Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 22 juni 2015 tot 23 juni 2015

David Leavitt, Aart van der Leeuw, Pascal Mercier, Franca Treur, Jean Anouilh, Richard Bach, Anna Achmatova, Hanneke van Eijken

De Amerikaanse schrijver David Leavitt werd geboren in Pittsburgh op 23 juni 1961. Zie ook alle tags voor David Leavitt op dit blog.

Uit: The Two Hotel Francforts

“Hotel rooms were nearly impossible to come by. People were staying up all night at the casino in Estoril, gambling, and sleeping all day on the beach. Yet we were lucky — we had a room, and a comfortable one at that. Yes, it was all right with me.
Not with Julia, though. She loathed Portugal. She loathed the shouting of the fishwives and the smell of the salted cod. She loathed the children who chased her with lottery tickets. She loathed the rich refugees who had rooms at better hotels than ours and the poor refugees who had no rooms at all and the mysterious woman on our floor who spent most of every day leaning out her door into the dark corridor, smoking — “like Messalina waiting for Silius,” Julia aid. But what she loathed most — what she loathed more than any of these — was the prospect of going home.
Oh, how she didn’t want to go home! It had been this way from the beginning. First she had tried to convince me to stay in Paris; then, when the bombs started dropping on Paris, to resettle in the South of France; then, when Mussolini started making noises about invading the South of France, to sail to En gland, which the Neutrality Act forbade us from doing (for which she would not forgive Roo se velt). And now she wanted to stay on in Portugal. Portugal!
I should mention — I can mention, since Julia is dead now and cannot stop me — that my wife was Jewish, a fact she preferred to keep under wraps. And it is true, in Portugal there was no anti- Semitism to speak of, quite simply because there were no Jews. The Inquisition had taken care of that little problem. And so she had decided that this country in which she was so disinclined to spend a few weeks would be a perfectly agreeable place to sit out the rest of the war. For she had sworn, when we had settled in Paris fifteen years before, that she would never go home again as long as she lived.
Well, she never did.“

 

 1781454-cdda124cf12220d614355139c483649c.jpg
David Leavitt (Pittsburgh, 23 juni 1961)

 

 

De Nederlandse dichter en schrijver Aart van der Leeuw werd geboren in Hof van Delft op 23 juni 1876. Zie ook alle tags voor Aart van der Leeuw op dit blog.

 

De seizoenen

Najaar, vluchtend langs de wegen,
Bijna hebt gij afgelegd
't Rode kleed, dat losgeregen
Enkel aan één gesp nog hecht.

Langs de zoom der bruine heide
Zweef zo ijlings niet voorbij,
Zet Uw ben met fruit terzijde,
En tot afscheid zegen mij.

Ook Uw beide zusters duldden
Bij het afgaan van dit pad,
Dat mijn gul gebrachte hulde
Om een gunst, een weergroet, bad;

Zomer heeft haar doek verschoven,
En haar boezem bloot gemaakt,
Zacht heb ik die bron der hoven
Met de lippen aangeraakt;

En dat kind, wier lieflijk Leven
Duurt zolang de koekoek lacht,
Heeft mij hier een bloem gegeven,
Dat ik altijd aan haar dacht.

Kom dus tot mij, herfst, want ginter,
Laatste leidsvrouw van het jaar,
Nadert reeds de bleke winter
Met een maretak in 't haar.

 

 

Dichten: sluimeren

Zoals een kind dat zich ontkleedt,
Het glimlacht naar 't vergulde raam,
Het vouwt zijn helder lijfgoed saam
En zoekt zijn sponde, slaap-gereed,

Zo is mijn dichter, ook hij legt
De last of van den langen dag,
Tot hij, getooid slechts met zijn lach,
Stil luistert naar wat sluimer zegt,

De sluimer, een bewogen boom,
Die tot een schoner waken wekt,
Onder wiens lover, zon-gevlekt,
Dromen wordt zingen, zang een droom.

 

 1781454-b9c77a3149383b91fcf9e0b36cd8eb53.jpg
Aart van der Leeuw (23 juni 1876 – 17 april 1931)

 

 

De Zwitserse schrijver en filosoof Pascal Mercier (eig. Peter Bieri) werd geboren op 23 juni 1944 in Bern. Zie ook alle tags voor Pascal Mercier op dit blog.

Uit: Der Klavierstimmer

„Zweimal hast du heute morgen den leeren Becher an die Lippen geführt, bevor du ihn ausspültest. Als du nach einem Augenblick des Zögerns zum Küchentuch griffst, um ihn zu trocknen, hatte ich die Hoffnung, du würdest ihn in die Reisetasche stecken, die fertig gepackt im Entrée stand. Als einen Gegenstand, der uns über alle Abschiede hinaus verbände. Statt dessen tatest du den trockenen Becher in die Geschirrablage, als müßte er noch weitertrocknen. Es geschah langsam und mit großer Behutsamkeit. Dann gingst du voran. In dem Blick, mit dem du mich streiftest, lag erschöpfte Tapferkeit und der dunkle Schimmer der Resignation, denn wie immer fiel dir die grausame Rolle derjenigen zu, die den Abschied vollziehen mußte. Ich war froh, daß dies noch nicht der letzte Blick war. Gleichzeitig zitterte ich vor dem Moment, wo wir nachher unter der Hautür stehen würden, um den letzten Blick zu tauschen.
Deine Stiefel waren laut auf den Fliesen. Mit einer schnellen Bewegung schlüpftest du in den Mantel und holtest die Handschuhe aus der Tasche. Während du sie anzogst, standest du mit gesenktem Kopf vor mir. Nie wieder würde ich diese Hände auf mir spüren. Ich dachte an die weißen Handschuhe aus Spitze und öffnete die Tür, um das Bild zu verscheuchen. Dann begegneten sich unsere Blicke. Mit leise zitternden Lippen versuchtest du ein Lächeln, das deinen und meinen Schmerz, wenn nicht zu leugnen, so doch zu verharmlosen suchte: Machen wir es uns nicht schwerer, als es ist! Einen entsetzlichen Augenblick lang dachte ich, du würdest mir die Hand geben, etwas, was wir – außer wenn wir andere spielerisch nachahmten, so daß die Geste wie ein Zitat war – niemals getan haben.“

 

 1781454-4010f1dfcfcf85ce9363f8a7f816521d.jpg
Pascal Mercier (Bern, 23 juni 1944)
 

 

 

De Nederlandse schrijfster en freelance journaliste Franca Treur werd geboren in Meliskerke op 23 juni 1979. Zie ook alle tags voor Franca Treur op dit blog.

Uit: Dorsvloer vol confetti

“Katelijne vraagt zich af of de moeder het leuk vindt zo, en moet er opeens aan denken dat zij op een tweede pinksterdag de vader heeft ontmoet. Achter op de motor bij zijn vriend, die haar neef was, werd hij bij haar het erf op gereden. Wonderlijk hoe God soms mensen bij elkaar brengt, zegt de vader als het gesprek erover gaat.
De moeder zat die dag in een kort blauw jurkje in een tuinstoel bij haar ouders op het gazon.
‘Ze blonk in d’r vel,’ zegt de vader altijd. Het detail van het korte jurkje heeft de vader lang geleden een keer verteld, en Katelijne heeft dat altijd onthouden. In latere versies ontbreekt het en de moeder beweert sindsdien dat ze geen jurkjes boven de knie had vroeger. Maar de opa en oma van moederskant wisten het ook allebei nog, van dat korte blauwe jurkje, toen ze daar lang geleden een keer naar vroeg.
Het is moeilijk voor te stellen: de moeder in een kort jurkje. Met elke keer dat ze in verwachting was, heeft ze er een paar kilo bij gekregen, alsof ze één voor één het bubbeltjesplastic waarin ze hebben gezeten in de moeder hebben achtergelaten. De ruimvallende witte blouses die ze tegenwoordig draagt, moeten in een speciale winkel voor grote maten worden gekocht. Het eerste wat ze doet als ze ermee thuiskomt is het etiketje met de maat eruit knippen
Twee fietsers rijden langs, een man en een vrouw op precies eendere fietsen. Ze dragen allebei een donkerblauwe jas en een lichte broek en ze kijken nieuwsgierig naar de familie. Katelijne geniet van hun verbaasde gezichten wanneer ze alle jongens tussen de maïsplantjes zien lopen. Mensen kijken vaak verbaasd naar hen, omdat ze met zoveel zijn.”

 

 1781454-297892797876058c16769949f10281b7.jpg
Franca Treur (Meliskerke,23 juni 1979)

 

 

De Franse (toneel)schrijver Jean Anouilh werd geboren in Bordeaux op 23 juni 1910. Zie ook alle tags voor Jean Anouilh op dit blog.

Uit: Antigone (Vertaald door Frans Geiger)

„ANTIGONE: murmelt
„Glück (...) Was wird mein Glück sein? Was für eine glücklichc Frau soll aus der kleinen Antigone werden? Welche Niedrigkeiten werde ich Tag für Tag begehen müssen, um dem Leben mit den Zähnen ein kleines Fetzchen Glück zu entreißen?
Sag doch, wen werde ich belügen, wem falsch ins Gesicht Iächeln und an wen mich verkaufen müssen? Bei wem muß ich mich abwenden und ihn sterben Iassen?
Nein, ich bin nicht still! Ich will wissen, was ich tun muß, um glücklich zu werden. Jetzt will ich es wissen, denn ich habe nicht lange Zeit, mich zu entscheiden. Du sagst, das Leben sei schön. Ich möchte jetzt wissen, wie ich es anstellen muß..
(KREON: Liebst du Hämon?)
ANTIGONE; Ja, ich liebe Hämon. Ich liebe einen Hämon, der jung und stark ist, einen Hämon, der anspruchsvoll und treu ist wie ich. Aber ich liebe ihn nicht nach euren Begriffen vom Leben und vom Glück. Wenn er nicht mehr erbleichen darf, wenn ich erbleiche, wenn er mich nicht tot glaubt. wenn ich nur fünf Minuten zu spät komme. wenn er mich nicht mehr haßt und sich allein fühlt, wenn ich Iache, ohne daß er weiß warum. wenn er für mich der Herr Hämon wird und wenn auch er das Jasagen lernen muß - nein - dann liebe ich ihn nicht mehr.
(KREON: Du weißt nicht, was du sagst. Sei still!)
ANT IGONE: 0 doch, ich weiß es sehr gut - aber du verstehst mich nicht mehr. Ich bin zu weit weg von dir - meine Stimme spricht aus einer Welt, die dir mit deinen Sorgenfalten, mit deiner Weisheit und deinem dicken Bauch für immer verschlossen ist. Sie lacht Ah - ich muß lachen, Kreon, ich muß lachen, weil ich mir plötzlich vorstelle, wie du wohl mit fünfzehn ausgesehen hast. Sicher dieselbe machtlose, unfähige Miene und die Einbildung, alles zu können. Das Leben hat dir nur die kleinen Falten und den Speck dazugegeben.“

 

 1781454-a3dd30075af513391806663ffbc33485.jpg
Jean Anouilh (23 juni 1910 – 3 oktober 1987)
Scene uit een opvoering in de Comédie-Française Salle Richelieu in Parijs in 2014

 

 

De Amerikaanse schrijver Richard Bach werd geboren in Oak Park, Illinois op 23 juni 1936. Zie ook alle tags voor Richard Bach op dit blog.

Uit: The Bridge Across Forever

“Then I thought no. The world needs models, people living interesting lives, learning things, changing the music of our time. What do people do with their lives who are not struck down with poverty, crime, war? We need to know people who have made choices that we can make, too, to turn us into human beings. Otherwise, we can have all the food in the world, and so what? Models! We love ‘em! Don’t you think?”
“I suppose,” she said. “But I don’t like that word, model.”
“Why not?” I said, and knew the answer at once. “Were you a model?”
“In New York,” she said, as though it were a shameful se­cret.
“What’s wrong with that? A model is a public example of special beauty!”
“That’s what’s wrong with it. It’s hard to live up to. It frightens Mary Moviestar.”
“Why? What’s she afraid of?”
“Mary got to be an actress because the studio thought she was so pretty, and she’s been afraid ever since that the world is going to find out she isn’t that pretty and she never was. Being a model was bad enough. When you call her a public example of being beautiful, it makes it worse for her.”
“But Leslie, you are beautiful!” I blushed. “I mean, there’s certainly no question that you’re… that you’re… extremely appealing....”
“Thank you, but it doesn’t matter what you say. No matter what you tell her, Mary thinks beauty is an image someone else created for her. And she’s a prisoner of the image. Even when she goes to the grocery store, she should be all done up, just so. If not, somebody is sure to recognize her and they’ll say to their friends, ‘You ought to see her in person! She’s not half as pretty as she’s supposed to be!’ and Mary’s disappointed them.” She smiled again, a little sad. “Every actress in Hollywood, every beautiful woman I know is pretending to be beautiful, she’s afraid the world will find out the truth about her sooner or later. Me, too,”

 

 1781454-06a0d71d0ed1b73345eb0698033f0c35.JPG
Richard Bach (Oak Park, 23 juni 1936)

 

 

De Russische dichteres Anna Achmatova werd geboren in Bolshoi Fontan bij Odessa, 23 juni 1889. Zie ook alle tags voor Anna Achmatova op dit blog.

  

You Will Hear Thunder

You will hear thunder and remember me,
And think: she wanted storms. The rim
Of the sky will be the colour of hard crimson,
And your heart, as it was then, will be on fire.

That day in Moscow, it will all come true,
when, for the last time, I take my leave,
And hasten to the heights that I have longed for,
Leaving my shadow still to be with you.

 

 

Everything

Everything’s looted, betrayed and traded,
black death’s wing’s overhead.
Everything’s eaten by hunger, unsated,
so why does a light shine ahead?

By day, a mysterious wood, near the town,
breathes out cherry, a cherry perfume.
By night, on July’s sky, deep, and transparent,
new constellations are thrown.

And something miraculous will come
close to the darkness and ruin,
something no-one, no-one, has known,
though we’ve longed for it since we were children.

 

 1781454-60bc6c1cb842dff6772999c837b4f9bc.jpg
Anna Achmatova ( 23 juni 1889 - 5 maart 1966)
Portret door Olga Della-Vos-Kardovskaya, 1914

 

 

Onafhankelijk van geboortedata

De Nederlandse dichteres Hanneke van Eijken werd geboren in 1981 in Amersfoort. Zie ook alle tags voor Hanneke van Eijken op dit blog.

 

Vachtloos

Stapvoets leerde ik tussen muren ademen
en ik verlangde steeds minder
naar de mogelijkheden van een open veld

ik droomde zelden van gras
maar steeds vaker van mensen
en van dingen die in huizen passen
op een dag sprak ik een vreemde taal

vaak jaagt nog een kudde
door mijn hoofd, met teerzwarte staarten
ze stampen in het ritme
van een woedende zee

schuimkoppen glimmen
op hun lippen

ik hoef alleen een hek open te zetten, een raam
op een kier te laten, ze naderen
in galop

 

 1781454-8d4d99905f47bd2dd1bc7887842b128e.jpg
Hanneke van Eijken (Amersfoort, 1981)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 23e juni ook mijn blog van 23 juni 2013 deel 2.

Geschreven door Romenu om 18:28 Reageer op dit bericht

Rafik Shami

De Syrisch-Duitse schrijver Rafik Shami werd geboren op 23 juni 1946 in Damascus. Het pseudoniem "Rafik Shami" betekent Damascene vriend. De echte naam van de auteur is Suheil Fadel. Shami stamt uit een christelijke Aramese minderheid in Damascus. Hij bezocht een jezuïetische klooster-kostschool in het noorden van Libanon en studeerde in Damascus scheikunde, wiskunde en natuurkunde. Al met 19 jaar was hij gegrepen door de literatuur en opgericht en in 1966 begon in de oude stad van Damascus de muurkrant Al-Muntalak (Úitgangspunt '), die in 1969 werd verboden. In 1970 vluchtte Rafik Shami uit zijn geboorteland Syrië, eerst naar Libanon, deels om militaire dienst te vermijden, deels omdat hij dreigde "te stikken" vanwege de censuur. In 1971 emigreerde hij naar de Bondsrepubliek Duitsland. Hij bleef scheikunde studeren in Heidelberg en promoveerde in 1979. Hij heeft vele artikelen in tijdschriften en bloemlezingen gepubliceerd, eerst in het Arabisch, sinds 1977 ook in de Duitse taal. In 1978 vershcheen met “Andere Märchen” zijn eerste boek in het Duits. In 1980 was hij mede-oprichter van de literaire groep "South Wind" en de Poli Art Club (= Polynationaler Literatuur en Kunst Association). Sinds 1982 woont hij als freelance schrijver in de Pfalz. Van 1980 tot 1985 was Rafik Shami co-redacteur en auteur van de serie " „Südwind-Literatur“. Shami zet zich al vele jaren voor de verzoening tussen Palestijnen en Israëli's en probeerde bij vele gelegenheden deze te bevorderen, zoals op conferenties en in zijn uitgebreide essayistische werk. Hij bezit zowel het Syrische als het Duitse staatsburgerschap. In 1990 ontmoette hij de tekenares en schrijfster Root Leeb kennen, met wie hij sinds 1991 is getrouwd. Root Leeb ïllustreerde een groot aantal van zijn boeken en ontwierp de covers van alle door DTV uitgegeven boeken. In 2010 verkreeg Shami het gebroeders Grimm hoogleraarschap aan de Universiteit van Kassel. Zijn lezingen gingen over de kunst van het vertellen van verhalen.

Uit: Sophia

“Aida fuhr an diesem Tag besonders unsicher, sie hielt zwar das Gleichgewicht auf dem Fahrrad, aber sie schaute dauernd auf den Lenker, und ihr Vorderrad malte eine Schlangenlinie auf den Boden. Karim ermahnte sie: »Nach vorne schauen, vergiss den Lenker, er folgt sklavisch deinem Blick«, aber ihre Augen richteten sich wie hypnotisiert auf den glänzenden Bügel zwischen ihren Händen.
Es war die Feuertaufe, wie Aida die Fahrt durch die Jasmingasse nannte. Sie trug an diesem Tag weiße Espadrilles, eine blaue Hose und ein rot-weißes Streifenshirt. Ihr langes graues Haar hatte sie zu einem Pferdeschwanz gebunden. Sie geriet immer wieder ins Schlingern und lachte dabei laut, als wollte sie ihr Herzklopfen überspielen. Karim hielt das Fahrrad fest am Sattel.
Es war ein robustes Hollandrad, das er vor dreißig Jahren gebraucht gekauft hatte. Er liebte das Fahrrad und ließ in all den Jahren niemand anderen darauf. Und er hatte sich nie vorgestellt, dass das jemals anders würde, bis ihn Aida vor etwa einem Monat fragte, ob es etwas gebe, was er nicht beherrsche und immer gewünscht habe zu können. Sie waren bereits über ein halbes Jahr zusammen.
»Ein Musikinstrument spielen«, antwortete er und zögerte kurz, »genauer gesagt, meine Lieblingsmelodien mit einer Oud hervorzaubern«, fügte er leise hinzu und schluckte den Rest hinunter: »wie du es kannst«, weil er sicher war, es war zu spät. Er hatte zwar geschickte Hände, aber sie waren bereits über fünfundsiebzig Jahre alt.
Schon als Kind hatte er davon geträumt, doch im Elternhaus war Musizieren verpönt, die wohlhabende Familie besaß zwar ein Radio, und sein Vater hörte neben den Nachrichten und Berichten gelegentlich das eine oder andere Lied oder Musikstück, aber er erlaubte niemandem, zu singen oder Musik zu spielen. Karims Mutter besaß eine wunderschöne Stimme, aber sie sang nur heimlich, wenn der Vater außer Haus war. Als sein Bruder Ismail es einmal wagte, leise die Flöte zu
spielen, die er gekauft hatte, bekam er Prügel. »Das ist Zigeunerzeug«, sagte sein Vater verächtlich.“

 

 1889126-db840d18066a36012cec8f519971e6a6.jpg
Rafik Shami (Damascus, 23 juni 1946)

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Nescio, Juliën Holtrigter, Jaap Robben, Aaro Hellaakoski, Willie Verhegghe, Erich Maria Remarque, Dan Brown

De Nederlandse schrijver Nescio (pseudoniem van Jan Hendrik Frederik Grönloh) werd geboren in Amsterdam op 22 juni 1882. Zie ook alle tags voor Nescio op dit blog.

Uit: De Uitvreter

“Na zes weken kwam hij terug met zes knoopen aan zijn jas en een paar rooie pluche pantoffels aan zijn voeten. Hij weigerde alle opheldering. Waar zijn vischhengel was? Oh, die had i uit den trein laten vallen. Hij was ook nog een keer in 't water gevallen, zei i. Meer liet hij niet los. Blijkbaar had i zich al dien tijd niet laten scheren, hij had een kleur van roode baksteen en een lucht van koemest bij zich. Hij bracht twee pond tabak mee, die niemand rooken kon. Hij was er aan verslaafd en kwam in veertien dagen niet om een sigaar. Toen waren de twee pond op, plus een peukie dat hij ook nog had meegebracht. Toen bleek dat hij nergens in Amsterdam dien tabak kon krijgen. Hij schreef er om naar Friesland, maar kreeg geen antwoord. Hij was er beroerd van. Maar na een paar dagen zag ik hem toch weer bij Bavink zitten met een sigaar in 't hoofd, van Bavink natuurlijk.
Den zomer daarop was Japi weer verdwenen. Toen kwam ik hem tegen op den Boulevard du Nord in Brussel. Mijnheer was piekfijn, glad geschoren, een grijs hoedje, een goudgeel smal zijden dasje, een geruit overhemd, een gordel, een wit flanellen jasje met dunne blauwe streepjes, een witte linnen broek, van onder onberispelijk omgestreken, bruine sokken met witte ruiten, lage schoenen.
Hoe het ging? Patent. Wat hij daar deed? Op en neer loopen van het Gare du Nord naar het Gare du Midi over de boulevards. Of hij zich amuseerde? Uitstekend. Waar hij woonde? In Uccle. Wie hij uitvrat? Hij lachte, maar gaf geen antwoord. In het Maastrichtsche bierhuis op de Place Brouckère dronken wij ettelijke potjes zuur bier, waar hij verzot op was geworden. Eigenlijk dronk hij al die ettelijke potjes op een na, dat ik staan liet. Hij zat weer prinselijk achterover op zijn stoel en dronk met waardigheid en smaak, hield een beschouwing over asphalt, over de groote markt, over het mooie weer, zei toen dat hij naar huis moest en vroeg waar ik logeerde. Dan zou hij mij eens komen opzoeken. Daarna betaalde hij de potjes bier, en liet mij in verbazing achter."

 

 1781058-412de09e477867589b441cbf974f1f7a.jpg
Nescio (22 juni 1882 – 25 juli 1961)

 

 

De Nederlandse dichter Juliën Holtrigter (pseudoniem van Henk van Loenen) werd geboren op 22 juni 1946 in Hilversum. Zie ook alle tags voor Juliën Holtrigter op dit blog.

 

De man met de schaar

De voet van de toren steekt diep in de mythe.
De spits prikte ooit in het vlies van de hemel.
Er lekt nog wat licht uit het gaatje

De treurwilg verbeeldt zich fontein. Zij heeft
meer weg van een paard. Er slapen doden
onder haar manen.
Hier woont de man met de schaar, hij

knipt de wereld in stukken en lijmt haar.
In zijn domein bevraagt hij zijn brein,
hier werkt hij de vreemdste registers
naar binnen, de krankzinnigste lijsten.

Langzaam maar zeker stikt het verhaal
in de taal en wat blijft is
een ijzig soort zwijgen.

 

 

Onverwacht bezoek

God woont ver weg.
Ik heb zelfs zijn honden nooit horen blaffen.
Ik heb van zijn brood gegeten maar ik
verleerde van hem te spreken.

Hij schreef mij nog wel eens en vroeg het
dan weer: waar is je broer?
Wel, zijn Volvo staat hier voor de deur,
zijn groot licht gericht op de hemel.
Hij gaat juist vertrekken.

Van auto's houd ik alleen in de nacht.
Hun harde glans en de kracht van hun
brullende motor, hun draai in
het opspattend grind.

 

 1781058-fe36a5f3e60fa50831114972bd6ca3c7.jpg
Juliën Holtrigter (Hilversum, 22 juni 1946)

 

 

De Nederlandse dichter en theatermaker Jaap Robben werd geboren in Oosterhout op 22 juni 1984. Zie ook alle tags voor Jaap Robben op dit blog.

 

Als ik niet meer thuis kom

Wanneer het morgen
toch ochtend wordt,
blijf dan niet rollen
naar de koude plekken
in ons bed.

Doe gerust
zoals je deed
voor je me kende.

Besmeer een boterham,
schil een appel
op ons stenen aanrecht
en laat een vlieg naar buiten.

Mis me maar niet,
vergeet me
heel voorzichtig.
Je hoeft niet verliefd te blijven
op de stilte.

 

Hoe we buren werden

Waar wij nu staan heette
hier
en de verte noemde men
ginder.

Tot het ineens door lijnen
werd verdeeld
in ons en andermans gras.

Een streep veel dunner nog dan niks
bepaalde dat wij voortaan hetzelfde
en iedereen daar achter,
toch echt heel anders was.

 

 1781058-b18c0f6b41d910254bc02b6256634224.jpg
Jaap Robben (Oosterhout, 22 juni 1984)

 

 

De Finse  dichter, criticus en geograaf Aaro Hellaakoski werd geboren op 22 juni 1893 in Oulu. Zie ook alle tags voor Aaro Hellaakoski op dit blog.

 

A rustling

The odour of all the leaves bursting –
that’s all I know now
in this rustle and flow
of rain. Doors are opening

into the greater art and key:
as things are, just let them be,
chancy, clear,
as the wind is here.

Just now I’m whole, just now
I’m one with every bursting bough.
Summer scenting my mouth and me,
I’m a glint of rain on a tree –

exhaling into the leaves,
and smiling at the huge verve
of a daybreak on the skyline’s curve.
I neither deny nor believe.

 

 

Paradiso

I’m silent as death.
Not a move not a word.
But what’s this I heard?
A wind’s breath –

deep in my being
where no being’s available
The utterly unsayable
is ready for saying ­

openly now
with no fierce
pain. Yes, my wall’s pierced
through and through –

for gladly somewhere
– as no one’s speaking –
a song’s breathing
in dreamers everywhere

 

Vertaald door Herbert Lomas

 

 1781058-d8fddf3cc3b67fbb98af1c052f2f893d.jpg
Aaro Hellaakoski (22 juni 1893 - 23 november 1952)

 

 

De Belgische dichter en schrijver Willie Verhegghe werd op 22 juni 1947 te Denderleeuw geboren. Zie ook alle tags voor Willie Verhegghe op dit blog.

 

Kasseien

Kaalkoppen van steen, met stomheid geslagen,
in de aarde geduwd als kleine doden,
een koude glans als grijnslach om hun bult
die met zijn getuite mond de renners tart

Elke kassei een schok, een steen
op de maag, een naald in dij en kuit.
Renners vloeken, spuwen vlokken schuim
en tuimelen dan als patrijzen met hoofd
en hersens op de hobbelige helleweg.
Die als een omgevallen klaagmuur zucht.

Hun kop staat scheef, beven doen ze
als staat de dood voor hen.

Tanden knarsen, breken tot gruis
dat zich als wit poeder met het bloed
der huiverende helden mengt.

Kasseien: bloedloze keizers van terreur
en harde stenen stilte.

 

 

Shall Life Renew These Bodies?

De gevelde dichter spreekt door moeders keuze
op zijn witte grafsteen, vraagt zich af
wat de wormen met de lijken doen:
zullen zij uit rottend vlees nieuw leven vreten
of blijft de dood doodgewoon zichzelf?

Al deze lichamen blijven ondergronds,
verdwijnen elke dag wat meer en krimpen
tot zij aarde met de aarde zijn.
Het oog draagt zijn laatste traan,
de mond sluit zich zonder woord of klank.

Onder verzepend vlees het koppig bot
dat in zijn witheid waakt en weerstand biedt
aan vocht en duizend kilo grond.
Het geslacht kwijnt weg tot haperende herinnering
aan vuur en vlinders van een ver verleden.

 

 1781058-a85699551059b219f88290977750cdc3.jpg
Willie Verhegghe (Denderleeuw, 22 juni 1947)

 

 

De Duitse schrijver Erich Maria Remarque (pseudoniem van Erich Paul Remark) werd geboren op 22 juni 1898. Zie ook alle tags voor Erich Maria Remarque op dit blog.

Uit: Im Westen nichts Neues

„Ein Einschlag hallt irgendwo. Wir zucken auf, die Augen sind gespannt, die Hände wieder bereit, um die Körper über die Wände des Wagens in den Straßengraben zu werfen.
Es kommt nichts weiter. – Monoton nur die Rufe:»Achtung
– Draht«- wir gehen in die Knie, wir sind wieder im Halbschlaf.
Es ist beschwerlich, die einzelne Laus zu töten, wenn man Hunderte hat. Die Tiere sind etwas hart, und das ewige Knipsen mit den Fingernägeln wird langweilig. Tjaden hat deshalb den Deckel einer Schuhputzschachtel mit Draht über einem brennenden Kerzenstumpf befestigt. In diese kleine Pfanne werden die Läuse einfach hineingeworfen – es knackt, und sie sind erledigt.
Wir sitzen rundherum, die Hemden auf den Knien, den Oberkörper nackt in der warmen Luft, die Hände bei der Arbeit. Haie hat eine besonders feine Art von Läusen: sie haben ein rotes Kreuz auf dem Kopf. Deshalb behauptet er, sie aus dem Lazarett in Thourhout mitgebracht zu haben, sie seien von einem Oberstabsarzt persönlich. Er will auch das sich langsam in dem Blechdeckel ansammelnde Fett zum Stiefelschmieren benutzen und brüllte eine halbe Stunde lang vor Lachen über seinen Witz. Doch heute hat er wenig Erfolg; etwas anderes beschäftigt uns zu sehr.
Das Gerücht ist Wahrheit geworden. Himmelstoß ist da. Gestern ist er erschienen, wir haben seine wohlbekannte Stimme schon gehört. Er soll zu Hause ein paar junge Rekruten zu kräftig im Sturzacker gehabt haben. Ohne daß er es wußte, war der Sohn des Regierungspräsidenten dabei. Das brach ihm das Genick.
Hier wird er sich wundern. Tjaden erörtert seit Stunden alle Möglichkeiten, wie er ihm antworten will. Haie sieht nachdenklich seine große Flosse an und kneift mir ein Auge. Die Prügelei war der Höhepunkt seines Daseins; er hat mir erzählt, daß er noch manchmal davon träumt.“

 

 1781058-e28fb5d31d044c1dc083aa61df492e3e.jpg
Erich Maria Remarque (22 juni 1898 – 25 september 1970)
Scene uit de film “All Quiet on the Western Front” uit 1979

 

 

De Amerikaanse schrijver Dan Brown werd geboren in Exeter, New Hampshire, op 22 juni 1964. Zie ook alle tags voor Dan Brown op dit blog.

Uit:The Davinci Code

“The attacker aimed his gun again. “When you are gone, I will be the only one who knows the truth.”
The truth. In an instant, the curator grasped the true horror of the situation. If I die, the truth will be lost forever. Instinctively, he tried to scramble for cover.
The silencer spat, and the curator felt a searing heat as the bullet lodged in his stomach. He fell forward...struggling against the pain. Slowly, Saunière rolled over and stared back through the bars at his at tacker.
The man was now taking dead aim at Saunière’s head.
Saunière closed his eyes, his thoughts a swirling tempest of fear and regret.
The click of an empty chamber echoed through the corridor.
The curator’s eyes flew open.
The man glanced down at his weapon, looking almost amused. He reached for a second clip, but then seemed to reconsider, smirking calmly at Saunière’s gut. “My work here is done.”
The curator looked down and saw the bullet hole in his white linen shirt. It was framed by a small circle of blood a few inches below his breastbone. My stomach. Almost cruelly, the bullet had missed his heart. As a veteran of La Guerre d’Algérie, the curator had witnessed this horribly drawn out death before. For fifteen minutes, he would survive as his stomach acids seeped into his chest cavity, slowly poisoning him from within.”

 

 1781058-ee4f9ad1a3a02e259515b95934cebe2f.jpg
Dan Brown (Exeter, 22 juni 1964)
Tom Hanks als Robert Langdon in de film uit 2006

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 22e juni ook mijn blog van 22 juni 2014 deel 1 en eveneens deel 2.

Geschreven door Romenu om 18:17 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten