Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 4 maart 2015 tot 5 maart 2015

Pier Paolo Pasolini, Arthur van Schendel, Koos van Zomeren, Jurre van den Berg, Nelly Arcan

De Italiaans filmregisseur, dichter en schrijver Pier Paolo Pasolini werd geboren in Bologna op 5 maart 1922. Zie ook alle tags voor Pier Paolo Pasolini op dit blog.

Uit: Seven Poems for Ninetto

 

1/
Your place was at my side,
and you were proud of this.
But, sitting with your arm on the steering wheel
you said, “I can’t go on. I must stay here, alone.”

If you remain in this provincial village you’ll fall into a trap.
We all do. I don’t know how or when but you will.
The years that comprise a life vanish in an instant.

You are quiet, pensive. I know it is love
that is tearing us apart.

I have given you
all the power of my existence,
yet you are humble and proud, obeying a destiny
that wants you to remain impoverished. You don’t know
what to do, whether to give in or not.

I can’t pretend your resistance
doesn’t cause me pain.
I can see the future. There is blood on the sand.


2/
I think of you and I say to myself: “ I have lost him.”
I cannot bear the pain and wish I were dead. A minute
or so passes and I reconsider. With joy 

I take back strength from your image. I refuse to cry.
My mind is changed.
Then again I consider you, lost and alone.

Who is this ugly gentleman
who does not understand what concerns him most? Are you
or are you not this Other,

he who always loses without really dying?
He is my double: I, pedantic. He, informal.

Knowledge of him has changed everything in my life.
He says that if I am lost he will find me.
He knows that when he does I will be dead.

 

 1731803-24c09fb6da328a3d5d80bc0445255b2e.jpg
Pier Paolo Pasolini (5 maart 1922 – 2 november 1975)
Paolo Pasolini en Ninetto Davoli

 

 

De Nederlandse schrijver Arthur van Schendel werd geboren op 5 maart 1874 in Batavia. Zie ook alle tags voor Arthur van Schendel op dit blog.

Uit: Een Hollands drama

,,En wanneer hij dacht hoe het toch gekomen was, hoe hij het liegen, het  stelen en bedriegen geërfd had, hoe zijn vader het weer van diens vader geërfd had, en zo verder van geslacht na geslacht eeuwenlang, allen mensen die geleefd hadden met de zonde en ertegen gestreden hadden zoals hij, allen zonder hulp of uitkomst, dan werd het hem zwaar. En wanneer hij dacht waarom het moest zijn dat de zondigheid werd voorgegeven aan de kinderen die niets gedaan hadden om dat te moeten dragen, dan werd hij bang. Dan moest er onrecht zijn, dat er nu nog kinderen te lijden hadden om het kwaad van den eersten mens. Hij wist dat de gedachte slecht was, opstandig tegen God. Maar hoe kon het anders als hij zelf zijn zondigheid niet had gemaakt? Als hij belast was al voor hij kwaad had gedaan? Hij staarde weer in al die vragen en wist niet, en vreesde waar dat heen zou leiden. En gedurig zei hij tot zichzelf, keer na keer: Het willen is er wel, maar niet het doen"
(…)

,,lk weet wel dat het malen is, maar het is niet aan te horen, zo verschrikkelijk. Sla mij maar, sla mij maar, met een stem die je door de ziel gaat. Hij heeft mijn vlees oud gemaakt. Hij heeft mijn beenderen gebroken. En dan weer zo klagend als een kind: Wanneer ik roep en schreeuw sluit hij de oren voor mijn gebed. Maar het ergste is als hij van bloed ligt te ijlen en van het scharlaken dat niet van de handen is af te wassen. Van bloed en Van sneeuw. Die man kan haast niets op het geweten hebben, je kent hem zo goed als ik. Er moet diep in het hart van de mens toch wel een grote schuld liggen dat een als hij er zo vreselijk van lijdt".

 

 1731803-f25119a7a1f441621045748abace78f2.jpg
Arthur van Schendel (5 maart 1874 – 11 september 1946)
Cover 

 

De Nederlandse schrijver, columnist en dichter Koos van Zomeren werd geboren in Velp op 5 maart 1946. Zie ook alle tags voor Koos van Zomeren op dit blog.

Uit: Naar de natuur. Journaal

“Gisteren belde ik Addy om te vragen hoe je spaints spelt, een woord dat ik uiteindelijk toch niet zou gebruiken. Hij bleek met Tjibbe ergens in Engeland in de auto te zitten, op weg naar Ierland. Die twee worden in heel Europa, tot aan de Oeral toe, gevraagd als het over (het vangen van) otters gaat.
(Die camera die een otter had betrapt bij een vistrap in Zwitserland, hing overigens in de buurt van de Bodensee. Ik dacht: maar Tjibbe had het toch over Oostenrijk en de Alpen? Maar als je in de atlas kijkt: Oostenrijk en de Alpen zijn ook in de buurt van de Bodensee.)

23 juni Vanmorgen, het was nota bene bladstil, kon je in park Klarenbeek iets horen kraken en breken en neerstorten. Toen we gingen kijken: eenmiddelgrote beuk, finaal van zijn stam geknapt. Het was natuurlijk een drama, maar het rook er heerlijk naar vers zaagsel.

24 juni Morgen staat het otterstukje in de nrc – otters zitten daarin min of meer opgesloten in de Weerribben. En uitgerekend nu is er een otter gezien ergens in Noord-Holland. De media, daartoe ongetwijfeld aangespoord door belanghebbenden, hangen de vlag uit. Hoera voor de otter, hoera voor Noord-Holland. Maar ten eerste, een otter die gezien wordt, is dat wel een otter? En ten tweede, als het een otter was, denken ze dan echt dat dat dier voor zijn lol in Noord-Holland zit? Waarschijnlijk aan het zwerven geslagen, ver van huis geraakt, nog verder van huis geraakt, inmiddels totaal vereenzaamd, al in geenweken een geurspoor aangetroffen dat op een soortgenoot wijst, in feite net zo beklagenswaardig als de laatste otter van Eernewoude indertijd.
Er zijn journalisten voor wie ‘otter’ alleenmaar eenmanier is omte scoren. Er zijn natuurbobo’s voor wie ‘otter’ ook eenmanier is om te scoren. Die partijen treffen elkaar en jawel, het is hosanna. (Toegegeven, voor die otter, als het een otter was, maakt het niet uit. Met mijn medelijden is hij ook niet geholpen.)”

 

 1731803-78cc5752e7ef13344bb97c517e42d0a8.jpg
Koos van Zomeren (Velp, 5 maart 1946)

 

 

De Nederlandse dichter Jurre van den Berg werd geboren in Thesinge op 5 maart 1986. Zie ook alle tags voor Jurre van den Berg op dit blog.

 

Uitlopers van slaap

(1)
Ik weet niet of ik wakker ben.
De radio herhaalt

een vliegtuig op een akker.
Ik mag niet denken

ik wil niet denken
aan een vlinder en een ploeg.

Iemand leende mij een boek
over een man die sliep.

Ze zei: ik zou je willen
vasthouden maar ik

wist niet of hij wakker was.


(3)
Ik weet niet waar ik wakker werd.
Het bed drijft langs

autoalarmen, figureert
in klamme ochtend maar buiten

zou het kouder kunnen zijn
de dauw net opgetrokken

kunnen zijn voor manna
op het plein, zou het middag

kunnen worden.
De meeuwen zijn gekomen

voor appels op het platte dak.

 

 1731803-045a4f2f320e61196428b5757f3772fb.jpeg
Jurre van den Berg (Thesinge, 5 maart 1986)

 

 

De Canadese (Franstalige) schrijfster Nelly Arcan - pseudoniem van Isabelle Fortier – werd geboren in Lac-Mégantic op 5 maart 1973. Zie ook alle tags voor Nelly Arcan op dit blog.

Uit: Whore

“Actually, I had too many mothers, too many sanctimonious models reduced to a reinvented name, and maybe they really didn't believe in their God who was so thirsty for names, at least not to the end, maybe they were just looking for a pretext to separate from their family, free themselves from the act that had brought them into the world, as if God didn't know that they'd come from a father and mother, as if he couldn't see that they were trying to hide those inappropriate names their parents had chosen under their Jeannes and their Annes, I had too many of that kind of mother and not enough of my mother, a mother who didn't say my name because she needed to sleep too much, and in her sleep she left my father in charge of me.
* * *

I remember the shape of her body under the sheets and her head poking only halfway out like a cat balled on the pillow, a wreck of a mother who was slowly flattening out, nothing left but hair to show that she was there, to distinguish her from the sheets, and the time of the hair seemed to last three, maybe four years, until for me it became the time of Sleeping Beauty, my mother treating herself to some underground old age, although I wasn't really a child anymore, and not yet a teenager, although I was suspended in that intermediary zone where the hair starts to change color, two or three black hairs suddenly sprouting in the downy gold of the crotch, and I knew that she wasn't totally asleep, just halfway there, you could see it in her stiffness under the too-blue sheets, which were too straight in her too-sunny room, with its four large windows that surrounded her bed throwing bright rectangular shafts of light on her head, and anyway, how can you sleep with light shining in your face, and what's the use of having so much sun in a room where you're sleeping? It was easy enough to see she wasn't sleeping by the way she'd jolt suddenly in bed and moan without warning for some unknown reason hidden with her under the sheets.”

 

 1731803-daa039eea21e2374c0cd928c62f7a32b.jpg
Nelly Arcan (5 maart 1973 –24 september 2009)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 5e maart ook mijn blog van 5 maart 2014 deel 1 en ook mijn blog van 5 maart 2012 deel 2.

Geschreven door Romenu om 18:23 Reageer op dit bericht

Khaled Hosseini, Robert Kleindienst, Kristof Magnusson, Irina Ratushinskaya, Alan Sillitoe, Ryszard Kapuściński

De Afghaanse schrijver Khaled Hosseini werd geboren op 4 maart 1965 in Kabul. Zie ook alle tags voor Khaled Hosseini op dit blog.

Uit: En uit de bergen kwam de echo (Vertaald door W. Hansen)

“Ten slotte, toen de zon net over zijn hoogste punt heen was, bleef vader weer staan. Hij draaide zich in de richting van Abdullah, leek even na te denken en maakte toen een
beweging met zijn hand.
‘Je geeft het toch niet op,’ zei hij.
Vanaf de kar gleed Pari’s hand snel in die van Abdullah. Ze keek naar hem met vochtige ogen, en met haar uiteenstaande tanden glimlachte ze alsof haar nooit iets slechts zou kunnen
overkomen zolang hij aan haar zijde was. Hij sloot zijn vingers om haar hand zoals hij elke nacht deed als hij en zijn zusje in hun bed lagen, hun hoofden tegen elkaar, hun benen
verstrengeld.
‘Je had eigenlijk thuis moeten blijven,’ zei vader. ‘Bij je moeder en Iqbal. Dat heb ik je gezegd.’
Abdullah dacht: het is jouw vrouw. Mijn moeder hebben we begraven. Maar hij wist die woorden in te slikken voor hij ze uitsprak.
‘Nou goed dan. Kom maar mee,’ zei vader. ‘Maar we gaan niet huilen. Begrepen?’
‘Ja.’
‘Ik waarschuw je. Dat zal ik niet dulden.’
Pari glimlachte breed naar Abdullah, hij keek naar haar bleke ogen en ronde roze wangen en glimlachte terug.
Vanaf dat ogenblik liep hij naast de kar die over de woestijngrond vol kuilen en gaten hotste, en hij hield Pari’s hand vast. Ze wisselden gelukkige steelse blikken, broer en zus, maar ze zeiden niet veel, uit angst vaders stemming te bederven en hun geluk te verspelen. Heel vaak waren ze alleen, zij met hun drieën, niemand in de verste verte te zien, alleen de roodkoperen bergketens en de grote zandstenen rotsen. De woestijn strekte zich voor hen uit, open en weids, alsof die voor hen was geschapen, alleen voor hen, de lucht roerloos en snikheet, de hemel hoog en blauw. Rotsblokken schitterden op de gebarsten grond. De enige geluiden die Abdullah hoorde waren zijn eigen ademhaling en het ritmisch gepiep van de wielen, terwijl vader de rode kar trok, in noordelijke richting.”

 

 1731311-67d0b0f6f08543eefb54b70b6dd55066.jpg
Khaled Hosseini (Kabul, 4 maart 1965)

 

 

De Oostenrijkse dichter en schrijver Robert Kleindienst werd geboren op 4 maart 1975 in Salzburg. Zie ook alle tags voor Robert Kleindienst op dit blog.

Uit: Nicht im Traum

„Er öffnete seine Augen im Weiß. Er öffnete seine Augen im gleißenden Licht einer Welt, die ihm so fremd war, dass er sie umgehend wieder schloss. Dann fühlte er Warmes, das seinen Körper schwallartig durchdrang und aus den Füßen auszutreten schien, sodass ihn fror und er leichte Übelkeit verspürte. Vorsichtig bewegte er seine Finger und bemerkte etwas an seiner rechten Hand, das er nicht zuordnen konnte. Er versuchte, sich zu orientieren und klare Gedanken zu fassen, aber in seinem Kopf war nichts als Rauschen und unendliche Leere.
Helen. Sie saß auf einem steil ins Meer ragenden Felsen und hatte ihren Kopf für einen Moment in seine Richtung gedreht. Die Sonne stand im Zenit, weit draußen fuhr ein Schiff übers Meer und steuerte eine gerade noch am Horizont erkennbare weiße Insel an.
Helen hielt ihre Füße ins Wasser, auf dessen Grund ein mit Algen überwucherter Steg erkennbar war. Er ging den schmalen Pfad abwärts, bis er den Felsen erreicht hatte und sie nur noch einen Steinwurf von ihm entfernt war. Ihr Körper war mit weißem Leinen bedeckt, ein Schlauch führte von ihr weg und mündete ins Meer. Vorsichtig stieg er den stark abschüssigen Fels hinab und war schon fast bei ihr angelangt, als er den Halt verlor und auf dem glitschigen Untergrund ausrutschte. Kopfüber stürzte er auf Helen zu und wollte schreien, aber kein Laut kam über seine Lippen.
In diesem Moment drehte sie sich nach ihm um und streckte ihm ihre Hand entgegen. Ohne zu zögern, griff er danach und hatte plötzlich einen Schlauch in seinen Händen, der aus Helens Mund hing.“

 

 1731311-b711232e21b1e4e62a2e514911bf581e.jpg
Robert Kleindienst (Salzburg, 4 maart 1975)

 

 

De Duitse schrijver Kristof Magnusson werd geboren op 4 maart 1976 in Hamburg. Zie ook alle tags voor Kristof Magnusson op dit blog.

Uit: Arztroman

„Der Wetterbericht nach den Spätnachrichten kündigte einen weiteren heißen Tag in einer Reihe von heißen Tagen an, die Anita Cornelius bereits jetzt wie unendlich erschienen. Seit Wochen konnte sie kaum einschlafen vor Hitze, auch jetzt hatte sie es wieder versucht, dann jedoch lieber den Fernseher eingeschaltet, die Nachrichten gesehen und dabei die letzten Salzcracker gegessen, die der Kollege von der Tagesschicht übrig gelassen hatte.
Es war eine ziemlich normale Nacht am Notarzt-Stützpunkt des Krankenhauses am Urban in Berlin-Kreuzberg. Anita und ihr Assistent Maik hatten bisher drei Alarme gehabt, einmal Brustschmerzen, einmal Blutzucker und einen akuten Bauch, alle bei alten Menschen. So war es eigentlich immer, selbst in dieser Gegend der Stadt, aus der das Fernsehen gern von Messerstechereien und Drogenkriminalität berichtete. Häufiges ist häufig und Seltenes ist selten, das hatte Anita bereits im Studium gelernt, und Altwerden war eben häufig in diesem Land.
Anita stand auf, um sich aus dem Automaten am Eingang der Rettungsstelle einen Snack zu ziehen. Nachdem sie eine Münze eingeworfen und gewählt hatte, warf sie einen Blick auf das Fach mit den Mars-Riegeln und beobachtete die Metallspirale, die das Mars an das Ende des Regals schob, bis der Riegel in Schieflage geriet, mit der Oberseite nach vorne fiel und gegen die Spirale stieß, die in diesem Moment aufhörte sich zu drehen. Anita sah auf ihren Schokoriegel, zwischen Spirale und Regal über dem Abgrund verkeilt. Super Vertrauensbeweis für ein Krankenhaus, wenn nicht einmal der Snack-Automat funktioniert, dachte Anita und hätte es wohl für ein schlechtes Omen gehalten, wenn sie an solche Dinge glauben würde, doch das tat sie nicht.
Anita dachte an ihren Sohn. Wie oft hatte sie mit Lukas hier gestanden und gehofft, der Automat würde nicht ihr letztes Kleingeld fressen und den gewünschten Riegel dann doch behalten?“

 

 1731311-12473e3db10481dff013b356506b0f33.jpg
Kristof Magnusson (Hamburg, 4 maart 1976)

 

 

De Russische dichteres en dissidente Irina Ratushinskaya werd geboren op 4 maart 1954 in Odessa. Zie ook alle tags voor Irina Ratushinskaya op dit blog.

 

Give me a nickname, prison

Give me a nickname, prison,
this first April
evening of sadness
shared with you.
This hour for your songs
of evil and goodness,
confessions of love,
salty jokes.
They've taken my friends,
ripped the cross from its chain,
torn clothes,
and then with boots
struck at my breastbone
torturing the remains
of hope.
My name is filed
in profile, full-face -
a numbered dossier.
In custody -
nothing is mine!
Just as you have
no one, nothing!
On the window's grating
here's all of me - christen me,
give me a name, prison,
send off to the transport
not a boy, but a zek,
so I'll be welcomed
with endearments by Kolyma,
place of outcasts, executions
in this twentieth century.

 

 1731311-51de33c6f1f10d1a5bff8876e56256ee.jpg
Irina Ratushinskaya (Odessa, 4 maart 1954)
Cover

 

 

De Engelse schrijver Alan Sillitoe werd geboren op 4 maart 1928 in Nottingham. Zie ook alle tags voor Alan Sillitoe op dit blog.

Uit: Saturday Night and Sunday Morning

“The rowdy gang of singers who sat at the scattered tables saw Arthur walk: unsteadily to the head of the stairs, and though they must all have known that he was dead drunk, and seen the danger he would soon be in, no one attempted to talk to him and lead him back to his seat. With eleven pints of beer and seven small gins playing hide-and-seek inside his stomach, he fell from the top-most stair to the bottom.
It was Benefit Night for the White Horse Club, and the pub had burst its contribution box and spread a riot through its rooms and between its four walls. Floors shook and windows rattled, and leaves of aspidistras wilted in the fumes of beer and smoke. Notts County had beaten the visiting team, and the members of the White Horse supporters club were quartered upstairs to receive a flow of victory. Arthur was not a member of the club, but Brenda was, and so he was drinking the share of her absent husband-as far as it would go-and when the club went bust and the shrewd publican put on the towels for those that couldn't pay, he laid eight half-crowns on the table, intending to fork out for his own.
For it was Saturday night, the best and bingiest glad-time of the week, one of the fifty-two holidays in the slow-turning Big Wheel of the year, a violent preamble to a prostrate Sabbath. Piled-up passions were exploded on Saturday night, and the effect of a week's monotonous graft in the factory was swilled out of your system in a burst of goodwill. You followed the motto of "be drunk and be happy," kept your crafty arms around female waists, and felt the beer going beneficially down into the elastic capacity of your guts.
Brenda and two other women sitting at Arthur's table saw him push back his chair and stand up with a clatter, his grey eyes filmed over so that he looked like a tall, thin Druid about to begin a maniacal dance. Instead, he muttered something that they were too tight or far away to understand, and walked unsteadily to the top stair.”

 

 1731311-21d20d4d8a88303b1c1addeaa29a25b0.jpg
Alan Sillitoe (4 maart 1928 - 25 april 2010)
Cover dvd

 



De Poolse schrijver dichter en journalist Ryszard Kapuściński werd geboren in Pinsk, Polen (thans Wit-Rusland), op 4 maart 1932. Zie ook alle tags voor Ryszard Kapuściński op dit blog.

Uit: I Wrote Stone

 

On a plane to Luanda
a young soldier
lies on a stretcher

that morning a bullet shattered his skull

an IV hangs from a hook
the man tosses
he’s delirious

perhaps he’s relating what happened

we never found out
where he flew to

in the end

 

*

 

I did not want to see daylight
only darkness.
I shut my eyes
so not a single ray
would penetrate,
so I would not see
the emptiness everywhere,
from the unseen beginning
to the unseen end.

 

Vertaald door Diana Kuprel en Marek Kusiba

 

 1731311-87c56bb5664faabc22fc7b89b8135776.jpg
Ryszard Kapuściński (4 maart 1932 - 23 januari 2007)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 4e maart ook mijn blog van 4 maart 2012 deel 1 en ook deel 2.

Geschreven door Romenu om 18:14 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten