Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 11 maart 2025 tot 12 maart 2025

Dave Eggers, Naomi Shihab Nye, Raoul de Jong

De Amerikaanse schrijver Dave Eggers werd geboren op 12 maart 1970 in Chicago. Zie ook alle tags voor Dave Eggers op dit blog.

Uit: The Eyes and the Impossible

“I turn I turn I turn before I lie to sleep and I rise before the Sun. I sleep inside and sleep outside and have slept in the hollow of a thousand-year-old tree. When I sleep I need warmth I need quiet I need freedom from sound. When I sleep I dream of mothers and clouds—clouds are messengers of God—and I dream of pupusas fool love pupusas and eat them with gusto. I am a dog called Johannes and I have seen you. I have seen you in this park, my home. If you have come to this park, my vast green and windblown park by the sea, I have seen you. I have seen everyone who has been hem, the walkers and runners and bikers and horse-riders and the Bison-seekers and the picnickers and the archers in their cloaks. When you have come here you have come to my home, where I am the Eyes. I have seen all of you here. The big and small and tall and odorous. The travellers and tourists and locals and roller-skating humans and those who play their brass under the mossy bridge and the jitterbug people who dance over that other bridge, and bearded humans who try to send flying discs into cages but usually fail. lore all in this park because I am the Eyes and have been entrusted with seeing and reporting all. Ask the turtles about me. Ask the squirrels. Don’t ask the ducks. The ducks know nothing. Iron like a rocket. I run like a laser. You have never seen speed like mine. When Iron I pull at the earth and make it turn. Have you seen me? You have not seen me. Not possible. You are mis-taken. No one has seen me running because when I run human eyes are blind to me. I run like light. Have you seen the movement of light? Have you?
You have not seen the movement of light. But still I like you. You did not expect this or deserve this but I do. I like you. I was born here. It’s a story. My mother was housekept and still is. But when she was pregnant, she came here, to a hollow in a tree and waited for us to be born. I don’t know and she doesn’t know why she chose to have no in the woods rather than in the safety of her human home—for she lived then in a human home, and she has a tag and is fed daily and petted always and cared for by human doctors who have kept her alive so long, so much Ionger than she would have lived out here. Why she had on out here, I don’t know, but she did, and when we all came out of her, oily and whimpering, she did an unexpected thing: she picked one of us, and brought that one—Leonard, my brother—to her human lair, and apparently her humans were thrilled to have her back home and delighted with her new son. The rest of us she left in the hollow of that tree. I am not bitter.”

 


Dave Eggers (Chicago, 12 maart 1970)

 

 

De Amerikaanse dichteres en schrijfster Naomi Shihab Nye werd geboren op 12 maart 1952 in St. Louis, Missouri. Zie ook alle tags voor Naomi Shihab Nye op dit blog.

 

 

Schouders

Een man steekt de straat over in de regen,
stapt voorzichtig, kijkt twee keer naar het noorden en het zuiden,
omdat zijn zoon op zijn schouder slaapt.

Geen enkele auto mag hem natspatten.
Geen enkele auto te dicht bij zijn schaduw rijden.

Deze man draagt de meest gevoelige lading ter wereld
maar hij draagt geen labels.
Nergens staat op zijn jas BREEKBAAR,
MET ZORG BEHANDELEN.

Zijn oor vult zich met adem.
Hij hoort het gezoem van de droom van een jongen
diep in hem.

We zullen niet in staat zijn
in deze wereld te leven
als we niet bereid zijn om met elkaar
te doen wat hij doet
.
De weg zal alleen maar breed zijn.
De regen zal nooit ophouden te vallen.

 

 

Vertaald door Frans Roumen

 

 


Naomi Shihab Nye (St. Louis, 12 maart 1952)

 

 

De Nederlandse schrijver, columnist, programmamaker en danser Raoul de Jong werd geboren in Rotterdam op 12 maart 1984. Zie ook alle tags voor Raoul de Jong op dit blog.

Uit: Gesprekken met opa

“Wanneer een oude man overlijdt, verbrandt er een bibliotheek: schreef de Malinese schrijver Amadou Hampâté Bâ .Ik heb vaak aan die zin gedacht terwijl ik werkte aan Jaguarman, mijn boek over een van mijn Surinaamse voorvaders, die de kracht zou hebben gehad om zichzelf te veranderen in het sterkste dier van de Amazone. De koloniale onderdrukker had er alles aan gedaan om te zorgen dat de Jaguarman zijn bibliotheek niet zou doorgeven aan zijn nageslacht, waardoor ik zeven jaar lang op zoek moest in tweede-handsboekwinkels en stoffige archieven en op expeditie moest naar het regenwoud om zijn verhaal — zijn wijsheid — te vinden. Terwijl ik dat stukje bij beetje bij elkaar puzzelde, waardoor ik, zo zou je kunnen zeggen, steeds Surinaamser werd, takelde mijn andere opa, mijn Nederlandse opa, de opa die ik mijn hele leven had gekend en die bijna drie decennia mijn enige opa was geweest, langzaam af. Hij werd steeds trager en vergeetachtiger. Nadat hij in maart 2019 een hele dag in bed was blijven liggen, werd hij door mijn familie in een verzorgingstehuis geplaatst. Zijn naam was Egbert de Jong. Hij werd in 1929 geboren in een klein dorp in de provincie Groningen. Ik was zijn eerste kleinkind. Hij was vijfenvijftig toen ik op de wereld kwam. En ik moet bekennen dat dit de eerste keer is dat ik dat heb uitgerekend. Want dat opa Ep er was, was nooit ie. bijzonders. Hij was er gewoon, altijd, vanaf het moment dat ik bestond. Hij had mooi, wit, naar achter gekamd haar. Hij droeg ribbroeken, gestreepte overhemden, wonen truien en grote beige jassen die mijn oma voor hem kocht. Hij stotterde als hij boos was. Bij alles wat ik deed, zat bij op de eerste rij. Hij was de reden dat mijn moeder dacht dat je kinderen beter zonder vader kon laren opgroeien. Waardoor ik mijn Surinaamse vader pas op mijn achtentwintigste zou ontmoeten en mijn Nederlandse opa, ironisch genoeg, het grootste gedeelte van mijn leven mijn ‘vaderfiguur’ was.. De man voor wie ik op de basisschool cadeautjes knutselde op Vaderdag. De Man die me lit zien wat het betekent om een man te zijn.”

 


Raoul de Jong (Rotterdam, 12 maart 1984)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 12e maart ook mijn blog van 12 maart 2020 en eveneens mijn blog van 12 maart 2019 en ook mijn blog van 12 maart 2018 en ook mijn blog van 12 maart 2017 deel 2.

Geschreven door Romenu om 17:29 1 reactie Reageer op dit bericht

Karl Krolow, Willem Claassen

De Duitse dichter en schrijver Karl Krolow werd geboren op 11 maart 1915 in Hannover. Zie ook alle tags voor Karl Krolow op dit blog.

 

 

STERBLICH

Sterblich -das fängt überall an
Im Skelett, mit dem man weiterlebt,
während Finger über Weichteile streichen.
Habe ich recht? Es ist die einzige Zeit,
mit der es sich leben lässt,
menschenscheu, man hat
seinen Vorrat Luft, atmet flach
bei richtiger Beleuchtung,
versteckt sich in einen grauen Flanellanzug
und hat im Normalfall Glück mit der nächsten Stunde,
mit der Ähnlichkeit der Dinge,
wenn sie im rechten Licht stehn.
Versuche weiter, geradeaus zu gehn
und deinen hierorts unbekannten Namen
für dich zu behalten.
Du bist ohnehin beobachtbar wie Liebespaare,
hinter der Wand beliebiger Zimmer
zu heftig ausatmen und tatsächlich
sterblich sind, ihren Stoffwechsel verschwenden.

 

 

Zeit der Zahlen

Die Zahl ist In allem Baudelaire, Raketen

Das Einmaleins, auf Wasser
Und Mauern hingeschrieben,
Im Birnenfleisch geläutert,
Aus goldnem Wachs getrieben,

Gebändigt von den Geistern,
Die aus der Stunde steigen!
Die Zeit der Zahlen duftet I
m alten Ulmenschweigen,

Im rostenden Metalle,
Von leichtem Licht umflossen.
Man dividiert sie immer
Zu spät. Die Ankertrossen

Sind längst schon aus der Tiefe
Des Jenseits hochgewunden.
Die Zeit der Zahlen endet
Im Abgrund der Sekunden,

Des Pfiffs, der von vier Fingern
Im Mund fliegt In die Wolke.
Das Einmaleins: Geschichte,
Geraunt vom Schiffervolke!

 

 

Für Celine, vor Zeiten gestorben

Engesohde, Hannover

Deine Hand aus dem Grase,
Dein Gesicht grüner Rauch!
Und es schwebt eine Vase
Alten Dufts auf dich zu.

Ein Atemzug Süße.
Ohne Schatten dein Grab.
Und die Spur deiner Füße
Steht im Wasser der Luft.

Deine Augen, Celine:
Blauer Tau überm Laub,
Der die Flügel der Biene
Mit Vergänglichkeit netzt.

Seit wie lange gestorben,
Mund, von Hölty erdacht:
Nun von Grillen umworben
Unterm zierlichen Licht.

Zwanzigjährig Betörte
Von der Stimme aus Glas:
Cimarosa erhörte
Dein Geflüster bei Nacht.

 

 

Kijk daar eens naar

Kijk daar eens een naar, dat zou
iemand kunnen zijn die gewoon vertrekt
uit zijn wereldse leven,
nadat hij met een restje
Saint Emilion zijn mond gespoeld had,
die beleefd verdwijnt, zonder vrees
zijn aftocht voorzag toen hij zich
voor het eerst afvroeg wat hij hier deed
tussen anderen die dat allemaal
heel vanzelfsprekend volbrengen.
Niemand gaf hem vuur om verder te leven,
en de sensuele revolutie
bracht geen verlichting.
Vanaf dat ogenblik
was het niet langer moeilijk voor hem
om tegen zichzelf te zeggen dat het
tamelijk irrelevant moest zijn,
in welke richting men zich
verwijdert.

 

 

Vertaald door Frans Roumen

 

 


Karl Krolow (11 maart 1915 – 21 juni 1999)

 

 

Onafhankelijk van geboortedata:

De Nederlandse schrijver Willem Claassen werd geboren in Beuningen in 1982. Zie ook alle tags voor Willem Claassen op dit blog.

Uit: Contouren

Tak

In het park pakt mijn jongste een tak van de grond die ze al vrij snel omdoopt tot ‘Vriendinnetje Tak’. Als we terug bij de fiets zijn en ik haar op het achterzitje wil zetten, moet Vriendinnetje Tak mee. Ze zegt het zo beslist dat ik weet dat het oorlog wordt als ik nee zeg.
We zijn in beweging en ze zwaait met de tak.
‘Niet doen, straks raak je er iemand mee.’
Ze luistert goed, ze houdt de tak meteen laag.
‘Niet zo, dan komt ze misschien tussen de spaken. Leg haar maar op je knieën.’
Dat vindt ze een goed idee, dat past bij een vriendinnetje.
Ze praat lang en liefdevol tegen de tak, ik kan het niet helemaal volgen. Dan, uit het niets, vraagt ze waar we naartoe gaan.
‘Naar huis, maar we moeten even via deze weg.’
Wekelijks hanteer ik dezelfde tactiek en ze trapt daar vooralsnog elke keer in. Het duurt niet lang voor het stil is achter mijn rug. Ik rij zo langzaam mogelijk, sla willekeurige straten in en maak rondjes door een wijk die ik amper ken. Alles om haar in slaap te houden. Het is een grondrecht om te kunnen slapen als je moe bent, zeker voor een peuter.
Terwijl ik heel bewust mijn tijd verdoe, raast het verkeer langs me heen. Op de stoep staat een vrouw te bellen. Ik denk aan de hoge werkdruk overal, zeker nu er zoveel ziekmeldingen zijn. Ik vraag me af waarom het niet een slagje minder mag. Juist in deze tijd. Zou de boel dan echt in elkaar storten? Doen we dit niet vooral onszelf aan?
Mijn jongste schrikt wakker.
‘Vriendinnetje Tak!’
De tak is op straat gevallen. Ze wijst naar waar ze op het asfalt ligt. Ik draai het stuur, rijd terug, zet de fiets op de standaard en geef haar de tak.
‘Heb je lekker geslapen?’
‘Geslapen? Nee, ik heb niet geslapen.’
Ze glimlacht.
‘Vriendinnetje Tak heeft geslapen!’

 

 


Willem Claassen (Beuningen, 1982)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 11e maart ook mijn blog van 11 maart 2020 en eveneens mijn blog van 11 maart 2019 en ook mijn blog van 11 maart 2018 deel 3.

Geschreven door Romenu om 17:24 1 reactie Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten