Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 11 december 2025 tot 12 december 2025

Susanna Tamaro, Helen Dunmore, Kader Abdolah

De Italiaanse schrijfster Susanna Tamaro werd geboren in Triëst op 12 december 1957. Zie ook alle tags voor Susanna Tamaro op dit blog.

Uit: Voor altijd (Vertaald door Philip Supèr)

“Er is zoveel over mezelf dat ik je nooit heb verteld. We waren nog zo jong, zo vol van enthousiasme voor de tijd waarin we leefden. Er was het heden – de tijd van onze liefde – en de toekomst, de tijd die we in de komende jaren met z’n tweeën zelf vorm zouden geven: werk, een huis, kinderen.
We waren vast van plan de wereld beter achter te laten dan we hem aangetroffen hadden. Alles wat achter ons lag was van geen enkel belang, we waren ervan overtuigd dat onze hartstocht en liefde elk obstakel zouden overwinnen.
Jij vergeleek ons leven altijd met water dat stroomt. ‘Nu zijn we een bergbeek,’ zei je dan, ‘onstuimig schieten we vooruit, springen we over steenmassa’s heen, vormen we watervallen; ons kolkende geraas vult de hele omgeving, van de bergtop tot het dal. Maar op een dag worden we rivieren in vlak land – bedaard, gezwollen, lui – en verstommen we, dan hoor je alleen nog het gefluit van de wind die door de wilgen strijkt.’
‘Is dat saai?’
‘Nee, dat is de natuur.’
’s Nachts in bed, starend naar het plafond, speelden we vaak ‘Welke-rivier-wil-je-zijn?’
‘Wil jij de Dora Baltea zijn?’ vroeg ik aan je. Waarop jij in de dekens begon te trappelen en riep: ‘Nee! Niet de Dora Baltea!’ Die vond je te klein, te bescheiden en daarbij stond het idee je tegen uit te komen in de Po. ‘Ik wil geen zijrivier zijn,’ zei je. ‘Ik wil een rivier zijn die direct in zee uitstroomt.’
Jouw ideaal was de Amazone, Uren kon je me vertellen over de schitterende fauna die je waarnam op je tocht: vlinders, papegaaien en roze dolfijnen, die tegen je stroom in zwommen.”

 

2684856-f5330f9341948b1c88f9f2725e8c0b48.jpg
Susanna Tamaro (Triëst, 12 december 1957)

 

 

De Britse dichteres en schrijfster Helen Dunmore werd geboren op 12 december 1952 in Beverley, Yorkshire. Zie ook alle tags voor Helen Dunmore op dit blog.

 

Wat een flauwekul

Waarom zei je dat ze stil moesten zijn
en rechtop moesten zitten tot je terugkwam?
Die flauwekul zou je naar ze toe hebben geleid.

Je loopt van de ene geparkeerde auto naar de andere
en tuurt door de beslagen ramen
voordat je het kenteken controleert.

Je zakken puilen uit. Je hebt snoep voor ze gekocht
maar de condens zit aan de binnenkant van de ramen.
Hoeveel kinderen ademen er?

Die flauwekul is over achter in de auto.
Buiten de ramen is de dag voorbij.
Er is geen straatlantaarn aangegaan.

Je hebt ze kokkels in azijn gevoerd,
je hebt ze op de speelautomaten gezet.
Je keek maar één keer weg.

Je keek maar één keer weg
terwijl je tegen de toonbank van de snackbar leunde,
en veertig jaar waren voorbij.

Je hebt ze telkens weer gezegd:
Hou op met die flauwekul daar achterin!
En nu hebben ze het gedaan.
Is dat mist, of water met adem erin?

 

Vertaald door Frans Roumen

 

 

2684856-97751decdf996aa9f9b30a6a2690920b.jpg
Helen Dunmore (12 december 1952 – 5 juni 2017)

 

 

Rectificatie

De Iraans – Nederlandse schrijver Kader Abdolah (pseudoniem van Hossein Sadjadi Ghaemmaghami Farahani) werd geboren in Arak op 12 november (niet 12 december) 1954. Zie ook alle tags voor Kader Abdolah op dit blog.

Uit: Ze vliegen nog altijd over de Schie

“Ernesto was niet de echte naam van Ernesto.
Een tijdlang wist hij niet waarom hij zo genoemd werd, of hoe het zover gekomen was dat hij uiteindelijk Ernesto werd.
Misschien had iemand hem, voorafgaand aan zijn verleden, met deze naam geroepen, en was hij sindsdien Ernesto geworden.
Hij wist ook niet waar hij vandaan kwam.
Naast Arabisch sprak hij Spaans, maar hij was geen Spanjaard, en ook geen Zuid-Amerikaan. Zijn voorkomen deed eerder vermoeden dat hij tot een van de oude culturen uit Syrië, Libanon, Palestina of waar dan ook behoorde.
Ernesto wist lange tijd niet dat hij een groot deel van zijn herinneringen was kwijtgeraakt door een klap, veroorzaakt door het instorten van het plafond van de kamer waarin hij sliep.
Pas later, toen hij na veel ronddwalingen uiteindelijk in Nederland was terechtgekomen, kreeg hij stapsgewijs stukjes van zijn achtergrond terug in zijn dromen en nachtmerries.
Maar wat er ook met hem gebeurd was: die klap was net voor zijn vijfendertigste geweest, als zijn berekeningen klopten, tenminste.
Ernesto kende zichzelf dus goed sinds zijn vijfendertigste, vanaf het moment dat hij Ernesto was geworden. Later zou hij zich duidelijk dat moment van zijn bewustwording herinneren: hij stond op het oude, drukke plein van de bazaar in Caïro, precies als iemand die zojuist uit een diepe slaap ontwaakt was en zich ineens op een plein bevond waar hij nooit eerder was geweest.
Daarna liep hij maar gewoon met de mensenmassa mee de historische Khan El-Khalili-bazaar binnen.
Die bazaar of soek was een van de oudste, meest levendige en kleurrijke bazaars in de Arabische wereld, en is dat nog steeds.
Vanaf dat moment begon het leven van Ernesto, of anders gezegd: hij begon met een nieuw leven.”

 

2684856-65a56af8b8458a6148dda79a6cbc4356.jpg
Kader Abdolah (Arak, 12 november 1954)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 12e december ook mijn blog van 12 december 2021 en ook mijn blog van 12 december 2020 en eveneens mijn blog van 12 december 2018 en ook mijn blog van 12 december 2015 deel 2 en eveneens deel 3.



Geschreven door Romenu om 16:38 Reageer op dit bericht

Marie Kessels, Christoph W. Bauer

De Nederlandse schrijfster Marie Kessels werd geboren in Nederweert op 11 december 1954. Zie ook alle tags voor Marie Kessels op dit blog.

Uit: Het gezicht

“Als je de hele dag een man zou horen huilen en je vond hem niet in huis of op straat en hij ging gewoon verder met huilen, ’s nachts en de volgende dag, weken achter elkaar, onstuitbaar, hoe zou je dan veranderen?
Als hij op dezelfde manier onstuitbaar zou lachen zou je zeker krankzinnig worden en hulp nodig hebben, al klonk dat lachen vrolijk en niet spottend of hatelijk.
Maar tegen zijn huilen zet je je eerder schrap, na een tijdje ‘geloof je het wel’, je leeft door alsof je het niet hoort. Zijn snikken werkt niet minder direct op de zenuwen dan dat gelach zonder reden, op een schaal van een tot tien geef je een negen aan het lachen en een twee aan het huilen als het om indringendheid gaat. Op den duur is het bladergeritsel huilen, je hoort het pas goed op het ogenblik dat het wegsterft en de plotselinge stilte je korzelig maakt.
De korven voor het mensenvervoer beginnen zo erg te slingeren in het harde licht van de middagzon dat we vlug uit onze wagens stappen om ons te verkneukelen.
Van een andere vrouw houden zonder door te stoten naar de plaats, het brandende centrum waar haar scheppende kracht aan het werk is, zonder dat brandende centrum te kunnen vinden, is een hopeloze aangelegenheid waardoor je heftig naar de dood gaat verlangen (net of je steentje voor steentje wordt afgebroken als een wrakke kathedraal).
Tot het laatst toe bewaarde de man die door het vuurpeleton zou worden gedood de ironische houding waarmee hij als televisiepresentator bekend is geworden. Ook zijn executie nam hij niet serieus, hij praatte badinerend tegen zijn publiek (dat er niet was, behalve het vuurpeloton), maakte wegwerpende gebaren, vulde de ruimte met het het spottende stemgeluid van de teleurgestelde en vermoeide oudere man, zijn glansrol: een bologige, kwakende heer zonder illusies, de draak
stekend met alles waar zijn vinger naar wees, waar zijn blik even langs streek. Zo nam hij de openbare ruimte (onafzienbaar en leeg) nog één keer in bezit, clownesk en droevig maar niet droeviger dan anders, niet droevig om zijn dood; misschien had hij te weinig verbeeldingskracht voor een voorstelling van zijn dood. Is het mogelijk dat mensen onder zulke omstandigheden niet zweten? Iedereen heeft wel eens de gewaarwording van gummi te zijn, onverwoestbaar en ook onecht, bijvoorbeeld op het ogenblik dat er op de snelweg een auto op hem af stormt. Die auto kan hem toch niets doen! De televisiepresentator had zo’n gummi-gedachte niet nodig tegen de schrik, de ironicus rekent al blindelings op de overmacht van de onwerkelijkheid. Nee, hij zweette niet en zijn zware oogleden bewogen heel snel op en neer om zijn publiek naar zich toe te zuigen, het in te palmen, op zijn hand te krijgen, aan het lachen te maken. Alles als vanouds.”

 

2684674-f772adfbe36d72598911af280a6e4de6.jpg

Marie Kessels (Nederweert, 11 december 1954)

 

 

De Oostenrijkse dichter, schrijver en vertaler Christoph W. Bauer werd geboren in Kolbnitz op 11 december 1968. Zie ook mijn blog van 26 september 2010 en ook alle tags voor Christoph W. Bauer op dit blog.

 

lawaai is een begin, geluk een simpel akkoord
achter de ogen rollen bassen dreunen
over ons heen, jaren lang heb ik gerend naar
dit concert, jij kwam uit dezelfde
richting, en de rest kan ik me voorstellen.

zeg je zo zachtjes dat ik het nauwelijks versta en
misschien alleen maar wil aannemen omdat jouw
handen de reizen aan die van mij aflezen alsof
het hun eigen reizen zijn, en de hemel rockt
en brult en blijft in alles een punk die

zijn hanenkam in regenboogkleuren
schildert, metaforisch gesproken dansen we op een
dun koord horen de surfers lasteren
geen cent waard is ons hun geblaat vivamus
atque amemus, Campino krakeelt wat telt.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

2684674-e673ac0d03f63dd643794e64a65a5c23.jpg

Christoph W. Bauer (Kolbnitz, 11 december 1968)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 11e december ook mijn blog van 11 december 2018 en eveneens mijn blog van 11 december 2016 deel 2 en eveneens deel 3.



Geschreven door Romenu om 16:52 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten