Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 20 november 2012 tot 21 november 2012

Isaac Bashevis Singer, Margriet de Moor, Marilyn French

De Amerikaans-Poolse schrijver Isaac Bashevis Singer werd geboren op 21 november 1904 als Isaac Hertz Singer in Radzymin, Polen. Zie ook alle tags voor Isaac Bashevis Singer op dit blog.

 

Uit: The slaughterer 

 

„Since Yoineh Meir had begun to slaughter, his thoughts were obsessed with living creatures. He grappled with all sorts of questions. Where did flies come from? Were they born out of their mother's womb or did they hatch from eggs? If all the flies died in winter, where in the new ones come from in the summer? And the owl that nested under the synagogue  roof - what did it do when the frost came? Did it remain there? Did it fly away to warm countries? How could anything live in the burning frost, when it was scarcely possible to keep warm under the quilt?

An unfamiliar love welled up in Yoineh Meir for all that crawls and flies, breeds and swarms. Even the mouse - was it their fault that they were mice? What wrong does a mouse do? All it wants is a crumb of bread, a bit of cheese. Then why is the cat such an enemy to it?

Yoineh Meir rocked back and forth in the dark. The rabbi may be right. Man cannot and must not have more compassion than the Master of the universe. Yet he, Yoineh Meir, was sick with pity. How could one pray for life for the coming year, or for a favourable writ in Heaven, when one was for robbing others of the breath of life? 

Yoineh Meir thought that the Messiah Himself could not redeem the world as long as injustice was done to beasts. By rights everything should rise from the dead: every calf, fish, gnat, butterfly. Even in the worm that crawls in the earth there glows a divine spark. When you slaughter a creature you slaughter God...”

 

 

1280629-499e5f1eb9dff99c49ae834da4fe0f7f.jpg
Isaac Bashevis Singer (21 november 1904 – 24 juli 1991)

 

 

 

 

De Nederlandse schrijfster Margriet de Moor werd als Margaretha Maria Antonetta Neefjes op 21 november 1941 in Noordwijk geboren. Zie ook alle tags voor Margriet de Moor op dit blog.

 

Uit: Eerst grijs dan wit dan blauw

 

“In de week die voorafgaat aan Magda's terugkomst, slaapt hij onrustig en droomt hij zwaar. Op maandag schiet hij vlak voor zonsopgang overeind, hij bekijkt in het ochtendlicht zijn geopende vuisten en duikt onder de deken terug om te huilen. Toch herinnert hij zich een droom vol licht en warmte, met een Magda die door een vuurrood tulpenveld holt, een hond achter haar aan. Als ze aan de rand van een sloot blijft stilstaan, roept ze iets. Haar gezicht wordt groot, vrolijk en bol als op een foto die van te dichtbij is genomen. Op het moment dat hij wakker wordt, verandert dit alles, bliksemsnel, in radeloosheid...

 ... Als hij op vrijdag, aan het begin van de avond, de Oude Zeestraat inrijdt en in de bocht van de weg zijn huis ziet liggen, valt hem op dat de vaalrood gestreepte markiezen zijn neergelaten. Het zolderdakraam staat opengeklapt. In de voortuin beschrijft een watersproeier een doorzichtige acht boven de rozen. Ze is thuis.

Hij parkeert zijn auto op de oprijlaan, stapt uit en bukt zich om de kefhondjes te aaien, die vanuit het huis op hem af zijn gestoven. Het is de hele dag erg warm geweest, ineens voelt hij de vochtplekken op zijn overhemd. Kalm. Kalm nou maar, jongens. Hij krauwt de vacht op de koppen, onder de bekken, tussen de poten, tot de diertjes, ongeduriger dan hij, weer van hem wegspringen. Een volgend ogenblik staat hij op de drempel van de keuken. Daar hebben we Magda.

Ze zegt: ‘Wat denk je, zullen we maar buiten eten ondanks dat het er stikt van de wespen?’

Ze staat bij de gootsteen haar handen af te spoelen. Ze lacht naar hem over haar schouder. Ze komt in een lucht van knoflook en gebraden vlees op hem af”.

 

 

 1280629-b28e7ff6a4e9250a15f3933184e2a3a7.jpg

Margriet de Moor (Noordwijk, 21 november 1941)

 

 



De Amerikaanse schrijfster en literatuurwetenschapster
Marilyn French werd geboren op 21 november 1929 in New York. Zie ook alle tags voor Marilyn French op dit blog.

 

Uit: Shakerspeare's Division of Experience (Othello)

 

“Nowhere in Shakespeare are relations between males and females more searchingly, painfully probed. Othello is the last play in which this occurs; with it, the concerns that are central in Comedy of Errors, Taming, Much Ado, and All's Well are finally laid to rest.
The dominant culture of the play is that of Venice, which is shown here as similar to the Venice of Merchant, but in a more positive light. Venice is worldly, powerful, moneyed, and mannered. It is not just a place but an influence, and its mores are implanted in all the characters, even in those who, like Othello and Cassio, are not native Venetians. Venice is civilization, a civilization the characters carry with them to primitive, wild, wartorn Cyprus. The graft is as uneasy as the overlay of civility on any basic human core.

The scenes in Venice present the masculine principle in two aspects. The Senate scene shows it at its finest, possessed of honor, lawfulness, decorum, knowledge, and power, yet 'feminine' in its protective and consolatory inclinations. The city is dominated by reason, and the council scene (I, iii) exemplifies reason in action, whether the issue is a set of conflicting reports of an enemy's movements or a father's hysterical attack. Reason is a form of control, and it is control above all that is the ideal of this culture. Control is essential to a culture which views natural humanity as depraved and vicious: thus Hamlet values Horatio, and Polonius lectures Laertes. It is also essential to a culture which views natural humanity as bestial and voracious, which is closer to the view of this play. The shocked Lodovico laments:

 

Is this the noble Moor whom our full Senate
Call all in all sufficient? Is this the nature
Whom passion could not shake? whose solid virtue
The shot of accident nor dart of chance
Could neither graze nor pierce?

 

(IV, i, 264-8)”

 

 

1280629-3c0bf5510d424fbf24f852d8ce4a2418.jpg 

Marilyn French (New York, 21 november 1929 – 2 mei 2009)

 

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 21e november ook mijn blog van 21 november 2011 deel 1 en eveneens deel 2.

Geschreven door Romenu om 19:23 Reageer op dit bericht

In Memoriam Frans Kusters


In Memoriam Frans Kusters

De Nederelandse schrijver Frans Kusters is dinsdag op 63-jarige leeftijd overleden. Dat heeft zijn uitgeverij De Bezige Bij laten weten.
Frans Kusters werd geboren in Nijmegen op 16 september 1949 en bleef een geboren en getogen Nijmegenaar. Hij heeft zijn hele leven nergens anders gewoond. Zie ook alle tags voor Frans Kusters op dit blog.

 

Uit: De tranen van Daan Dativo

 

“Hier staan wij dan, in de striemende regen aan de rand van Medemblik, een handvol oude, verdrietige mannen die ooit avond aan avond barstensvolle zalen wisten te verbijsteren en door de kunstkritiek uit die dagen eenstemmig tot - ik citeer - ‘de paladijnen van een nieuw tijdperk’ werden uitgeroepen. Nieuw tijdperk, jawel! Nog geen drieënhalve maand duurde het of het hooggeëerde publiek gaf als vanouds overal weer de voorkeur aan het gladde vertoon en de gemakzucht van het tweede garnituur dat alleen per abuis misgrijpt, al doende moppen tapt en het liefst bovendien nog om het geslachtsdeel een hoepeltje of wat zou laten cirkelen, als het fatsoen dat toestond. En niet lang daarna zagen ook de kenners hun vergissing in en lazen wij over - ik citeer opnieuw - ‘behaagzieke dilettanten die door niemand serieus genomen zullen worden, aangezien het wezen van de behendigheidskunst hun ten enen male ontgaat’.

Nee, leuk was dat allemaal niet, om van hetgeen wij sedertdien te verduren hebben gekregen nog te zwijgen, maar het heeft ons in ieder geval niet verhinderd te blijven jongleren, zoals er volgens ons gejongleerd moet worden. En als het nieuwe tijdperk niet aan de wereld besteed blijkt te zijn, zo verzekerden wij elkaar onderwijl op onze zolders en in onze achtertuintjes tussen de waslijnen, dan moet de wereld het zelf maar weten. Zo verstreken de jaren en op zekere dag kwamen wij tot de ontdekking dat het tweede garnituur van vroeger vergeleken bij de ellendelingen die naderhand de podia veroverden gerust een stelletje onvervaarde avonturiers genoemd mocht worden. En die lamstralen waren weer een verademing, als je zag wat een volgende lichting ervan terechtbracht... Het zou van weinig smaak getuigen om uitgerekend hier verder nog een woord vuil te maken aan de wijze waarop er tegenwoordig met de kostbaarheden van de zwaartekracht wordt omgesprongen. Wat ik alleen maar wilde zeggen is dat men ons van alles en nog wat voor de voeten kan werpen, behalve dat wij ons met laf effectbejag hebben ingelaten, een enkele schnabbel wellicht niet meegerekend. En met gegoochel, ballet en lolbroekerij gelukkig evenmin. Wij zijn er, kortom, in geslaagd de weg van de minste weerstand te vermijden. En in nog heviger mate - van die intensiteit is dit einde het bewijs - geldt dit voor degene van wie wij vandaag afscheid nemen en die ons op zijn beurt keer op keer van virtuositeit heeft beschuldigd - jullie herinneren je hoe hij bij het uitspreken van dat woord de punt van zijn karakteristieke neus tussen de toppen van duim en wijsvinger placht te vatten, wat hij in de vele, veel te vele nadagen van zijn loopbaan als een prestatie van formaat aangemerkt wenste te zien-, eens ons voorbeeld, onze inspiratiebron en ons idool, Daan Dativo, God hebbe zijn ziel, als het Hem tenminste lukt daarop de nodige vat te krijgen!”  

 

 

 1280269-af9e9f9b877f8732e9a4da29a222a7a4.jpg

Frans Kusters (16 september 1949 – 20 september 2012)

Geschreven door Romenu om 08:39 Reageer op dit bericht

Gerard Koolschijn

De Nederlandse schrijver en vertaler Gerard Koolschijn werd op 21 november 1945 in Den Haag geboren. Zie ook alle tags voor Gerard Koolschijn op dit blog.


Uit: Geen sterveling weet


„Zonder overgang tilde hij dan plotseling met veranderde gelaatsuitdrukking vanaf een bankje naast het kabinet de zware, zeventiende-eeuwse statenbijbel op tafel, met de zwarte, vetgedrukte gotische letters, door iele kanttekeningen omgeven. Krakend streek hij de perkamentachtige bladzijden glad en dan las hij voor, met religieuze tongval en smartelijk, licht schuin geheven hoofd, vroom in het verleden starend zonder de tekst te raadplegen, want hij kende bijna alles uit zijn hoofd.”

(…)

Hij sprak de jonggehuwden toe. 'U hebt, mijn jonge vrienden, het onschatbare voorrecht dat u door Gods voorzienigheid in aanraking bent gekomen met de Waarheid. U kunt de Waarheid nooit genoeg eer bewijzen. Leeft, niet uit uzelf. leeft, niet uit de wereld. Leeft uit God. In uzelf is niets dan machteloosheid, schuld, verwerpelijkheid. (...)
Niet de genegenheid, zoals de wereld voorgeeft, is de grondslag van het huwelijk, maar de wil van God! Nu kan het voorkomen dat u elkander in sommige dingen niet verstaat. Zult u het dan met elkander uitmaken? Neen, dat zult u n iet doen. U zult zo spoedig mogelijk de eenzaamheid zoeken en het geschil voorleggen aan God. U zult wonderen beleven, wonderen!'


1281219-a8c7e1e493659643a7a432b6d4d0ab43.jpg

Gerard Koolschijn (Den Haag, 21 november 1945)

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Sheema Kalbasi , Nadine Gordimer, Viktoria Tokareva, Thomas Chatterton

De Iraanse dichteres, vertaalster en mensenrechten-advocate Sheema Kalbasi werd geboren op 20 november 1972 in Teheran. Zie ook alle tags voor Sheema Kalbasi op dit blog.

 

 

Dark Moods

 

Words attack

in gray letters

while sitting behind a desk,

arrive hanging from the robe,

the hands, and the thoughts.

Every part is injured

with no cure

and nothing to

swing open the mind.

 

The motionless floors

Cannot cover the pain that is

Dropping from the walls

-blood and the songs that are hammered

to the loneliness of a poet

And the multiplication of Sheema.

 

I am sure death has pierced your motionless body by now

Is your hair growing in gold?

 

 

 

Golden anything

 

My fragile nights bathed

in Wisteria

Freshened by Eucalyptus

Pools of anything but Sorrow

 

Thee my love, thee

Angels and wings of dreamy shadows

Kneeling

 

Waves of desire

Floating essences, flooding rivers

 

I am trembling, tremble

Oceans of passion, desire

My fragile nights.

 

Thundering anything

Waking from mirrors

In the corner of my eye

razors flooding to enter.

 

I ask my heart: Why?

And the pain becomes a rare visitor.

 

 

 1280119-00ff52ece6b0a5c2b5cef166a240b708.jpg

Sheema Kalbasi (Teheran, 20 november 1972)

 

 

 


De Zuidafrikaanse schrijfster
Nadine Gordimer werd geboren op 20 november 1923 in Springs. Zie ook alle tags voor Nadine Gordimer op dit blog.

 

Uit: Niemand der mit mir geht (None to Accompany Me, Vertaald door Friederike Kuhn)

 

“Und wer war das?
Es gibt immer jemanden, an den sich keiner mehr erinnert. In dem Gruppenfoto nehmen nur jene, die inzwischen prominent oder berüchtigt geworden sind oder deren Gesichter durch gemeinsam Erlebtes zurückverfolgt werden können, Raum und Zeit ein, glänzend verflacht.
Wer könnte das gewesen sein? Die baumelnden Hände und die ordentlich für die Kamera zusammengestellten Füße, das Halblächeln im Profil, den Kopf der Persönlichkeit zugewandt, die der Mittelpunkt des bewahrten Moments sein sollte. Es ist im Grunde ein Einzelbild, zu einer höheren Intensität entwickelt. Am Rande dieses Brennpunktes ist noch etwas, eine Anfügung, man könnte sie bei der Vergrößerung auch weglassen, da die periphere Gestalt im Akt des Erkennens und in der besonderen Erinnerung, die das Foto auslöst, keine Bedeutung hat.
Wenn aber jemand käme, der - warte mal! - die Gestalt erkennen würde, an die sich niemand erinnert, dann würde sich sofort eine andere Lesart des Fotos entwickeln. Etwas anderes, eine andere Bedeutung wäre da; das, was damals, auf dem Weg, auf sich genommen wurde, wäre wieder gegenwärtig. Etwas Geheimes vielleicht. Das so unscheinbar eingefangen wurde.
Vera Stark, mit ihrer Anwaltsausbildung und dem Ordnungsdrang, der mit dem Altern kommt, stieß auf ein Foto, das sie seit langem zusammen mit allem, was sie in den verschiedenen Neuanfängen der Jahre abgelegt hatte, weggeworfen glaubte. Aber es war kein Bild, das sie übersehen hatte. Es war das Foto, das sie ihrem ersten Mann während des Krieges in sein Offiziersquartier in Ägypten geschickt hatte - während ihres Krieges, des richtigen Krieges, nicht jener Kriege, die ihm folgten und die ohne Siegesparaden kamen und gingen. Er mußte das Foto aufgehoben haben. Mußte es in seiner Feldausrüstung mit zurückgebracht haben. Es war eine Ansichtskarte - die Ansichtskarte, die sie ihm von einem Ausflug in die Berge geschickt hatte; ein Foto der kleinen Feriengruppe von Freunden, mit denen sie gefahren war. Was sie auf die Rückseite geschrieben hatte (sie drehte das Foto jetzt um, als höhe sie einen alten Stein), waren die üblichen telegrafischen paar Zeilen, die sie hingekritzelt hatte, während sie die Briefmarke kaufte - das Wetter wunderbar, sie kletterte, wanderte Meilen pro Tag, schwamm in kleinen, sauberen Teichen, das Hotel so, wie er es kannte, aber ziemlich runtergekommen. Grüße von diesem oder jenem - denn die, die da untergehakt standen, waren ihre gemeinsamen Freunde. Es gab nur ein neues Gesicht: ein Mann zu ihrer Linken, dem sie einen Kreis um den Kopf gemalt hatte. Sie nannte ihn in einer Zeile, die senkrecht neben ihren Bericht vom Wetter gequetscht war, beim Namen.”

 

 

1280119-3d80f08dba6252317df722a19352eae6.jpg
Nadine Gordimer (Springs. 20 november 1923)

 

 

 

 

De Russische schrijfster en scenariste Viktoria Tokareva werd geboren op 20 november 1937 in Leningrad (Sint Petersburg). Zie ook alle tags voor Viktoria Tokareva op dit blog.

 

Uit: Alle meine Feinde und andere Erzählungen (Vertaald door Angelika Schneider)

 

“Sie schaut vor sich hin und denkt wohl an irgendetwas.

Man hat immer zu mir gesagt: »Was für ein liebes Mädchen, deine Tochter …« Wahrscheinlich wollte man mir nur etwas Nettes sagen, aber ich habe es mit ganzem Herzen geglaubt. Sie war ja auch wirklich lieb … So lieb und brav. Sie war fügsam und leicht zu lenken. Man konnte sie von

allem überzeugen. Sie ließ sich erziehen wie ein gelehriger Delphin.

Als sie noch ein Kind war, fuhr ich oft mit ihr raus auf die Datscha. Für mich selbst war es verlorene Zeit: Langweilig war’s und der Alltag schwierig dort auf dem Land. Aber wir saßen gern zusammen auf der Holztreppe am Eingang, ganz dicht nebeneinander, und noch heute erinnere ich mich an die Wärme dieser kleinen Schulter.

Und plötzlich war sie erwachsen und brachte diesen ›Erstbesten‹ mit. Ich will mir ja kein Urteil anmaßen, aber ich war immer beunruhigt und machte mir Sorgen um meine Tochter, wenn sie mit ihm zusammen war.

Eines Tages waren sie auf irgendeinem Ausflug, und meine Tochter – sie heißt Lisa – bekam eine Blinddarmentzündung. Um sie herum nichts als Berge und malerische Täler, keine medizinische Hilfe weit und breit. Kaum zu fassen, dass sie mit dem Leben davonkam.

Lisa brachte das Kind zur Welt, während er auf einem Ruderausflug mit seinen Kumpels war. Er wollte immer das wilde Leben. Aber die Ruderbootkumpels hat er dann später  genauso sitzenlassen. Er wollte nicht mehr im Zelt schlafen, ohne jeglichen Komfort. Er zischte einfach ab und hinterließ seinen Kameraden vierzig Kilo Gepäck. Der Kerl verstand es wirklich, seine Lasten auf andere Leute zu verteilen. Mir war sofort klar: Lisa war wie ein Kaninchen, das vor einer Riesenschlange sitzt.”

 

 

1280119-099b5b2ab39b822296de54562ea6636d.jpg 

Viktoria Tokareva (Leningrad, 20 november 1937)

 

 

 

 

De Engelse dichter en schrijver Thomas Chatterton werd geboren op 20 november 1752 in Bristol als zoon van een koster. Zie ook alle tags voor Thomas Chatterton op dit blog.

 

 

On The Last Epiphany (Or Christ Coming To Judgment)

 

Behold! just coming from above,
The judge, with majesty and love!
The sky divides, and rolls away,
T'admit him through the realms of day!
The sun, astonished, hides its face,
The moon and stars with wonder gaze
At Jesu's bright superior rays!
Dread lightnings flash, and thunders roar,
And shake the earth and briny shore;
The trumpet sounds at heaven's command,
And pierceth through the sea and land;
The dead in each now hear the voice,
The sinners fear and saints rejoice;
For now the awful hour is come,
When every tenant of the tomb
Must rise, and take his everlasting doom.

 

 

 

 

The Churchwarden and The Apparition: A Fable

 

The night was cold, the wind was high,
And stars bespangled all the sky;
Churchwarden Joe had laid him down,
And slept secure on bed of down;
But still the pleasing hope of gain,
That never left his active brain,
Exposed the churchyard to his view,
That seat of treasure wholly new.
“Pull down that cross,” he quickly cried,
The mason instantly complied:
When lo! behold, the golden prize
Appears—joy sparkles in his eyes.
The door now creaks, the window shakes,
With sudden fear he starts and wakes;
Quaking and pale, in eager haste
His haggard eyes around he cast;
A ghastly phantom, lean and wan,
That instant rose, and thus began:
“Weak wretch—to think to blind my eyes!
Hypocrisy's a thin disguise;
Your humble mien and fawning tongue
Have oft deceived the old and young.
On this side now, and now on that,
The very emblem of the bat:
Whatever part you take, we know
'Tis only interest makes it so,
And though with sacred zeal you burn,
Religion's only for your turn;
I'm Conscience called!” Joe greatly feared;
The lightning flashed—it disappeared.

 

 

 1280119-54007cff95f9dedf48b94e3c3ec8fd1b.jpg

Thomas Chatterton (20 november 1752 - 5 augustus 1770)

 

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 20e november ook mijn blog van 20 november 2011 deel 1 en eveneens deel 2.

Geschreven door Romenu om 21:14 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten