Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 11 oktober 2014 tot 12 oktober 2014

Eugenio Montale, Stefaan van den Bremt, Robert Fitzgerald, Paul Engle, Ann Petry, Louis Hemon, Paula von Preradović

De Italiaanse dichter Eugenio Montale werd geboren in Genua op 12 oktober 1896. Zie ook mijn blog van 12 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Eugenio Montale op dit blog.

 

In de tuin

Je daalt de brede laan af
onder een zware azuurblauwe
zomerlucht. Een witte wolk
als van linnen verfrist
de zindering bij je aankomst.
We gaan zitten op het vertrouwde bankje.
Dan opeens een windvlaag
en je strooien hoed begint te tollen.
Je grijpt hem en gaat weer zitten.
Het groen van de grote zeeden is als
een opengevouwen zeil en voert ons weg.
Vanuit deze kust laveren we
langs alle kuststreken,
in een duet van namen, van herinneringen
helemaal terug tot Nervi.
Maar de zon daalt al,
verspreidt zijn prachtig licht in schuine stralen,
verdwijnt, komt terug, en de gedachte aan
avonden gelijk aan deze verdubbelt de horizonten,
vertaalt in andere dagen
dat vluchtig moment, dat verdwijnt.
Zelfs de wind zwijgt nu

 

Vertaald door Ansje Weima en Kees Godefrooij

 

 

De zwaluw

De zwaluw op de tegels opgekruld
had teer op zijn vleugels, vliegen
kon hij vergeten.
Gina, die hem verpleegde,
wreef taaie klonten los met watten zwaar
van olie en eau de cologne, ze kamde zijn veren,
borg hem weg in een mandje, juist zo groot dat hij van lucht
nog iets zou weten.
Erkentelijk mocht je wel zeggen keek hij haar aan
met één oog, het andere zat dicht. Toen at hij twee korrels
rijst, een half slablad, sliep lang. De volgende dag
bij zonsopgang vloog hij ervandoor zonder ook maar
dank je te schreeuwen.
Het kamermeisje boven zag hem gaan.
Wat een haast, kwam ze zeggen. Wij hebben hem nota bene
van de katten gered! Maar ze kunnen het zelf altijd
beter.

Vertaald door Eva Gerlach

 

 

In de stilte

Algemene staking vandaag.
Geen mens te zien op straat.
Alleen een transistortje achter de muur.
Sinds kort moet daar iemand wonen.
Hoe moet het nu verder met de productie?
Zelfs de lente talmt om in productie te komen.
De verwarming is voortijdig uitgezet.
De post, beseft men, is van geen belang.
Elk raderwerk moet vroeg of laat eens stokken.
Zelfs de doden werken mee aan het protest.
Zij dragen tot de algemene stilte bij.
Jij ligt onder een zerk. Je wekken heeft geen zin
omdat je altijd wakker bent. Ook vandaag,
nu alles en iedereen slaapt.

Vertaald door Frans Denissen

 

 

 1664576-7c5fca7ba59cce56d35184c13c12e48a.jpg
Eugenio Montale (12 oktober 1896 - 12 september 1981)
Portret door Renato Guttuso, 1939

 

 

De Vlaamse dichter en essayist Stefaan van den Bremt werd geboren in Aalst op 12 oktober 1941. Zie ook mijn blog van 12 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Stefaan van den Bremt op dit blog.

 

Waakvlam

Eén grote waakvlam is de dag. Een baai
van goud en diepblauw is de hemel. Jij
zit in de tuin en kijkt op als een kraai
hikt van de hitte en krast, of op een lei-
en dak gegriffeld wordt. Je zit te schrij-
ven in het eerste leerjaar. Hou je taai,
't is hanepoot en baksteen. Ben je blij-
ven zitten? En nog vind je niet de draai?
Alleen waar vuur heerst, heilig vuur, ontwaakt
de ware schrijfaandrift. Dat vuur volmaakt
het handwerk van het schrijven, een gedreven
aaneenrijgen van letters die gaan leven
en naderhand het woord, de zin, los zand
tot glas versmolten, hard en transparant.

 

 

Reis om mijn schrijftafel

Sterrenbeelden schietend uit de dierenriem -
Weegschaal uit balans, ascendant: Sextant -
en tussen aardgordels de koers bijster.
De hemel was een valkuil in de wolken.

Overleven? Een werk van lange adem. Nood
brak wet en lente vorst, de dronken boot
de klip. De rekening volgde op het bordje
dat ik zelf te berde had gebracht. Van één

kwamen er andere gedichten: het onpare paar
ten dans, ten baltsdans in een zwermcel.
Mezelf moeizaam herinnerend met ogen

vol vergetelheid, reisde ik, rovend in den
vreemde wat mij na is: een verbeelde boedel,
onveilbaar, die ik je vers voor vers vermaak.

 

 1664576-c6698fbab29a3fc09e5274435e3c1076.jpg
Stefaan van den Bremt (Aalst, 12 oktober 1941)

 

 

 

De Amerikaanse dichter, criticus en vertaler Robert Stuart Fitzgerald werd geboren op 12 oktober 1910 in Springfield, Illinois. Zie ook mijn blog van 12 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Robert Fitzgerald op dit blog.

 

Counselors (Fragment)

Whom should I consult? Philosophers  
Are happy in their homes and seminars.
See this one with the mischievous bright childlike  
Gaze going out through walls and air,  
A tangent to the bent rays of the star.  
Hear the chalk splutter, hear the groping voice:  
Conceive the demiurge in his perpetual  
Strife with the chaos of the universe,  
That humming equilibrium of creation  
Pure and enormous, crossed by the constant  
Light of unimaginable combustion:  
Teems, how it teems. An elm tree sighs  
Beyond the dusty windowledge of June.  
As in the mind the notes of a melody  
Vibrate when vibration’s gone, a series  
Generated by a decimal has no end;  
Observe it closely, though; it stops when it stops.  
The frail spectacles are bedimmed with spring.


But whom should I consult? Well-seasoned men,  
Ruddy with business or the salty summer,  
Autumnal in their woolens, gaze
Toward the quick plumes above the city.  
A frosty morning sun reddens the river.  
This one is meditative and well-qualified:  
Decently shined, one heavy saddle-dark  
Perforated brogan swings from the swivel  
Chair arm; leaning back, the head
Well-cropped and grey, the experienced
Eyes quiet, with one highlighted pupil.  
A reader of Herodotus in the evening.  
The road was in receivership, the mills  
Were in receivership, the bondholders  
Suitably informed would not dissent  
From an able plan of reorganization.  
Easy did it.

 

 1664576-a7d4ca81b0ecbad59bf433c3dc1efcac.jpg
Robert Fitzgerald (12 oktober 1910 – 16 januari 1985)

 

 

 

De Amerikaanse dichter en schrijver Paul Engle werd geboren op 12 oktober 1908 in Cedar Rapids. Zie ook alle tags voor Paul Engle op dit blog en ook mijn blog van 12 oktober 2010.

 

Tourist

I am an American tourist in my room writing letters.
Outside the air of Calcutta trembles in the terrible heat.
Air conditioning gently wraps me in cool air.
I call room service and the cold drinks
fly in like tame birds on my bearer's hand.

The Wisdom of the East, I decide, drinking,
would be wiser if it used more American devices
to give the body ease, thus freeing the mind
for meditation on eternity.

I sit there writing careful English,
wanting to make the deliberate phrases prove
that I really am here in an Asian country,
a jet-propelled Marco Polo,
my blood stream brave with shots and antibodies.

Outside the window, screams.
They go on and on, each an echo of the other,
in a dark, small, desperate voice.

I am outraged by that rage.

Who can write words, hearing that wordless noise?
Did I fly over oceans and mountains
to sit here and yell at that yelling?

I rush out to the street
wearing indignation and a dark businessman's suit.

Sound stops.

A thin and hungry woman has just given
her brown breast to a hungry child.
Nothing of her has fulness but that breast.

In this heat, even my eyes sweat!

I wrap my shame in a smile like spit in a Kleenex.

 

 1664576-9ae7c367678caf9a6f628de39f7cd0d8.jpg
Paul Engle (12 oktober 1908 – 25 maart 1991)

 

 

De Amerkaanse schrijfster Ann Petry werd geboren op 12 oktober 1908 in Old Saybrook, Connecticut. Zie ook alle tags voor Ann Petry op dit blog en ook mijn blog van 12 oktober 2010.

Uit: The Street

“He looked out toward the lobby of the hotel, attracted by the sound of voices. A white cop was arguing with a frowzy-looking girl who had obviously had too much to drink.
"I got a right in here. I'm mindin' my own business," she said with one eye on the bar.
"Aw, go chase yourself." The cop gave her a push toward the door. She stumbled against a chair.
William watched her in amusement. "Better than a movie," he told himself.
She straightened up and tugged at her girdle. "You white son of a bitch," she said.
The cop's face turned a furious red. He walked toward the woman, waving his nightstick. It was then that William saw the soldier. Tall Straight. Creases in his khaki pants. An overseas cap cocked over one eye. Looks like Sam looked that one time he was home on furlough, he thought.
The soldier grabbed the cop's arm and twisted the nightstick out of his hand. He threw it half the length of the small lobby. It ratted along the floor and came to a dead stop under a chair.
"Now what'd he want to do that for?" William said softly.
(…)

“She held the paper in her hand for a long time, trying to follow the reasoning by which that thin ragged boy had become in the eyes of a reporter a 'burly Negro.' And she decided that it all depended on where you sat how these things looked. If you looked at them from inside the framework of a fat weekly salary, and you thought of colored people as naturally criminal, then you didn't really see what any Negro looked like. You couldn't because the Negro was never an individual. He was a threat, or an animal, or a curse, or a blight, or a joke.”

 

 1664576-86bd5abb40606208a798dfeacbc94acf.jpg
Ann Petry (12 oktober 1908 – 28 april 1997)
Cover 

 

 

De Franse schrijver Louis Hemon werd geboren op 12 oktober 1880 in Brest in Bretagne. Zie ook alle tags voor Louis Hemon op dit blog en eveneens mijn blog van 12 oktober 2010.

Uit: Maria Chapdelaine

« ─ Les travaux du quai vont recommencer... J'ai reçu de l'argent du gouvernement, et tous ceux qui veulent se faire engager n'ont qu'à venir me trouver avant les vêpres.  Si vous voulez que cet argent-là reste dans la paroisse au lieu de retourner à Québec, c'est de venir me parler pour vous faire engager vitement.
Quelques-uns allèrent vers lui; d'autres, insou¬ciants, se contentèrent de rire.  Un jaloux dit à demi¬-voix:
─ Et qui va être un foreman à trois piastres par jour?  C'est le bonhomme Laliberté...
Mais il disait cela plus par moquerie que par malice, et finit par rire aussi.
Toujours les mains dans les poches de son grand manteau, se redressant et carrant les épaules sur la plus haute marche du perron, Napoléon Laliberté continuait à crier très fort.
─ Un arpenteur de Roberval va venir dans la paroisse la semaine prochaine.  S'il y en a qui veulent faire arpenter leurs lots avant de rebâtir les clôtures pour l'été, c'est de le dire.
La nouvelle sombra dans l'indifférence.  Les cul¬tivateurs de Péribonka ne se souciaient guère de faire rectifier les limites de leurs terres pour gagner ou per¬dre quelques pieds carrés, alors qu'aux plus vaillants d'entre eux restaient encore à défricher les deux tiers de leurs concessions, d'innombrables arpents de forêt ou de savane à conquérir.
Il poursuivait:
─ Il y a icitte deux hommes qui ont de l'argent pour acheter les pelleteries.  Si vous avez des peaux d'ours, ou de vison, ou de rat musqué, ou de renard, allez voir ces hommes-là au magasin avant mercredi ou bien adressez-vous à François Paradis, de Mistassini, qui est avec eux.  Ils ont de l'argent en masse et ils paye¬ront cash pour toutes les peaux de première classe.
Il avait fini les nouvelles et descendit les marches du perron.  Un petit homme à figure chafouine le remplaça.
─ Qui veut acheter un beau jeune cochon de ma grand-race? demanda-t-il en montrant du doigt une masse informe qui s'agitait dans un sac à ses pieds. »

 

 1664576-4c87e2320275749ac9fadb5118585040.jpg
Louis Hemon (12 oktober 1880 - 8 juli 1913)
Affiche in Brest 

 

 

De Oostenrijkse dichteres en schrijfster Paula von Preradović werd geboren op 12 oktober 1887 in Wenen. Zie ook alle tags voor Paula von Preradović op dit blog.

 

Trabakel

Es fahren die Fischer um Scombri heut aus.
Borin bläht die blutrot bemalten Lateiner;
Im Frischen der Brise wird blässer und kleiner
Die Kiefer der Küste, des Zollwächters Haus.

Es schlagen die Segel beim Reffen und Wenden.
Es feuern die Männer, sie kochen und kauern
Am Boden des Bootes beim Wein und den sauern
Fisolen, getreulich die Taue in Händen.

Zum Abend, da müssen die Netze sie heben.
Von schuppichtem Zappeln, von silbrigem Leben
Ist blinkend die bauchige Barke bewohnt.

Heimkehren die Müden in Traumesgedanken.
So schwarz wie der Wein, den die Durstigen tranken,
Erdunkelt ihr Segel im sinkenden Mond.

 

 1664576-2b97e706094f979b74b6f98573230e8e.jpg
Paula von Preradović (12 oktober 1887 – 25 mei 1951)

Geschreven door Romenu om 14:24 Reageer op dit bericht

Daniel Falb, Conrad Ferdinand Meyer, Han Resink, Gertrud von Le Fort, François Mauriac

De Duitse dichter en schrijver Daniel Falb werd geboren op 11 oktober 1977 in Kassel. Zie ook alle tags voor Daniel Falb op dit blog.

 

nächtelang zeigte die webcam...

nächtelang zeigte die webcam
nur diesen aufenthaltsraum, die eingebauten
materialien waren sympathisch
und die pussi, die hier nicht vorkam.

goretex, gelesen
bis zur ersten klimax nach ca. 72 stunden,
die ganz großen themen fühlten sich gut an.

ich habe diese verblendungen einfach
abgerissen, ich wollte die wand sehen,
so bin ich dann zum strippen gekommen.

das hier könnte auch
eine hochwertige küche sein,
aber die anderen sind alle noch oben,
im dachgarten, mit ihren neuen jacken.

 

 

keine bestimmung des anbrechenden tages

keine bestimmung des anbrechenden tages, der vorliegenden sonne in der rotverschiebung dieses morgens soll jemals den raum verlassen, in dem wir uns jetzt befinden. ein dollar, seine erklärung liegt zwar noch von voluten beschattet. aber keine kalorie und keine einzige falle darf jemals so ausgelegt werden, dass sich daraus eine neue folge der zeitalter ergibt.

der body-mass-index bleibt für euch übrig. die beiden großen akanthusblätter, sie werden zunächst beiseitegeschoben, anschließend wird nach dem nest aus kupferdrähten getastet und nach dem kilopreis von aluminium. keinen staat, keine gruppe oder keine person wird man ausschließen von der recycling-anlage, von irgendeinem recht auf ein allgemeines,

damit übereinstimmendes leben. aber ihr seid ja im durchschnitt auch nicht mehr lebendig! für uns ergibt sich daher die verpflichtung wie die chance, mit der bloßen vorstellungskraft eine tätigkeit auszuüben oder mit dem ausgesprochenen wort eine handlung vorzunehmen. dabei werden gerne fehler gemacht. der mund muss die nase fest umschließen, andernfalls

entweicht die luft in die umgebung. aus dem eigenen zimmer kommen, glas wasser trinken, welches brötchen frühstücken, zeitung lesen, auf die toilette gehen -- vernichtung. der arzt gehen und in dieser erklärung eine unterschrift machen, zur schule gehen – vernichtung. die von einem weißkopfadler angeführten nationen. das sind - alles in allem - die rechte und freiheiten, die auf das ficken der polizei abzielen. .......................

 

 1664143-d5ff843914e043f2fcff1a507911cdef.jpg
Daniel Falb (Kassel, 11 oktober 1977)

 

 

 

De Zwitserse dichter en schrijver Conrad Ferdinand Meyer werd geboren in Zürich op 11 oktober 1825. Zie ook mijn blog van 11 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Conrad Ferdinand Meyer op dit blog.

 

Himmelsnähe

Auf schmalem Grat bin ich gelagert hier
In der Gebirge weißgezacktem Kreis,
Ein blendend‘ Silberhorn blickt über mir
Hervor aus einem grünen Meer von Eis.

Der Schnee, der am Geklüfte hing zerstreut,
In hundert Rinnen rieselt er davon,
Und aus der schwarzen Feuchte schimmert heut
Der Soldanelle zarte Glocke schon.

Bald nahe tost, bald fern der Wasserfall,
Jetzt stürzt er hier verweht, jetzt stäubt er dort!
Ein tiefes Schweigen und ein stäter Schall:
Der ungebrochnen Stille flüsternd Wort!

O Luft der Höh'n, du wundersame Kraft!
Ich habe seinen Atemzug gefühlt!
Zusammenschrickt die dumpfe Leidenschaft
Von reinen Hauchen schauerlich gekühlt.

Es flattert in der staubbefreiten Brust,
Die kühnen Schwingen öffnend ungestüm,
Des gottentstammten Geistes Gotteslust
Und schwebt mit Adlerskräften auf zu ihm.

 

 

Im Engadin

Über dunkeln! Arvenwipfel
Steigen auf die weißen Gipfel
Von dem tiefsten Blau begrenzt:
Heldenzelte, die sich breiten
Über wilden Einsamkeiten —
Wie die stolze Reihe glänzt!

Ruhe. Nur die Wasser rinnen,
Nur die Welle zieht von hinnen
Eifrig, die zu Tale will.
Über hell besonnten Matten
Nur der Arven kurze Schatten
Und ein Leuchten groß und still.

 

 

Die alte Brücke

Du Brückenbild tief unten hier,
Schon lange stehst du außer Amt,
Ein neuer Bau ragt über dir
Und dich bekleidet grüner Samt.

Wer dich betrat, bevor bemoost
Das Alter dich, vergaßest du,
Du schaust die Reuß, die dich durchtost
Und hörst dem Lied der Wellen zu.

Was über dir in Lust und Leid
Lateinisch einst der Schüler fang,
Verschollen ist es lange Zeit
Schon zwischen dieser Felsen Hang.

Nach Rom der segenlose Weg
Ging über deinen Bogen ja,
Der Kaiser schritt auf deinem Steg
Und mehr als ein Parricida.

Von jenseits kam da mancher Brief,
Der besser in die Fluten fiel,
In dem Verleumdung lüstern schlief
Und namenloser Ränke Spiel,

Der Söldner, der im welschen Land
Geraubt sich Pest und Leichentuch,
Der Mörder mit der blut'gen Hand,
Dem an der Sohle hing der Fluch —

Von Allen längst verweht die Spur,
Du stehst so hell und frisch begrünt
Und harmlos hat dich die Natur
Vom Tritt der Menschen längst entsühnt.

 

 1664143-bea3972b28af337281bc7ccc2d2f0b1c.jpg
Conrad Ferdinand Meyer (11 oktober 1825 - 28 november 1898)
 

 

 

De Nederlands / Indonesisch dichter, essayist en geleerde.Gertrudes Johannes (Han) Resink werd geboren in Jogjakarta op 11 oktober 1911. Zie ook alle tags voor Han Resink op dit blog en ook mijn blog van 11 oktober 2010.

 

Uit zee

De snelle, scherpe krabben van de tenen;
het sterk koraal van wreven en van schenen,
waarlangs de zee terugvalt in de âeren
- in eens de kust;
de vier dolfijnen in de drift der dijen;
de sidderroggen, die zich glad vermeien
in lendenen, die hun geheim bewaren
- dan weer de kust;
de gouden schildpad der gewelfde buik;
de transparante kwallen in de fuik
der borsten; hier en daar het wier der haren;
- opnieuw de kust;
de anemonen, strelend uit de handen;
de fosfordieren, die uit ogen branden;
de teed're mosselen van schaam en mond
- steeds weer de kust;
de haaien, die mij ruiken aan mijn wond;
en die haar neklijn en haar tanden hebben,
maar die verdwijnen nu de zee gaat ebben,
ver uit de kust.
- dit is het tij, waaruit ik weg ga waden,
de atlasvlinders in haar schouderbladen
achterna naar een breed, verlaten strand
aan deze kust,
waar we in de schelpen van elkanders oren
nog slechts het ruisen van de hartstocht horen
en sterren zien in de gelaten stand
van te zijn uitgerust.

 

 1664143-7655a3ea2b41e6a2dea21aa33c94e3a0.jpg
Han Resink (11 oktober 1911 – 4 september 1997)
Hier met Hans Gomperts (links) bij de opname van een tv-uitzending, 1965 

 

 

 

De Duitse dichteres en schrijfster Gertrud von Le Fort werd geboren in Minden op 11 oktober 1876. Zie ook mijn blog van 11 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Gertrud von Le Fort op dit blog.

 

Die Kathedrale nach der Schlacht

Meiner leuchtenden Fenster vergossenes Blut
Färbt die Gassen,
Meines Chores sprießende Pfeilerhut
Hat Blüten gelassen.
Meiner Tore zerschmetterte Flügelpracht
Steht weithin offen: So tragt denn herein,
was die wilde Schlacht
gleich mir getroffen!
Tragt her, was die Stadt an Wunden nicht faßt,
Hier bettet die Müden:
Noch hab ich Kraft für der Wölbung Last
Und Macht über Frieden.
Ich habe noch nie einer Seele gewehrt,
Deren Not ich vernommen -
Freunde und Feinde, die mich versehrt,
Seid willkommen.
Ich bin des Herrn, der Schmerzen vergibt:
Nehmt mein Vergeben!
Ich bin des Herrn, der die Opfernden liebt:
Ihr opfert Leben.
Ich bin des Geistes, für den, was Zeit,
Ein großes Vorüber -
Ich bin ein Vorhof der Ewigkeit:
Schlummert hinüber!

 

 

Uit: Hymnen an die Kirche

Singet es im Harren der Frühe,
singet es leise, leise ins finstere Ohr der Welt!
Singet es auf den Knien, singet es wie unter Schleiern,
singet es, wie Frauen in der Hoffnung singen:
Denn zart ward, der da stark ist, klein ward der Unendliche,
hold ward der Gewaltige,
demütig ward der Erhabene,
Raum hat er in der Kammer einer Jungfrau:
Auf ihrem Schoße wird sein Thron sein –
Lob genug ist ihm ein Wiegenlied!
Siehe, die Tage wollen nicht mehr aufstehen vor Andacht,
und die Nächte der Erde sind dunkel geworden vor tiefer Ehrfurcht:
Ich will Lichter anzünden, o Seele,
ich will Freude anzünden an allen Enden deiner Menschheit:
Sei gegrüßt, die da trägt den Herrn!

 

 1664143-58c42abd93fe75a34dd9424f98a6e921.jpg
Gertrud von Le Fort (11 oktober 1876 - 1 november 1971)
Cover

 

De Franse schrijver François Mauriac werd op 11 oktober 1885 geboren in Bordeaux. Zie ook mijn blog van 11 oktober 2010. en eveneens alle tags voor François Mauriac op dit blog.

Uit: Holy Thursday: An Intimate Remembrance (Le Jeudi-Saint)

“After the short Vespers of Holy Thursday, the officiating priests strip the altar of all ornaments and recite meanwhile the twenty-first* Psalm with the choir. It is the Psalm of which the first verse was cried out by the dying Christ: "O God, my God...why hast Thou forsaken me"?
The evangelists did not falter before this apparent acknowledgement of defeat, and no doubt it was necessary that the chalice be drunk to the dregs, even to this total abandonment. At that minute, nothing but vanquished humanity appeared any longer in Christ.
How could the Son of God have believed Himself to be forsaken? Had He not known and accepted His martyrdom beforehand? He knew it, without doubt, and He also knew that everything that was happening in that moment had been prophesied in that very twenty-first Psalm, the first verse of which He was crying out to His Father
None of the scribes, who at the foot of the Cross were shaking their heads and scoffing at the dying victim, thought of drawing a parallel between the desperate appeal which opens this Psalm and what follows: "All they that saw me have laughed me to scorn; they have spoken with the lips and wagged the head. He hoped in the Lord, let him deliver him: let Him save him, seeing He delighteth in him".
But then was it not precisely the same mockery which the chief priests and rulers had just used against Jesus crucified? Were they not laughing at Him because, having saved others, He could not save Himself? Were they not challenging Him to come down from the Cross because He said He was the Son of God?
But, above all, they who knew the Scriptures should have remembered verses seventeen through nineteen, which were being confirmed at that very moment in an astonishing manner: "They have pierced my hands and feet. They have numbered all my bones. They parted my garments amongst them and upon my vesture they cast lots."
And this twenty-first Psalm, which begins with a cry of doubt and distress, ends with the promise of a triumph that the Crucified alone was to achieve. "All the ends of the earth shall remember and shall be converted to the Lord: and all the kindred of the Gentiles shall adore in His sight. For the Kingdom is the Lord's; and He shall have dominion over the nations."

 

 1664143-9917871189916a5cd30a504c431f5f32.jpeg
François Mauriac (11 oktober 1885 - 1 september 1970)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 11e oktober ook mijn vorige blog van vandaag.

Geschreven door Romenu om 14:14 Reageer op dit bericht

Christoph Peters, Boris Pilnjak, Pierre Jean Jouve, Hans Schiebelhuth, Richard H. W. Dillard

De Duitse schrijver Christoph Peters werd geboren op 11 oktober 1966 in Kalkar. Zie ook alle tags voor Christoph Peters op dit blog en ook mijn blog van 11 oktober 2009 en ook mijn blog van 11 oktober 2010.

Uit: Herr Yamashiro bevorzugt Kartoffeln

„Beginnen wir mit der Landschaft: zur Küste hin flach, waagerechte Horizonte, unterbrochen von einzelnen Feldeichen, Dornenhecken; hier und da ein Herrenhaus, alleinstehende Höfe, klinkergemauert, halbrunde Scheunentore. Früher waren die Dächer mit Reet oder Ziegeln gedeckt, jetzt finden sich vermehrt Wellblech, Teerpappe. Unter Wolken in steter Bewegung erstrecken sich Wiesen, Ackerflächen, durchschnitten von einem Netz Entwässerungsgräben. Es gedeihen Getreide, Rüben, Futtermais. Dazwischen Pferde und schwarzbunte Rinder. Richtung Westen wellt sich das Land, Hügelkuppen, Findlinge, so daß man es Schweiz genannt hat.
Früheste Besiedlungsspuren seit dem Ende der letzten Eiszeit.
Entlang der Straße hinauf zur Insel Vrätgarn, umgeben von kleineren Stücken Wald, das Dorf Rensen, 740 Einwohner, Bäckerei, Postamt mit Schreibwarenverkauf, Sparkassenfiliale, das Gasthaus Pit’s Schollenkutter, wo Herta Mölders ganzjährig Bier und Schnaps ausschenkt. Während der Saison hat sie einen Rumänen in der Küche, der ihr Schnitzel und Fisch brät. Das Zentrum des Ortes bilden, umgeben von Wassergräben, eichenbestandenen Wällen, die beträchtlichen Reste der Klosteranlage, Backsteingotik, errichtet um 1250 von Mönchen, die ihrer verkommenen Sitten wegen aus der pulsierenden Hansestadt Lübeck in die nördlichen Sümpfe geschickt worden waren. Die bischöfliche Mitgift in Form bedeutender Reliquien sowie eine segensreiche Quelle auf dem Klostergrund lockten Pilgerscharen, 1340 besaß die Abtei neunzehn Dörfer, acht Mühlen, dazu Seen, Fischteiche bis nach Mecklenburg, und betrieb einen eigenen Hafen mit direktem Zugang zur Ostsee. Dann schwand der Glaube an die Kraft der heiligen Dinge und mit ihm die Geschäftsgrundlage der Mönche. Dem wirtschaftlichen Niedergang folgte 1544 die Säkularisierung.”

 

 1664126-76e34e2a398f50d1f7bbe5dc0f8716ba.jpg
Christoph Peters (Kalkar, 11 oktober 1966)

 

 

De Russische schrijver Boris Andrejevitsj Pilnjak werd geboren in Oblast Moskou op 11 oktober 1894.Zie ook alle tags voor Boris Pilnjak op dit blog en ook mijn blog van 11 oktober 2009 en ook mijn blog van 11 oktober 2010.

Uit: A Year Of Their Lives (Vertaald door F. O. Dempsey)

“Marina was twenty when she proceeded to the river-bank.
Her tall, somewhat heavy body was wonderfully moulded, with strong muscles and snowy skin. Her chest, back, hips, and limbs were sharply outlined; she was strong, supple, and well developed. Her round, broad breast rose high; her hair, eye-brows and eye-lashes were thick and dark. The pupils of her eyes were deep and liquid; her cheeks showed a flush of red. Her lips were soft--like a beast's--large, sensuous and rosy. She walked slowly, moving her long straight legs evenly, and slightly swaying from her hips....
She joined the maidens on the river slope.
They were singing their mysterious, alluring and illusive songs.
Marina mingled among the crowd of maidens, lay down upon her back, closed her dreamy eyes, and joined in the festive chorus. The maidens' souls became absorbed in the singing, and their song spread far and wide through all the shadowy recesses of the woods, like shining rays of sunlight. Their eyes closed in langour, their fullblooded bodies ached with a delicious sensation. Their hearts seemed to grow benumbed, the numbness spreading through their blood to their limbs; it deprived them of strength, and their thoughts became chaotic.
Marina stretched her limbs sensuously; then became absorbed in the singing, and she also sang. She felt strangely inert; only quivering at the sound of the lusty, excited voices of the youths.”

 

 1664126-4b14f2628a68b63a69b94146df080c08.jpg
Boris Pilnjak (11 oktober 1894 - 21 april 1938)

 

 

 

De Franse dichter en schrijver Pierre Jean Jouve werd geboren op 11 oktober 1887 in Arras. Zie ook alle tags voor Pierre Jean Jouve op dit blog en ook mijn blog van 11 oktober 2008 en ook mijn blog van 11 oktober 2009.

 

Orphée

Une harpe ayant plusieurs cordes brisées
Mais résistante de douleur et d’or sur le fond bleu
Acharnée, et des mains suspendues des mains coupées
Touchent en pleurant les accords,
Il se fait parfois des sons si expirants
Il s’ouvre en cet instant des volcans si terribles
Et tant de mâle ciel est architectural
Avec le calme et l’éternelle nudité,
Que c’est la voie l’ineffable voie la voie trouvée.

Le tombeau mort
Est au milieu couché sous les fumées du deuil
Les immenses fumées de dépouille couchée
Froide ; et les grappes noires de pleurs voilés
En mouvements en gerbes froides criminelles
S’étonnent. Le poète est en bleu de roi
Près de la morte irréparable qu’il aimait
Les fumées les fumées les fumées les fumées.

Ô ombre ! ô sang bouillant de mémoire
Fluente au milieu du temps et non sauvée !
Amour vertigineux que je ne peux revoir
Pour la sauver des morts ! Et toi ô gémissante
Épave tu demandes le sexe de chair
Pour ne point te sentir morte. Vous démonies
Je tremble je faiblis je la vois et je veux
La voir… elle retombe nue aux gémonies.

Enfin les créatures de la terre humide
Horribles creux offerts à tous les vents
Suavités bombées et chaudes et l’odeur
De marécage et de rose sous les cratères
Qui mordent ! Lacérez-moi de vos dents
Vulves féroces ! pénétrez ma chair coupable.
La lyre tout en haut tenant son chant tué
Toujours en haut du bras expirant, portée.

 

1664126-af20f9ff5c4241e9c6e8d14978f9749d.jpg
Pierre Jean Jouve (11 oktober 1887 – 8 januari 1976)
Cover

 

 

De Duitse dichter, schrijver en vertaler Hans Schiebelhuth werd geboren op 11 oktober 1895 in Darmstadt. Zie ook alle tags voor Hans Schiebelhuth op dit blog en ook mijn blog van 11 oktober 2009 en ook mijn blog van 11 oktober 2010.

 

Zwiegespräch mit mir

Die Glockentürme schnalzen zum meckernden Mond.
Die Landschaft harft sich hügelhin. Gewitter wiehern.
Ich schlafe, wo die Schreibmaschinen Sammt sind.
Traum leimte mir die Nase des Mefisto an den großen Zeh.

O bück dich nicht zu breit. Der Seidenhase hebt die güldne Pranke.
Ein Erbfluch geht von David bis Forseti.
Kein Mensch weiß, ob der Rhein ein Fluß ist, ob er fließt.
Erfinde die Phosphorgans, freundlicher Hofrat. Wecke den Weck.

Nachen aus Lapislazuli, den ein Walfisch verschlang.
O, ihr papiernen Rosen, entblättert euch nicht im porphyrnen Herbst.
Der Tod hat sich als Geldbriefträger maskiert. Banken krachen.
Und der Mann, der das Meer befuhr, weint mit der käsigen Wirtin gern.

 

 1664126-605fc44852fe111d693d4f4ddcc3e43e.jpg
Hans Schiebelhuth (11 oktober 1895 – 14 januari 1944)
Cover

 

 

De Amerikaanse dichter, essayist en vertaler Richard H. W. Dillard werd geboren op 11 oktober 1937 in Roanoke, Virginia. Zie ook alle tags voor Richard W. Dillard op dit blog en ook mijn blog van 11 oktober 2008 en ook mijn blog van 11 oktober 2009.

 

Living Among Trees


Living among trees, we can only be
So proud, so much 'in control'
Of things, so sure of what
We're sure, so filled
With self regard.

No breeze, heavy and hot, moves
At the foot of the tulip tree,
Yet high, high overhead,
Tips of branches turn,
Leaves lift.

It is the passage of time, of air
We hear, rustle and shush
Of leaves, this rush
Of motion, of flow,
Of letting go.

But we hold on tight, arms embrace
The rooted trunk, smooth bark,
Just as we hold each other
Those moments when we
Touch, then part.

 

 1664126-c45032cc663fbdaf04845449d1aa614c.jpg
Richard H. W. Dillard (Roanoke, 11 oktober 1937)

Geschreven door Romenu om 14:02 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten