Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 11 mei 2012 tot 12 mei 2012

Hagar Peeters, Bertus Aafjes, August Vermeylen, Andrej Voznesensky

De Nederlandse dichteres Hagar Peeters werd geboren in Amsterdam op 12 mei 1972. Zie ook alle tags voor Hagar Peeters op dit blog.

 

 

Raadsels van de regen

 

Wat is zelfgenoegzaam? Regen.
Wat is een kapstok? Een stille vriend.
Hoeveel gaten telt een knoop?
Het dubbele van een knoopsgat.
Wat wil dansen maar kan het niet? Regen.
Wat wil vuur zijn maar kan het niet worden? Regen!
Wat ligt daadwerkelijk stil? Het hart van een dode.
Wat klopt het hardst: het hart of de voet van de baby?

 

 

 

Denkend aan de dood

 

Ik heb zo vaak mijn eigen eind bedacht
dat het niet langer onverhoeds kan komen.

Het moet wel zijn zoals ik het voorzag;
de angstige uren in de nacht

zullen ten langen leste lonen
voor wie beseft dat van alle gedachten

die ooit werden gedacht die aan de dood
behoorden tot de meest gewone.

 

 

 

Bij Geboorte 1

 

Als opgebaard leven ligt daar de boreling.
Wie met hem te doen heeft, benijdt hem.

Nog nauwelijks het niets ontrukt
drukt hem al het juk van de vreugde

De pose naast de teddybeer
die opzichtig voor zijn beste vriend doorgaat.

De bezoekers koeren;
een hogere vorm van ademen.

 

 

 

 1155611-376e8bfb94443ec4c0a6ce4b7ce53c08.jpg

Hagar Peeters (Amsterdam, 12 mei 1972)

 

 

 

 

De Nederlandse schrijver en dichter Bertus Aafjes (pseudoniem Jan Oranje) werd geboren in Amsterdam op 12 mei 1914. Zie ook alle tags voor Bertus Aafjes op dit blog.

 

Twee parels

 

Twee parels aan een glooiing saamgegleden,
Zo lagen in omstrengeling van leden,
Op een rustbed van gloeiend karmijn,
Twee meisjes in verinnigd samenzijn;
Een als de een zich teder overboog,
Rees teerder nog de ander naar omhoog,
En als twee zwanen tot elkaar gegleden,
Omsnoerden zij elkaar de bleke leden …

En als twee zwanen, een bleek zusterpaar,
Bewegend licht, bevoeren zij elkaar,
Beheerst, in een stil vloeispel, in een vlijen
En als met zachte zwemvliezen de dijen
Wegwentelende, enkel vrezend om
Te diepe dracht in spiegelgladde kom
Van schoot, opdat door de beroering niet
De diepe drift de vijveren verliet.

 

 

 

De vogel

 

Ik lig vaak onbetoverd in de warme
Nachten, als voor de tweede maal weer kind,
Met losse benen en met losse armen,
Nu ik u niet meer te omhelzen vind.

De maan draait langzaam aan de open hemel
Gelijk een gouden scheepje over zee;
De sterren in hun eeuwenoud gewemel
Drijven als kleine waterlelies mee.

Dan vliegt gij soms door 't open venster binnen
Gelijk een vogel die vergaat van dorst;
Ik voel uw voetjes tripplen door het linnen;
Snel drinkt gij aan de vijver van mijn borst.
Gij vouwt uw vleugels samen rond mijn hart,
Eer gij verdwijnt in 't nachtlijk blauw en zwart.

 



 

 1155611-8e5c4e3f73a9135a0d0e81cf79c8bcbb.jpg

Bertus Aafjes (12 mei 1914 - 22 april 1993)

 

 

 

 

 

De Vlaamse schrijver, dichter, kunsthistoricus en politicus August Vermeylen werd geboren in Brussel, op 12 mei 1872. Zie ook alle tags voor August Vermeylen op dit blog.

 

Uit: Heimwee

 

“Hij werd wakker, zijn hoofd zwaar, als in watergesoes, onbewust, half in dien droom nog, - met onbekende & onrustige vergezichten, wegen uitschuivend naar vèr-weg...

De flauwe morgen die in de kamer was ging vóór zijn oogen open. De dingen stonden in donkervaag gelijn, alles vast wezenlijk. Hij voelde zich zoo moê-beklemd, laf van zijn vleesch, heel zijn lichaam af-moê, & wendde zich nog eens om in sluimering, & bleef wat liggen op den rug lang-uit, starend. En een logge moeite om eindelijk uit het bed te glijden. Onzeker gemijmer, griezelig & verkleumd, in het hoofd.

Weer een dag die begon! De morgen schaduwde het lange kruis der vensterramen op de vaal afgetaande rolgordijnen, waaronder een licht oudwit, een matte mistlicht doorspleet, & vulde met diffuze bleekheid - glimmig op een somber meubel - tusschen het opgaan der wanden de héél-stille & toeë tapijtkamer.

Die kamer scheen hem zoo vreemd, alsof daar zooeven iets gebeurd ware, alsof daar nog een ontastbare aanwezigheid...

Hij ging kijken naar de pendule op de marmerschouw - een verouderde pendule met onuitstaanbare bizonderheden, haar insektgetik cadanseerde het stilzwijgen langdurig, in de holle kamer. Het was bijna zeven uur. Hij begon zich te kleeden, treuzelig, gedachtenijl.

Een dag als gisteren, als morgen; alles wezenlijk, gewoon. En, toen hij de gordijnen optrok, hetzelfde licht - als gisteren, als morgen - dat zich op dezelfde zwaardonkere ladetafel, en glad op dien killen

spiegel, vaststelde - uitgeschenen op de afgegane bloemen der deurbehangsels, & wat gelend dien ivoren Christus boven 't bed, met een glansje op zijn puntige knieën.“

 

 

 1155611-887e8d7657a2d8631109a0efd318100c.jpg

August Vermeylen (12 mei 1872 – 10 januari 1945)

Borstbeeld in Middelheim, Antwerpen 

 

 

 

 

De Russische dichter Andrej Andreyevich Voznesensky werd geboren in Moskou op 12 mei 1933. Zie ook alle tags voor Andrej Voznesensky op dit blog.

 

 

The Antiworlds

 

There is Bukashkin, our neighbor,
in underpants of blotting paper,
and, like balloons, the Antiworlds
hang up above him in the vaults.

Up there, like a magic daemon,
he smartly rules the Universe,
Antibukashkin lies there giving
Lollobrigida a caress.

The Anti-great-academician
has got a blotting paper vision.

Long live creative Antiworlds,
great fantasy amidst daft words!
There are wise men and stupid peasants,
there are no trees without deserts.

There're Antimen and Antilorries,
Antimachines in woods and forests.
There's salt of earth, and there's a fake.
A falcon dies without a snake.

I like my dear critics best.
The greatest of them beats the rest
for on his shoulders there's no head,
he's got an Antihead instead.

At night I sleep with windows open
and hear the rings of falling stars,

From up above skyscrapers drop and,
like stalactites, look down on us.

High up above me upside down,
stuck like a fork into the ground,
my nice light-hearted butterfly,
my Antiworld, is getting by.

I wonder if it's wrong or right
that Antiworlds should date at night.
Why should they sit there side by side
watching TV all through the night?
They do not understand a word.
It's their last date in this world.
They sit and chat for hours, and
they will regret it in the end!
The two have burning ears and eyes,
resembling purple butterflies...

...A lecturer once said to me:
"An Antiworld? It's loonacy!"

I'm half asleep, and I would sooner
believe than doubt the man's word...
My green-eyed kitty, like a tuner,
receives the signals of the world.

 

 

Vertaald door Alec Vagapov

 

 

 1155611-56db015abad119f1b5cd5952636a2e78.jpg

Andrej Voznesensky (12 mei 1933 – 1 juni 2010)

 

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 12e mei ook mijn vorige blog van vandaag.
Geschreven door Romenu om 16:58 Reageer op dit bericht

Eva Demski, Sabine Imhof, Farley Mowat, Dante Gabriel Rossetti

De Duitse schrijfster Eva Demski werd geboren op 12 mei 1944 in Regensburg. Zie ook alle tags voor Eva Demski op dit blog.

 

Uit: Von Liebe, Reichtum, Tod und Schminke

 

„Die sogenannte Jogginghose und ihre arschkonturierende Schwester Leggin sowie die dazugehörigen namenlosen Oberteile sind nichts anderes als ein großes Sichaufgegebenhaben. Wie gesagt, meine Klage und mein Schauder werden von manchen geteilt, auch öffentlich. Aber die da in Meersburg oder auf Föhr, in Garmisch oder Rostock herumwandern, hören es nicht, sie hören es nicht, und sehen tun sie sich ganz offenbar auch nicht. Jenes zerflossene wamperte Monster, das mit einem grünlichen Doppelsack als Beinkleid und der Aufschrift California Dream Boy auf seinem lila Bierranzen in einer Schaufensterscheibe oder im Spiegel eines Schuhgeschäfts aufscheint, kann sich als Ich ganz offenbar nicht wahrnehmen, er müßte doch sonst weinend im Rinnstein zusammensinken. Und die Frau neben ihm, deren Beine von Leopardenmuster so eng umhüllt sind, daß man deutlich die kleinen Säckchen an den Kniekehlen und weiter oben die Kimme sehen kann, die ist sich selber offenbar genauso unsichtbar. Oder sind sie alle so resigniert, so mit sich selber zerfallen, so -titanisch unglücklich über die Unzulänglichkeit des Menschen an sich, daß sie so was anziehen?
Der Jugend sehen wir viel nach und gedenken zärtlich jener Schrecknisse, die wir den eigenen Eltern bereitet haben (weißgekalkte Lippen und Metallreifen um die Mitte). Daß die Mädels für eine schöne Zeit ihres Lebens aussehen, als hätte man sie unter einem nassen Stein gefunden und ihnen dann Zement um die Füße gegossen – macht nichts. Das gibt sich, und wenn man Kinder davon abhalten kann, sich an allzu sichtbarer Stelle ein Tattoo anbringen zu lassen (»Schätzchen, wie glaubst du, daß ein Drachen auf der Stirn aussieht, wenn du vierzig bist?« Antwort: »Das werd ich nie! Eher erschieß ich mich!«) – also wenn es einem gelingt, das zu vermeiden, dann steht einer attraktiven modischen Entwicklung abseits des Freizeitkleidungsstammes, dieser Troglodyten, nichts im Weg.“

 

 

 1155608-2baa1abac2fa3556ee45ef6098c4d637.jpg

Eva Demski (Regensburg, 12 mei 1944)



 

De Zwitserse dichteres Sabine Imhof werd geboren in Brig in 1976. Zie ook alle tags voor Sabine Imhof op dit blog.

 

 

Old Man River
(In Erinnerung an Heath Ledger)

 

Blaue Flecken,
einmal um die Welt gereist
das milde Fleisch des Lammes
im letzten Zucken der lächerlichen Zeit

hat die Nacht einen Stern verloren
der Fluß seine Richtung
am Wegesrand melkt
ein Verlegener das letzte Rot
aus deinen Wangen

ein gestohlener Tropfen
auf dem heißen Stein
der neuesten Meldungen
flechtet jemand Reime
in das gerettete Haar

konserviert in einem gut
ausgespülten Marmeladenglas
werden Gebetsanfänge und Namen
endgültig gemacht

ein letzter Griff in die Hosentasche
neben deinem nackten Tod
bedeckt man die abfallende Temperatur
mit dem Mantel eines alten Mannes

einer kommt und tapeziert die Wand
auf der Zunge einen schalen Klassiker
ganz in der Nähe schläft er mit offenen Augen
421 Broome Street,
weiße Sprenkel überall, ein Speichelfaden
teilt das Flimmern des Bildschirms entzwei

Steine in deinen Schuhen
sie stehen im Weg,
beschweren den Aufstieg
er rettet sich aus dem Riss –

im Himmel fallen Äpfel wie Regen
auf deinen geschlossenen Mund
lege ich eine letzte Zeile
Atemnot.

 

 

1155608-2c057104558d7e403d5171c8e6c775f7.jpg 

Sabine Imhof (Brig, 12 mei 1976)

Cover

 

 

 

 

De Canadese schrijver Farley Mowat werd geboren in Belleville, Ontario, op 12 mei 1921. Zie ook alle tags voor Farley Mowat op dit blog.

 

Uit: Lost in the Barrens

 

„The month of June was growing old. It had been a year since Jamie Macnair left Toronto, the city of his birth, to take up a new life in the subarctic forests of northern Canada. Beside the shores of Macnair Lake the tamaracks were greening now after the winter’s blackness. Out on the lake great loons cried shrilly. As Jamie squatted in front of the log cabin, helping his uncle bale up the winter’s catch of furs, he tried to remember how he had felt on that day, a year past, when he climbed out of the train at the lonely frontier town called The Pas to meet his uncle.
Jamie’s uncle, Angus Macnair, had been a trader in the arctic, the master of a sealing schooner in the Bering Sea, and finally a trapper who roamed over the broad forests of the north. To Jamie, his uncle was almost a legend, and when the telegram came from him it filled the boy with excitement.
ARRANGEMENTS MADE FOR YOU TO JOIN ME AT THE PAS STOP LETTER WITH DETAILS FOLLOWS.
ANGUS MACNAIR
That eagerly awaited letter had brought with it some unhappiness for Jamie. It had reminded him sharply of the tragedy of his parents’ deaths in a car accident seven years ago. And it had made clear something he had never really faced before – that apart from his uncle, whom he had never seen, he was truly alone.“

 

 

 1155608-d8d7bf64eebf84fc27cc0c1a35b63b0e.jpg

Farley Mowat (Belleville, 12 mei 1921)

 

 

 


De Engelse schilder en dichter Dante Gabriel Rossetti werd op 12 mei 1828 inLonden geboren.
Zie ook alle tags voor Dante Gabriel Rossetti op dit blog.

 

Adieu

 

WAVING whispering trees,
What do you say to the breeze
And what says the breeze to you?
'Mid passing souls ill at ease,
Moving murmuring trees,
Would ye ever wave an Adieu?
Tossing turbulent seas,
Winds that wrestle with these,
Echo heard in the shell,—

'Mid fleeting life ill at ease,
Restless ravening seas,—
Would the echo sigh Farewell?
Surging sumptuous skies,
For ever a new surprise,
Clouds eternally new,—
Is every flake that flies,
Widening wandering skies,
For a sign—Farewell, Adieu?
Sinking suffering heart
That know'st how weary thou art,—
Soul so fain for a flight,—
Aye, spread your wings to depart,
Sad soul and sorrowing heart,—
Adieu, Farewell, Good-night.

 

 

 

 1155608-c6e9c3a3260117767b9a96064a7b75de.jpg

Dante Gabriel Rossetti (12 mei 1828 - 9 april 1882)

Portret door William Holman Hunt,, c. 1870

Geschreven door Romenu om 16:53 Reageer op dit bericht

J. H. Leopold, da Gerhardt, Andre Rudolph, Rubem Fonseca, Henning Boëtius, Camilo José Cela, Rose Ausländer

De Nederlandse dichter  en classicus Jan Hendrik Leopold werd geboren in ’s-Hertogenbosch op 11 mei 1865. Zie ook alle tags voor J. H. Leopold op dit blog.

 

 

Regen

 

De bui is afgedreven;
aan de gezonken horizont
trekt weg het opgestapelde, de rond-
gewelfde wolken; over is gebleven
het blauw, het kille blauw, waaruit gebannen
een elke kreuk, blank en opnieuw gespannen.

En hier nog aan het vensterglas
aan de bedroefde ruiten
beeft in wat nu weer buiten
van winderigs in opstand was
een druppel van de regen,
kleeft aangedrukt er tegen,
rilt in het kille licht.

en al de blinking en het vergezicht,
van hemel en van aarde, akkerzwart,
stralende waters, heggen, het verward
beweeg van mensen, die naar buiten komen,
ploegpaarden langs de weg, de oude bomen
voor huis en hof en over hen de glans
der daggeboort, de diepe hemeltrans
met schitterzon, wereld en ruim heelal:
het is bevat in dit klein trilkristal.

 

 

 

Het was een morgen, kristallijn gezet

 

Het was een morgen, kristallijn gezet
op vochte weiden, waar de droppeldauw
de sprieten, stengels buigen deed, aan kelk en steel
schakerend in het lichte grijs gezegen
op gras en groene halmen, in de lucht
heldere vinkenslag, over de vlonder
het reppen van de voeten, de witte tandenlach,
het zingen van de melkster, aan de kimmen
de zomen
ging God om

Dat was geweest; dat had nu zijn bekomst

 

 

 

Cheops (fragment)

 

Zo dit groot monument, dit uitgekozen
koninklijk gloriestuk en pronkkleinood,
de rijke rotsklomp, kantig en behouwen
als een gekloofd juweel, de bergkolos,
die dromende onder het marmerpantser
de leden rekt, de torenstapeling
van duizenden op duizenden getild
door honderdduizenden, getuigenis
van onbedwongen almacht uitgevierd
tot zwijmelhoogte, van een fel bewind,
dat zijn vermeten en zijn netten wierp
over de namelozen, de verloren
tot ondergang gedoemde drom, gebukt
over hun donkre moeite en zweet, het hoofd
zuchtend en trillende het harde pogen
in handen en gerei, tesaamgeschoold
tot hunne taak de bange en als lood
lag dodelijk op de bekommerden
de doffe wil, het onverwrikt gebod
van de ver tronende, meedogenloze,
van hem, de eigenzinnige despoot.

 

 

 

 1155060-d1ec2322cd4ec9fc67aef3eb1f647d05.jpg

J. H. Leopold (11 mei 1865 - 21 juni 1925)

 

 

 

 

De Nederlandse dichteres Ida Gerhardt werd geboren in Gorinchem op 11 mei 1905. Zie ook alle tags voor Ida Gerhardt op dit blog.

 

 

Het carillon

 

Ik zag de mensen in de straten,
hun armoe en hun grauw gezicht, -
toen streek er over de gelaten
een luisteren, een vleug van licht.

Want boven in de klokkentoren
na ’t donker-bronzen urenslaan
ving, over heel de stad te horen,
de beiaardier te spelen aan.

Valerius: - een statig zingen
waarin de zware klok bewoog,
doorstrooid van lichter sprankelingen,
‘Wij slaan het oog tot U omhoog.’

En één tussen de naamloos velen,
gedrongen aan de huizenkant
stond ik te luist’ren naar dit spelen
dat zong van mijn geschonden land.

Dit sprakeloze samenkomen
en Hollands licht over de stad –
Nooit heb ik wat ons werd ontnomen
zo bitter, bitter liefgehad.

 

 

 

De reiskameraad

 

Op een onaards uur vertrokken,
wars van alles, zonder reisplan,
elke overlegging mijdend
en mij weidend in mijn vrijheid
bij het dansen van de draden,
weet ik feestelijk in mijn jaszak
het kompas, dat onder Arkel
ik als kind eens op een morgen
heb gevonden in de wegberm.

Dat mijn trots was, dat het nog is,
dat ik Boreas gedoopt heb.
Waaraan nooit iets gemankeerd heeft.
Of ik zuidwaarts ga of zigzag,
onomkoopbaar, onverbiddelijk
richt zich de magneetnaald noordwaarts.
Eindelijk reizen wij weer samen,
twee die bij elkander horen,
twee die aan elkaar gewaagd zijn.

 

 

 

Rivierbaken

Gorinchem, 22 april 1988

 

Daar waar 't water was,

daar waar het, later, wás

wat ik als kind al wist.

 

Daar waar 't water is,

daar waar 't baken is

waarin het is gegrift.

 

 

 

 1155060-53593aab6bb34ec539dc9a2342fddd5f.jpg

Ida Gerhardt (11 mei 1905 – 15 augustus 1997)

Het rivierbaken in Gorinchem met bovenstaande tekst 

 

 

 

 

De Duitse dichter en schrijver Andre Rudolph werd geboren in Warschau op 11 mei 1975 en groeide op in Leipzig. Zie ook alle tags voor Andre Rudolph op dit blog.

 

 

das wahre troja liegt innen

 

einmal,

während jener belagerungszustände,

in die wir unsere körper

durch den reichlichen gebrauch von cocktails

versetzten, als wären wir

seefahrer oder huren nicht nur im traum,

 

wurdest du so nahbar,

dass mir davon die augen bluteten

 

die stadt lag friedlich wie je

und bemerkte gar nicht,

dass sie gerade beschossen wurde

 

ganze straßenzüge wurden unterdessen

ausgelöscht;

wir waren die einzigen, die das sahn

 

aber wir saßen fest

und warteten ab, dass es vorüberginge

 

dann sprudelte draußen

aus den abgeschlagnen köpfen der hydranten

frisches leben

und überschwemmte alles

 

du erinnerst dich, lieber christoph

wir gingen hinaus,

du mit deinem komischen hut

und ich mit ein paar hasenohren

 

aber wir kamen gut durch,

die laternen beugten sich mit ihren gebogenen

hälsen zu uns herunter,

friedliche saurier

 

sie fraßen uns

das licht aus der hand,

 

und ich erzählte dir,

dass ich neuerdings meditiere,

gegen die tödliche nervosität,

die mein ganzes leben bestimmt

 

 

 

 1155060-c9e10348bec3796a92493568e9ded60a.jpg

Andre Rudolph (Warschau, 11 mei 1975)

 

 

 

 

De Braziliaanse schrijver José Rubem Fonseca werd geboren op 11 mei 1925 in Juiz de Fora. Zie ook alle tags voor Rubem Fonseca op dit blog.

 

Uit: Bufo & Spallanzani (Vertaald door Karin von Schweder-Schreiner)

 

“Delfina Delamare begleitete ihren Mann nicht auf all seinen Reisen. Eigentlich reiste sie gar nicht gern. Die Schiffe waren immer voll alter Rentner und häßlicher Frauen, an Bord herrschte verlogene Eleganz, und im Laufe der Reise trat die unersprießliche Gewöhnlichkeit der Menschen zutage. Flugzeuge hatten den Vorteil, schneller zu sein, schufen aber eine klaustrophobische Nähe zu jedermann, in der man unter dicken, verschlafenen Männern ohne Schuhe begraben wurde, selbst in der ersten Klasse. Kurz, sie hatte Reisen immer als unangenehm empfunden. Sie blieb lieber in Rio und widmete sich ihren Werken der Nächstenliebe.
Die Begegnung zwischen Delfina und Guedes fand in einer der wenigen Situationen statt, in denen dies überhaupt möglich war. Es geschah auf der Straße, versteht sich, aber auf eine für beide überraschende Weise. Delfina befand sich in ihrem Mercedes in der Rua Diamantina, einer Sackgasse hoch oben im Stadtteil Jardim Botânico. Als Guedes zum Ort der Begegnung kam, wußte er bereits, daß Delfina nicht schlief, wie die Leute, die sie gefunden hatten, aufgrund ihres friedlichen Gesichtsausdrucks und der bequemen Haltung ihres Körpers im Autositz zunächst angenommen hatten. Guedes hingegen hatte noch auf der Wache von Delfinas tödlicher Verletzung erfahren, die unter ihrer Seidenbluse verborgen war.
Die Stelle war bereits von der Polizei abgesperrt worden. Zu beiden Seiten der Rua Diamantina standen Bäume, und an diesem frühen Morgen strahlte die Sonne durch die Baumkronen auf die metallicgelbe Motorhaube des Wagens, so daß er glänzte, als wäre er aus Gold.“

 

 

1155060-db0b92ea01e6e11a79107bb033403651.jpg
Rubem Fonseca (Juiz de Fora, 11 mei 1925)

 

 

 

 

 

De Duitse schrijver Henning Boëtius werd geboren op 11 mei 1939 in Langen, Hessen. Zie ook alle tags voor Henning Boëtius op dit blog.

 

Uit: Geschichte der Elektrizität

 

„In Märchen, Naturreligionen und Mythologie haben früheste Erfahrungen mit Elektrizität ihren Niederschlag gefunden. Für Blitz und Donner, Elmsfeuer, Irrlichter, Nordlichter, Magnetsteine, Bernsteine wurden Götter verantwortlich gemacht, aber auch Hexen und Zauberer. Es wimmelte von Gerüchten, in denen Schiffe Opfer von magnetischen Kräften wurden oder Menschen von Irrlichtern in tödliche Sümpfe gelockt wurden.
Eine damals beliebte Heilkraft gegen die Angst und das Unverständliche war ihre Beschwörung in Form einer Geschichte, einer Anekdote, eines erzählten Geschehens am abendlichen Kamin. Das Ungemütliche hatte dadurch auch eine gemütliche Seite, das Unheimliche eine heimelige. Vermutlich hat die Literatur in dieser weit verbreiteten Therapie gegen die Angst ihre Wurzeln.
Zu den wenigen anscheinend völlig harmlosen Rätseldingen zählte der Bernstein. Er sah aus wie ein Stein und war dennoch seltsam leicht. Das machte ihn zu einem anfassbaren Wunder. Ihm verdankt die Elektrizität ihren Namen. Bernstein heißt auf Lateinisch Electrum . Das deutsche Wort Bernstein kommt von niederdeutsch bernen = brennen. Das hat seinen Grund in der Tatsache, dass sich Bernstein auch anzünden lässt. Er brennt dann mit heller Flamme, wobei ein angenehmer Duft entsteht.“

 

1155060-cf1d7371ebf639f471710d26fefcb4d6.jpg 

Henning Boëtius (Langen, 11 mei 1939)

 

 

 


 

De Spaanse schrijver Camilo José Cela werd geboren op 11 mei 1916 in Iria Flavia. Zie ook alle tags voor Camilo José Cela op dit blog.

 

Uit: The Family of Pascual Duarte (Vertaald door Anthony Kerrigan)

 

„As was only natural, the village contained good houses and bad, the bad far outnumbering, as is usual, the good. There was one house, two stories high, belonging to Don Jesús, which was a pleasure to see, with its entranceway faced with tile and lined with flowerpots. Don Jesús had always been a strong believer in plants, and I suppose he kept after the housekeeper to watch over the geraniums, the heliotropes, the palms and the mint with the same loving care she might have given children. In any case, the old woman was always walking up and down with a kettle in her hand, watering the pots and pampering them with an attention they must have appreciated, to judge by the look of the shoots, so fresh and green. Don Jesús' house faced the plaza, and yet it was different from all the other houses, not only in its several points of superiority, but also in one aspect where it seemed less than the rest: though its owner was wealthy and did not stint, its front was completely plain, its color was the natural color of the stone, and it was not whitewashed, as even the poorest houses were. Don Jesús must have had his reasons for leaving it that way. A stone shield was carved and fixed in the wall over the door; the carving was said to be of great value; the top part represented the heads of two ancient warriors wearing headpieces decorated with plumes; one warrior looked to the east and the other toward the west, as if they were keeping watch against any threat from either direction.
Behind the plaza, on the same side as the house of Don Jesús, lay the parish church, with its stone bell tower and the bell which was like a hand bell and sounded in a strange way I could never describe, but which I can hear at this moment as if it were clanging around the corner . . .“



1155060-047c27a96825b6c34b1f03308f0a47c2.jpg
Camilo José Cela (11 mei 1916 – 17 januari 2002)

Portret door Nils Burwitz, 1989

 

 

 


De Oostenrijks-Roemeens-joods-Amerikaanse dichteres
Rose Ausländer werd geboren in Czernowitz op 11 mei 1901. Zie ook alle tags voor Rose Ausländer op dit blog.

 

 

Versöhnung

 

Wieder ein Morgen
ohne Gespenster
im Tau funkelt der Regenbogen
als Zeichen der Versöhnung

Du darfst dich freuen
über den vollkommenen Bau der Rose
darfst dich im grünen Labyrinth
verlieren und wiederfinden
in klarerer Gestalt

Du darfst ein Mensch sein
arglos

Der Morgentraum erzählt dir
Märchen du darfst
die Dinge neu ordnen
Farben verteilen
und wieder
schön sagen

an diesem Morgen
du Schöpfer und Geschöpf

 

 

 

Königlich arm

 

Königlich arm
den Wortschatz
im blutenden Mund

Die Gefallenen
heben wir auf
bedecken sie
mit dem Tränentuch

rebellieren
gegen die Schützen im Feld
im Allüberall

Heimathungrig

Unsern täglichen Tod
begraben wir im Wort
Auferstehung

 

 

 

 1155060-b11d04fa0bfae2dbc70bc2a526d08399.jpg

Rose Ausländer (11 mei 1901 - 3 januari 1988)




Zie voor nog meer schrijvers van de 11e mei ook mijn blog van 11 mei 2011 deel 2.
Geschreven door Romenu om 18:54 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten