Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 20 november 2023 tot 21 november 2023

Freya North, Scott Cairns

De Britse schrijfster Freya North werd geboren op 21 november 1967 in Londen. Zie ook alle tags voor Freya North op dit blog.

Uit: Zussen (Vertaald door D. de Heer en Cora Woudstra)

“HOE ZEG JE EEN BERG VAARWEL?’ Vanaf haar uitkijkpunt keek Cat York uit over de drie Flatirons, Bear Peak en Green Mountain. Ze staarde langs de helling van de Flagstaff naar beneden, klopte op de sneeuw om haar heen en maakte het zichzelf gemakkelijk, alsof ze bij de berg op schoot zat. ‘Het is net een gigantische bevroren bruidsjurk,’ zei ze. ‘Het klinkt waarschijnlijk suf, maar ik heb de Flagstaff de afgelopen vier jaar stiekem een beetje als mijn eigen berg beschouwd.’ ‘Veel mensen hier hebben dat gevoel,’ zei Stacey. ‘En dat mag ook. Dat is het mooie als je in Boulder woont.’ De zon brak door en scheen op de schitterende sneeuwkristallen in de bomen; de scherpe, platte roestkleurige rotsen van de Flatirons rezen omhoog in hun vreemde hoek tussen het oogverblindende wit. ‘Toen Ben en ik hier kwamen wonen, had ik eerst enorm heimwee en was ik heel onzeker. Dan wandelde ik naar Chautauqua Meadow om even alleen te zijn. Ik had daar het gevoel dat de bergen een arm om me heen sloegen.’ Cat keek met een gevoel van nostalgische dankbaarheid om zich heen. ‘En al snel leerden we jullie kennen en gingen we hier klimmen en mountainbiken en kreeg ik opeens een heel andere kant van de berg te zien. Je zou kunnen zeggen dat hij voor mij zowel de sofa van een therapeut als een recreatiegebied is geweest. Het is nu mijn favoriete plek.’ Stacey keek hoe Cat haar gehandschoende handen over haar neus en mond vouwde in een nutteloze poging om haar neus er wat minder rood en haar lippen er wat minder blauw uit te laten zien. ‘Volgende week zien we rond deze tijd alleen nog maar de toppen van victoriaanse huizen,’ zei Cat, ‘grauwe duiven zullen de Amerikaanse zeearenden vervangen en er zullen alleen maar plassen zijn in plaats van Wonderland Lake. Volgende week begint er een heel nieuw hoofdstuk.’ ‘Vertel me eens wat meer over Clapham,’ vroeg Stacey terwijl ze zich in de sneeuwbunker installeerde alsof Cats beschrijving aan een verhaal van Dickens of Richard Curtis zou kunnen tippen. ‘Nou,’ zei Cat, ‘om te beginnen spreek je de “h” niet uit.’ Ze lachten allebei. `Mijn god,’ kreunde Cat en ze leunde voorover met haar hoofd op haar knieën. ‘Ik weet nog steeds niet zeker of we er wel goed aan doen, maar zeg maar niet tegen Ben dat ik dat gezegd heb. Ik kan je niks over Clapham vertellen, want volgens mij ben ik er nog nooit geweest.’ Ze zweeg even en ging toen een beetje triest verder: ‘Mijn god, Stacey, ik heb geen werk, mijn twee beste vriendinnen wonen buiten de stad en mijn zussen wonen nog steeds in mijn oude buurt, helemaal aan de andere kant van Londen.’ `Het is toch hartstikke spannend?’ zei Stacey. `En als het je niet bevalt kun je altijd terugkomen.’ Ze scheurde een pak Reese’s-chocoladekoekjes met pindakaas open met haar tanden omdat haar vingers bevroren waren. ‘En er zijn een heleboel dingen om naar uit te kijken.’ Enigszins bedaard en getroost door de combinatie van chocolade en pindakaas knikte Cat. ‘Ik heb mijn familie gemist.”

 

Freya North (Londen, 21 november 1967)

 

De Amerikaanse dichter, librettist en essayist Scott Cairns werd geboren op 19 november 1954 in Tacoma, Washington. Zie ook alle tags voor Scott Cairns op dit blog.

 

Idiote Psalmen

1

Een psalm van Isaak, begeleid door een joodse harp.

O God Geliefde, al is het ook indirect,
vaag vermoed in het midden
hiervan, de beladen, verduisterende mist
van mijn onvoldoende omvangrijke kennis,
Ogenschijnlijke minnaar van onze soort – hoezeer ook
schijnbaar afstandelijk – laat toe
dat ik nog een keer een glimp mag opvangen
van Uw schaduw in het land, maak gebruik
voor mij, een tweede keer, van het gevoel
van verschrikkelijke Aanwezigheid in de pulserende
holte nabij mijn hart.
Nogmaals, o Heer, vanuit Uw buitenmatigheid neig
uw gezicht om te schijnen op uw dienaar, beschroomd
van opoffering, als U wilt.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

 2572459-de3df44bf253409cf5829ac764acefd2.jpg

Scott Cairns (Tacoma, 19 november 1954)

 

Zie voor de schrijvers van de 21e november ook mijn blog van 21 november 2020 en ook mijn blog van 21 november 2018 en ook mijn blog van 21 november 2015 deel 2.






Geschreven door Romenu om 16:46 Reageer op dit bericht

Don DeLillo, Scott Cairns, Jordi Lammers

De Amerikaanse schrijver Don DeLillo werd op 20 november 1936 geboren in New York City als zoon van Italiaanse immigranten. Zie ook alle tags voor Don DeLillo op dit blog.

Uit: The Silence

“Martin was always on time, neatly dressed, clean shaven, living alone in the Bronx where he taught high school physics and walked the streets unseen. It was a charter school, gifted students, and he was their semi-eccentric guide into the dense wonders of their subject.
“Halftime maybe I eat something,” Max said. “But I keep on watching.”
“He also listens.”
“I watch and I listen.” “The sound down low.” “Like it is now,” Max said. “We can talk.”
“We talk, we listen, we eat, we drink, we watch.”
For the past year Diane has been telling the young man to return to earth. He barely occupied a chair, seemed only fitfully present, an original cliché, different from others, not a predictable or superficial figure but a man lost in his compulsive study of Einstein’s 1912 Manuscript on the Special Theory of Relativity.
He tended to fall into a pale trance. Was this a sickness, a condition?
Onscreen an announcer and a former coach discussed the two quarterbacks. Max liked to complain about the way in which pro football has been reduced to two players, easier to deal with than the ever-shuffling units.
The opening kickoff was one commercial away.
Max stood and rotated his upper body, this way and that, as far as it would go, feet firmly in place, and then looked straight ahead for about ten seconds. When he sat, Diane nodded as if allowing the proceedings onscreen to continue as planned.
The camera swept the crowd.
She said, “Imagine being there. Planted in a seat somewhere in the higher reaches of the stadium. What’s the stadium called? Which corporation or product is it named after?”
She raised an arm, indicating a pause while she thought of a name for the stadium.
“The Benzedrex Nasal Decongestant Memorial Coliseum.”
Max made a gesture of applause, hands not quite touching. He wanted to know where the others were, whether their flight was delayed, whether traffic was the problem, and will they bring something to eat and drink at halftime.”

 

Don DeLillo (New York City, 20 november 1936)

 

De Amerikaanse dichter, librettist en essayist Scott Cairns werd geboren op 19 november 1954 in Tacoma, Washington. Zie ook alle tags voor Scott Cairns op dit blog.

 

Een woord

Voor A.B.

Ze zei God. Hij lijkt er te zijn
als ik Hem aanroep, maar aanroepen
is ook moeilijk geweest. Pijnlijk.

En terwijl ze stil werd om nog een woord
te vinden, werd ik overgeleverd.
nog eens, aan mijn eigen lange worsteling

met diezelfde engel hier – nog steeds
hier – aan de voet van de oude
ladder van beklimming, in vuil stof

wegkwijnend nog steeds bij de
onderste trede, en liet mijn greep varen
lang voor de zegen.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Scott Cairns (Tacoma, 19 november 1954)

 

Onafhankelijk van geboortedata

De Nederlandse dichter en schrijver Jordi Lammers werd geboren in 1996 in Venray. Zie ook alle tags voor Jordi Lammers op dit blog.

 

Wensballonnen

stel dat op de vensterbank
een doodgevroren vlieg lag
zou je dan een aansteker
onder zijn vleugels houden

tot het beestje in een vonk
verandert door een kier
naar buiten glipt vlammend
in de nacht verdwijnt

ik zag op oudejaarsdag
hoe koppig wensballonnen zijn
hoe lang ze tussen grond 
en sterren blijven hangen

en vooral: hoe mooi je ogen breken
als je op vuur wacht

 

Rooksignalen

jij verzamelt takken
ik maak grapjes

in de hoop dat er iets warms ontstaat
wachten we op een beest 
dat tegen ons aan kruipt 
onze wonden ontdooit

met vonken tussen onze vingers
sturen we elkaar rooksignalen
het is zo koud hier

laten we dichter bij het vuur zitten
wachten op een grap die zo goed is
dat we ons de komende jaren
aan elkaar vast lachen

 

Wanneer het tijd is

hoe vaak zie je een dikke man
in een trappenhuis vol drukke

kinderen, en hoe vaak zie je iemand
in zwembroek sterven op zijn werk

je staat onderaan de trap, en hoort
een kind iets neuriën van bach, nee
je staat onderaan de trap, en ziet
je baas naakt gehurkt, en nee

je staat onderaan de trap, en je voelt
je veilig. want als je roept roep je
altijd met zijn allen

en als men vraagt
wanneer het tijd is
zeg je telkens nu nu nu

 

Jordi Lammers (Venray, 1996)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 19e november ook mijn blog van 19 november 2020 en ook mijn blog van 19 november 2018 en eveneens mijn blog van 19 november 2017 deel 3.

Geschreven door Romenu om 14:53 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten