Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 27 mei 2012 tot 28 mei 2012

Derek Walcott, Adriaan Bontebal, Leo Pleysier, Frank Schätzing, Maeve Binchy


Prettige Pinksterdagen!

 

 

 


1165094-1fd8ee960fb9dd0850ae41a2d9a41ac2.jpg
De Nederdaling van de Heilige Geest

Ikoon uit de Noordrussische School

 

 

 

Pentecost

 

Better a jungle in the head
than rootless concrete.
Better to stand bewildered
by the fireflies' crooked street;

winter lamps do not show
where the sidewalk is lost,
nor can these tongues of snow
speak for the Holy Ghost;

the self-increasing silence
of words dropped from a roof
points along iron railings,
direction, in not proof.

But best is this night surf
with slow scriptures of sand,
that sends, not quite a seraph,
but a late cormorant,

whose fading cry propels
through phosphorescent shoal
what, in my childhood gospels,
used to be called the Soul.

 

 

 

 1165094-c5b182784a3078be9f4c634a32db47a0.jpg

Derek Walcott (St. Lucia, 23 januari 1930)

 

 

 

 

De Nederlandse dichter en schrijver Adriaan Bontebal werd als Aad van Rijn op 28 mei 1952 in Leidschendamgeboren. Zie ook alle tags voor Adriaan Bontebal op dit blog.

 

 

Het woord

 

In den beginne werd het woord
Ongevraagd door God gegeven
De mensheid vond dat ongehoord
Dus het woord werd doodgezwegen

 

Jezus, dacht de duvelstoe-
Jager, wat een stel gestoorden
Hij schiep de ezel en de koe
En ziet: het woord was vlees geworden

 

Men reed de ezel, vrat de koe
Zonder dat men woorden hoorde
De schepper werd een beetje moe:
Wat moest er van die horde worden?

 

De redding kwam bij nood zo hoog
Het waren camera's die snorden
Het was in kleur en het bewoog
Jawel: het woord was clip geworden

 

Het kwam op Sky en Veronique
Met stip de hitlijst opgegleden
Het werd een wereldwijd succes
Nog nooit was er zoveel gebeden

 

Maar tijd heeft menig hit gesmoord
Na weken was de clip verdwenen
Sindsdien wordt enkel nog het woord
Door dichters met hun licht beschenen

 

 

 

1165094-abf34a572dd0b4dcf681d421daec6a75.jpg 

Adriaan Bontebal (28 mei 1952 – 11 februari 2012)

 

 

 

 

De Belgische schrijver Leo Pleysier werd geboren in Rijkevorsel op 28 mei 1945. Zie ook alle tags voor Leo Pleysier op dit blog.

 

Uit: De dieven zijn al gaan slapen

 

“Rik, mijn drinkende, kettingrokende, niet op zijn eten lettende en aan astma lijdende schoonbroer, heeft besloten om bij zichzelf een longtransplantatie te laten uitvoeren in Leuven. Want ook al is hij nog maar drieënveertig: hij is op, hij kan niet meer. Hij hijgt en puft en zweet. Hij hoest en kucht. Hij verkeert voortdurend in ademnood. En nu heeft Rik dus besloten dat het genoeg geweest is.

‘Ik heb al heel mijn leven afgezien van die astma en van die kortademigheid,’ zegt Rik (In het allerplatste Arendonks zegt hij dat.) En nu hoopt hij, nee, gelooft hij dat hij daarna weer helemaal fit en gezond zal zijn.

Het is voor hem de laatste tijd ook geen leven meer. Rik sukkelt en sjokt nog maar wat aan. En met voortdurend binnen handbereik een meterslange, dunne plastic slang die verbonden is met een zuurstoffles op wieltjes. (Een beetje oneerbiedig uitgedrukt: hij hangt eraan vast als een hond aan zijn leiband.)

‘En gij? Wat vindt gij van de operatie die eraan zit te komen?’ vraagt Rik me terwijl we samen op zijn terras een biertje zitten te drinken.

Ik antwoord hem dat ik veronderstel dat hij weet waaraan hij begint, want hij is toch zélf huisarts.

Een diepe zucht. En ineens tranen. Hete tranen. Zoiets heb ik nog nooit meegemaakt met hem. Is mijn antwoord dan zo verkeerd?

De longtransplantatie is mislukt. Afstotingsverschijnselen. Rik heeft de operatie nog twee maanden overleefd en toen was het afgelopen.”

 

 

 1165094-8696f9541bbdb91360df9b5a2c8f0495.jpg

Leo Pleysier (Rijkevorsel, 28 mei 1945)

 

 

 

 

 

De Duitse schrijver Frank Schätzing werd geboren in Keulen op 28 mei 1957. Zie ook alle tags voor Frank Schätzing op dit blog.

 

Uit: Limit

 

„Yoyo hatte es bis zur Schleuse geschafft, wo das Förderband abzweigte, gefolgt von Zhao, der keine zwei Meter unter ihr im Gerüst hing. Jericho zwang die Maschine abwärts in der Hoffnung, sie werde so reagieren wie erwünscht. Er sah den Killer zusammenzucken und den Kopf zwischen die Schultern ziehen. Keinen halben Meter von ihm entfernt riss Jericho das Airbike herum, beschrieb einen Kreis und hielt erneut auf den Ofen zu. Yoyo vollführte an der Kante des Förderbandes die anmutige Interpretation völliger Ratlosigkeit. Warum, begriff er im Moment, da er das Band überflog. Wo Rollen und Verstrebungen hätten sein müssen, war ein Teil der Konstruktion einfach weggebrochen. Über weite Distanz erstreckten sich nur noch die Seitengestänge. Nach unten zu gelangen, hätte professionelle Seiltänzererfahrung erfordert.
Yoyo saß in der Falle.

Lautstark verwünschte er sich. Warum hatte er dem Blonden nicht die Pistole abgenommen? Überall in der Zentrale hatten Waffen herumgelegen. Aufgebracht sah er zu, wie sich Zhaos Kopf und Schultern über den Rand schoben. Mit einem Satz war der Killer auf der Schleuse. Yoyo wich zurück, ging auf alle viere und umfasste das Gestänge des Förderbandes. Behände ließ sie sich daran herunter, bis ihre Füße eine parallel verlaufende, tiefer gelegene Stange berührten, suchte nach halbwegs festem Stand, begann sich abwärtszuhangeln, Meter für Meter -
Glitt aus.
Voller Entsetzen sah Jericho sie fallen. Ein Ruck ging durch ihren Körper. In letzter Sekunde hatten sich ihre Finger um die Stange geschlossen, auf der sie eben noch gestanden hatte, doch nun zappelte sie über einem Abgrund von gut und gerne 70 Metern Tiefe.
Zhao starrte auf sie herab.“

 

 

 1165094-a4548e1340e97a814e5ebaa388f8965e.jpg

Frank Schätzing (Keulen, 28 mei 1957)

 

 

 


De Ierse schrijfster en columniste
Maeve Binchy werd geboren op 28 mei 1940 in Dalkey. Zie ook alle tags voor Maeve Binchy op dit blog.

 

Uit: Nights Of Rain And Stars

 

„The food was not special. Nothing they could not have got in two dozen other little tavernas. There was souvlaki, the lamb kebabs. Well, goat kebabs really, but the visitors liked to think they were lamb. And there was moussakas, warm and glutinous in its big pie dish. There were the big bowls of salad, white squares of salty feta cheese and lush red tomatoes. There were the racks of barbouni, the red mullet waiting to be grilled, the swordfish steaks. There were the big steel trays of desserts in the fridge, kataïfi and baklava, nuts honey and pastry. The chilled cabinets of retsina and local wines. Why else did people come to Greece? People came from all over the world and loved what Andreas, and dozens like him, could provide.

He always recognised the nationality of any visitor to Aghia Anna and could greet them in a few words of their own language. It was like a game to him now, after years of knowing the way people walked and reading their body language.

The English didn’t like if you offered them a Speisecarte instead of the menu, the Canadians did not want you to assume they were from the United States. Italians did not like been greeted with a Bonjour and his own fellow countrymen wanted to be thought of as important people from Athens rather than tourists from abroad. Andreas had learned to look carefully before he spoke.

And as he looked down the path he saw the first customers of the day arriving.

His mind went on to automatic pilot.

A quiet man, wearing those shorts that only Americans wore, shorts that did nothing for the bottom or the legs, but only pointed out the ridiculous nature of the human figure. He was on his own and stopped to look at the fire through binoculars.

A beautiful German girl, tall, tanned with hair streaked by the sun or a very expensive hairdresser. She stood in silence, staring in disbelief at the scarlet and orange flames licking over the boat in Aghia Anna bay.“

 

 

  1165094-871232e0f9953aa2c0edca6239062b93.jpg

Maeve Binchy (Dalkey, 28 mei 1940)

 

 

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 28e mei ook mijn blog van 28 mei 2011 deel 1 en eveneens deel 2 en ook deel 3.
Geschreven door Romenu om 15:05 Reageer op dit bericht

Annette von Droste-Hülshoff, Louis-Ferdinand Céline, Jan Blokker, Niels 't Hooft


Prettige Pinksterdagen!

 

 

 

 1165084-1a41f777108a37d3b17aea0c91f63202.jpg

The Descent of the Holy Spirit , Anthony van Dyck. 1618-1620

 

 

 

 

Am Pfingstsonntage

 

Still war der Tag, die Sonne stand

So klar an unbefleckten Domeshallen;

Die Luft in Orientes Brand

Wie ausgedorrt, ließ matt die Flügel fallen.

Ein Häuflein sieh, so Mann als Greis,

Auch Frauen knieend, keine Worte hallen,

Sie beten leis.

 

Wo bleibt der Tröster, treuer Hort,

Den scheidend doch verheißen du den Deinen?

Nicht zagen sie; fest steht dein Wort,

Doch bang und trübe muß die Zeit wohl scheinen.

Die Stunde schleicht; schon vierzig Tag'

Und Nächte harrten sie in stillem Weinen,

Und sahn dir nach.

 

Wo bleibt er? wo nur? Stund' an Stund',

Minute will sich reihen an Minuten.

Wo bleibt er denn? – und schweigt der Mund:

Die Seele spricht es unter leisem Bluten.

Der Wirbel stäubt, der Tiger ächzt

Und wälzt sich keuchend durch die sand'gen Fluten,

Die Schlange lechzt.

 

Da horch! ein Säuseln hebt sich leicht!

Es schwillt und schwillt und steigt zu Sturmes Rauschen.

Die Gräser stehen ungebeugt;

Die Palme starr und staunend scheint zu lauschen.

Was zittert durch die fromme Schar,

Was läßt sie bang' und glühe Blicke tauschen?

Schaut auf! nehmt wahr!

 

Er ist's, er ist's; die Flamme zuckt

Ob jedem Haupt; welch wunderbares Kreisen,

Was durch die Adern quillt und ruckt!

Die Zukunft bricht, es öffnen sich die Schleusen,

Und unaufhaltsam strömt das Wort

Bald Heroldsruf und bald im flehend leisen

Geflüster fort.

 

O Licht, o Tröster, bist du, ach!

Nur jener Zeit, nur jener Schar verkündet?

Nicht uns, nicht überall, wo wach

Und trostesbar sich eine Seele findet?

Ich schmachte in der schwülen Nacht,

O leuchte, eh das Auge ganz erblindet;

Es weint und wacht!

 

 


1165084-c6f809abba70bf32e156c5f8f5417fd5.jpg
Annette von Droste-Hülshoff (10 januari 1797 – 24 mei 1848)

Het kabinet ‚Annette von Droste-Hülshoff’ in het Stadtmuseum, Münster

 

 

 


De Franse schrijver
Louis-Ferdinand Céline (pseudoniem van Louis Ferdinand Destouches) werd geboren in Courbevoie op 27 mei 1894. Zie ook alle tags voor Louis-Ferdinand Céline op dit blog.

 

Uit: Journey to the End of the Night (Vertaald door Ralph Manheim)

 

„Here’s how it started. I’d never said a word. Not one word. It was Arthur Ganate* that made me speak up. Arthur was a friend from med school. So we meet on the Place Clichy. It was after breakfast. He

wants to talk to me. I listen. “Not out here!” he says. “Let’s go in!” We go in. And there we were. “This terrace,” he says, “is for jerks! Come on over there!” Then we see that there’s not a soul in the street, because of the heat; no cars, nothing. Same when it’s very cold, not a soul in the street; I remember

now, it was he who had said one time: “The people in Paris always look busy, when all they actually do is roam around from morning to night; it’s obvious, because when the weather isn’t right for walking around, when it’s too cold or too hot, you don’t see them any more; they’re all indoors,

drinking their cafés crème or their beers. And that’s the truth! The century of speed, they call it! Where? Great changes, they say! For instance? In truth nothing has changed. They go on admiring themselves, that’s all. And that’s not new either. Words. Even the words haven’t changed much!

Two or three little ones, here and there…” Pleased at having proclaimed these useful truths, we sat looking at the ladies in the café. After a while the conversation turned to President Poincaré,* who

was due to inaugurate a small-dog show that same morning, and that led to Le Temps,* where I’d read about it. Arthur Ganate starts kidding me about Le Temps. “What a paper!” he says. “When it comes to defending the French race, it hasn’t its equal!” And quick to show I’m well informed, I fire back: “The French race can do with some defending, seeing as it doesn’t exist!”

“Oh yes, it does!” he says. “And a fine race it is! The finest in the world, and anybody who says different is a yellow dog!” And he starts slanging me. Naturally I stuck to my guns.

“It’s not true! What you call a race is nothing but a collection of riffraff like me, bleary-eyed, flea-bitten, chilled to the bone. They came from the four corners of the earth, driven by hunger, plague, tumours

and the cold, and stopped here. They couldn’t go any further because of the ocean. That’s France, that’s the French people.”

“Bardamu,” he says very gravely and a bit sadly, “our forefathers were as good as we are, don’t speak ill of them!…”

 

 

 1165084-8ced3b0d8ba003ba0985654383d4836d.jpg

Louis-Ferdinand Céline (27 mei 1894 - 1 juli 1961)

 

 

 

 

De Nederlandse schrijver, journalist en columnist Jan Blokker werd geboren in Amsterdam op 27 mei 1927. Zie ook alle tags voor Jan Blokker op dit blog.

 

Uit: Doe die tweets weg! (Column)

 

„Nergens zijn we er zo dicht mee bij huis gekomen als met Paul de Leeuw, de meest overschatte komiek van de zaterdagavondindustrie, en Cornald Maas, het vleesgeworden Songfestival, tevens kunst- en cultuurpaus van de AVRO. Paul durfde heel ver te gaan door tijdens de trouwerij van een Zweedse prinses het land in te twitteren: ‘Zit u ook stiekem te wachten op een zwarte Saab die zich in een of ander monument boort? Niet dat ik het ze gun, maar dan gebeurt er wat!’

Er gebeurde niets. Het gewaarschuwde Openbaar Ministerie oordeelde dat de uitlating voor niemand iets beledigends bevatte, en dat er evenmin sprake was geweest ‘van smadelijke, lasterlijke, bedreigende of opruiende tekst’. Men had zelfs geen humor vastgesteld. Helemaal niets – zoals altijd als Paul de Leeuw iets zegt, en vervolgens om zichzelf hinnikt.

Zieliger liep het af met Cornald Maas. Zijn actuele tweet had geluid: ‘Grappige exportprodukten heeft Nederland: Sieneke, Joran van der Sloot, de PVV’, wat door de TROS ‘onacceptabel’ werd genoemd en zijn ontslag tot gevolg had. Waarom in godsnaam? Hebben ze zich bij de TROS ooit laten voorstaan op criteria als goeie smaak, esprit, kwaliteit of niveau? Cornald zelf wel. Cornald verdedigde zich als homoseksueel tenminste altijd voor zijn sienekefilie, dus hij had er als mens en kunstkenner behoefte aan om zich in een statement nog eens ondubbelzinnig van de zangeres te distantiëren, en Joran en Geert meteen mee te nemen. Cornald heeft in alle naoorlogse oorlogen aan de goede kant gestaan.

Maar had er dan niet weer een domme, ordinaire, gemakzuchtige, lollige tweet van gemaakt, sukkel.“

 

 

 1165084-14800e0d7d57911103a755d50e3acc48.jpg

Jan Blokker (27 mei 1927 -  6 juli 2010)

 

 

 

 

De Nederlandse schrijver, journalist, blogger en gamedeskundige Niels 't Hooft werd geboren in Leiderdorp op 27 mei 1980. Zie ook alle tags voor Niels ‘t Hooft op dit blog.

 

Uit: Toiletten

 

„Je bleef stilstaan, we waren gearriveerd. Het was een laag huis, steegje erlangs, veel hogere flats in de nabije omgeving. De meeste bomen hadden geen bladeren meer, een kille wind joeg door de straten.
Ik keek om me heen, op zoek naar symbolen die iets konden vertellen over de afloop van mijn avontuur. Een cartridge in mijn kartonnen doos viel om, zodat ik het label kon zien. Final Fantasy, een avontuurlijk rollenspel. Niet mijn favoriete soort videogame. Eentje met gevechten die om beurten voert met de computer, via menu’s. Meestal heb ik geen zin ze uit te knokken, maar als je wegrent krijg je geen ervaringspunten en wordt je virtuele personage niet sterker.
‘Hand in hand loop ik wel met mijn oma,’ zei je.

‘Gooi jouw spullen maar bij de mijne,’ zei je, ‘het zijn nu onze spullen.’
Zo begon het. We gooiden onze spullen bij elkaar op het bed. Onderbroeken door elkaar, sokken door elkaar, jouw maandverband bij mijn scheerapparaat, mijn T-shirt bij jouw oranje broek, tandenborstels niet te onderscheiden want ze waren allebei groen. Dat was een van de dingen waarom we zeiden dat we bij elkaar pasten, dat we dezelfde tandenborstel hadden. Hoeveel mensen kopen hun tandenborstel in dezelfde kleur?
Ik zei: ‘Ik doe toch nooit jouw onderbroeken aan? Waarom zouden we onze onderbroeken bij elkaar gooien?’
‘Het is belangrijk dat alles van ons samen is,’ stelde je. Je moest lachen.
Het bed was groot, of misschien leek het groot, omdat de kamer zo klein was. Er was een boekenkast, omgedoopt tot klerenkast, er was een raam, er was een straalkachel, er was een klein nachtkastje. Als je tussen de deurposten door wilde, moest je over het nachtkastje heen stappen of over het bed, samen versperden ze de weg. We hadden de deur eruit getild, omdat het bed er anders niet doorheen ging, maar we hebben hem nooit teruggehangen. Je zei dat het zo ruimtelijker was. Ruimtelijk, een bijzonder groot woord voor ons nieuwe huis. Bij ruimtelijk denk ik aan een grote balzaal met een kroonluchter, een omringende balustrade en prachtige marmeren trappen.“

 

 

 1165084-a8df53bda1e628013a1bcaa0238791dc.jpg

Niels 't Hooft (Leiderdorp, 27 mei 1980)



Zie voor nog meer schrijvers van de 27e mei ook
mijn blog van 27 mei 2011 deel 1 en eveneens deel 2 en ook deel 3.

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten