Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 27 september 2016 tot 28 september 2016

My Computer Ate My Homework 2, Dolce far niente, Charles Bukowski

Dolce far niente

 

1960602-8ef645f18c69349a36cc5e222e7b5c16.jpg
Computers And Wires door Tommy Midyette, 2011

 

My Computer

My Computer

"what?" they say, "you got a
computer?"

it's like I have sold out to
the enemy.

I had no idea so many
people were prejudiced
against
computers.

even two editors have
written me letters about
the computer.

one disparaged the
computer in a mild and
superior way.
the other seemed
genuinely
pissed.

I am aware that a
computer can't create
a poem.
but neither can a
typewriter.

yet, still, once or
twice a week
I hear:
"what?
you have a
computer?
you?"

yes, I do
and I sit up here
almost every
night,
sometimes with
beer or
wine,
sometimes
without
and I work the
computer.
the damn thing
even corrects
my spelling.

and the poems
come flying
out,
better than
ever.

I have no
idea what causes
all this
computer
prejudice.

me?
I want to go
the next step
beyond the
computer.
I'm sure it's
there.

and when I get
it,
they'll say,
"hey, you hear,
Chinaski got a
space-biter!"

"what? "

"yes, it's true!"

"I can't believe
it!"

and I'll also have
some beer or
some wine
or maybe nothing
at all
and I'll be
85 years old
driving it home
to
you and me
and to the little girl
who lost her
sheep.
or her
computer.

 

1960602-3c5ebcf87d0e5abc15a5298d43be4a27.jpg
Charles Bukowski (16 augustus 1920 – 9 maart 1994)
Andernach. Charles Bukowski werd in Andernach geboren.

 

Zie voor de schrijvers van de 28e september ook mijn blog van 28 september 2015 en ook mijn blog van 28 september 2014 deel 1 en eveneens deel 2.




Geschreven door Romenu om 16:12 Reageer op dit bericht

Philip Huff, Ellis Peters, Ben Greenman, Thijs Zonneveld, Albert Vigoleis Thelen, Robert Thomas

De Nederlandse schrijver Philip Huff werd geboren op 28 september 1984 in Zwolle. Zie ook alle tags voor Philip Huff op dit blog.

Uit:Het verdriet van anderen

“Bakkers schrijfstijl – de stem van zijn verteller – biedt zo minimaal mogelijk verwoord verdriet, zo direct mogelijk gedeelde wijsheid, en is daarmee oer-Nederlands, zoals een soort ingetogen en in zichzelf gekeerd protestantisme Hollands is. De woorden zijn evenwichtig en tegelijkertijd is deze verteller uit balans. De scène gaat zo verder: ‘“Wat doe je?” vroeg hij. – “Je gaat verhuizen,” zei ik. – “Ik wil hier blijven.” – “Nee.”’
Ook hier is veel verdriet voelbaar, net als woede, en erkenning van dat verdriet en van die woede: ‘Hij mocht zijn bed houden.’
Aan de andere kant van vaders bed, vertelt de verteller, ligt nog steeds een kussen, al is die kant al tien jaar onbeslapen. Oftewel: Helmers moeder, de vrouw van zijn vader, is al tien jaar dood. Al tien jaar en er is niets veranderd. Maar niet alleen in het leven van Helmers vader gebeurt weinig: Helmer zit aan het einde van het korte eerste hoofdstuk in de keuken te wachten tot de verf in vaders nieuwe kamer boven droog is.
Tweede hoofdstuk, enkele dagen later: ‘Het regent en de harde wind heeft de laatste bladeren uit de es geblazen. November is niet kraakfris en stil meer. De ouderlijke slaapkamer is nu mijn slaapkamer.’ Helmer heeft zijn kinderkamer eindelijk verlaten.
Helmer is een melkveehouder, met wat schapen, en twee ezels, die meer als huisdieren functioneren. Twee melkrijders komen er langs op de boerderij: een oudere, die stuurs is en vloekt, en over een paar jaar met pensioen gaat (en daar niet op kan wachten), en het leven áchter hem ziet liggen, en een jongere, tot wie Helmer zich aangetrokken voelt. In deze twee karakters wordt, in het kort, de worsteling van de hoofdpersoon gevangen.
Dit is de wereld van Helmer, waar onrustige koeien en melkrijders voor de enige opwinding zorgen in een landschap dat kaal en vlak is, gebukt gaat onder een grote hemel, in een Nederland dat sinds de jaren vijftig niet meer leek te bestaan. Maar bijna zestig jaar later vindt de lezer het, haast onveranderd en onaangedaan, dit prachtige, tijdloze, Noord-Hollandse akker-gras-en-wilgenlandschap.
De visie van Helmer op het leven wordt direct duidelijk: wat is het leven anders dan doorknauwen. Soms gebeurt dat door middel van wat Coetzee Bakkers ‘laconieke humor’ noemde: grappen, om erdoorheen te komen, of de wereld op afstand te houden, en soms door het verdriet te tonen door het niet te benoemen. Het verdriet én de humor: deze tegelijkertijd kalme en gegriefde blik op de wereld manifesteert zich in het boek door de stem van de verteller.”

 

1962542-b2e2c9885090b00f7fca68c22ce1dc9d.jpg 
Philip Huff (Zwolle, 28 september 1984)

 

 

De Engelse schrijfster Ellis Peters werd op 28 september 1913 als Edith Pargeter geboren in Horsehay. Zie ook ook mijn blog van 28 september 2010 en eveneens alle tags voor Ellis Peters op dit blog.

Uit:Das Erbe des Baumeisters (The Green Branch, vertaald door Marcel Bieger en Barbara Röhl)

“Der Knabe, der in der Baumkrone hockte, kniff die Lider zusammen und spähte gen Osten in die aufgehende Sonne
      Aus der bewaldeten Flußniederung unter ihm leuchteten Lichtpunkte wie Messer auf und stachen ihm in die Augen. Die flach einfallenden langen Sonnenstrahlen, welche durch den Morgennebel drangen, hatten soeben das steile, tief eingeschnittene Tal erreicht und trafen auf das tanzende Wasser zwischen den Bäumen. Langsam hob der Junge den Blick und betrachtete über das gleißende Licht hinweg den stumpfen Felsvorsprung, auf dem sich die Mauern der halb vollendeten Feste erhoben. Über die Weiden, auf denen kein einziges Schaf zu erblicken war, breitete sich weit und bunt das Lager der königlichen Truppen aus.
      Dort fühlten die Engländer sich in ihrer Überzahl sicher genug, ihre Banner zu zeigen, aber jedesmal wenn sie es wagten, in die Wälder einzudringen, kam das Aufblitzen eines scharlachroten Stücks Stoff oder einer Helmzier sie teuer zu stehen. Allein in der vergangenen Woche hatten die Waliser über vierzig von ihnen in Rufweite ihres eigenen Lagers getötet. Harry selbst hatte zwei Männer mit einem Pfeilschuß erledigt, als sie im Morgengrauen zu ihren Kaninchenschlingen geschlichen kamen und zu hungrig waren, um Vorsicht walten zu lassen. Die Armee des Justitiars darbte. Das wenige Fleisch, das die Soldaten in den letzten drei Wochen gekostet hatten, war bestenfalls das ihrer eigenen Pferde. Beim Heranrücken der Engländer hatte die Bevölkerung die Dörfer verlassen und Rindvieh, Schweine und Schafe in die Wildnis gescheucht. Selbst das Wild in den Wäldern hatte man planmäßig nach Westen getrieben, damit es dem Feind nicht zur Nahrung dienen konnte.
      Unablässig peinigten die grellen Lichtreflexe die Augen des Knaben. Ein ungutes Gefühl beschlich ihn plötzlich. Er wandte seine Aufmerksamkeit von dem Flickenteppich aus Zelten und Pavillons ab und ließ den Blick über das dahinter liegende zurückweichende breite Tal schweifen. Gesäumt wurde es von tief eingeschnittenen Hügeln, deren dunkle blaue Schatten im kräftiger werdenden Tageslicht intensiver wurden. Genauer betrachtete der Knabe jetzt die Spur, welche die blinkenden Lichtschafte tief unter seinem Ausguck durch die Bäume webten.
      Das Herz des Jungen tat einen Satz. Die Strahlen, die sich auf der Wasseroberfläche brachen, schienen den Bachlauf verlassen zu haben und wandten sich hügelaufwärts zum Sattel des Höhenzugs hinauf, als schlängele ein silbriges Reptil sich durch die Wälder an der Flanke des Gwernesgob.”

 

1962542-76e34e2a398f50d1f7bbe5dc0f8716ba.jpg
Ellis Peters (28 september 1913 – 14 oktober 1995)
Cover biografie

 

 

De Amerikaanse schrijver en uitgever Ben Greenman werd geboren op 28 september 1969 in Chicago. Zie ook mijn blog van 28 september 2010 en eveneens alle tags voor Ben Greenman op dit blog.

Uit: What He's Poised to Do

“He does not like the fact that thinking of his son makes his heart sink. He takes a postcard from the desk and writes to his son. The man takes the postcard and puts it in the outer pocket of his suitcase, aware that he will never mail it. The next day, he does not see the young woman from the bar. He does not see her the day after that, either. He is busy with work, and when he is not working he is walking up and down the city streets. He looks into the faces of the people he passes and tries to guess if they have ever betrayed someone they loved, or been betrayed by someone they loved. He supposes that most have, and this cheers him a bit, not for any reason other than the fact that it locates him. He returns to the hotel after the second day of working and walking and writes his wife a postcard. This one has a more optimistic message than the first: that, although he is not ready to talk on the telephone, he is ready to think about it, and that this is progress. He ends on a romantic note.
He takes that postcard downstairs to mail it. The young woman from the bar is now working at the reservations desk. She pretends not to know him. At first, he is offended, and then he comes to understand that it is a game. She calls him sir, stiffly, and he hands her the postcard face down, suddenly concerned that she might try to read it. She tells him that she would be happy to be of service. She calls him sir again, with no additional warmth. He returns to his room. An hour later, there is a knock at his door. He opens it to find the young woman there. This time, she undoes her skirt herself. The next morning, he remembers that she did not call out his name, but that she looked at him as if she was thinking of doing so. He remembers that she recited a series of names: her father's name, her husband's name, her son's name. He is surprised to find that it is the same as his son's name. He keeps this information to himself."

 

 1962542-829e6a909c351f5f0955156ffd2cf193.jpg
Ben Greenman (Chicago, 28 september 1969)
Cover

 

De Nederlandse schrijver, journalist en columnist Thijs Zonneveld werd geboren op 28 september 1980 in Sassenheim. Zie ook mijn blog van 28 september 2010 en eveneens alle tags voor Thijs Zonneveld op dit blog.

Uit: Peter (Column)

“En toen, na een WK dat eindeloos lang maar uren te kort duurde, kreeg Peter Sagan het woord. Hij had het kunnen hebben over zijn verpletterende zege, over zijn vernietigende demarrage, over de revanche na honderd miljoen tweede plaatsen.
Maar hij begon over de vluchtelingencrisis.
Als je me zou vragen wat hij precies zei, dan zou ik je het antwoord schuldig moeten blijven. Eén ding weet ik wel: het was prachtig. Heel even heb ik overwogen om het interview terug te kijken, maar ik heb het niet gedaan. Ik hoef niet precies te weten wat hij zei.
Het ging er niet om wát hij zei, het ging erom dát hij het zei. In Richmond stond een jonge sporter voor een microfoon die net de grootste overwinning van zijn carrière had behaald na een jaar waarin alles nét niet lukte, waarin hij onder druk werd gezet door zijn megalomane teameigenaar, waarin hij aan zichzelf twijfelde en waarin hij werd overreden door een motor. Hij had alle recht om in een sorbet van narcisme en euforie springen, maar dat deed hij niet. Hij richtte de aandacht op iets anders. De vluchtelingen, mensen, de vluchtelingen.
Peter Sagan sprak zijn eigen regering toe, die alleen maar oorlogsvluchtelingen accepteert als ze toevallig christelijk zijn; hij sprak het fort Europa toe, dat alleen maar bezig is met opvanggetallen en spreidingsstatistieken in plaats van met mensen; hij sprak ons allemaal toe.
In zijn hoofd waren zijn zinnen ongetwijfeld beter verwoord en meer gepolijst, maar dat maakte niet uit. Hij zei het zoals het is: verwarrend, overweldigend, nauwelijks in woorden te vertalen.“

 

 1962542-10ec75e1d7ac295ab5cd05fb1e7657bc.jpg
Thijs Zonneveld (Sassenheim, 28 september 1980)
Peter Sagan

 

De Duitse dichter, schrijver en criticus Albert Vigoleis Thelen werd geboren in Süchteln op 28 september 1903. Zie ook mijn blog van 28 september 2010 en eveneens alle tags voorAlbert Vigoleis Thelen op dit blog.

 

Vergiß-sie-nicht

Weine nicht, weil du nicht weinen kannst
über die heiligen Wetterschläge der Welt:
Das öffentliche Ärgernis im Garten Eden,
die göttliche Sintflut,
Sodom und Gomorha,
der Untergang der Atlantis mit Mann und Maus,
der Untergang der Titanic mit Mann und Maus,
der Untergang von 2367 Sprachen
benebst deren Sprechern,
der Ausbruch des Krakatau,
der Lues,
des Burenkriegs,
der Maul- und Klauenseuche,
Zyklon und Orkan,
Taifun und Tornado,
das Kino-Unglück in Harburg,
Bleidächer, Gummizellen, Gaskammern,
eine erwürgte Braut,
eine lebendgebärende Päpstin,
schlagende Wetter,
ein gottloser Gott –
und du weinst immer noch nicht?
Sei dann eindächtig der Zwiebel,
alium cepa:
sie löst dir das Rätsel der Tränen
und die Träne dazu.

 

 

Spiegelschrift

Das ungeschriebene Buch
ist die einzige Lektüre
des Analphabeten
Wo er es aufschlägt
erkennt er sich selbst
in archetypischer Nacktheit
und vom Scheitel zur Sohle
ist jedes Wort
an ihm wahr.

 

 1962542-f5e58be7c3f3ebc1a4a77c64aeadfe58.jpg
Albert Vigoleis Thelen (28 september 1903 - 9 april 1989)
Getekend portret door Peter K. Kirchhoff, 1989

 

 

De Franse schrijver, regisseur en acteur Robert Thomas werd geboren op 28 september 1927 in Gap. Zie ook alle tags voor Robert Thomas op dit blog.

Uit:Huit femmes

“ACTE PREMIER
Matinée d'hiver, un rayon de soleil un peu pâle fait jouer les vitraux. Atmosphère chaude et provinciale. Le feu pétille. Une pendule sonne dix coups, quelque part dans la maison.
On voit la grand-mère se glisser dans le salon et atteindre la bibliothèque. Elle se déplace dans un fauteuil à roulettes... (Note de l'auteur : ce fauteuil est facultatif). Elle regarde à gauche et à droite, puis fait jouer un déclic dans les livres, déclenchant la porte d'une cachette. Mais elle entend du bruit, elle referme tout et se sauve. Madame Chanel descend l'escalier, écoute à la porte du père.
Soudain, on entend à l'extérieur un klaxon de voiture. Madame Chanel descend et court à la baie en s'essuyant les mains à son tablier.
Madame CHANEL (folle de joie) - La voilà ! La voilà ! (Elle fait de grands signes vers le parc, puis revient crier au bas de l'escalier.) Voilà Suzanne qui arrive ! Voilà Suzon ! Le mauvais temps n'a pas retardé le train ! (En haut des marches apparaît Louise, la bonne, un plateau à la main.) Voilà Mademoiselle !
LOUISE - Oui ! Oui ! J'ai entendu !
Madame CHANEL - Ah ! si vous saviez comme ça me fait plaisir de retrouver ma Suzon... C'est moi qui l'ai élevée... Il y a dix ans, nous étions deux amies inséparables...
LOUISE - Je sais...
Madame CHANEL - Mais les années vous poussent et voilà que ma Suzon a dépassé vingt ans ! Depuis qu'elle est partie dans ce collège anglais, je ne la vois plus que deux fois l'an. Quel beau Noël nous allons avoir !
LOUISE (sans conviction). - Oui...
Ça va !”

 

 1962542-bc8cecb1036d9c156668058f560b0b8d.jpg
Robert Thomas (28 september 1927 - 3 januari 1989)
Scene uit een opvoering in Parijs, 2012

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 28e september ook mijn blog van 28 september 2014 deel 1 en eveneens deel 2.

 

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Irvine Welsh, Ignace Schretlen, Ko de Laat, Kay Ryan, Josef ¦kvorecký, Esther Verhoef, Christian Schloyer

De Schotse schrijver Irvine Welsh werd geboren op 27 september 1958 in Leith, Edinburgh. Zie ook mijn blog van 27 september 2010 en eveneens alle tags voor Irvine Welsh op dit blog.

Uit: Skagboys

“We head oot and dive oantae a 16, bound fir Johnny’s pad at Tolcross. It’s a blindin hot day so we sit doonstairs at the back for a better view ay the passin fanny. Back top deck wi Begbie, tae intimidate wideos, back bottom wi Sick Boy tae leer at lassies. Life has its simple codes.
– This is gaunny be so much fun, Sick Boy says, and rubs his hands thegither. – Drugs are always fun. Do you believe in cosmic forces, destiny n aw that shite?
– Nup.
– Me neither, but bear one thing in mind: today was a ‘T’ day.
– What … ? ah ask, then it dawns on us. – Yir dictionary thingy.
– All will be revealed, he nods, then starts talking about heroin.
Smack’s the only thing ah huvnae done, ah’ve never even smoked or snorted it. And ah must confess that ah’m fuckin shitein it. Ah wis brought up tae believe that one joint ay hash would kill me. And, of course, it wis bullshit. Then one line ay speed. Then one tab ay acid; aw lies, spread by people hell-bent on self-extermination through booze and fags.
But heroin.
It’s crossing a line.
But as the boy said, anything once. And Sick Boy doesnae seem concerned, so ah bullshit tae keep ma front up. – Aye, ah cannae wait tae dae some horse.
– What? Sick Boy looks at me in horror as the bus growls up the hill. – What the fuck are you talking aboot, Renton? Horse? Dinnae say that in front ay yir dealer mate or he’ll laugh in yir face. Call it skag, for Papa John-Paul’s sake, he snaps, then stares oot at a short-skirted lassie meandering wi seductive intent up Lothian Road. – She’s a peach … far too carefree in bearing and expression tae be a baboon …
– Right … ah feebly respond.”

 

 1960314-99e0784df14c7476f2094231caba7c7d.jpg
Irvine Welsh (Edinburg, 27 september 1958)

 

 

De Nederlandse dichter, schrijver, kunstenaar en huisarts Ignace Schretlen werd geboren in Tilburg op 27 september 1952. Zie eveneens alle tags voor Ignace Schretlen op dit blog.

 

Gebroken

Begrijpen was voor mijn arm
te hoog gegrepen en daarom
bleef alles wat hij greep,
sloeg en aaide voor hem geheim

tot hij op wie ik altijd uitkijk
viel en brak, werd ingegipst
en zo het eerste stukje
van mijn standbeeld werd;

ik ben dus écht van groot belang
denkt hij in zijn witte hangmat
met de fraaie naam mitella
maar mij maakt hij vleugellam

hij voelt zich niet bezwaard of
bekneld door het strak verband:
zolang een arm nog kan omarmen
is er niet echt iets aan de hand.

 

 

Het Wiel van Armando

Verstokt wiel, draai terug die tijd
qriip de handen van iouw maker
zoek beelden in zijn herinnering

breng zijn oorlog tot bedaren
rust in het opgeschrikte land
wek de doden, laat hen leven

keer dan pas knarsetandend
terug op je plek, hoog op beton
met rondom zand om te vergeten.

 

 

 1960314-6145f841fe292018ee4242526ab13002.jpg
Ignace Schretlen (Tilburg, 27 september 1952)

 

 

De Nederlandse dichter, performer, journalist en toneelschrijver Ko de Laat werd geboren op 27 september 1969 in Goirle. Zie ook alle tags voor Ko de Laat op dit blog.

 

Systeemprobleem

't Is voor speciale scholen óók loodzwaar
Er zitten allerlei probleemgevallen
Haast onverenigbaar, maar met z'n allen
In veel te grote groepen bij elkaar

't Is in het onderwijs van alle tijden
Hoe kinderen er steeds weer onder lijden

 

 

Webvrij weekend

Vanwege een morsdode telefoonlijn
Had ik een weekend lang geen internet
Verstoken zijn van mail en Facebook-pret?
Ik mocht het binnen één minuut gewoon zijn

Vanzelf bestreed ik uiterst adequaat
De dwangneurose die was aangepraat

 

 

Piekmomenten

Een volle mailbox, lege brievenbus
Er wordt veel afgerond of afgesloten
Er worden plaatjes van de boom geschoten
Zo zijn de dagen vlak voor kersmus dus

En straks, dan zal het feest, globaal bekeken
Ons weekend weer zo lekker lullig breken

 

1960314-8fb789d85792f140fbf729b633ae8eb1.jpg 
Ko de Laat (Goirle, 27 september 1969)

 

 

De Amerikaanse dichteres Kay Ryan werd geboren op 27september 1945 in San Jose, California. Zie ook mijn blog van 27 september 2010 en eveneens alle tags voor Kay Ryan op dit blog.

 

Token Loss

To the dragon
any loss is total.
His rest is disrupted
if a single jewel encrusted
goblet has been stolen.
The circle of himself
in the nest of his gold
has been broken.
No loss is token.

 

 

Home To Roost

The chickens are circling
and blotting out the day.
The sun is bright,
but the chickens are in the way.
Yes, the sky is dark with chickens,
dense with them.
They turn and then they turn again.
These are the chickens you let loose
one at a time and small—
various breeds.
Now they have
come home to roost
—all the same kind
at the same speed.

 

 1960314-e800f48b8690b5c7e53e5880f3469167.jpg
Kay Ryan (San Jose, 27 september 1945)
Hier met president Obama

 

 

De Tsjechische schrijver en uitgever Josef Škvorecký werd geboren op 27 september 1924 in Náchod. Zie ook mijn blog van 27 september 2010 en eveneens alle tags voor Josef Škvorecký op dit blog

Uit: When Eve Was Naked

““I spent the whole afternoon in front of Meinl's delicatessen glumly watching a parade of my schoolmates, boys and girls alike, entering the store and then coming out sipping the golden beverage and praising its quality. Of course, they had been cheated: the cups they had been given were made of waxed paper, and were so small that at least ten of them would have fitted easily inside the goblet pictured on the poster. I was dying to taste the golden drink, but naturally they all begrudged me a taste, as their cups were so very tiny. Nobody offered me a single drop.
At five o'clock the black gentleman closed the steel shutters over the shop window and the door. The last customer, who slithered out under the shutter just as it was coming down, was Irene, the councillor's daughter. "Gimme a sip, Irene!”; I whimpered. She was my last chance. “You didn't get any?”; asked Irene. She sounded surprised, but she let me have a sip. As soon as I had tasted the drink, I wanted it more than ever. “No, I didn't,” I told her, "because I ran out of moo" (I was going to say moolah, but Irene always spoke properly, so I changed the word halfway through) "ney,”and I added, "Let me have some more!”Irene's cup had only a drop left, though, and she gulped it down herself. Then, pointing to the poster, she said, "But it was free! Look, it was a giveaway!” She spelled out the slogan for me:

Come and Taste
the New American Drink
Ginger Ale.
A Cup of This Delicious Beverage
on Sale for 1 Kc
But Today and Only Today
Is Offered to You by
Mr. Positive Wasserman Brown of Chicago
Absolutely
Free.

Then Irene handed me the empty cup and turned around, her long braids with red ribbons swinging against her back. I threw away the empty cup, realizing that there would be far greater advantages in learning to read than there were in having Mother continue to read to me. I soon mastered reading, and writing too, and eventually became an author.”

 

 1960314-8e191eee0957ae72d8000f244353c444.jpg
Josef Škvorecký (Náchod, 27 september 1924)

 

 

De Nederlandse schrijfster Esther Verhoef-Verhallen werd geboren in ’s-Hertogenbosch op 27 september 1968. Zie ook mijn blog van 27 september 2010 en eveneens alle tags voor Esther Verhoef op dit blog.

Uit: De kraamhulp

“Hennequin reed de Baljuwstraat in. Langs de trottoirs stonden sprieterige boompjes, met palen ernaast die het jonge groen stevigheid moesten geven. Alle huizen zagen er hetzelfde uit. Kubistische, halfvrijstaande blokken met gedeelde opritten en muren van donker gevlamde bakstenen. Het glas in de grote ramen had een blauwige gloed, zodat je niet zo makkelijk naar binnen kon kijken.
Nummer 66 lag halverwege de straat. In het grind in de voortuin stond een uit triplex gefiguurzaagde ooievaar en voor het grote raam in de woonkamer hing een slinger: HOERA, EEN DOCHTER!
Het kindje was vannacht in het ziekenhuis geboren. De bevalling was allesbehalve soepel verlopen, dus hadden moeder en kind pas vanochtend naar huis gemogen.
Hennequin parkeerde haar auto langs het trottoir. Ze nam haar koffer van de achterbank en liep onder de carport door naar de voordeur. Er stond een glanzende Audi. Ze wierp er een snelle blik in: een donker, schoon en strak interieur. Er slingerde niets in rond. De auto zag eruit alsof hij zojuist uit de showroom was gereden. Onder de kentekenplaat stond in kleine, gele letters de naam van de leasemaatschappij.
Ze belde aan en bekeek het slot van de voordeur. Het zag er niet al te ingewikkeld uit, maar het was wellicht handiger als ze gewoon een sleutel had. Waarschijnlijk zou de familie daar niet heel moeilijk over doen. Mensen die pas hun eerste kindje hadden gekregen waren emotioneel, altijd een beetje uit balans. Hun hele leven stond op z’n kop door de komst van een nieuw mensje.
De kraamverzorgster was hun vertrouwenspersoon: een baken van rust en kennis in een nieuwe, onzekere situatie. Dus namen mensen haar al snel in vertrouwen. Aambeien, vaginale hechtingen, familievetes en andere gevoeligheden werden vrijelijk besproken met de kraamverzorgster. Iemand die ze helemaal niet kenden.”


1960314-184241da11610889de72b027a8de95a1.jpg
Esther Verhoef ('s-Hertogenbosch, 27 september 1968)

 

 

 

De Duitse dichter en schrijver Christian Schloyer werd geboren op 27 september 1976 in Erlangen. Zie ook mijn blog van 27 september 2010 en eveneens alle tags voor Christian Schloyer op dit blog.

 

die trüffel sind gefallen

weiß keiner wann? diese uhr gegen den bahnhofsuhr
zeigersinn zu ticken

      gebannt · bist du von beweglichen zif-
            fern · -züge die dir aus den augen

winkeln fahrn wo du den welt
raumbahnhof vermutest mit himmels

         korridor · von einer verletzung zur andren
                  verstümmelung · weiß jeder

gärtner besser zu nutzen als du
       den trieb · nutze! den tückischen trieb

zwerg der schnee
weißchens rosenrote

reizwäsche liebt mit sol-
datischem heckenscherenlächeln

der gärten
liebt wie ein schwein (und die pilze)

 

 1960314-383f7f0417eb617cb05fd2cdf7949a51.jpg
Christian Schloyer (Erlangen, 27 september 1976)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 27e september ook mijn blog van 27 september 2015 deel 2 en eveneens deel 3.



Geschreven door Romenu om 20:18 Reageer op dit bericht

Constantijn Huygensprijs 2016 voor Atte Jongstra

 

Constantijn Huygensprijs 2016 voor Atte Jongstra

Aan de Nederlandse schrijver Atte Jongstra is de Constantijn Huygens-prijs toegekend. Hij krijgt de prijs voor zijn hele oeuvre, maakte de Jan Campert-Stichting maandag bekend. De Nederlandse schrijver en essayist Atte Jongstra werd geboren in Terwispel op 13 augustus 1956. Zie ook alle tags voor Atte Jomgstra op dit blog.

Uit: Klinkende ikken

 “Je zou er na vijftig jaar toch eens aan gewend moeten zijn, maar de naam van mijn familie komt me nog steeds belachelijk voor. Ik krijg een heel vreemd gevoel als ik onder een krantenstuk of op de omslag van een boek de naam Jongstra zie staan. Ik heb geprobeerd eroverheen te komen door de hoofdpersoon van een roman (De tegenhanger, 2003) mijn naam te geven.Het hielp niet. Heette ik maar Van der Linde, Oosterbaan, Roorda van Eysingha of gewoon De Leeuw.
Ik las eens een stuk in een oude krant waarin iemand voorkwam die werd aangeduid met ‘Veldwachter Jongstra’. Natuurlijk, dacht ik. Alle veldwachters heten Jongstra en daarom moeten alle Jongstra’s veldwachters zijn. Wat kunnen mensen met zo’n achterlijke naam anders worden dan veldwachter? Mijn grootvader en zijn broer waren het allebei. Mijn vader was weliswaar onderwijzer, maar in ons dorp was dat tevens een soort hulpagent, een nevenfunctie die hij met verve vervulde.
Ik heb altijd gedacht dat er maar heel weinig mensen Jongstra heten. Dat was in mijn ijdele dagen. Van De Jong, Jongsma, Jongema heb je er heel veel, maar Jongstra – nee.
Ik zat eens op een veiling en had al enkele pakketten boeken gekocht. Bij een ander gewenst lot verloor ik bij het bieden.
‘Welke naam mag ik noteren?’ vroeg de veilingmeester.
‘Jongstra,’ riep de gelukkige koper.
Ik stond verbijsterd op: ‘Dat kan niet, zo heet ik!’
Klaterend applaus.
Zoiets doet je voelen dat je Jongstra heet.
Het is verschrikkelijk een naam als de mijne te moeten dragen, terwijl ik denk dat iemand als Harry Mulisch altijd verrukt is geweest van zijn naam.
Het beeld van een boekwinkel met in de etalage “DeWerken van Atte Jongstra” is eenvoudigweg lachwekkend. “Verzamelde gedichten van Atte Jongstra”? Ondenkbaar. Wie wil zulke gedichten lezen? Met pseudoniemen goochelen heb ik heus gedaan, ik ben echter altijd weer bij Jongstra teruggekomen. Macht der gewoonte? De kracht van dat ene, ellendige feit dat ik Jongstra heet? Ik kon er hoe dan ook niet tegenop.
Deze naam is dus de mijne. Daar komt mijn miserabel uiterlijk nog eens bij. Wat heb ik als jongen in de schooltoiletten vaak voor de spiegel gestaan en bittere tranen gestort. Een rooie kop. Een onaangenaam gezicht, glimmend (niet droog). Mijn haar als in een helm op het hoofd, als een dicht bos veren; ik zou later nog eens het scheldwoord ‘helmcasuaris’ toegeslingerd krijgen. Ik smeerde er vet in, maar het wou zich niet neerleggen. Absurd, nooit zoiets bij anderen gezien. Dan ging ik naar huis om er onmiddellijk in een spiegeltje te kijken.”

 

 1960222-2025d20956fe0f0adf342d32189ab603.jpg
Atte Jongstra (Terwispel, 13 augustus 1956)



Geschreven door Romenu om 11:33 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten