Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 19 mei 2012 tot 20 mei 2012

Dolce far niente 9, Madison Cawein, Gerrit Achterberg, Annie M.G. Schmidt

Romenu heeft even vrij vandaag. Morgen weer de gebruikelijke berichten.

De Amerikaanse dichter Madison Julius Cawein werd geboren in Louisville, Kentucky, op 23 maart 1865. Zie ook mijn blog van 23 maart 2012.

 

 

Dolce Far Niente

I

Over the bay as our boat went sailing
Under the skies of Augustine,
Far to the East lay the ocean paling
Under the skies of Augustine.--
There, in the boat as we sat together,
Soft in the glow of the turquoise weather,
Light as the foam or a seagull's feather,
Fair of form and of face serene,
Sweet at my side I felt you lean,
As over the bay our boat went sailing
Under the skies of Augustine.


II

Over the bay as our boat went sailing
Under the skies of Augustine,
Pine and palm, to the West, hung, trailing
Under the skies of Augustine.--
Was it the wind that sighed above you?
Was it the wave that whispered of you?
Was it my soul that said "I love you"?
Was it your heart that murmured between,
Answering, shy as a bird unseen?
As over the bay our boat went sailing
Under the skies of Augustine.


III


Over the bay as our boat went sailing
Under the skies of Augustine,
Gray and low flew the heron wailing
Under the skies of Augustine.--
Naught was spoken. We watched the simple
Gulls wing past. Your hat's white wimple
Shadowed your eyes. And your lips, a-dimple,
Smiled and seemed from your soul to wean
An inner beauty, an added sheen,
As over the bay our boat went sailing
Under the skies of Augustine.

 

 

 

 1160867-45a76e789ae1fccd5039a2ab9b427082.jpg

‚Gloucester Scene’ door Caroline M Bell (1874 – 1970)

 

 


IV

Over the bay as our boat went sailing
Under the skies of Augustine,
Red on the marshes the day flared, failing
Under the skies of Augustine.--
Was it your thought, or the transitory
Gold of the West, like a dreamy story,
Bright on your brow, that I read? the glory
And grace of love, like a rose-crowned queen
Pictured pensive in mind and mien?
As over the bay our boat went sailing
Under the skies of Augustine.


V

Over the bay as our boat went sailing
Under the skies of Augustine,
Wan on the waters the mist lay veiling
Under the skies of Augustine.--
Was it the joy that begot the sorrow?--
Joy that was filled with the dreams that borrow
Prescience sad of a far To-morrow,--
There in the Now that was all too keen,
That shadowed the fate that might intervene?
As over the bay our boat went sailing
Under the skies of Augustine.


VI

Over the bay as our boat went sailing
Under the skies of Augustine,
The marsh-hen cried and the tide was ailing
Under the skies of Augustine.--
And so we parted. No vows were spoken.
No faith was plighted that might be broken.
But deep in our hearts each bore a token
Of life and of love and of all they mean,
Beautiful, thornless and ever green,
As over the bay our boat went sailing
Under the skies of Augustine.

 

 

1160867-f7ec4c412aad6656ec332e4b8562c189.jpg 

Madison Cawein (23 maart 1865 – 8 december 1914)

 

 

 

 

 

De Nederlandse dichter Gerrit Achterberg werd geboren in Nederlangbroek op 20 mei 1905. Zie ook alle tags voor Gerrit Achterberg op dit blog.

 

 

Bekering

 

Gij hebt het hoog geheim doorbroken, Heere Jezus
Tussen ons en den Vader, naar Uw Woord
mogen wij zonder zonde zijn en nieuwe wezens
wat er ook in ons leven is gebeurd.

Ik deed van alles wat gedaan kan worden,
het meest misdadige - en was verdoemd.
Maar Gij hebt God een witte naam genoemd
met die van mij. Nu is het stil geworden,
zoals een zomer om de dorpen bloeit.

En moeten ook de bloemen weer verdorren:
mijn lendenen zijn omgord, mijn voeten staan geschoeid.
Uit Uwe Hand ten tweede maal geboren,
schrijd ik U uit het donker tegemoet.

 

 

 

Deïsme

 

De mens is voor een tijd een plaats van God.
Houdt geen gelijkteken nog iets bijeen,
dan wordt hij afgeschreven op een steen.
De overeenkomst lijkt te lopen tot
deze voleinding, dit abrupte slot.

Want God gaat verder, zwenkend van hem heen
in zijn miljoenen. God is nooit alleen.
Voor gene kwam een ander weer aan bod.

We zijn voor hem een vol benzinevat,
dat hij leeg achterlaat. Hij moet het kwijt,
al de afval, met zijn wezen in strijd.

Sinds hij zich van de schepping onderscheidt,
gingen wij dood en liggen langs het pad,

wanneer niet Christus, koopman in oudroest,
ons juist in zo'n conditie vinden moest;
alsof hij met de Vader had gesmoesd.

 

 

 

Arbeidsvermogen van plaats

 

Gij zijt aan mij gebonden met het al.
Elke steen bezit uw val
en ieder cijfer uw getal;
de mededeling uw verhaal;
tong uw taal;
de veelheid uw geval.
Gij hoopt u in mij op
met doodgewicht aan regendrop.
Iedere vleugel heft u op.

 

 

 

1160867-086372d000a496196ddb1b2b463e4ddf.jpg
Gerrit Achterberg
(20 mei 1905 - 17 januari 1962)

 

 

 

 

De Nederlandse schrijfster en dichteres Anna M G Schmidt werd op 20 mei 1911 geboren in Kapelle. Zie ook mijn blog van 20 mei 2011 en eveneens alle tags voor Annie M.G. Schmidt op dit blog.

 

 

Een dichter

 

Piet Pluimers wou het liefste verzen schrijven
over wat late rozen in de zon.
Hij was een dichter en hij wou het blijven.
Hij schreef sonnetten toen hij pas begon.

Het rijmde ook. Maar and're dichters zeiden:
je mag niet rijmen joh, 't is geen gezicht!
Je moet zorgvuldig alle rijm vermijden,
want een gedicht dat rijmt is geen gedicht.

En dan dat metrum! Dat is uit de mode.
't Mag niet van rál de ral de rál de ral.
Punten en komma's, jongen, zijn verboden.
En denk erom: geen hoofdletters vooral.

En nooit een hele zin. Alleen maar brokken.
En rozen mógen wel een keer, maar dan
slechts in verband met baarmoeders en sokken
en zó dat niemand het begrijpen kan.

't Is maar een weet, we zeggen 't je maar even.
Piet had het spoedig door en hij zei: o.
Hij heeft diezelfde dag een vers geschreven,
zijn eerste echte vers. En dat ging zo:

'ik drijf spelden van wanhoop
in de huid van je
grutten wezenloos
woezie woezie 17 en
klaan uit je klukhaar versuikeren
bleke bliezen in schedels met spuigaten
vol blauw gehakt.'

En toen zei iedereen: dat is reusachtig!
En Paul Rodenko schreef een heel lang stuk
in 'Maatstaf' om te laten zien hoe prachtig
het was. Vooral dat 'woezie' en dat 'kluk'.

Alleen Piet Pluimers zelf was niet tevreden.
Hij wou zo graag eens rijmen, want helaas,
hij heeft nu eenmaal 't rijm onder z'n leden.
Maar nee, hij mag alleen met Sinterklaas.

En hij wou graag één keer een komma zetten.
Ach Piet! Over tien jaren slaat het om!
Dan rijmt men weer. Dan maakt men weer sonnetten.
Dan gaat het weer van póm de róm de róm.

 

 

 

 1160867-fe7ecdc8d3229c1a4aca14af18e7ff55.jpg

Annie M.G. Schmidt (20 mei 1911 – 21 mei 1995)

 

Geschreven door Romenu om 09:33 Reageer op dit bericht

Karel van het Reve, Gijs Ijlander, Jodi Picoult, Ruskin Bond

De Nederlandse letterkundige, vertaler, essayist, schrijver en columnist Karel van het Reve werd geboren in Amsterdam op 19 mei 1921. Zie ook alle tags voor Karel van het Reve op dit blog.

 

Uit: In die doos zat weer een doos. De artistieke functie van het kader-procédé

 

„Bovendien kan door de soort verteller die men kiest de achtergrond van het verhaal naar believen veranderd worden. C.F. Meyer vertelt de geschiedenis van Thomas Becket ‘nicht in unmittelbarer Darstellung (...), wo sie durch ihre Rätselhaftigkeit leicht verwirren könnte, sondern legt sie in den Mund eines schlichten und trauherzigen Schweizers, der sich von seinem unbeirrbaren Sittlichkeitsgefühl nicht ablenken lässt’. Zo noemt Thomas Mann de figuur van Serenus Zeitblom, die hij de geschiedenis van Adrian Leverkün laat vertellen ‘bitter notwendig, um eine gewisse Durchheiterung des düsteren Stoffes zu erzielen und mir selbst, wie dem Leser, seine Schrecknisse erträglich zu machen. Das Dämonische durch ein exemplarisch undämonisches Mittel gehen zu lassen, eine humanistisch fromme und schlichte, liebend verschreckte Seel mit seiner Darstellung zu beauftragen, war an sich eine komische Idee, entlastend gewissermassen, denn es erlaubte mir, die Erregung durch alles Direkte, Persönliche, Bekenntnishafte, das der unheimlichen Konzeption zu Grunde lag, ins Indirekte zu schieben und sie in der Verwirrung, dem Händezittern jener bangen Seele travestierend sich malen zu lassen’.

Nog een ander voordeel, dat met dit alles samenhangt: de auteur die zijn verhaal zelf vertelt wordt wel ‘de alles wetende schrijver’ genoemd. Gedachten, die de held nimmer aan enig levend wezen heeft toevertrouwd, zijn de auteur bekend. Het doosprocédé nu geeft de auteur gelegenheid zijn alwetendheid af te schuiven. De lezer kan op dit gebied geen eisen meer aan hem stellen. De auteur kan als hij dat wil zaken die door de lezer als zeer belangrijk worden gevoeld (beslissende gebeurtenissen in het leven van de held, zijn reacties daarop etc.) niettemin onbeschreven laten omdat de ‘ik’ er niet bij geweest is.

Deze groep technische voordelen vindt men bij vele varianten van het doosprocédé, al zijn ze niet overal gerealiseerd: de stijl van de vertellende Odysseus verschilt niet van die van de vertellende Homerus, de vertellers in de Decamerone hebben dezelfde stijl; menige ‘ik’ zegt dingen die wel degelijk de mening van de schrijver weergeven - kortom, deze aspecten van het procédé geven de auteur de mogelijkheid bepaalde effecten te bereiken, maar die effecten treden niet automatisch op.“

 

 

 1160258-3007bdba13cbe45401bc299d44609b46.jpg

Karel van het Reve (19 mei 1921 – 4 maart 1999)

 

 

 

 

De Nederlandse dichter en schrijver Gijs IJlander (eig. Gijs Hoetjes) werd op 19 mei 1947 in Alkmaar geboren. Zie ook alle tags voor Gijs IJslander op dit blog.

 

Uit: Het veerhuis

 

„Pepping!

De deur klemt, maar is niet afgesloten. Ik werk mij de schemerige gang in en snuif een lichte pisgeur op.

Pepping! Volk!

In het trapgat hangt een verschoten veloursgordijn, er valt weinig licht naarbinnen. Ik zie dat de kelderdeur, onder de trap, op een kier staat. Klinkt er gerommel van beneden? Het blijft stil. Ik roep nog maar eens volk!

Boven zal hij ook niet zijn, de bovenverdieping heeft hij ‘afgedaan’ om op de stookkosten te besparen. Hij heeft het over ‘afdoen’, Pepping, ook de bestelwagen die naast het huis staat zou hij willen ‘afdoen’ alsof het een hoofddeksel was, maar hij heeft hem nog nodig voor het brood.

Pepping?

Ik schuifel door de gang, stoot met mijn knie de keukendeur open, zet de doos met broden op de tafel. Nu ga ik eerst zitten. De broden heb ik vanmorgen vroeg bij Blitterswijk gehaald, nog voordat de winkel openging; ik ben twaalf kilometer naar hier komen fietsen, met één hand aan het stuur, mijn andere hand aan de doos op de bagagedrager. Daarbij nog de wind. Er zit van alles scheef aan mij, daarom moet ik zitten, aan de tafel met het plastic zeil, waarop nog het ontbijtbord van Pepping staat en het melkglas waarin een vlokkige rand is achtergebleven. Hier zit ik dan, met pluizige jas en natte rug, het zweet breekt mij uit, het bloed bonkt aan mijn slapen. Ik zou best wel een kop koffie lusten. Waar blijft Pepping toch? Gisteravond nog gebeld. Groof! Ik denk al: ik hoor niks meer van Groof! Pepping met zijn hoge stem die in de hoorn stond te schreeuwen. Ja, ik heb nog kippies! Twintig broden voor

[p. 85]

kippie! We zien wel! Kippen genoeg en brood kan ik altijd gebruiken!

Ik doe wat oefeningen met mijn schouders, om ze weer recht te krijgen. Het stuur van mijn fiets trekt naar één kant, dat is ook niet goed.“

 

 

 1160258-b8939da3a22cd123ec80ce9a21ee7b9d.jpg

Gijs IJlander (Alkmaar, 19 mei 1947)

 

 

 

 

 

De Amerikaanse schrijfster Jodi Lynn Picoult werd geboren op 18 mei 1966 in Nesconset op Long Island, New York. Zie ook alle tags voor Jodi Picoult op dit blog.

 

Uit: Nineteen Minutes

 

„In nineteen minutes, you can mow the front lawn; color your hair; watch a third of a hockey game. In nineteen minutes, you can bake scones or get a tooth filled by a dentist; you can fold laundry for a family of five.

Nineteen minutes is how long it took the Tennessee Titans to sell out of tickets to the playoffs. It’s the amount of time it takes to listen to the Yes song Close to the Edge. It’s the length of a sitcom, minus the commercials. It’s the driving distance from the Vermont border to the town of Sterling, NH.

In nineteen minutes, you can order a pizza and get it delivered. You can read a story to a child or have your oil changed. You can walk two miles. You can sew a hem.

In nineteen minutes, you can stop the world; or you can just jump off it.

In nineteen minutes, you can get revenge.

· · · · · ·

As usual, Alex Cormier’s life was running late. It took thirty-two minutes to drive from her house in Sterling to the Superior Court in Grafton County, NH, and that was only if she speeded through Orford. She hurried downstairs in her stockings, carrying her heels and the files she’d brought home with her over the weekend. She twisted her thick copper hair into a knot and anchored it at the base of her neck with bobby pins, transforming herself into the person she needed to be before she left her house.“

 

 

 1160258-e8a403ec554685bb1602d881e3976542.jpg

Jodi Picoult (Nesconset, 19 mei 1966)

 

 

 

 

De Indiase dichter en schrijver Ruskin Bond werd geboren op 19 mei 1934 in Kasauli. Zie ook alle tags voor Ruskin Bond op dit blog.

 

 

Do you believe in ghosts


“Do you believe in ghosts?”
Asked the passenger
On platform number three.
‘I am a rational man,’ said I
‘I believe in what I can see –
Your hands, your feet, your beard!’
‘Then look again,’ said he,
And promptly disappeared!

 

 

 

My Dream

 

There is a knight in shining Armor, he picks me up and transports me to Mussorie.....Have landed under the Chestnut tree, where Mr. Bond is busy scribbling his thoughts. He is shocked to see me...Hey Gal what are you doing here?
Sir, I had a dream to meet you and here I am with a small request.
He asks me, What?
Sir will you take me through the mountains, the pools, the river, the nook & corner of Mussorie?
Will you let me put my arms in the crook of your arm?
Will you show me these places with your eyes?
Will you show me how to see the beauty in these simple things?
I want to learn to live with these simple things, I want to smile on the simplest things...
Sir, will you teach me????
I will also thank him for being with me through my sad days & bad days, will thank him for making me realise through his writings that life is all about loving, caring, finding joy in small things & living.. Its about meeting new people making memories with them, take them with you if they want to, if they don’t gift them some memories so that even if you are not around you are missed....its about letting go and moving forward in life.....

Am still waiting for his answer, but I don’t want this dream to end....

 

 

 1160258-7aa73b5af9a35f1438b03de89996e456.jpg

Ruskin Bond (Kasauli, 19 mei 1934)

 

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 19e mei ook mijn vorige blog van vandaag.
Geschreven door Romenu om 11:12 Reageer op dit bericht

Lorraine Hansberry, Fritz Rudolf Fries, Rahel Varnhagen, Anna Jameson

De Amerikaanse schrijfster Lorraine Hansberry werd geborenop 19 mei 1930 in Chigago. Zie ook alle tags voor Lorraine Hansberry op dit blog.

 

Uit: A Raisin in the Sun

 

“Mama: You must not dislike people ’cause they well off, honey.

Beneatha: Why not? It makes just as much sense as disliking people ’cause they are poor, and lots of people do that.

Ruth: [a wisdom-of-the-ages manner. To Mama] Well, she’ll get over some of this –

Beneatha: Get over it? What are you talking about, Ruth? Listen,

I’m going to be a doctor. I’m not worried about who I’m going to marry yet – if I ever get married.

Mama and Ruth: If!

Mama: Now, Bennie –

Beneatha: Oh, I probably will … but first I’m going to be a doctor, and George, for one, still thinks that’s pretty funny. I couldn’t be bothered with that. I am going to be a doctor and everybody around here better understand that!

Mama: [kindly ] ’Course you going to be a doctor, honey, God willing.

Beneatha: [drily ] God hasn’t got a thing to do with it.

Mama: Beneatha – that just wasn’t necessary.

Beneatha: Well – neither is God. I get sick of hearing about God.

Mama: Beneatha!

Beneatha: I mean it! I’m just tired of hearing about God all the time. What has He got to do with anything? Does he pay tuition?

Mama: You ’bout to get your fresh little jaw slapped!

Ruth: That’s just what she needs, all right!

Beneatha: Why? Why can’t I say what I want to around here, like everybody else?”

 

 

1160253-19656a7ac6c3faa0f42a22eb4b9d42e4.jpg
Lorraine Hansberry (19 mei 1930 – 12 januari 1965)

 

 

 

 

De Duitse schrijver en vertaler  Fritz Rudolf Fries werd geboren op 19 mei 1935 in Bilbao als zoon van een Duitse koopman. Zie ook alle tags voor Fritz Rudolf Fries op dit blog.

 

Uit: Der Weg nach Oobliadooh

 

„… hinter Schwaden von Tabakrauch und in den leisen Passagen in ihrer Musik beinahe zugedeckt von den unbekümmert geführten Gesprächen am Tisch, die Ostinato waren, durchaus anregend gedacht wie die ständige Begleitung auf dem Schlagzeug, unterbrochen oder gesteigert durch das Klirren eines zerbrochenen Glases, das Aufschlagen der Bestecke auf einem geleerten Teller und der unerwartet in die Höhe steigenden Spirale eines Lachens, das auch das der Sängerin sein konnte, die auch heute auf ihre Gardenie im Haar nicht verzichtet hatte und deren abgezehrter Körper unmöglich diese Stimme beherbergen konnte, die stammelte wie ein kleines Mädchen und dann wieder stöhnte wie eine auf den Wogen der Lust reitende Geliebte, und die ihre Kollegen animierte, aus ihren Trompeten und Saxophonen, Gitarren und Bässen die letzten Geständnisse herauszupressen, die sie der Sängerin und uns machen wollten, an diesem Abend und dann nie wieder.“

 

 

1160253-dda9b354babdcaf2f4691ce161366a7e.jpg 

Fritz Rudolf Fries (Bilbao, 19 mei 1935)

 

 

 

 

De Duitse schrijfster Rahel Varnhagen werd geboren op 19 mei 1771 in Berlijn. Zie ook alle tags voor Rahel Varnhagen op dit blog.

 

Uit: Gedanken, Beobachtungen und Erinnerungen

 

„Viel sprechen würd' ich immer, weil ich viel denke. Hierüber mündlich: daß das nämlich ein Irrtum ist, zu glauben, daß die, welche viel denken, schweigen. Wer plappert, freilich, der hat keine Zeit zum Denken. Aber wer Ideen hat, muß sie mitteilen.

Ehrlich sein im Denken, dann ist man wahr. Und nur die Wahrheit ist Heil! Wer ohne sie ist, altert; die Runzeln allein machen nicht altern. Daher auch kommt es, daß ich die nicht altern sehe, die ich liebe.

Wenn jemand sagte: »Sie glauben wohl, es ist so etwas Leichtes, originell zu sein! Nein, man muß sich viel Mühe geben; und es kostet ein ganzes Leben voll Anstrengung«, so würde man ihn nur für verrückt halten und gar keine Frage mehr anstellen. Und doch wäre die Behauptung ganz wahr und dabei ganz simpel. Originell wäre gewiß jeder Mensch und müßte es sein, wenn die Menschen nicht beinahe immer ganz unverzehrte Sprüche in ihrem Kopf annähmen und auch so wieder hinausließen. Wer sich ehrlich fragt und sich aufrichtig antwortet, ist mit allem, was ihm im Leben vorkommt, immerfort beschäftigt und erfindet unablässig, es sei auch noch so oft und lange vor ihm erfunden worden.

Es gehört Ehrlichkeit zum Denken, und es gibt gewiß beinah so wenig absolute Stumpfköpfe als Genies... . Imbéciles [Schwachköpfe] wären gewiß immer originell; es gibt aber fast keinen reinen; sie haben meist noch Verstand genug, unehrlich zu sein.“

 

 

 1160253-687e1f18b4ae04c1e57b8390a35c3097.jpg

Rahel Varnhagen (19 mei 1771 – 7 maart 1833)

 

 

 

 

De Britse schrijfster Anna Jameson werd geboren op 19 mei 1797 in Dublin. Zie ook alle tags voor Anna Jameson op dit blog.

 

Uit: The Diary of an Ennuyée

 

„July 12.—"Quel est à Paris le suprême talent? celui d'amuser: et quel est le suprême bonheur? l'amusement."

Then le suprême bonheur may be found every evening from nine to ten, in a walk along the Boulevards, or a ramble through the Champs Elysées, and from ten to twelve in a salon at Tortoni's.

What an extraordinary scene was that I witnessed to-night! how truly French! Spite of myself and all my melancholy musings, and all my philosophic allowances for the difference of national character, I was irresistibly compelled to smile at some of the farcical groups we encountered. In the most crowded parts of the Champs Elysées this evening (Sunday), there sat an old lady with a wrinkled yellow face and sharp features, dressed in flounced gown of dirty white muslin, a pink sash and a Leghorn hat and feathers. In one hand she held a small tray for the contribution of amateurs, and in the other an Italian bravura, which she sung or rather screamed out with a thousand indescribable shruggings, contortions, and grimaces, and in a voice to which a cracked tea-kettle, or a "brazen candlestick turned," had seemed the music of the spheres. A little farther on we found two elderly gentlemen playing at see-saw; one an immense corpulent man of fifteen stone at least, the other a thin dwarfish animal with gray mustachios, who held before him what I thought was a child, but on approaching, it proved to be a large stone strapped before him, to render his weight a counterpoise to that of his huge companion. We[Pg 4] passed on, and returning about half an hour afterwards down the same walk, we found the same venerable pair pursuing their edifying amusement with as much enthusiasm as before.“

 

 

 1160253-bc519e1549cd7d318db4f9557c7959b8.jpg

Anna Jameson (17 mei 1797 – 17 maart 1860)

Geschreven door Romenu om 11:08 Reageer op dit bericht

Constantin Göttfert

De Oostenrijkse dichter en schrijver Constantin Göttfert werd op 19 mei 1979 in Wenen geboren. Zie ook mijn blog van 29 december 2010.

 

Uit: Im Hotelzimmer

“Auf dem Bett lagen ein Mann und eine Frau, beide völlig nackt. In einem Anflug von Zärtlichkeit hatte er eben ihren Kopf zu sich herangezogen, mit beiden Händen hielt er ihn jetzt, ihre spitzen Ohren zwischen Zeige- und Mittelfinger eingeklemmt, als das Telefon am Nachtkästchen kurz klingelte, nicht öfter als zwei oder dreimal, lang genug jedoch, um ihn aus seinem Tagtraum zu reißen.
  Es war ein grünes Tastentelefon. Wählen Sie 0 für den Zimmerservice stand dort in mehreren Sprachen. Es ängstigte ihn. Er wollte jetzt alles fallenlassen und aufstehen, den riesigen Zimmerschlüssel aus dem Aschenbecher nehmen, aber er hatte nicht die Kraft dazu.
  Die Balkontür war nur angelehnt, er hörte die Brandung und die Möwen, die über den nackten, roten Felsen gegen den Wind ankämpften, er hörte ihr Kreischen wie das von Kindern. Eine graue Wolkenschicht überdeckte das Dorf mit seinen unzähligen Giebeln und Kirchturmspitzen, hüllte es ein, verschlang es.
  Eine Hitze stieg in ihm hoch. Er musste sich darüber klar werden, wo er war. Der Kopf der jungen Frau lag in seinen Handschalen, immer noch waren ihre Augen geschlossen. Der Ausdruck in ihrem Gesicht erschien ihm jetzt vielmehr unverbindlich als liebevoll, ein Lächeln wie es Zimmermädchen hatten, die in Anwesenheit des Gastes die Decke glatt strichen. Sie schlief noch fest, er wollte sie nicht wecken.”

 

 

1305635-c2408aed556edc2b5841536019d1c27a.jpg
Constantin Göttfert (Wenen, 19 mei 1979)

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten