Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 9 mei 2026 tot 10 mei 2026

Moeder (Johan Daisne), J. C. Bloem, Jayne Cortez

 

2704467-abf5f31185ef897c3b6c18ea41afba73.jpg
Portrait of the Artist’s Mother door Hilda Carline, 1929

 

 

MOEDER

Ik wil van jou niet zingen als van de grijze,
de gebogene, de weer klein gewordene, die gaat
met aarzeling, maar gáát, in de treurige wijzen
van dichteres met handen voor hun rouw-gelaat;
ik wil van jou geen beelden als deze bewaren
die, sommige dagen, in elk leven geweest zijn,
geen beelden van wee-dagen, geen gestalten van zware,
onhandig dwaze stonden van schuld en van pijn;
ik wil je noemen, overtekenen, houden
in ’n stel zingende regelen, geen gedicht als de oude,
maar ongebonden eenvoudig,
en tóch lied – van en voor jou – direct lied van het Licht!

 

 

2704467-bd5bc8edaf70501be1e63816f1b56a95.jpg
Johan Daisne (2 september 1912 – 9 augustus 1978)
Sint Baafskathedraal in gent, de geboorteplaats van Johan Daisne

 

 

De Nederlandse dichter J. C. Bloem werd geboren op 10 mei 1887 in Oudshoorn. Zie ook alle tags voor J. C. Bloem op dit blog.

 

 

Hemelen

O hart eens als de korte zomernachten,
Waarin de dag, die naar de dooden gaat,
Verlangende op den komenden blijft wachten,
En ’t licht den hemel nooit geheel verlaat.

Maar dat een late najaarslucht nu slacht,
Met sterrenschijn door mist’ge wolkenlagen,
Om het gedoofde en het gedempte en ’t zacht
Befloerste stralen tusschen korte dagen.

 

 

Uitzicht

Gij waart een kind, dat nachten wakker lag,
Een knaap, die ziek ging aan zijn eerste droomen,
Een jongeling, wiens drang was: elken dag
Gloeien als vuur en als wild water stroomen.

En nu? Een man staart zonder woord en zucht
Naar ’t hooploos uitzicht van zijn laatre dagen:
Een kersen zon, die smelt – een najaarslucht –
Een middagzee, die in den mist vervagen.

 

 

Een man

Een rood raam aan een oude gracht,
Een deur, die open schrijnt,
Een man, die even wacht
Eer hij in den nacht verdwijnt.

De sleetsche rug was krom
Gebogen onder den smaad,
Toen wendde hij zich om
Naar de geul van een gore straat.

In het duister, dat hem omving,
Ging hij teloor als een huis,
Hij werd minder dan een ding,
Hij verging als een geruisch.

Het hart is maar een vod,
Het wordt nog niet eens verkwist;
Vanzelf verwordt het tot
Bezit van een grijzen mist.

 

2704467-53d00950efac659b8f0c9e8376ca6693.jpg
J. C. Bloem (10 mei 1887 – 10 augustus 1966)

 

 

De Amerikaanse dichteres en performster Jayne Cortez werd geboren op 10 mei 1936 in Fort Huachuca, Arizona. Zie ook alle tags voor Jayne Cortez op dit blog.

 

 

Onuitwisbaar

Luister, ik heb een klacht
Mijn lippen zitten vol
vingerafdrukken
Slapeloosheid teistert me
De mate van isolatie
is zo groot dat mijn schildklier eronder lijdt
en ik wil niet verdwijnen
Kun je me helpen?

 

 

Vertaald door Frans Roumen

 

 

2704467-19b2bcb11738225f9dcf3ea5838d5f99.jpg

Jayne Cortez(10 mei 1936 – 28 december 2012)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 10e mei ook mijn blog van 10 mei 2020 en eveneens mijn blog van 10 mei 2019 en ook mijn blog van 10 mei 2018 deel 2 en eveneens deel 3.

Geschreven door Romenu om 18:26 Reageer op dit bericht

Paul Lynch, Charles Simic

De Ierse schrijver Paul Lynch werd geboren op 9 mei 1977 in Limerick in het zuidwesten van Ierland. Zie ook alle tags voor Paul Lynch op dit blog.

Uit: Red Sky in Morning

“NIGHT SKY WAS BLACK and then there was blood, morning crack of light on the edge of the earth. The crimson spill sent the bright stars to fade, hills step-ping out of shadow and clouds finding flesh. First rain of day from a soundless sky and music it made of the land. The trees let slip the mantle of darkness, stretched themselves, fingers of leaves shivering in the breeze, red then goldening rays of light catching. The rain stopped and he heard the birds wake. They blinked and shook their heads and scattered song upon the sky. The land, old and tremulous, turned slowly towards the rising sun.
Coll Coyle was tight with rage and could not admit he was afraid. For hours he watched with dread the creeping birth of morning. Wobbled glass bending the Carnarvan dawn in rivulets of shifting purple, the slow retreat of numb shadow from the walls. He could not speak for a great bank of sorrow.
He lay awake most of the night, dreams snaking shallow and tormented so that for a moment he would find relief in waking, but soon the dread would pool about him in the darkness and a weight spreading heavy would pitch on top of him. He turned among the limb-sprawl of heated bodies, his daughter snug in his elbow and the press of his wife’s chest. He reached a hand to her swollen belly and listened to the suck tide of her breathing. The surf at Clochan Strand.
He rose so as not to stir them, slithered and then scooped his daughter with feathered fingers and placed her by her mother’s arms. The child awoke anyway, blinked at him with eyes confused and crusted, and he cooed her and rubbed his thumb on her cheek and the lids of her eyes weighted and shut. He looked to the darkness that held silent the shape of his mother sleeping. The hearth glowing red with sleepy eyes and he reached for his breeches and put them on and took his wyliecoat off the chair, sleeved it and buttoned it and set towards the door leaving his boots by the bed. The door sounding a gentle keening and he put it back on the latch and stood outside. The smell of Carnarvan like soaking earth. Salt faintly on the air and he sucked it in, looked towards the light that flaked silver on the dark waters of Trawbega Bay.
He stamped his feet and walked about the yard and opened the door to the stone outhouse, letting out the pig with a kick. Go on ye. The cow staring at him thickly. He yawned and rubbed his eyes and sat on the stone wall and ran his fingers over the rocks that sat jagged as if they had fought violently before being ripped out of the earth. The lime white of the house indigo in the light and he saw himself as a child among gragging geese and his father plastering dripping upon the blue clay.”

 

2704345-09e3f0fcb82d82854c501cdc232068f1.jpeg
Paul Lynch (Limerick, 9 mei 1977)

 

 

De Amerikaanse dichter Charles Simic werd geboren in Belgrado op 9 mei 1938. Zie ook alle tags voor Charles Simic op dit blog.

 

Lied

in haar weduwentasje
bewaart mijn moeder
een gedachte
zwaarder dan zijzelf

wanneer niemand kijkt
haalt ze hem eruit
en kauwt erop
als op een kort droog brood

wanneer niemand kijkt
spuugt ze de botjes en kooltjes
op een hoopje
en stopt ons dan allemaal in

alleen dit vertrouwde gewicht
wiegt ons in slaap

alleen dit moederlijk duister
zal onze dromen verlichten

 

 

Vertaald door Wiljan van den Akker

 

 

2704345-ea8a7677cbbd26c2ee2113b02a25077c.jpg
Charles Simic (Belgrado, 9 mei 1938)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 9e mei ook mijn blog van 9 mei 2022 en ook mijn blog van 9 mei 2020 en eveneens mijn blog van 9 mei 2019 en ook mijn blog van 9 mei 2018 en ook mijn blog van 9 mei 2015 deel 2.



Geschreven door Romenu om 17:07 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten