Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 2 juli 2026 tot 3 juli 2026

Christopher Kloeble, Christine Lavant

De Duitse schrijver Christopher Kloeble werd op 3 juli 1982 geboren in München. Zie ook alle tags voor Christopher Kloeble op dit blog.

Uit: Fass von Segendorf

„Es fiel mir schwer zu schlucken. Der Raum war leer, von draußen drang das Dröhnen herein, der Chor der Knaben, unterstützt durch das Orchester. Es hörte sich schräg und falsch an, wenn man hinter der Bühne saß, ganz anders, als auf ihr oder davor. Es hörte sich an, als klagten sie, prusteten und spuckten ihren Unmut gegen die Wände, von denen er abprallte, zurückkehrte, sich vermehrte und verstärkte und dann, dann wurde es mit einem Mal still.
Der Wink des Dirigenten.
So graziös, als würde er den Dirigierstab in der Hand halten, ohne ihn zu berühren.
Bei der Generalprobe hatte der Chor der Knaben nicht geschlossen darauf reagiert, und der Dirigent hatte unseren Chorleiter – wir nennen ihn den Chef –, mit einem Kopfschütteln zu sich gebeten. Dann beschimpfte uns der Chef. In der Pause stürmte er in unseren Probenraum, warf die Tür hinter sich zu, dass wir verstummten, aufstanden, auf den Boden sahen. Mit gehetzten Schritten durchquerte er das Zimmer, kam zurück, durchquerte es ein weiteres Mal. Nannte uns einen Haufen Arschlöcher. Mit einer brabbelnden, undeutlichen Stimme, von der man als allerletztes gedacht hätte, dass sie die eines Gesangslehrers sei. Er sah einzelne an, deutete auf uns. Wir hätten ihn so sehr blamiert. Vor einem Weltorchester! Vor einem Weltdirigenten! Wir waren Arschlöcher! Kinder!
Gleich darauf seufzte er, sagte, er könne das alles nicht mehr ertragen, die Proben, die Strapazen. Die Diskussionen! Die ewige, ewige Kritik. Von oben! Nein, wir sollten nach Hause gehen. Er verließ den Raum, die Gesangslehrer stoben durcheinander, einer folgte ihm, ein anderer, Herr Scheid, blieb bei uns und sagte, flüsternd, wir üben die ganze Sache nun gemeinsam. Bis es sitzt.
Der Herr Scheid probte darauf zwei Stunden mit uns. Er ließ uns einzeln singen, bis jeder die Stelle perfekt beherrschte. Was der Chef in dieser Zeit trieb, wussten wir nicht, wir sahen nur, dass er später das Lob des Dirigenten grinsend entgegennahm und mit keinem Wort den Herrn Scheid erwähnte.
Das heißt aber nicht, dass wir den Herrn Scheid mehr leiden mochten, als den Chef.“

 

2711214-ebc4f44717308638fee9f7161f49152c.png
Christopher Kloeble (München, 3 juli 1982)

 

 

De Oostenrijkse dichteres, schrijfster en kunstenares Christine Lavant werd geboren op 4 juli 1915 in Groß-Edling als Christine Thonhauser. Zie ook alle tags voor Christine Lavant op dit blog.

 

Oude slaap, waar zitten toch je zonen?
Jonge, sterke zonen heb je immers,
kerels, die nog andere dingen kunnen
dan hier komen en de lamp uitdoven.

Eentje moet zich naast mijn angst uitstrekken,
eentje zich op mijn verlangen zetten,
harde handen moeten beiden hebben,
dat de buren niet het schreeuwen horen.

En wat wil je in mijn ogen strooien?
Zand? Ik lach erom. Woestijnen
kan ik je voor zulke ogen geven
die zich daarmee al tevreden stellen.

Mijne, weet je, zijn twee vuurkolommen,
eenmaal zal de hemel daarvan branden!
Maar voorlopig wil ik eindelijk slapen.
Oude, oude, heb je dan geen zonen?

 

 

Vertaald door C. O. Jellema

 

 

2711214-2d4cbbcf9b133395676af275d60096cf.jpg
Christine Lavant (4 juli 1915 – 7 juni 1973)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 3e juli ook mijn blog van 3 juli 2023 en ook mijn blog van 3 juli 2020 en eveneens mijn blog van 3 juli 2019 en ook mijn blog van 3 juli 2017 en ook mijn blog van 3 juli 2016 deel 1 en eveneens mijn blog van 11 juli 2015.

Geschreven door Romenu om 16:52 Reageer op dit bericht

Erik Vlaminck, Wislawa Szymborska

De Vlaamse schrijver Erik Vlaminck werd geboren in Kapellen op 2 juli 1954. Zie ook alle tags voor Erik Vlaminck op dit blog.

Uit: Het Nachtlicht

“De hufters laten me alle uithoeken van het havengebied zien. Ik heb er geen benul van hoelang ze me al meevoeren.
Ik kan mezelf voor de kop slaan dat ik zo dwaas was om tegen een reclamebord te gaan wateren, terwijl ik had kunnen weten dat die dienstkloppers hun rondjes rond het Sint-Jansplein reden.
‘Antwerpen 93 – Culturele hoofdstad van Europa’ stond in grote rode letters op het paneel en ik probeerde om met mijn straal het middelpunt van de o van Europa te raken. Altijd wanneer ik ergens sta te pissen, probeer ik op iets te mikken. Het is een gewoonte uit mijn kindertijd. Mijn moeder heeft me dat aangeleerd: het scheelde wanneer ze het altijd stinkende gemak op onze achterkoer proper moest maken.
Ik had verdomme braaf en kruiperig de idiote vragen moeten beantwoorden die de jongste van de twee geüniformeerde posturen me stelde, een magere panlat met een degoutante kop erop. Op zijn bovenlip kweekt hij dan ook nog een venijnig borstelsnorretje. Aan zijn uniform is af te lezen dat de blaaskaak adjudant is. De oudste lijkt me meer mens. Hij heeft geen strepen op zijn epauletten. Gendarmes die een beetje mens zijn, hebben nooit strepen op hun epauletten.
Bij het begin van de rit vond ik het zelfs prettig om te zitten waar ik zat. Ik werd naar een andere tijd teruggeslingerd. De mannen van de wet rijden met krak dezelfde Volkswagen Transporter zoals ik er jaren geleden zelf een had, voor ik de grond onder mijn zere poten en het dak boven mijn kop verloor. De Volkswagen van de dienders is wit met een rode streep, die van mij was citroengeel, RAL 1012.
Als ik mijn ogen dicht deed, leek het alsof ik de metalige ratel van de motor van mijn eigen camionette hoorde. Alsof ik op weg was om ergens schilderwerk te gaan uitvoeren. Alsof we onderweg waren om naar de Ardennen op vakantie te gaan. Ons Marie-Louise, onze Kevin en ik, samen uitkijkend naar een weekje Camping Paradiso in Hulsonniaux aan de Lesse… Ik mag er verdomme niet op doordenken of ik zou beginnen te janken.
Ik herken trouwens het gesputter van de motor wanneer adjudant Snorremans het gaspedaal lost. Er zit vuiligheid in de carburator.”

 

2711094-fca192fe5735421d3787402fdddd3103.jpg
Erik Vlaminck (Kapellen, 2 juli 1954)

 

 

De Poolse dichteres Wisława Szymborska werd geboren op 2 juli 1923 in Bnin. Zie ook alle tags voor Wislawa Szymborska op dit blog.

 

Ik bedenk de wereld

Ik bedenk de wereld, tweede uitgave,
tweede verbeterde uitgave,
voor de mallerds om te lachen,
de tobbers om te tobben,
de kalen om te kammen,
de katten om te klagen.

Eerst is er het hoofdstuk:
De taal van plant en dier,
met voor elke soort
de desbetreffende woordenschat.
Zelfs een gewoon goedendag
uitgewisseld met een vis
zal jou, de vis en iedereen
in je leven sterken.

Dan breekt het los, dat in het waken
van de woorden lang voorvoelde,
die improvisatie van het bos!
Die epiek van uilen!
Aforismen van de egel,
door hem bedacht terwijl hij,
meenden wij te weten,
steeds maar lag te slapen.

De tijd (hoofdstuk twee)
heeft het recht zich met alles
te bemoeien, met goed en kwaad.

Maar – die welke zeeën verplaatst,
welke bergen verplettert, de sterren
laat draaien, krijgt geen enkele macht
over geliefden, want zij zijn te naakt,
te innig omhelsd, de ziel onder de arm,
als een bange mus die waakt.

De ouderdom is alleen de moraal
die hoort bij een slecht leven.
Ah, dus allen blijven jong!
Het lijden (hoofdstuk drie)
is voor het lichaam geen schande.
De dood
komt in je diepste slaap.

En je zult dromen
dat ademhalen niet meer hoeft,
dat een stilte zonder adem
heel aardige muziek is.
Als een vonk zo klein
doof je in de maat.

Zo is de dood. Het deed meer pijn,
toen een roos je vingers prikte.
Je onderging een ergere schrik
toen je een blaadje vallen zag.

Zo is de wereld. Zo
het leven. En doodgaan is niet meer.
Al het andere is als Bach,
die tijdelijk gespeeld wordt
op een zaag.

 

Vertaald door Gerard Rasch

 

2711094-00694c67c935cdea11a45ab0a1c25f5e.jpg
Wislawa Szymborska (2 juli 1923 – 1 februari 2012)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 2e juli ook mijn blog van 2 juli 2019 en ook mijn blog van 2 juli 2017 deel 2.

Geschreven door Romenu om 17:10 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten