Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 11 oktober 2011 tot 12 oktober 2011

Stefaan van den Bremt, Eugenio Montale, Robert Fitzgerald

De Vlaamse dichter en essayist Stefaan van den Bremt werd geboren in Aalst op 12 oktober 1941. Zie ook mijn blog van 12 oktober 2009 en ook mijn blog van 12 oktober 2010.

 

 

Ode aan de mus

 

Schuim onder de vogels,
schuim dat wegstuift en
weer aanwuift als een
kwetterende stofwolk,
schorem dat vecht om
elke kruimel, stof-
badend plebs, honk-
vaste landloper,
Jan Rap die doodgaat
zonder maat, brutale
bek die stinkt naar
paardenvijgen, gespuis
dat vliegt.

 

 

 

Moissac

 

Hoe moeten we door dit portaal
naar binnen? Ik kan niet verder
en blijf staan. Tussen de sleutels
die Petrus peinzend koestert
en Jesaja's neergeslagen blik
rekken zich leeuw en leeuwin
staande op leeuwin en leeuw.
Naast Jeremias, rug aan rug met
Paulus, starend naar de voorhal
van een kerk vol heidenen.
Ik kijk omhoog en zie de deur
die is geopend in de hemel.
Ik zie de troon en op die troon
versteent hij die tot leven wekt;
zijn linkerhand rust op een boek.
Hoe kom ik onder dit visioen
vandaan? Wat te beginnen
met de vierentwintig oudsten
en die vier dieren vol ogen,
die elk zes vleugels hebben,
en die twee sterke engelen
die zwijgen?
Wat moeten wij
met deze beelden, ontleend
aan een vergeten boek?

 

 

 

 1010648-b9e5eb7432f848568ac3c7f679398e0b.jpg

Stefaan van den Bremt (Aalst, 12 oktober 1941)

 

 

 

 

De Italiaanse dichter Eugenio Montale werd geboren in Genua op 12 oktober 1896. Zie ook mijn blog van 12 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Eugenio Montale op dit blog.

 

 

De citroenen

 

Luister naar mij, gelauwerde poëten

bewegen zich alleen maar tussen planten

met vreemde namen: buxussen ligusters of acanthen.

Maar ik, ik hou van wegen uitkomend bij dichtbegroeide

waterlopen waar in halfopgedroogde

modderpoelen soms kleine jongetjes

een schrale paling vangen;

van paadjes die de oeverranden volgen

en door gepluimde rietbosschages afdalen

naar groentetuinen tussen bomen vol citroenen.

 

Wanneer 't gekwetter van de rappe vogels

verstomt en opgaat in het diepe luchtblauw

beluister je beter het zacht gefluister

van de bevriende takken, daar waar bijna niets beweegt,

en deze zinnelijke geur

die niet van de aarde los kan komen

en in het hart een zoete onrust wekt.

Daar zwijgen als bij toverslag de passies

ver van de strijd die hen beheerste,

dan valt ook ons, armzaligen, ons deel van rijkdom toe,

de milde geur van de citroenen.

 

In deze stilten, waarin alle dingen

zich overgeven en bereid lijken

hun uiterste geheim te openbaren,

verwacht je soms wel eens

een fout van de Natuur op 't spoor te komen,

het dode punt der wereld, de schakel die niet houdt,

de te ontwarren knoop die ons uiteindelijk

in 't hart zal voeren van een waarheid.

De blik speurt om zich heen,

de geest gaat na verbindt en scheidt

in het parfum dat zich verspreidt

wanneer de dag haast wegdoezelt.

Dit zijn de stilten waarin je iedre

menselijke schim die zich verwijdert

als een verstrooide Godheid ziet.

           

Maar als de illusie wijkt, brengt ons de tijd

weer terug in steden vol lawaai waar 't hemels blauw

zich maar met mondjesmaat laat zien tussen de daken.

Regen maakt dan de aarde moe, en vol verveling

druppelt de dichte winter op de huizen,

het licht wordt schriel - bitter de ziel.

Maar op een dag zien we eensklaps door een poort

tussen de bomen van een binnenplaats

de gelen der citroenen oplichten;

dan smelt de kilte in ons binnenste

en heel ons hart wordt overstelpt

door 't feestgeschetter

van de gouden trompetten van het zonnelicht.

 

 
Vertaald door Frans van Dooren

 

 

 1010648-fdc985ef359cf9c29666f872ccb300ee.jpg

Eugenio Montale (12 oktober 1896 - 12 september 1981)

Zelfportret 

 

 

 


De Amerikaanse dichter, criticus en vertaler
Robert Stuart Fitzgerald werd geboren op 12 oktober 1910 in Springfield, Illinois. Zie ook mijn blog van 12 oktober 2008 en ook mijn blog van 12 oktober 2009 en ook mijn blog van 12 oktober 2010.

 

 

Et Quidquid Aspiciebam Mors Erat

 

“In this and whatever days to come  

The transparent world and its motions  

Compose a sheer void. How could  

That be removed upon which every  

Animate joy was founded? What   

Thrives now but the vile face of nature  

Made up by the sun to idiot glory?  

Let it sway and blow its intrinsic  

Monotony of vapors, seasons,  

Tumblebugs and blind men; let me  

Weep and curse those begetting fools,  

And honorably weep my life long.

 

“You would not cover me over  

With the dropping indecent clods,  

You sanctimonious bastards: take  

Such of my hatred as is left

When I have cursed the aspergent  

Water shaker with his stole, his  

Sotto voce Latin sing song;

You craving, self-important ghouls,  

Let me alone, or I will show you  

The savage green sprouting

Through the obscene holes of your eyes.

 

“Gone out of the air, not gone

Out of my nightly vision, yet

With desperate years to be corrupted  

There too, wasted, thinned

To the damned ghost of your convention—

You win in the end—he who was

So distinguished for patience,

For suffering, for valor,

Of such sensible pale fingers,  

A humorous, wise man.

 

“Hereby I curse this hard city  

And its whoring, golfing, political   

Poker-playing men, all those
Who were schoolfellows or friends  

In the old time, and never,

Though good churchgoers, visited him.  

And I engrave here my small blessing  

On that large silent decent one  

Who thought it friendliness to do so;  

Him and few others would I spare,  

But let the rest go rot in a worse  

Hell than even their own world is.  

Yet their unawareness is his grace,  

If grace be in this charnel progress:  

His ten-year sickroom I say

Shames with life their death forever,   

And all is death elsewhere.”

 

 

 

 1010648-a7d4ca81b0ecbad59bf433c3dc1efcac.jpg

Robert Fitzgerald (12 oktober 1910 – 16 januari 1985)





Zie voor nog meer schrijvers ook mijn vorige blog van vandaag.

Geschreven door Romenu om 19:12 Reageer op dit bericht

Paul Engle, Ann Petry, Louis Hemon, Paula von Preradović

De Amerikaanse dichter en schrijver Paul Engle werd geboren op 12 oktober 1908 in Cedar Rapids. Zie ook mijn blog van 12 oktober 2008 en ook mijn blog van 12 oktober 2009 en ook mijn blog van 12 oktober 2010.

 

 

Hero

 

I

I have heard the horn of Roland goldly screaming

In the petty Pyrenees of the inner ear

And seen the frightful Saracens of fear

Pour from the passes, fought them, brave in dreaming.

 

But waked, and heard my own voice tinly screaming

In the whorled and whirling valleys of the ear,

And beat the savage bed back in my fear,

And crawled, unheroed, down those cliffs of dreaming.

 

II

I have ridden with Hannibal in the mountain dusk,

Watching the drivers yell the doomed and gray

Elephants over the trumpeting Alps, gone gay

With snow vivid on peaks, on the ivory tusk.

 

But waked, and found myself in the vivid dusk

Plunging the deep and icy floor, gone gray

With bellowing shapes of morning, and the gay

Sunshaft through me like an ivory tusk.

 

III

I have smiled on the platform, hearing without shame

The crowd scream out my praise, I, the new star,

Handsome, disparaging my bloody scar,

Yet turning its curve to the light when they called my name.

 

But waked, and the empty window sneered my name,

The sky bled, drop by golden drop, each star

The curved moon glittered like a sickle's scar,

The night wind called with its gentle voices: Shame!

 

 

 1010646-6401b6e374cb6ca55f94a8c18730d9b0.jpg

Paul Engle (12 oktober 1908 – 25 maart 1991)

Hier in 1957 met Writers’ Workshop studenten

 

 

 

 

De Amerkaanse schrijfster Ann Petry werd geboren op 12 oktober 1908 in Old Saybrook, Connecticut. Zie ook mijn blog van 12 oktober 2009 en ook mijn blog van 12 oktober 2010.

 

Uit: In Darkness and Confusion

 

„He looked out toward the lobby of the hotel, attracted by the sound of voices. A white cop was arguing with a frowzy-looking girl who had obviously had too much to drink.
"I got a right in here. I'm mindin' my own business," she said with one eye on the bar.
"Aw, go chase yourself." The cop gave her a push toward the door. She stumbled against a chair.
William watched her in amusement. "Better than a movie," he told himself.
She straightened up and tugged at her girdle. "You white son of a bitch," she said.
The cop's face turned a furious red. He walked toward the woman, waving his nightstick. It was then that William saw the soldier. Tall Straight. Creases in his khaki pants. An overseas cap cocked over one eye. Looks like Sam looked that one time he was home on furlough, he thought.
The soldier grabbed the cop's arm and twisted the nightstick out of his hand. He threw it half the length of the small lobby. It ratted along the floor and came to a dead stop under a chair.
"Now what'd he want to do that for?" William said softly.“

 

 

1010646-6da777278cdcb28e9201489e7b1f3e1e.jpg
Ann Petry (12 oktober 1908 – 28 april 1997)

 

 

 

 

De Franse schrijver Louis Hemon werd geboren op 12 oktober 1880 in Brest in Bretagne. Zie ook mijn blog van 12 oktober 2010.

 

Uit: Maria Chapdelaine

 

«Ite missa est.»

La porte de l'église de Péribonka s'ouvrit et les hommes commencèrent à sortir.

Un instant plus tôt elle avait paru désolée, cette église, juchée au bord du chemin sur la berge haute, au-dessus de la rivière Péribonka, dont la nappe glacée et couverte de neige était toute pareille à une plaine. La neige gisait épaisse sur le chemin aussi, et sur les champs, car le soleil d'avril n'envoyait entre les nuages gris que quelques rayons sans chaleur et les grandes pluies de printemps n'étaient pas encore venues. Toute cette blancheur froide, la petitesse de l'église de bois et des quelques maisons, de bois également, espacées le long du chemin, la lisière sombre de la forêt, si proche qu'elle semblait une menace, tout parlait d'une vie dure dans un pays austère. Mais voici que les hommes et les jeunes gens franchirent la porte de l'église, s'assemblèrent en groupes sur le large perron, et les salutations joviales, les appels moqueurs lancés d'un groupe à l'autre, l'entrecroisement constant des propos sérieux ou gais témoignèrent de suite que ces hommes appartenaient à une race

pétrie d'invincible allégresse et que rien ne peut empêcher de rire.

Cléophas Pesant, fils de Thadée Pesant le forgeron, s'enorgueillissait déjà d'un habillement d'été de couleur claire, un habillement américain aux larges épaules matelassées; seulement il avait gardé pour ce dimanche encore froid sa coiffure d'hiver, une casquette de drap noir aux oreillettes doublées en peau de lièvre, au lieu du chapeau de feutre dur qu'il eût aimé porter.

À côté de lui Égide Simard, et d'autres qui, comme lui, étaient venus de loin en traîneau, agrafaient en sortant de l'église leurs gros manteaux de fourrure qu'ils serraient à la taille avec des écharpes rouges. Des jeunes gens du village, très élégants dans leurs pelisses à col de loutre, parlaient avec déférence au vieux Nazaire Larouche, un grand homme gris aux larges épaules osseuses qui n'avait rien changé pour la messe à sa tenue de tous les l'ours: vêtement court de toile brune doublé de peau de mouton, culottes rapiécées et gros bas de laine gris dans des mocassins en peau d'orignal.“

 

 

 1010646-0a74bdda8d02dd2898e3e7d80ea93283.jpg

Louis Hemon (12 oktober 1880 - 8 juli 1913)

 

 

 

 

De Oostenrijkse dichteres en schrijfster Paula von Preradović werd geboren op 12 oktober 1887 in Wenen. Zie ook mijn blog van 12 oktober 2008.

 

Ein Grab

 

Vater, ach wie lange bist du tot.

Aber diese nun ist deine Stunde.

Wunde, die dir floß, ward meine Wunde,

Not, die einst dich schlug, ward meine Not.

 

Frühzerbrochner Stimme krankes Läuten

Und das Scharfe deiner Schläfenfalten,

Heute wüßt ich, wem die Runen galten

Und den schrillen Ton wüßt ich zu deuten.

 

Die in Hoffart sich von dir entfernte,

Lieblos eilig deinen Weg gemieden,

Heut erschreit sie deinen bittern Frieden

Und das Licht, das deine Nacht besternte.

 

Heute, Vater, liegst du herrscherlich.

Denn der Gott, dem du gefront in Treue,

Des ich mich entschlagen sonder Reue,

Vielen Leides überwand er mich.

 

 

 

1010646-598fe4f982bfb38fca152b3f06206d2c.jpg
Paula von Preradović (12 oktober 1887 – 25 mei 1951)

Geschreven door Romenu om 19:07 Reageer op dit bericht

Gertrud von Le Fort, François Mauriac, Christoph Peters, Conrad Ferdinand Meyer, Han Resink, Boris Pilnjak, Pierre Jean Jouve, Hans Schiebelhuth, Richard H. W. Dillard

De Duitse schrijfster Gertrud von Le Fort werd geboren in Minden op 11 oktober 1876. Zie ook mijn blog van 11 oktober 2009.en ook mijn blog van 11 oktober 2010.

 

Uit: Prinzessin Christelchen

 

„Nein, danke. Sie können gehen, Erna.“ Die Kammerjungfer entfernte sich knixend, und Prinzessin Christine war allein in dem hellerleuchteten Toilettenzimmer. Sie nahm die weißen Rosen, welche von der Garnitur ihres Kleides übrig geblieben waren, und setzte sie in ein Glas, denn Prinzessin Christine konnte Blumen nicht welken sehen. Dann trat sie noch einmal vor den hohen Kristallspiegel. Es war ein scheuer, beinahe ängstlicher Blick, den sie hinein sandte, und gleich darauf wandte sie sich hastig ab. Es lohnte sich auch wahrhaftig nicht, lange hinein zu blicken. Eine kaum mittelgroße, schmächtige Gestalt, ein blasses, müdes Gesichtchen mit unregelmäßigen, nervösen Zügen, das war alles, was sie sah. Dazu ein schlichtes, weißes Kleid und an der Brust einige große, weiße Rosen, die genau so blass und müde den Kopf hängen ließen, wie die junge Prinzessin. Die Kammerjungfer hatte ihr durchaus noch einige dunkle Granaten ins Haar stecken wollen, aber Prinzessin Christine besaß eine Abneigung gegen lebhafte Farben, da war nichts zu machen gewesen.
Unten am Portal des Schlosses fuhren die ersten Wagen vor. Die kleine Prinzessin hatte sich einen Stuhl ans Fenster gezogen und presste den Kopf gegen die kühlen Scheiben. Wie wunderschön war es doch, hier allein zu sein! Sie hatte das so selten. Horch! Wieder ein Wagen! Neugierig blickte die Prinzessin hinunter. So also sah man ans, wenn man als junges Mädchen zum Ball fuhr! In große Abendmäntel gehüllt, stiegen eben zwei junge Damen in Begleitung einer älteren aus dem Wagen. Im Schein der hellen Lichter vor der Einfahrt des Schlosses konnte Prinzessin Christine ihre Gesichter deutlich erkennen. Die eine sah strahlend aus in froher Erwartung, die andere ein wenig aufgeregt, beinahe ängstlich.

Eben kamen von der anderen Seite mehrere junge Offiziere. Einer von ihnen sprach die Ängstliche an, wahrscheinlich benutzte er das Zusammentreffen, sie gleich um einen Tanz zu bitten. Sie nickte und lächelte - jetzt sah sie nicht mehr ängstlich ans. Es mußte doch ein eigener Reiz darinnen liegen, zum Tanze aufgefordert zu werden. Prinzessin Christine seufzte. Sie durfte ja nur befehlen - ach, immer nur befehlen!“

 

 

1009951-48da8532a74a538715a76819fbf64c61.jpg
Gertrud von Le Fort (11 oktober 1876 - 1 november 1971)

 

 

 

 

De Franse schrijver François Mauriac werd op 11 oktober 1885 geboren in  Bordeaux. Zie ook mijn blog van 11 oktober 2010. en eveneens alle tags voor François Mauriac op dit blog.

 

Uit : Thérèse Desqueyrou

 

“Thérèse, beaucoup diront que tu n'existes pas. Mais je sais que tu existes, moi qui, depuis des années t'épie et souvent t'arrête au passage, te démasque. Adolescent, je me souviens d'avoir aperçu, dans une salle étouffante d'assises, livrée aux avocats moins féroces que les dames empanachées ta petite figure blanche et sans lèvres. Plus tard, dans un salon de campagne, tu m'apparus sous les traits d'une jeune femme hagarde qu'irritaient les soins de ses vieilles.
Parentes, d'un époux naïf : __ "Mais qu'a-t-elle donc ? disaient-ils. Pourtant nous la comblons de tout."
Depuis lors, que de fois ai-je admiré, sur ton front vaste et beau, ta main un peu trop grande ! Que de fois, à travers les barreaux vivants d'une famille, t'ai-je vue tourner en rond, à pas de louve ; et de ton oeil méchant et triste tu me dévisageais.
Beaucoup s'étonneront que j'aie pu imaginer une créature plus odieuse encore que tous mes autres héros. Saurai-je jamais rien dire des êtres ruisselants de vertu et qui ont le coeur sur la main ? Les "coeurs sur la main" n'ont pas d'histoire... mais le connais celle des coeurs enfouis et tout mêlés à un corps de boue. J'aurais voulu que la douleur, Thérèse, te livre à Dieu ; et j'ai longtemps désiré que tu fusses digne du nom de sainte Locuste. Mais plusieurs, qui pourtant croient à la chute et au rachat de nos âmes tourmentées, eussent crié au sacrilège.
Du moins, sur ce trottoir où je t'abandonne, j'ai l'espérance que tu n'es pas seule.”

 

 

1009951-c0e0dc7362a951c9106390d8f5224984.jpg 

François Mauriac (11 oktober 1885 - 1 september 1970)

 

 

 

 

De Duitse schrijver Christoph Peters werd geboren op 11 oktober 1966 in Kalkar. Zie ook mijn blog van 11 oktober 2008 en ook mijn blog van 11 oktober 2009 en ook mijn blog van 11 oktober 2010.

 

Uit: Kommen und gehen

 

“Bei uns werde der Deich halten, bestimmt, hatte Vater gesagt, er halte seit zwanzig Jahren. Die Zeitung schrieb, daß es im Süden weiterhin regne, daß das Hochwasser steige, flußaufwärts seien ganze Landstriche überschwemmt. Das Laub hing gelb und naß von den Bäumen. Es gab keinen Himmel, nur den grauen Lappen Nebel, der nach Mist roch. Die Turmuhr schlug zwölf, dann heulte die Sirene wie jeden Samstag. Karl schaltete seinen Handpflug aus.
Ich hatte keine Angst zu ertrinken. Ich war traurig, daß es Winter wurde, da sperrte die Kälte einen oft ins Haus. Und enttäuscht, weil Ria dicke Bohnen gekocht hatte - die mochte ich nicht.
Karl trat zur Tür herein, nahm seinen speckigen Hut ab, die Gummistiefel hatte er draußen gelassen. Er setzte sich an den Tisch, steckte eine filterlose Zigarette an, strich den verklebten Rest Haare zurecht, mit einer Hand, die noch schmutziger war als seine Hose. Er trug zwei Paar Socken, durch die Löcher der oberen sah man die unteren, und sein linker großer Zeh ragte aus beiden. Karl hatte keine Frau, die sie ihm stopfte an den langen dunklen Abenden im Advent. Jedenfalls behauptete Grete, daß Karls Junggesellendasein der Grund für die Löcher, für seine ungepflegte Erscheinung sei. Er fragte: "Was macht die Schule?" Ich sagte: "Gut", ohne von meinem Buch aufzuschauen, obwohl es langweilig war. Ich wollte mich nicht mit ihm unterhalten. Ich hoffte, daß er schnell mit dem Pflügen fertig wurde und wieder verschwand, hoffte es jedoch nur halb so inständig wie Grete, die kaum ein "Ja" oder "Nein" herausbrachte und einen Blick hatte, als würde sie Rattengift streuen. Ria hingegen stellte ihm Bier und Weinbrand hin, danach frische Rindfleischsuppe, die eigentlich zum Sonntag gehörte. Sie hatte sich frisiert am Morgen und kein Kopftuch gebunden, wie sonst bei der Arbeit. Ihre grauen Haare schimmerten einen Stich violett. Karl mußte dreimal versichern, daß er weder Maggi noch Salz und auch nicht mehr Eierstich wolle, ehe Ria sich setzte, ihm schräg gegenüber in gehörigem Abstand, und zuschaute, wie er seine Suppe löffelte, laut schlürfend und tief über den Teller gebeugt - mir hätte sie das nie durchgehen lassen. Nach einer Weile fragte sie: "Hatten deine Pflaumen auch Würmer?"

 

 1009951-76e34e2a398f50d1f7bbe5dc0f8716ba.jpg

Christoph Peters (Kalkar, 11 oktober 1966)

 

 

 

 

De Zwitserse dichter en schrijver Conrad Ferdinand Meyer werd geboren in Zürich op 11 oktober 1825. Zie ook mijn blog van 11 oktober 2008 en ook mijn blog van 11 oktober 2009 en ook mijn blog van 11 oktober 2010.

 

 

Möwenflug

 

Möwen sah um einen Felsen kreisen
Ich in unermüdlich gleichen Gleisen,
Auf gespannter Schwinge schweben bleibend,
Eine schimmernd weiße Bahn beschreibend,
Und zugleich in grünem Meeresspiegel
Sah ich um dieselben Felsenspitzen
Eine helle Jagd gestreckter Flügel
Unermüdlich durch die Tiefe blitzen.
Und der Spiegel hatte solche Klarheit,
Daß sich anders nicht die Flügel hoben
Tief im Meer als hoch in Lüften oben,
Daß sich völlig glichen Trug und Wahrheit.

 

Allgemach beschlich es mich wie Grauen,
Schein und Wesen so verwandt zu schauen,
Und ich fragte mich, am Strand verharrend,
Ins gespenstische Geflatter starrend:
Und du selber? Bist du echt beflügelt?
Oder nur gemalt und abgespiegelt?
Gaukelst du im Kreis mit Fabeldingen?
Oder hast du Blut in deinen Schwingen?

 

 

 

Am Himmelstor

 

Mir träumt', ich komm ans Himmelstor
Und finde dich, die Süsse!
Du sassest bei dem Quell davor
Und wuschest dir die Füsse.

 

Du wuschest, wuschest ohne Rast
Den blendend weissen Schimmer,
Begannst mit wunderlicher Hast
Dein Werk von neuem immer.

 

Ich frug: "Was badest du dich hier
Mit tränennassen Wangen?" Du sprachst:
"Weil ich im Staub mit dir,
So tief im Staub gegangen."

 

 

 

Das begrabene Herz

 

Mich denkt es eines alten Traums.
Es war in meiner dumpfen Zeit,
Da junge Wildheit in mir gor.
Bekümmert war die Mutter oft.
Da kam einmal ein schlimmer Brief.
(Was er enthielt, erriet ich nie.)
Die Mutter fuhr sich mit der Hand
Zum Herzen, fast als stürb' es ihr.
Die Nacht darauf hatt' ich den Traum:
Die Mutter sah verstohlen ich
Nach unserm Tannenwinkel gehn,
Den Spaten in der zarten Hand,
Sie grub ein Grab und legt' ein Herz
Hinunter sacht. Sie ebnete
Die Erde dann und schlich davon.
 

 

 

 1009951-bea3972b28af337281bc7ccc2d2f0b1c.jpg

Conrad Ferdinand Meyer (11 oktober 1825 - 28 november 1898)




De Nederlands / Indonesisch dichter, essayist en geleerde.
Gertrudes Johannes (Han) Resink werd geboren in Jogjakarta op 11 oktober 1911. Zie ook mijn blog van 11 oktober 2008 en ook mijn blog van 11 oktober 2009 en ook mijn blog van 11 oktober 2010.

 

Uit: Het moederland

 

Er was een plek waar de ketjoeboeng bloeide:

Het was of massa's witte kolen gloeiden

Met een halfduister maar bedwelmend licht,
Dat oorsprong had noch uitgang of gewicht

En dat zo schoon was als een dag vol zorgen

Waarvan het giftig hartsap blijft verborgen.

Een orchidee doorflitste nu en dan

Den groenen schemer met de kleuren van

Zeer kostelijk juweel: het geel van zonnen,

Gestorven vóór dat zij den dag begonnen;

Het nachtlijk purper van geronnen bloed;

En het ontwakend wit dat men ontmoet

In blanc-de-Chine en prille kinderogen.

Ik denk, over den afstand heengebogen,

Aan verre lampen van veelkleurig glas

Waarvan het licht koel en eenzelvig was

Als van gesteenten ergens in mijn dromen.

 

 

1009951-8c33ba4b625e9a6b7e0c947f86c5390b.jpg 

Han Resink (11 oktober 1911 – 4 september 1997)

De Borobudur bij Jogjakarta 

 

 

 

De Russische schrijver Boris Andrejevitsj Pilnjak werd geboren in Oblast Moskou op 11 oktober 1894.Zie ook mijn blog van 11 oktober 2009 en ook mijn blog van 11 oktober 2010.

 

Uit: A Year Of Their Lives (Vertaald door F. O. Dempsey)

 

„At dusk the sky became greenish and murky, merging into a vast tent of deepest blue studded with a myriad of shining golden stars. Then the eider—ducks and swans grew silent and went to roost for the night, and the soft warm air was thrilled by the whines of bear—cubs and the cries of land—rails. It was then that the maidens assembled on the slope to sing of Lada and to dance their ancient dances, while strapping youths came forth from their winter dwellings in the woods and listened.

The slope down to the river was steep; below was the rustling sound of water among the reeds. Everything was wrapt in stillness, yet everywhere the throb and flow of life could be heard. The maidens sat huddled together on the top of the slope, where the granite and slate were covered with scanty moss and yellow grass.

They were dressed in gaily—coloured dresses: all of them strong and robust; they sang their love—songs–old and sad and free–and gazed into the gathering opalescent mists. Their songs seemed to overflow from their hearts, and were sung to the youths who stood around them like sombre, restive shadows, ogling and lustful, like the beasts in their forest—haunts.“

 

 

 1009951-5d86858af96881ef971eb5bad4955394.jpg

Boris Pilnjak (11 oktober 1894 - 21 april 1938)

Met zijn vader en zijn zoontje Andrej in 1923
 

 

Zie voor onderstaande schrijvers ook mijn blog van 11 oktober 2010.

 

 

De Franse dichter en schrijver Pierre Jean Jouve werd geboren op 11 oktober 1887 in Arras. Zie ook mijn blog van 11 oktober 2008 en ook mijn blog van 11 oktober 2009.

 

De Duitse dichter, schrijver en vertaler Hans Schiebelhuth werd geboren op 11 oktober 1895 in Darmstadt. Zie ook mijn blog van 11 oktober 2009.

 

De Amerikaanse dichter, essayist en vertaler Richard H. W. Dillard werd geboren op 11 oktober 1937 in Roanoke, Virginia. Zie ook mijn blog van 11 oktober 2008 en ook mijn blog van 11 oktober 2009.
Geschreven door Romenu om 19:13 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten