Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 27 mei 2026 tot 28 mei 2026

Ad Zuiderent, Vladislav Chodasevitsj

De Nederlandse dichter en criticus Ad Zuiderent werd geboren in ’s-Gravendeel op 28 mei 1944. Zie ook alle tags voor Ad Zuiderent op dit blog.

 

 

Einde van het feest

je had geen hand meer over
om een hand te geven
en om een houding aan te nemen
zei je dat je me straks nog zag
waar wist ik niet
ik heb niet lang gewacht

soms proef ik de restanten van paté
soms vallen schalen uit een hand in gruis
soms hoor ik stemmen bezig bij de vaat
maar die van jou breng ik daar niet uit thuis

 

 

Herfst in het hoofd

Alsof ik blijvend bloos, zo gloeit mijn hoofd.
Geknield heb ik vandaag verstek gezaagd,
de nieuwe vloer geplint, terwijl het goot.

Het is november; onder vrienden
sprak je dan van hoe je dacht dat straks
je dood zou komen – als een druppel.

Nu niet. Nu wordt de herfst benut
om aan het werk een gladde rand te geven.
Het hoofd voorziet zich nog wel van gedachten,
maar door de mond komt geen ervan tot leven.

Vandaar die rode kleur? Of word ik oud?
De dag loopt af. Wij drinken op het plint
als op een kist met goudbeslag. ’t Werd tijd.
‘Altijd november,’ denk ik, ‘altijd regen.’
Zo’n regel loopt, en raakt mij nooit meer kwijt.

 

 

Winterlandschap

Vergeefs sla ik gesloten ogen op;
daarmee sluit mij het landschap in zich op
dat mij voor dag en dauw en kou voor ogen stond:

een man fietste voor ’t laatst de polder in
op zoek naar stilte als een vruchtbegin,
en wolkjes adem condenseerden bij zijn mond.

Winter als op een Hollands schilderij.
Maar waar de mensen waren? Misschien bij
de kachel thuis, of op de achtergrond in mist.

Vooroorlogse ontroering gaf
deze verbeelding mij, als had
ik mij, nu nevels dichter werden, in de tijd vergist.

Wat moest ik met de mensen? Gedachten
vielen als een vormloos pak in zachte
sneeuw – een witte vlek betekende: een man die afstapt.

Vergeefs sla ik gesloten ogen op;
daarmee sluit zich de man in mijn geheugen op
tot dit in fijne sneeuw verdwijnt. Wat blijft is landschap.

 

 

2706750-dada240b140f4528f1d9e2751e2d06dc.jpg
Ad Zuiderent (’s-Gravendeel, 28 mei 1944)

 

 

De Russische schrijver en dichter Vladislav Felitsianovitsj Chodasevitsj werd geboren in Moskou op 28 mei 1885. Zie ook alle tags voor Vladislav Chodasevitsj op dit blog.

 

Zonder woorden

Je toonde het mij zonder woorden –
hoe onberispelijk schoon je wist
met fijne steken te omboorden
de zomen van het blank bastist.

En ik bedacht hoe mijn bestaan
langs het licht weefsel van het wezen
als draad achter Gods vingers aan
beweegt in steken net als deze.

De steek is zichtbaar, dan weer zoek,
van dood naar leven gaat en keert hij…
en ik bezag daarna je doek
glimlachend, lieve, van de keerzij.

 

Vertaald door Marko Fondse

 

2706750-38dc8970a126f0deeef1ceff93af8a2d.jpg
Vladislav Chodasevitsj (28 mei 1885 – 14 juni 1939)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 28e mei ook mijn blog van 28 mei 2023 en ook mijn blog van 28 mei 2019 en ook mijn blog van 28 mei 2017 deel 2 en ook mijn blog van 28 mei 2016.

Geschreven door Romenu om 17:02 Reageer op dit bericht

Linda Pastan

De Amerikaanse dichteres Linda Pastan werd geboren op 27 mei 1932 in New York. Zie ook alle tags voor Linda Pastan op dit blog.

 

Agoraphobia

“Yesterday the bird of night did sit,
Even at noon-day, upon the marketplace,
Hooting and shrieking.”

—William Shakespeare

1.

Imagine waking
to a scene of snow so new
not even memories
of other snow
can mar its silken
surface. What other innocence
is quite like this,
and who can blame me
for refusing
to violate such whiteness
with the booted cruelty
of tracks?

2.

Though I cannot leave this house,
I have memorized the view
from every window—
23 framed landscapes, containing
each nuance of weather and light.
And I know the measure
of every room, not as a prisoner
pacing a cell
but as the embryo knows
the walls of the womb, free
to swim as its body tells it, to nudge
the softly fleshed walls,
dreading only the moment
of contraction when it will be forced
into the gaudy world.

3.

Sometimes I travel as far
as the last stone
of the path, but
every step,
as in the children’s story,
pricks that tender place
on the bottom of the foot,
and like an ebbing tide with all
the obsession of the moon behind it,
I am dragged back.

4.

I have noticed in windy fall
how leaves are torn from the trees,
each leaf waving goodbye to the oak
or the poplar that housed it;
how the moon, pinned
to the very center of the window,
is like a moth wanting only to break in.
What I mean is this house
follows all the laws of lintel and ridgepole,
obeys the commandments of broom
and of needle, custom and grace.
It is not fear that holds me here but passion
and the uncrossable moat of moonlight
outside the bolted doors.

 

 

Wilde bloemen

Je gaf me paardenbloemen.
Ze namen ons gazon in bezit
met het recht van kolonisten –
ronde zonnen die opkomen
in april, zachte manen
die wegwaaien in juni.
Je gaf me vrouwenschoentjes,
bloedwortel, zijdeplant,
trillium, waarvan het geheime aantal
de kinderen die je me gaf
vertellen. In de hiërarchie
van bloemen staan de wilde
op hun stengels
om benoemd te worden.
Noem ze onkruid.
Ik pluk ze zoals ik
jou plukte,
vanwege hun felle,
onstuimige vreugde.

 

 

Vertaald door Frans Roumen

 

2706625-538f1014238abacdd1cb834a76d78151.png
Linda Pastan (27 mei 1932 – 30 januari 2023)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 27e mei ook mijn blog van 27 mei 2023 en ook mijn blog van 27 mei 2020 en eveneens mijn blog van 27 mei 2019 en ook mijn blog van 27 mei 2018 deel 2.

Geschreven door Romenu om 17:19 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten