:
er bleven geen tekens meer
in onze longen steken.

Een zware last vervloog uit onze ribben want
alles vergat ons harde geheugen –
wij zwegen zichtbaar

zonder lood.

Niemand hoefde meer te weten wat
bijvoorbeeld liefde was.
Niets had nog holten genoeg.

We bleven helder hangen.

Wat was volstond
en nam ons voetstoots aan.

 

2682813-c37a25c4c83af87f0b6666c3d2a5a184.jpg

Erwin Mortier (Nevele, 28 november 1965)

 

 

De Engelse schrijver, dichter en schilder William Blake werd geboren op 28 november 1757 in Londen. Zie ook alle tags voor William Blake op dit blog.

 

Spreek uw liefde nimmer uit:

Spreek uw liefde nimmer uit:
Liefde is te schuw voor ’t woord.
Zachte wind zweeft ongestuit,
Ongezien en ongehoord.

Ik sprak het uit, ik sprak het uit,
Ik legde heel mijn hart haar bloot,
Bevend en door vrees verkild –
Waarop zij van mij vlood.

Spoedig toen zij was gegaan
Kwam er een vreemdeling voorbij,
Ongezien en ongehoord –
Zijn blik doorboorde mij.

 

 

Vertaald door F. W. van Heerikhuizen

 

2682813-4cf54e33300b1e40d3742a7da5572e1b.png

William Blake (28 november 1757 – 12 augustus 1827)
Borstbeeld van William Blake door Jacob Epstein in Westminster Abbey, Londen

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 28e november ook mijn blog van 28 november 2022 en ook mijn blog van 28 november 2020 en eveneens mijn blog van 28 november 2018 en eveneens mijn blog van 28 november 2015 deel 2 en eveneens deel 3.


Geschreven door Romenu om 17:00 Reageer op dit bericht

Han Kang, William Blake

De Zuid-Koreaanse schrijfster Han Kang werd geboren op 27 november 1970 in Gwangju, in de provincie Zuid-Cholla. Zie ook alle tags voor Han Kang op dit blog.

Uit: De vegetariër (Vertaald door Monique Eggermont)

“Voordat mijn vrouw vegetariër werd, had ik haar in alle opzichten altijd volstrekt oninteressant gevonden. Eerlijk gezegd vond ik haar toen ik haar voor het eerst zag niet eens aantrekkelijk. Gemiddelde lengte; recht afgeknipt haar, niet lang en niet kort; een gelige, ongezonde teint; jukbeenderen die een beetje uitstaken; haar schuwe, vale voorkomen zei me genoeg. Toen ze naar het tafeltje liep waaraan ik zat te wachten, konden haar schoenen me niet ontgaan – lelijker schoenen zijn niet voor te stellen. En die manier van lopen – niet snel en niet langzaam, geen grote stappen maar ook geen trippelpasjes.
Ze was weliswaar niet bijzonder aantrekkelijk, maar echte nadelen manifesteerden zich evenmin, en er was dan ook geen reden waarom we niet zouden trouwen. De passieve aard van deze vrouw bij wie ik frisheid noch charme noch een ander verfijnd trekje kon ontdekken, kwam me uitstekend uit. Ik hoefde geen intellectuele belangstelling te veinzen om haar voor me te winnen, ik hoefde niet bang te zijn dat ze me zou vergelijken met de strak in ’t pak zittende mannen uit modebladen, en ze werd niet boos als ik toevallig te laat kwam op een afspraak. Het buikje dat verscheen toen ik halverwege de twintig was, mijn dunne benen en onderarmen die ondanks al mijn inspanningen hardnekkig weigerden in omvang toe te nemen, het minderwaardigheidscomplex dat ik altijd had over de afmeting van mijn penis – ik kon er rustig van uitgaan dat ik me er bij haar geen zorgen over hoefde te maken.
Ik heb tijdens mijn leven altijd de neiging gehad de middenweg te bewandelen. Op school koos ik ervoor op te trekken met leerlingen die een jaar of twee jonger waren en bij wie ik haantje-de-voorste kon spelen, in plaats van de confrontatie aan te gaan met leerlingen van mijn eigen leeftijd, en later koos ik een universiteit op basis van mijn kans op een toelage die groot genoeg was om aan mijn behoeften te voldoen. Ten slotte stelde ik me tevreden met een baan waarmee ik een fatsoenlijk maandloon zou verdienen in ruil voor het nauwgezet uitvoeren van de mij opgedragen taken bij een bedrijf dat zo klein was dat ze er mijn middelmatige vaardigheden zouden waarderen. Het was dan ook niet meer dan logisch dat ik trouwde met de meest alledaagse vrouw van de wereld. Vrouwen die knap waren, intelligent, buitengewoon sensueel, de dochters uit rijke families – die zouden mijn zorgvuldig geordende leventje alleen maar ontwricht hebben.”

 

2682648-fee5cd466b3ee13bc06cc697f5914b16.jpg
Han Kang (Gwangju, 27 november 1970)

 

De Engelse schrijver, dichter en schilder William Blake werd geboren op 28 november 1757 in Londen. Zie ook alle tags voor William Blake op dit blog.

 

 

Aan de avondster

Blondharige engel van de avond,
Ontsteek thans, nu de zon op de bergkammen rust,
Uw lichtende liefdetoorts; zet op uw stralende kroon
En zend uw glimlach neer op het bed waar wij rusten.
Giet uw glimlach over onze liefde, en spreid
Terwijl gij de blauwe hemelgordijnen toehaalt
Uw zilveren dauw over elke bloem
Die vroeg de ogen sluit. Laat uw westenwind sluimeren
Op het meer, laat er stilte uit uw ogen schitteren,
En maak het donker zilver-doorschijnend. Want gauw, veel te gauw
Gaat gij onder, en de wereld valt dan ten prooi
Aan razende wolven, en loerende ogen in ’t duister der bossen.
De wol van onze kudden glanst van
Uw heilige dauw; bescherm hen door uw inwerking.

 

Vertaald door F. W. van Heerikhuizen

 

 

2682648-1edfec9203a7b8c01ad7b7992b74dada.jpg

William Blake (28 november 1757 – 12 augustus 1827)
Portret door John Linnell, 1821

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 27e november ook mijn blog van 27 november 2023 en ook mijn blog van 27 november 2021 en ook mijn blog van 27 november 2018 en eveneens mijn blog van 27 november 2017.



Geschreven door Romenu om 16:33 Reageer op dit bericht

Eugène Ionesco, William Cowper

De Frans-Roemeense schrijver Eugène Ionesco werd geboren op 26 november 1912 in Slatina, Roemenië. Zie ook alle tags voor Eugène Ionesco op dit blog.

Uit: De koning is stervende (Vertaald door Tom Kleijn)

“WACHTER (kondigt aan.)
Zijne Majesteit, Koning Bérenger de Eerste. Leve de Koning!
(De Koning komt op door de kleine deur links, hij loopt gekleed in een purperen mantel, kroon op het hoofd en scepter in de hand, tamelijk snel over het toneel en gaat af door de deur rechts achter.)
WACHTER (kondigt aan.)
Hare Majesteit, Koningin Marguerite, eerste echtgenote van de Koning, gevolgd door Juliette, werkster en verpleegster van Hunne Majesteiten.
Leve de Koningin!
(Marguerite, gevolgd door Juliette, komt op door de deur rechts voor en gaat af door de grote deur.)
WACHTER (kondigt aan.)
Hare Majesteit, Koningin Marie, tweede echtgenote van de Koning, eerste in zijn hart, gevolgd door Juliette, werkster en verpleegster van Hunne Majesteiten. Leve de Koningin!
(Koningin Marie, gevolgd door Juliette, komt op door de grote deur links en gaat met Juliette af door de deur rechts voor. Marie lijkt aantrekkelijker en koketter dan Marguerite. Ze draagt de kroon en een purperen mantel. Ze draagt bovendien juwelen. Door de deur links achter komt de Dokter op.)
WACHTER (kondigt aan.)
Zijne Prominentie, Meneer de Geneesheer van de Koning, chirurg, bacterioloog, beul en astroloog aan het Hof.
(De Dokter loopt tot het midden van het speelvlak, keert dan alsof hij iets vergeten is, op zijn schreden terug en gaat door dezelfde deur af. De Wachter zwijgt enige ogenblikken. Hij maakt een vermoeide indruk. Hij zet zijn hellebaard tegen de muur, blaast in zijn handen om ze te verwarmen.)
Toch hoort het rond deze tijd warm te zijn. Verwarming, ga aan! Niets aan te doen, het werkt niet. Verwarming, ga aan. De radiator blijft koud. Dat is niet mijn schuld. Hij heeft me niet gezegd dat hij me de volmacht over het vuur zou afnemen! Officieel tenminste niet. Maar met dat soort weet je het nooit.
(Abrupt pakt hij zijn wapen weer op. Koningin Marguerite verschijnt opnieuw door de deur links achter. Ze heeft een kroon op haar hoofd, draagt een niet al te schone purperen mantel. Ze ziet er tamelijk streng uit. Midden voor op het toneel blijft ze staan. Ze wordt gevolgd door Juliette.)
Leve de Koningin!
MARGUERITE (tegen Juliette, terwijl ze om zich heen kijkt.) Er ligt stof. En peuken op de grond.
JULIETTE
Ik was net in de stal om de koe te melken, Majesteit. Ze geeft bijna geen melk meer. Ik heb geen tijd gehad om de living schoon te maken.”

2682462-1cf7a407bb89da8f46692985a2aa2408.jpg
Eugène Ionesco (26 november 1912 – 28 maart 1994)
Scene uit een opvoering in het Théâtre de l’Épée de bois, Parijs, november 2025

 

 

De Engelse dichter William Cowper werd geboren op 26 november 1731 in Berkhamstead, Herford. Zie ook alle tags voor William Cowper op dit blog.

 

Soms groet een licht van vreugde

Soms groet een licht van vreugde
de christen als hij zingt:
de Heer is ‘t die met vleugels
van liefde hem omringt.
Loopt alles ons ook tegen,
Hij zal ons ‘t goede doen,
Hij geeft na donk’re regen
een mild en klaar seizoen.

Goddank, wij overdenken
‘t geheim van onze Heer,
het heil dat Hij wil schenken,
dat nieuw is altijd weer.
Bevrijd van onze zorgen,
begroeten wij de dag
en vrezen niet de morgen,
wat hij ook brengen mag.

Al zal geen wijnstok dragen,
geen vijgenboom zijn vrucht,
al ligt het veld te klagen
onder een lege lucht,
God doet zijn hand toch open,
zijn lof krijgt stem in mij.
Daar ik op Hem mag hopen,
ben ik alleen maar blij.

 

 

Vertaald door Jan Willem Schulte Nordholt

 

 

2682462-80b089659ed94e6eed1983506e844301.jpg
William Cowper (26 november 1731 – 25 april 1800)
William Cowper Memorial Window (detail), St. Nicholas Church, East Dereham, Engeland, afgebeeld met dieren als metgezellen

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 26e november ook mijn blog van 26 november 2024 en ook mijn blog van 26 november 2018 en eveneens mijn blog van 26 november 2017 deel 1 en eveneens deel 2.



Geschreven door Romenu om 17:22 Reageer op dit bericht

Maarten ’t Hart, Abdelkader Benali, Nicole Brossard

De Nederlandse schrijver Maarten ’t Hart werd geboren op 25 november 1944 in Maassluis. Zie ook alle tags voor Maarten ’t Hart op dit blog.

Uit: De nachtstemmer

“In dichte mist zijn bij Winsum in 1980 twee Blauwe Engelen op elkaar gebotst. Negen doden, eenentwintig gewonden. Een van die doden was Lore. Sindsdien heb ik de Blauwe Engel zo veel mogelijk vermeden. Nu was er echter geen ontkomen aan. In Godlinze nam ik op maandag, nadat ik in de loop van de morgen mijn werkzaamheden had afgerond, de bus naar Loppersum. Daar stapte ik over op de Blauwe Engel naar Groningen. Vijf minuten had ik om over te stappen op de trein naar Amsterdam, maar moest daarvoor naar een ander perron. Ik haalde het maar net en kwam in een nieuwe Hondekop terecht. In Zwolle werd de Hondekop uit Leeuwarden eraan gekoppeld, en daarna raasden beide treinstellen de Veluwe over. In Amersfoort hoefde ik alleen het perron maar over te steken voor de sneltrein – uiteraard ook een Hondekop – naar Rotterdam.
Het komt niet vaak voor dat de firma Auerbach & Wüste mij er zo ver van huis voor zo’n grote klus op uit stuurt. Mij verbaast het ook dat ik deze opdracht heb aangenomen. Er valt immers genoeg te doen in Oost- Friesland. Waarbij komt dat het plezierig werken is in Noord-Duitsland. Steevast uiterst beleefde, vriendelijke mensen. Nette, kleine hotels. En altijd is het er goed van eten en drinken, de onvermijdelijke Bratwurst ten spijt. Wonderlijk dat de mensen in Oost-Friesland, hemelsbreed niet ver van Groningen verwijderd, zoveel aardiger en voorkomender zijn dan de Groningers. Want al luidt het rijmpje: ‘Uit de gouden korenaren, schiep God de Groningers, de Friezen en de Drentenaren, en uit het kaf en de andere resten, schiep hij de klootzakken uit het westen’, je kunt niet zeggen dat Groningers, Friezen en Drentenaren zulke prettige mensen zijn. Oost-Friezen, dat zijn prettige mensen. Rijzig zijn ze doorgaans en o, wat een mooie, platinablonde vrouwen! Met een van die vrouwen, afkomstig uit Norden, serveerster in mijn hotel, heb ik, toen ik daar ruim een maand verkeerde vanwege wat toen veruit de grootste klus was in mijn destijds nog prille loopbaan, ’s avonds na haar dienst over de verlaten straten geslenterd. Eenmaal weer thuis, in mijn huis in de Geuzenstraat te Heiligerlee, heb ik geprobeerd haar te vergeten, maar dat is niet gelukt, en ik ben de grens andermaal overgestoken en heb haar toen maar meteen stoutmoedig ten huwelijk gevraagd.”

 

2682326-22792a7b9c28fd6435f4d7478fc6f43d.jpg
Maarten ’t Hart (Maassluis, 25 november 1944)

 

De Nederlandse dichter, schrijver en tv-presentator Abdelkader Benali werd geboren in Ighazzazen, Marokko, op 25 november 1975. Zie ook alle tags voor Abdelkader Benali op dit blog.

 

 

Nijmegen

Ik was niemand nog, de Waal was alles. Ontvangen
werd ik als een schrijver van de buitencategorie – wat
ik vertelde klonk hun bekend en ook vreemd in de oren.
Later kwam ik terug om een sprintje te trekken,

zonder het te beseffen penetreerde ik Duitsland,
onderdeel van het verzet, liet een geheim spoor
achter, zestig jaar na de oorlog deelde ik de laatste
tik uit. De heuvels die in november de kleur van

molshopen aannemen. En de regen barricadeert
de ramen en de deuren. Denkt en leest men
grondig over een wereld die ooit zal komen. Dat
Nina Simone hier rust en reinheid vond. Vanzelf-

sprekend. Men werkt er serieus aan een mystiek
lichaam dat zichzelf bezweet in slaap wiegt.

 

 

Meisje

Meisje, meisje, meisje kijk omhoog naar
het spiegelbeeld van de toekomst dat je
voorgeschoteld wordt, kijk, kijk toch
verder, want je blik breekt het ogenblik,

en ziet hoe alles waterig en schitterend is,
die poel van leven waarin oceanen worden
uitgegooid, in jouw naam, in jouw plaats,
is dit zoals jij het wilt? Meisje, meisje, meisje,

lief, droom maar lekker, droom maar lang
met open ogen, vol van morgen, wees niet bang.
Gelukzalig jij voor wie gisteren alleen maar gisteren
is, niet de dagen aaneengeregen vol met mist en regen

vol met kommer en wat kwel, vol met modder. Meisje,
meisje, ik kijk naar jou, wens je dromen, wens je vrouw.

 

2682326-2deb589196ac409614f6bb8c9f0b6bf7.jpg
Abdelkader Benali (Ighazzazen, 25 november 1975)

 

 

De Canadese dichteres en schrijfster Nicole Brossard werd geboren op 27 november 1943 in Montreal (Quebec). Zie ook alle tags voor Nicole Brossard op dit blog.

 

Steden zonder water

in het uur van de korte ochtendverlangens
een druppel water en het licht ervan
later om het stof tegen te gaan
zochten we naar een grassprietje, een struik
elk spoor
van een vloeibare tijd en bogen voor het uur
waarin de droom in ons dorstte

 

 

Vertaald door Frans Roumen

 

2682326-87d82dd7efa8f8ae0dfa6cb825ea1948.jpg
Nicole Brossard (Montreal, 27 november 1943)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 25e november ook mijn blog van 25 november 2021 en ook mijn blog van 22 november 2018 en eveneens mijn blog van 22 november 2015 deel 2.

Geschreven door Romenu om 16:45 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten