Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 19 mei 2013 tot 20 mei 2013

Am Pfingstmontage (Annette von Droste-Hülshoff)


Prettige Pinksterdagen!

 

 

 

 1395227-d7da0ad5160d312cd173ec2b32c9d46e.jpg

Pinksteren door de “Meister des Salemer Heiligenaltars”, eind 15e eeuw

 

 

 

 

Am Pfingstmontage

 

"Also hat Gott die Welt geliebt, daß er ihr seinen
eingeborenen Sohn gesandt hat, damit Keiner,
der an ihn glaubt, verloren gehe. - Wer aber
nicht glaubt, der ist schon gerichtet"

Ist es der Glaube nur, dem du verheißen,
Dann bin ich tot.
O, Glaube, wie lebend'gen Blutes Kreisen,
Er tut mir not;
Ich hab' ihn nicht.
Ach, nimmst du statt des Glaubens nicht die Liebe
Und des Verlangens tränenschweren Zoll,
So weiß ich nicht, wie mir noch Hoffnung bliebe.
Gebrochen ist der Stab, das Maß ist voll
Mir zum Gericht.

Mein Heiland, der du liebst, wie Niemand liebt;
Fühlst du denn kein
Erbarmen, wenn so krank und tiefbetrübt
Auf hartem Stein
Dein Ebenbild
In seiner Angst vergehend kniet und flehet?
Ist denn der Glaube nur dein Gotteshauch?
Hast du nicht tief in unsre Brust gesäet
Mit deinem eignen Blut die Liebe auch?
O sei doch mild!

Ein hartes, schweres Wort hast du gesagt:
Daß, wer nicht glaubt,
Gerichtet ist. Ich seh' nicht, wo es tagt;
Doch so beraubt
Läßt er mich nicht,
Der hingab seinen Sohn, den eingebornen,
Für Sünder wie für Fromme allzugleich.
Zu ihm ich schau, die Ärmste der Verlornen,
Nur um ein Hoffnungswort; er ist so reich,
Mein Gnadenlicht.

Du Milder, der die Taufe der Begierde
So gnädiglich
Besiegelt selbst Sakramentes Würde:
Nicht zweifle ich,
Du hast gewiß
Den Glauben des Verlangens, Sehnens Weihe
Gesegnet auch, sonst wärst du wahrlich nicht
So groß an Milde und so stark an Treue,
Brächst du ein Zweiglein, draus die Knospe bricht
Und Frucht verhieß.

Was durch Verstandes Irren ich verbrochen,
Ich hab' es ja
Gebüßt so manchen Tag und manche Wochen;
So sei mir nah
Nach meiner Kraft,
Die freilich ich geknickt durch eigne Schulden,
Doch einmal aufzurichten nicht vermag,
Will hoffen ich, will sehnen ich, will dulden;
Dann gibst du Treuer wohl den Glauben nach,
Der Hilfe schafft.

 

 

 

1395227-c6f809abba70bf32e156c5f8f5417fd5.jpg 

Annette von Droste-Hülshoff (10 januari 1797 – 24 mei 1848)

Drostes Pianoforte in het Fürstenhäusle in Meersburg

 

 

 

Zie voor de schrijvers van de 20e mei ook mijn vorige twee blogs van vandaag.

Geschreven door Romenu om 09:48 Reageer op dit bericht

Ellen Deckwitz, Tommy Wieringa, Gerrit Achterberg, Annie M.G. Schmidt, William Michaelian, Wolfgang Borchert

De Nederlandse dichteres en schrijfster Ellen Deckwitz werd geboren op 20 mei 1982 in Deventer. Zie ook alle tags voor Ellen Deckwitz op dit blog.

 

 

ONZE MOEDER I

Onze moeder kan een voetstuk op (één teug),
ze drinkt al jaren onder de tafel. Van flessenbodems
schrapen we gedachtenis af. We zetten ze bij,

de vaasjes waarop blank fluiteschuim bloesemt
en soms druipt het, soms knipoogt de fles soms

kruipen er wolken voor de zin. Slokken die
de dag van het gelaat vijlen. Wat doet iemand als wij
op een plek als enfin.

Onze moeder dus
die kan een voetstuk op.
Nu hop,

straks ziet ze dat we het aankunnen. Klappen we
voor ouders die niet willen dat er over hen wordt
gedroomd,

knip zegt het glas en de kamer gaat uit.




ONZE MOEDER II

Op een dag werden we uit onze moeder gepeld
en ik vergat dat ze botten dealde.

Je raakt ook zo snel afgeleid
door de eerderen die maar om elkaar krommen
om maar in elkaar te stollen

terwijl je slonk. Er is grond
waarop ik palmen plant, getuigen
dat ik geen wortel meer schiet.
Mezelf niet als een kalenderblad
scheuren kan.

De aarde slurpt regenwormen op en ik gok
dat we allemaal lief willen worden
(gevonden), men zich op de bodem
in een midden bevindt. Dat voor ons niets
ooit aanbreekt.

 

 

 

 1395225-58662a77f0f7895474749a17a7f03c65.jpg

Ellen Deckwitz (Deventer, 20 mei 1982)

 

 

 

 


De Nederlandse schrijver
Tommy Wieringa werd geboren in Goor op 20 mei 1967. Zie ook alle tags voor Tommy Wieringa op dit blog.

 

Uit: Ik was nooit in Isfahaan

 

“Mijn oom Sal kon ‘dankuwel’ zeggen in dertien talen en ‘weet u waar het toilet is’ in elf. Hij had beter ‘waar is hier de nooduitgang?’ kunnen leren in het Thais, zodat hij het brandende pand in Bangkok misschien levend verlaten had.
Zijn testament was een puinhoop. De familie leek tijdens de verdeling op een etnisch conflict op de Balkan. Een van oom Sals laatste grillen heeft mij tot curator van zijn kunstverzameling gemaakt. Nu was hij behoorlijk rijk dus het vermoeden bestond dat hij heel wat zou hebben verzameld. Mijn taak was het om het te catalogiseren. Het was allemaal opgeslagen in een loods, want oom Sal had geen huis om het neer te zetten. Hij hield van de Hopper-achtige doelloosheid van hotels. Die voorkeur had te maken met de dood. Mijn moeder zegt dat hij als jongen al paniekaanvallen kreeg bij de gedachte dat hij er op een dag niet meer zou zijn. Als hij maar in beweging zou blijven, zou de dood hem niet kunnen vinden. Dat die toch op hem wachtte in een jongensbordeel in Pat Pong, zal hem onaangenaam hebben verrast.
Ik heb oom Sal niet vaak ontmoet, maar wanneer ik hem zag, maakte hij indruk op me. Hij had zwervende ogen die zich nergens aan hechtten en kon niet stilzitten. Hij zei: ‘Luister goed, ik investeer uit-slui-tend in onaffe kunst. Op een dag zal de wereld begrijpen dat een onaf kunstwerk het enige ware kunstwerk is. De hele cyclus van een kunstenaar, al zijn bloed, zweet en tranen bereiken hun hoogste betekenis in zijn Unvollendete. Elke kunstenaar met een beetje verstand van zaken heeft er tenminste één – één groot werk dat hij nooit zal afmaken omdat de dood tussenbeide komt, of door een plotseling gebrek aan inspiratie dat hem treft als een windstilte op zee. Dát is het ware. Klimts Damenbildnis en face, eeuwig onderweg naar de voltooiing die het niet zal bereiken. Gogols Dode Zielen, púúr genie – en wij kunnen alleen maar raden naar zijn overige bedoelingen.’
Ik ging naar de loods. Ik vreesde het ergste.”

 

 

 1395225-c9fd7e7b8588a66ae60e74a01e1f78de.jpg

Tommy Wieringa (Goor, 20 mei 1967)

 

 

 

 


De Nederlandse dichter
Gerrit Achterberg werd geboren in Nederlangbroek op 20 mei 1905. Zie ook alle tags voor Gerrit Achterberg op dit blog.

 

 

Slaapwandeling

 

Ik heb vannacht met u gewandeld
in de dove lanen van de slaap,
en nu het morgen is geworden
is er niets veranderd,
dan dat die twee, die in den nacht tesaam
volkomen bij elkander waren,
mij weer alleen gelaten hebben in den morgen,
en samen verder zijn gegaan.

 

 

 

Vervulling

 

Het beste van voor jaren dringt vanavond tot mij door.
Al je gewone vragen vinden weer gehoor.
Regent het. Ja het regent. Goede nacht.
Laten we nu gaan slapen, zeg je zacht.
Wij luisteren en liggen. Wind beweegt het raam.
Blijf zo maar liggen, zeg ik, en ik noem je naam.
Alles wat antwoord is gaat van mij uit.
Je wordt vervuld van de oneindigheid.

 

 

 

Bloemen

 

Bloemen, waarin wij bloeien zonder bodem,
zijn onze leden in elkaar gevouwen
en ons gelaat is niet meer te benoemen.
Wij worden koning in elkanders bloed.
Gronden, in schemering gehouden,
met wind en eenzaamheid gevoed,
vlijen zich open, horizonnen
wijken en worden afgesponnen,
er is geen landschap meer behoed
voor deze enige getrouwe
die overal zijn intocht doet.

 

 

 

 1395225-086372d000a496196ddb1b2b463e4ddf.jpg

Gerrit Achterberg (20 mei 1905 - 17 januari 1962)

 

 

 

 


De Nederlandse schrijfster en dichteres
Anna M G Schmidt werd op 20 mei 1911 geboren in Kapelle. Zie ook mijn blog van 20 mei 2011 en eveneens alle tags voor Annie M.G. Schmidt op dit blog.

 

 

Zondag

 

Geen plaats ter wereld is zo godverlaten
en zo fatsoenlijk als het Scheldeplein,
bij avond als het regent en de straten
langer en glimmender en leger zijn.

Dit is een stad met veel te weinig moorden.
Het regent gluiperig in het plantsoen.
De tramrails wijzen koppig naar het noorden
en dat is dan ook alles wat zij doen.

Die man zou het waarschijnlijk niet begrijpen,
die man daar op de hoek, wat ik bedoel,
wanneer ik plotseling zijn hand zou grijpen
en zeggen zou, hoe eenzaam ik me voel.

Ik ga naar huis. Daar wachten me twee ramen,
een beddensprei (gehaakt), en aan de muur
een plaatje van een veel te mooie dame.
En dan de wekker nog. Op zeven uur.

 

 

 

Als eindelijk...

 

De dingen die je erg graag wilt, die komen op den duur,
ze komen vroeg of laat, maar meestal laat, dat is zo zuur.
Wanneer je jong bent heb je doorgaans nooit een cent in kas
en áls je eind'lijk geld hebt voor een hele dure jas,
dan staat ie je niet meer.

Wanneer je jong bent heb je vijfenveertighonderd plannen,
je komt alleen nooit verder dan de potten en de pannen,
je wordt je hele leven al bedisseld en bedild
en als je eind'lijk tijd hebt om te doen wat je graag wilt,
dan wil je het niet meer.

Wanneer je jong bent doe je alles hopeloos verkeerd,
je hebt nog geen ervaring en je hebt nog niks geleerd.
De liefde? en de kinderen? wie doet het dadelijk goed?
En als je eindelijk wijs bent en precies weet hoe het moet,
dan hoeft het niet meer.

 

 

 

1395225-664831387836f23ddb68e428ee6e2072.jpg 

Annie M.G. Schmidt (20 mei 1911 – 21 mei 1995)

 

 

 

 

De Amerikaanse dichter en schrijver William Michaelian werd geboren op 20 mei 1956 in Dinuba, California. Zie ook alle tags voor William Michaelian op dit blog.

 

 

Pity words

 

Pity words,

because the right ones

fear us most.

 

Today, a flower

in your hair,

 

that truth

declare itself.



 

Imagine a dream

 

Imagine a dream that lasts a lifetime.

Then, look up at the sky.

 

A sigh, a cry, and gone.

 

The ground you stood upon.

The wind that finds your bones.

 

A moan, a groan, a song.

 

A remedy for war?

Is your dream of love?

 

Does it still go on?

 

 

 

 1395225-2f10039713746cf2b865e6af1c55ecb9.jpg

William Michaelian (Dinuba,  20 mei 1956)

In de jaren 1980 

 

 

 

 

De Duitse dichter en schrijver Wolfgang Borchert werd geboren op 20 mei 1921 in Hamburg. Zie ook alle tags voor Wolfgang Borchert op dit blog.

 

Uit: Nachts schlafen die Ratten doch


„Das hohle Fenster in der vereinsamten Mauer gähnte blaurot voll früher Abendsonne. Staubgewölke flimmerten zwischen den steilgereckten Schornsteinresten. Die Schuttwüste döste.
Er hatte die Augen zu. Mit einmal wurde es noch dunkler. Er merkte, daß jemand gekommen war und nun vor ihm stand, dunkel, leise. Jetzt haben sie mich! Dachte er. Aber als er ein bißchen blinzelte, sah er nur zwei etwas ärmlich behoste Beine. Die standen ziemlich krumm vor ihm, daß er zwischen ihnen hindurchsehen konnte. Er riskierte ein kleines Geblinzel an den Hosenbeinen hoch und erkannte einen älteren Mann. Der hatte ein Messer und einen Korb in der Hand. Und etwas Erde an den Fingerspitzen.
Du schläfst hier wohl, was? fragte der Mann und sah von oben auf das Haargestrüpp herunter. Jürgen blinzelte zwischen den Beinen des Mannes hindurch in die Sonne und sagte: Nein, ich schlafe nicht. Ich muß hier aufpassen. Der Mann nickte: So, dafür hast du wohl den großen Stock da? Ja, antwortete Jürgen mutig und hielt den Stock fest.
Worauf paßt du denn auf?
Das kann ich nicht sagen. Er hielt die Hände fest um den Stock. Wohl auf Geld, was? Der Mann setzte den Korb ab und wischte das Messer an seinem Hosenboden hin und her.
Nein, auf Geld überhaupt nicht, sagte Jürgen verächtlich.
Auf ganz etwas anderes.
Na, was denn?
Ich kann es nicht sagen. Was anderes eben.
Na, denn nicht. Dann sage ich dir natürlich auch nicht, was ich hier im Korb habe. Der Mann stieß mit dem Fuß an den Korb und klappte das Messer zu.
Pah, kann mir denken, was in dem Korb ist, meinte Jürgen geringschätzig; Kaninchenfutter.
Donnerwetter, ja! sagte der Mann verwundert; bist ja ein fixer Kerl. Wie alt bist du denn?
Neun.
Oha, denk mal an, neun also. Dann weißt du ja auch, wieviel drei mal neun sind, wie?“

 

 

1395225-3666b3158dc1c6b29a5a9a74de8662ee.jpg 

Wolfgang Borchert (20 mei 1921 - 20 november 1947)



Zie voor nog meer schrijvers van de 20e mei ook mijn vorige blog van vandaag.

Geschreven door Romenu om 09:45 Reageer op dit bericht

Ingvar Ambjørnsen, A.C. Cirino, Hanna Krall, Hector Malot, Sigrid Undset, Honoré de Balzac

De Noorse schrijver, muzikant en theatermaker Ingvar Ambjørnsen werd geboren in Tønsberg op 20 mei 1956. Zie ook alle tags voor Ingvar Ambjørnsen op dit blog.

 

Uit: Potes pour la vie (Vertaald door Jean-Baptiste Coursaud)

 

“– Quand j’étais minot, j’adorais les groseilles. Maintenant, j’peux plus les blairer.

Kjell Bjarne a prononcé cette phrase sur un ton censé me faire comprendre qu’entre-temps il s’était passé des choses. À savoir qu’il avait vécu la moitié d’une vie humaine. Et que, sur le chemin de cette vie, il n’avait plus goût aux groseilles.

Pour ma part, je n’ai absolument rien à reprocher aux baies rouges et acidulées. Les groseilles sont tout à fait à mon goût. Si le temps m’avait confisqué quoi que ce fût, c’était ma capacité à m’égayer. Je ne trouvais plus la vie très folichonne, du moins pas autant que lorsque j’étais enfant. Ce que je me gardais bien de révéler. Pareille déclaration n’aurait que perturbé Kjell Bjarne. Et c’est d’ailleurs un phénomène étrange : si on en vient à dire telle ou telle chose à voix haute, elle gagne doublement en vérité. Et perd, dans ce cas de figure, tout aussi doublement sa part de gaieté.

D’autant que je n’avais grosso modo pas à me plaindre. Vraiment pas. Je serais même plus proche de la réalité en avouant que je suis un jeune homme gâté. À l’instar de tant de jeunes hommes de ce pays. Inutile d’aller courir l’Afrique en quête de Noirs pour trouver des camarades dans de sales draps, il suffisait d’observer ne fût-ce qu’une seconde les Noirs vivant à Oslo pour se rendre compte illico que ce pays était tombé bien bas. Car ils étaient traités, si je ne me fourrais pas le doigt dans l’oeil, comme de vulgaires négros. Même par la police. Ou plutôt : tout particulièrement par la police. « Amène-toi, Bamboula, leur lançaient les forces de l’ordre. Voyons voir à quoi il ressemble, ton

faux passeport. » Toujours est-il qu’on pouvait lire jusqu’à l’écoeurement des faits similaires dans les colonnes de la presse nationale.”

 

 

1395220-f15484d1705a674fa178fb232146ef3d.jpg 

Ingvar Ambjørnsen  (Tønsberg, 20 mei 1956)

In de jaren 1980 

 

 

 


De Surinaamse schrijver A.C. Cirino werd geboren in Goede Hoop, een dorp aan de Coppenamerivier in het district Saramacca, op 20 mei 1929. Zie ook alle tags voor A.C. Cirino op dit blog.

 

Uit: Het meisje en de vogels

 

“O, wat waren de vogeltjes verdrietig. Bij honderden kwamen ze aangevlogen om haar te troosten en beterschap te wensen. Overal zaten ze op de grond, op de spanten van het kamp, op het dak, aan de rand van haar hangmat, zelfs tegen de bladerwand van het kamp. Overal. En ze piepten en floten al maar door. En ze hadden heel wat lekkernijen voor haar meegebracht, heel wat bosvruchten. Het hele vogelrijk was in de waar en in de weer gekomen.
Sommige vogeltjes stierven van verdriet, omdat zij weigerden te eten toen zij Matuwi maar zagen wegkwijnen. De vogels kwamen bij elkaar en zeiden: "Matuwi is onze koningin. Hoe kunnen wij haar helpen?" Rediborsu dacht bij zichzelf: "Matuwi wordt niet beter." En hij bracht zijn familie om de vogelkoningin te groeten en een goede reis naar het hiernamaals te wensen.
Een der kleine grijze vogels sprong op Matuwi's armen en pikte haar. Er kwam wat bloed uit dat op de vogeltjes viel.
Enkele dagen daarna was het dorp en het hele vogelrijk in rouw gedompeld. Matuwi was overleden. Bij haar begrafenis zaten duizenden vogeltjes stil op de takken van de bomen toe te kijken. De vogels hadden zo'n verdriet dat zij nooit meer grote vriendschap met de mensen hebben gesloten. Vanaf die tijd vliegen zij snel weg als je in hun buurt komt.
En jij die dit verhaal hebt gehoord, weet nu ook waarom de rediborsu rode veren en een roodachtige bek heeft.”

 

 

 1395220-c052dfc0e9000e6d816456665ed76c86.jpg

A.C. Cirino (20 mei 1929 -  6 mei 2003) 

Uitzicht op de Coppenamerivier, Suriname (Geen portret beschikbaar)

 




De Poolse schrijfster en journaliste
Hanna Krall werd geboren op 20 mei 1937 in Warschau. Zie ook alle tags voor Hanna Krall op dit blog.

 

Uit: Da ist kein Fluß mehr (Vertaald door Roswitha Matwin-Buschmann)

 

„Modernity and tradition hatte dabei herauskommen sollen, aber Radom verstand nichts von modernity. Radom verzichtete auf die Dienste des Rabbiners, und die Familie zog nach Warschau. Sie trieben jetzt Handel - en gros und en détail: Mehl, Reis, Grütze, Heringe. »Dynamische Heringseinfuhr von skandinavischen Märkten«, schrieben die Zeitungen über die Firma der »Gebrüder Zonenszajn«. Also sprach Dawid, der vom Mehl, Vater von sechs Kindern: »Meir, wann wirst du erwachsen?« Icie, von der Grütze, Vater von vier Kindern, sagte: »Meir, wann wirst du ...« Und Szlomo, der vom Reis, Vater von zwei Kindern: »Meir ...« Aron, Vater einer einzigen Tochter, der jüngsten in der Familie, der künftigen Philosophieprofessorin, Aron von den Heringen und den Fischkonserven sprach: »Meir!« Ernsthaft und erwachsen waren sie, die Brüder, aber wenn Aron, klein und etwas fade, den Salon betrat, war noch keinem froher ums Herz. Keiner wußte - ist Aron schon, oder ist er noch nicht da. Wenn Meir eintrat, hellten sich die Gesichter auf, und gleich wurde es freundlicher in der Welt. 3 Onkel Meir heiratete eine vermögende, mollige Schneiderin mit langem hellen Haar und kurzem Hals. Sie nahmen sich eine Hausgehilfin. »Ein Mädchen«, sagte man damals. Sie kam vom Dorf. Hatte wache Augen, ein zutrauliches Lächeln und eine dicke, leicht vorstehende Oberlippe. Alicja, das Mädchen vom Dorf, verliebte sich in Onkel Meir. Großer Gott. Alle waren sie in ihn verliebt, aber doch nicht wirklich. Kein Mensch nahm Onkel Meir ernst. Kein Mensch - außer diesem Mädchen vom Dorf. 4 Im Krieg erwies sich Alicja als beherzt und umsichtig. Sie besorgte falsche Papiere. Bestach die Wachen ... Durch Alicja kamen sie aus dem Ghetto - Onkel Meir, Aron, sein Bruder und ihre Familien. Meir verließ es als letzter. Er hatte Angst. Zögerte bis zum Schluß, doch er verließ es mit Façon. Er zog Breeches an, Stiefel, eine Jacke aus einer grellkarierten Decke - und sofort zerrte ihn ein Schmalzownik in den nächsten Torbogen.“

 

 

 1395220-d6c98a8b288fd1e25201e5597745292f.jpg

Hanna Krall (Warschau, 20 mei 1937)

 

 

 

 

 

De Franse schrijver Hector-Henri Malot werd geboren in La Bouille bij Rouen op 20 mei 1830. Zie ook alle tags voor Hector Malot op dit blog.

 

Uit: Sans famille

 

“Il nous fallait un licou pour conduire notre vache ; j’abandonnai les trente sous, calculant qu’il nous en resterait encore vingt.

« Où donc est votre longe ? demanda le paysan ; je vous ai vendu le licou, je ne vous ai pas vendu la longe. »

La longe nous coûta vingt sous, nos vingt derniers sous.

Et lorsqu’ils furent payés, la vache nous fut enfin livrée avec son licou et sa longe.

Nous avions une vache, mais nous n’avions plus un sou, pas un seul pour sa nourriture et pour nous nourrir nous-mêmes.

« Nous allons travailler, dit Mattia, les cafés sont pleins de monde ; en nous divisant nous pouvons jouer dans tous, nous aurons une bonne recette ce soir. »

Et, après avoir conduit notre vache dans l’écurie de notre auberge où nous l’attachâmes avec plusieurs noeuds, nous nous mîmes à travailler chacun de notre côté, et, le soir, quand nous fîmes le compte de notre recette, je trouvai que celle de Mattia était de quatre francs cinquante centimes et la mienne de trois francs.

Avec sept francs cinquante centimes nous étions riches.

Mais la joie d’avoir gagné ces sept francs cinquante était bien petite, comparée à la joie que nous éprouvions d’en avoir dépensé deux cent quatorze.”

 

 

 1395220-2c6e4335cad0ecbd24e66b0661d51c62.jpg

Hector Malot (20 mei 1830- 17 juli 1907)

Scene uit de musical “Alleen op de wereld” met Bert Simhoffer (Vitalis) en Scarlet Tummers (Remi)

Koninklijke Schouwburg Den Haag, 2003

 

 

 


De Noorse schrijfster
Sigrid Undset werd geboren in Kalundborg, Denemarken, op 20 mei 1882. Zie ook alle tags voor Sigrid Undset op dit blog.

 

Uit: Jenny

 

“"And the worst thing would be to share life with another person but deep inside feel just as lonely as before. Oh, no, no. To belong to a man, with all the subsequent types of intimacy, both physical and spiritual... and then one day to see that she had never known him, and he had never known her, and neither of them had ever understood a word the other person said...(...) So she had to try painting again. Presumably it would be an utter disaster, since she was walking around sick with love. She laughed. That's what was wrong with her. The object of her affection hadn't yet appeared, but the love was there."

(…)

 

"Where do you live?" asked the taller girl.

"At a place called the Albergo Torino, close to the station," he explained.

"He should take the Trastevere tram at San Carlo ai Catenari," said the other.

"No; better take a No. 1 at the new Corso."

"But those cars don't go to the Termini," answered the little one.

"Yes, they do. Those that have San Pietro, stazione Termini, written on them," she explained to Helge.

"Oh, that one! It runs past Capo le Case and Ludovisi and an awful long way about first - it will take an hour at least to the station with that one."

"No, dear; it goes direct - straight along Via Nazionale."

"It does not," insisted the other; "it goes to the Lateran first."

The taller girl turned to Helge: "The first turning right will take you into a sort of market. From there you go along the Cancellaria on your left to the new Corso. If I remember rightly, the tram stops at the Cancellaria.”

 

 

 1395220-a201ceb5577808d5d65a9db7b00158db.jpg

Sigrid Undset (20 mei 1882 – 10 juni 1949)

 

 

 

 

 

De Franse schrijver Honoré de Balzac werd geboren in Tours op 20 mei 1799. Zie ook alle tags voor Honoré de Balzac op dit blog.

 

Uit: The Wrong Side of Paris (Vertaald door Jordan Stump)

 

“One fine September evening in the year 1836, a man of about thirty stood hunched over the parapet of a quay by the Seine. Facing upstream, he could survey the riverbanks from the Jardin des Plantes to Notre-Dame; downstream, his gaze followed the water’s majestic course all the way to the Louvre. There is not another such prospect in all the Capital of Ideas. Standing here on the Île de la Cité, one imagines oneself in the stern of some sea vessel grown to colossal proportions. The view summons up dreams of Paris, the Paris of the Romans and the Franks, of the Normans and the Burgundians; the Paris of the Middle Ages, the Valois, Henri IV and Louis XIV, Napoleon and Louis-Philippe. Each of these regimes has left some mark or monument hereabouts, insistently recalling its creators to the observer’s mind. Sainte Geneviève watches over the Latin Quarter, spread out beneath her dome. Behind you rises the magnificent apse of the cathedral. The Hôtel de Ville speaks to you of Paris’s many upheavals, the Hôtel-Dieu of her many miseries. From here you can glimpse the splendors of the Louvre; now take two steps and you will have before you that wretched huddle of houses between the Quai de la Tournelle and the Hôtel-Dieu, toward whose disappearance the city fathers are working even now.
Another edifying sight graced that wondrous tableau in those days: between the cathedral and the Parisian at his parapet, the Terrain, for such was the name of that deserted plot of land in times past, was still strewn with the ruins of the archbishop’s palace. Standing where the Parisian now stood, contemplating this inspiring prospect, with Paris’s past and present laid out together before your admiring gaze, you might think that Religion had chosen to settle on this island in order to reach out toward the sorrows of both banks of the Seine, from the Faubourg Saint-Antoine to the Faubourg Saint-Marceau. We can only hope that a setting so sublimely harmonious will one day be made complete by the construction of an episcopal palace in pure Gothic style, replacing the drab hovels now enclosed by the Terrain, the Rue d’Arcole, the cathedral, and the Quai de la Cité.”

 

 

 1395220-2329baf2d34896ca7204db38a2a5f83b.jpg

Honoré de Balzac (20 mei 1799 - 18 augustus 1850)

Borstbeeld door Jean-Joseph-Alexandre Falguière, 1899

Geschreven door Romenu om 09:45 Reageer op dit bericht

Whitsunday (George Herbert)


Prettige Pinksterdagen!

 

 

 

1394689-69f872a703e80ddfbc63df15026fbb8c.jpg 

Pinksteren door Fernando Gallego, 2e helft 15e eeuw

 

 

 

Whitsunday

 

Listen sweet Dove unto my song,
And spread thy golden wings in me;
Hatching my tender heart so long,
Till it get wing, and fly away with thee.

Where is that fire which once descended
On thy Apostles? thou didst then
Keep open house, richly attended,
Feasting all comers by twelve chosen men.

Such glorious gifts thou didst bestow,
That th'earth did like a heav'n appear;
The stars were coming down to know
If they might mend their wages, and serve here.

The sun which once did shine alone,
Hung down his head, and wisht for night,
When he beheld twelve suns for one
Going about the world, and giving light.

But since those pipes of gold, which brought
That cordial water to our ground,
Were cut and martyr'd by the fault
Of those, who did themselves through their side wound,

Thou shutt'st the door, and keep'st within;
Scarce a good joy creeps through the chink:
And if the braves of conqu'ring sin
Did not excite thee, we should wholly sink.

Lord, though we change, thou art the same;
The same sweet God of love and light:
Restore this day, for thy great name,
Unto his ancient and miraculous right.

 

 

 

 1394689-c72d3d391850118caeb1bcaf2c34f72d.jpg

George Herbert (3 april 1593 - 1 maart 1633)

 

 

 

 

Zie voor de schrijvers van de 19e mei ook mijn twee vorige blogs van vandaag.

Geschreven door Romenu om 09:34 Reageer op dit bericht

Constantin Göttfert, Karel van het Reve, Gijs IJlander, Jodi Picoult, Ruskin Bond

De Oostenrijkse dichter en schrijver Constantin Göttfert werd op 19 mei 1979 in Wenen geboren. Zie ook mijn blog van 29 december 2010.

 

Uit: Satus Katze

 

„Das Plakat der Freien Bühne zeigte eine hässliche schwarze Katze, deren Fell mehrere kahle Stellen aufwies. Ich beugte mich wei-ter vor, Schweiß hatte den Rücken meines Hemdes mit der Sessellehne verklebt. Von meinem Klapptisch im gegenüberliegenden Gastgarten des Café Wortner konnte ich den Namen des Stückes nicht erkennen. Der Springbrunnen in der Mitte des Platzes warf Feuchtigkeit auf die Zeitungen der Gäste, bei jedem Windstoß segelten winzige weiße Blüten blätter aus den Kirschbaumzweigen auf meine Unterarme herab. Mit einer Hand schirmte ich die Augen gegen die tief stehende Sonne ab, aber die Buchstaben auf dem Plakat blieben unleserlich.

Es war Mitte Mai. Nach längerer Abwesenheit war ich wieder nach Wien zurückgekehrt. Durch ein Stipendium einer Kulturstiftung der Universität Oulu hatte ich einige Monate in Finnland verbracht. Per Vertrag war ich dazu verpfl ichtet, über den Fortschritt des eingereichten Arbeitsprojektes Auskunft zu geben, und seit meiner Ankunft in Wien Schwechat überlegte ich nun, wie ich der Universität klarmachen konnte, dass ich schon seit Stipendienbeginn nichts mehr geschrieben hatte.

Ich blätterte durch die Seiten meines Notizbuches, überflog einige Einträge, blätterte weiter, die Blütenblätter klebten an meinen Unterarmen. Nichts von dem, was ich in Finnland erlebt hatte, hatte ich niedergeschrieben, nicht einen Satz, nicht ein Wort, doch nun nahm ich den Stift, blickte auf das Plakat an der gegenüberliegenden Straßenseite, in die halb geschlossenen Augenlider der Katze, und mit rasender Geschwindigkeit schrieb ich die Worte:

die Katzen meiner Nachbarin nieder.

Eine Straßenbahn zog ratternd über die Wiedner Hauptstraße, gefolgt von einer Kolonne Autos, aus deren offen stehenden Seitenscheiben Musik kam.

Ich schlug das Notizbuch zu und bückte mich nach dem Stift, der über die Tischkante in den Kies gerollt war, als ich auf die Stimme einer jungen Frau aufmerksam wurde, die an einem der Nachbartische telefonierte.“

 

 

 1394685-ebe1e7f7f97e2e50f6d473cd4bee9619.jpg

Constantin Göttfert (Wenen, 19 mei 1979)

 

 

 

 

 

De Nederlandse letterkundige, vertaler, essayist, schrijver en columnist Karel van het Reve werd geboren in Amsterdam op 19 mei 1921. Zie ook alle tags voor Karel van het Reve op dit blog.

 

Uit: Het geloof der kameraden

 

“De opvatting dat het denken tegelijk een produkt en een afspiegeling van de materie is gaat eigenlijk terug op de oudere opvatting dat God de mens schiep naar zijn beeld: de mens is in die opvatting tegelijk produkt en evenbeeld van God. Deze visie vinden we in enigszins gewijzigde vorm terug bij de Duitse filosoof Hegel (1770-1831), die beweerde dat de Weltgeist bezig was zichzelf te realiseren in de wereld. God is hier tot Weltgeist - whatever that may have been - geworden en in deze gestalte schept hij niet alleen de mens, maar de hele wereld naar zijn evenbeeld. Marx nu is beïnvloed door deze gedachte - en door trouwens nog wel meer gedachten - van Hegel, en daarenboven onder de indruk gekomen van een bewering van een andere Duitse filosoof, Ludwig Feuerbach (1801-1872). Deze geleerde had in de 19e eeuw bekendheid gekregen door het wat uitvoeriger herhalen van het aforisme van Lichtenberg, dat niet God de mens naar Zijn evenbeeld, maar omgekeerd de mens God naar zijn ('s mensen) evenbeeld geschapen had. Hier moeten we even vasthouden, dat hier het woord ‘God’ in twee verschillende betekenissen wordt gebruikt. God die de wereld schept is - bij wijze van spreken - een ‘echte’ God, de god die door de mensen geschapen wordt is de voorstelling van een god, een denkbeeldige god.

Marx nu was van mening, dat men die bewering van Hegel moest omdraaien, net als Feuerbach het met Genesis 1:27 had gedaan. Bij Hegel, meende Marx, stond de zaak op zijn kop. In werkelijkheid is het andersom: niet de geest heeft naar zijn evenbeeld de materie geschapen, maar de materiële wereld heeft de menselijke geest ‘naar zijn beeld’ voortgebracht. Zo gemakkelijk laat zich echter Hegels visie niet omdraaien. Men kan zich desnoods een god voorstellen die het plan opvat een mens of desnoods een wereld te scheppen naar zijn eigen beeld. Men kan zich ook nog een mens voorstellen die zich naar eigen evenbeeld een god schept. Maar een wereld die, blijkbaar zonder daartoe tevoren het plan te hebben opgevat, krachtens een hoogst merkwaardige coïncidentie iets gaat voortbrengen wat zijn eigen evenbeeld blijkt te zijn, namelijk het menselijk denken - dat is een vrij wilde voorstelling, die allerlei moeilijkheden met zich mee brengt en onder meer geleid heeft tot het marxistisch-leninistische dogma, dat de processen die zich in de materiële wereld afspelen hun evenbeeld vinden in de processen die zich afspelen in de menselijke hersenen.”     

 

 

 1394685-c3f6be893e75aba805396e9e82dc2ac3.jpg

Karel van het Reve (19 mei 1921 – 4 maart 1999)

Hier met uitgever Geert van Oorschot (links)

 

 

 

 

De Nederlandse dichter en schrijver Gijs IJlander (eig. Gijs Hoetjes) werd op 19 mei 1947 in Alkmaar geboren. Zie ook alle tags voor Gijs IJslander op dit blog.

 

 

Zolang de vaarboom in de modder staat

 

Wat waren wij graag overstag gegaan,
Als er een zeil was geweest
En wind om op te varen.

 

Maar meegesleurd met de stroom
In een pieremachochel van gedachten
(Terwijl de vaarboom in de modder staat)
Biedt slechts waterpest houvast.
Nee, roepen kan niet meer,
Want daar ruist al de waterval.

 

God besta nou eens een keer,
Doe niet zo verrekte flauw man.
Steek een vinger in het water,
Ruk die vaarboom los,
Vang ons op
In onze val o zo sierlijk.

 

Maar wij gaan onder in schuim en zog
En waar de vaarboom in de modder staat,
Daar wappert nog, daar wappert nog,
Een vlaggetje van gedachten.

 

 

 

 1394685-c2be4b25ced6214e5983d129acf9d80b.jpg

Gijs IJlander (Alkmaar, 19 mei 1947)

 

 

 

 

 

De Amerikaanse schrijfster Jodi Lynn Picoult werd geboren op 18 mei 1966 in Nesconset op Long Island, New York. Zie ook alle tags voor Jodi Picoult op dit blog.

 

Uit: Nineteen Minutes

 

“Alex had been a superior court judge now for thirty-four days. She’d believed that, having proved her mettle as a district court judge for the past five years, this time around the appointment might be easier. But at forty, she was still the youngest judge in the state. She still had to fight to establish herself as a fair justice -- her history as a public defender preceded her into her courtroom, and prosecutors assumed she’d side with the defense, although her district court decisions had been meticulously fair. When Alex had submitted her name years ago for the bench, it had been with the sincere desire to make sure people in this legal system were innocent until proven guilty. She just never anticipated that, as a judge, she might not be given the same benefit of the doubt.

The smell of freshly brewed coffee drew Alex into the kitchen. Josie was hunched over a steaming mug at the kitchen table, poring over a textbook. She looked exhausted – her grey eyes were bloodshot; her chestnut hair was a knotty ponytail. “Tell me you haven’t been up all night,” Alex said.

Her daughter didn’t even glance up. “I haven’t been up all night,” Josie parroted.

Alex poured herself a cup of coffee and slid into the chair across from her. “Honestly?”

“You asked me to tell you something,” Josie said absently. “You didn’t ask for the truth.”

Alex frowned. “You shouldn’t be drinking coffee.”

“And you shouldn’t be smoking cigarettes,” Josie replied.

Alex felt her face heat up. “I don’t –“

“Mom,” Josie sighed, “Even when you open up the bathroom windows, I can still smell it on the towels.” She glanced up, as if daring Alex to challenge her other vices.”

 

 

 1394685-7a9929ff8be1d245b96318f3c0c1a87d.jpg

Jodi Picoult (Nesconset, 19 mei 1966)

 

 

 

 

De Indiase dichter en schrijver Ruskin Bond werd geboren op 19 mei 1934 in Kasauli. Zie ook alle tags voor Ruskin Bond op dit blog.

 

 

Lone Fox Dancing

 

As I walked home last night
I saw a lone fox dancing
In the cold moonlight.

I stood and watched. Then
Took the low road, knowing
The night was his by right.

Sometimes, when words ring true,
I'm like a lone fox dancing
In the morning dew.

 

 

 

It Isn’t Time That’s Passing

 

Remember the long ago when we lay together
In a pain of tenderness and counted
Our dreams: long summer afternoons
When the whistling-thrush released
A deep sweet secret on the trembling air;
Blackbird on the wing, bird of the forest shadows,
Black rose in the long ago summer,
This was your song:
It isn't time that's passing by,
It is you and I.

 

 

 

 1394685-7aa73b5af9a35f1438b03de89996e456.jpg

Ruskin Bond (Kasauli, 19 mei 1934)

 

 

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 19e mei ook mijn vorige blog van vandaag.

Geschreven door Romenu om 09:33 Reageer op dit bericht

Lorraine Hansberry, Fritz Rudolf Fries, Rahel Varnhagen, Anna Jameson

De Amerikaanse schrijfster Lorraine Hansberry werd geborenop 19 mei 1930 in Chigago. Zie ook alle tags voor Lorraine Hansberry op dit blog.

 

Uit: A Raisin in the Sun

 

“Mama: It don’t sound nice for a young girl to say things like that — you wasn’t brought up that way. Me and your father went to trouble to get you and Brother to church every Sunday.

Beneatha: Mama, you don’t understand. It’s all a matter of ideas, and God is just one idea I don’t accept. It’s not important. I am not going out and be immoral or commit crimes because I don’t believe in God. I don’t even think about it. It’s just that I get tired of Him getting credit for all the things the human race achieves through its own stubborn effort. There simple is no blasted God — there is only man and it is he who makes miracles!

(MAMA absorbs this speech, studies her daughter and rises slowly and crosses to BENEATHA and slaps her powerfully across the face. After, there is only silence and the daughter drops her eyes from her mother’s face, and MAMA is very tall before her)

Mama: Now — you say after me, in my mother’s house there is still God. (There is a long pause and BENEATHA stares at the floor wordlessly. MAMA repeats the phrase with precision and cool emotion) In my mother’s house there is still God.

Beneatha: In my mother’s house there is still God. (A long pause)”

 

 1394680-a23e1d8a0dd4a4601326aa59182fc70b.jpg

Lorraine Hansberry (19 mei 1930 – 12 januari 1965)

 

 

 

 

 

De Duitse schrijver en vertalerFritz Rudolf Fries werd geboren op 19 mei 1935 in Bilbao als zoon van een Duitse koopman. Zie ook alle tags voor Fritz Rudolf Fries op dit blog.

 

Uit: Last Exit to El Paso

 

„Es dunkelte schon, als das Telefon klingelte.

Der Mann in seinem Bett, seine Tage sind gezählt nach Ansicht der Ärzte, drückt die grüne Taste an seinem Mobiltelefon. Altmodisch, wie er zu sein glaubt, verweigert er sich einer eskalierenden Technik. Bevor er sich mit heiserer Altmännerstimme meldet, berührt seine Hand den warmen Leib seines Enkels Fabius. Schlaftrunken, aber aufmerksam für die Geräusche im weiten Haus wartet

das Kind auf das Märchen, das sein Großvater heute für es ausgesucht hat. Es muss ein kurzes Märchen sein, denn vor der Tür steht schon Kathleen, Großvaters Pflegeschwester, Sekretärin, Haushälterin, um das Kind ins Bett zu bringen. Während das Telefon klingelt, beobachtet

Fabius den Flug der Obstfliegen um die matt scheinende Deckenlampe, eine Art Weltkugel aus japanischem Papier. Die Fliegen jagen einander, balgen sich wie junge Katzen, retten sich auf die Verstrebungen der Lampe, die im Windhauch aus dem spaltweit geöffneten Fenster schaukelt.

Der alte Mann in seinem Bett meldet sich ein zweites Mal. Eine eilige Stimme, Mann oder Frau, fragt: Spreche ich mit Herrn Pierre Arronax, ja, herzlichen Glückwunsch, Herr Arronax! Sie haben eine Weltreise gewonnen! Wir melden uns in wenigen Minuten wieder, nehmen Sie Papier und Bleistift zur Hand, wir rufen an …!

Blödsinn, denkt der alte Mann, woher wissen sie meinen Namen, der dazu noch ein Pseudonym ist aus der Zeit, da er sich mit Jules Verne beschäftigte. Er? Eine Weltreise, in achtzig Tagen? Da er schon heute ein toter Mann ist?“

 

 

 1394680-45aa6ffb02ae560b5ed907723962462e.jpg

Fritz Rudolf Fries (Bilbao, 19 mei 1935)

 

 

 

 

De Duitse schrijfster Rahel Varnhagen werd geboren op 19 mei 1771 in Berlijn. Zie ook alle tags voor Rahel Varnhagen op dit blog.

 

Uit: Gedanken, Beobachtungen und Erinnerungen

 

„Mit dem Alter, mit jedem halben Tag, werd ich der Verstellung unfähiger. Und oh! wie richtig das. Mein ewiges Denken macht mir alles schneller klar als sonst, und in mir graben hat mich empfindlicher gemacht, als die freigebige Natur selbst es beabsichtigte.

Nichts ist odiöser, als sich hinter Ignoranz verstecken, weil es zärtlich gegen sich selbst und roh gegen die andern und eine ungeschickte Lüge ist, und diese Komposition die schlechteste Art von Nichtswürdigkeit ist.

An der Seele zimmert jeder ordentliche Mensch, solange er lebt.

Mit dem Schicksal bin ich nicht »ausgesöhnter«; ich denke schon länger, es gibt keins. Es gibt ein Universum, in dem entwickeln wir uns; und es ist ganz gleich, welches Schicksal wir haben, wenn wir zu Sinne gekommen sind; die Entwicklung ist unser Schicksal.

Nun hab ich auch erfunden, was ich am meisten hasse: Pedanterie; sie setzt ganz notwendig Leere voraus: und hält sich deshalb fest an Formen. Ist sie von der bessern Art, so tut sie dies im halben Gefühl dieser Leere mit Rechtschaffenheit; ist sie aber von der schlechten, so tut sie es mit Stolz und Prahlerei, nicht ahnend und zugebend, daß etwas anderes existiere.

Es kann also nichts Unleidlicheres geben, als diese Stupidität im völligen Marsch begriffen zu sehen: wie Narrheit, anmaßend und langweilig: gar nicht zum Ertragen! Was mich aber empört, ist diese Klasse, die mit Prätension sittlich!!! sind.”

 

 

 1394680-3cda88cbecc620f6db2cfd994abe7c40.jpg

Rahel Varnhagen (19 mei 1771 – 7 maart 1833)

Geselligkeit bei Rahel Varnhagen. Gekleurde ets door Erich M. Simon, ongedateerd

 

 

 

De Britse schrijfster Anna Jameson werd geboren op 19 mei 1797 in Dublin. Zie ook alle tags voor Anna Jameson op dit blog.

 

Uit: The Diary of an Ennuyée

 

“July 27. — A conversation with S** always leaves me sad. Can it then be possible that he is right? No — O no! my understanding rejects the idea with indignation, my whole heart recoils from it; yet if it should be so! what then: have I been till now the dupe and the victim of factitious feelings? virtue, honour, feeling, generosity, you are then but words, signifying nothing? Yet if this vain philosophy lead to happiness, would not S** be happy? it is evident he is not. When he said that the object existed not in this world which couldlead him twenty yards out of his way, did this sound like happiness? I remember that while he spoke, instead of feeling either persuaded or convinced by his captivating eloquence, I

was perplexed and distressed; I suffereda painful compassion, and tears were in my eyes. I, who so often have pitied myself, pitied him at that moment a thousand times more; I thought, I would not buy tranquillity at such a price as he has paid for it. Yet if he should be right? that if, which every now and then suggests itself, is terrible; it shakes me in the utmost recesses of my heart.

S**, in spite of myself, and in spite of all that with most perverted pains he has made himself (so different from what he once was), can charm and interest, pain and perplex me: — not so D**,  another disciple of the same school: he inspires me with the strongest antipathy I ever felt for a human being. Insignificant and disagreeable is his appearance, he looks as if all the bile under heaven had found its way into his complexion, and all the infernal irony of a Mephistopheles into his turned - up nose and insolent curled lip.”

 

 

1394680-bc519e1549cd7d318db4f9557c7959b8.jpg
Anna Jameson (17 mei 1794 – 17 maart 1860)

Anoniem portret

Geschreven door Romenu om 09:14 Reageer op dit bericht

Yahya Hassan

Onafhankelijk van geboortedata

De Deense dichter van Palestijnse afkomst Yahya Hassan werd geboren 19 mei 1995 in Aarhus.

LANGDIGT (LANG GEDICHT)

Kein Schweinefleisch willst du zu dir nehmen,
möge Allah dich belobigen für deine Essgewohnheiten,
du willst Freitagsgebet bis zum nächsten Freitagsgebet,
du willst Ramadan bis zum nächsten Ramadan,
und zwischen den Freitagsgebeten und den Ramadans,
trägst du ein Messer in deiner Tasche,
während du Menschen fragst, ob sie denn ein Problem haben,
wenngleich doch du das wahre Problem bist.

 
1500455-c83c18ec69b508053117d635ebbd47b8.jpg
Yahya Hassan (Aarhus,19 mei 1995)

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten