Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 15 maart 2013 tot 16 maart 2013

Bredero, P.C. Hooft, Zoë Jenny, Dirk von Petersdorff, Francisco Ayala

De Nederlandse dichter en toneelschrijver Gerbrand Adriaensz. Bredero werd geboren op 16 maart 1585 in Amsterdam. Zie ook alle tags voor Bredero op dit blog.

 

 

Eenzaamheid is armoede

 

Wat baat u het bezit van landen en van steden
en 't prachtige gebouw vol dure kostbaarheden
waarin u woont, omringd door 'n prinselijke stoet,
wanneer u in uw bed 's nachts eenzaam slapen moet?

Wat baat die erezwerm van dames blank en blij
en 't vorstelijk gevolg van prinsen groot en vrij,
wat baat het dat een elk u als een God begroet,
wanneer u in uw bed 's nachts eenzaam slapen moet?

Wat baat het dat u geurt naar muskus en odeur
en dat de fijnste wijn uw konen siert met kleur
en dat u in uw jeugd leefde op dartele voet,
wanneer u in uw bed 's nachts eenzaam slapen moet?

Wat baat het dat u steeds uit gouden schalen eet
en dat u aan de dis de ereplaats bekleedt
en dat de lieve lust u kittelt, zacht en zoet,
wanneer u in uw bed 's nachts eenzaam slapen moet?

Wat baat het dat uw geest zo wijs is en geleerd
en dat de wereld u daarom bewonderend eert,
dat u onsterfelijk wordt, befaamd door nobel bloed,
wanneer u in uw bed 's nachts eenzaam slapen moet?

Ik wens geen groter schat dan mijn lief in mijn arm,
met haar beleef ik vreugd, naast haar slaap 'k zoet en warm.
U bent de armste mens, al bent u rijk aan goed
wanneer u in uw bed 's nachts eenzaam slapen moet!

 

 

 

Het tweede van de schoonheyt

 

Het zijn twee sterren licht, of 't zijn twee diamanten,

Die vol van tooverij, haar drayen in't aanschijn,

Of anders gitten swart, of twee smaragden fijn,

Vier reghen-boghen, die aan tween te samen kanten.

 

Of wel twee peerlen glat, de schoonste van Levanten,

Neen 't moeten vlammen zijn, twee Sonnen heet van schijn,

Ick weet wel, en ick voel, hoe sy verbranden mijn;

Of 't zijn twee blixems snel, van Jupiters ghesanten.

 

Neen 't isset al te maal, de gitten zijn omringt

Van twee smaragden groen, daar om zijn 't regenbogen,

Dan isset diamant, al dit twee paarlen sluyt,

 

Sy glinsteren op de wangh, grootachtich puylens' uyt,

Melijdich van opsien sijn dit mijn vrysters ooghen;

Siet ghyse, vraaght niet meer waar liefde my toedringt.

 

 

 

De Liefd’ is blind

 

Wat wijkt gij, blinde min, van wijsheid en van rede!
Gij mist de weg des deugds doordien gij ’t dwaalpad kiest,
Door ’t volgen van uw lust en broedse zinlijkheden,
Waardoor gij ’t slechtste zoekt en ’t alderbest verliest.

 

 

 

1355720-887ebf34a54d4b5706fc7e44f4c77f4a.jpg 

Gerbrand Bredero (16 maart 1585 - 23 augustus 1618)

 

 

 

 

 

De geschiedkundige, dichter en toneelschrijver Pieter Cornelisz. Hooft werd geboren in Amsterdam op 16 maart 1581. Zie ook alle tags voor P. C. Hooft op dit blog.

 

 

Aan een nieuwgeboren jongen

 

O jongen, verse vrucht, die uit het slaaprig leven,
In moeders schoot geleefd, door sporen van de tijd,
Die niet in stilte laat, tot ouders vreugde zijt
In der zinnen gewoel en 't wakend licht gedreven,

Nu heeft u de geboort aan 't Luk overgegeven
Dat school van wissel houdt; de droevige verblijdt,
De blijde droevig maakt; verheft, en nedersmijt;
En tussen hoop en vrees, doet alle zielen zweven.

Op onversufte moed de zegerijke God
Geef u te schutten af de pijlen, waar het Lot
In zijn verbolgenheid u mede zal beschieten;

Ook hare gaven, als 't u mildelijk bedenkt
En rijkdom, wellust, eer, uit volle vaten schenkt,
Met dankbare genoegt' voorzichtig te genieten.

 

 

 

 

Leidsterren van mijn hoop, planeten van mijn jeugd

 

Leidsterren van mijn hoop, planeten van mijn jeugd,
Vermogen ogen schoon, in hemels vuur ontsteken,
Als gij uw vensters luikt, zo ziet men mij ontbreken
Mijns levens onderhoud, een teder-zoete vreugd.

Want gij besluit daarin een zaligende deugd,
Vriend’lijke vrolijkheid. De Min met al zijn treken,
Jok, lach, bevalligheid daarinne zijn geweken,
En wat ter wereld is van wellust en geneugt.

Nature, die daar schijnt in droeve damp begraven
Door ‘t missen van uw glans, betreurt haar rijkste gaven,
Die ge altezaam besluit in plaats zo nauw bepaald.

Doch nauw en is zij niet, gelijk het schijnt van buiten,
Maar wijd en woest genoeg om alles in te sluiten
Waar zich mijn wufte ziel zo ver in heeft verdwaald.

 

 

 

Roosje

 

In de bladen van een roosje
Vindt gij, o mijn zoete Troosje,
Kleene gift. Waar' zij zoo groot
Als de gunst, te kleen een doosje
Waar' de gansche wereldkloot.

 

 

 

1355720-6d8b3ff4e8a8c4be8a173ddb69d84545.jpg 

Pieter Cornelisz. Hooft (16 maart 1581 – 21 mei 1647)

Borstbeeld, Keizersgracht, Amsterdam 

 

 

 

 

De Zwitserse schrijfster Zoë Jenny werd geboren op 16 maart 1974 in Basel. Zie ook alle tags voor Zoë Jenny op dit blog.

 

Uit: Das Blütenstaubzimmer

 

“In der Küche knipste ich das Licht an, setzte mich an den Tisch und umklammerte die noch warme Kaffeetasse. Suchte den Rand nach den braunen, eingetrockneten Flecken ab, das letzte Lebenszeichen, wenn er nicht mehr zurückkehrte. Allmählich erkaltete die Tasse in meinen Händen, unaufhaltsam drang die Nacht herein und breitete sich in der Wohnung aus. Sorgfältig stellte ich die Tasse hin und ging durch den schmalen hohen Gang in mein Zimmer zurück.
Vor dem Fensterrechteck, aus dem ich zuvor meinen Vater beobachtet hatte, hockte jetzt das Insekt, das mich böse anglotzte. Ich setzte mich auf die äußerste Kante des Bettes und ließ es nicht aus den Augen. Jederzeit konnte es mir ins Gesicht springen und seine knotigen, pulsierenden Beine um meinen Körper schlingen. In der Mitte des Zimmers tobten Fliegen um die Glühbirne. Ich starrte in das Licht und auf die Fliegen, und aus den Augenwinkeln beobachtete ich das Insekt, das schwarz und regungslos vor dem Fenster kauerte.
Nach und nach wickelte mich Müdigkeit ein wie warmes Fell. Ich strengte mich an, zwischen den nur noch halb geöffneten Augenlidern die einzelnen Fliegen zu unterscheiden, doch sie schlossen sich mehr und mehr zu einem in der Luft schwirrenden Kreis. Das Insekt kicherte, und ich spürte seine Fühler langsam über den Boden auf meine vom Bett hängenden Füße zukriechen. Ich rannte in die Küche und hielt den Kopf unter das kalte Wasser. Meine Blase war angeschwollen und schmerzte. Ich traute mich nicht, auf die Toilette zu gehen, die auf dem Zwischenstock lag, weil das Licht im Treppenhaus nach kurzer Zeit ausging. Ich spürte das Insekt, das sich in meinem Zimmer regte und nur darauf wartete, mich im dunklen Treppenhaus zu überfallen. In der Küche auf und ab gehend, begann ich die Lieder vor mich hin zu summen, die wir im Kindergarten gelernt hatten. Nur wenige Lieder konnte ich auswendig, weshalb ich sie immer wieder anders zusammensetzte. Mit dem Anschwellen des Schmerzes in der Blase wurde auch meine Stimme lauter, von der ich inständig hoffte, sie trüge mich aus meinem Körper heraus. Schließlich blieb ich vor dem Küchenschrank stehen und pinkelte in ein Gefäß, das ich wischen die Beine klemmte. Sobald das Morgenlicht durch das Küchenfenster schimmerte, zog sich das Insekt in seine ferne Welt zurück. Die Dunkelheit wurde langsam verschluckt. Erschöpft ging ich in mein Zimmer zurück und wühlte mich in die Bettdecke. Um sieben Uhr läutete das Telefon. Es war Vater, der von unterwegs anrief, um mich zu wecken.”

 

 

1355720-a37b9283e50e228db517276079fe591d.jpg 

Zoë Jenny (Basel, 16 maart 1974)

 

 

 

 

De Duitse dichter, schrijver en literatuurwetenschapper Dirk von Petersdorff werd geboren op 16 maart 1966 in Kiel. Zie ook alle tags voor Dirk von Petersdorff op dit blog.

 

 

Alter Freund, alte Freundin

Das Leben ging so leicht wie Rennradfahren
im weißen Flatterhemd zum Ostseestrand,
als wir noch straff und voller Zukunft waren,
rieb ich auf deinen Rücken Creme und Sand.
Der Salzgeruch vom Meer, das war die Frühe,
man tat so viele Dinge ohne Grund –
jetzt ist in deinem Lächeln manchmal Mühe,
und bitte kauf die keinen Schäferhund.
Die vollen Lippen waren nur geliehen,
es geht nicht darum, Süße, sich zu halten,
in Jahren, die wie Ostseewolken ziehen,
sind wir Modelle, die nun sanft veralten:
Ich seufze plötzlich auf im Sommerwind,
und du brauchst einen Mann, du willst ein Kind.

 

 

1355720-ee671e1cc466bbe1b9bc532383e21f01.jpg 

Dirk von Petersdorff (Kiel, 16 maart 1966)
Kiel

 

 

 

De Spaanse schrijver Francisco Ayala werd geboren op 16 maart 1906 in Granada. Zie ook alle tags voor Francisco Ayala op dit blog.

 

Uit: Wie Hunde sterben (Muertes de perro, vertaald door Erna Brandenberger)

 

“Auf diese Weise zügle ich meine Angst, vertreibe mir die Zeit, und falls das Glück mir nicht bis zum Schluß treu sein sollte oder meine Kräfte mich vor der Zeit verlassen, bleibt wenigstens ein Packen Rohmaterial - ein ziemlich wirres Durcheinander zwar, aber auf jeden Fall nützlich, mehr noch: unverzichtbar; denn in diesem unserem gelobten Land verblaßt die Erinnerung im Nu, an das Gute wie an das Schlechte; und das ist, um die Wahrheit zu sagen, nicht einmal unser kleinster Fehler: Wir leben in den Tag hinein, kümmern uns weder um Vergangenes noch um Künftiges, überlassen uns gleichgültig dem Schicksal, stürzen uns hin und wieder - als einzelne wie als Gesamtheit - in besinnungslose Geschäftigkeit, um nach jeder Aufwallung sogleich wieder in Trägheit zu verfallen. Dies vielleicht in der Vermutung, daß nichts von dem, was hier geschieht oder geschehen könnte, erwiesene Tatsache ist.
Es ist - man sehe mir die Abschweifung nach -nicht zu leugnen: Unser Land zählt nicht viel in der Welt; wir selbst halten wenig von uns; unter oberflächlichen Bekenntnissen der Vaterlandsliebe verachten wir es; wir schämen uns unserer Heimat. Jedenfalls, ob wir es wollen oder nicht: Es ist ein kleines Land, ein allzu kleines, irgendwo abseits in einem Winkel in den Tropen, leicht zu übersehen zwischen den "großen Nachbarmächten", wie wir sie in maßloser Überschätzung bezeichnen; und als ob das alles nicht genug wäre, noch dazu abgekapselt hinter dem Streifen Land, der uns erdrückt, würgt und den Atem raubt: dem sogenannten Freihafen, dem alten Piratennest und heutigen Handelsstützpunkt, den die Holländer durch irgendeine wundersame List oder dank der Vorsehung oder einfach aus Zufall behalten konnten.”

 

 

1355720-c96bfaca57f1d45facf9e5e8d07e0e11.jpg 

Francisco Ayala (16 maart 1906 – 3 november 2009)

Midden jaren 1930 

 

 


Zie voor nog meer schrijvers van de 16e maart ook
mijn vorige blog van vandaag


Geschreven door Romenu om 16:57 Reageer op dit bericht

Hooshang Golshiri, Alice Hoffman, César Vallejo, Sully Prudhomme, René Daumal

De Iraanse schrijver Hooshang Golshiri werd geboren op 16 maart 1938 in Isfahan. Zie ook alle tags voor Hooshang Golshiri op dit blog.

 

Uit: King of the Benighted (Proloog, vertaald door Abbas Milan)

 

“The Black Dome is a part of a longer poem called Haft Peykar (Seven Beauties) by the Persian poet Nizami of Ganja (1141-1203). The seven beauties refer to seven portraits of daughters of different kings-p;from the Raj of India and the Khaghan of China to the Shah of Kharazm and the king of the West, or "Sunset-land." When Bahram the Sassanian King, discovers these portraits, he falls in love with them, and, upon succeeding to the throne vacated by the death of his father Yazdigird, he marries all seven princesses. The represent the climes into which the habitable world is divided and are lodged in separate symbolically colored palaces, beginning with the black and ending with the white. Bahram then visits them on seven successive days. This is the story of the first night.

On Saturday, Bahram, clothed in black from head to foot, went to the Black Dome where his bride, the daughter of the Raj of India lived. He asked the Princess to tell him a story and she, with her head cast down, said: When I was a child, a pious and compassionate woman visited our house once a month, and she always wore black. After many persistent inquiries, she finally acquiesced and told us the secret of her unusual attire.

When I was young, the woman said, I was servant to a mighty King in whose land sheep and wolves lived in amity. Yet fate had it that he would become the King of the Benighted, and the story I'll tell you is the tale of how he came to wear black for the rest of his life.”

 

 

 1355718-e0b1fc6273ed9ca3f72e09be4e92d48f.jpg

Hooshang Golshiri (16 maart 1938 – 5 juni 2000)

Isfahan 

 

 

 

 

De Amerikaanse schrijfster Alice Hoffman werd geboren op 16 maart 1952 in New York. Zie ook alle tags voor Alice Hoffman op dit blog.

 

Uit: The Ice Queen

 

“Be careful what you wish for. I know that for a fact. Wishes are brutal, unforgiving things, they burn your tongue the moment they’re spoken and you can never take them back. They bruise and bake and come back to haunt you. I’ve made far too many wishes in my lifetime, the first when I was eight years old. Not the sort of wish for ice cream or a party dress or long, blond hair; no. The other sort, the kind that rattles your bones, then sits in the back of your throat, a greedy red toad that chokes you until you say it aloud.

The kind that can change your life in an instant, before you have time to wish you can take it back.

I was in the wrong place at the wrong time, but don’t all stories begin this way? The stranger who comes to town and wreaks havoc. The man who stumbles off a cliff on his wedding day. The woman who goes to look out the window when a bullet, or a piece of glass, or a blue-white icicle pierces her breast. I was the child who stomped her feet and made a single wish and in so doing ended the whole world — my world, at any rate. The only thing that mattered. Of course 1 was self-centered, but don’t most eight year-old girls think they’re the queen of the universe? Don’t they command the stars and seas? Don’t they control the weather? When I closed my eyes to sleep at night, I imagined the rest of the world stopped as well. What I wanted, I thought I should get. What I wished for, I deserved.”

 

 

1355718-15de3ee31bb8d5728014513cf2aa31b4.jpg 

Alice Hoffman (New York, 16 maart 1952)

 

 

 

 

De Peruaanse dichter César Vallejo werd geboren op 16 maart 1892 in Santiago de Chuco, Peru. Zie ook alle tags voor César Vallejo op dit blog.

 

 

Paris, October 1936

 

From all of this I am the only one who leaves.
From this bench I go away, from my pants,
from my great situation, from my actions,
from my number split side to side,
from all of this I am the only one who leaves.

From the Champs Elysées or as the strange
alley of the Moon makes a turn,
my death goes away, my cradle leaves,
and, surrounded by people, alone, cut loose,
my human resemblance turns around
and dispatches its shadows one by one.

And I move away from everything, since everything
remains to create my alibi:
my shoe, its eyelet, as well as its mud
and even the bend in the elbow
of my own buttoned shirt.

 

 

 

 

Under The Poplars

 

Like priestly imprisoned poets,
the poplars of blood have fallen asleep.
On the hills, the flocks of Bethlehem
chew arias of grass at sunset.

The ancient shepherd, who shivers
at the last martyrdoms of light,
in his Easter eyes has caught
a purebred flock of stars.

Formed in orphanhood, he goes down
with rumors of burial to the praying field,
and the sheep bells are seasoned with shadow.

It survives, the blue warped
In iron, and on it, pupils shrouded,
A dog etches its pastoral howl.

 

 

 

1355718-009fc348a4cb55724131a287ee5a1905.jpg 

César Vallejo (16 maart 1892 – 15 april 1938)

 

 

 

 

De Franse schrijver en dichter Sully Prudhomme (eig. René François Armand Prudhomme) werd geboren op 16 maart 1839 in Parijs. Zie ook alle tags voor Sully Prudhomme op dit blog.

 

 

La Place Saint-Jean-de-Latran

 

Au mois de novembre, à midi,

Je foulais cette large place

Au sol vague, formant terrasse

Sur la campagne à l’infini.

 

A gauche, un aqueduc s’allonge

Par-dessus les plis du désert

Et dans les montagnes se perd

Aussi loin que le regard plonge ;

 

Vieil échanson que n’use point

La soif des races, il commence

A mes pieds par une arche immense

Et finit là-bas par un point...

 

A droite, des vergers, des vignes,

Des toits plats, des murs blancs, des pins,

Et, tout au loin, les monts Sabins

Aux sereines et fermes lignes.

 

Tel le fond d’un lac azuré,

A travers l’eau tranquille et belle,

Voilé, mais non terni par elle,

Semble grandir transfiguré ;

 

Tel, dans les campagnes romaines,

Sous la fine écharpe de l’air

Paraît plus doux et non moins clair,

Et plus grand, l’horizon des plaines ;

 

Et cet air magique et subtil

Est tiède : ici l’été s’achève

Comme un printemps nouveau qui rêve

En attendant son mois d’avril.

 

 

 

1355718-74226f8c18fe9532d8be7dc264fa818a.jpg 

Sully Prudhomme (16 maart 1839 – t september 1907)

Sint Jan van Lateranen, Rome

 

 

 

 

De Franse schrijver en dichter René Daumal werd geboren op 16 maart 1908 in Boulicourt in de Ardennen. Zie ook alle tags voor René Daumal op dit blog.

 

Uit: La guerre sainte

 

“Je vais faire un poème sur la guerre. Ce ne sera peut-être pas un vrai poème, mais ce sera sur une vraie guerre.

Ce ne sera pas un vrai poème, parce que le vrai poète, s'il était ici, et si le bruit se répandait parmi la foule qu'il allât parler - alors un grand silence se ferait, un lourd silence d'abord se gonflerait, un silence gros de mille tonnerres.

Visible, nous le verrions, le poète et voyant, il nous verrait ; et nous pâlirions dans nos pauvres ombres, nous lui en voudrions d'être si réel, nous les malingres, nous les gênés, nous les tout-chose.

Il serait ici, plein à craquer des multitudes des ennemis qu'il contient - car il les contient, et les contente quand il veut - incandescent de douleur et de sacrée tranquille comme un artificier, dans le grand silence il ouvrirait un petit robinet, le tous petit robinet du moulin à paroles, et par là nous lâcherait un poème, un tel poème qu'on en deviendrait vert.

Ce que je vais faire ne sera pas un vrai poème poétique de poète, car si le mot "guerre" était dit dans un vrai poème - alors la guerre, la vraie guerre dont parlerait le vrai poète, la guerre sans merci, la guerre sans compromis s'allumerait définitivement dans le dedans de nos coeurs.

Car dans un vrai poème les mots portent leurs choses.

Mais ce ne sera pas non plus discours philosophique. Car pour être philosophe, pour aimer la vérité plus que soi-même, il faut être mort à l'erreur, il faut avoir tué les traîtres complaisances du rêve et de l'illusion commode. Et cela, c'est le but et la fin de la guerre, et la guerre est à peine commencée, il y a encore des traîtres à démasquer.

Et ce ne sera pas non plus oeuvre de science. Car pour être un savant, pour voir et aimer voir les choses telles qu'elles sont, il faut être soi-même, et aimer se voir, tel qu'on est. Il faut avoir brisé les miroirs menteurs, il faut avoir tué d'un regard impitoyable les fantômes insinuants. Et cela, c'est le but et la fin de la guerre, et la guerre est à peine commencée, il y a encore des masques à arracher.”

 

 

 1355718-e7d025149d23cd7fed307739736d4bb5.jpg

René Daumal (16 maart 1908 – 21 mei 1944)

 

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 16e maart ook mijn vorige blog van vandaag.

Geschreven door Romenu om 16:56 Reageer op dit bericht

Percy MacKaye, Patrice de la Tour du Pin, Haldun Taner, Jakob Haringer, Ethel Anderson

De Amerikaanse dichter en schrijver Percy MacKaye werd geboren op 16 maart 1876 in New York. Zie ook alle tags voor Percy MacKaye op dit blog.

 

 

Hymn Of The New World

 

A star a star in the west!
Out of the wave it rose:
And it led us forth on a world-far quest;
Where the mesas scorched and the moorlands froze.
It lured us without rest:
With yearning, yearning—ah!
It sang (as it beckoned us)
A music vast, adventurous-
America!

A star a star in the night!
Out of our hearts it dawned !
And it poured within its wonderful light;
Where our hovels gloomed and our hunger spawned
It healed our passionate blight:
And burning, burning—ah!
It clanged (as it kindled us)
Of a freedom proud and perilous-
America!

A star—a star in the dawn!
Bright from God s brow it gleams!
Like a morning star in ages gone
With hallowed song its holy beams
Urge us forever on:
For chanting, chanting—ah!
It builds (as it blesses us)
A union strong, harmonious-
America !

 

 

1355714-be931098abad444b8a89fff84da62b8a.jpg 

Percy MacKaye (16 maart 1875 – 31 augustus 1956)



 

De Franse dichter Patrice de la Tour du Pin werd geboren op 16 maart 1911 in Parijs. Zie ook alle tags voor Patrice de la Tour du Pin op dit blog.

 

 

Psaume 32

 

N’ai-je pas droit, Seigneur, à des saisons?

n’as-tu pas fait erreur en ce trop long hiver?

mon âme cherche en vain òu s’accoupler.

 

Je n’anime plus rien et tout me désanime,

ma voix me revient morte au moindre appel vers toi!

peut-être en veux-tu à ma voix.

 

Sans elle je ne suis qu’un cavalier sans ma monture,

un poète perdu pour ta benediction:

j’ai dû vouloir forcer ta grace.

 

Plus sommaire est mon cri que celui de tes bêtes,

la moindre pierre est plus musicienne que moi,

ma gorge désolée s’encrasse . . .

 

Descelle-moi, mon Dieu, je me meurs d’être atone:

depuis trois ans, je me défonce, je me fore,

je m’entends gémir . . . M’entends-tu?

 

J’ai quitté pour toi des terres profanes

et ton silence me condamne!

non, je ne réclame pas mon dû!

 

Mais au moins penche-toi, ne laisse pas s’étendre

sur ma quête un ciel d’indifférence,

ne me laisse pas égorgé . . .

 

 

 

 1355714-e6207849f185ca702c507345f061bf1c.jpg

Patrice de la Tour du Pin (16 maart 1911 – 28 oktober 1975)

Met zijn vrouw Anne in de jaren 1940 

 

 

 

 

De Turkse schrijver Haldun Taner werd geboren op 16 maart 1915 in Istanboel. Zie ook alle tags voor Haldun Taner op dit blog.

 

Uit: The Ballad Of Ali Of Keshan (Vertaald door Nüvit Özdoğru)

 

“First Citizen: You said there would be an end to bullying.
Chorus: Well, you can't have everything.
Ali: I've appointed Mr. Thirty Percent Temel as my financial advisor and the Letter-Writer Dervish as my legal advisor.
Voices: Congratulations! (TEMEL and DERVISH are congratulated.)
Ali: In all games played in all coffee houses I shall have my cut. If anyone fails to pay up, I'll make him wear the coast of a porcupine. I want no killjoy around here.
Drunken Rasih: You said there would be no more such things.TEMEL takes a bottle of raki and puts it before DRUNKEN RASİH.Chorus: Well, you can't have everything.
Ali: I've set up in my coffeehouse an organization of servants and taxi-starters. From now on, no one will make business deals with the city without first consulting my office. Anyone wishing to go for washing, housecleaning, wet nurse or labor in the tobacco company must register with Hafize right now.
Second Citizen: He's filling all the jobs with his relatives.
TEMEL places a bottle of raki before the SECOND CITIZEN.
Chorus: Well, you can't have everything.
Ali: The first month's salaries of the servants registered here will go to me – that is, the aid fund. In return, all their legal rights and privileges will be guarded by Dervish the Letter-Writer. We'll get them good salaries, conditions, and in the case of matrons who are pretty well off, compensation and retirement benefits.”

 

 

1355714-2a614833cc7ffb080e0294f93ef1ef33.jpg 

Haldun Taner (16 maart 1915 – 7 mei 1986)

Bronzen beeld door Vedat Somay (2005) in Istanboel

 

 

 

 

  

De Duitse dichter Jakob Haringer werd als Johann Franz Albert geboren op 16 maart 1898 in Dresden. Zie ook alle tags voor Jakob Haringer op dit blog.

  

 

Fahr ich wieder in mein altes Städtchen

 

Fahr ich wieder in mein altes Städtchen,

flattert ins Kupee der letzte Mohn –

Es sind immer noch dieselben Mädchen,

es ist immer noch derselbe Mond.

 

Hab an Fraun und Tand mein Herz verloren,

blieb mir nichts als dieses alte Nest!

Kinder spielen lieb vor Gartentoren,

morgen ist das letzte Sommerfest.

 

Werd ich traurig an den Hügeln sitzen,

denk an all die längst verlorne Zeit;

Droben schon die ersten Sternlein glitzern,

glänzt kein Stern an meine Traurigkeit ...

 

Einst hing rotes Laub an deinen Locken,

und bald wird es wieder lustig schnein,

an mein schlaflos Bett wehn Friedhofsglocken

und ich werd so ganz verlassen sein.

 

Fahr ich wieder in mein altes Städtchen,

flattert ins Café der letzte Mohn ...

Es sind immer noch dieselben Mädchen –

es ist immer noch derselbe Mond.

 

 


1355714-5d23382bbaff5261d361f963fee2212c.jpg
Jakob Haringer (16 maart 1898 – 3 april 1948)

 

 

 

  

De Australische dichteres en schrijfster Ethel Anderson werd geboren op 16 maart 1883 in Leamington, in Warwickshire, Engeland. Zie ook alle tags voor Ethel Anderson op dit blog.

 

 

Waking, Child, While You Slept (Fragment)

 

Waking, child, while you slept your mother took

Down from its wooden peg her reaping-hook,

Rustless with use, to cut (her task when dawn

With nervous light would bead the dusky leaves)

From the cold wheat-paddock’s shivering fringe, two sheaves;

Against a block she’d trash the golden grain,

Then winnow corn and husk, and toss again…

With bustling care, in genial haste, not late

Her cows she’d milk, het butter churn, and set

Fresh cream in scalded pans. Her hens she’d feed

With hot scraps, stirred in pollard from the bin;

Then give her dribbling calves what drink they need;

Or drive with flowery staff

Meek stragglers trough the gate;

On her youngest born

Impose the fret,

The letter’d tyranny, of the alphabet.

 

 

 

1355714-875038b2516f6c136a62e535e621c974.jpg 

Ethel Anderson (16 maart 1883 – 4 augustus 1958)

Geschreven door Romenu om 16:46 Reageer op dit bericht

Louis Paul Boon, Ben Okri, David Albahari, Gerhard Seyfried, Kurt Drawert, Andreas Okopenko, An Rutgers van der Loeff

De Vlaamse dichter, schrijver en kunstschilder Louis Paul Boon werd geboren in Aalst op 15 maart 1912. Zie ook alle tags voor Louis Paul Boon op dit blog.

 

 

Stilte, hier werkt een dichter

 

Stilte, hier werkt een dichter

wie is hooggeacht wie is hooggeleerd

de winnaar van een nobelprijs zou je zo zeggen

maar een arbeider zoals jij en ik, moegetobd

opgenomen in een ziekenhuis

aan zijn sterven overgelaten

en denkend plots aan leven en dood

het antwoord weet

de laatste woorden niet meer uitspreken kan

is hij niet de nobelprijs?

 

wordt ooit de ware dichter door overheden

met haat in hun hart

met misprijzen om zijn werk

op waarde gebrandschat

geprijsd en onder lof vermoord?

in de volksbuurten leest men hem

hij tokkelt op de snaar van hun hart

zijn eigen smart om het onrecht

en een volksvrouw denkt:

jij mijn geliefde dichter

 

dooft men het oor van de dichter

brengt men het geweten tot zwijgen

legt men zijn tong lam

door een prijs van misprijzende lof

vergeet hij allen de eenvoudigen

zij die hem voortbrachten

in een krot van armoe en opstand

 

op het hek van de dichter blijft het bord

waarschuwend voor de eerzuchtige groten:

opgepast, gevaarlijke hond

 

 

 

1355100-754a1764d2869792e27bb4f44501b60b.jpg 

Louis Paul Boon (15 maart 1912 - 10 mei 1979)

 

 

 

 

 

De Nigeriaanse dichter en romanschrijver Ben Okri werd geboren op 15 maart 1959 in Minna, Nigeria. Zie ook alle tags voor Ben Okri op dit blog. 

 

Uit: The Famished Road

 

“In the beginning there was a river. The river became a road and the road branched out to the whole world. And because the road was once a river it was always hungry. In that land of beginnings spirits mingled with the unborn. We could assume numerous forms. Many of us were birds. We knew no boundaries. There was much feasting, playing, and sorrowing. We feasted much because of the beautiful terrors of eternity. We played much because we were free. And we sorrowed much because there were always those amongst us who had just returned from the world of the Living. They had returned inconsolable for all the love they had left behind, all the suffering they hadn’t redeemed, all that they hadn’t understood, and for all that they had barely begun to learn before they were drawn back to the land of origins.

There was not one among us who looked forward to being born. We disliked the rigors of existence, the unfulfilled longings, the enshrined injustices of the world, the labyrinths of love, the ignorance of parents, the fact of dying, the amazing indifference of the Living in the midst of the simple beauties of the universe. We feared the heartlessness of human beings, all of whom are born blind, few of whom ever learn to see.”

 

 

1355100-631ef8433ccced236d775dc33c8faed4.jpg 

Ben Okri (Minna, 15 maart 1959)

 

 

 

 

De Servische schrijver David Albahari werd op 15 maart 1948 geboren in Pec in Sevie.  Zie ook alle tags voor David Albahari op dit blog.

 

Uit: Gotz and Meyer

 

“Götz and Meyer were, after all, members of the army, one cannot doubt their loyalty to the Reich and the Führer. Even as they came into the camp, swung children up off the ground, Götz, or maybe it was Meyer, never thought for a moment of what was to come. Everything fitted, after all, into a larger plan, each individual has his own destiny, no-one, least of all Götz, or Meyer, could change that. He was with the children, therefore, only while he was with them. As soon as he’d ruffled the last tousled head, given out the last sweet, lowered the last pair of little feet onto solid ground, they faded from his thoughts and he retreated into his fantasies. Götz, or Meyer, had always wanted to be a fighter pilot. I have no proof whatsoever that this was what he dreamed of, but I find the thought appealing that he’d step up into the cab of his truck as if sliding into the cockpit of a bomber, wearing a leather jacket, but not a pilot’s cap because that would have been a little awkward with his fellow traveller sitting there. The truck was a Saurer, a five-tonner with a box-like body, 1.7 metres high and 5.8 metres long, and it could be hermetically sealed. At first, the Gestapo used smaller trucks, but the Belgrade Saurer was part of a second series, a more perfect series: a full hundred people could stand in the back, apparently, according to what witnesses tell us. One can run a simple calculation based on that and conclude that it was essential for the transport of five thousand souls to make at least fifty trips. During these trips, the souls became real souls, no longer human in form. Götz and Meyer most certainly knew what was happening in the back of the truck, but they definitely would never have described it like that. After all, the people they were driving had no souls, that, at least, was a commonly known fact! Jews were nothing more than mildew on the face of the world! And so, day in and day out, they repeat their practised routine. First Götz, or Meyer, would drive the truck to the gateway of the camp, and then Meyer, or Götz, would open its capacious back. Orderly and calm, the prisoners would climb up into the truck: women, children, a few of the elderly. Beforehand they would place their belongings in another truck, parked within the confines of the camp. Convinced that the moment had finally come for them to be transported to Romania, though there had been talk of Poland, as if that mattered, what mattered was that they were leaving this gruesome place, no matter where they went from here it couldn’t be worse, and a flash of relief would have crossed their faces. I don’t know where Götz and Meyer were at those moments.”

 

 

1355100-f98ad5770f5bb7246a1f8157b8d1d144.jpg 

David Albahari (Pec, 15 maart 1948)

 

 

 

 

De Duitse schrijver, tekenaar en karikaturist Gerhard Seyfried werd geboren op 15 maart 1948 in München. Zie ook mijn blog van 15 maart 2009 en ook mijn blog van 15 maart 2010 en ook mijn blog van 15 maart 2011.

 

Uit: Das Märchen vom Neuen Fälschungssicheren Personalausweis (blog)

 

“Frau Mastercard hatte als eine der ersten Deutschen den neuen fälschungssicheren Personalausweis erhalten. Das ärgerte ihren Gemahl, Herrn Mastercard, der auch gerne einen neuen fälschungssicheren Personalausweis sein eigen nennen wollte. Abends, in seinem Stammlokal, klagte er einem Unbekannten an der Bar sein Leid und fügte hinzu: „Ach hätte ich doch nur auch einen neuen fälschungssicheren Personalausweis! Dafür ließe ich schon einen Gulden oder zwei springen!“
„Ei“, erwiderte der Unbekannte, „wenns weiter nichts ist! Einen neuen fälschungssicheren Personalausweis will ich Euch wohl besorgen!“
Er klappte seinen Laptop auf, spuckte hinein und klappte ihn wieder zu – und siehe: Aus dem CD-Schlitz sprang ein funkelnagelneuer fälschungssicherer Personalausweis heraus, ausgestellt auf Herrn Mastercard! Der Unbekannte hatte sogar noch ein paar kleine textliche Verbesserungen hinzugefügt! Herr Mastercard war überglücklich und wollte dem Unbekannten um den Hals fallen, aber der wehrte bescheiden ab: „Nichts da! Habe ich doch gern getan!“ Er hängte sich den Laptop um, wünschte Herrn Mastercard noch viel Vergnügen mit dem neuen fälschungssicheren Personalausweis, trat in die kalte Nacht hinaus und ward nicht mehr gesehen."

 

 

1355100-a97d9bcd4caed05afafbae004cf9577c.jpg 

Gerhard Seyfried (München, 15 maart 1948)

 

 

 

 

De Duitse dichter en schrijver Kurt Drawert werd geboren op 15 maart 1956 in Henningsdorf. Zie ook alle tags voor Kurt Drawert op dit blog. 

 

Uit: Es wächst nicht zusammen, was nicht zusammen gehört

 

„Was nicht zusammen gehört,/ das soll sich meiden./ Ich hindere euch nicht,/ wo es euch beliebt, zu weilen. // Denn ihr seid neu,/ und ich bin alt geboren./ Macht, was ihr wollt,/ nur laßt mich ungeschoren.“ – Diese Zeilen stammen von Goethe, und sie beziehen sich auf das Gefühl der Bedräng­nis, wie er es im Umgang mit Bettina von Armin empfand. Liebe kann lästig sein, wer kennt das nicht. Noch lästiger aber, als eine Liebe nicht erwidern zu können, ist die Ver­pflichtung, lieben zu müssen. Sie kommt einer Nötigung gleich und entspringt dem kol­lektiven Willen zur Vermehrung des Eigentums. Denn Liebe an und für sich, jene Liebe, die sich frei verschenkt und unwillkürlich ergibt, ist ein asozialer Zustand und damit für jede auf Funktiona­lität getrimmte Ordnung subversiv. Es ist die in der Liebe selbst angelegte Unbe­rechen­barkeit, die zur Gefahr wird und entsprechend gebändigt werden muß. Am Ende ist es immer die Freiheit des Subjekts, die wieder abge­schafft werden soll, nachdem sie, zunächst moral­philo­sophisch und dann juristisch, eingeführt wurde. Die Etablierung eines Frei­heits­bewußtseins und die Zerstörung des­selben sind die zwei großen und einander permanent riva­lisie­renden Konstanten der westlichen Moderne. Die Literatur vor allem der zweiten Hälfte des 19. Jahr­hunderts ist voll von Beispielen, wie die gesell­schaft­lich verwaltete Liebe zur Kata­strophe des einzelnen oder einer Familie wird. Ob Frau Jenny Treibel in Deutsch­land, Madame Bovary in Frank­reich oder Anna Karenina in Rußland: sie alle leiden an der Differenz eines Begehrens nach sich selbst und jener zur sozia­len Norm gewordenen Ver­pflichtung, die Inner­lichkeit dem Kreislauf von Produktion und Distribution zur Verfügung zu stellen. Und wer es nicht tut, wie Emma Bovary etwa, geht elend zugrunde.”

 

 

1355100-de4b2cf6407fdb4c15d254eb0b072c48.jpg 

Kurt Drawert (Henningsdorf, 15 maart 1956)

 

 

 

 

 

De Oostenrijkse dichter en schrijver Andreas Okopenko werd in Košice (Slowakije) geboren op 15 maart 1930. Zie ook alle tags voor Andreas Okopenko op dit blog.

 

 

Early Impression

Somewhere I sat on warm white steps
Somewhere I sat tanning in the sun
And watched an insect come out of the bushes.

I heard someone call a beloved name
And went in the direction of the call.
Somewhere—that was at age fourteen.


 

Garden

Deep garden
of dark-green leaves
they come from the ground
and are moist.

Brown earth
awakes
under the leaves.

Garden...
inside
a path
under high grass.

The morning
young and smoke-blue
begins
here.

Before noon
the sun
half shines here.

O day
is here
a long time,
up until evening.

And then
green darkens
slowly
into night.

Garden:
breathing in
the warmth
of the shadows....



 

Vertaald door Milne Holton Herbert Kuhner

 

 

 

1355100-5cd41e5c399ff69ff897976cc09d7f2b.jpg 

Andreas Okopenko (15 maart 1930 – 27 juni 2010)


 

 

De Nederlandse schrijfster An Rutgers van der Loeff werd geboren in Amsterdam op 15 maart 1910. Zie ook alle tags voor An Rutgers van der Loeff op dit blog.

Uit: Rossy, dat krantenkind

 

‘Nog nooit is een kindje zo goed verzorgd als onze Eleonora,’ zei Mary.

‘Roswita Alberta,’ vulde Ricky aan. Hij hield van volledigheid. Voorlopig tenminste, nu hij nog zo'n kersverse vader was. Drie weken is nog niet lang.

‘Ik wil die duizend dollar nóóit hebben,’ zei Mary met een trillende stem. ‘Nooit! Als ze ... Maar je hebt gelijk, Ricky, ze wordt verschrikkelijk goed verzorgd,’ herhaalde zij nog eens, alsof zij zichzelf wilde gerust stellen. Maar dat hoefde eigenlijk niet, want welke baby had nu twee verpleegsters en twee dokters en flesjes melk die door de moedermelkcentrale in Chicago in ijs per vliegtuig werden verstuurd, elke dag opnieuw? Nee, ze hadden er goed aan gedaan hun kind af te staan voor de medische demonstratie van de modernste stoofwieg. Ze bewezen niet alleen aan hun kind en zichzelf een dienst, maar ook aan de medische wereld, had de directeur van het ziekenhuis gezegd.

‘De medische wereld trekt nut van onze dochter,’ zei Ricky en hij voelde zich trots daar hoog aan de hemel, ver boven alle andere mensen, in het bakje van het Reuzenwiel. ‘Er hebben al drie artikelen over haar in de krant gestaan. En over alle mensen die naar haar zullen komen kijken. Dat zijn niet alleen dokters. Want er is nog nooit zo'n klein kindje in deze Staat geboren.’

‘Ze weegt zo weinig, dat ze haar gewicht altijd met dikke letters drukken,’ zei Mary. En opeens pakte zij weer Ricky's arm, want zij werd weer bang, zoals ze nu al drie weken lang bang was geweest dat ze haar kindje weer zou verliezen. Het was zó klein! Het was te klein voor deze wereld. Het kón bijna niet blijven leven. Maar het had 't nu al bijna drie weken uitgehouden, en nu was er wel een kans dat het goed zou gaan, had de dokter gezegd. Er was een kans. En ondertussen lag het kleine ding nu in het smetteloos witte, electrisch verwarmde wiegje achter glas en werd bekeken door vele, vele mensen die het aanzagen als een kermiswonder.”

 

 

1355100-b93b191e377e183891bf08542040da9d.jpg 

An Rutgers van der Loeff (15 maart 1910 – 19 augustus 1990)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 15e maart ook mijn blog van 15 maart 2012 deel 2.

Geschreven door Romenu om 18:43 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten