Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 30 maart 2016 tot 31 maart 2016

In Memoriam Imre Kertész

In Memoriam Imre Kertész

De Hongaarse auteur en winnaar van de Nobelprijs voor Literatuur Imre Kertész is op 86-jarige leeftijd overleden. Kertész overleed volgens het Hongaarse staatspersbureau MTI na een lang ziekbed. Imre Kertész werd geboren op 9 november 1929 in Boedapest. Zie ook alle tags voorImre Kertész op dit blog en ook mijn blog van 9 november 2010

Uit: Fateless

“I took my own steps. No one else did. And I remained honest in the end to my given fate. The only stain or beauty flaw, I might say the only incorrectness, that anyone could accuse me of is maybe the fact that we are talking now. But thatis not my doing. Do you want all this horror and all my previous steps to lose their meaning entirely? Why this sudden turn, why this opposition? Why can’t you see that if there is such a thing as fate, then there is no freedom? If, on the other hand,” I continued, more and more surprised at myself and more and more wound up, “if, on the other hand, there is freedom, then there is no fate. That is,” and I stopped to take a breath, “that is, we ourselves are fate.” I recognized this all of a sudden and with such clarity that I had never seen before. I was a little sorry that I was only facing them and not someone more intelligent-let’s say, more worthy opponents. But they were the ones who were here, at that moment, and at any rate they were the ones who had also been there when we were saying good-bye to my father.
They too had taken their steps. They too knew. They too had seen ahead. They too had said good-bye to my father as if we were already hurrying out. Later, all they fought about was whether I should take the local tram or the local bus on the way to Auschwitz. At this point not only Uncle Steiner but also Uncle Fleischmann jumped up. He tried to restrain Uncle Steiner but was no longer able. “What?” he screamed at me, his face crimson-red and his fist beating against his chest. “What? Are we now the guilty ones-we, the victims?” I tried to explain to him: “It’s not that this is a sin. We ought to simply, modestly recognize it for the sake of our honor, so to speak.”
They had to try to understand that they couldn’t take everything away from me. It couldn’t be that I was either the victim or the vanquished, that I couldn’t be right and that I couldn’t have been mistaken, that I was not the reason or the result of anything. I almost begged them to understand this. I couldn’t simply swallow this silly bitterness simply for the sake of be- coming innocent again.”

 

 1896722-3644a1aff8014fd8b6b17ef3406b1e1d.jpg
Imre Kertész (9 november 1929 – 31 maart 2016)

Geschreven door Romenu om 19:14 Reageer op dit bericht

Stefan Hertmans, Octavio Paz, Asis Aynan, Martijn Teerlinck, Marga Minco, Enrique Vila-Matas, Rob Boudestein, Kornej Tsjoekovski

De Vlaamse dichter, schrijver en essayist Stefan Hertmans werd geboren in Gent op 31 maart 1951. Zie ook alle tags voor Stefan Hertmans op dit blog.

 

De overtocht

Het zijn die ogen in de schaduw
die dood gelezen zijn.
Waarheid is een woord met wapens.
Het gaat om angst in de woestijn,
gevleugeld beest uit lang vervlogen eeuwen,
wreedheden flitsend op een zinkend scherm.

Je moet niet met je vinger wijzen,
het was haar moeder die het zei.
Ze stak hem in haar keel,
de boot schokte zich door een storm
die de wereld overspoelde.

Haar vonnis onverstaanbaar,
iets dat zich niet liet schrijven,
een vinger in een bloedend oog,
en naamloos door de jaren drijven.

 

 

Hoe een omelet te bakken zonder het ei te breken

Leg eerst de schalen in een geur -
Aarde en wind, dat wat je bij kinderen vindt
Het dood konijntje bij de achterdeur.

Sluit dan bokaaltjes af,
Adem niet langer
Wees je eigen ruime graf.

Wacht nog een dag of twee.
Je eieren broeden met je mee.

Open de ramen op de derde dag.
Lees psalmen; onthaal je
Weggelopen liefde op en
Zorgeloze lach.

Breek open, vingernagels,
Ruk de ongedachte
Dooier uit je dichtgeknepen palm.

Warm de aarde met je hand.
Wacht nu het bakken af,
en roer, roer, roer

Tot diep in je schaalomhulde nacht.

 

 1896714-44201ba50eb39912453bb5e0e8150096.jpg
Stefan Hertmans (Gent, 31 maart 1951)

 

 

De Mexicaanse schrijver, dichter, en diplomaat Octavio Paz werd geboren op 31 maart 1914 in Mixcoac, tegenwoordig een deel van Mexico-stad. Zie ook alle tags voor Octavio Paz op dit blog.

 

Across

I turn the page of the day,
writing what I'm told
by the motion of your eyelashes.

I enter you,
the truthfulness of the dark.
I want proofs of darkness, want
to drink the black wine:
take my eyes and crush them.

A drop of night
on your breast's tip:
mysteries of the carnation.

Closing my eyes
I open them inside your eyes.

Always awake
on its garnet bed:
your wet tongue.

There are fountains
in the garden of your veins.

With a mask of blood
I cross your thoughts blankly:
amnesia guides me
to the other side of life.

 

The Street

Here is a long and silent street.
I walk in blackness and I stumble and fall
and rise, and I walk blind, my feet
trampling the silent stones and the dry leaves.
Someone behind me also tramples, stones, leaves:
if I slow down, he slows;
if I run, he runs I turn : nobody.
Everything dark and doorless,
only my steps aware of me,
I turning and turning among these corners
which lead forever to the street
where nobody waits for, nobody follows me,
where I pursue a man who stumbles
and rises and says when he sees me: nobody.

 

 1896714-f3a31e64c2e75fd8df53417dde743ed6.jpg
Octavio Paz (31 maart 1914 – 19 april 1998)

 

 

De Nederlandse schrijver Asis Aynan werd geboren in Haarlem op 31 maart 1980. Zie ook alle tags voor Asis Aynan op dit blog.

Uit:Hoe Nederlandse Marokkanen hun identiteit verkwanselden (Essay)

“Mijn vader was een arbeidsmigrant, zoals velen; halverwege de jaren zestig van de vorige eeuw kwam hij naar Nederland. Hij was het kleinkind van iemand die weigerde tegen de bezetter te vechten, bijna een eeuw geleden. De Spanjaard had zich de Noord-Marokkaanse Rif-regio toegeëigend. De Riffijnen kwamen in opstand. Het leidde tot de Rifoorlog (1921-1926), de oorlog die generaal Franco voorbereidde op het dictatorschap van Spanje.
Mijn overgrootvader wilde de wapens niet opnemen tegen de Spaanse soldaten en moest met zijn gezin vluchten. Was hij bang, een pragmaticus, pacifist, deserteur? De reden is mij onbekend. De vrijheidsstrijders bestempelden zijn houding in ieder geval als verraad.
Dwars door de familie liep een breuklijn, want de vader van mijn overgrootvader had wel tegen de Spaanse bezetter gevochten, wat hij met de dood moest bekopen. Hij kwam om het leven tijdens een vuurgevecht in het dorp Tazaghine. Waar mijn betovergrootvader begraven ligt weet niemand - we denken in een massagraf. Zijn vrouw trouwde viermaal, niet omdat ze een mannenverslindster was, maar de oorlogsmachine verzwolg ze.
Mijn overgrootvader vluchtte naar een heuvelrijk gebied met de mythische naam M'hajer. Daar was het veilig, maar het land was moeilijk te bewerken en weinig vruchtbaar, waardoor mijn vader onder miserabele omstandigheden opgroeide. Hij werd rond 1940 geboren; de hongerjaren. Hij verloor zes broertjes en zusjes door honger en armoede. De jongste was een paar maanden oud, de oudste zestien jaar.”

 

 1896714-c3e3c858fb1ffb231933dba474519521.jpg
Asis Aynan (Haarlem, 31 maart 1980)

 

 

De Vlaamse dichter en muzikant MartijnTeerlinck werd geboren op 31 maart 1987 in Lendelede. Zie ook alle tags voor Martijn Teerlinck op dit blog.

 

ZEGSWIJZE
 
wat ik doe bestaat alleen hierin,
dat ik mijn naam op veel manieren uitspreek
 
ik ben de zegswijze van deze tijd
dus wat mij recht in het gezicht gezwegen wordt
 
schep ik rond en rood en open ik
mijn woorden zijn een lange aderlating
 
uit mijn vaten stroomt mijn bloei
en ik praat slechts in vormen van wind

 

 1896714-c2c5960c6b7295183ddb48ae0b560592.jpg
Martijn Teerlinck (31 maart 1987 – 10 december 2013)

 

 

De Nederlandse schrijfster en journaliste Marga Minco, pseudoniem van Sara Minco, werd geboren in Ginneken op 31 maart 1920. Zie ook alle tags voor Marga Minco op dit blog.

Uit: Het bittere kruid. Zes fragmenten uit een kleine kroniek

“Het begon op een dag, dat mijn vader zei: ‘We gaan eens kijken of iedereen er weer is’. We waren een paar dagen weg geweest. De hele stad had moeten evacueren. In aller ijl hadden we een koffer gepakt en ons geschaard in de eindeloze rijen mensen die de stad uittrokken in de richting van de belgische grens. Bettie en Dave zaten toen in Amsterdam. ‘Die merken nergens iets van’, zei mijn moeder.
Het was een lange, gevaarlijke tocht. We vervoerden de koffer op een fiets. Aan het stuur hingen volgepropte tassen. Bomscherven en mitrailleurkogels vlogen over onze hoofden. Soms werd er iemand getroffen; dan bleef er een groepje achter. Vlak bij de belgische grens vonden wij bij boeren onderdak. Na twee dagen zagen we de bezettingstroepen al over de landweg rijden en enkele uren later trokken de evacué's weer naar de stad terug. ‘Het gevaar is geweken’, kwam een stadgenoot ons vertellen en wij gingen mee.
Thuis was alles nog zoals we het verlaten hadden. De tafel stond nog gedekt. Alleen de klok was stil blijven staan. Mijn moeder gooide meteen de ramen open. Aan de overkant hing een vrouw haar dekens over het balkon. Ergens anders klopte iemand zijn kleden uit alsof er niets gebeurd was.
Ik ging met mijn vader de straat op. Naast ons stond de buurman in zijn voortuin. Hij liep naar het hekje toen hij mijn vader aan zag komen.
‘Hebt u ze gezien?’ vroeg hij. ‘Dat is niet mals, hè?’
‘Nee’, zei mijn vader, ‘ik heb nog niets gezien. We gaan eens kijken’.
‘De hele stad wemelt er van’, zei de buurman.
‘Dat zal wel’, zei mijn vader, ‘Breda is een garnizoensstad, daar kun je zoiets verwachten’.
‘'t Zal mij benieuwen’, zei de buurman, ‘hoe lang ze het hier houden’.
‘Niet lang, dat verzeker ik u’, meende mijn vader.”

 

 1896714-d810035430d5801a0910bfda3a48d1e0.jpg
Marga Minco (Ginneken, 31 maart 1920)

 

 

De Spaanse schrijver Enrique Vila-Matas werd geboren in Barcelona op 31 maart 1948. Zie ook alle tags voor Enrique Vila-Matas op dit blog.

Uit: Bartleby & Co. (Vertaald door Jonathan Dunne)

«I laughed a lot while reading this novel, I am still laughing.
Right now, for example, I laugh while I write because it occurs to me that I am a scrivener. To fix the image better in my mind, I take one of Robert Walser's books and pick a sentence at random, which I copy down: "Over the now darkened landscape treks a solitary figure." I copy this sentence down and proceed to read it aloud with a Mexican accent, and chuckle softly to myself. And this reminds me of a story of copyists in Mexico: that of Juan Rulfo and Augusto Monterroso; for years they worked as clerks in a gloomy office where, as I understand, they behaved like pure Bartlebys, always afraid of their boss who was in the habit of shaking hands with his employees at the end of each day's work. Rulfo and Monterroso, copyists in Mexico City, would frequently hide behind a pillar because they thought that what their boss wanted was to say goodbye to them for good.
This fear of a handshake now brings to mind the story of the composition of Pedro Paramo, which its author, Juan Rulfo, explained in the following terms, revealing his human condition as a copyist: "In May I954 I bought a school exercise book and jotted down the first chapter of a novel which for years had been taking shape inside my head [ ... J. I still do not know where the intuitions that gave rise to Pedro Paramo came from. It was as if someone dictated it to me. Suddenly, in the middle of the street, an idea would occur to me and I would note it down on scraps of green and blue paper."
After the success of the novel that he wrote as if he were a copyist, Rulfo wrote nothing else in thirty years.”

 

 1896714-e684b1c3f302cee80a8d6a502de2901a.jpg
Enrique Vila-Matas (Barcelona, 31 maart 1948)

 

 

De Nederlandse dichter Rob Boudestein werd geboren op 31 maart 1947 in Den Haag. Zie ook alle tags voor Rob Boudestein op dit blog.

 

Groeten uit Drenthe (Groeidicht)

1
Vandaag weer eens de fiets bestegen
Dat hoefde nou niet zo voor mij
Maar verder valt het hier niet tegen

2
Vandaag weer eens de fiets bestegen
(Hier dé manier van voortbewegen)
Een bos gezien en heel veel hei
Dat hoefde nou niet zo voor mij
Natuur was dat niet iets voor legen?
Nou ja, de dag is weer voorbij
Maar verder valt het hier niet tegen

3
Vandaag weer eens de fiets bestegen
Zij wou graag naar een reuzenkei
En fietsen is naar men mij zei
Hier dé manier van voortbewegen
Een bos gezien en heel veel hei
Dat hoefde nou niet zo voor mij
Natuur was dat niet iets voor legen?
Nou ja, de dag is weer voorbij
Vanavond iets van balkenbrij
En morgen zwaarbewolkt met regen
Maar verder valt het hier niet tegen

 

 1896714-aa792e42d8ffcbda0f059a777021549f.jpg
Rob Boudestein (Den Haag, 31 maart 1947)
 

 

De Russische essayist, criticus en schrijver Kornej Ivanovitsj Tsjoekovski werd geboren in Sint-Petersburg op 31 maart 1882. Zie ook alle tags voor Kornej Tsjoekovski op dit blog.

 

Crocodile (Fragment)
(an old tale)

All trembling from fear,
All fear squeal.
Only one
Citizen
Not screamed,
I was not trembling -
This valiant Vanya Vasilchikov.

He is a fighter,
Well done,
He is a hero
Dashing:
He had no nanny walks through the streets.

He said, "You villain,
Devour people,
So this is my sword
Your head from your shoulders!" -
And swung his saber toy.

And said the Crocodile:
"I've won!
Do not destroy me, Vanya worked!
Pity you my crocodiles!
The crocodiles in the Nile splashing,
With tears me waiting,
Let me go to the kiddie, Vanya,
I will give you branicka".

Replied Ivan worked:
"Though I pity your crocodiles,
But you, bloodthirsty vermin,
I'm chopped up as beef.
Me, glutton, to spare you nothing:
A lot of meat you ate human".

And said the Crocodile:
"All that I swallowed,
I give back to you with joy!"

 

 1896714-6db13429a8d7f343dfafdcdd57ae0933.jpg
Kornej Tsjoekovski (31 maart 1882 – 28 oktober 1969)
Portret door Isaak Brodsky, 1915

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 31e maart ook mijn blog van 31 maart 2015 en ook mijn blog van 31 maart 2013 deel 1 en eveneens deel 2 en ook deel 3.

Geschreven door Romenu om 18:42 Reageer op dit bericht

Gerrit Komrij, Paul Verlaine, Milton Acorn, Erika Mitterer, Uwe Timm

De Nederlandse dichter, schrijver, criticus, polemist en toneelschrijver Gerrit Komrij werd geboren op 30 maart 1944 in Winterswijk. Zie ook alle tags voor Gerrit Komrij op dit blog.

 

Terribilità

De jongen is een grijze filosoof.
De knieën zijn de zetel van de wijsheid.
De Noordpool herbergt menige korenschoof.
In de Sahara heerst de grote ijstijd.

Een padvinder beheert het labyrint.
De sfinx kijkt vol begrip de wereld in.
De hemelgod is een driejarig kind.
De wereldondergang is het begin.

De olifant danst op het slappe koord.
De stier is meer dan zeven maanden drachtig.
De veldmuis heeft een tijgerkat vermoord.
De seksualiteit is mooi en prachtig.

 

 

In dit ondermaanse

Ik ben nog jong. Een ijsbaan is het leven.
De benen zweven en de zinnen zweven.
Vioolmuziek klinkt uit een megafoon.

De sneeuw maakt van de wereld een stilleven.
Ik tintel en ik draag een koningskroon.
Door eigen krachten word ik aangedreven

En vrienden zeilen schaterend voorbij.
Het is in hartje winter volop mei.
We schaatsen op een vloer van porselein

En slaan de dagen stuk om aan het end
Te stoppen bij de koek- en zopietent
Waar zure melk en bitterkoekjes zijn.

 

 

De monumenten 4

Gebouwen zijn aandoenlijk als ruïne,
Hun ziel ligt bloot. Paleizen, kerken, banken,
Geen sterveling die weet waartoe ze dienen.
Je hoort dus overal de luide klanken

Van tuba en trompet en mandoline
En ziet er mensen langs de straten trekken
Met feestgetoeter en plezier voor tienen.
Dit is een stad van louter lachebekken.

Hun meester is de Dood. Wat kan ze deren?
Wie maakt zich druk om eer en geld verdienen?
Ze dansen tot de ochtend, en verteren
Veel spijs en rijnwijn, waarna aspirine.

 

 1896315-78e7278adef8a64dcff4310c1ad12326.jpg
Gerrit Komrij (30 maart 1944 - 5 juli 2012)
In Vila Pouca da Beira, Portugal, 1994

 

 

De Franse dichter Paul Marie Verlaine werd geboren in Metz op 30 maart 1844. Zie ook alle tags voor Paul Verlaine op dit blog.

 

Impression de printemps

Il est des jours - avez-vous remarqué ? -
Où l'on se sent plus léger qu'un oiseau,
Plus jeune qu'un enfant, et, vrai ! plus gai
Que la même gaieté d'un damoiseau.

L'on se souvient sans bien se rappeler...
Évidemment l'on rêve, et non, pourtant.
L'on semble nager et l'on croirait voler.
L'on aime ardemment sans amour cependant

Tant est léger le coeur sous le ciel clair
Et tant l'on va, sûr de soi, plein de foi
Dans les autres, que l'on trompe avec l'air
D'être plutôt trompé gentiment, soi.

La vie est bonne et l'on voudrait mourir,
Bien que n'ayant pas peur du lendemain,
Un désir indécis s'en vient fleurir,
Dirait-on, au coeur plus et moins qu'humain.

Hélas ! faut-il que meure ce bonheur ?
Meurent plutôt la vie et son tourment !
Ô dieux cléments, gardez-moi du malheur
D'à jamais perdre un moment si charmant.

 

 

En bateau

L'étoile du berger tremblote
Dans l'eau plus noire et le pilote
Cherche un briquet dans sa culotte.

C'est l'instant, Messieurs, ou jamais,
D'être audacieux, et je mets
Mes deux mains partout désormais !

Le chevalier Atys, qui gratte
Sa guitare, à Chloris l'ingrate
Lance une oeillade scélérate.

L'abbé confesse bas Eglé,
Et ce vicomte déréglé
Des champs donne à son coeur la clé.

Cependant la lune se lève
Et l'esquif en sa course brève
File gaîment sur l'eau qui rêve.

 

 

Wundersame Dämmerung

Erinnerung in Dämmerlicht verglühend
Zittert und loht am fernen Himmelsrand
Der Hoffnung, die geheimnisvoll bald fliehend
Bald wachsend flammt, wie eine Scheidewand.
Wie mancher Blume farbenbunt Gewand,
Wie Dalie, Tulpe, Lilie erblühend,
Ein Gitter rings umrankend und umziehend
Mit gift'gem Hauch, der all mein Wesen bannt;
Voll schweren Wohlgeruchs, der zu mir fand,
Aus Dalie, Tulpe, Lilie erblühend,
Ertränkend Seele, Sinne und Verstand,
Bis mich mit schwerer Ohnmacht übermannt
Erinnerung in Dämmerlicht verglühend.


Vertaald door Graf Wolf von Kalckreuth

 

 1896315-77613e79a47558b8fedf1a211bbd7b40.jpg
Paul Verlaine (30 maart 1844 - 8 januari 1896) 
Portret door Frédéric Bazille, 1868

 

 

De Canadese dichter Milton James Rhode Acorn werd geboren op 30 maart 1923 in Charlottetown, Prince Edward Island.Zie ook alle tags voor Milton Acorn op dit blog.

 

Callum
In memory of a novice miner

He had hair like mustard-weed;
shoulders a scoop;
eyes a lake you see the rocks on bottom;
and his voice swung a loop
with music in what it said
that tangled inside your head.

“Callum” was his name
— pronounced as if he’d sign it on the sun.
From “The Island” he came:
don’t know which one.

We dropped to work in our cage,
hearts somewhere behind on a parachute.
That pusher was cute
— saw him a guy who’d count doing right important,
put him at a hard job beside a well
. . . a hundred and forty feet,
and he fell.

Look anywhere:
at buildings bumping on clouds,
at spider-grill bridges:
you’ll see no plaque or stone for men killed there:
         but on the late shift
the dill I’m bucking bangs his name in code
. . . “Callum”:
though where “The Island” is I’ll never know.

 

 1896315-30d1d8acab4c0f4d6d79054c90ff1bab.jpg
Milton Acorn (30 maart 1923 – 20 augustus 1986)
Cover 

 

 

De Oostenrijkse schrijfster en dichteres Erika Mitterer werd geboren op 30 maart 1906 in Wenen. Zie ook alle tags voor Eika Mitterer en voor E. Mitterer op dit blog.

 

Anemonen

Wo keine Menschen mehr wohnen,
sommers erst weidet das Vieh,
blühn jetzt die Anemonen,
und die meisten sehn das nie.

Braun ist das Gras zwischen weißen
Flecken des Schnees, der sich hält,
ob auch die Sonne mit heißen
Küssen ihn wild überfällt.

Aber die hellwachen Quellen
brausen, im Glückstaumel taub,
über den Fels und zerschellen,
tausendfarbiger Staub.

Zwischen den rötlichen Moosen,
Steinen von silberner Schicht,
glänzen die Winterrosen,
wendet sich Krokus zum Licht.

Größere, klarere Kelche,
seidig um güldenes Herz,
trinken die Sonnenglut, welche
schmeckt wie nach Feuer und Erz!

Außen vom Vließe umgeben,
das sie vor Nachfrost bewahrt:
Sternisch-vergeistetes Leben,
tierisch erwärmt und behaart ...

Ruht, wo die Menschen nicht wohnen,
Gottes schon weltmüder Blick?
Offene Berganemonen
geben ihn strahlend zurück.

 

 1896315-fa0ad9a0ce52640fcca89d4a64aaee9d.jpg
Erika Mitterer (30 maart 1906 – 14 oktober 2001)
Anemonen in een vaas door Claude Monet, 1885

 

 

De Duitse schrijver Uwe Timm werd geboren op 30 maart 1940 in Hamburg. Zie ook alle tags voor Uwe Timm op dit blog.

Uit: Vogelweide

„Er rief die Behörde an, sagte, eine Freundin, eine sehr enge, wie er betonte, komme ihn für zwei Tage besuchen. Stattgegeben, sagte der Behördenleiter und fragte, ob sonst alles in Ordnung sei. Besucher auf der Insel sind nur in den Sommermonaten erlaubt, als Gruppe, hin und wieder, und nur für eine Stunde, wenn sie sich vorher angemeldet haben. Jetzt im Herbst kam, von Bauer Jessen abgesehen, der einmal in der Woche Post und Proviant brachte, niemand mehr.
Er setzte sich an den sorgfältig gedeckten Tisch, Besteck und Serviette lagen neben dem Teller. Es waren die kleinen Rituale, die in der Einsamkeit Halt gaben. Vor Jahren hatte er auf dem Athos im Bergkloster Dionysiou einen Eremiten getroffen, der sich von den Mönchen Gemüse und Obst holte. Er hatte den frommen Mann nach seinem Tagesablauf befragt, und der hatte bereitwillig erzählt, was ein aus Deutschland stammender Novize übersetzte: vom Aufstehen mit der Sonne, dem Beten, wenn er die Stundentrommel aus dem fernen Kloster hörte, vom Fegen der Höhle mit einem Reisigbesen, vom Essen des Brots, des Käses, der Oliven, dem Trinken des Wassers und vom abermaligen Beten. Es war der Zeitplan eines Beamten, man konnte es so sehen: ein Mann, der das Heilige hienieden verwaltete.
Und so hielt auch er seinen Tagesablauf, der zudem noch von seinen Pflichten als Vogelwart bestimmt war, strikt ein, die Ordnung in dem Raum, das Bettenmachen, Fegen, die Zeiten des Essens, des Abwaschens, und gestand sich keine Lässlichkeit zu. Jetzt, vor dem Teller mit dem Brot und dem in der Zwischenzeit kalt gewordenen Tee sitzend und an den Anruf denkend, an ihre Stimme und die Ankündigung zu kommen, wich die Überraschung und erste Freude einem Zögern. Einen Moment lang versuchte er sich einzureden, dass die umständliche Anreise sie abhalten würde, aber dann musste er sich sagen, dass dreimaliges Umsteigen bei ihrer Entschiedenheit kein Grund war, nicht zu kommen, wenn sie sich den Besuch einmal in den Kopf gesetzt hatte.“

 

 1896315-5354fd08de1a79ae737ad13d6ff0efa2.jpg
Uwe Timm (Hamburg, 30 maart 1940)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 30e maart ook mijn blog van 30 maart 2014 deel 2 en eveneens deel 3.

 

Geschreven door Romenu om 18:44 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten