Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 31 maart 2016 tot 1 april 2016

Milan Kundera, Sandro Veronesi, Nikolaj Gogol, Arnold Aletrino, Max Nord, Urs Allemann, Rolf Hochhuth, John Wilmot

De Tsjechische schrijver Milan Kundera werd geboren in Brno op 1 april 1929. Zie ook alle tags voor Milan Kundera op dit blog.

Uit: De ondraaglijke lichtheid van het bestaan (Vertaald door Jana Beranová)

“Hoe kwam het dat ongesteldheid bij een hond haar vervulde met vrolijke tederheid, terwijl haar eigen ongesteldheid haar misselijk maakte? Het antwoord lijkt me gemakkelijk: de hond is nooit uit het paradijs verstoten. Karenin weet niets van een dualiteit tussen lichaa­m en ziel en weet niet wat walging betekent. Daarom voelt Tereza zich zo prettig en rustig met hem. (En daarom is het zo gevaarlijk een dier te veranderen in een machina animata en een koe in een automaat om melk te produceren: de mens verbreekt daardoor de draad die hem aan het paradijs bond, en in zijn vlucht door de leegte van de tijd kan niets hem meer stoppen of troosten.)
Uit deze warboel van denkbeelden ontkiemt de heiligschennende gedachte die ze niet van zich af kan zetten: de liefde die haar aan Karenin bindt is beter dan die tussen haar en Tomas. Beter, niet groter. Tereza wil Tomas noch zichzelf de schuld geven, ze wil niet beweren dat ze meer van elkaar zouden kunnen houden. Ze vindt eerder dat een mensenpaar zo geschapen is dat hun liefde a priori van een slechtere soort is dan (althans in het beste geval) de liefde die kan bestaan tussen een mens en een hond, het bizarre in de geschiedenis der mensheid dat door de Schepper waarschijnlijk niet was gepland.
Die liefde is onbaatzuchtig: Tereza wil niets van Karenin. Ze vraagt niet eens liefde. Nooit heeft ze zich de vragen gesteld die mensenparen kwellen: houdt hij van me? Heeft hij ooit van iemand anders meer gehouden dan van mij? Houdt hij meer van mij dan ik van hem? Misschien dat al deze vragen naar liefde, die liefde meten, doorgronden, onderzoeken, verhoren, haar tegelijkertijd in de kiem smoren. Misschien zijn we juist daarom niet in staat liefde te geven, omdat we ernaar verlangen liefde te krijgen, dat wil zeggen dat we steeds iets (liefde) van de ander willen in plaats van hem te benaderen zonder eisen en niets anders te willen dan zijn aanwezigheid. En dan nog iets: Tereza accepteerde Karenin zoals hij was, ze wilde hem niet naar haar eigen beeld veranderen, ze was het bij voorbaat eens met zijn hondenwereld, ze wilde hem die niet afnemen, ze was niet jaloers op zijn geheime avonturen. Ze voedde hem niet op om hem te herscheppen (zoals een man zijn vrouw en een vrouw haar man herscheppen wil), maar alleen om hem de elementaire taal te leren die het mogelijk maakte elkaar te begrijpen en met elkaar te leven.”

 

 1897091-232213e9603d8608d05dff45389ae07b.jpg
Milan Kundera (Brno, 1 april 1929)

 

 

De Italiaanse schrijver Sandro Veronesi werd geboren in Florence op 1 april 1959. Zie ook alle tags voor Sandro Veronesi op dit blog.

Uit: Die Berührten (Vertaald door Michael von Killisch-Horn

„Sein Geruchssinn war bereits wach genug, um ihn mit einem Mistgestank zu quälen. Das Morgenlicht brach sich Bahn durch die zarten Lider, die sich langsam hoben wie zwei Zwillingsleinwände, über welche die letzten Bilder des Traums liefen, der auf sie projiziert worden war. Zunächst hatte er Mühe, die Kokosnuss zu erkennen, die neben sei-nem formlosen Körper auf der Bettdecke lag. Unmöglich, dachte er und schloss schnell wieder die Augen.
Doch es war so, er musste sich damit abfinden. Aufgrund einer Reihe überraschender Enthüllungen war er gezwun-gen, die hässliche Realität dieses Morgens zu akzeptieren: Eine Kokosnuss lag neben ihm auf dem Bett; unter der Decke hatte er vollständig angekleidet geschlafen, mit Jacke und Schuhen. Besonders die Schuhe mit ihren dicken Profilsohlen aus Gummi hatten zwischen den Laken eine nichts Gutes verheißende braune Substanz verteilt. Das Telefon war auf den Boden gefallen, der Hörer, aus dem das Besetztzeichen drang, lag daneben, und irgendwo im Zim-mer summte eine Fliege. Das Zimmer war jedenfalls seins, dasjenige, in dem Mète seit sechs Monaten bis zu diesem Morgen ziemlich regelmäßig jeden Tag im Herzen Roms aufgewacht war. Reglos, außerstande, im Augenblick auch nur einen Finger zu bewegen, beschränkte er sich darauf, seine Aufmerksamkeit auf diese befremdliche Situation zu richten, die sich immer deutlicher als Folge von etwas erwies. Aber noch gelang es ihm nicht, sich zu erinnern wovon und sich den Grund für die heftigen Gewissensbisse zu erklären, die ihn jetzt quälten.
Das Erste, was er zu tun vermochte, war, den Hörer an sein Ohr zu führen, mit der zeitlupenhaften Langsamkeit eines Astronauten in der Leere des Alls. Als wie üblich Radio Vatikan aus dem Hörer tönte (es musste die Stimme des Papstes sein, die mit dem Besetztzeichen rivalisierte), war er erleichtert. Er blieb noch etwas liegen und lauschte heili-gen Worten, um seinen ganzen Mut zusammenzunehmen und aktiv zu werden.
Und jede Menge Mut brauchte er, um sich jeder einzelnen dieser Folgen zu stellen. Er zog unverzüglich die Schuhe aus und stellte sie aufs Fensterbrett. Wütend riss er Laken und Decken vom Bett, knüllte sie zusammen und schleuderte das Knäuel, fest entschlossen, es nie mehr anzurühren, in die entfernteste Ecke des Zimmers.“

 

 1897091-14e35a8c9c9b94eb1e61a2e8c5286efe.jpg
Sandro Veronesi (Florence, 1 april 1959)

 

 

De Russische schrijver Nikolaj Vasiljevitsj Gogol werd geboren in Poltawa, Oekraïne, op 1 april 1809. Zie ook alle tags voor Nikolaj Gogol op dit blog.

Uit: De revisor (Vertaald door Charles B. Timmer)

“Inspecteur van de scholen.
Groote God! en nog wel met geheime orders!
Burgemeester.
't Is of ik er een voorgevoel van gehad heb: 'k heb van nacht telkens gedroomd van twee ongewoon groote ratten. Waaracbtig. 'k had nog nooit zulke groote beesten gezien; zwart en onnatuurlijk groot! Ze kwamen. snuffelden hier en daar rond - en verdwenen weer . . . Apropos. ik zal u den briet voorlezen,dien ik zooeven van Andrèj Iwánowitsj Tsjmijchow ontving - u kent hem. Artémij Filippowitsj. Hoor. wat hij schrijft: „Geliefde vriend, peetoom en weldoener. . ." Hm! {hij mompelt voor zich heen en vliegt met de oogen dan brief door) je te berichten . . ." 0 ja. hier! . . . ‚.ik haast me je te berichten. dat zooeven een ambtenaar hier is aangekomen met het bevel. het heele gouvernement te inspecteeren, maar voornamelijk. Ons district. (Hij heft gewichtig den vinger op.) Ik heb dit bericht uit zeer betrouwbare bron vernomen; hij doet zich incognito voor. Aangezien ik weet. dat jij als ieder sterveling kleine tekortkomingen op je geweten hebt, omdat je als verstandig man je niet graag laat ontglippen. wat je in de band komt zwemmen . . . hm . . {hij houdt even op) nu... en hier... ..raad ik je aan je maatregelen te nemen: bij kan elk oogenblik komen. indien hij er al niet is en ergens incognito zijn intrek heeft genomen . . . Gisteren heb ik…”
Nu. hier volgen tarnílìeaangelegienheden . . . ‚,mijn zuster Anna Kirilowna is gisteren met haar man bij ons komen logeeren: Iwan Kirilowitsj is erg dik geworden en doet niets dan vioolspelen nu. . . enz. enz. . . . Zoo staan de zaken.
Rechter. Een merkwaardige geschiedenis. een hoogst merkwaardige geschiedenis. Daar steekt wat achter.
Schoolinspecteur. Weet u Anton Antonowitsi. waarom de revisor ons op 't dak wordt gestuurd?
Burgemeester. Waarom... ja! Dat zijn nu eenmaal de beschikkingen van het lot! ( Hij zucht.) Tot nu toe zijn goddank andere steden daarmee bezocht geworden. nu komen wij aan de beurt.
Rechter. Weet u. wat ik geloof. Anton Antonowitsi. dat 't een leep overlegd geheim is - een politiek geheim. Ik wil er dit mee zeggen . . . Rusland . . . ja. ja. Rusland wil oorlog voeren en nu stuurt het ministerie een ambtenaar uit. om te weten te komen. of hier ook verraders zijn.”

 

 1897091-146b7670be62b1d9deb78736f18d96da.jpg
Nikolaj Gogol (1 april 1809 – 4 maart 1852)
Scene uit een opvoering in Dortmund, 2014 

 

 

De Nederlandse schrijver Arnold Aletrino werd geboren in Amsterdam op 1 april 1858. Zie ook alle tags voor Arnold Aletrino op dit blog

Uit: Uit ’t leven

“Ze zaten in een hoekje van de restaurant. Om hen heen was de zaal ongemerkt leeg-geruimd, de tafels en stoelen waren eenzaam terug-gelaten onder 't helle licht. In de uitgemoeide rust van het late avond-uur suisde een doffe stilte onder de hooge zoldering, waarin het sleepend loopen van een kellner even een zacht geluid trok; ver over-luidend in de roerlooze warmte brak telkens een week getinkel van borden en glazen die werden weggedragen en daarna hing de lichtende stilte weer onbewegelijk, week neergespreid onder de vaag-doffe geluiden die van de straat naar binnen loomden.
Na 't eten waren ze blijven doorpraten zonder te letten op wat rondom hen gebeurde, recht-over-leunend boven hun tafel naar elkaar, niet wetend de uren die voortgleden boven hun hoofd in de intieme warmte in hun weggeschuild hoekje.
In jaren hadden ze elkaar niet gezien. Ze waren samen student geweest, ze waren weggedwaald van elkaar en hadden elkaar teruggevonden vol gegroeid in hun kracht, man geworden uit de laatst-gebleven-herinnering van hun jong zijn. Zij hadden zitten praten over de dagen van hun jeugd, verre beelden van vroeger, ze hadden hun leven verteld in den tijd toen zij weg waren van elkaar, alles wat gebeurd was in de ongemerkte wisseling der jaren over hun leven. En ze zaten zwijgend, napeinzend de laatste woorden die ze gesproken hadden in de stilte.
Toen op eens zei de jongste: ‘of ik pleizier heb in mijn metier? 't Is 't eenige dat ik zou willen doen, 't eenige dat ik weêr zou kiezen wanneer ik mijn leven moest over beginnen. Ik zou niet graag iets anders willen zijn dan dokter, niettegenstaande alle ellende, alle beroerdheid die je er in hebt. Ik heb 't gevoeld van den eersten dag af toen ik zieken heb gezien en 't is blijven hangen over mijn leven als een zacht-zware neveling van grijsheid die mij mijn pleizier van 't leven heeft neergedrukt. In de eerste jaren toen ik assistent was in 't ziekenhuis, dacht ik altijd dat 't wel zou wennen wanneer ik later in de praktijk zou zijn. 't Was daar in 't gasthuis ook een concentratie van misère, altijd en altijd ellende om je heen.”

 

 1897091-53f230b73579bd6ec6be9a3625eb7741.jpg
Arnold Aletrino (1 april 1858 - 17 januari 1916)
Portret door Jan Veth, 1885 

 

 

De Nederlandse dichter en journalist Max Nord werd geboren in Gorinchem op 1 april 1916. Zie ook alle tags voor Max Nord op dit blog.

 

Soms droomt zij nog ...

Soms droomt zij nog als zij is opgestaan
zoals een kind kan dromen zonder spijt
ooit te ontwaken en de wereld in te gaan
vol tegenslag, verweer en bitterheid.

Stil staat zij voor mij en ik strik haar schort,
ik streel haar hand en fluister in haar oor,
dan zie ik hoe zij langzaam wakker wordt
en lacht en wat verlegen is daardoor.

Wat weet zij van de wereld en van mij
dan dat ik als die wereld ben zo groot?
Ach, dat zij wordt als ik, ik was al zij,
dat zij die droom van mij heeft en haar dood.

Niet dat zij weten zou hoe 't haar zal gaan,
dat eens de liefste snikken zal en bang
zal liggen in haar bed en dat een traan,
veel tranen vallen zullen op haar wang.

Kom als ik sterf weer voor mij staan en droom,
dan streel ik zacht je kleine hand en fluister
iets van je schort, je strikken en je schroom
en lach je tegen mij en wordt het eindlijk duister.

 

 1897091-88247415e94a2d68148b1b750008dd58.jpg
Max Nord (1 april 1916 - 28 februari 2008)
Cover van  Le Grand Meaulnes

 

 

De Zwitserse schrijver en dichter Urs Allemann werd geboren op 1 april 1948 in Schlieren. Zie ook alle tags voor Urs Allemann op dit blog.

 

Alkäisch die elfte

Wir waren zwei. Wir hingen im Apfelbaum.
Wir seien Äpfel log ich. Du glaubtest mir.
Als unsre Stimmen ineinander
wuchsen wurden wir schwer. Wir fielen.

Wir schwirrten fleischfern, Pfiffe, durchs Radio.
Schallmückenschwärme. Du warst ganz schwarz davon.
Als dich mein Auge ansah war es
deines. Wir stürzten uns aus den Schädeln.

Ameisenbrüste. Du säugtest Tausende.
Sie frassen dich. Ich schrieb ein Naturgedicht.
Es war ganz still. Wir sprachen gar nicht
gegen die lautere Dialektik.

Die Würmer blieben draussen. Bald kröchen wir
einander in die Münder. Wir liebten uns
wo möglich. Lägen einer auf des
anderen Zunge. Nicht auszusprechen.

 

 1897091-c37adfbfe482ce2f324358fceabb8cfe.jpg
Urs Allemann (Schlieren, 1 april 1948)

 

 

De Duitse dichter en schrijver Rolf Hochhuth werd geboren op 1 april 1931 in Eschwege. Zie ook alle tags voor Rolf Hochhuth op dit blog en ook mijn blog van 1 april 2011.

Uit: Essayistische Prosa und Gedichte (Der Fliehende Holländer)

“Im Hintergrund nun der Siebzehnjährige, geht, um seinen Ball aufzuheben, über die Bühne, spielt einen Moment allein mit dem Ball, bis ein Fünfzehnjähriger zu ihm tritt – sofort auch mit dem Ball anfängt, wortlos noch, bis die Mutter mit dem Mädchen wieder weg ist, die eilig in den Vordergrund zurückgelaufen war, den vergessenen Puppenwagen zu holen. Sobald die beiden nicht mehr zu sehen sind, sagt der Fünfzehnjährige, ohne sein Ballspiel mit dem Siebzehnjährigen zu unterbrechen:
Fünfzehnjähriger :
Die Deutschen haben eben ihre Eltern verhaftet, sagt meine Schwester – die sollen Juden sein und müssen umziehen, nach Polen, da sollen die arbeiten für die Deutschen!
Siebzehnjähriger, sie fußballern weiter:
Können hier doch auch arbeiten!
Fünfzehnjähriger :
Nicht Waffen bauen, die sollen in Polen Panzer und Flugzeuge bauen.
Siebzehnjähriger :
Wir müssten jeden Holländer erschießen, der für Deutsche Waffen baut!
Fünfzehnjähriger :
Mein Vater sagt, die Juden wollen das gar nicht, die werden dazu gezwungen!
Siebzehnjähriger;auch Handbewegung dorthin, wo das Kind mit der Frau abging:
Und ihre Kinder lassen die in Holland zurück, die Juden? Die Cohns, hab ich selber vorher gesehen, sind aber vor einer Stunde mit ihren Kindern abgeholt worden! Auf Lastwagen . . . bis nach Polen?
Fünfzehnjähriger :
Vielleicht nur zum Bahnhof; haben geweint.
Siebzehnjähriger :
Hab nicht gewußt, daß die Juden sind – sind Juden anders als wir Holländer?“

 

 1897091-59477349ae1889682e4a4a9a2855623c.jpg
Rolf Hochhuth (Eschwege, 1 april 1931) 

 

 

De Engelse dichter en schrijver John Wilmot 2e graaf van Rochester werd geboren in Ditchley, Oxfordshire, op 1 april 1647. Zie ook alle tags voor John Wilmot op dit blog.

 

I cannot change, as others do

I cannot change, as others do,
Though you unjustly scorn;
Since that poor swain that sighs for you,
For you alone was born.
No, Phyllis, no, your heart to move
A surer way I'll try:
And to revenge my slighted love,
Will still love on, will still love on, and die.

When, killed with grief, Amintas lies
And you to mind shall call,
The sighs that now unpitied rise,
The tears that vainly fall,
That welcome hour that ends this smart
Will then begin your pain;
For such a fauthful tender heart
Can never break, can never break in vain.

 

 1897091-4849ca712acae557c5854693f976c1c3.jpg
John Wilmot (1 april 1647 – 26 juli 1680)
Johnny Depp in de film The Liberine (The story of John Wilmot), 2004

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 1e april ook mijn blog van 1 april 2012 deel 2 en ook deel 3.



Geschreven door Romenu om 18:36 Reageer op dit bericht

Deborah Feldman

Onafhankelijk van geboortedata

De Amerikaanse schrijfster Deborah Feldman werd geboren in 1986 in de chassidische gemeenschap van Satmar in Williamsburg, Brooklyn, New York. Haar huwelijk werd gearrangeerd toen zij 17 jaar oud was, en haar zoon werd twee jaar later geboren. Op 25-jarige leeftijd publiceerde ze de New York Times bestseller memoires, “UNORTHODOX: The Scandalous Rejection of My Hasidic Roots” en twee jaar later volgde “EXODUS a memoir of post-religious alienation and identity.” Tegenwoordig werkt zij in twee media, film en schrijven. Ze is het meest geïnteresseerd in het verkennen van de kruising tussen globalisering , religie, en de vrouwelijke identiteit. Haar werk is vertaald in het Hebreeuws en het Duits. Sinds eind 2014 woont zij met haar zoon in Berlijn.

Uit: Exodus

“There she is, just across the street, sulking on the stoop. Seven years old, skin pale almost to the point of translucence, lips pursed into a sullen pout. She stares gloomily at the silver Mary Janes on her feet, the tips of which catch the last rays of sunlight quickly fading behind the three-story brownstone.
She has been scrubbed and primped in preparation for Passover, soon to arrive. Her hair hurts where it’s been pulled too tight into a bun at the top of her head. She feels each strand stretching from its inflamed follicle, especially at the nape of her neck, where an early-spring breeze raises goose bumps on the exposed skin. Her hands are folded into the lap of her brand-new purple dress, with peonies and violets splashed wildly on the fabric, smocking at the chest, and a sash tied around the waist. There are new white tights stretched over her thin legs.
This little side street in Williamsburg, Brooklyn, usually bustling with black-clad men carrying prayer books, is momentarily silent and empty, its residents indoors making preparations for the evening. The little girl has managed to sneak away in the rush, to sit alone across from the young pear tree the neighbors planted a few years ago after carving out a square of beige dirt in the stretch of lifeless asphalt. Now it f lowers gently, bulbous white blossoms dangling precariously from its boughs.
I cross the street toward her. No cars come. The silence is magnificent, enormous. She doesn’t seem to notice me approaching, nor does she look up when I sit down next to her on the stoop. I look at her face and know instantly, with the pain of a punch to the gut, exactly how long it’s been since there was a smile on it.
I put my arm around her shoulder, ever so gently, as if she might break from the weight, and I whisper into her ear, “Everything is going to be fine.”
She turns and looks at me for the first time, her face a mask of distrust.
“It’s going to be just fine. I promise.”
Snap. The hypnotherapist wakes me by clicking her fingers together in a classic stage move.
“You did good,” she says. “Go home and try to have sex tonight. Let me know what happens. I have a feeling we’ve fixed the problem. Not completely, but enough for now.”

 

 1901926-86834503996835006734851ee4748ef5.jpeg
Deborah Feldman (New York, 1986)

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

In Memoriam Imre Kertész

In Memoriam Imre Kertész

De Hongaarse auteur en winnaar van de Nobelprijs voor Literatuur Imre Kertész is op 86-jarige leeftijd overleden. Kertész overleed volgens het Hongaarse staatspersbureau MTI na een lang ziekbed. Imre Kertész werd geboren op 9 november 1929 in Boedapest. Zie ook alle tags voorImre Kertész op dit blog en ook mijn blog van 9 november 2010

Uit: Fateless

“I took my own steps. No one else did. And I remained honest in the end to my given fate. The only stain or beauty flaw, I might say the only incorrectness, that anyone could accuse me of is maybe the fact that we are talking now. But thatis not my doing. Do you want all this horror and all my previous steps to lose their meaning entirely? Why this sudden turn, why this opposition? Why can’t you see that if there is such a thing as fate, then there is no freedom? If, on the other hand,” I continued, more and more surprised at myself and more and more wound up, “if, on the other hand, there is freedom, then there is no fate. That is,” and I stopped to take a breath, “that is, we ourselves are fate.” I recognized this all of a sudden and with such clarity that I had never seen before. I was a little sorry that I was only facing them and not someone more intelligent-let’s say, more worthy opponents. But they were the ones who were here, at that moment, and at any rate they were the ones who had also been there when we were saying good-bye to my father.
They too had taken their steps. They too knew. They too had seen ahead. They too had said good-bye to my father as if we were already hurrying out. Later, all they fought about was whether I should take the local tram or the local bus on the way to Auschwitz. At this point not only Uncle Steiner but also Uncle Fleischmann jumped up. He tried to restrain Uncle Steiner but was no longer able. “What?” he screamed at me, his face crimson-red and his fist beating against his chest. “What? Are we now the guilty ones-we, the victims?” I tried to explain to him: “It’s not that this is a sin. We ought to simply, modestly recognize it for the sake of our honor, so to speak.”
They had to try to understand that they couldn’t take everything away from me. It couldn’t be that I was either the victim or the vanquished, that I couldn’t be right and that I couldn’t have been mistaken, that I was not the reason or the result of anything. I almost begged them to understand this. I couldn’t simply swallow this silly bitterness simply for the sake of be- coming innocent again.”

 

 1896722-3644a1aff8014fd8b6b17ef3406b1e1d.jpg
Imre Kertész (9 november 1929 – 31 maart 2016)

Geschreven door Romenu om 19:14 Reageer op dit bericht

Stefan Hertmans, Octavio Paz, Asis Aynan, Martijn Teerlinck, Marga Minco, Enrique Vila-Matas, Rob Boudestein, Kornej Tsjoekovski

De Vlaamse dichter, schrijver en essayist Stefan Hertmans werd geboren in Gent op 31 maart 1951. Zie ook alle tags voor Stefan Hertmans op dit blog.

 

De overtocht

Het zijn die ogen in de schaduw
die dood gelezen zijn.
Waarheid is een woord met wapens.
Het gaat om angst in de woestijn,
gevleugeld beest uit lang vervlogen eeuwen,
wreedheden flitsend op een zinkend scherm.

Je moet niet met je vinger wijzen,
het was haar moeder die het zei.
Ze stak hem in haar keel,
de boot schokte zich door een storm
die de wereld overspoelde.

Haar vonnis onverstaanbaar,
iets dat zich niet liet schrijven,
een vinger in een bloedend oog,
en naamloos door de jaren drijven.

 

 

Hoe een omelet te bakken zonder het ei te breken

Leg eerst de schalen in een geur -
Aarde en wind, dat wat je bij kinderen vindt
Het dood konijntje bij de achterdeur.

Sluit dan bokaaltjes af,
Adem niet langer
Wees je eigen ruime graf.

Wacht nog een dag of twee.
Je eieren broeden met je mee.

Open de ramen op de derde dag.
Lees psalmen; onthaal je
Weggelopen liefde op en
Zorgeloze lach.

Breek open, vingernagels,
Ruk de ongedachte
Dooier uit je dichtgeknepen palm.

Warm de aarde met je hand.
Wacht nu het bakken af,
en roer, roer, roer

Tot diep in je schaalomhulde nacht.

 

 1896714-44201ba50eb39912453bb5e0e8150096.jpg
Stefan Hertmans (Gent, 31 maart 1951)

 

 

De Mexicaanse schrijver, dichter, en diplomaat Octavio Paz werd geboren op 31 maart 1914 in Mixcoac, tegenwoordig een deel van Mexico-stad. Zie ook alle tags voor Octavio Paz op dit blog.

 

Across

I turn the page of the day,
writing what I'm told
by the motion of your eyelashes.

I enter you,
the truthfulness of the dark.
I want proofs of darkness, want
to drink the black wine:
take my eyes and crush them.

A drop of night
on your breast's tip:
mysteries of the carnation.

Closing my eyes
I open them inside your eyes.

Always awake
on its garnet bed:
your wet tongue.

There are fountains
in the garden of your veins.

With a mask of blood
I cross your thoughts blankly:
amnesia guides me
to the other side of life.

 

The Street

Here is a long and silent street.
I walk in blackness and I stumble and fall
and rise, and I walk blind, my feet
trampling the silent stones and the dry leaves.
Someone behind me also tramples, stones, leaves:
if I slow down, he slows;
if I run, he runs I turn : nobody.
Everything dark and doorless,
only my steps aware of me,
I turning and turning among these corners
which lead forever to the street
where nobody waits for, nobody follows me,
where I pursue a man who stumbles
and rises and says when he sees me: nobody.

 

 1896714-f3a31e64c2e75fd8df53417dde743ed6.jpg
Octavio Paz (31 maart 1914 – 19 april 1998)

 

 

De Nederlandse schrijver Asis Aynan werd geboren in Haarlem op 31 maart 1980. Zie ook alle tags voor Asis Aynan op dit blog.

Uit:Hoe Nederlandse Marokkanen hun identiteit verkwanselden (Essay)

“Mijn vader was een arbeidsmigrant, zoals velen; halverwege de jaren zestig van de vorige eeuw kwam hij naar Nederland. Hij was het kleinkind van iemand die weigerde tegen de bezetter te vechten, bijna een eeuw geleden. De Spanjaard had zich de Noord-Marokkaanse Rif-regio toegeëigend. De Riffijnen kwamen in opstand. Het leidde tot de Rifoorlog (1921-1926), de oorlog die generaal Franco voorbereidde op het dictatorschap van Spanje.
Mijn overgrootvader wilde de wapens niet opnemen tegen de Spaanse soldaten en moest met zijn gezin vluchten. Was hij bang, een pragmaticus, pacifist, deserteur? De reden is mij onbekend. De vrijheidsstrijders bestempelden zijn houding in ieder geval als verraad.
Dwars door de familie liep een breuklijn, want de vader van mijn overgrootvader had wel tegen de Spaanse bezetter gevochten, wat hij met de dood moest bekopen. Hij kwam om het leven tijdens een vuurgevecht in het dorp Tazaghine. Waar mijn betovergrootvader begraven ligt weet niemand - we denken in een massagraf. Zijn vrouw trouwde viermaal, niet omdat ze een mannenverslindster was, maar de oorlogsmachine verzwolg ze.
Mijn overgrootvader vluchtte naar een heuvelrijk gebied met de mythische naam M'hajer. Daar was het veilig, maar het land was moeilijk te bewerken en weinig vruchtbaar, waardoor mijn vader onder miserabele omstandigheden opgroeide. Hij werd rond 1940 geboren; de hongerjaren. Hij verloor zes broertjes en zusjes door honger en armoede. De jongste was een paar maanden oud, de oudste zestien jaar.”

 

 1896714-c3e3c858fb1ffb231933dba474519521.jpg
Asis Aynan (Haarlem, 31 maart 1980)

 

 

De Vlaamse dichter en muzikant MartijnTeerlinck werd geboren op 31 maart 1987 in Lendelede. Zie ook alle tags voor Martijn Teerlinck op dit blog.

 

ZEGSWIJZE
 
wat ik doe bestaat alleen hierin,
dat ik mijn naam op veel manieren uitspreek
 
ik ben de zegswijze van deze tijd
dus wat mij recht in het gezicht gezwegen wordt
 
schep ik rond en rood en open ik
mijn woorden zijn een lange aderlating
 
uit mijn vaten stroomt mijn bloei
en ik praat slechts in vormen van wind

 

 1896714-c2c5960c6b7295183ddb48ae0b560592.jpg
Martijn Teerlinck (31 maart 1987 – 10 december 2013)

 

 

De Nederlandse schrijfster en journaliste Marga Minco, pseudoniem van Sara Minco, werd geboren in Ginneken op 31 maart 1920. Zie ook alle tags voor Marga Minco op dit blog.

Uit: Het bittere kruid. Zes fragmenten uit een kleine kroniek

“Het begon op een dag, dat mijn vader zei: ‘We gaan eens kijken of iedereen er weer is’. We waren een paar dagen weg geweest. De hele stad had moeten evacueren. In aller ijl hadden we een koffer gepakt en ons geschaard in de eindeloze rijen mensen die de stad uittrokken in de richting van de belgische grens. Bettie en Dave zaten toen in Amsterdam. ‘Die merken nergens iets van’, zei mijn moeder.
Het was een lange, gevaarlijke tocht. We vervoerden de koffer op een fiets. Aan het stuur hingen volgepropte tassen. Bomscherven en mitrailleurkogels vlogen over onze hoofden. Soms werd er iemand getroffen; dan bleef er een groepje achter. Vlak bij de belgische grens vonden wij bij boeren onderdak. Na twee dagen zagen we de bezettingstroepen al over de landweg rijden en enkele uren later trokken de evacué's weer naar de stad terug. ‘Het gevaar is geweken’, kwam een stadgenoot ons vertellen en wij gingen mee.
Thuis was alles nog zoals we het verlaten hadden. De tafel stond nog gedekt. Alleen de klok was stil blijven staan. Mijn moeder gooide meteen de ramen open. Aan de overkant hing een vrouw haar dekens over het balkon. Ergens anders klopte iemand zijn kleden uit alsof er niets gebeurd was.
Ik ging met mijn vader de straat op. Naast ons stond de buurman in zijn voortuin. Hij liep naar het hekje toen hij mijn vader aan zag komen.
‘Hebt u ze gezien?’ vroeg hij. ‘Dat is niet mals, hè?’
‘Nee’, zei mijn vader, ‘ik heb nog niets gezien. We gaan eens kijken’.
‘De hele stad wemelt er van’, zei de buurman.
‘Dat zal wel’, zei mijn vader, ‘Breda is een garnizoensstad, daar kun je zoiets verwachten’.
‘'t Zal mij benieuwen’, zei de buurman, ‘hoe lang ze het hier houden’.
‘Niet lang, dat verzeker ik u’, meende mijn vader.”

 

 1896714-d810035430d5801a0910bfda3a48d1e0.jpg
Marga Minco (Ginneken, 31 maart 1920)

 

 

De Spaanse schrijver Enrique Vila-Matas werd geboren in Barcelona op 31 maart 1948. Zie ook alle tags voor Enrique Vila-Matas op dit blog.

Uit: Bartleby & Co. (Vertaald door Jonathan Dunne)

«I laughed a lot while reading this novel, I am still laughing.
Right now, for example, I laugh while I write because it occurs to me that I am a scrivener. To fix the image better in my mind, I take one of Robert Walser's books and pick a sentence at random, which I copy down: "Over the now darkened landscape treks a solitary figure." I copy this sentence down and proceed to read it aloud with a Mexican accent, and chuckle softly to myself. And this reminds me of a story of copyists in Mexico: that of Juan Rulfo and Augusto Monterroso; for years they worked as clerks in a gloomy office where, as I understand, they behaved like pure Bartlebys, always afraid of their boss who was in the habit of shaking hands with his employees at the end of each day's work. Rulfo and Monterroso, copyists in Mexico City, would frequently hide behind a pillar because they thought that what their boss wanted was to say goodbye to them for good.
This fear of a handshake now brings to mind the story of the composition of Pedro Paramo, which its author, Juan Rulfo, explained in the following terms, revealing his human condition as a copyist: "In May I954 I bought a school exercise book and jotted down the first chapter of a novel which for years had been taking shape inside my head [ ... J. I still do not know where the intuitions that gave rise to Pedro Paramo came from. It was as if someone dictated it to me. Suddenly, in the middle of the street, an idea would occur to me and I would note it down on scraps of green and blue paper."
After the success of the novel that he wrote as if he were a copyist, Rulfo wrote nothing else in thirty years.”

 

 1896714-e684b1c3f302cee80a8d6a502de2901a.jpg
Enrique Vila-Matas (Barcelona, 31 maart 1948)

 

 

De Nederlandse dichter Rob Boudestein werd geboren op 31 maart 1947 in Den Haag. Zie ook alle tags voor Rob Boudestein op dit blog.

 

Groeten uit Drenthe (Groeidicht)

1
Vandaag weer eens de fiets bestegen
Dat hoefde nou niet zo voor mij
Maar verder valt het hier niet tegen

2
Vandaag weer eens de fiets bestegen
(Hier dé manier van voortbewegen)
Een bos gezien en heel veel hei
Dat hoefde nou niet zo voor mij
Natuur was dat niet iets voor legen?
Nou ja, de dag is weer voorbij
Maar verder valt het hier niet tegen

3
Vandaag weer eens de fiets bestegen
Zij wou graag naar een reuzenkei
En fietsen is naar men mij zei
Hier dé manier van voortbewegen
Een bos gezien en heel veel hei
Dat hoefde nou niet zo voor mij
Natuur was dat niet iets voor legen?
Nou ja, de dag is weer voorbij
Vanavond iets van balkenbrij
En morgen zwaarbewolkt met regen
Maar verder valt het hier niet tegen

 

 1896714-aa792e42d8ffcbda0f059a777021549f.jpg
Rob Boudestein (Den Haag, 31 maart 1947)
 

 

De Russische essayist, criticus en schrijver Kornej Ivanovitsj Tsjoekovski werd geboren in Sint-Petersburg op 31 maart 1882. Zie ook alle tags voor Kornej Tsjoekovski op dit blog.

 

Crocodile (Fragment)
(an old tale)

All trembling from fear,
All fear squeal.
Only one
Citizen
Not screamed,
I was not trembling -
This valiant Vanya Vasilchikov.

He is a fighter,
Well done,
He is a hero
Dashing:
He had no nanny walks through the streets.

He said, "You villain,
Devour people,
So this is my sword
Your head from your shoulders!" -
And swung his saber toy.

And said the Crocodile:
"I've won!
Do not destroy me, Vanya worked!
Pity you my crocodiles!
The crocodiles in the Nile splashing,
With tears me waiting,
Let me go to the kiddie, Vanya,
I will give you branicka".

Replied Ivan worked:
"Though I pity your crocodiles,
But you, bloodthirsty vermin,
I'm chopped up as beef.
Me, glutton, to spare you nothing:
A lot of meat you ate human".

And said the Crocodile:
"All that I swallowed,
I give back to you with joy!"

 

 1896714-6db13429a8d7f343dfafdcdd57ae0933.jpg
Kornej Tsjoekovski (31 maart 1882 – 28 oktober 1969)
Portret door Isaak Brodsky, 1915

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 31e maart ook mijn blog van 31 maart 2015 en ook mijn blog van 31 maart 2013 deel 1 en eveneens deel 2 en ook deel 3.

Geschreven door Romenu om 18:42 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten