Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 21 juni 2016 tot 22 juni 2016

Nescio, Juliën Holtrigter, Jaap Robben, Aaro Hellaakoski, Willie Verhegghe, Erich Maria Remarque, Dan Brown

De Nederlandse schrijver Nescio (pseudoniem van Jan Hendrik Frederik Grönloh) werd geboren in Amsterdam op 22 juni 1882. Zie ook alle tags voor Nescio op dit blog.

Uit: Titaantjes

“Waar we ook heel sterk in waren, dat waren, na kantoor, tochten naar den Ringdijk. Daar zaten we in 't gras tusschen de boterbloemetjes beneden aan den dijk en dan kwamen de nieuwsgierige koeien met hun groote oogen en keken naar ons en wij keken naar de koeien. En dan kon je ervan opaan, dat Bavink over Lien begon. Op de een of andere manier moeten die koeienoogen daar iets mee uit te staan gehad hebben. En dan begon 't te schemeren, de kikkers gingen kwaken, één ging er vreeselijk te keer, vlak bij mijn schoen, m'n eene voet lag bijna in de sloot. Andere hoorde je zachtjes, ver, heel ver weg. Een koe, die je nauwelijks meer kon zien in de halve duisternis, hoorde je 't gras afschuren. In de verte begon er een klagelijk te loeien. Een paard holde heen en weer, je hoorde 't maar zag 't niet. De koe bij ons blies en werd onrustig. Bekker zei: "'t Is hier goeie. Zoo moest 't maar blijven."
Bavink stond overeind en breidde z'n armen uit en luisterde, en ging daarna weer zitten en zei dat we der ook nooit iets van zouden snappen, hij zelf ook niet, en dat we eigenlijk niet veel beter waren dan al die andere lui, en ik geloof, dat-i daar heel na aan de waarheid was.
Neen, we deden eigenlijk niets. Ons werk op kantoor deden we niet al te best, en onze bazen verachtten we, behalve Bavink en Hoyer, die geen bazen hadden en niet begrepen, waarom we iederen dag weer naar die bazen toegingen.
We wachtten maar. Waarop? Dat hebben we nooit geweten. Bekker zei: "Op 't koninkrijk Gods." Dat wil zeggen, dat heeft-i een keer gezegd zonder zich nader te verklaren. Bavink had 't altijd over "het einde, dat meteen 't begin zou wezen." Wij vonden dat allemaal volkomen duidelijk en weidden er niet verder over uit.”

 

 1928381-412de09e477867589b441cbf974f1f7a.jpg
Nescio (22 juni 1882 – 25 juli 1961)
Cover audio cd, 2005

 

 

De Nederlandse dichter Juliën Holtrigter (pseudoniem van Henk van Loenen) werd geboren op 22 juni 1946 in Hilversum. Zie ook alle tags voor Juliën Holtrigter op dit blog.

 

Gelukkig wakker geworden

Gelukkig wakker geworden, meteen al
in tongen gezongen van raadselwater, veer
gehikt en zo meer.

Vanuit haar serre kijk ik de hemel
recht in haar vrijheid.
Tussen de bomen schittert de zee.

Ik blijf maar vissen: blikschade, zwik,
spaat, maskerade, tsja, om regels te vangen
moet men een woordje uitwerpen.

Hé, zwaan kleef maar aan, roept mijn duifje,
daar bromt de taalstrot, hier resoneert hij.

Zij hangt haar kousen te drogen.
Ik lig op haar bed en steek een sigaar op.

 

 

Stofje

Ik kwam net uit school toen het dreunde,
het halve heelal drong zich door mijn oren

naar binnen, diep in mijn hoofd hield zich stil
en BHAAAAM! explodeerde.

Ik had mijn kamer verduisterd.
Met mijn zaklamp bescheen ik mijn tanden.

Ik ben maar een stofje, zei ik tegen de spiegel,
maar tegelijk een radertje in het systeem.

Ik hoorde verre muziek en begon te geloven
te kunnen ontsnappen, ik rende naar buiten.

Diep in de tuin van geluiden vonkte het tussen
schrikdraad en schaar, daar in de jungle

van het gazon waar de torren tokkelden
op hun gitaren.

 

 1928381-a8fc4158cb398e579af710d9913ccb51.jpg
Juliën Holtrigter (Hilversum, 22 juni 1946)

 

 

De Nederlandse dichter, schrijver en theatermaker Jaap Robben werd geboren in Oosterhout op 22 juni 1984. Zie ook alle tags voor Jaap Robben op dit blog.

Uit: Birk

‘Eet je niks?’
Ik haalde schokkerig mijn schouders op.
‘Kun je niet meer praten?’
‘Ik heb genoeg’, zei ik.
‘Dat was niet veel dan.’
‘Sorry.’
‘Straks niet als een klein kind gaan zeuren dat je wat anders moet hebben.’ Ze nam mijn kommetje, kieperde de soep terug in de pan en zette hem samen met die van haar op het aanrecht.
De pan en de soepkom voor mijn vader bleven staan. Ze zag dat ik ernaar keek. ‘Die vader van jou warmt zijn soep zelf maar op.’ Wanneer ze hem die vader van jou noemde, vond ze dat hij iets had goed te maken. Met een vochtig doekje veegde ze strepen over de tafel tot het hele blad donkerbruin was.
‘Hij zwom weg’, struikelde uit mijn mond.
‘Hmm?’
‘Papa zwom weg.’
‘“Zwom weg”?’
‘Ja.’
‘Hoezo?’
‘Weet ik niet.’
Ze keek me niet-begrijpend aan. ‘Waarheen dan?’
Ik trok mijn schouders op.
‘Zei hij niet wat hij ging doen?’
Weer trok ik mijn schouders op.
‘Je weet toch wel of hij iets zei?’
‘Niks, denk ik.’

 

 1928381-b18c0f6b41d910254bc02b6256634224.jpg
Jaap Robben (Oosterhout, 22 juni 1984)

 

 

De Finse  dichter, criticus en geograaf Aaro Hellaakoski werd geboren op 22 juni 1893 in Oulu. Zie ook alle tags voor Aaro Hellaakoski op dit blog.

 

A rustling

The odour of all the leaves bursting –
that’s all I know now
in this rustle and flow
of rain. Doors are opening

into the greater art and key:
as things are, just let them be,
chancy, clear,
as the wind is here.

Just now I’m whole, just now
I’m one with every bursting bough.
Summer scenting my mouth and me,
I’m a glint of rain on a tree –

exhaling into the leaves,
and smiling at the huge verve
of a daybreak on the skyline’s curve.
I neither deny nor believe.

 

Vertaald door Herbert Lomas

 

 1928381-ba14045e88178f7d7172e806c2ecad70.jpg
Aaro Hellaakoski (22 juni 1893 - 23 november 1952)
Monument in Oulu

 

 

De Belgische dichter en schrijver Willie Verhegghe werd op 22 juni 1947 te Denderleeuw geboren. Zie ook alle tags voor Willie Verhegghe op dit blog.

 

De Italianen

Uit Abbruzzendorpen van ruwe hoge kalk
en hemeltergende armoede kwamen ze,
zuiderse mannen op de vlucht voor honger,
met zwarte glans in oog en haar.
Hun namen als klanken van Verdi:
Gaetano, Rodolfo, Cosimo, Orlando.

Diep onder het sombere Marcinelle
praatten zij met heftige gebaren
over la mamma, bambini en amore.
In hun huizen hingen verre foto’s
van grootvaders met Caruso-knevels
en kerkjes in godvergeten dorpen.

Anorato Pasquarelli-met-het-kunstbeen
zorgde voor de trouwe blinde paarden,
Angelo Galvan ging het vuur tegemoet
en werd levende legende, een engel gelijk.
Rocco en Camillo Lezzi waren broers:
men vond hen hand in hand. Warme diepe dood.

 

 1928381-c0a2bd1c26b051979fda746406745650.jpg
Willie Verhegghe (Denderleeuw, 22 juni 1947)

 

 

De Duitse schrijver Erich Maria Remarque (pseudoniem van Erich Paul Remark) werd geboren op 22 juni 1898 in Osnabrück. Zie ook alle tags voor Erich Maria Remarque op dit blog.

Uit: Im Westen nichts Neues

„Kropp und Müller unterhalten sich. Kropp hat als einziger ein Kochgeschirr voll Linsen erbeutet, wahrscheinlich bei der Pionierküche. Müller schielt gierig hin, beherrscht sich aber und fragt: „Albert, was würdest du tun, wenn jetzt auf einmal Frieden wäre?“
‚Frieden gibt’s nicht!“ äußert Albert kurz.
„Na, aber wenn-“, beharrt Müller, „was würdest du machen?“
„Abhauen“ knurrt Kropp.
„Das ist klar. Und dann?“
„Mich besaufen“, sagt Albert.
„Rede keinen Quatsch, ich meine es ernst-“
„Ich auch“, sagt Albert. „Was soll man denn anders machen?“
Kat interessiert sich für die Frage. Er fordert von Kropp seinen
Tribut an den Linsen, erhält ihn, überlegt dann lange und meint: , ,Besaufen könnte man sich ja, sonst aber auf die nächste Eisenbahn - und ab zu Muttern. Mensch, Frieden, Albert-“
Er kramt in seiner Wachstuchbrieftasche nach einer Photographie und zeigt sie stolz herum. „Meine Alte!“ Dann packt er sie weg und flucht: , ,Verdammter Lausekrieg-“
„Du kannst gut reden“, sage ich. „Du hast deinen jungen und deine Frau.“
„Stimmt“, nickt er. „Ich muß dafür sorgen, daß sie was zu essen haben.“
Wir lachen. „Daran wird’s nicht fehlen, Kat, sonst requirierst du eben.“
Müller ist hungrig und gibt sich noch nicht zufrieden.
Er schreckt Haie Westhus aus seinen Verprügelträumen."

 

 1928381-aa96931bf22afc084d4d7b0ebd95ff28.jpg
Erich Maria Remarque (22 juni 1898 – 25 september 1970) 
 

 

 

De Amerikaanse schrijver Dan Brown werd geboren in Exeter, New Hampshire, op 22 juni 1964. Zie ook alle tags voor Dan Brown op dit blog.

Uit: Inferno

« R? Langdon thought, uncertain. As in . . . Robert? "Is that. . . me?"
The woman's face revealed nothing. Seek and find, she repeated.
Without warning, she began radiating a white light. . .brighter and brighter. Her entire body started vibrating intensely, and then, in a rush of thunder, she exploded into a thousand splintering shards of light.
Langdon bolted awake, shouting.
The room was bright. He was alone. The sharp smell of medicinal alcohol hung in the air, and somewhere a machine pinged in quiet rhythm with his heart. Langdon tried to move his right arm, but a sharp pain restrained him. He looked down and saw an IV tugging at the skin of his forearm.
His pulse quickened, and the machines kept pace, pinging more rapidly.
Where am I? What happened?
The back of Langdon's head throbbed, a gnawing pain. Gingerly, he reached up with his free arm and touched his scalp, trying to locate the source of his headache. Beneath his matted hair, he found the hard nubs of a dozen or so stitches caked with dried blood.
He closed his eyes, trying to remember an accident.
Nothing. A total blank.
Think.
Only darkness.“

 

 1928381-ee4f9ad1a3a02e259515b95934cebe2f.jpg
Dan Brown (Exeter, 22 juni 1964)
Affiche voor de film uit 2016

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 22e juni ook mijn blog van 22 juni 2014 deel 1 en eveneens deel 2.

Geschreven door Romenu om 18:16 Reageer op dit bericht

In Memoriam Henk Hofland

 

In Memoriam Henk Hofland

De Nederlandse schrijver, journalist, commentator, essayist en columnist Henk Hofland is dinsdagochtend overleden. Hij is 88 jaar oud geworden. Henk Hofland werd geboren in Rotterdam op 20 juli 1927. Zie ook alle tags voor Henk Hofland op dit blog.

Uit: Tegels lichten

“Van Troelstra is de waarneming afkomstig, dat na de invoering van het algemeen kiesrecht de bourgeoisie zich van de democratie en het parlementarisme heeft afgekeerd en ook in Nederland sympathie heeft gekregen voor een beetje dictatuur. In mei 1940 stond het er met de Nederlandse democratie niet uitstekend voor, zoals ook toen al vaak werd vastgesteld. Maar de kritiek kwam van twee kanten. Er was een sociaaldemocratische en vrijzinnig liberale minderheid, die via de parlementaire democratie naar emancipatie streefde. En er was een niet geringe, zelfbewuste minderheid die vond dat er al meer dan genoeg werd geëmancipeerd, dat al veel te veel mensen hun neus in de publieke zaak staken, en dat de parlementaire democratie dit hinderlijke proces alleen maar bevorderde, zodat een manier moest worden gevonden om in te grijpen (typische term uit de notabele woordenschat). De eerste vorm van kritiek wilde zichzelf versterken met behulp van de parlementaire methoden; de tweede wilde ook een versterkte positie, maar ten koste van het democratische systeem.
In mei 1940 werden daarom de critici van de eerstgenoemde soort van een probleem verlost: de democratische procedures werden opgeheven. Voor de anderen ontstond min of meer per mirakel het praktische vraagstuk van het wegen en grijpen der nieuwe kansen.
Het morele onderzoek dat hierop betrekking heeft, is nog altijd in volle gang, maar komt in dit verhaal niet voor. Vandaar dat hierna geen sprake zal zijn van goed of fout gedrag, collaboratie, onverzoenlijkheid, vaderlandsliefde, landverraad, enz. Het gaat er meer om, een verschijnsel in de Nederlandse politiek te beschrijven dat niet tot de oorlog is beperkt, maar dat voor 1940 ook al bestond en dat na 1945 zijn invloed op het Bestel onverzwakt heeft behouden. Dat is misschien niet de sympathie van de ‘bourgeoisie’ van Troelstra voor ‘het kleine beetje dictatuur’. Het is meer het gevoel of het besef dat heerst bij menig bestuurder, autoriteit, politicus, directeur en magistraat, zijn natuurlijk inzicht, dat hij en zijn gelijken het onvervreemdbare monopolie hebben om te bekokstoven. We hebben niet te doen met een kwaadwillig potentatisme, maar met het voortdurend nemen van ‘rustige, weloverwogen beslissingen’, gedekt door de magie der geheimhouding en een passende gelegenheidsideologie.”

 

 1928286-552faa5d9fcdad4f1390e03e133a7c2e.jpg
Henk Hofland (20 juli 1927 – 21 juni 2016)


Geschreven door Romenu om 11:44 Reageer op dit bericht

Ed Leeflang, Thomas Blondeau, Anne Carson, Adam Zagajewski, Ian McEwan, Alon Hilu, Jean-Paul Sartre

De Nederlandse dichter Ed Leeflang werd geboren op 21 juni 1929 in Amsterdam. Zie ook alle tags voor Ed Leeflang op dit blog.

 

De driesteenstrandloper

De zee kan het niet helpen,
in weeën komt haar drift;
voor haar opwelling wijkt hij,
haar bedenking beent hij na.

Van zijn bestaan verschijnt
het vluchtig spijkerschrift,
in scheve aanloopregels,
bijna kwatrijnen.

En door haar plompverloren dweilen
worden zij weggewist.

Ieder spoor van zijn gedribbel
moet verdwijnen, of hij zich in
de drang om voort te leven
zonder nadruk had vergist.

 

 

Blauw

Met kalmte van een nuttig mens
keek ik naar wolken en vertrapte haast
de stralend blauwe pol, de ereprijs
waar je die niet vermoedt, tegen
het stenen trapje aan de voet
van een nog kale winderige dijk.

Ik mocht je zo, de zin
die ik aan mijn verleden geef
hangt af van energie en van
toevalligs dat ik zie.

En daar grijpt midden op de dag
een blauw mij aan, als wij het niet
meer kunnen vinden, in een late schrik.
Ik had het vroeger voor je moeten stelen,
tegen je wil, tot elke prijs, ergens vandaan.

 

 

Magische bescherming

Spijker op je voordeur het bleke
houten masker tegen het kwaad.
De giftige blikken staren
dood en verderf tegemoet.
Al wat het op je voorzien heeft
draait zich om en druipt af
de holle ogen dwingen.
Slaap in en geloof dat ze
elk onheil buiten sluiten.

Dan is het zover en kom je
je eigen huis niet meer binnen.

 

 1927921-7bfed2661e4301d2ed4d077f28a1eee2.jpg
Ed Leeflang (21 juni 1929 – 17 maart 2008)

 

 

De Vlaamse dichter, schrijver en journalist Thomas Blondeau werd geboren in Poperinge op 21 juni 1978. Zie ook Zie ook alle tags voor Thomas Blondeau op dit blog.

 

heeft zich ooit een wereld tegen de mijne zo uitgesproken

heeft zich ooit een wereld tegen de mijne zo uitgesproken
als die van jou van hebben we elkaar teruggevonden in
brood in gekauwde handen dat is iets wat je gedraag je
deed je hief jezelf op aalladders naar me toe bedankte
me juichte toen ik zeeziek je schoenen volzeek

met de achterkant van de woorden hebben we
alles weggeschraapt we danken elkaar met volle
mond in deze contreien maken vlekken weten
verduiveld goed waarom we de dichter afschieten
wat we gaan doen vanavond het zal weinig van
onze tijd vergen maar het blijft ons kus bij kogelgat na

onderwijl kunnen we het nog eens hebben over je
over je homunculus een mond grind het schertsen
van het mes grrrr vooruit een tank vol steek
een vlaggenmast in het gat, zet een gek op het dak
en laat hem orgel spelen de pijpen knekels van de
dichter en we natuurlijk niet te vergeten het mirakel
van de stenen bril het boek en drie letters liefde

 

IV

we hebben gelogen om bij elkaar te zijn
dat draagt niet ver deze dagen dit zal dan
geen muur meer zijn geen contrapunt geen bed
ik ben nog jong bedden zijn om over op te
scheppen niet om te slapen te scheiden

vrienden verloren om bij elkaar te zijn
en dat allemaal zonder cirkels in het zand
handschoenen in het gezicht een godbetert
voorhangsel die brokaten druppels bloei – hou maar op

vraag me belachelijk te zijn ik zal manmoedig
op tafel staan een voet in de soepkom en zwaaien
met een heilig vuil servet

 

 1927921-151a88b514a9970a9bd80f0578770d61.jpeg
Thomas Blondeau (21 juni 1978 – 20 oktober 2013)

 

 

De Canadese dichteres, essayiste en vertaalster Anne Carson werd geboren op 21 juni 1950 in Toronto. Zie ook alle tags voor Anne Carson op dit blog.

 

Short Talk On Chromo-luminarism

Sunlight slows down Europeans. Look at all those
spellbound people in Seurat. Look at Monsieur,
sitting deeply. Where does a European go when he
is ‘lost in thought’?
Seurat has painted that
place—the old dazzler! It lies on the other
side of attention, a long lazy boatride from here.
It is A Sunday rather than A Saturday afternoon
there. Seurat has made this clear by a special
method. “Ma méthode,” he called it, rather testily,
when we asked him. He caught us hurrying through
the chill green shadows like adulterers. The
river was opening and closing its stone lips.
The river was pressing Seurat to its lips.



Short Talk on Geisha

The question of geisha and sex has always been complex.
Some do, some don’t. In fact, as you know, the first
geisha were men (jesters and drummers). Their risky
patter made the guests laugh. But by 1780 “geisha”
meant woman and the glamorous business of the tea
houses had been brought under government control.
Some geisha were artists and called themselves
“white”. Others with nicknames like “cat” and
“tumbler” set up shacks every night on the wide
river bed, to vanish by dawn. The important
thing was, someone to yearn for. Whether the
quilt was long, or the night was too long, or
you were given this place to sleep or that
place to sleep, someone to wait for until
she is coming along and the grass is stirring,
a tomato in her palm.

 

 1927921-255984660a99406d4a4d07774b7854f4.jpg
Anne Carson (Toronto, 21 juni 1950)

 

 

De Poolse dichter en essayist Adam Zagajewski werd geboren op 21 juni 1945 in Lwów, het huidige Lviv. Zie ook alle tags voor Adam Zagajewski op dit blog.

 

En Route

1.  without baggage

To travel without baggage, sleep in the train
on a hard wooden bench,
forget your native land,
emerge from small stations
when a gray sky rises
and fishing boats head to sea.


2.  in belgium

It was drizzling in Belgium
and the river wound between hills.
I thought, I'm so imperfect.
The trees sat in the meadows
like priests in green cassocks.
October was hiding in the weeds.
No, ma'am, I said,
this is the nontalking compartment.


3.  a hawk circles above the highway

It will be disappointed if it swoops down
on sheet iron, on gas,
on a tape of tawdry music,
on our narrow hearts.


4.  mont blanc

It shines from afar, white and cautious,
like a lantern for shadows.


5.  segesta

On the meadow a vast temple—
a wild animal
open to the sky.

Vertaald door Clare Cavanagh

 

 1927921-be339dbb1b75788041156dd63150cb75.jpg
Adam Zagajewski (Lwów, 21 juni 1945)

 

 

De Britse schrijver Ian McEwan werd op 21 juni 1948 geboren in de Engelse garnizoensplaats Aldershot. Zie ook alle tags voor Ian McEwan op dit blog.

Uit: Amsterdam

"I suppose so."
But instead they took another turn about the lawn, for they were there, after all, to bury Molly.
With a visible effort of concentration, Vernon resisted the anxieties of his office. "She was a lovely girl. Remember the snooker table?"
In 1978 a group of friends rented a large house in Scotland for Christmas. Molly and the man she was going about with at the time, a QC named Brady, staged an Adam and Eve tableau on a disused snooker table, he in his Y-fronts, she in bra and panties, a cue rest for a snake and a red ball for an apple. The story handed down, however, the one that had appeared in an obituary and was remembered that way even by some who were present, was that Molly "danced naked on Christmas Eve on a snooker table in a Scottish castle."
"A lovely girl," Clive repeated.
She had looked right at him when she pretended to bite the apple, and smiled raunchily through her chomping, with one hand on a jutting hip, like a music hall parody of a tart. He thought it was a signal, the way she held his gaze, and sure enough, they were back together that April. She moved into the studio in South Kensington and stayed through the summer. This was about the time her restaurant column was taking off, when she went on television to denounce the Michelin guide as the "kitsch of cuisine." It was also the time of his own first break, the Orchestral Variations at the Festival Hall. Second time round. She probably hadn't changed, but he had. Ten years on, he'd learned enough to let her teach him something. He'd always been of the hammer-and-tongs school. She taught him sexual stealth, the occasional necessity of stillness. Lie still, like this, look at me, really look at me. We're a time bomb. He was almost thirty, by today's standards a late developer. When she found a place of her own and packed her bags, he asked her to marry him. She kissed him, and quoted in his ear, He married a woman to stop her getting away/Now she's there all day. She was right, for when she went he was happier than ever to be alone and wrote the Three Autumn Songs in less than a month."

   

 1927921-ce5a3d4518f42ebccd453bbc4b596e20.jpg
Ian McEwan (Aldershot, 21 juni 1948)

 

 

De Israëlische schrijver Alon Hilu werd geboren op 21 juni 1972 in Jaffa. Zie ook alle tags voor Alon Hilu op dit blog.

Uit: Death of a Monk

“My happy friend, while I impart these words to you, and as you record them from my mouth with your industrious fingers and with expression in your large brown eyes, I would ask your indulgence in reviving for a few moments the former, innocent image of Aslan, the image of a hollow-cheeked youth whose days were as roses, plagued by persecution at the hands of members of his household; still, it is incumbent upon you to recall that his excessive wickedness is yet to come, and that you must not be bound to him by bonds of love, and further, you must establish no hard and fast hatred for his enemies, rather, take extreme caution to avoid his infectious, burgeoning wickedness.
Let us return to memories of my father in young Aslan's eyes, who is steeped in senseless hatred. Indeed, when Father's shoutful voice arose from one of the rooms during one of his frequent disputes with Maman - the two would quarrel nearly every evening, after I had been given my lashing, about matters of great importance, such as why it was that his turban was once again stained and dirty, and why there was insufficient water in his narghile, and why once again the septic pit at the edge of the fruit orchards was filling the air with a putrid odor - when their voices rose and overwhelmed me, I would return there, to the date palms with their succulent fruits, a pure and cloudless desert day, and the sound of hooves reaches my ears and I am riding a wild stallion, tall leather boots on my feet and a sickle-shaped sword brandished in my hand, my arms no longer thin and spotted, but thick, firm, hardened, and my legs are no longer blighted and evil, they sport the light calves of experienced riders, and they push into the ribs of the horse and cause him to gallop and increase his speed, and my eyes do not covetously drink in all the beauty and grandeur of the world; instead they are generous and pure and appreciative, and I ride there, bare-chested and bronzed, exposed to the sun, my trusted ally.”

 

 1927921-034953ab2349093feefb54f672b8a660.jpg
Alon Hilu (Jaffa, 21 juni 1972)

 

 

De Franse schrijver Jean Paul Sartre werd geboren op 21 juni 1905 in Parijs. Zie ook alle tags voor Jean-Paul Sartre op dit blog.

Uit: Nausea (Vertaald door Robert Baldick)

“What if something were to happen? What if something suddenly started throbbing? Then they would notice it was there and they'd think their hearts were going to burst. Then what good would their dykes, bulwarks, power houses, furnaces and pile drivers be to them? It can happen any time, perhaps right now: the omens are present. For example, the father of a family might go out for a walk, and, across the street, he'll see something like a red rag, blown towards him by the wind. And when the rag has gotten close to him he'll see that it is a side of rotten meat, grimy with dust, dragging itself along by crawling, skipping, a piece of writhing flesh rolling in the gutter, spasmodically shooting out spurts of blood. Or a mother might look at her child's cheek and ask him: "What's that, a pimple?" and see the flesh puff out a little, split, open, and at the bottom of the split an eye, a laughing eye might appear. Or they might feel things gently brushing against their bodies, like the caresses of reeds to swimmers in a river. And they will realize that their clothing has become living things. And someone else might feel something scratching in his mouth. He goes to the mirror, opens his mouth: and his tongue is an enormous, live centipede, rubbing its legs together and scraping his palate. He'd like to spit it out, but the centipede is a part of him and he will have to tear it out with his own hands. And a crowd of things will appear for which people will have to find new names, stone eye, great three cornered arm, toe crutch, spider jaw. And someone might be sleeping in his comfortable bed, in his quiet, warm room, and wake up naked on a bluish earth, in a forest of rustling birch trees, rising red and white towards the sky like the smokestacks of Jouxtebouville, with big bumps half way out of the ground, hairy and bulbous like onions. And birds will fly around these birch trees and pick at them with their beaks and make them bleed. Sperm will flow slowly, gently, from these wounds, sperm mixed with blood, warm and glassy with little bubbles.”

 

 1927921-eb9f85218c968de6614e66327d1107f5.jpg
Jean-Paul Sartre (21 juni 1905 - 15 april 1980)
Sarte in het Musée Grévin (wassenbeelden), Parijs

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 21e juni ook mijn blog van 21 juni 2014 deel 1, deel 2 en deel 3.

Geschreven door Romenu om 17:26 Reageer op dit bericht

In Memoriam Benoîte Groult

 

In Memoriam Benoîte Groult
 

De Franse feministische schrijfster Benoîte Groult is gisteren op 96-jarige leeftijd overleden. Dat heeft haar familie bekendgemaakt. Benoîte Groult werd geboren op 31 januari 1920 in Parijs. Zie ook alle tags voor Benoîte Groult op dit blog.

Uit: Mon évasion

« Ce ne serait sans doute pas inintéressant de le savoir et c’est indispensable pour les psychanalystes face à des patients qui souffrent de leur enfance comme d’une plaie qui ne veut pas se refermer. Autrefois on se passait très bien d’enfance. Elle n’occupait pas la place primordiale dans une exis-tence.
Elle n’occupera pas non plus une place primor-diale dans ce livre. Car je n’ai aucun procès à ins-truire, aucune rancune à assouvir, aucune excuse à invoquer pour expliquer que je n’aie pas été une surdouée ou un de ces cancres magnifiques que tant d’écrivains se vantent d’avoir été. L’éducation qu’on me donnait, en revanche, les personnes qui me la dis-pensaient jettent un éclairage indispensable pour comprendre comment je suis devenue cette adoles-cente timorée et incapable d’exploiter ses dons, alors que tant de fées s’étaient penchées sur mon berceau.
J’étais une gentille petite fille avec de très grands yeux bleus un peu fixes, une frange de cheveux châ-tains bien raides et une bouche trop charnue pour l’époque et que je laissais souvent ouverte, ce qui me donnait un air débile qui désolait ma mère. Comme elle n’était pas femme à se désoler mais à agir, afin de me rappeler de mimer cette bouche en cœur qui était à la mode pour les filles dans les années 30, elle me soufflait en public, dans un chuchotement que je jugeais tonitruant : « Pomme, Prune, Pouce, Rosie ! »
Je ne lui ai jamais répondu « Zut Maman ! ». Je devais bien être débile quelque part… Docile, je ras-semblais mes deux lèvres pour qu’elles ressemblent à celles de ma sœur qui étaient parfaites. Comme tout le reste de son être aux yeux de ma mère. Ah ! se dit le psy, l’air connu de la jalousie !
Eh bien non, même pas. J’aimais ma petite sœur, de quatre ans ma cadette et, en tout cas, je ne l’ai jamais haïe. Je l’ai à peine torturée, de bonnes grosses bri-mades bien innocentes. Après tout, je n’avais jamais prétendu adorer ma mère comme elle. Il est donc normal que maman préférât le genre de beauté de Flora et l’attachement passionné qu’elle lui a d’ail-leurs voué toute sa vie."

 

 1927961-92dd7fe80452ced7069d9ed6f57d25cc.jpg
Benoîte Groult (31 januari 1920 – 20 juni 2016)

Geschreven door Romenu om 17:25 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten