Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 17 juni 2011 tot 18 juni 2011

Richard Powers, Raymond Radiguet, Geoffrey Hill, Bert Schierbeek

De Amerikaanse schrijver Richard Powers werd geboren op 18 juni 1957 in Evanston, Illinois. Zie ook mijn blog van 18 juni 2007 en ook mijn blog van 18 juni 2008 en ook mijn blog van 18 juni 2009.

 

Uit: Generosity: An Enhancement

 

„This mutant Second City is home to a talk show. Lots of world cities and even some non-world ones have talk shows to call their own. The genre dates back to the book of Job, and it has spawned more variants than wolves have spawned dogs. But the world has seen no talk show like the one that has evolved in this particular Chicago. It's less a show than a sovereign multinational charter. And its host is, by any measure, the most influential woman in the world. Her own story is a remarkable mix of motifs from American creative fiction, from Alger to Zelazny. Say only that she has grown from an impoverished, abused child into an adult who gives away more money than most industrialized nations. She has the power to create instant celebrities, sell hundreds of millions of books, make or break entire consumer industries, expose frauds, marshal mammoth relief efforts, and change the spoken language. All this by being tough, warm, vulnerable, and empathetic enough to get almost any other human being to disclose the most personal secrets on international television. If she didn't exist, allegory would have to invent her. Her name is O'Donough and she is the richest Irish American woman in history, but she, her show, her publishing house, and her chain of personaloverhaul boutiques are known the world over simply as Oona. The guiding principle of her program -- the one that has made Oona the most-watched human of the last two decades -- is the belief that fortune lies not in our stars but in our changing selves. She has told several thousand guests that blaming any destiny -- whether biological or environmental--just isn't going to cut it. Even in her own much-publicized battles with moods, mother, and metabolism, Oona has always insisted that anyone can escape any fate by a daily application of near-religious will. Every person has at least enough will on tap to overcome any statistically reasonable adversity and to become if not intercontinentally successful, then at least solvent.“

 

 932607-4d0f6e9a198ede17ebe07999989ada63.jpg

Richard Powers (Evanston, 18 juni 1957)

 

 

 

 

 

De Franse schrijver Raymond Radiguet werd geboren op 18 juni 1903 in Saint-Maur-des-Fossés. Zie ook mijn blog van 18 juni 2007 en ook mijn blog van 18 juni 2008 en ook mijn blog van 18 juni 2009.

 

Uit: Le diable au corps

 

„Il est rare qu'un cataclysme se produise sans phénomènes avant-coureurs. L'attentat autrichien, l'orage du procès Caillaux répandaient une atmosphère irrespirable, propice à l'extravagance. Aussi mon vrai souvenir de guerre précède la guerre.

Voici comment :

Nous nous moquions, mes frères et moi, d'un de nos voisins, homme grotesque, nain à barbiche blanche et à capuchon, conseiller municipal, nommé Maréchaud. Tout le monde l'appelait le père Maréchaud. Bien que porte à porte, nous nous défendions de le saluer, ce dont il enrageait si fort, qu'un jour, n'y tenant plus, il nous aborda sur la route et nous dit : « Eh bien ! on ne salue pas un conseiller municipal ? » Nous nous sauvâmes. À partir de cette impertinence, les hostilités furent déclarées. Mais que pouvait contre nous un conseiller municipal ? En revenant de l'école, et en y allant, mes frères tiraient sa sonnette, avec d'autant plus d'audace que le chien, qui pouvait avoir mon âge, n'était pas à craindre.

 

 

 932607-960f88802722426d1f2c7712964154f2.jpg

Scene uit de film met Micheline Presle en Gérard Philipe, 1947

 

 

La veille du 14 juillet 1914, en allant à la rencontre de mes frères, quelle ne fut pas ma surprise de voir un attroupement devant la grille des Maréchaud. Quelques tilleuls élagués cachaient mal leur villa au fond du jardin. Depuis deux heures de l'après-midi, leur jeune bonne étant devenue folle se réfugiait sur le toit et refusait de descendre. Déjà les Maréchaud, épouvantés par le scandale, avaient clos leurs volets, si bien que le tragique de cette folle sur un toit s'augmentait de ce que la maison parût abandonnée. Des gens criaient, s'indignaient que ses maîtres ne fissent rien pour sauver cette malheureuse. Elle titubait sur les tuiles, sans, d'ailleurs, avoir l'air d'une ivrogne. J'eusse voulu pouvoir rester là toujours, mais notre bonne, envoyée par ma mère, vint nous rappeler au travail. Sans cela, je serais privé de fête. Je partis la mort dans l'âme, et priant Dieu que la bonne fût encore sur le toit, lorsque j'irais chercher mon père à la gare.

Elle était à son poste, mais les rares passants revenaient de Paris, se dépêchaient pour rentrer dîner, et ne pas manquer le bal. Ils ne lui accordaient qu'une minute distraite“.

 

 

 

 932607-e6fe0d32008fb625b619751ccd3e6003.jpg

Raymond Radiguet (18 juni 1903 – 12 december 1923)

Raymond Radiguet en Jean Cocteau op het strand van Lavandou (1922)

 

 

 

 

 

De Engelse dichter Geoffrey Hill werd geboren op 18 juni 1932 in Bromsgrove, Worcestershire. Zie ook mijn blog van 18 juni 2007 en ook mijn blog van 18 juni 2008 en ook mijn blog van 18 juni 2009.

 

 

Mercian Hymns VII

 

Gasholders, russet among fields. Milldams, marlpools that lay

unstirring. Eel-swarms. Coagulations of frogs: once, with branches and

half-bricks, he battered a ditchful; then sidled away from the stillness

and silence.


Ceolred was his friend and remained so, even after the day of the lost

fighter: a biplane, already obsolete and irreplaceable, two inches of

heavy snub silver. Ceolred let it spin through a hole in the

classroom-floorboards, softly, into the rat-droppings and coins.

 

After school he lured Ceolred, who was sniggering with fright, down to

the old quarries, and flayed him. Then, leaving Ceolred, he journeyed

for hours, calm and alone, in his private derelict sandlorry named

Albion.

 

 

 

In Memory of Jane Fraser 

 

When snow like sheep lay in the fold

And wind went begging at each door,

And the far hills were blue with cold,

And a cloud shroud lay on the moor,

 

She kept the siege. And every day

We watched her brooding over death

Like a strong bird above its prey.

The room filled with the kettle's breath.

 

Damp curtains glued against the pane

Sealed time away. Her body froze

As if to freeze us all, and chain

Creation to a stunned repose.

 

She died before the world could stir.

In March the ice unloosed the brook

And water ruffled the sun's hair.

Dead cones upon the alder shook.

 

 

 932607-5fb687d0ce77000e7cd0edc380a6747c.jpg

Geoffrey Hill (Bromsgrove, 18 juni 1932)

 

 

 

 

De Nederlandse schrijver en dichter Bert Schierbeek (1918-1996) werd geboren op 18 juni 1918 in Glanerbrug in Twente. Zie ook mijn blog van 18 juni 2007 en ook mijn blog van 18 juni 2008 en ook mijn blog van 18 juni 2009.

 

 

Voor Anne Frank

 

in die kleine catacombe

hoog op zolder aan de gracht

met nog net dat ene raam

waarin je de ster nog zag

die je al in je droeg daar heb je

in een schriftje binnen

verwachting en angst

je onsterfelijkheid vast

opgeschreven een licht

waarvoor geen lampenkap

meer nodig was

het stond al vast

 

 

 

Ishi

 

Ishi

de laatste van zijn stam

een roodhuid

wordt gekoesterd

(Hij weet nog alles van zijn stam

het bos, de dieren, de planten)

hij zoekt een spoor

als geen ander

hij is Ishi

de laatste

en leeft in een museum

(hij snijdt pijlpunten, maakt

pijlen en bogen en mag er niet

mee schieten op blanken)

zij koesteren Ishi

de laatste

hij werkt in hun museum

(de blanken houden van Ishi)

(de laatste)

tot aan zijn dood

door tuberculoze

waaraan geen blanke

(zij houden van hem)

meer sterft

alleen Ishi

de laatste

van zijn stam.

 

 

 

932607-86ab59a112d65f72686a09a0a5eafe1e.jpg
Bert Schierbeek (18 juni 1918- 9 juni 1996)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 18e juni ook mijn vorige blog van vandaag.
Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Aster Berkhof, Karin Fellner, Mirjam Pressler, Günter Seuren, Utta Danella, George Essex Evans, Ivan Gontsjarov, Jean-Claude Germain, Martin Greif

De Vlaamse schrijver Aster Berkhof (eig. Louis van den Bergh werd geboren in Rijkevorsel op 18 juni 1920. Zie en ook mijn blog van 18 juni 2009.

 

Uit: Veel geluk professor

 

„Toen hij, beneden in het dal, uit het station kwam, bleef hij enkele ogenblikken met zijn valies in de hand voor de uitgang staan, en hij keek rond. Het dal lag als een reusachtige schelp onder de blauwe hemel. Het besneeuwde stadje leek uit een sprookjesboek geknipt. De bergen die het omsloten, waren als belegd met hermelijn. De pijnbomen die tegen de hellingen optorenden, zagen eruit als grote kerstbomen, behangen met zilver en diamant, en de huisjes in de verte leken met hun laaghangend sneeuwdak en hun zwarte stijlen op kabouterhuisjes.

Het was wonderbaar. Pierre ademde diep, en de lucht was zo dun en zo ijl, dat zijn hoofd er duizelig van werd.

‘Als je de bus wilt nemen, moet je je haasten, broeder’, riep iemand.

Hij keek om en zag de autobus staan, die zijn richting uitging en waarin verscheidene reizigers met hun pakken en hun ski's hadden plaatsgenomen. De chauffeur hing naar buiten en bleef op hem wachten.

‘Rij maar door!’ riep Pierre opgewekt. ‘Ik ga te voet.’

‘Je hebt meer moed dan ik’, zei de chauffeur, terwijl hij het raampje dichtschoof, de motor aanzette en vertrok.

Pierre keek de bus na, en glimlachte. Laat ze maar in die muffe ruimte zitten, dacht hij. Ik heb de lucht en de zon en de sneeuw. En hij keek omhoog naar het kasteel, helemaal boven op de berg, waar hij moest zijn, omvatte nog eens met één blik al de heerlijkheid daarrond en begon te gaan. Een kilometer of drie, dacht hij. Als ik het spoor van de autobus volg, kan ik niet verkeerd lopen.“

 

 

 932599-da85c33b14adfd35b8c74befaf9afaf2.jpg

Aster Berkhof (Rijkevorsel, 18 juni 1920)

 

 

 

 

De Duitse dichteres Karin Fellner werd geboren 1970 in München, waar zij nog steeds woont. Zie ook mijn blog vqn 19 juni 2009.

 

Uit: Avantgarde des Schocks

 

 

das zwanghafte kratzen am schorf
lehnt er im fenster nackt
zum takt der motoren steht der
morgen ihm jetzt zur verfügung
genügt ein handgriff vors haus
zu treten zu sehen ob

er ein bier oder etwas
ihn benötigt im
leuchtstoff der marken zwischen
marktschreiern schaut er aus
flocken staub dieses stöbern
manöver auf eis er zögert

nur aus der ferne ölt
wärme die schulterblätter

 

 

 932599-e4acb772e48eaa02012b5b8e1f8e7655.jpg

Karin Fellner (München, 18. Juni 1970)

 

 

 

 

 

De Duitse schrijfster en vertaalster Mirjam Pressler werd geboren op 18 juni 1940 in Darmstadt. Zie ook mijn blog van 18 juni 2009.

 

Uit: Bitterschokolade

 

"Eva", sagte Herr Hochstein. Eva senkte den Kopf, griff nach ihrem Füller, schrieb. "Eva", sagte Herr Hochstein noch einmal. Eva senkte den Kopf tiefer, griff nach Lineal und Bleistift, zeichnete die Pyramide. Sie hörte ihn nicht. Sie wollte ihn nicht hören. Nicht aufstehen, nicht zur Tafel gehen. Jetzt hatte sie gewackelt. Blind tastete sie nach dem Federmäppchen, ließ ihre Finger über die Gegenstände gleiten, harte Bleistifte, ein kleiner, kantiger Metallspitzer, der Kugelschreiber mit der abgebrochenen Klammer, aber kein Radiergummi. Sie nahm ihre Schultasche auf die Knie, suchte mit gesenktem Kopf. Man kann lange nach einem Radiergummi wühlen. Ein Radiergummi ist klein in einer Schultasche.
"Barbara", sagte Herr Hochstein. In der dritten Reihe erhob sich Babsi und ging zur Tafel. Eva schaute nicht auf. Aber sie wusste trotzdem, wie Babsi ging, mit schmalen, langen Beinen, mit dem kleinen Hintern in engen Jeans.
Eva fand den Radiergummi und hängte die Schultasche wieder an den Haken. Sie radierte die verwackelte Linie und zog sie neu.
"Gut hast du das gemacht, Barbara" sagte Herr Hochstein. Babsi kam durch den schmalen Gang zwischen den Bankreihen zurück und setzte sich. In ihr Stuhlrücken hinein schrillte die Glocke.“

 

 

 932599-ac4c5bab53f20f12b9b6073b64076ef4.jpg

Mirjam Pressler (Darmstadt, 18 juni 1940)

 

 

 

 

De Duitse schrijver Günter Seuren werd geboren op 18 juni 1932 in Wickrath, Niederrhein. Zie ook mijn blog van 18 juni 2009.

 

Uit: Das Gatter

 

“Sie ist abgereist. Ich habe gewinkt und mir dann im Bahnsteigtunnel eine sandfarbene Vitrine mit Jagdflinten angesehen, ein Löwenfell war schräg über die Rückwand der Vitrine gespannt, in der rechten Ecke stand ein schwarzes Korkenzieher-Gehörn, zur Mitte hin Speere und eine Kikuyu-Trommel, Sandfarbe trat an die Stelle des roten Rücklichts, Sandfarbe schob es weg.

Ich konnte jetzt hingehen, wohin ich wollte. Ich konnte jetzt eine Fahrkarte lösen und übers Wochenende in das Kaff fahren. Clara hat mich mehrere Male zu einem gemeinsamen Besuch gedrängt. Sie will, daß ich ihr ein paar Leute vorstelle, sie will alles kennenlernen, sie glaubt, daß sie ein Recht darauf hat. Ich habe gesagt, das hat Zeit, das läuft nicht davon, ich wollte vorläufig nicht, daß wir zusammen hinfuhren. Unsere Motive für einen solchen Besuch sind zu verschieden.

Als sie fort war, ging ich erst in ein ziemlich schräges Lokal gegenüber dem Hauptbahnhof und trank ein paar Wacholder im Stehen, dann ging ich zu »Bruno« und trank aus Zwergtassen Espresso, etwa so viel, wie ich an Wacholder bestellte. Danach hätt' ich mir gern mal wieder die Heilsarmee auf dem Bahnhofsvorplatz angesehen, die einmal in der Woche hier die Saiten zupft und ihr verschossenes Weinrot an Hut und Kragen wirken läßt. Aber es war kein Heilsarmee-Tag.

Ich habe Clara den Platz im Schnee verschafft, damit sie sich erholen kann. Sie holte sich eine Handvoll Prospekte, nachdem ich ihr vierzehn Tage Ruhe angeboten hatte, die sie dringend brauchte; Clara, die mit ihren zweiundzwanzig Jahren schon das Herz bis in den Arm spürt. Was soll ich dazu sagen? Ich kann nur wiederholen, daß ich auf die Vitrine zuging, das Zeug lenkte mich ab. Sonst hätte ich mich vielleicht schon auf der Bahnsteigtreppe fragen müssen, ob dir die vierzehn Tage helfen und wie oft du es vielleicht unterdrückt hast zu sagen, woher dein Herzflattern kommt.”

 

 

932599-719d225f6a42bfe8ab79192b07e05dc0.jpg
Günter Seuren (18 juni 1932 – 10 december 2003)

 

 

 

 

De Duitse schrijfster Utta Danella (eig.Utta Denneler) werd geboren op 18 juni 1924 in Berlijn. Zie ook mijn blog van 18 juni 2007 en ook mijn blog van 18 juni 2008 en ook mijn blog van 18 juni 2009.

 

Uit: Tanz auf dem Regenbogen

 

„Der alte Mann steht reglos vor dem breiten Schaufenster, das seine strahlende Lichterflut verschwenderisch über ihn ergießt. Der kalte Winterwind zerrt an seinem schäbigen Mantel, nasse Schneeflocken, silbern aufglänzend im Licht, wirbeln um seine schmächtige Gestalt, der Asphalt zu seinen Füßen ist von Schneematsch bedeckt. An ihm vorbei hasten die Menschen; die Köpfe geneigt, die Kragen hochgeschlagen, eilen sie durch die abendliche Straße, die jetzt zu dieser Stunde gedrängt voll ist.

Es ist so kalt und ungemütlich, daß selbst die Frauen, die sonst an keinem Schaufenster vorbeigehen können, vor dem Modehaus Tavern nicht stehenbleiben. Die eleganten Damen, die hier kaufen, sind bei diesem Wetter sowieso nicht unterwegs. Sie sitzen beim Tee, beim Bridge oder fahren allenfalls in einem der lautlosen Wagen vorbei.

Auch die Mädchen, die aus den Büros der Umgebung kommen, verlangsamen ihre Schritte nicht. Höchstens werfen sie einen kurzen Blick in die Auslage. Sie kennen das Kleid. Es liegt schon seit fünf Tagen da. Zum Wochenende wird Tavern seine Auslage wechseln, dann kann man wieder einmal stehenbleiben, kann einen langen, sehnsüchtigen Blick auf unerfüllte Träume werfen. Bei einem Mo-

natsgehalt von 400 oder bestenfalls 600 Mark kauft man nicht bei Tavern.“

 

 

 932599-ce4f06f57645b702681c831a4610baa6.jpg

Utta Danella (Berlijn, 18 juni 1924)

 

 

 

De Australische dichter George Essex Evans werd geboren op 18 juni 1863 in Londen. Zie

ook mijn blog van 18 juni 2009.

 

 

The Women of the West

 

They left the vine-wreathed cottage and the mansion on the hill,

The houses in the busy streets where life is never still,

The pleasures of the city, and the friends they cherished best:

For love they faced the wilderness -- the Women of the West.

 

The roar, and rush, and fever of the city died away,

And the old-time joys and faces -- they were gone for many a day;

In their place the lurching coach-wheel, or the creaking bullock chains,

O'er the everlasting sameness of the never-ending plains.

 

In the slab-built, zinc-roofed homestead of some lately taken run,

In the tent beside the bankment of a railway just begun,

In the huts on new selections, in the camps of man's unrest,

On the frontiers of the Nation, live the Women of the West.

 

The red sun robs their beauty, and, in weariness and pain,

The slow years steal the nameless grace that never comes again;

And there are hours men cannot soothe, and words men cannot say --

The nearest woman's face may be a hundred miles away.

 

The wide bush holds the secrets of their longing and desires,

When the white stars in reverence light their holy altar fires,

And silence, like the touch of God, sinks deep into the breast --

Perchance He hears and understands the Women of the West.

 

For them no trumpet sounds the call, no poet plies his arts --

They only hear the beating of their gallant, loving hearts.

But they have sung with silent lives the song all songs above --

The holiness of sacrifice, the dignity of love.

 

Well have we held our father's creed. No call has passed us by.

We faced and fought the wilderness, we sent our sons to die.

And we have hearts to do and dare, and yet, o'er all the rest,

The hearts that made the Nation were the Women of the West.

 

 

 932599-654f32b8652ed412a4039c7c11b489c0.jpg

George Essex Evans (18 juni 1863 – 10 november 1909)

 

 

 

 

De Russische schrijver Ivan Aleksandrovitsj Gontsjarov werd geboren op 18 juni 1812 in Simbirsk als zoon van een graanhandelaar. Zie ook mijn blog van 18 juni 2007 en ook mijn blog van 18 juni 2008 en ook mijn blog van 18 juni 2009.

 

Uit: Oblomow (Vertaald door Reinhold von Walter)

 

„In der Gorochowaja, in einem jener großen Häuser, deren Bewohner für eine ganze Kreisstadt langen würden, lag eines Morgens Ilja Iljitsch Oblomow im Kabinett seiner Wohnung im Bett.

Er war ein mittelgroßer Mann von zweiunddreißig, dreiunddreißig Jahren, hatte ein angenehmes Äußeres und dunkelgraue Augen, doch fehlte seinen Gesichtszügen jeglicher bestimmte Ausdruck und jegliche innere Spannung. Die Gedanken huschten frei wie Vögel über das Gesicht, flatterten in den Augen, ließen sich auf den halbgeöffneten Lippen nieder, versteckten sich in den Falten der Stirn und verschwanden schließlich überhaupt; dann leuchtete das ganze Gesicht im gleichmäßigen Licht der Sorglosigkeit. Vom Gesicht wanderte die Sorglosigkeit in die Posen des ganzen Körpers und sogar in die Falten des Schlafrocks.

Manchmal verdüsterte sich sein Blick durch Müdigkeit oder Langeweile; doch vermochten weder Müdigkeit noch Langeweile auch nur einen Augenblick lang jene Weichheit aus dein Gesicht zu vertreiben, die der beherrschende und eigentliche Ausdruck nicht nur des Gesichts, sondern seiner ganzen Seele war; und diese Seele spiegelte sich offen und klar in den Augen, in seinem Lächeln, in jeder Bewegung des Kopfes und der Hände wider.

Und ein flüchtig beobachtender, kühler Mensch, der im Vorübergehen einen Blick auf Oblomow geworfen hätte, würde wohl gesagt haben: Das muß ein guter, einfältiger Patron sein! Hätte jedoch ein Mensch sein Gesicht länger aufmerksam und mit größerem Wohlwollen betrachtet, wäre er vermutlich lächelnd, in angenehme Grübeleien versunken, weitergegangen.“

 

 

 932599-ebd8c39e6e1588a77c95aa5bd47906cc.jpg

Ivan Gontsjarov (18 juni 1812 - 27 september 1891)

 

 

 

 

Zie voor onderstaande schrijvers ook mijn blog van 18 juni 2009.

 

De Canadese schrijver, journalist en historicus Jean-Claude Germain werd geboren op 18 juni 1939 in Montral.

 

De Duitse dicher en schrijver Martin Greif (eig. Friedrich Hermann Frey werd geboren op 18 juni 1839 in Speyer.

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Peter Rosei, Gail Jones, Ward Ruyslinck, Max Dendermonde

De Oostenrijkse dichter en schrijver Peter Rosei werd geboren op 17 juni 1946 in Wenen. Zie ook mijn blog van 17 juni 2009 en eveneens alle tags voor Peter Rosei op dit blog.

 

Uit: Das große Töten

 

„Ein nicht mehr ganz junger Mann saß vorgebeugt an einem weiß angestrichenen, simplen Küchentisch und betrachtete in Gedanken versunken das Photo eines anderen, eines, im Vergleich zu ihm, jüngeren Mannes. Er hielt das Photo, das mit einer einfachen Leiste aus gebeiztem Holz gerahmt war, in der schweren Hand. Das eine oder andere Mal beugte er sich zu dem Bild vor, wie um zu ihm zu reden oder, wenn möglich, es noch genauer ins Auge zu fassen.

Das verblichene Photo zeigte einen Uniformierten, einen Mann in Uniform, einen Soldaten. Auf dem Käppchen oder Schiffchen, das er schief und unternehmungslustig auf dem Kopf trug, war eine runde Kokarde befestigt, in deren Mitte das Hakenkreuz stand.

Der Mann auf dem Bild lächelte. Oder versuchte er bloß zu lächeln, tapfer zu lächeln, wie man sagt?

Seine Lippen standen ein wenig offen, was ihn fast kindlich und jedenfalls unerfahren aussehen ließ. Dieser Eindruck wurde noch verstärkt durch die Ebenheit und offene Durchsichtigkeit seines glattrasierten Gesichtes, durch die etwas abstehenden Ohren. Haare sah man auf dem Bild nicht, nur ein paar ganz kurze, helle Stoppeln rechts und links des Käppchens.

Der Mund war breit, vielleicht ein wenig zu breit im Verhältnis zur Größe des Gesichts, zur Nase - die man erst zweimal anschauen mußte, um sie zu sehen, so unausgeprägt war sie.

Der Mann drehte das Bild um: Auf der Hinterseite, auf grauem Karton, der mit angerosteten Stecknadeln am Rahmen befestigt war, stand, mit Bleistift hingeschrieben: 1939, Oberwart.

 

 

 932528-a29a4e8f818e16ea5f08c65b89088a25.jpg

Peter Rosei (Wenen, 17 juni 1946)

 

 

 

 

De Australische schrijfster Gail Jones werd geboren op 17 juni 1950 in Harvey. Zie ook mijn blog van 17 juni 2009.

 

Uit: On Knowledge

 

„On the remote and tiny island off northern Australia where my mother and father worked as missionaries there was one area of beach I was prohibited to visit. It was, my father explained, some kind of cleansing beach, a place where the Aboriginal people, in times of intolerable distress or guilt, walked into the sea, cast off their clothes, and then, after whatever due ceremony or act of communion, re-emerged naked to the world and mysteriously renewed. I would know this special beach, my father warned, by the odd litter of clothing thrown back by the sea, and if, by chance, I ever came upon this beach, this unusual beach of littered clothes, then I must turn the other way, and walk back to the place from which I had come.

Even then I understood that it was nakedness not sacredness that caused my father's warning. He had no particular respect for Aboriginal culture; indeed he was doing his utmost to dissuade the people from their tribal ways. It was with contempt and with a peculiar contraction of the lips - which seemed to signify an almost physical sensation of disgust - that he spoke of their dances and fights, their sucking at turtles' eggs and scooping at the bellies of fish, their laborious body painting, their elaborate funerals, their night-time descriptions of their own cosmogony. The things that fascinated me he regarded as primitive and in need of conversion. He would shake his grey head and with a melancholy tone of false solicitude lament that the Aboriginal people were insufficiently intelligent to see the wisdom of his ways. To me this opinion was inexplicable: it was only later that I realised that contempt, like hatred, actually explains everything.“

 

 

 932528-fdd21cfd5436a77a05ebe6fb70fc2d9c.jpg

Gail Jones (Harvey, 17 juni 1950)

 

 

 

 

De Vlaamse schrijver Ward Ruyslinck (pseudoniem van Raymond Charles Marie De Belser) werd geboren in Berchem op 17 juni 1929. Zie ook mijn blog van 17 juni 2006 en eveneens mijn blog van 17 juni 2007 en ook mijn blog van 17 juni 2008 en ook  mijn blog van 17 juni 2009

 

Uit: Wierook en tranen

 

„Op de weg stonden de tanks. Het waren er lang geen honderd, maar toch veel meer dan ik er ooit bijeen gezien had. Bijna was ik geneigd te geloven dat heel het Duitse tankleger zich op dit punt verzameld had. We liepen met vreemde gemengde gevoelens langs de lange rij gepantserde kolossen, die op de door hoge bomen overschaduwde baan tot stilstand gekomen waren. We keken ernaar met schuwe zijdelingse blikken, maar onze harten waren vervuld met bewondering en ontzag voor deze reusachtige vergrotingen van onze eigen blikken speelgoedtanks. Ze zagen er ook heel anders uit dan de Belgische en Engelse tanks die we voordien gezien hadden, groter en sterker en indrukwekkender. De tanks der verbondenen deden veeleer denken aan kleine dorsmolentjes of sommige van die nieuwerwetse landbouwmachines dan aan oorlogstuigen. Ze maakten een vreedzame en beslist ongevaarlijke indruk, met hun lichte bepantsering en het korte onaanzienlijke knalpijpje dat het kanon moest verbeelden. Neen, dan waren de Duitse tanks helemaal anders. Geen wonder dat onze soldaten voor die duivelse gevaarten op de loop gingen nog vooraleer de Duitsers hun kanonnen hadden kunnen richten.”



932528-6f5a8f19d4d0b10121886cb5895028e4.jpg
Ward Ruyslinck (Berchem, 17 juni 1929)

 

 

 

 

De Nederlandse dichter en schrijver Max Dendermonde (pseudoniem van Hendrik Hazelhoff) werd geboren op 17 juni 1919 in Winschoten. Zie ook mijn blog van 17 juni 2006 en mijn blog van 17 juni 2007 en ook mijn blog van 17 juni 2008 ook mijn blog van 17 juni 2009

 

 

Het meisje

De meeuwen op het schilderij
schenen na jaren weer te leven.
Alles stond loodrecht opgeheven:
het lamplicht golfde vloedgetij,
de vogelkooi verborg een beven.

Toen viel de sleutel in het slot;
de moeder boog zich van haar krant
en vaders pijp scheen uitgebrand
-- een lucifer brak kort kapot --
en elk geluid stond breed omrand.

De broze stemmen in de gang
kwamen de kamer ingebogen:
de deur gleed open, overwogen.
Nu hief de vogelkooi zijn zang,
de meeuwen zweefden moegevlogen.

De zoon bracht haar de kamer binnen;
haar eerste woord, haar bruine hand
gaf aan het lamplicht blonder rand
en bleek slagstoots te overwinnen
de achterdocht van moeders kant.



932528-b7b7ec7ad75213941a93feab3f90502d.jpg
Max Dendermonde (17 juni 1919 – 24 maart 2004)




Zie voor nog meer schrijvers van de 17e juni ook mijn vorige blog van vandaag.
Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Hanna Johansen, Henry Lawson, Ferdinand Freiligrath, Henrik Wergeland, John Hersey, Felix Hartlaub, Ossip Schubin

De Zwitserse schrijfster Hanna Johansen (eig. Hanna Margarete Meyer) werd geboren op 17 juni 1939 in Bremen. Zie ook  mijn blog van 17 juni 2009

 

Uit: Lena

 

Um vier will sie hiersein.

Mit dem Zug, sagt sie. Nicht daß sie kein Auto hätte. Autos sind zum Fahren da, sage ich. Ach, Lena, sagt sie. Sie weiß, daß ich alles über die Klimaveränderung weiß, und ist so lieb, mich nicht daran zu

erinnern. Wie spät? Noch nicht mal eins, Zeit genug, den Tisch zu decken. Hier vorne in der Veranda, wo sie so gern sitzt und auf die Straße sieht. Zwetschgenkuchen hat sie sich wieder gewünscht,

wenn's geht, hat sie gesagt, und Zwetschgenkuchen geht heutzutage sogar im November. Daß sie ausgerechnet am zwölften kommen will, wundert mich. Ich glaube, sie weiß gar nicht, daß das Ludwigs Geburtstag ist.

Ich habe es ihr jedenfalls nie gesagt. Nicht mal fünfundneunzig, als sie bei mir gewohnt hat. Ein ganzes Jahr mit Phia, das habe ich mir oft gewünscht. Und es ist so schön gewesen. In dem Jahr habe ich mir überlegt, ob ich sie mitnehmen sollte auf den Friedhof, weil es sein Sechzigster war. Mein kleiner Bruder, mit achtundvierzig. Er ist immerhin ihr Onkel. Aber wir hätten damit rechnen müssen, seiner Witwe in die Arme zu laufen, und das wollte ich ihr ersparen. Schließlich weiß sie nichts über all die Vorwürfe, die in der Luft liegen, und was soll ich sie damit belasten. Habe ich gedacht. Vielleicht war das falsch. Wir müssen darüber reden, wenn sie kommt.

Kalt war es heute, so früh am Morgen. Aber ich friere nicht nur morgens, und der Friedhof ist immer windig, im November erst recht, wenn das ganze Laub schon unten ist. Früher hat mir diese Jahreszeit gefallen, aber jetzt wird es glatt mit all den nassen Blättern. Ich gehe trotzdem zu Fuß. Lächerlich käme ich mir vor, in einem Taxi. So viele Krähen wie heute morgen sind sonst nie dagewesen. Krähen wie früher, wenn ich den langen Weg auf der Heerstraße in die Schule gegangen bin. Und genauso laut. Oben in den Eichen hatten sie ihre Nester. Erst in der vierten Klasse habe ich keine Angst mehr gehabt vor ihnen.“

 

 

 932522-ddfcfc1f31a7b3ab4a3fa036b01bcd84.jpg

Hanna Johansen (Bremen, 17 juni 1939)

 

 

 

 

De Australische dichter en schrijver Henry Archibald Lawson werd geboren op 17 juni 1867 in Grenfell, New South Wales. Zie ook mijn blog van 17 juni 2007 en ook mijn blog van 17 juni 2008 en ook  mijn blog van 17 juni 2009

 

 

A Bush Girl 

 

She's milking in the rain and dark,

As did her mother in the past.

The wretched shed of poles and bark,

Rent by the wind, is leaking fast.

She sees the “home-roof” black and low,

Where, balefully, the hut-fire gleams—

And, like her mother, long ago,

She has her dreams; she has her dreams.

The daybreak haunts the dreary scene,

The brooding ridge, the blue-grey bush,

The “yard” where all her years have been,

Is ankle-deep in dung and slush;

She shivers as the hour drags on,

Her threadbare dress of sackcloth seems—

But, like her mother, years agone,

She has her dreams; she has her dreams.

 

The sullen “breakfast” where they cut

The blackened “junk.” The lowering face,

As though a crime were in the hut,

As though a curse was on the place;

The muttered question and reply,

The tread that shakes the rotting beams,

The nagging mother, thin and dry—

God help the girl! She has her dreams.

 

Then for “th’ separator” start,

Most wretched hour in all her life,

With “horse” and harness, dress and cart,

No Chinaman would give his “wife”;

Her heart is sick for light and love,

Her face is often fair and sweet,

And her intelligence above

The minds of all she’s like to meet.

 

She reads, by slush-lamp light, may be,

When she has dragged her dreary round,

And dreams of cities by the sea

(Where butter’s up, so much the pound),

Of different men from those she knows,

Of shining tides and broad, bright streams;

Of theatres and city shows,

And her release! She has her dreams.

 

Could I gain her a little rest,

A little light, if but for one,

I think that it would be the best

Of any good I may have done.

But, after all, the paths we go

Are not so glorious as they seem,

And—if t’will help her heart to know—

I’ve had my dream. ’Twas but a dream.

 

 

 932522-34a240e33a9bca5efd9b9e88f53bf28a.jpg

Henry Lawson (17 juni 1867 – 2 september 1922)

Portret door Sir John Longstaff

 

 

 

 

De Duitse dichter en schrijver Ferdinand Freiligrath werd geboren op 17 juni 1810 in Detmold. Zie ook mijn blog van 17 juni 2007 en ook mijn blog van 17 juni 2008 ook  mijn blog van 17 juni 2009

 

 

Das Husarenpferd

Vor mir stand der muth'ge Rapp,

Der zum Kampfe wohl geschirrte;

Nagte schier die Zügel ab,

Schlug das Pflaster, daß es klirrte.

 

Funken flogen, und ich sprach:

"Dieses Pflaster, Rapp, ist steinern;

Aber kommen wird der Tag,

Wo dir eines dröhnt, das beinern:

 

Auf dem Schlachtfeld Stirn an Stirn

Derer, welche sie erschlugen!

Nur gewiehert! Blut und Hirn

Sind der Mörtel seiner Fugen!

 

Und als Funkensaat entsprüh'n

Ihm der Sterbenden Gedanken!

Ihre letzten! sengend glüh'n

Sie um Schenkel dir und Flanken!

 

Wimmernd diese, fluchend die,

Werden alle dich verklagen!

Aber schnaubend wirst du sie

Mit dir fort im Hufhaar tragen!"

 

 


932522-861464dafa5850754fa2a7f5d6f0092d.jpg
Ferdinand Freiligrath (17 juni 1810 – 18 maart 1876)

Buste in Detmold, Lippische Landesbibliothek





De Noorse dichter en schrijver
Henrik Wergeland werd op 17 juni 1808 in Kristiansand (aan de zuidkust van Noorwegen) geboren. Zie ook
 mijn blog van 17 juni 2009

 

 

JULEAFTENEN – HEILIGERABEND (Fragment)

 

In solchem Sturm – am heiligen Abend -

als die Nacht vor Tagesende fiel,

War da ein Jude, fast verloren,

inmitten schwedischer Wüste, dem Tived Wald.

Er wurde in der Stadt erwartet, zu Weihnachten,

von Mädchen, sich nach seinem Beutel sehnend,

voll Spangen, Schmuck und alledem,

was sie für die Morgen brauchten,

Stefanie und Neujahr .

Es machte ihr Verlangen dringend, doch nicht bange,

weil „Gamle- Jakob“ noch keine

Weihnacht ausgeblieben war :

Er kam so sicher ,

wie der heilige Abend selbst.

“Still! War es abermals der Sturm,

der durch die Äste heulte?

Es schrie.

Jetzt schreit es gar noch mal.“

Und Gamle- Jakob

stand erstarrt und lauschte nach dem zweiten Mal.

Da war das Klagen weg.

Der Sturm er säufte es ,

wie Wasse fälle über jenem dröhnen, der ertrinkt.

Er wandert weiter . „Halt! Schon wieder ein Geräusch!“

- ein Laut durch des Waldes Rauschen schneidend.

„Die falsche Eule schreiet wie ein Kind.

Wer lässt ein Kind in solchem Sturme?

Nicht mal ein Wolf tät dies mit seinen Jungen.“

 

 

932522-1bd1bda2f6db4fba96dc26bcfa6e5ae4.jpg
Henrik Wergeland (17 juni 1808 – 12 juli 1845)

 

 

 

 

 

Zie voor onderstaande schrijvers ook mijn blog van 17 juni 2009.

 

De Amerikaanse schrijver en journalist John Hersey werd geboren op 17 juni 1914 in Tientsin in China.

 

De Duitse schrijver Felix Hartlaub werd geboren op 17 juni 1913 in Bremen.

 

De Tsjechisch-Oostenrijkse schrijfster Ossip Schubin (eig. Aloisia Kirschner) werd geboren op 17 juni 1854 in Praag.

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten