Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
seniorennet.beseniorennet.be

Pauline Genee

De Nederladse schrijfster Pauline Genee werd geboren op 18 november 1968 in Heemskerk. Zij volgde het Pius-X-College in Beverwijk. Na een studie Frans en Russisch werkte Genee in verschillende functies bij Buitenlandse Zaken. Ook volgde zij de vierjarige opleiding van Schrijversvakschool Amsterdam in de richting proza. Sinds 2011 combineert ze het schrijven met werk als freelancer. Haar verhaal ‘Russische stilte’ werd in Tirade gepubliceerd. Haar romandebuut “Duel met paard” verscheen in 2014.

Uit: Duel met paard

“Weinig schoft, een lage staartinzet, de zwaanachtige hals van een arabier: kenners zouden in het dier een Orlov-draver hebben herkend. Een Russisch sledepaard, zeer geschikt voor de lange afstand, elegant op zijn snelle, gespierde benen. Expressieve ogen in een groot, edel hoofd.
Het publiek dat op de binnenplaats om het dier samendromde, zag niks geen Russisch raspaard. Wat voor draver? Voor hen stond een heel gewoon dier, mooi dofglanzend in zijn vacht, dat wel, maar verder: niets bijzonders. Een Berlijns rijtuigbeest, de stad wemelde ervan. Was dit hem nou?
De dames en heren die de binnenplaats van Griebenowstrasse 10 op liepen kwamen niet voor een stamboekoverzicht. Zij hadden het middagblad gelezen een paar dagen geleden. ‘Berlijns eigen wonderpaard! Exclusief in de Allgemeine!’ De krantenjongen had de kop luid over de Friedrichstrasse geschald. In de cafés was het dier boven de bierpullen over de tong gegaan. In de Zionskirche was er tot op de voorste banken over gefluisterd – zelfs tijdens de preek. En in korte tijd nam het verhaal zulke fantastische proporties aan dat niemand meer wist wat te geloven.
Het was zaak zelf te gaan kijken.
Op de binnenplaats, voor zijn getimmerde stalhok, stond het paard verveeld aan zijn strootjes te knabbelen. Voor wie niet beter wist, verschilde het in niets van de duizenden viervoeters die dag na dag hun vrachtjes door de stad trokken: de bierwagen van Aschinger’s Bierquelle, de melkkar, de overvolle omnibus. Geduldig deden de Berlijnse paarden hun werk, hun dienstbaarheid leek wel aangeboren en protesteren deden ze nooit, al zag wie goed keek hun loom schuddende hoofden soms bedenkingen aantekenen: bij het groeiend aantal automobielen in de stad . hinderlijk, dat ronkend gespuis voor je benen. En die elektrische trams — sinds kort met bovenleidingen uitgerust, dat gaf flitsen waar je vreselijk van kon schrikken. Wat was er mis met stoom. en accuaandrijving? Waar waren al die nieuwigheden voor nodig?”

 

 1724493-9b48d2322eb4e92438bd1d26b0efff57.jpg
Pauline Genee (Heemskerk, 18 november 1968)

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht

Reageer op dit bericht

Een titel of je eigen website toevoegen

De blogger leest alles eerst na: je tekst verschijnt zodra die goedgekeurd is.

Joost Zwagerman, Toon Tellegen, Joost Oomen, Klaus Mann, Seán Mac Falls, Richard Dehmel, Eugenio Montejo

De Nederlandse dichter en schrijver Joost Zwagerman werd geboren in Alkmaar op 18 november 1963. Zie ook alle tags voor Joost Zwagerman op dit blog.

Uit: Chaos en Rumoer 

“En er veranderde niets. Je blééf slap en laf en bang – met dit verschil dat aan de andere kant van de lijn iemand aan je stem kon horen hoe slap en laf en bang je was. Een antwoordapparaat leek het perfecte redmiddel. Maar vrijwel iedereen die een boodschap insprak, eindigde met het verzoek om terug te bellen. Zo schoot je nóg niets op. Als het aan hem had gelegen, waren Karin en hij indertijd telefoonloos gaan samenwonen. Maar kennissen hadden hem bezworen dat je dat een vrouw niet kon aandoen.
Uiteindelijk bleek Otto’s bekentenis over zijn beschamende improductiviteit toch nog ergens goed voor te zijn, want Karin en hij bereikten een compromis inzake de telefoon. Het toestel ging niet de deur uit – dat weigerde Karin – maar wel vroegen zij een geheim nummer aan. Verder annuleerde Karin namens Otto, die zich al drukbezet en geclaimd voelde met één afspraak in het verschiet, de twee lezingen die hij had staan voor de komende maanden. Zo vielen ook de laatste drukkende verplichtingen weg, en Otto had goede moed dat het schrijven alsnog zou gaan lukken.
Maar toen de telefoon stil bleef en zijn agenda bevrijdend leeg was, begon hij zich te ergeren aan het zoemen van de ventilator in zijn computer. Bovendien was het licht in zijn werkkamer niet goed.
Tussen tien en twaalf uur viel een hinderlijke streep ochtendlicht diagonaal over zijn tafelblad en ’s middags scheen de zon vol op het raam. Zo zou het niemand lukken iets van belang te schrijven. En hij moest ook nodig een nieuwe bureaustoel.
Otto bevestigde een donkerblauw rolgordijn voor het raam. Nu kwam er een onheilspellende duisternis in zijn werkkamer te hangen. Dat was ook weer niet de bedoeling. Hij kocht tweedehands lamellen. Maar die maakten een hinderlijk flappend geluid wanneer het tochtte in huis.”
 

1681621-5f9979dad9e1d07d5ebed8fb3ee2a099.jpg
Joost Zwaerman (Alkmaar, 18 november 1963)

 

 

De Nederlandse dichter Toon Tellegen werd geboren op 18 november 1941 te Brielle. Zie ook alle tags voor Toon Tellegen op dit blog.

 

Een Bloem

Als ik een bloem was,
zou ik dan nu bloeien?
Of zou ik een bijzondere bloem zijn,
een onvoorstelbare bloem,
een bloem die niet kan kiezen tussen bloeien
en niet bloeien,

En die over de rand van een vaas voorover
leunt
om te zien of zijn afgrond een bodem heeft?

Of zou ik alleen maar kunnen bloeien,
moeten bloeien,
rood en gedachteloos,
op een ongerepte schoorsteenmantel, ergens
tussen schaamte en geluk?

En als ik een bloem was,
zou ik dan weten wanneer ik moest verwelken?
Nu nog niet?

 

Het museum

In het museum der Huiselijke Gezelligheid
zag ik de beroemde scherven.
Maar toen ik naar de Moeder vroeg
keek de suppoost mij ernstig aan.
Die is tijdelijk uitgeleend, zei hij.
Ik kwam in de zaal
van Steeds Dezelfde Dromen.
Ik rook daar de geur van een vergeten soep
in een vitrine voor het raam,
en op een rotan bank zat het bezoek
dat even langs zou komen.

Ik ging weer naar huis, nam onderweg nog bloemen mee
voor in een vaas.

 

 1681621-905952403c6654331bec72e80a7b35d8.jpg
Toon Tellegen (Brielle, 18 november 1941)

 

 

De Nederlandse dichter Joost Oomen werd geboren in De Bilt op 18 november 1980. Zie ook alle tags voor Joost Oomen op dit blog.

 

Plattegrond Nieuwe Stad

De stad is eerst veel groter
In die tijd loopt een straat van 't openbaar toilet
naar het eiland en weer terug
Zo heeft iedereen zijn eigen manier van zoeken

Maar elke dag zuigt de stad
zich ietsje meer samen. Er worden
wegen aangelegd voor wodka en glitter
Deze hal is geschikt voor sport, deze
zit vol asbest

Ook voor jou wordt de metropool een hutje
Je groet bekenden in de straat
Eerst weifelend
dan warm

De laatste stap is afstandelijk
moe van het patroon.

 

 

Elp

Ik had afgesproken dat ik in leven bleef
in ieder geval tot volgende week
Mijn agenda staat bol van de notities

Voor morgenochtend vroeg heb ik mijn wekker gezet
Om zeven uur zal ik opstaan, maar voor nu
lig ik draaiend in mijn bed
terwijl het vier uur is geweest

In dit dorp waar ik slaap
ben ik maar één keer eerder geweest
Het is hier heel erg stil op straat
De lantaarns hebben al vier uur en drie kwartier
voor niemand meer geschenen

De volgende morgen sta ik vroeg op
en loop verdoofd naar de badkamer
Ik moet eerst wat water drinken, mijn tanden poetsen
Vervolgens kleren aan en het huis uit

Ik herken de straten pas
na zes kilometer trappen.

 

 1681621-a52c83ddfc18d4daeb295d64a111ddf1.jpg
Joost Oomen (De Bilt, 18 november 1980)

 

 

De Duitse schrijver Klaus Mann werd op 18 november 1906 geboren in München als oudste zoon van Thomas en Katia Mann. Zie ook alle tags voor Klaus Mann op dit blog.

Uit: Der Wendepunkt

“Die Trauerfeier war eine ziemlich schauerliche Angelegenheit. Nichts kann deprimierender sein als dieser süßliche Duft nach Blumen und Verwesung in solchen luxuriösen Friedhofskapellen. Alles ist so gruselig wohlorganisiert... die Musik, die Anordnung der Kränze, die Reihenfolge der Reden ... Sinclair Lewis sprach von den alten Tagen in Berlin, als er Ernst Toller kennenlernte, und Oskar Maria Graf beschwor die noch früheren Zeiten in München herauf — Tollers revolutionäres Abenteuer, den Kampf gegen den weißen Terror des Generals von Epp. Vincent Sheean konnte seine Ansprache fast nicht zu Ende führen: Er vermochte ein nervöses Schluchzen kaum noch zu unterdrücken. Dasselbe passierte mit mir, als ich daran war, ein paar Worte zu sprechen. Ich wollte nicht zeigen, daß ich kurz davor war, loszuschluchzen. Es war mir in höchstem Maße peinlich.
Als die Reden beendet waren, defilierten alle Anwesenden am offenen Sarg vorbei, in dem Toller lag, geschmückt mit Blumen. Ich wagte nicht, ihn anzuschauen: Ich hatte Angst, sein Gesicht entstellt zu finden, oder ganz geschrumpft und ausgetrocknet wie eine wächserne Maske.
Ich fühlte mich angewidert und beschämt. Meine Ansprache war höchst unbefriedigend gewesen; und nicht einmal ganz aufrichtig. Dieses ganze Gerede von den Werken Tollers, die eine «triumphale» Wiederkehr nach Deutschland feiern würden, sobald das Dritte Reich zerschlagen sein würde - glaubte ich das wirklich? Erstens habe ich von Tollers Stücken nie besonders viel gehalten. Warum übrigens sollten sie zurückkehren? Und zu wem?
Wartete irgendwer auf sie? Hätte er sterben müssen, wenn irgendwer in Deutschland auf seine Dramen gewartet hätte? ... Armer Toller. Er starb, weil er erkannte, daß es keine Heimkehr gibt, weder für ihn noch für die Sachen, die er geschrieben hat; und daß es keine «alte Heimat» gibt, in die man zurückkehren könnte, und auch keine neue. Die Amerikaner interessieren sich nicht für seinesgleichen. Natürlich nicht. Warum denn auch? Er sah so besorgt aus und sprach fortwährend über Leute, die in Konzentrationslagern erschlagen wurden. Auf die Dauer hört sich keiner solche Geschichten gerne an.“

 

 1681621-c69b2332e67edc9c6620f181b209245a.jpg
Klaus Mann (18 november 1906 – 21 mei 1949)
Cover 

 

 

De Iers-Amerikaanse dichter Seán Mac Falls werd geboren op 18 november 1957 in Boston. Zie ook alle tags voor Seán Mac Falls op dit blog.

 

Uit: iKu (Samen met David Coleridge Ryan)

 

Moon in the eastern sky
And mist melds mountains with trees
A lanterns is sailing away

*

Frogs moaning, owls cry,
Snapping fish, humming bees, birdlings –
Valey morning song

*

River, snow melt marches,
Tiny leaves, soft bells, bears early –
No salmon running

 

 1681621-2d759620690ce83c4178a0bea2b3b71a.jpg
Seán Mac Falls (Boston, 18 november 1957)
Cover 

 

 

De Duitse dichter Richard Dehmel werd geboren op 18 november 1863 in Wendisch-Hermsdorf. Zie ook alle tags voor Richard Dehmel op dit blog.

 

Tief von fern

Aus des Abends weißen Wogen
taucht ein Stern;
tief von fern
kommt der junge Mond gezogen.

Tief von fern,
aus des Morgens grauen Wogen,
langt der große blasse Bogen
nach dem Stern.

 

 

Nächtliche Scheu

Zaghaft vom Gewölk ins Land
fließt des Lichtes Flut
aus des Mondes bleicher Hand;
dämpft mir alle Glut.

Ein verirrter Schwimmer schwebt
durch den Wald zum Fluß,
und das dunkle Wasser bebt
unter seinem Kuß.

Hörst du, Herz? die Welle lallt:
küsse, küsse mich!
Und mit zaghafter Gewalt,
Mädchen, küss´ich dich.

 

 1681621-c4be2d899082b0e8e01078b65f4d4306.jpg
Richard Dehmel (18 november 1863 – 9 februari 1920)
Als soldaat in WO I

 

De Venezolaanse dichter en schrijver Eugenio Montejo werd geboren in Caracas op 18 november 1938. Zie ook alle tags voor Eugenio Montejo op dit blog en ook mijn blog van 18 november 2010.

 

Iceland

Iceland and the distances which are left us,
with their frozen mists and fjords
where they speak dialects of ice.

Iceland so close to the pole,
purified by nights
where the whales suckle their young.

Iceland drawn in my exercise book,
the illusion and the tragedy (or vice-versa).

Could anything be more ill-fated than this longing
To go to Iceland and recite its sagas,
To traverse its fogs?

It’s the sun of my country
which burns so much
that makes me dream of its winters.
This equatorial contradiction
of seeking a snow that preserves heat at its core,
that doesn’t strip the cedars of their leaves.

I will never get to Iceland. It’s very far.
Many degrees below zero.
I’m going to fold the map over and bring Iceland closer.
I’m going to cover its fjords with palm tree groves

Vertaald door Peter Boyle

 

 

 1681621-dbbf29ed6256cbaf46ea917f9d6be09d.jpg
Eugenio Montejo (18 november 1938 - 5 juni 2008)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 18e november ook mijn blog van 18 november 2011 deel 2.

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Joost van den Vondel, Auberon Waugh, Dahlia Ravikovitch, Rebecca Walker, Christopher Paolini, Max Barthel, Pierre Véry

De Nederlandse dichter en schrijver Joost van den Vondel werd geboren op 17 november 1587 in Keulen. Zie ook Zie ook alle tags voor Joost van den Vondel op dit blog.

 

Op de Vijf Zinnen

’t Misbruik der zinnen werkt in ’t einde pijn en smart,
Doch ’t redelijk gebruik vernoegt des mensen hart;
Dat ’s aardse zaligheid. Wie wenst hier groter goed,
Als, in ’t gezonde lijf, een gans vernoegd gemoed?

HET GEZICHT.

De blinde, die weleer aanschouwde ’t lieve licht,
Kan tuigen, wat het zij te missen het gezicht,
Te wroeten, als de mol, in duisternisse en dromen.
De blinde is hallef dood; men leeft door ’t oog volkomen.

HET GEHOOR.

Het redelijk begrijp, in ons het Godlijk deel,
Veroorzaakt tussen mens en dier een groot verscheel;
Maar och! wat zou het zijn, ontbeerden wij de spraak?
En nog waar beide niet, zo ons ’t gehoor ontbraak’.

DE REUK.

D’ ontloken rode roos heeft niet dan blad en kleur,
Bij reukeloze neus, niet snuffende de geur;
De reuk des geurs verkwikt het kwijnend hart des zieken,
En bindt aan ’t lijf de ziel, die vlug was met haar wieken.

DE SMAAK.

De smakeloze tong wordt met geen lust gevoed,
Zij weet van wrang noch zout, noch bitterheid, noch zoet.
De zoete saus is smaak, al schafte zelf Jupijn;
Want, waar de smaak ontbreekt, daar kan niet lekkers zijn.

HET GEVOEL.

’t Gevoelen is de min, waar naar het alles jankt.
Het kittelt zelf Jupijn, zodat hij ’t zich bedankt.
Men neem ’t gevoelen weg, zo treurt het welig wicht,
Met fakkel zonder vlam, met koker zonder schicht.

 

 1681189-111fdbcc08cc627ac7adf0cf20699283.jpg
Joost van den Vondel (17 november 1587 – 5 februari 1679)
Portret door Jan Lievens, 1660

 

 

De Britse schrijver journalist en polemist Auberon Alexander Waugh werd geboren op 17 november 1939 in Dulverton, Somerset. Zie alle tags voor Auberon Waugh op dit blog.

Uit: Will This Do? An Autobiography

„We sold Chilton Foliat rather well to an amiable businessman who has lived in it ever since. The money enabled Teresa to buy Combe Florey from my mother with enough left over to redec­orate the main house. It also enabled my mother to refurbish the wing according to her particular requirements, with vast stone sinks which never let the water out and stank. But it was a happy enough arrangement while it lasted.
*  *  *  *

Being a more intensely private person than Evelyn Waugh - who,despite all his protestations to the contrary, was in large part a public Figure - Laura Waugh was also, in her own way, more re­markable. As Laura Herbert, she grew up in three households -Pixton in Somerset, a large house in Bruton Street and Portofino -all crowded with guests from every corner of the earth. This gave her a pronounced distaste for social life.
My father had met her first at Portofino, when she was seven­teen. A year later, he was in love with her, but his suit did not seem well starred. Laura’s family was Catholic. Evelyn, who had become a Catholic in 1930 after the failure of his first marriage, seemed in no position to declare himself a suitor while his annul­ment was held up, apparently sine die, by the Westminster and Vatican bureaucracy. A further complication was that by unhappy coincidence his first wife, Evelyn Gardner, was a niece of Aubrey Herbert and Laura’s first cousin. Feeling in the family was strongly against the match. Although Evelyn Waugh was already a successful novelist, and would have been a catch for most teenage brides of the period, the Herberts were not a family to be in­timidated by smartness of that sort. Evelyn was thirteen years older than his bride, had already been married to one member of the family and, worst of all, came from a background which was distinctly middle class.”

 

 1681189-04ce82eed5ae3d34dc307ea9a4e14f75.jpg
Auberon Waugh (17 november 1939 -16 januari 2001)
Auberon, Alexander en Evelyn Waugh in 1965.

 

 

De Israëlische dichteres en schrijfster Dahlia Ravikovitch werd geboren op 17 november 1936 in een voorstad van Tel Aviv. Zie ook alle tags voor Dahlia Ravikovitch op dit blog.

 

Clockwork Doll

I was a clockwork doll that night,
and I turned left and I turned right
and when I fell and broke to bits,
they recomposed my wax and wits.

I was a proper doll once more,
my manner carefully demure;
and yet a doll of another kind—
an injured twig that tendrils bind.

And when they asked me to a ball—
although my steps were rhythmical,
they partnered me with dog and cat.

My hair was gold, my eyes were blue.
I wore a dress where flowers grew.
Cherries blazed on my straw hat.

 

Vertaald door Robert Friend

 

 

Like Rachel

To die like Rachel
when the soul shudders like a bird,
wants to break free.
Behind the tent, in fear and dread,
Jacob and Joseph speak of her,
a-tremble.
All the days of her life
turn head over heels inside her
like a baby that wants to be born.

How grueling. How
Jacob’s love ate away at her
with a greedy mouth.
As the soul takes leave now,
she has no use for any of that.

Suddenly the baby screeches,
Jacob comes into the tent—
all this Rachel does not even sense.
Rapture washes over her face,
her head.

Then did a great repose descend upon her.
The breath of her nostrils would not stir a feather.
They laid her down among mountain stones
and made her no lament.
To die like Rachel,
that’s what I want.

 

Vertaald door Chana Bloch en Chana Kronfeld

 

 1681189-e888c4fc3faa3f0747a3a4d6100f1d4f.jpg
Dahlia Ravikovitch (17 november 1936 – 21 augustus 2005)

 

 

De Amerikaanse schrijfster, uitgeefster en politiek activiste Rebecca Walker werd geboren op 17 november 1969 in Jackson, Mississippi. Zie ook alle tags voor Rebecca Walker op dit blog.

Uit: Baby Love

“For the last fifteen years I have told everyone—friends, family, hairdressers, editors, cabdrivers, doctors, and anyone else who would listen—that I wanted a baby. I want to have a baby, I would say with urgency or a wistful longing, or both. And I meant what I said, I really did, I just had no idea what I was talking about. I had almost no actual experience of babies, so the object of my wanting was abstract, the display of it ritualized. I want to have a baby was something I said, a statement that evoked a trajectory, a general direction for my life.
The truth is, I was wracked with ambivalence. I had the usual questions: When, with whom, and how the hell was I going to afford it? But there was something else, too, a question common—if not always conscious—to women of my generation, women raised to view motherhood with more than a little suspicion. Can I survive having a baby? Will I lose myself—my body, my mind, my options—and be left trapped, resentful, and irretrievably overwhelmed? If I have a baby, we wonder silently to ourselves, will I die?
To compound matters, I had a tempestuous relationship with my mother, and feared the inevitable kickback sure to follow such a final and dramatic departure from daughterhood. What if, instead of joy and excitement, my mother felt threatened by the baby, and pushed even further into the margins of my life? What if, then, out of jealousy and her own discontent, she launched covert or not-so-covert strikes against my irrefutable separateness, now symbolized so completely by becoming a mother myself?
Because mothers make us, because they map our emotional terrain before we even know we are capable of having an emotional terrain, they know just where to stick the dynamite. With a few small power plays—a skeptical comment, the withholding of approval or praise—a mother can devastate a daughter." 

 

 1681189-45475cf9c02ec323a8d57ad52f7f96ac.jpg
Rebecca Walker (Jackson, 17 november 1969)

 

 

De Amerikaanse schrijver Christopher Paolini werd geboren in Los Angeles County, California, op 17 november 1983. Zie ook alle tags voor Christopher Paolini op dit blog.

Uit: Eldest

“In the kitchen, Eragon brought a stone platter of food to a low table. Saphira watched him carefully in case he should have another attack. Several people tried to approach him, but she lifted a lip and growled sending them scurrying away. Eragon pretended to ignore the disturbances and picked at the food. Finally, trying to divert his thoughts from Murtagh, he asked, Who do you think has the means to take control of the Varden, now that Ajihad and the Twins are gone?
She hesitated. It's possible you could, if Ajihad's last words were interpreted as a blessing to secure the leadership. Almost no one would oppose you. However, that does not seem a wise path to take. I see only trouble in that direction.
I agree. Besides, Arya wouldn't approve, and she could be a dangerous enemy. Elves can't lie in the ancient language, but they have no such inhibition in ours-she could deny that Ajihad ever uttered those words if it served her purposes. No, I don't want the position. . . . What about Jörmundur?
Ajihad called him his right-hand man. Unfortunately, we know little about him or the Varden's other leaders. Such a short time has passed since we came here. We will have to make our judgment on our feelings and impressions, without the benefit of history.
Eragon pushed his fish around a lump of mashed tubers. Don't forget Hrothgar and the dwarf clans; they won't be quiet in this. Except for Arya, the elves have no say in the succession-a decision will be made before word of this even reaches them. But the dwarves can't be-won't be-ignored. Hrothgar favors the Varden, but if enough clans oppose him, he might be maneuvered into backing someone unsuited for the command.
And who might that be?
A person easily manipulated. He closed his eyes and leaned back. It could be anyone in Farthen Dûr, anyone at all.“

 

 1681189-dbd8653768ea59b5143a3e81298ee96b.jpg
Christopher Paolini (Los Angeles County, 17 november 1983)

 

 

De Duitse dichter en schrijver Max Barthel werd geboren in Dresden-Loschwitz op 17 november 1893. Zie ook alle tags voor Max Barthel op dit blog en ook mijn blog van 17 november 2010.

Uit: Das unsterbliche Volk

“Der Mensch ist ein Geschöpf, das ja sagt und hofft. Jakob Bundschuh, ein Bauer mit kantigem Gesicht und kühner Nase über dem bartlosen, kräftigen Mund, kam vom Gemeindehaus und ging nachdenklich die breite, bestaubte Dorfstraße hinunter. Es war am 1. Mai, und der Redner mit den fahrigen Händen hatte halb russisch, halb deutsch vom Weltfeiertage der Arbeit gesprochen, vom Vermächtnis Lenins und vom Willen Stalins, der auch die Krim in paradiesische Landschaft verwandeln sollte.
Die Bauern des kleinen Dorfes Marienthal bei Simferopel in der Krim hatten schon viele Reden gehört, vor dem Krieg und nach dem Krieg, Reden und Versprechungen. Auch heute ließen sie mit unbeweglichen Gesichtern, die Augen waren wachsam, alles über sich ergehen. Der übliche Beifall fiel auf den Mann mit den flatternden Händen. Die vorgelegte Resolution wurde einstimmig angenommen. Und als dann der Redner verschwunden war, blieben die Bauern auf ihren Plätzen. Dann standen sie auf und stimmten die alten Lieder an, die von ihren Vorfahren vor hundert und noch mehr Jahren aus Deutschland mitgebracht und in den Steppen und Gebirgen von Geschlecht aus Geschlecht vererbt wurden.
Vom Meere wehte ein kühler Wind, tanzte aus der Straße und wirbelte den weißen Staub auf. Auch im Kaukasus hatte der Wind geblasen, aber es war ein andrer Wind gewesen, harscher, wilder und kälter, ein Wind von den Pässen und Gletschern, ein Sturm vom Kasbek und Elbrus. Und noch einen andern Sturm hatte der Dahinschreitende im Kaukasus erlebt. Im Herbst erhoben sich die Bergvölker.
Der Krieg war zu Ende.
Der Bürgerkrieg in Rußland begann.“

 

 1681189-e152c85ab4bc8b2178dda56b1e1b9066.jpg
Max Barthel (17 november 1893 – 28 juni 1975)
Dresden-Loschwitz 

 

 

De Franse schrijver Pierre Véry werd op 17 november 1900 in Bellon geboren. Zie ook alle tags voor Pierre Véry op dit blog enook mijn blog van 17 november 2009.

Uit: Les Disparus de Saint-Agil

"...Une musique.
Un son de piano, lent et grave.
Cela venait des étages supérieurs, de la classe de sciences, sans aucun doute, puisque
là se trouvait le seul piano qu'il eût à la pension.
- Mais voyons..., dit M.Pointis, que l'incident amusait plûtôt et qui ne pouvait rien soupçonner des sentiments de ceux qui l'entourait. La phrase musicale se développait, majestueuse de gravité et de lenteur.
- Ce motif... C'est la marche funébre de Chopin!
Oh! voilà qui est cocasse!
Dans la classe de sciences, on ne trouva personne.
Ou, plutôt, si : Martin.
Le squelette était assis au piano, ses mains sur les touches. ..."
(…)

"Je nous vois, descendant du pullman-car à Washington, Cincinnati ou Philadelphie. Nous échangeons un farouche et chaud Shake-Hand. Et, tout de suite, c'est l'Aventure... Tour à tour interprètes, mécaniciens, balayeurs de rues, marchands de cacahuètes sur les bords de l'Hudson, aujourd'hui businessmen brassant des millions, demain vagabonds, vivant de pain et d'eau..."

 

1681189-92310e54ada4be8da4af09a5b9a792db.jpg
Pierre Véry (17 november 1900 -  12 oktober 1960)

Geschreven door Romenu om 18:20 Reageer op dit bericht

Guido van Heulendonk

De Vlaamse schrijver Guido van Heulendonk (pseudoniem van Guido Beelaert) werd geboren in Eeklo op 17 november 1951. Hij schrijft romans, verhalen en essays. Terugkerend thema in zijn werk is het noodlot en de (vaak negatieve) gevolgen die toevallige omstandigheden kunnen hebben op het leven, de maatschappelijke positie en relaties van de personages in zijn verhalen. Na een studie Germaanse filologie aan de Universiteit Gent was van Heulendonk werkzaam als docent Engels en Nederlands. Later doceerde hij Engels aan het Gentse Provinciaal Instituut voor Hoger Onderwijs. In 1983 werd in het Nieuw Vlaams Tijdschrift voor het eerst een verhaal van Heulendonk gepubliceerd, met de titel “Het vierde woord”. Ruimere bekendheid verwierf hij twee jaar later, na het verschijnen van zijn eerste roman “Hoogtevrees”, waarvoor hij een aanmoedigingsprijs van de Provincie Oost-Vlaanderen ontving. Ook werd de roman voor de BRT verfilmd. Voor zijn roman “Paarden zijn ook varkens” ontving van Heulendonk in 1996 de De Gouden Uil Literatuurprijs in de categorie fictie.

Uit: Paarden zijn ook varkens

“Aan Bottelaers oog flitste een tv-fragment voorbij, een kunstprogramma dat allang was opgedoekt: iemand met een baard en een pijp liep door het Gentse stadscentrum, een bandopnemer aan een riem om de schouder, via een lange buis hield hij een microfoon bij zijn stappende voeten. Later zou de opname naar een stad in Amerika worden gestuurd (was het New York?), en daar ingebouwd worden in een of andere happening. Akoestische transplantatie van een Europese stadswandeling.
‘Wat vind je ervan? vroeg Helena.
Schitterend, zei hij.
Ze legde haar hand op zijn arm, drukte.
‘Wil je meewerken?’
Bottelaer keek naar haar vingers, registreerde de aanraking, zijn hart voelde alsof hij te bruusk in een heet bad was gestapt.
Met alle plezier, zei Als 2e dat wenste zou hij drie weken lang de hondenpoep van de Vrijdagmarkt schrapen. Nee, niet lachen, dat meende hij. Trouwens: hij nam aan dat er geen beperkingen waren wat de aard van de voorwerpen betrof?
Nee, alles kon, zei Helena. Als er maar een reden, een bewuste uitverkiezing was. Iets wat het object onherroepelijk aan de tijdruimte verbond. Gent-onder-haar-afwezigheid belichamen, samenvatten in materie, daar ging het om.
Ze houdt van mij, dacht Bottelaer. Als dit niet betekent dat ze van rne houdt, dan weet ik er niets meet van. Hij had zin om te roepen, zag moéddzins hoog afgetekend tegen een helblauwe lucht. Hij hield de kelner staande en bestelde twee sherry’s: om te klinken op het project, zei hij.”

 

 1788785-d5bec67c4b88600e7d4076249559c01b.jpg
Guido van Heulendonk (Eeklo, 17 november 1951)

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Archibald Lampman

De Canadese dichter Archibald Lampman werd geboren op 17 november 1861in Morpeth, Ontario. Lampman stamde uit een van oorsprong Nederlandse familie, die tijdens de Amerikaanse Onafhankelijkheidsoorlog het Amerikaanse Pennsylvania verliet en zich vestigde in Ontario. Zijn vader was een Anglicaans geestelijke. Lampman bezocht Trinity College, Toronto, waar hij in 1882 afstudeerde. Vervolgens gaf hij enige tijd les op een high school, maar dat was geen succes. Daarna ging hij werken bij de posterijen in Ottawa. Hij overleed op 38-jarige leeftijd aan een hartkwaal en werd begraven op Beechwood Cemetery, een begraafplaats die hij zelf in een van zijn gedichten had beschreven. Lampmans oeuvre was beperkt in omvang. Het bestond uit slechts twee gedichtenbundels die tijdens zijn leven verschenen. Niettemin wordt hij gezien als een van de eerste belangrijke Canadese dichters. Zijn werk is gebaseerd op Europese voorbeelden uit met name de romantische literatuur. Ook na zijn dood werden nog werken van hem gepubliceerd.

 

What Do Poets Want With Gold?

What do poets want with gold,
Cringing slaves and cushioned ease;
Are not crusts and garments old
Better for their souls than these?

Gold is but the juggling rod
Of a false usurping god,
Graven long ago in hell
With a sombre stony spell,
Working in the world forever.
Hate is not so strong to sever
Beating human heart from heart.
Soul from soul we shrink and part,
And no longer hail each other
With the ancient name of brother
Give the simple poet gold,
And his song will die of cold.
He must walk with men that reel
On the rugged path, and feel
Every sacred soul that is
Beating very near to his.
Simple, human, careless, free,
As God made him, he must be:
For the sweetest song of bird
Is the hidden tenor heard
In the dusk, an even-flush,
From the forest's inner hush,
Of the simple hermit thrush.

What do poets want with love?
Flowers that shiver out of hand,
And the fervid fruits that prove
Only bitter broken sand?

Poets speak of passion best,
When their dreams are undistressed,
And the sweetest songs are sung,
E'er the inner heart is stung.
Let them dream; 'tis better so;
Ever dream, but never know.
If the their spirits once have drained
All that goblet crimson-stained,
Finding what they dreamed divine,
Only earthly sluggish wine,
Sooner will the warm lips pale,
And the flawless voices fail,
Sooner come the drooping wing,
And the afterdays that bring,
No such songs as did the spring.

 

 1788339-62d3f3854b4a3afcec6350f0e71765ee.jpg
Archibald Lampman (17 november 1861 – 10 februari 1899)

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Chinua Achebe, Anton Koolhaas, José Saramago, Renate Rubinstein, Craig Arnold, Danny Wallace

De Nigeriaanse dichter en schrijver Chinua Achebe werd geboren op 16 november 1930 in Ogidi. Zie ook alle tags voor Chinua Achebe op dit blog.

 

Remembrance Day

Your proclaimed mourning
your flag at half-mast your
solemn face your smart backward
step and salute at the flowered
foot of empty graves your
glorious words-none, nothing
will their spirit appease. Had they
the choice they would gladly
have worn for you the same
stricken face gladly flown
your droopéd flag spoken
your tremulous eulogy-and
been alive. . . . Admittedly you
suffered too. You lived wretchedly
on all manner of gross fare;
you were tethered to the nervous
precipice day and night; your
groomed hair lost gloss, your
smooth body roundedness.
Truly
you suffered much. But now
you have the choice of a dozen
ways to rehabilitate yourself.
 

Pick any one of them and soon
you will forget the fear
and hardship, the peril
on the edge of the chasm. . . . The
shops stock again a variety
of hair dyes, the lace and
the gold are coming back; so
you will regain lost mirth
and girth and forget. But when,
how soon, will they their death? Long,
long after you forget they turned
newcomers again before the hazards
and rigors of reincarnation, rude
clods once more who once had borne
the finest scarifications of the potter's
delicate hand now squashed back
into primeval mud, they will
remember. Therefore fear them! Fear

their malice your fallen kindred
wronged in death. Fear their blood feud;
tremble for the day of their
visit! Flee! Flee! Flee your
guilt palaces and cities! Flee
lest they come to ransack
your place and find you still
at home at the crossroad hour. Pray
that they return empty-handed
that day to nurse their red-hot
hatred for another long year. . . .
Your glorious words are not
for them nor your proliferation
in a dozen cities of the bronze
heroes of Idumota. . . . Flee! Seek
asylum in distant places till
a new generation of heroes rise
in phalanges behind their purified
child-priest to inaugurate
a season of atonement and rescue
from fingers calloused by heavy deeds
the tender rites of reconciliation

 

 1680509-3f51e64c068e8c9199029717c1673230.jpg
Chinua Achebe (Ogidi, 16 november 1930)

 

 

De Nederlandse schrijver Anton Koolhaas werd op 16 november 1912 in Utrecht geboren. Zie ook alle tags voor Anton Koolhaas op dit blog.

Uit: Mijnheer Tip is de dikste mijnheer

“Toen Tip weer op vier poten stond, begon hij met Ferry eens goed ondersteboven te lopen. Het gaf een doffe dreun toen ze botsten, maar Tip had niet genoeg kracht gezet en Ferry bleef overeind. ‘Het is de dag van de tulpenbol en de dwaze windhandel, jongens,’ riep Tip en op hetzelfde ogenblik was het hele dozijn andere varkens ook op de poten en begonnen de veertien varkens driftig door het hok te sjokken, waarbij zij telkens botsten, steunden, draaiden en elkaar soms behendig ontweken. De grap was nu dat men met zijn vieren of vijven in de hoek van het hok terecht moest zien te komen en dan ging men daar net doen, of men er niet meer uit kon geraken. Ferry en Tip moesten dan die knoop ontwarren en dat was altijd zo leuk, want ze riepen dan commando’s die erg gek klonken. ‘Hijs die schele uit de oliestook,’ riep
Ferry en hij gaf Simon Artzt (het dikste varken van de ploeg) een peut in de buik zodat Simon, gierend van de pijn die hij voorwendde, achteruit stoof tot helemaal achter in het hok, waar hij dan met zijn dikke achterste tegen de muur stuitte. Dat gaf dan zo’n geweldige klets, dat iedereen zich een ongeluk lachte.
(…)

Tip en Ferry gingen nu samen aan de gang om hem opnieuw uit de klont te krijgen en daartoe begonnen ze in de achterste plooi van zijn oor, daar waar dat overging in zijn nek, te knagen en gekke dingen te zeggen als: ‘Snoepscheuten lopen de spuigaten uit,’ en ‘Altijd is Kortjakje ziek, op poten en op vleugels’ en Simon Artzt werd daar zo krieuwelig en zo week van, dat hij begon te kwijlen en te smakken en dan gooide hij zich met een ruk omhoog, trappelde draaiend en met de voorpoten over de ruggen van de makkers die hem insloten heen, tot hij los was en in zijn eentje midden in het hok stond. Dan riepen allen tegelijkertijd:
‘Dikke boems de biggenknijper
Kan niet door de puntenslijper.”

 

 1680509-c189f305c6ab3b8c10e7903d1c25dae4.jpg
Anton Koolhaas (16 november 1912 – 16 december 1992)

 

 

De Portugese schrijver José Saramago werd geboren op 16 november 1922 in het dorpje Azinhaga in de provincie Ribatejo. Zie ook alle tags voor José Saramago op dit blog.

Uit: Baltasar and Blimunda (Vertaald door Giovanni Pontiero)

“The machine has stopped climbing and hovers in the sky, its wings extended, its beak pointing northward, and it has every appearance of being motionless. The priest opens the sail a little more, three-quarters of the amber balls are already covered in shadow, and the machine starts to descend gently, it is like sailing across a tranquil lake in a small boat, a tiny adjustment to the rudder, a stroke with one oar, those little touches that only mankind is capable of inventing. Slowly, land begins to appear, Lisbon looms into sight, the uneven rectangle of the Palace Square, the labyrinth of streets and alleyways, the frieze of the veranda where the priest lives and where even now the officers of the Holy Office of the Inquisition are forcing an entry to arrest him, they have come too late, officers who are so scrupulous in the affairs of heaven, yet who forget to look up at the blue sky, where they would see the machine, a tiny dot in the remote distance, but how could they raise their eyes when they are confronted, to their horror, with a Bible whose pages have been torn out at the Pentateuch, when they are confronted by the Koran reduced to indecipherable fragments, they leave at once and head for the Rossio and the headquarters of the Holy Office of the Inquisition to report that the priest they had gone to arrest has already escaped, and it never occurs to them that he has taken refuge in the great celestial dome, which they will never know, because it is quite true that God has a weakness for madmen, the disabled, and eccentrics, but most certainly not for officers of the Holy Office of the Inquisition. The Passarola descends a little further, until the estate of the Duke of Aveiro comes into sight, and these three fliers are clearly beginners, they lack the experience that would enable them to distinguish important landmarks at a glance, rivers and streams, lakes, villages sprinkled like stars on earth, dense forests, they can see the four walls of the coach-house, the airport from which they launched their flight, Padre Bartolomeu Lourenço suddenly remembers that he has a spyglass in the chest, he fetches it at once and trains it downwards, ah, how wonderful to be able to live and invent things, he can now distinguish the pallet in the corner, and the forge, but the harpsichord has disappeared,…”

 

 1680509-0f927e4ff1861124be63f4afb8b51d6c.jpg
José Saramago (16 november 1922 - 18 juni 2010)

 

 

De Nederlandse schrijfster en journaliste Renate Rubinstein werd geboren op 16 november 1929 in Berlijn. Zie ook alle tags voor Renate Rubinstein op dit blog.

Uit: Links en rechts in de politiek en in het leven

“Wat is eigenlijk een linkse intellectueel? Dat is niet iemand die communist is, want zover hoef je beslist niet te gaan, maar het is wel iemand die niet anticommunist is. Jean Paul Sartre in Frankrijk, Harry Mulisch bij ons, Noam Chomsky in Amerika, zijn van die instelling illustere voorbeelden. ‘Quand on était anticommuniste de manière resolue, on était catalogué à droite. Bon. Ceux qui ne voulaient pas être classés à droite, qui voulaient rester à gauche, ont cherché de manière désespérée, pour ainsi dire, à ne pas être communistes et à ne pas être anticommunistes,’ schrijft Aron. Hij had het over de jaren dertig en over de jaren vijftig, maar nog steeds is de verleden tijd niet van toepassing op het verschijnsel. Die afkeer van het anticommunisme gaat op zijn minst terug tot de tijd van Stalins showprocessen in de jaren dertig, toen twijfel aan de schuld van Boekarin betekende dat men Stalin afviel en daarmee ‘objectief’ Hitler steunde. En Hitler was voor onze wereld in die jaren en tot aan 1945 het urgentste gevaar. Tegen dat gevaar sloten de democratieën een bondgenootschap met hun andere aartsvijand, de àndere totalitaire macht die, net als zij, bedreigd werd door de eerste. Ze hebben loyaal hun hulp verleend, ze hebben zich na de overwinning aan de afspraak gehouden die voor beide partijen had moeten gelden, en zich uit de landen die ze bevrijd hadden teruggetrokken. Maar ze bleven met de Sovjetunie in die staat van koude oorlog die de natuurlijke relatie is tussen de beide systemen. En hoe succesvol de vernietiging van het nationaal-socialisme ook geweest is, tot op de dag van vandaag vervult in het linkse milieu het fascisme zijn rol als boeman tegen het anticommunisme. Er zit in deze ontwikkeling iets raars, iets dat ik niet begrijp, een behoefte aan legitimatie, een merkwaardig soort schuldgevoel, een heimwee misschien naar tijden waarin goed en kwaad nog samenvielen met links en rechts, waardoor onze wereld overzichtelijk was.”

 

 1680509-39fb849f8bbe6c9428e1ba0f34490cd7.jpg
Renate Rubinstein (16 november 1929 – 23 november 1990)

 

 

De Amerikaanse dichter Craig Arnold werd geboren op 16 november 1967 in Temple, Californië. Zie ook alle tags voor Craig Arnold op dit blog.

 

Mulberry

You have towered here
leaning half over the wall
all my awareness

years before I knew
what silkworm was or China
I felt your berries

pulp under my feet
tracked your purple all over
grandmother’s carpet

a sapling planted
by some sea captain to make
shade for a future

This winter you lost
one of  your long low branches
to a backed-up car

and the old woman
who has known you all her life
wept at the split wood

Your bark is wrinkled
more deeply than any face
you live so slowly

do our voices sound
to you like the fluttering
of  paper moth wings

do we seem rootless
holding fast to the anchor
of  the saddest things

 

 1680509-bc1419e93444f784d633e741320fd05a.jpg
Craig Arnold (16 november 1967 – 27 april 2009)

 

 

De Schotse schrijver, humorist, radio-en televisie presentator Daniel Frederick Wallace werd geboren op 16 november 1976 in Dundee. Zie ook alle tags voor Daniel Wallace op dit blog en ook mijn blog van 16 november 2008 en ook mijn blog van 16 november 2009 en ook mijn blog van 16 november 2010.

Uit: Friends Like These

« Surely not. I wasn't a man. I was a boy. I had a silly, ungrown-up job, for starters  -  writing columns and hosting quiz shows.
But steadily, the tremors got stronger. We started buying fresh bread. We visited a farmers' market and bought some olives, despite the fact that very few local farmers in this part of London have ever actually farmed an olive.
I wanted to talk to Lizzie about what was happening, but she seemed so comfortable, so at ease with this slide into domesticity, that it never seemed the right moment.
Then she brought home some display cushions. Not for bottoms, for display only. She also bought some sticks which she stuck in a jar and convinced me were a 'dramatic focal point' for our living room.
I smiled and hid the copy of Kung Fu Soccer I'd bought that afternoon in HMV. In the evening, I poured out my heart over a pint with my mate, Ian.
'What's happening to me, Ian?' I asked. 'I don't want to be one of those men you see wandering around Ikea or the linen section of John Lewis. You know the ones  -  lost souls who discuss congestion charging and wear jeans with elasticated waists.'
'It nearly happened to me,' said Ian, heavily. And then, with real gravitas: 'I even bought a juicer.'
I remembered that. He'd drunk nothing but carrot juice for six weeks and his elbows turned yellow.
'I managed to pull back from the brink,' said Ian. 'That's what you have to do. Before you become a Stepford Man.'
'What if it's too late?' I said, panicked and nervy. 'What if I've already become one of Them? Just the other day . . . God, I can't believe I'm going to tell you this . . .'
Ian closed his eyes and waved me on.
'I saw a girl walking through town. I could see her midriff, and . . .' Ian leaned forward. 'And I tutted, Ian. I bloody tutted.'
'You tutted?' He was outraged. This was worse than he thought.”


1680509-d8284a4891efb80272be1da6cc747f34.jpg
Danny Wallace (Dundee, 16 november 1976)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 16e november ook mijn vorige blog van vandaag.

Geschreven door Romenu om 12:23 Reageer op dit bericht

Hugo Dittberner, Birgitta Arens, Andrea Barrett, Henri Charrière, Jónas Hallgrímsson, Max Zimmering

De Duitse schrijver, dichter en essayist Hugo Dittberner werd geboren op 16 november 1944 in Gieboldehausen. Zie ook alle tags voor Hugo Dittberner op dit blog en ook mijn blog van 16 november 2010.

 

Frühlingslied

Es ist wahr, der Frühling ist da!
Das Rotkehlchen bläht die über-
mütige Brust, als gehöre der Garten
ihm. Die Kinder lassen die Mützen im
Schrank und wandern zu Abenteuern
im fernen Rebhuhn-Gesträuch. In den
Lüften streiten sich Krähen und
Baumfalken um günstige Hoch-
sitze. Und hier unten, in den Stuben,
das muß gesagt werden, öffnen die Herz-
kranken die Fenster und blasen ein
bißchen die Backen, die Fanfare,
vielleicht fürs allerletzte Jahr.
Ist es wahr, ist der Frühling
hier? Ein ländlicher Frühling, über den
klumpige Wolken dahinfliegen, sich auf-
lösen oder Wasser herablassen, ganz
nach Verdienst? Wer hofft, wäscht
die Fenster; wer im Mißmut nistet,
zieht die Gardinen beiseite und zeigt
sein Gesicht, das winterliche, damit es
die Nachbarn noch einmal fröstele.

 

 1680503-f5464dd3c2c5d357b2d59b6d0d4db59f.jpg
Hugo Dittberner (Gieboldehausen, 16 november 1944)

 

 

De Duitse schrijfster Birgitta Arens werd geboren op 16 november 1948 in Oeventrop. Zie ook alle tags voor Birgitta Arens op dit blog en ook mijn blog van 16 november 2008

Uit: Katzengold

„Wenn wir nicht sterben wollen, beginne ich, dann müssen wir erzählen vom Allerwichtigsten und wie man es findet. Ich weiß, das Allerwichtigste hat sich in einem langen, schönen Satz versteckt. Er beginnt mit einer alten Geschichte, macht irgendwann vielleicht die Liebe zu seinem Gegenstand und ihre Dauer, läßt im Vorübergehen diese oder jene Begebenheit anklingen, die sogar noch älter ist, und fährt dann damit fort, wie wir gerannt sind, um ihn doch noch einzuholen in dem langen, kalten Flur, schneller als der Schatten an der Wand und mit ein bißchen Glück durch die Türe und an Linas Bett, aber dann doch zu spät gekommen sind; behauptet in der Folge noch, daß wir leben wollen immer und immer und glücklich und ohne jede Angst, füllt weiter Seite um Seite, wir müssen ihm nach durch das ganze Buch und von einem Ort zum andern, und irgendwann führt er uns an unseren Schreibtisch, wir setzen uns, und obgleich wir das Ende noch immer nicht kennen, beginnen wir schon einmal mit dem Anfang. Wenn wir nicht sterben wollen, schreiben wir, dann müssen wir erzählen: jetzt, auf der Stelle, mit Lina im Kopf und Bernhard und all den Geschichten, und wir erzählen zwanzig oder dreißig Jahre lang.
Es war einmal und ist noch nicht vorbei, fahren wir dann fort, daß das Glück verhindert wurde. Zornig sind wir und zorniger bei jeder Wiederholung. Und dann erzählen wir, wie der Lehrer die außergewöhnliche Begabung der kleinen Lina erkannte und ihre Eltern zu sich kommen ließ. Sie müssen Ihr Kind auf die höhere Schule schicken, flehte der Lehrer. Nein, sagten die uneinsichtigen Eltern. Ich werde ein Stipendium beantragen, rief beschwörend der Lehrer.“

 

 1680503-b63dbcc6d0c1baa70ef97a1b2b3a1685.jpg
Birgitta Arens (Oeventrop,16 november 1948)

 

 

De Amerikaanse schrijfster Andrea Barrett werd geboren in Cape Cod, Massachusetts op 16 november 1954. Zie ook alle tags voor Andrea Barret op dit blog en ook mijn blog van 16 november 2010.

Uit:The Investigators

“Early that June, Constantine Boyd left Detroit with his usual trunk but got on a train headed east instead of west. For the past three summers he’d worked at his uncle’s farm in western Michigan, but now, just as he was becoming truly useful, his family had made other plans. Because a different uncle had requested the loan of him, he was being shipped elsewhere: like a harrow, or a horse.
He was twelve that summer of 1908, and he sulked all the way to Toledo, napped between Toledo and Cleveland, woke angry with his absent mother but then forgave her in Erie, when he found the cookies she’d slipped in beside the sandwiches. In Buffalo he passed a bank that looked like a castle, horses plodding along the canal, and a gigantic electric hoist moving grain from a ship into an empty boxcar. At the station where he switched for the train to Bath, he saw a motorized bicycle, one of the very sights his mother had promised, being chased by a terrier, and with that his bad mood slipped away. He was going someplace near water, he remembered. With new people, new things to see and do, away from the steaming city and his father.
In Bath, one of those new people carried Constantine’s trunk to a dusty automobile. “It was made up the road in Syracuse,” his mother’s younger brother said, running his knobby hand over the hood. “I know the engine’s inventor.”

 

 1680503-a2216f58357d6cc5f75822758163e9ee.jpg
Andrea Barrett (Cape Cod, 16 november 1954)

 

 

De Franse schrijver Henri Charrière werd geboren op 16 november 1906 in Saint-Étienne-de-Lugdarès. Zie ook alle tags voor Henri Charrière op dit blog en ook mijn blog van 16 november 2010.

Uit: Papillon(Vertaal door Walter B. Michaels)

"Look at them, there in front of you. Can you see them clearly, those dozen cheeseheads brought to Paris from some distant village? They're only petits bourgeois, some retired, others small businessmen. Not worth talking about. You can't expect them to understand your twenty-five years and the life you've led in Montmartre. To them, Pigalle and the Place Blanche are hell itself, and anybody who stays up half the night is an enemy of society. They like to serve on this jury, are extremely proud of it, in fact.
Moreover, I can assure you, they're all acutely aware of their own mean little lives.
"And here you are, young and handsome. Surely you realize I'm going to hold nothing back when I describe you as a Don Juan of Montmartre? I'll make them your enemies straight off. You're too well dressed. You should have worn more humble garments. Ah, that was a major tactical error. Don't you see they envy you your clothes? They buy theirs at Samaritaine. Never have they gone to a tailor, even in their dreams."
It was now ten o'clock, and we were ready to start. Before me were six magistrates, one of whom was an aggressive attorney who was going to use all his Machiavellian power and intelligence to convince these twelve shopkeepers that I was guilty...”

 

 1680503-cdf7fa6cffdc0079e6856a6f1eca534b.jpg
Henri Charrière (16 november 1906 – 29 juli 1973)
Steve McQueen en Dustin Hoffman in de film “Papillon” uit 1973

 

 

De IJslandse dichter en natuurwetenschapper Jónas Hallgrímsson werd geboren op 16 november 1807 in Öxnadalur. Zie ook alle tags voor Jónas Hallgrímsson op dit blog en ook mijn blog van 16 november 2010.

 

Bosi

Growl, my Bósi, never bite ---
better heed this warning!
Or someone --- turning snappish --- might
smash your jaw some morning.

And never join the gibing pack
of 'gentlefolk' that flatters
until a man has turned his back ---
then tears his name to tatters.

 

 

Mowing Song

Swishing, stripping, slashing,
slowly he goes mowing,
scythe-blade lashing lithely,
lethally beneath him.
Gallant flowers are falling,
fate betrays the daisies.
Iron edge is tireless;
under him, earth thunders.

'Let's be glad!' the little
lamb bleats out and gambols,
'glad that when the winter
wakens, and they take me
from its dread and deadly
dangers to the manger,
loads of luscious fodder
lie there sweet and drying!'

Slashing, stripping, swashing,
sweeping, he goes reaping,
scythe is swishing blithely.
Slow, behind the mower,
walks a woman raking --
watch your distance, mistress!
not too near me, darling --
near my vicious whishing!

All the flowers have fallen,
fairest grasses perish:
life is brief, aborted
by the ripper's stripping.
Haft is humming softly,
hefted firmly, deftly;
iron edge is tireless;
under him, earth thunders.

 

 1680503-362bd784402d64082bbbb02177955dc7.jpg
Jónas Hallgrímsson (16 november 1807 – 26 mei 1845)
Standbeeld in Reykjavik

 

 

De Duitse dichter en schrijver Max Zimmering werd geboren op 16 november 1909 in Pirna (Sachsen). Zie ook alle tags voor Max Zimmering op dit blog en ook mijn blog van 16 november 2010.

 

Es beginnt erst der Mensch...

Es beginnt erst der Mensch,
wo die Ausbeutung endet,
wo das Brot, das du ißt,
keinen würgt,
wo die Frau ihren Pfennig
nicht tausendmal wendet,
wo das Leben
das Leben verbürgt.

Es beginnt erst der Mensch,
wo das Sterben verständlich,
weil die Jahre
zur Neige gelebt,
und wo endlich
der menschliche Friede unendlich,
wo das Schwert
keine Gräber mehr gräbt.

Es beginnt erst der Mensch,
wo die Herzen erklingen,
wo die Flamme der Menschlichkeit
brennt
und wo Hände
die toten Gesteine bezwingen,
wo der Mensch
sich zum Menschen bekennt.

 

 1680503-e9f1eb344ec5755ac34174c36e7fd29f.jpg
Max Zimmering (16 november 1909 - 15 september 1973)

Geschreven door Romenu om 12:22 Reageer op dit bericht

Frits van der Meer

De Nederlandse literator, kunsthistoricus, archeoloog en katholiek priester Frederik Gerben Louis (Frits) van der Meer werd geboren in Bolsward op 16 november 1904. Van der Meer volgde het Magister Alvinus-gymnasium in Sneek. Hij besloot in 1919 priester te worden en volgde de middelbare opleiding op het Aartsbisschoppelijk Kleinseminarie in Culemborg. Daarna studeerde hij tussen 1924 en 1928 aan het Groot-seminarie Rijsenburg en werd op 22 juli 1928 tot priester gewijd. In 1932 begon hij christelijke archeologie te studeren aan het Pontificio Istituto di Archeologia Cristiana in Rome. Hij promoveerde in 1934 op een iconografisch proefschrift over de representaties van de Apocalyps. In 1939 werd hij benoemd tot lector aan de Katholieke Universiteit van Nijmegen. In 1941 verscheen zijn Catechismus die in vele edities veel katholieke huisgezinnen zou bereiken. Hij werd in 1946 bijzonder hoogleraar christelijke archeologie en liturgie. Internationaal maakte hij naam met zijn studie naar Aurelius Augustinus, Augustinus de zielzorger uit (1947). In 1955 volgde zijn benoeming tot gewoon hoogleraar Schoonheidsleer en kunstgeschiedenis, christelijke archeologie en iconografie. Hij stond bekend als een zeer enthousiast docent. Met de bestuurlijke kant van het hoogleraarschap hield hij zich niet bezig en hij bezocht ook vrijwel nooit congressen of symposia. Hij had een aansprekende en bevlogen stijl van schrijven, waaruit een sterk religieus besef sprak. Zijn Atlas van de Westerse beschaving (1951) en Atlas van de Oudchristelijke wereld (1958) zijn in diverse talen vertaald en worden internationaal nog steeds door zowel studenten als docenten veel gebruikt. Na zijn emeritaat in 1974 woonde hij in het Lentse klooster Huize St. Jozef bij de Zusters Franciscanessen van Waltbreitbach alwaar hij dagelijks de Mis opdroeg en werkte aan enkele iconen en publicaties. Van der Meer werd in 1950 gevraagd als lid van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen. In 1964 ontving hij de P.C. Hooft-prijs. In 1978 verscheen een herdruk van zijn rijkelijk geïllustreerde proefschrift uit 1938 gelijktijdig in het Nederlands, Duits, Frans en Engels. Hij ontving in 1980 de Karel de Grote-prijs van de stad Nijmegen.

Uit:: Ten huize van…Prof. dr. Frits van der Meer (interview door Joos Florquin, 1975)

“Men begint in zijn leven zo maar niet op zekere dag ikonen te schilderen. Men moet er toch wat van kennen, begaafd zijn.

Dat is een verhaal op zichzelf. Als kleine jongen al was ik bezeten door het tekenen. Aan de pianoles had ik een grondige hekel maar als ik kon tekenen, was ik echt gelukkig. Het is meer dan een keer gebeurd dat ik tijd en uur vergat en tot diep in de nacht bleef zitten doortekenen in het prieel in onze tuin, zelfs in november als het koud was. Opeens verscheen dan mijn vader met zo een ouderwetse lantaarn in de hand en zonder een woord te zeggen, gaf hij met zijn duim een duidelijk teken!
Dat tekenen was dus een echte passie maar toen ik priester ben geworden, heb ik het opgegeven en heb ik het meeste weggedaan. Wat ik aan tekeningen uit die tijd nog bezit, werd door anderen gered.
Nu heb ik een zuster die een jaar jonger is dan ik en die leeft nu apart in een kluis in Friesland. Ze behoort tot de orde van de Karmel. Die zuster heeft het ikonen tekenen geleerd van een Rus uit Parijs. Ze maakt er van alle soorten, grote en kleine, maar ze zijn alle verrukkelijk. Ze zijn ook erg gevraagd en ze verdient er aardig haar brood mee, wat het klooster ten goede komt en dat is nodig.
Zij is het, samen met de oude organist hier in huis, die er mij toe hebben gebracht me ook op het ikonen tekenen toe te leggen. Mijn zuster zei: je bent straks 70 en dan ben je geen hoogleraar meer en dan heb je wat anders te doen. Alhoewel ik in 40 jaar geen penseel meer heb aangeraakt, gaat het me wel enigszins van de hand. Je hebt er niet veel voor nodig: een tekenplank, wat aardverven, eierdooiers, water en penselen. Ik kan er mijn weg in vinden omdat ik de voorschriften van de ortodokse kerk goed ken. Daarbij gaf Martine mij een receptenboek.
Wat ik maak, zijn geen kopieën. Het is allemaal vrij uitgedacht. De personages hebben vaak het gezicht van iemand die ik ken. Zo heeft de H. Maagd op haar sterfbed het gezicht van mijn moeder.”

 

 1705603-2cb90e9940b02509c8c7d8171a838250.jpg
Frits van der Meer (16 november 1904 – 19 juli 1994)
Hier links bij de uitreiking van de P. C. Hooftprijs in 1964

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Jan Telouw, Wolf Biermann, Clemens J. Setz, J. G. Ballard, Gerhart Hauptmann, Marianne Moore

De Nederlandse schrijver, fysicus en voormalig politicus voor Democraten 66 Jan Terlouw werd geboren in Kamperveen op 15 november 1931. Zie ook alle tags voor Jan Terlouw op dit blog.

Uit: Briefgeheim

“"Eva en Jackie hadden het grootste deel van de zaterdag samen doorgebracht. Dat was niets ongewoons. Ze waren bezig aan de laatste paar maanden van de basisschool, en al vanaf de eerste klas waren ze hartsvriendinnen. Ze woonden in dezelfde laan, niet meer dan een paar huizen van elkaar.
Verschillend waren ze overigens wel, die twee. Eva tenger, magere schouders en armen, een beetje bangig ook. Jackie hoog op de benen, een hardloopster van jewelste, altijd te vinden voor een geintje. Ze durfde ongeveer alles, en volgens Eva was ze mateloos brutaal. Verder had ze een broer, terwijl Eva van Zuilen enig kind was. Tja, die broer, Thomas Smit van Zevenbergen. Hij was elf, een jaar jonger dan zijn zusje, maar veel respect voor haar toonde hij niet. Hij verbeeldde zich dat hij veel sterker was dan zij, maar dat was niet bewezen. Als ze ruzie hadden won degene die het kwaadst was, en dat wisselde nogal eens
Thomas kon enorm goed gooien met stenen. Hij kon bijvoorbeeld de wijzerplaat van de kerktoren raken met een steen, en deed dat dan ook geregeld. De wijzers raken, dat was even iets moeilijker, dat lukte niet zo vaak. Het was een keer gebeurd dat ze om vijf over halfnegen langs de toren kwamen, terwijl de school al om half begon. Toen had Thomas zijn meesterworp gedaan. Met een driehoekige kei had hij het vijf vóór halfnegen gemaakt en daarna waren ze hard naar school gehold. ‘Schoolblijven,’ had de meester gezegd, maar Jackie had op de torenklok gewezen, die je vanuit het lokaal kon zien, en ze had gezegd dat het nog niet eens half was. En toen zei de meester dat de klok achterliep, maar goed, schoolblijven hoefde dan niet. Dat was een grote dag voor Thomas. Om elf uur zat hij nog te glunderen, of was het tien over elf?"

 

 1680114-8c43e22937a11b6101ef57f382e703f7.jpg
Jan Terlouw (Kamperveen, 15 november 1931)

 

 

De Duitse zanger, dichter en schrijver Wolf Biermann werd geboren op 15 november 1936 in Hamburg. Zie ook alle tags voor Wolf Biermann op dit blog.

 

Kinderhymne

1.
Anmut sparet nicht noch Mühe
Leidenschaft nicht noch Verstand
das ein gutes Deutschland blühe,
wie ein and'res gutes Lnd.

2.
Das die Völker nicht erbleichen
wie vor einer Räuberin
sondern ihre Hände reichen
uns, wie and'ren Völkern hin.

3.
Und nicht über und nicht unter
andreren Völkern woll'n wir sein.
Von der See bis zu den Alpen,
von der Oder bis zum Rhein.

4.
Und weil wir dies Land verbessern,
lieben und beschirmen wir's,
und das libste mags uns scheinen;
so wie anderen Völkern ihr's.

 

 

Bei Flut

Bei Flut
drückt die See
den Fluß in das Land
in Altona saß ich am Elbestrand
und sah, wie die Boje nach Osten hin zeigt
das Wasser läuft auf und steigt
verdrehte Welt!
das seh ich gerne
der Fluß, er fließt
zurück!
Die Wassermassen
der Elbe wollen
wieder nach Dresden
zurück
Das sah ich gern aber gelassen

und bleibe

 

 1680114-4626da36cd6ccd4069f8337b14451a7a.jpg
Wolf Biermann (Hamburg, 15 november 1936)

 

 

De Oostenrijkse dichter, schrijver en vertaler Clemens J. Setz werd geboren op 15 november 1982 in Graz. Zie ook alle tags voor Clemens J. Setz op dit blog.

 

Warum ich kein grosser Liebhaber bin

Die Umstände.
Der Zeitgeist.

Die innere Unsicherheit.
Der fehlende Glaube
an etwas danach.

Die Literatur
Die falsche Musik
zum falschen Zeitpunkt.
Der knarrende Kronleuchter
im Nebenzimmer.

Das Geschrei von Betrunkenen
unten auf der Strasse.
Die Eisblumen am Fenster.
Das Gedicht von Rossetti.
Von John Donne.

Die Vorstellung von riesigen Kraken.
Von Nabelschnüren.
Von Brei.

Das Quietschen der Bettfedern.
Der bittere Geruch
nach heute Morgen verzehrten Orangen.
Die Tonnen von Seife, angesammelt im Lauf
eines ganzen Lebens.
Der dreibeinige Hund, gesehen
in einem Park vor fünfzehn Jahren.

Der Stromausfall im Jahr 98.
Die Atmosphäre in der Wohnung
im Winter gegen vier Uhr am Nachmittag.

Das kalte, insektengesprenkelte Licht
der Leuchtstoffröhren über uns.
Die Spielzeuge unter dem Bett in der Kiste.
Die Muskelschmerzen im Nacken.
Das Meer.

 

 

Auf einen Migräneanfall mit Flimmerskotom

Blaise Pascal sah an manchen Tagen
einen Abgrund neben sich.
Wenn er seinen Kopf bewegte,
bewegte sich der Abgrund mit.
Wenn er versuchte, hineinzuspringen,
fiel er auf den Boden.
 
Dann rappelte er sich mühsam auf
und schrieb unter dröhnendem Kopfschmerz
über die Angst und über das Schweigen
dieser unendlichen Räume.

 

 1680118-94a4b4a9d6c0405f2afebadc6db05e17.jpg
Clemens J. Setz (Graz, 15 november 1982)

 

 

De Britse dichter en schrijver James Graham Ballard werd geboren in Shanghai op 15 november 1930. Zie ook alle tags voor J. G. Ballard op dit blog en ook mijn blog van 15 november 2010.

Uit: The Dying Fall

“The only figure on the ground who is aware of the imminent catastrophe is a man in a white jacket and panama hat who stands at the foot of the tower, both hands raised to the marble flank. His face is hidden, but his arms are braced against the shifting stone, his back arched above his straining legs. We can see that in his desperate way he is trying to hold upright the collapsing tower that is about to obliterate him.
Or so everyone assumes. The newspaper caption writers, the commentators on TV documentaries, all commend the bravery of this solitary figure. Surprisingly, he has never been identified, and neither his hat nor his white jacket were found in the mountain of rubble that was later removed, stone by stone, from the unhappy site.
But was he trying to support the tower or, rather, helping it on its way? I, of course, can answer the question, since I am the man in the panama hat, the husband at whom Elaine, in the last moments of her life, so triumphantly stares. »

 

 1680114-c65f9f72d7086a12ca22aca6a10c5627.jpg
J. G. Ballard (15 november 1930 - 19 april 2009)

 

 

De Duitse dichter en schrijver Gerhart Hauptmann werd geboren in Obersalzbrunn (Neder-Silezië) op 15 november 1862. Zie ook alle tags voor Gerhart Hauptmann op dit blog.

 

Abendstimmung

Hin durch den Forst schießt eine weiße Schlange,
spitz ist ihr Haupt, ihr Schweif verweht im Wind;
darunter braust auf stählernem Gewinde
der Erdenpuls in nimmermüdem Gange.

Verschwunden ist sie tief im Forste lang,
stumm ragt die Kiefer, um die rote Rinde
spielt schon der Nachthauch, schweifen Nebel linde,
und Uhuschrei tönt ferneher und bange

Ein Tümpel liegt in weltvergessenen Träumen,
vom Frühlingsregen angefüllt, am Raine;
es spiegeln drin sich einsam Ost und West

Tiefblau der Ost steht über schwarzen Bäumen
Die Stirn geziert mit einem Demantsteine;
Der Westen prahlt mit fahlen Sonnenresten.

 

 

Gesang der Engel

Auf jenen Hügeln die Sonne,
Sie hat dir ihr Gold nicht gegeben ;
Das wehende Grün in den Tälern,
es hat sich für dich nicht bereitet.

Das goldene Brot auf den Äckern,
Dir woolt`es den Hunger nicht stillen;
Die Milch der weidenden Rinder,
Dir schäumt sie nicht in den Krug.

Die Blumen und Blüten der Erde,
Gesogen voll Duft und voll Süße,
Voll purpur und himmlischer Bläue,
Dir säumten sie nicht deinen Weg.

Wir bringen ein erstes Grüßen
Durch finsternis getragen;
Wir haben auf unsern Feldern
Ein Hauchen von Glück.

Wir führen am Saum uns`rer Kleider
Ein erstes Duften des Frühlings;
es blühet von unsern Lippen
Die erste Röte des Tages

Es leuchtet von unsern Füßen
der grüne Schein uns`rer Heimat;
Es blitzen im Grund uns`rer Augen
Die Zinnen der ewigen Stadt.

 

 1680114-7d57bda69add1278d3835b6c4d89c44d.jpg
Gerhart Hauptmann (15 november 1862 - 6 juni 1946)
Monument in Berlin-Wilmersdorf

 

 

De Duitse dichter en schrijver Heinz Piontek werd geboren op 15 november 1925 Kreuzburg (Opper-Silezië). Zie ook alle tags voor Heinz Piontek op dit blog en ook mijn blog van 15 november 2009 en en ook mijn blog van 15 november 2010.

  

Unablässiges Gedicht

Geschrieben, vergessen –
am Schuh reißt der Bast.
Nichts je besessen,
was du vergeudet hast.

Leuchtspur der Städte,
Orangen im Rock.
Zeit springt wie grüne Glätte
vom Rosenstock.

Vieles verschwiegen:
Wacholderhauch,
das graue Fell der Ziegen
schleift östlichen Rauch.

Da es ersonnen:
Was gilt es dir?
Die Welt bleibt begonnen
auf dünnem Papier.

Papier, schwarz im Feuer,
ein Buch dann von Leim,
aus Luft bald ein neuer
flüchtiger Reim.

Nichts je besessen –
das machte dich reich.
Schreiben, vergessen
gilt gleich.

 

 

TROST IM REGENSOMMER

Des Himmels Säure
Zerfrißt die Ähren,
Verschorfte Schwämme
Im Weidenholz schwären.

 

 1680114-8aa42c9edadeef7c2995987629f376e3.jpg
Heinz Piontek (15 november 1925 – 26 oktober 2003)
Zelfportret 1964, aquarel ca. 1999

 

 

De Duitse dichteres en schrijfster Liane Dirks werd geboren op 15 november 1965 in Hamburg. Zie ook alle tags voor Liane Dirks op dit blog.

Uit: Und die liebe?frag ich sie

„Man fragte sie, wie sie so etwas Lustiges schreiben könne, und mich, wieso so etwas Ernstes, wir redeten ein wenig, bekamen Schnittchen und tranken Tee im Lehrerzimmer.
Danach gingen wir noch ein paar Schritte bis zur Bahn zusammen, sie bescheinigte mir Begabung und daß mein Text sie an einen anderen Text erinnere, den sie einmal gelesen habe, von einer Französin, glaube sie, sei er gewesen, so etwas Ähnliches, ein bißchen anders, aber er erinnere sie.
Woran ich arbeite, was ich mache, meine Telefonnummer wollte sie wissen, sie wünschte mir Erfolg, dann stieg sie etwas behäbig in die Linie 9 ein und ich in mein schmales Leben.
Ich wohnte damals hinter einem Durchgangszimmer am Ende eines langen Flures. An meinen Wänden hingen Poster, an eine hatte ich den Druck eines Tafelbildes von Diego Rivera geklebt. Ein Bild voll Geschichte: Hinrichtungen, Folter, Gemetzel, Indianer, Mexikaner, berühmte Persönlichkeiten, Hunde, Kinder und Luftballons. In der Mitte das Skelett einer Dame, die Calavera Catrina heißt, mit schrillem Hut, weißem Kleid und Klapperschlange um den Hals. Mit ihren Knochenfingern hält sie den Künstler fest, der klein ist wie ein Kind, Ringelsocken trägt und in der Jackentasche Frösche. »Traum eines Sonntagnachmittags im Alameda Park«. Auf meiner Reise durch Mexiko hatte ich sehr lange vor dem Original gesessen. Rivera hatte es in ein teures Hotel gemalt, dessen Foyer war von da an für jedermann offen.
Mein Rucksack stand noch an die Wand gelehnt, auf dem Boden lag mein Bett, dreigeteilt aus blauen kleinen Matratzen. Ich hatte Locken, Sehnsucht, Angst, einen abwesenden Freund und einen Job bei einer Versicherung. Insgesamt war ich ratlos.”

 

 1680114-5a14d195661c06837c8168e0c91685b9.jpg
Liane Dirks (Hamburg, 15 november 1965)

 

 

De Amerikaanse dichteres Marianne Moore werd geboren op 15 november 1887 in Kirkwood, Missouri. Zie ook alle tags voor Marianne Moore op dit blog en ook mijn blog van 15 november 2009 en ook mijn blog van 15 november 2010.

 

Poetry

I, too, dislike it: there are things that are important beyond all
this fiddle.
Reading it, however, with a perfect contempt for it, one
discovers in
it after all, a place for the genuine.
Hands that can grasp, eyes
that can dilate, hair that can rise
if it must, these things are important not because a

high-sounding interpretation can be put upon them but because
they are
useful. When they become so derivative as to become
unintelligible,
the same thing may be said for all of us, that we
do not admire what
we cannot understand: the bat
holding on upside down or in quest of something to

eat, elephants pushing, a wild horse taking a roll, a tireless wolf
under
a tree, the immovable critic twitching his skin like a horse that
feels a
flea, the base-
ball fan, the statistician--
nor is it valid
to discriminate against 'business documents and

school-books'; all these phenomena are important. One must
make a distinction
however: when dragged into prominence by half poets, the
result is not poetry,
nor till the poets among us can be
'literalists of
the imagination'--above
insolence and triviality and can present

for inspection, 'imaginary gardens with real toads in them', shall
we have
it. In the meantime, if you demand on the one hand,
the raw material of poetry in
all its rawness and
that which is on the other hand
genuine, you are interested in poetry.

 

 1680114-01550674d88514cae211321527f3da8a.jpg
Marianne Moore (15 november 1887 – 5 februari 1972)

 

 

Voor nog meer schrijvers van de 15e november zie ook mijn vorige twee blog van vandaag.

Geschreven door Romenu om 14:09 Reageer op dit bericht

Antoni Słonimski, Elizabeth Arthur, Carlo Emilio Gadda, Lucien Rebatet, Janus Secundus

De Poolse dichter en schrijver Antoni Słonimski werd geboren op 15 november 1895 in Warschau. Zie ook alle tags voor Antoni Sionimski op dit blog en ook mijn blog van 15 november 2009 en ook mijn blog van 15 november 2010.

 

ELÉGIE POUR LES VILLAGES JUIFS

Ils n’existent plus, en Pologne, les villages juifs, non
A Hrubieszów, Karczew, Brody ou Falenica,
En vain tu cherches la lueur des bougies allumées
Et tends l’oreille vers le chant de la synagogue de bois.

Disparus les derniers vestiges, le saint-frusquin des juifs,
Recouvert de sable le sang, effacées toutes traces,
Les murs blanchis à la chaux, sur toutes leurs faces
Comme pour un grand jour ou après une épidémie.

Ici brille une lune pâle, étrangère et froide,
Dès la sortie de la ville, sur la chaussée,
quand la nuit déploie sa lumière,
Mes parents juifs, gens à l’âme poétique,
Ne retrouvent plus les deux lunes d’or de Chagall.

Les lunes voyagent déjà au-dessus d’une autre planète
Chassées par le sombre silence, d’elles plus une trace.
Ils ne sont plus les villages, où le cordonnier était poète,
L’horloger, philosophe, le barbier, troubadour.

Ils ne sont plus ces villages où les chants bibliques,
Poussés par le vent,
s’alliaient au chant polonais et à la tristesse slave,
Où les vieux juifs s’asseyaient à l’ombre du cerisier
Et pleuraient les saintes murailles de Jérusalem.

Ils ne sont plus ces villages, disparus comme des ombres
Et cette ombre s’étendra entre nos paroles
Jusqu’à ce qu’ils s’unissent fraternellement
et recommencent au début,
Deux peuples nourris de la même souffrance.

 

Vertaald door Catherine Fourcassié

 

 1680112-f2de67cb2fd5bdff48bca59ae5cda704.jpg
Antoni Słonimski (15 november 1895 – 4 juli 1976)

 

 

 

De Amerikaanse schrijfster Elizabeth Arthur werd geboren op 15 november 1953 in New York. Zie ook alle tags voor Elizabeth Arthur op dit blog en ook mijn blog van 15 november 2009 en ook mijn blog van 15 november 2010.

Uit: Eislandfahrt (Vertaald door Michaela Link)

„Mein Name ist Morgan Lamont. Wenn ich nun endlich beginne, diese Geschichte zu erzählen, verweile ich an einem Ort, den nur wenige meiner Leser jemals besucht haben werden - es ist ein rauher Ort, ein schöner Ort. Soweit ich weiß, ist hier noch niemals ein Mensch zur Welt gekommen, denn bisher hat es auch nur wenige Frauen hierher verschlagen. Viele allerdings sind hier gestorben. Durch das Fenster meines Zimmers in Framheim sehe ich den Erebus unter dem Mond Erebus, der für mich immer mein Vulkan sein wird. Er ist benannt nach einem der Schiffe, mit denen James Clark Ross 1840 in die Antarktis kam - das andere war die Terror -; sein Name geht also direkt auf die ersten Erkundungen dieses Kontinentes durch unsere Spezies zurück. In der klassischen Mythologie war Erebus der Ort, den die Seelen der Toten auf ihrem Weg zum Hades passierten. Sie setzten über von einem Leben zu einem anderen, und das gleiche ist mir widerfahren; ich habe das Eis der Antarktis durchmessen und bin dadurch eine andere geworden.
Auf jeden Fall will ich meine Geschichte von Anfang an erzählen, wenigstens, soweit dies möglich ist. Mir ist aufgefallen, daß viele Geschichten in der Mitte beginnen, wo sie am umfangreichsten sind. Aber in Wirklichkeit fangen die Dinge klein an und werden dann größer, bis sie schließlich wieder klein werden. So geht es mit allem Lebendigen und auch mit den meisten Dingen, die nicht lebendig sind. Wir alle gehen aus von einem einzelnen Atom, einem Samen oder einer Zelle, von einem einzelnen Elektron, einem einzelnen subatomaren Partikel. Und Geschichten fangen mit einem einzelnen Ausdruck an, »vor langer, langer Zeit«, »am Anfang«. Die Geschichte vom Eis begann mit den griechischen Vorsokratikern, die nicht nur vermuteten, daß die Erde rund sei, sondern auch annahmen, daß es eine südliche Landmasse geben müsse.“

 

 1680112-88e0f7c59aca4e2136e46508eda61dcf.jpg
Elizabeth Arthur (New York, 15 november 1953)

 

 

De Italiaanse schrijver Carlo Emilio Gadda werd geboren op 15 november 1893 in Milaan. Zie ook alle tags voor Carlo Emilio Gadda op dit blog en ook mijn blog van 15 november 2009 en ook mijn blog van 15 november 2010.

Uit: Die grässliche Bescherung in der Via Merulana (Vertaald door Toni Kienlechner)

„Ein Problem, das sich mit solchen Fragen verbindet wie: »Warum die Klassiker lesen, anstatt uns auf Lesestoff zu konzentrieren, der uns ein tieferes Verständnis unserer Zeit eröffnet?« und »Woher die Zeit und die Muße zur Lektüre der Klassiker nehmen, so wie wir von der Flut bedruckten Papiers zu aktuellen Problemen überschwemmt sind?«
Sicherlich kann man sich einen glücklichen Menschen vorstellen, der die »Lesezeit« seiner Tage ausschließlich der Lektüre von Lukret, Lukian, Montaigne, Erasmus, Quevedo, Marlowe,
Des Discours de la méthode, des Wilhelm Meister, von Coleridge,Ruskin, Proust und Valéry widmet, mit einigen Abschweifungen zu Muraski oder den isländischen Sagas. All dies, ohne Rezensionen der letzten Neuauflage zu Papier bringen zu müssen, noch Publikationen für die Bewerbung um einen Lehrstuhl, noch Verlagsarbeiten für eine in Kürze anstehende Vertragserfüllung. Um seine Diät ohne jegliche Belastung fortzusetzen, müßte dieser glückliche Mensch sich der Zeitungslektüre enthalten, sich nicht im geringsten vom neuesten Roman oder von der letzten soziologischen Umfrage verlocken lassen. Es sei dahingestellt, wie richtig und ergiebig eine solche Sittenstrenge wäre. Die Aktualität mag banal und demütigend sein, sie bleibt aber immer ein Punkt, der unsere Lage bestimmt, von dem wir vorwärts oder rückwärts schauen. Um die Klassiker zu lesen, muß man wohl festlegen, »von wo aus« man sie liest, sonst verlieren sich das Buch und der Leser in einer zeitlosen Wolke.
So stellt sich also heraus, daß die Lektüre der Klassiker für den am »ergiebigsten« ist, der es versteht, sie fein dosiert mit aktueller Lektüre abzuwechseln. Und das setzt nicht unbedingt eine ausgewogene innere Ruhe voraus: es kann auch das Ergebnis einer ungeduldigen Nervosität, einer schnaubenden Unzufriedenheit sein.“

 

 1680112-245c39357ab3843996b7eb5f52724ff2.jpg
Carlo Emilio Gadda (15 november 1893 – 21 mei 1973)

 

 

De Franse schrijver en journalist Lucien Rebatet werd geboren op 15 november 1903 in Moras -en- Valloire, Drôme. Zie ook alle tags voor Lucien Rebatet op dit blog.

Uit: Les deux étendards

"Mais il est vrai aussi que les hérésies me charment. Et tandis que je n’ai jamais pu me visser plus de huit jours dans le crâne les preuves classiques de l’existence du Très-Haut, je ne me fatigue pas de dresser le catalogue des innombrables solutions que trois siècles ont proposées au casse-tête de l’Homme-Dieu ; les adoptiannistes pour qui Jésus a reçu l’esprit divin lors de son baptême, mais n’est devenu Dieu qu’après sa résurrection ; les docètes, qui veulent que Jésus soit un corps astral, un fantôme n’appartenant pas à notre monde pondérable ; les aphtartodocètes qui cherchent à écarter l’insoutenable et scandaleuse notion d’un Dieu souffrant, et font un Christ doté d’un corps pareil au nôtre mais jouissant d’une surnaturelle insensibilité ; les origénistes qui ne peuvent pas s’empêcher de nuancer l’égalité du Père et du Fils ; les sabéliens, les subordinationnistes, les ariens qui soutiennent que Jésus n’a été qu’un homme inspiré par Dieu, le plus grand des hommes créés ; les nestoriens qui donnent au Christ deux natures, humaine et divine, mais les séparent totalement et enseignent que l’homme seul est mort sur la croix ; l’évêque Photin qui invente un Verbe à extensions, Raison impersonnelle de Dieu dans la première extension, mais devenant fils de Dieu dans la seconde, pénétrant ainsi l’humanité de Jésus jusqu’à en faire une espèce de Dieu ; les monophysites, qui acceptent la nature humaine du Christ, mais enseignent qu’elle a été absorbée par sa nature divine ; les monothélites qui disent qu’il n’y a eu dans la nature humaine du Christ d’autre volonté que celle de Dieu, que son corps était un instrument du Tout-Puissant… »

 

 1680112-511c90241ef843fa3b291595c405a13f.jpg
Lucien Rebatet (15 november 1903 - 24 augustus 1972)

 

 

De Nederlandse humanistische dichter Janus Secundus (eigenlijk Jan Everaerts) werd geboren in werd geboren in Den Haag op 15 november 1511. Zie ook alle tags voor Janus Secundus op dit blog en ook mijn blog van 15 november 2009 en ook mijn blog van 15 november 2010.

 

Het IIII. kvsken. Sonet
Bij Douza.
 
Ten zijn geen kuskens, tian, welck mij Neaera biedt;
T'is zuijker, t'is kaneel, t' zijn Indische muskaeten:
Tis thijm, t'is Hemelbroot, t'zijn Grieckze honichraeten,
Zulck alsmen op d'Hymet' of Hybla vloeijen ziet.
Woudt ghij mij met zulck aes dick voeden, eer lang ijet
Ontsterffelijck ick werd, oic onder sHemels Staeten
Vermeeren dat tgetal: alwaer de gulde vaeten
Vrous Hebes volle handt mit Nectar overghiet.
 
Maer zulcke ghaven doch een weijnich staeken wilt,
En met dit zoet gekus niet wezen al te mildt:
Of van gelijcker macht met mij zyn wilt deelachtich,
En werden een Goddin. der Goden disch ick haet,
Als ick u derven moet; al wilde mij zijn staet
Zelfs overdoen Iuppijn met hant, en mont opdrachtich.

 

 1680112-af50c4ece77c54123c40d1b2db2d5970.jpg
Janus Secundus (15 november 1511 - 1536)

Geschreven door Romenu om 13:58 Reageer op dit bericht

Richmal Crompton, Emmy von Rhoden, Madeleine de Scudéry, Janus Secundus, José de Lizardi

De Engelse schrijfster Richmal Crompton Lamburn werd geboren op 15 november 1890 in Lancashire. Zie ook alle tags voor Richmal Crompton op dit blog en ook mijn blog van 15 november 2008.

Uit: More William

“For his grown-up sister Ethel he had bought a box of coloured chalks. That also might come in useful later. Funds now had been running low, but for his mother he had bought a small cream-jug which, after fierce bargaining, the man had let him have at half-price because it was cracked.
Singing "Christians Awake!" at the top of his lusty young voice, he went along the landing, putting his gifts outside the doors of his family, and pausing to yell "Happy Christmas" as he did so. From within he was greeted in each case by muffled groans.
He went downstairs into the hall, still singing. It was earlier than he thought—just five o'clock. The maids were not down yet. He switched on lights recklessly, and discovered that he was not the only person in the hall. His four-year-old cousin Jimmy was sitting on the bottom step in an attitude of despondency, holding an empty tin.
Jimmy's mother had influenza at home, and Jimmy and his small sister Barbara were in the happy position of spending Christmas with relations, but immune from parental or maternal interference.
"They've gotten out," said Jimmy, sadly. "I got 'em for presents yesterday, an' they've gotten out. I've been feeling for 'em in the dark, but I can't find 'em."
"What?" said William.
"Snails. Great big suge ones wiv great big suge shells. I put 'em in a tin for presents an' they've gotten out an' I've gotten no presents for nobody."
He relapsed into despondency.
William surveyed the hall.
"They've got out right enough!" he said, sternly. "They've got out right enough. Jus' look at our hall! Jus' look at our clothes! They've got out right enough."

 

 1680107-0a5fdae79100e2d148d2ac2ed7eacceb.jpg
Richmal Crompton (15 november 1890 – 11 januiri 1969)

 

 

De Duitse schrijfster Emmy von Rhoden (eig. Emilie Auguste Karoline Henriette Friedrich geb. Kühne) werd geboren op 15 november 1829 in Magdeburg. Zie ook alle tags voor Emmy von Rhoden op dit blog en ook mijn blog van 15 november 2009.

Uit: Das Musikantenkind

“Ein stürmischer Novembernachmittag war es. Herr Bäckermeister Butz saß gemütlich am Fenster seines Wohnzimmers zu ebener Erde und rauchte seine Pfeife. Er sah hinaus auf den Marktplatz und hatte seinen Spaß an dem bunten Gewimmel vor seiner Tür. Die Leute flogen fast in die Luft bei dem heftigen Sturm und dem argen Schneetreiben. Hier klappte dem einen der Schirm in die Höhe, daß dieser alle Arme gen Himmel streckte, – dort riß der Wind einem andern die Mütze vom Kopfe, und der mußte hinterherjagen, um sie wieder zu erwischen, jetzt fuhr er unter das schützende Schirmdach einer Höckerin, welche Äpfel feilbot, hob es hoch in die Luft und sauste wie toll damit über den Marktplatz. Die Frau lief ihm nach, in der Eile warf sie einen Korb mit Äpfeln um, daß diese lustig in den hartgefrorenen Schnee kollerten. Schnell machten sich ein paar Kinder, die in der Nähe standen, darüber her und fingen an aufzulesen; jedes wollte die meisten haben, sie zankten sich darum, stießen sich mit den Ellbogen und endlich purzelten sie in einem Knäuel zur Erde nieder.
Herr Butz fing laut über diesen kleinen Vorfall an zu lachen.
»Was lachst du denn?« fragte seine Frau und trat aus dem Verkaufsraum, der sich dicht nebenan befand und dessen Tür stets geöffnet war, in das Wohnzimmer. »Was gibt es denn?«
Er zeigte mit der Pfeife auf den umgefallenen Korb. »Sieh nur,« sagte er, noch immer lachend, »ist das nicht komisch?«
»Wenn es weiter nichts ist,« entgegnete sie mürrisch, »ich weiß nicht, wie man darüber lachen kann. Ist denn die Schule noch nicht aus? Ich will froh sein, wenn die Kinder erst zu Hause sind, die armen Würmer werden tüchtig durchfroren sein, es ist ja ein Wetter, daß man keinen Hund hinausjagen möchte.«

 

 1680107-606f50460e0a63ef5040d89ec7acb463.jpg
Emmy von Rhode (15 november 1829 – 7 april 1885)

 

 

De Franse schrijfster Madeleine de Scudéry werd geboren op 15 november 1607 in Le Havre. Zie ook alle tags voorMadeleine de Scudéry op dit blog en ook mijn blog van 15 november 2009.

Uit: La Carte de Tendre (Clélie, histoire romaine)

« Ensuite pour faire un plus grand progrès dans cette route, vous voyez Sincérité, Grand Cœur, Probité, Générosité, Respect, Exactitude, et Bonté, qui est tout contre Tendre : pour faire connoistre qu’il ne peut y avoir de véritable estime sans bonté : et qu’on ne peut arriver à Tendre de ce costé là, sans avoir cette précieuse qualité. Après cela, Madame, il faut s’il vous plaist retourner à Nouvelle Amitié, pour voir par quelle route on va de là à Tendre sur Reconnoissance. Voyez donc je vous en prie, comment il faut d’abord aller de Nouvelle Amitié à Complaisance : ensuite à ce petit Village qui se nomme Soumission ; et qui en touche un autre fort agréable, qui s’appelle Petits Soins. Voyez, dis-je, que de là, il faut passer par Assiduité, pour faire entendre que ce n’est pas assez d’avoir durant quelques jours tous ces petits soins obligeans, qui donnent tant de reconnoissance, si on ne les a assidûment. Ensuite vous voyez qu’il faut passer à un autre village qui s’appelle Empressement : et ne faire pas comme certaines gens tranquiles, qui ne se hastent pas d’un moment, quelque prière qu’on leur face : et qui sont incapables d’avoir cet empressement qui oblige quelques fois si fort. Après cela vous voyez qu’il faut passer à Grands Services : et que pour marquer qu’il y a peu de gens qui en rendent de tels, ce village est plus petit que les autres. Ensuite, il faut passer à Sensibilité, pour faire connoistre qu’il faut sentir jusques aux plus petites douleurs de ceux qu’on aime. »

 

 1680107-c0cd351f426aadcc60742c4dc49752de.jpg
Madeleine de Scudéry (15 november 1607 – 2 juni 1701)

 

 

De Mexicaanse dichter en schrijver José Joaquín Fernández de Lizardi werd geboren in Mexico-stad op 15 november 1776. Zie ook alle tags voor José de Lizardi op dit blog en ook mijn blog van 15 november 2008.

Uit: Life and Deeds of the Mangy Little Parrot Written by Him and for His Children (Vertaald door William Little)

“I was born in Mexico City, capital of North America, in New Spain. No amount of praise from my lips is sufficient to describe my dear homeland. But, seriously, none of my praise would be suspect. The people who live there and foreigners who have seen it can make their panegyric more believably; so, leaving the description of Mexico City for impartial witnesses, I state that I was born in this rich and well-populated city sometime between 1771 and 1773. My parents were not affluent, but neither were they sunk in misery. At the same time they had no Jewish blood, which they showed and advertised by their virtue. Oh, if children could always and constantly follow their parents' good examples!
After I was born, after I was washed and given the usual attentions of that moment, my aunts, my grandmothers and other old women who held to the old ways wanted to tie my hands and to bind or package me up like a firecracker, claiming that if they were left free, I would be inclined to scare myself or to become very light-fingered.
God help me! How much my father had to fight against the fretting of those blessed elderly women! How much saliva he failed to hold back making them see that tying and binding babies' hands was an absurdly pernicious chimera! And how much effort it cost him persuading those innocent old women that no jet, bone, stone or other amulets of this or any other kind had any value whatsoever against drafts, rabies, the evil eye, or similar highfalutin nonsense!”

 

 1680107-de56f7c3881057d11bf6578d47b1ad3b.jpg
José de Lizardi (15 november 1776 - 27 april 1827)
Cover

Geschreven door Romenu om 13:39 Reageer op dit bericht

Norbert Krapf, Astrid Lindgren, Jonathan van het Reve, René de Clercq, Chloe Aridjis, Peter Orner

De Amerikaanse dichter, schrijver en vertaler Norbert Krapf werd geboren op 14 november1943 in Jasper, Indiana. Zie ook alle tags voor Norbert Krapf op dit blog.

 

The Mayberry Café

A high-finned squad car
welcomes your arrival
on the town square.

That booth in the corner
is all for you
& the girl on your arm.

If you want
meatloaf and gravy
it’s all yours, baby.

Ain’t nothin’ but
Elvis on the radio
& black & white on TV.

Whenever you come
back you are, once again,
King for a Day, oh yeah!

 

 

Prolog: Angel of Power and Protection
—Sculpture, Bridge to Vatican City, Rome—

What happens when the Angel
falls asleep after the mother
and father who held the baby
have to walk back into their lives

and the boy walks out into
the world and a servant
of God touches him wrong
when the parents aren’t looking?

By the time he is ready to
cross the bridge to Vatican City
his feet will not move forward
but turn in the opposite direction.

It is decades before he
can talk to the old God 
by finding his own sacred places
and a new language for praying.

 

 1679841-7064c6d48363addb568b2f11114b1a03.JPG
Norbert Krapf (Jasper, 14 november1943)

 

 

De Zweedse schrijfster Astrid Lindgren werd als Astrid Ericsson geboren op 14 november 1907 en groeide op op de boerderij Näs in Vimmerby in Småland. Zie ook alle tags voor Astrid Lindgren op dit blog.

Uit: Pippi Langstrumpf (Vertaald door Cäcilie Heinig)

„Er hatte recht. Pippi war ein sehr merkwürdiges Kind. Das allermerkwürdigste an ihr war, da
ß sie so stark war. Sie war so furchtbar stark, daß es in der ganzen Welt keinen Schutzmann
gab, der so stark war wie sie.
Sie konnte ein ganzes Pferd hochheben, wenn sie wollte. Und das wollte sie. Sie hatte ein
eigenes Pferd, das sie für eines ihrer vielen Goldstücke gekauft hatte, an demselben Tage, an dem sie heimgekommen war. Sie hatte sich immer nach einem eigenen Pferd gesehnt. Und jetzt wohnte es auf der Veranda. Aber wenn Pippi ihren Nachmittagskaffee dort trinken wollte, hob sie es ohne weiteres in den Garten hinaus.
Neben der Villa war ein anderer Garten und darin ein anderes Haus. In dem Haus wohnten
ein Vater und eine Mutter mit ihren beiden netten Kindern, einem Jungen und einem Mädchen. Der Junge hieß Thomas und das Mädchen Annika. Das waren zwei sehr liebe, wohlerzogene und artige Kinder. Niemals biß Thomas an seinen Nägeln, immer tat er das, was ihm seine Mutter sagte. Annika murrte niemals, wenn sie nicht ihren Willen bekam. Sie sah immer ordentlich aus in ihren gebügelten Baumwollkleidern, und sie nahm sich sehr in acht, daß sie sich nicht schmutzig machte. Thomas und Annika spielten hübsch zusammen in ihrem Garten, aber sie hatten sich oft einen Spielkameraden gewünscht, und zu der Zeit, als Pippi noch mit ihrem Vater auf dem Meer herumsegelte, standen sie mitunter am Gartenzaun und sagten:
„Zu dumm, daß niemand hier in dieses Haus zieht. Hier sollte jemand wohnen, jemand, der Kinder hat.“

 

 1679841-3f4271d23068b9d319eb98148b71160c.jpg
Astrid Lindgren (14 november 1907 - 28 januari 2002)
Hier met Inger Nilsson als Pippi Langkous in 1968

 

 

De Nederlandse schrijver en columnist Jonathan van het Reve werd geboren op 14 november 1983 in Amsterdam. Zie ook alle tags voor Jonathan van het Reve op dit blog.

Uit: Surinaamse Amsterdammers (Column)

Inderdaad: ‘de’ allochtoon bestaat niet. Maar bestaat ‘de’ Surinamer dan wel? Of ‘de’ Oost-Europeaan? Natuurlijk niet, net zomin als ‘de’ frisdrank bestaat. Zo gaat dat nu eenmaal met woorden, die duiden vaak een hele verzameling aan. Hoe ver je wilt ‘inzoomen’, hangt van de situatie af: soms is het woord ‘sinas’ handig, soms kun je beter ‘Fanta’ zeggen. Het evidente verschil tussen cola en tonic is geen logische reden om het woord ‘frisdrank’ te verbieden.
    Wat moeten ambtenaren nu zeggen als ze het willen hebben over de groep die tot deze week met ‘allochtonen’ werd aangeduid? Immigranten-en-hun-kinderen is te lang, bovendien heb je het dan alsnog over die groep, en dat mag juist niet. Op de vraag van AT5 of ‘bepaalde problematiek’ nog wel bespreekbaar zou blijven, zei Akel: ‘Een heel recent en goed voorbeeld is obesitas. Veel Turkse Amsterdammers hebben last van obesitas. Nou, dan heb je het over “de Turkse Amsterdamse kinderen”, en zeg je niet: “de allochtonen zijn te dik”.’
    Dus dáár gaat het om: er zijn blijkbaar ambtenaren die bij cijfers over ‘sinas’ liever over ‘frisdrank’ praten. Hierdoor ontstaat, in dit geval, het beeld dat ‘de allochtonen’ te dik zijn. De oplossing van de PvdA is om het woord ‘allochtoon’ te verbieden, zodat voor iedereen duidelijk is dat alleen Turkse kinderen te dik zijn.

 

 1679841-97241b2f5cd7ed24e7c925ea673cdcd7.jpg
Jonathan van het Reve (Amsterdam, 14 november 1983)

 

 

De Vlaamse schrijver, dichter, politiek activist en componist René Desiderius de Clercq werd geboren in Deerlijk op 14 november 1877. Zie ook mijn blog van 3 november 2010 en eveneens alle tags voor René de Clercq op dit blog.

 

Klein moederke

Moeder zit te driegen
Aan een mantelzoom.
Zusje moet nu wiegen:
Zoeteke, slaap en droom.
Broederke, broederke mijn,
Laat mij uw moederke zijn.

Dekken zal u zusje,
Ligt ge blootgewoeld;
Kussen met een kusje
Dat ge bijna niet voelt.
Broederke, broederke mijn,
Laat mij uw moederke zijn!

Moet ge mee naar schole,
Dwars door weer en wind,
Kom dan stil gescholen
Onder die mantel, kind.
Broederke, broederke mijn,
Laat mij uw moederke zijn.

 

Poes

Poes-poes-poes is thuis.
Wat kan bollen
zal ze rollen,
rukken lappen uit en lint.
Poes-poes-poes is thuis.

Poes-poes-poes is thuis.
Voor de krauwkens
van haar klauwkens,
vreest alleen een heel klein kind
en een oude muis.

 

 1679841-e00b77372913348f6e198639743f02b9.JPG
René de Clercq (14 november 1877 - 12 juni 1932)
Gedenkbeeld in Deerlijk

 

 

De Engels-Mexicaanse schrijfster Chloe Aridjis werd geboren in New York op 6 november 1971 (en dus niet op 14 november zoals eerder vermeld). Zie ook alle tags voor Chloe Aridjis op dit blog.

Uit: Assunder

« Only time can distinguish us. Yet museum acedia isn’t triggered by a crisis of faith or the shifting angle of the sun and, what’s more, my profession is actually suited to those afflicted by it, perfect for individuals who are unconcerned with their position in the world and have fallen prey to a relatively permanent mental or physical sloth. The museum provides an activity for which we are paid to do little more than stand or sit for hours contemplating immobile images and mobile figures.
Occasionally I remind myself that I could have become a dozen things in life. I could have finished university, got a degree in English, perhaps added some letters after my name. I could have had a desk and a fountain pen, people knocking at the door bringing in papers to sign.
Or, at the very least, my own filing cabinet and phone extension. But I have always been more interested in being than becoming, and as soon as I stumbled upon this job I knew nothing would budge me. Ambition has never been high on the list, nor marriage or adventure: the only thing that occasionally tempts me is the thought of another museum.
And I admit that at first I was more than a little jealous of the guards at Tate Modern, watching over their collection housed within an old power station, yet the energy being generated, while neither nuclear nor electric, came with its own set of perils. But it wasn’t until the Scandinavian artist set up an immense fake sun in the Turbine Hall that I thanked my guardian angels for my job at the National Gallery. »

 

 1679841-c67586cd65065ba02ebb1d763fea41a9.jpg
Chloe Aridjis (New York, 6 november 1971)

 

 

Onafhankelijk van geboortedata:

De Amerikaanse schrijver Peter Orner werd in 1968 in Chicago geboren. Zie ook alle tags voor Peter Orner op dit blog.

Uit: Love and Shame and Love

“Wait, you’re a what?”
“It’s a new undergraduate major.”
“Weird.”
“You?”
“Philosophy.”
“Philosophy. Interesting. Really. And difficult. Wow, philosophy, wow. I’ve read Kierkegaard. God ordered Abraham to murder his kid and Abraham said, Okay okay, whatever you say, not a problem. He didn’t even try to get out of it. He didn’t run away to Nineveh, which sounds to me like a pretty fun place. That’s faith? I mean, at least Jonah gave defying a totally unreasonable God a shot. And Kierkegaard says Abraham’s a great man? To me, he just sounds like a bad dad. Did I miss something?”
She just let his gibberish float there between them without answering. Lunch at a Chinese restaurant on South University. The place was dark, the blinds drawn against the afternoon sun. Above each table a small round bulb; Popper thought, Each table its own sad moon. This isn’t going very well at all. She is from Wisconsin and her name is Katherine but her father had called her Kat since she was six minutes old. Kat Rubin. I’ll never see her again.
“Who do you read, then?”
“Oh, you know, lately a lotta Ray Carver.”
“Who?”
“People call him a minimalist, but that’s really a misnomer. Carver just doesn’t use a barrel of words to say something he could say in half a phrase. He’s the poet of modern despair. Drunken, laconic husbands. Lonely, cheating wives. You know, the gritty truths—”
“Fuck that. Are you related to Karl Popper?”

 

1679841-1b0080411acd6fe49197612939726da4.jpg
Peter Orner (Chicago, 1968)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 14e november ook mijn blog van 14 november 2011 deel 1 en eveneens deel 2.

Geschreven door Romenu om 18:22 Reageer op dit bericht

Ako Literatuurprijs voor Stefan Hertmans

 

Ako Literatuurprijs voor Stefan Hertmans

Aan de Vlaamse schrijver Stefan Hertmans is voor zijn boek "Oorlog en terpentijn" de AKO Literatuurprijs 2014 toegekend. Dat maakte juryvoorzitter Job Cohen gisteravond bekend in de Koninklijke Schouwburg in Den Haag. De winnaar ontvangt een bedrag van 50.000 euro. Zie ook alle tags voor Stefan Hertmans op dit blog.

Uit: Oorlog en terpentijn

‘Meer dan dertig jaar heb ik de schriften, waarin hij zorgvuldig, in zijn weergaloze vooroorlogse handschrift, zijn herinneringen had neergeschreven, bewaard en gesloten gehouden; hij heeft ze me gegeven enkele maanden voor zijn dood in 1981. Hij was toen negentig jaar. Hij was geboren in 1891, zijn leven leek niet meer geweest te zijn dan het over elkaar heen springen van twee cijfers in een jaartal.
Tussen die twee jaartallen lagen twee oorlogen, rampzalige massaslachtingen, de meest hardvochtige eeuw uit de hele mensengeschiedenis, het ontstaan en de neergang van de moderne kunst, de wereldwijde expansie van de motorenindustrie, de Koude Oorlog, de opkomst en de neergang van grote ideologieën, de uitvinding van bakeliet, de popularisering van telefoon en saxofoon, de industrialisering, de filmindustrie, het plastic, de jazz, de vliegtuigindustrie, de landing op de maan, het uitsterven van talloze diersoorten, de eerste grote ecologische rampen, de ontwikkeling van penicilline en antibiotica, mei ’68, het eerste Rapport van de Club van Rome, de popmuziek, de uitvinding van de pil, de vrouwenemancipatie, de opkomst van de televisie, van de eerste computers – en zijn lange leven als vergeten oorlogsheld. Het is het leven dat hij mij vroeg te beschrijven door me die cahiers toe te vertrouwen. Een leven dat bijna een eeuw omspant en dat begon op een andere planeet. Een planeet van dorpen, veldwegen, paardenkoetsen, gaslampen, wasteilen, bidprentjes, oude wandkasten, een tijd waarin vrouwen bejaard waren op hun veertigste, een tijd van almachtige pastoors die naar sigaren en ongewassen ondergoed roken, van weerspannige burgermeisjes in nonnenkloosters, een tijd van grootseminaries, bisschoppelijke en keizerlijke verordeningen, een tijd die aan zijn lange doodstrijd begon toen de kleine groezelige Serviër Gavrilo Princip in 1914 met een niet eens zo welgemikt schot de schone illusie van het oude Europa aan flarden schoot en daarmee aanleiding gaf tot de catastrofe die ook hem, mijn kleine blauwogige grootvader zou treffen en zijn leven voorgoed zou beheersen.’

 

 1679574-f507e2e2296ca3e7f92b178fc51bfc95.jpg
Stefan Hertmans (Gent, 31 maart 1951)

Geschreven door Romenu om 08:16 Reageer op dit bericht

José Carlos Somoza, Inez van Dullemen, Timo Berger, Hadjar Benmiloud, Nico Scheepmaker, Robert Louis Stevenson, Peter Härtling

De Spaanse schrijver José Carlos Somoza werd geboren in Havana, Cuba op 13 november 1959. Zie ook alle tags voor José Carlos Somoza op dit blog.

Uit: The Athenian Murders (Vertaald door Sonia Soto)

« Like a thick mane of hair ruffled by a capricious wind, each strand waving independently, the humble crowd gradually dispersed, some leaving separately, others in groups, some in silence, others commenting on the horrifying event.
"It's true, Hemodorus, wolves abound on Lycabettus. I've heard that several peasants, too, have been attacked."
"And now this poor ephebe! We must discuss the matter at the Assembly."
A short, very fat man remained behind, standing by the corpse's feet, peering at it placidly, his stout, though neat, face impassive. He appeared to have fallen asleep. The departing crowd avoided him, passing without looking at him, as if he were a column or a rock. One of the soldiers went to him and tugged at his cloak.
"Return home, citizen. You heard our captain."
The man took little notice, and continued to stare at the corpse, stroking his neatly trimmed gray beard with thick fingers. The soldier, thinking he must be deaf, gave him a slight push and raised his voice. "Hey, I'm talking to you! Didn't you hear the captain? Go home!"
"I'm sorry," said the man, though actually appearing quite unconcerned by the soldier's command. "I'll be on my way."
"What are you looking at?"
The man blinked twice and raised his eyes from the corpse, which another soldier was now covering with a cloak. He said, "Nothing. I was thinking."
"Well, think in your bed."
"You're right," said the man, as if he had woken from a catnap. He glanced around and walked slowly away.
All the onlookers had gone by now, and Aschilos, in conversation with the captain, swiftly disappeared as soon as the opportunity arose. Even old Candaulus was crawling away, still racked with pain and whimpering, helped on his way by the soldiers' kicks, in search of a dark corner to spend the night in demented dreams. His long white mane seemed to come alive, flowing down his back, then rising in an untidy snowy cloud, a white plume in the wind. In the sky, above the precise outline of the Parthenon, Night lazily loosened her mane, cloud-decked and edged with silver, like a maiden slowly combing her hair.”

 

 1679388-f8e410f37957b02ce012a3a38ec48522.jpg
José Carlos Somoza (Havana, 13 november 1959)

 

 

De Nederlandse schrijfster Inez van Dullemen werd op 13 november 1925 in Amsterdam geboren. Zie ook alle tags voor Inez van Dullemen op dit blog.

Uit: Huis van ijs

“Ik zit hier in Nagarkot en denk: hier zou ik mijn pen moeten neerleggen. Dat zou een normale reactie zijn voor een schrijver. Welk belang hebben mijn woorden, wat betekenen mijn ambities, mijn verrichtingen tegenover de ondoorgrondelijke kosmische pracht waarvan die ketens een signaal zijn? Het lijkt of de betekenis van mijn leven van mij wordt weggenomen, met kleine fragmentjes tegelijk, alsof dat leven zelf wegsiepelt door de planken van mijn huisje, ‘s nachts, terwijl ik wakker lig, alleen door het rietdak gescheiden van het onmetelijk nachtelijke uitspansel. Ik slaap, of beter: ik waak in gezelschap van die gigantische buren, de Gonasharkar en de Langtang, in het duister, en het is of ik op het maanoppervlak lig, in de vreemde schoonheid van een dodelijke planeet waar geen zuurstof is om te kunnen leven. Iedere dag word ik psychisch iets doorzichtiger, iets dunner, ik word zo dun als een kippeveertje. Ik moet hier niet al te lang blijven, in deze al te pure lucht, ik voel hoe, tegelijk met mijn gevoel van lichtheid, ook een zekere passiviteit van mij bezit neemt.”

 

 1679388-70f8a79d4234620c51b567bf978070e4.jpg
Inez van Dullemen (Amsterdam, 13 november 1925)

 

 

De Duitse dichter,schrijver en vertaler Timo Berger werd geboren op 13 november1974in Stuttgart. Zie ook alle tags voor Timo Berger op dit blog

 

Rotbucht, ungeklärt

Am Zuckerhut trudeln Tauben
oder Paraglider im Aufwind
unten auf einer rostroten Düne
stochern rabenschwarze Geier

In den Resten von Touristen
in dieser Bruthitze ist jeder
Flügelschlag ein Schlag zuviel
die Hautlappen

Der Geierhälse, gestern
im Überschwang rot lackierte
Krallen zupfen ein Dreieck
zurecht. Giselle liest im Liegestuhl

Ein
Supplément
. Im Schatten
der Helikopter wachen Taucher
über den Drift, das Treiben
der Völker der Strände

 

 

Glória

                       Ich liebte den Akt
                       der Entfernung.

Camila Do Valle sagt
eine Scheidung ist
wie ein Reißverschluss
der gegen den Strich
geöffnet wird

Erst verschwindet wer
in einer Boutique, dann
wandert ein Schreibtisch
(1 Platte, 2 Böcke)
ins Häuschen, hinten im Hof.

 

 1679388-86f450e05b2bafa81f5cc4fcc6ac9d28.jpg
Timo Berger (Stuttgart, 13 november 1974)

 

 

De Nederlandse schrijfster, columniste en radiopresentatrice Hadjar Benmiloud werd geboren in Amsterdam op 13 november 1989. Zie ook alle tags voor Hadjar Benmiloud op dit blog.

Uit: Voor de liefde (Column)

“Deze is voor de puberende lente, die een volwassen zomer nog even wil uitstellen. En voor alle vogels die ons ‘s ochtends wakker kwetteren. Voor de bloemen die bloeien, grillende steaks, karkassen die rotten, en urinerende zwervers. Want al die dingen samen, zorgen voor de zoete geur van zomer in een grote stad.
Deze is voor alle jongens en meisjes die zittend en rollend langs pittoreske grachtjes niet kunnen begrijpen hoe half 1 opeens half 5 ‘s ochtends werd. En voor alle onbedoelde eigenaars van gebroken harten, die zich afvragen waarom het lot nou nooit eens meewerkt. Voor alle mensen die niet eerlijk durven te zijn, uit angst voor pijn. En voor de mensen die dat, uit angst om hetzelfde te ontwijken, wel zijn. Voor alle mensen die deze lente doorkomen op pure endorfine, knuffels en zoete kersen. Voor alle jongeren die niet weten wat ze overkomt. En voor de volwassenen die dat wel weten, maar nog niet willen toegeven. Totdat het echt niet meer anders kan.
Deze is voor iedereen die nooit bang is om uitgelachen te worden. Of dat wel is, maar zich daar niet door laat weerhouden. Voor iedereen die niet bang is om teleur te stellen. En voor iedereen die dat wel is, maar niet onder de verwachtingen bukt.”

 

 1679388-ada099d7f479be28f9bbe882ee8668ca.jpeg
Hadjar Benmiloud (Amsterdam, 13 november 1989)

 

 

De Nederlandse dichter, journalist en columnist Nico Scheepmaker werd geboren in Amsterdam op 13 november 1930. Zie ook alle tags voor Nico Scheepmaker op dit blog.

 

2-1 & 1-2

De wedstrijd was het juiste spiegelbeeld
van die 2-1 in het gedoemd verleden.
Eerst werd ik in de Hel gevierendeeld,
en daarna kwam ik in de Hof van Eden.

Twee-een verliezen of met 2-1 winnen:
ontgoocheling of een uitzinnig feest.
Je kunt er maar het best niet aan beginnen,
dan is je leven wel zo kalm geweest.

Ik vond het jammer dat wij toen niet wonnen,
want winnen is het doel van elke sport.
Maar anderzijds is voetbal meer dan verzonnen:
geen mens die er veel menslijker door wordt.

Natuurlijk was ik blij met onze zege,
als journalist was ik zelfs dubbelblij.
Wij hadden immers iets cadeau gekregen:
kopij, kopij, o en voorgoed kopij!

 

Een blijvertje

Het feit dat ik in Holland ben geboren,
en bovendien precies in Amsterdam,
bewijst toch wel dat ik ben uitverkoren:
ik kreeg de hamvraag en ik won de ham.

Een ander wordt geboren in Vietnam
of raakt bij voorbaat in Algiers verloren,
maar ik, die zo terloops ter wereld kwam,
mag rustig tot de blijvertjes behoren.

En ook het tijdstip was perfect gekozen:
te jong voor crisis, oorlog en verzet.
Wat dat betreft zat ik dus ook op rozen,
want niemand gaf mij later een brevet
van onvermogen in het goede of boze.

Mijn leven is een aangenaam verpozen,
een ander krijgt de schillen en de dozen.

 

 1679388-3b1348a7dbd736f60105186daa988d22.jpg
Nico Scheepmaker (13 november 1930 - 5 april 1990)

 

 

De Schotse schrijver Robert Louis Stevenson werd geboren in het Schotse Edinburgh op 13 november 1850. Zie ook alle tags voor Robert Louis Stevenson op dit blog.

Uit: Treasure Island

“But though I was so terrified by the idea of the seafaring man with one leg, I was far less afraid of the captain himself than anybody else who knew him. There were nights when he took a deal more rum and water than his head would carry; and then he would sometimes sit and sing his wicked, old, wild sea-songs, minding nobody; but sometimes he would call for glasses round and force all the trembling company to listen to his stories or bear a chorus to his singing. Often I have heard the house shaking with "Yo-ho-ho, and a bottle of rum," all the neighbours joining in for dear life, with the fear of death upon them, and each singing louder than the other to avoid remark. For in these fits he was the most overriding companion ever known; he would slap his hand on the table for silence all round; he would fly up in a passion of anger at a question, or sometimes because none was put, and so he judged the company was not following his story. Nor would he allow anyone to leave the inn till he had drunk himself sleepy and reeled off to bed.
His stories were what frightened people worst of all. Dreadful stories they were — about hanging, and walking the plank, and storms at sea, and the Dry Tortugas, and wild deeds and places on the Spanish Main. By his own account he must have lived his life among some of the wickedest men that God ever allowed upon the sea, and the language in which he told these stories shocked our plain country people almost as much as the crimes that he described. My father was always saying the inn would be ruined, for people would soon cease coming there to be tyrannized over and put down, and sent shivering to their beds; but I really believe his presence did us good. People were frightened at the time, but on looking back they rather liked it; it was a fine excitement in a quiet country life, and there was even a party of the younger men who pretended to admire him, calling him a "true sea-dog" and a "real old salt" and such like names, and saying there was the sort of man that made England terrible at sea.”

 

 1679388-d1bfc02458f7e5e2b5c6a4edd39b4dde.jpg
Robert Louis Stevenson (13 november 1850 – 3 december 1894)
Standbeeld in Colinton

 

 

De Duitse dichter en schrijver Peter Härtling is geboren op 13 november 1933 in Chemnitz. Zie ook alle tags voor Peter Härtling op dit blog.

 

Abendsätze

Dich schlafen zu sehen,
eingerollt
wie eine Katze
und ausgeschlossen
zu sein
aus deinem Traum – nach so vielen
Jahren
genieße ich es,
nichts zu haben
von dir
als dieses
ungleiche Vertrauen.

 

 

Kaspar Hauser

Eine Liebste
möchte er,
die seinen Mund
bewohnt
und aus ihm spricht.
Damals, als sie ihn
blindgemacht,
ersann er Blumen,
die’s nicht gibt.
Jetzt hat er sie
für sie gemalt.
Sprich, bittet er,
sprich mich,
wohn dich in mir ein
und ändre mich:
Einer Prinzessin stellen sie nicht nach.
Dann singt er
wie sein Holzpferd sang
in dem Verlies,
in dem er sich vergaß.

 

 1679388-9f1885875b4cfca04c65a7382d56bf20.jpg
Peter Härtling (Chemnitz, 13 november 1933)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 13e november ook mijn blog van 13 november 2011 deel 1 en eveneens deel 2 en ook deel 3.

Geschreven door Romenu om 18:49 Reageer op dit bericht

Frank Westerman

De Nederlandse schrijver en journalist Frank Martin Westerman werd geboren in Emmen op 13 november 1964. Westerman groeide op in een Nederlands-hervormd gezin in Assen, als zoon van een NAM-ingenieur. Hij studeerde Tropische Cultuurtechniek aan de Landbouwuniversiteit Wageningen. Voor zijn afstudeeronderzoek verbleef hij in 1987 in Puno in het zuiden van Peru, waar hij de pre-Columbiaanse irrigatiemethoden van de Aymara in de Andes bestudeerde. In die tijd schreef hij zijn eerste journalistieke reportages. In 1992 werd Westerman correspondent voor de Volkskrant in Belgrado. Als verslaggever van NRC Handelsblad bezocht hij nadien diverse internationale brandhaarden. Samen met collega-journalist Bart Rijs wist hij als enige journalist door te dringen tot Srebrenica ten tijde van de val in 1995. Zij schreven daarover het boek “Het Zwartste Scenario” waarbij ze geheime VN-documenten en interviews met ooggetuigen gebruikten om de oorlogsjaren van Srebrenica te reconstrueren. Tussen 1997 en 2002 was Westerman correspondent voor het NRC Handelsblad in Moskou. Sinds 2002 woont en werkt Frank Westerman als fulltime schrijver in Amsterdam. In 2013 presenteerde hij wekelijks de serie Nederland in 7 overstromingen van de NTR op Nederland 2.

Uit: Ararat

“Turkije, dat een alliantie met Duitsland was aangegaan, werd in de rug aangevallen door het Rusland van de tsaar. De christelijke Armenen, onderdrukt door de islamitische landheren, zagen de orthodox-christelijke Russen als verlosser en sloten zich deels bij hen aan. In de ogen van de Turkse driemanschap [Enver, Talaat en Djamal] was de Armeense bevolking een vijfde colonne. Op 24 april 1915 lieten de militaire leiders zo’n achthonderd vooraanstaande Armenen ophangen op pleinen in Istanbul, op beschuldiging van het heulen met de vijand. Talaat Pasja, de minister van Binnenlandse Zaken, beval tegelijk ook de deportatie van alle Armenen uit eigen land. Het was in de zomer van 1915, tijdens gedwongen voetmarsen naar dump- en sterfplaatsen in de woestijnen van Syrië en Irak, onder ‘begeleiding’ van Koerdische roversbenden en onderbetaalde soldaten, dat honderdduizenden Armenen (of meer dan een miljoen?) stierven van honger, uitdroging en wanhoop.
De pas opgerichte Volkerenbond had willen ingrijpen, maar voor er actie was ondernomen, had de Sovjet-Unie het huidige Armeense grondgebied in 1920 ingelijfd, net zonder de Ararat.
‘Tsavut danem,’ zeiden de Armenen nog dagelijks tegen elkaar, bij wijze van groet. Het betekende: Laat mij je pijn dragen. Pas toen ik alweer vertrokken was uit Etsjmiadzin, was het tot me doorgedrongen dat de speerpunt die de zij van het Lam Gods had doorboord, voor Armenen als Hovannes een gewichtiger relikwie moest zijn dan het stukje arkhout.”

(…)

Alleen: tot dan toe had ik bij die benaming steeds het accent gelegd op het voorvoegsel ‘ark’. Die was onvindbaar, had vermoedelijk nooit bestaan en stond wat mij betreft voor iets onstoffelijks, een metafoor. Bleef over het achtervoegsel ‘zoekers’. Ik realiseerde me dat het broze wereldbeeld van de arkzoeker bestond bij de gratie van het niet-vinden, zijn doel diende aldoor net buiten bereik te blijven — dát hield hem op de been en gaf zijn leven richting. De arkzoeker ontleendde zijn eigenaardigheid niet aan de ark, maar aan het feit dat hij die zocht. En dat deed ik ook.”

 

 1679609-d3e6dbaee4eaad2726cc703e3be9fb58.jpeg
Frank Westerman (Emmen, 13 november 1964)

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Daniël Dee, Johnny van Doorn, Cristina Peri Rossi, Naomi Wolf, Juana Inés de la Cruz, Michael Ende

De Nederlandse dichter Daniël Dee werd geboren op 12 november 1975 in Empangeni, Zuid-Afrika. Zie ook mijn blog van 12 november 2010 en eveneens alle tags voor Daniël Dee op dit blog.

 

De naakte waarheid bezwere

                                                         I dreamed about you, baby.
                                                         It was just the other night.
                                                         Most of you was naked
                                                         Ah but some of you was light.

                                                         - Leonard Cohen -


halfnaakt lig je ik weet het ik zie het
je borsten je oksels je buikje met navel
je naakte glimlach je naakte blik

ik kan het dromen en doe dat ook vaak

eens was dat allemaal voor mij en mij alleen
het doet me niets het doet me niets meer

het verlangen hoe je keek als ik in je schoof het voldoeningszweet achteraf

geen idee wat deze dag brengen zal
de e-nummers zwieren in mijn yoghurtdrinkontbijt
deze ochtend koffiedik zingen een stalinorgelsymfonie

hij die ik niet ken hij is ook nog vreemd voor jou hij ligt naast je ik weet het
het zal niet lang meer duren of hij kruipt op je ik weet het hij niet ik

 

 1679005-cb30353aa999b949692569d159369d07.jpg
Daniël Dee (Empangeni, 12 november 1975)
Portret door Harriët Geertjes, 2007

 

 

De Nederlandse dichter Johnny van Doorn (The Selfkicker) werd geboren op 12 november 1944 in Beekbergen en groeide op in Arnhem. Zie ook mijn blog van 12 november 2010 en eveneens alle tags voor Johnny van Doorn op dit blog.

 

Crimineel weekend

(1)
2 winterjassen overelkaar
Heen & op zak kunstbaarden-
En snor,
17 zonnebrillen &
3 verschillende pruiken, -
Uit betrouwbare bron
Vernomen dat ik
Voortdurend door een
Politiewagen word
Gevolgd:
Op iedere straathoek
Verwissel ik van
Vermomming & in
Iedere pisbak plak
Ik een andere baard
Op mijn gezicht,
In ieder portiek
Verwissel ik van
Zonnebril & ik
Loop mank en krom &
Dan weer als een Mie
Zo soepel 7 ik word
Krankjorum van die
Ellendige klootzakken, -
Ze sturen het erop
Aan dat ik me uit
Eigen beweging
Aangeven zal:
Ze hebben geen
Enkel bewijs,
40 fotoos van mij
In bezit &
Mijn tenen zijn
Bevroren (van de honger
Hou ik niet meer)
: diezelfde nacht wordt
Mijn bebaarde
Vriend Roderic de
Prikker (met identiek
Nachtelijk silhouet)
Op brute wijze
Opgebracht.

 

 

 1679005-66b82e4be475ecf38d2b854d75751e2d.jpg
Johnny van Doorn (12 november 1944 – 26 januari 1991)

 

 

De Uruguayaanse schrijfster, vertaalster en journaliste Cristina Peri Rossi werd geboren op 12 november 1941 in Montevideo. Zie ook mijn blog van 12 november 2010 en eveneens alle tags voor Christina Peri Rossi op dit blog.

Uit: Fetishists Anonymous (Vertaald door Tobias Hecht)

“On Saturday afternoons, I'm the only woman at the Fetishists' Club. Otherwise it's just men.
We meet on the weekends, before Sunday, stupid old Sunday, the gloomiest, most depressing day of the week. Sundays are a lost cause: reality plain and simple, unadorned. If you're lucky, you can sleep a little longer, between one noise and the next-the neighbor's shower, the elevator full of children (children are let loose on Sundays and there's no telling what can happen with all those exploding hormones), the telephone (which is always ringing to announce the ritual visit of your parents-in-law, someone's forgotten birthday, or that your great aunt who suffers from, among other things, the eighty years she's already been alive, is sick). The full weight of reality, that's Sunday, when you have incontrovertible evidence that your apartment is too small for four people and that lack of space creates hostility (or at least puts it on display), when you can eat paella or baked lamb, go to movies with your husband and feel lonely or go alone and feel lonely.
That's why, as fetishists, we like to get together on Saturdays, at dusk. Saturdays seem to be full of potential, of fantasy, of hope. On Saturdays some people dream about a man or a woman capable of awakening an unknown passion, others of a nocturnal voyage through the subterranean entrails of the city (marvelous things are never at the surface, you have to submerge yourself to find them; they're peripheral, marginal, hidden-a tunnel, a sunken world, a region of limbo); some people think they're capable of writing a book, others of winning a fortune gambling.”


1679005-031d488aa846c32b832071ff2f4fbb38.jpg
Cristina Peri Rossi (Montevideo, 12 november 1941)

 

 

De Amerikaanse, feministische schrijfster Naomi Wolf werd geboren in San Francisco op 12 november 1962. Zie ook alle tags voor Naomi Wolf op dit blog enook mijn blog van 12 november 2010

Uit: The Beauty Myth

““Their [girls] sexual energy, their evaluation of adolescent boys and other girls goes thwarted, deflected back upon the girls, unspoken, and their searching hungry gazed returned to their own bodies. The questions, Whom do I desire? Why? What will I do about it? are turned around: Would I desire myself? Why?...Why not? What can I do about it?
The books and films they see survey from the young boy's point of view his first touch of a girl's thighs, his first glimpse of her breasts. The girls sit listening, absorbing, their familiar breasts estranged as if they were not part of their bodies, their thighs crossed self-consciously, learning how to leave their bodies and watch them from the outside. Since their bodies are seen from the point of view of strangeness and desire, it is no wonder that what should be familiar, felt to be whole, become estranged and divided into parts.
What little girls learn is not the desire for the other, but the desire to be desired. Girls learn to watch their sex along with the boys; that takes up the space that should be devoted to finding out about what they are wanting, and reading and writing about it, seeking it and getting it. Sex is held hostage by beauty and its ransom terms are engraved in girls' minds early and deeply with instruments more beautiful that those which advertisers or pornographers know how to use: literature, poetry, painting, and film.“

 

 1679005-24fa636c73083a08944268fe8718c611.JPG
Naomi Wolf (San Francisco, 12 november 1962)

 

 

De Mexicaanse dichteres en moniaal Juana Inés de la Cruz de Asbaje y Ramírez, ook bekend als Sor Juana, werd geboren in San Miguel Nepantla op 12 november 1648 of 1651. Zie ook alle tags voor Juana Inés de la Cruz op dit blog enook mijn blog van 12 november 2010

 

My Lady (Fragment)

My lady, I must implore
forgiveness for keeping still,
if what I meant as tribute
ran contrary to your will.

Please do not reproach me
if the course I have maintained
in the eagerness of my love
left my silence unexplained.

I love you with so much passion,
neither rudeness nor neglect
can explain why I tied my tongue,
yet left my heart unchecked.

The matter to me was simple:
love for you was so strong,
I could see you in my soul
and talk to you all day long.

With this idea in mind,
I lived in utter delight,
pretending my subterfuge
found favor in your sight.

In this strange, ingenious fashion,
I allowed the hope to be mine
that I still might see as human
what I really conceived as divine.

Oh, how mad I became
in my blissful love of you,
for even though feigned, your favor
made all my madness seem true!

 

 1679005-8f8890424028ec712b15f2932f318b13.jpg
Juana Inés de la Cruz (12 november 1648 of 1651 - 17 april 1695)
Borstbeeld in Washington

 

 

De Duitse schrijver Michael Ende werd geboren in Garmisch-Partenkirchen op 12 november 1929. Zie ook alle tags voor Michael Ende op dit blog en ook mijn blog van 12 november 2009 en ook mijn blog van 12 november 2010

Uit: Jim Knopf und Lukas der Lokomotivführer

„Das Land, in dem Lukas der Lokomotivführer lebte, hieß Lummerland und war nur sehr klein.
Es war sogar ganz außerordentlich klein im Vergleich zu anderen Ländern wie zum Beispiel Deutschland oder Afrika oder China. Es war ungefähr doppelt so groß wie unsere Wohnung und bestand zum größten Teil aus einem Berg mit zwei Gipfeln, einem hohen und einem, der etwas niedriger war.
Um den Berg herum schlängelten sich verschiedene Wege mit kleinen Brücken und Durchfahrten. Außerdem gab es auch noch ein kurvenreiches Eisenbahngleis. Es lief durch fünf Tunnels, die kreuz und quer durch den Berg und seine beiden Gipfel führten.
Häuser gab es natürlich auch im Lummerland, und zwar ein ganz gewöhnliches und ein anderes mit einem Kaufladen drin. Dazu kam noch eine kleine Bahnstation, die am Fuße des Berges lag. Dort wohnte Lukas der Lokomotivführer. Und oben auf dem Berg zwischen den beiden Gipfeln stand ein Schloss.
Man sieht es also, das Land war ziemlich voll. Es passte nicht mehr viel hinein.
Wichtig ist vielleicht noch, dass man sich sehr vorsehen musste die Landesgrenzen nicht zu überschreiten, weil man dann sofort nasse Füße bekam. Das Land war nämlich eine Insel.
Diese Insel lag mitten im weiten, endlosen Ozean und die großen und kleinen Wellen rauschten Tag und Nacht an den Landesgrenzen. Manchmal allerdings war das Meer auch still und glatt, so dass nachts der Mond und tags die Sonne sich darin spiegelten. Das war jedes Mal besonders schön und feierlich und Lukas der Lokomotivführer setzte sich dann immer an den Strand und freute sich. Warum die Insel übrigens Lummerland hieß und nicht irgendwie anders, wusste kein Mensch. Aber sicherlich wird das eines Tages erforscht werden.“

 

 1679005-2f607ec2737059e66b47e6dc902e818f.jpg
Michael Ende (12 november 1929 – 28 augustus 1995)
Cover



Zie voor nog meer schrijvers van de 12e november ook mijn blog van 12 november 2011 deel 1 en eveneens deel 2.

Geschreven door Romenu om 19:00 Reageer op dit bericht

Bij Sint Maarten, 85 Jaar Hans Magnus Enzensberger, Mircea Dinescu, Carlos Fuentes, Nilgün Yerli

 

Bij Sint Maarten

 

 1678555-17c15602770178d556bc1be25d8cea18.jpg
Sint Maarten en de bedelaar door Alfred Rethel, 1836

 

 

SINT-MAARTEN

't Was vrijdag dat ze langs de deuren gingen
De lampions en tassen lagen klaar
Ze doken in de schemering om daar
De werken van Sint-Maarten te bezingen

Ik zag mijn zoontje staan op het trottoir
Een reus tussen zijn kleine volgelingen
Hij hoefde niet meer naar de bel te springen
Hij kon erbij, het was zijn laatste jaar

Het volgend jaar dan kan hij niet meer mee
Dan trekt Sint-Maarten andermaal zijn degen
En hakt zijn jeugd genadeloos in twee

Dan staart hij als een puber door de ruit
Dan bromt zijn veel te zware stem mij tegen
Dan blaast de tijd zijn jongenslampje uit

 1678555-0ff84ad321c0a72e0b87efc4254bc929.jpg
Ivo de Wijs (Tilburg, 13 juli 1945)

 

 

 

85 jaar Hans Magnus Enzensberger

De Duitse dichter en schrijver Hans Magnus Enzensberger werd geboren op 11 november 1929 in Kaufbeuren. Hans Magnus Enzensberger viert vandaag zijn 85e verjaardag. Zie ook mijn blog van 11 november 2010 en eveneens alle tags voor Hans Magnus Enzensberger op dit blog.

 

Der Untergang der Titanic - Erster Gesang

Einer horcht. Er wartet. Er hält
den Atem an, ganz in der Nähe,
hier. Ersagt: Der da spricht, das bin ich.

Nie wieder, sagt er,
wird es so ruhig sein,
so trocken und warm wie jetzt.

Er hört sich
in seinem rauschenden Kopf.
Es ist niemand da außer dem,

der da sagt: Das muß ich sein.
Ich warte, halte den Atem an,
lausche. Das ferne Geräusch

in den Ohren, diesen Antennen
aus weichem Fleisch, bedeutet nichts.
Es ist nur das Blut,

das in der Ader schlägt.
Ich habe lang gewartet,
mit angehaltenem Atem.

Weißes Rauschen im Kopfhörer
meiner Zeitmaschine.
Stummer kosmischer Lärm.

Kein Klopfzeichen. Kein Hilfeschrei.
Funkstille.
Entweder ist es aus,

sage ich mir, oder es hat
noch nicht angefangen.
Jetzt aber! Jetzt:

Ein Knirschen. Ein Scharren. Ein Riß.
Das ist es. Ein eisiger Fingernagel,
der an der Tür kratzt und stockt.

Etwas reißt.
Eine endlose Segeltuchbahn,
ein schneeweißer Leinwandstreifen,

der erst langsam,
dann rascher und immer rascher
und fauchend entzweireißt.

Das ist der Anfang.
Hört ihr? Hört ihr es nicht?
Haltet euch fest!

Dann wird es wieder still.
Nur in  der Wand klirrt
etwas Dünngeschliffenes nach,

ein kristallenes Zittern,
das schwächer wird
und vergeht.

Das war es.
War es das? Ja,
das muß es gewesen sein.

Das war der Anfang.
Der Anfang vom Ende
ist immer diskret.

Es ist elf Uhr vierzig
an Bord. Die stählerne Haut
unter der Wasserlinie klafft,

zweihundert Meter lang,
aufgeschlitzt
von einem unvorstellbaren Messer.

Das Wasser schießt in die Schotten.
An dem leuchtenden Rumpf
gleitet, dreißig Meter hoch

über dem Meeresspiegel, schwarz
und lautlos der Eisberg vorbei
und bleibt zurück in der Dunkelheit.

 

 1678555-dc1d99c0869d54e719c6f83e1c96c208.jpg
Hans Magnus Enzensberger (Kaufbeuren,11 november 1929)

 

 

De Roemeense dichter en schrijver Mircea Dinescu werd geboren op 11 november 1950 in Slobozia. Zie ook mijn blog van 11 november 2010 en eveneens alle tags voor Mircea Dinescu op dit blog.

 

Guernica

Where they trample by with their damp imagination
the lichen and reindeer bloom,
lamps swallow wicks in disgust
like wise men tongues before the tyrant,
but the gods born in the hum of the coffeehouse
vanish some night on south bound freight trains
sentenced without witness to a tangled and forced mythology
to seek the seed of the flute in who knows what swamps'
      reeds,
under the rains to hollow out their graves
so we can stumble upon an exit to the sea...
O, vulnerable gods, vulnerable gods,
death is a country without newspapers

 

Vertaald door Julian Semilian en Sanda Agalidi

 

 1678555-d1925ddb07d6c65cfc2aeb054d2edaa7.jpg
Mircea Dinescu (Slobozia, 11 november 1950)

 

 

De Mexicaanse dichter en schrijver Carlos Fuentes Macías werd geboren op 11 november 1928 in Panama-Stad. Carlos Fuentes overleed op de 15e mei van dit jaar. Zie ook mijn blog van 11 november 2010 en eveneens alle tags voor Carlos Fuentes op dit blog.

Uit:Destiny and Desire (Vertaald door Edith Grossman)

“Only Mediterranean cuisine assures us of a healthy balance between what comes in at the mouth and what goes out through the asshole, as if olive oil and vinegar from Modena, the produce of the gardens of Southern Europe, peaches and figs, melons and peppers, knew beforehand that the pleasure of eating should be balanced by the pleasure of shitting, very much in accordance with Quevedo’s lines: “I love you more than a strong desire to take a shit.”
In any case—in my case—shit is almost always firm and brown, sometimes artfully coiled like the clay turds sold in the markets, sometimes diluted and tortured by our hot national spices: O shit of mine. And rarely (above all when I travel) reticent and ugly-?looking.
I know that with these diversions, my dear survivors, I am putting off what is most important. Getting to my head. Telling you what my face was like after making it clear that the buttocks, as everyone knows, are man’s second face. Or are they the first?
I’ve already indicated, when combing my hair, that I have a good Indian thatch of dark hair, more deeply rooted than a maguey. I have to say that my eyes are dark and set deep in the sockets of a bony facial structure that would be almost transparent if not for the dark mask of my skin. (Dark skin hides feelings better than white. That’s why when they are revealed, they are more brutal though less hypocritical.) In short, I have invisible eyebrows, a pleasant, slender mouth, almost always smiling for no reason other than courtesy. Ears neither large nor small, barely adequate to my extremely thin face, skin adhering to bone, the roots of my hair springing up like nocturnal thickets that grow without light.”

 

 1678558-8986a31c0bb478eac0b29f5b25de6c11.jpg
Carlos Fuentes (11 november 1928 – 15 mei 2012)

 

 

De Turks-Nederlandse schrijfster Nilgün Yerli werd op 11 november 1969 geboren in Kirsehir,Turkije. Zie ook mijn blog van 11 november 2008 en eveneens allle tags voor Nilgün Yerli op dit blog.

Uit:Ontmoeting

“Ik zit in de auto en zie een dame rennen achter de bus die ze ‘net’ gemist heeft. Ik stop bij de halte en geef de dame een lift tot de volgende halte.
Het is een gezellige, leuke dame en vol dankbaarheid. Ik zeg: kom een keer bij me eten.
Ze zegt: waarom?
Ik zeg: waarom niet.
Dit maak ik vaker mee.
Het lijkt wel alsof het in dit land  alleen legitiem is om iemand uit te nodigen als je collega’s bent, of je  naaste buren bent, of samen een sportschool of een clubje deelt of je kinderen naar dezelfde school gaan.
Iemand die je hebt ontmoet bij de bloemist, bank, Hema, supermarkt, bushalte of een bijeenkomst is raar..dan wordt men achterdochtig..
Ik vroeg eens aan een man die ik ontmoet had bij een boekuitreiking, of hij een keer met mij wilde lunchen, waarop hij zei: ik ben geen lunchtype, bovendien ben ik getrouwd.
Alsof ik hem had gevraagd, ga je mee naar bed.
Ik weet niet hoe je vriendschappen sluit in dit land, je ontmoet mensen, op vele gelegenheden en denkt die zou ik meer willen leren kennen niet om de titel of man-vrouw-sex maar om de individu die iets sympathieks heeft en een snaar van genegenheid en interesse bij je heeft geraakt.
En dan is een uitnodiging een eerste stap. Hoe ontmoeten mensen elkaar…?
Ontdekken hoeft niet van twee kanten te komen, maar ontmoeten weer wel.”

 

 1678555-e4e47a99f13a9c95740c84c8f3675438.jpg
Nilgün Yerli (Kirsehir, 11 november 1969)

 



Zie voor nog meer schrijvers van de 11e november ook
mijn blog van 11 november 2012 en ook mijn blog van 11 november 2011 deel 2.

Geschreven door Romenu om 20:07 Reageer op dit bericht

Friedrich Schiller, Jan van Nijlen, Arnold Zweig, Rick de Leeuw, Jacob Cats, Aka Morchiladze

De Duitse dichter en schrijver Johann Christoph Friedrich von Schiller werd geboren op 10 november 1759 in Marbach. Zie ook mijn blog van 10 november 2010 en eveneens alle tags voor Friedrich Schiller op dit blog.

 

Geburtstagsgedicht

Rastlos vorwärts musst du streben,
nie ermüdet Stille stehn,
willst du die Vollendung sehn,
musst ins Breite dich entfalten,
soll sich deine Welt gestalten,
in die Tiefe musst du steigen,
soll sich dir das Wesen zeigen,
nur Beharrung führt zum Ziel,
nur die Fülle führt zur Klarheit,
und im Abgrund wohnt die Wahrheit.

 

Hoffnung

Es reden und träumen die Menschen viel
Von bessern künftigen Tagen,
Nach einem glücklichen goldenen Ziel
Sieht man sie rennen und jagen.
Die Welt wird alt und wird wieder jung,
Doch der Mensch hofft immer Verbesserung.

Die Hoffnung führt ihn ins Leben ein,
Sie umflattert den fröhlichen Knaben,
Den Jüngling locket ihr Zauberschein,
Sie wird mit dem Greis nicht begraben,
Denn beschließt er im Grabe den müden Lauf,
Noch am Grabe pflanzt er – die Hoffnung auf.

Es ist kein leerer schmeichelnder Wahn,
Erzeugt im Gehirne des Toren,
Im Herzen kündet es laut sich an:
Zu was Besserm sind wir geboren!
Und was die innere Stimme spricht,
Das täuscht die hoffende Seele nicht.

 

 

Die Führer des Lebens

Zweierlei Genien sinds, die dich durchs Leben geleiten,
Wohl dir, wenn sie vereint helfend zur Seite dir stehn!
Mit erheiterndem Spiel verkürzt dir der eine die Reise,
Leichter an seinem Arm werden dir Schicksal und Pflicht.
Unter Scherz und Gespräch begleitet er bis an die Kluft dich,
Wo an der Ewigkeit Meer schaudernd der Sterbliche steht.
Hier empfängt dich entschlossen und ernst und schweigend der andre,
Trägt mit gigantischem Arm über die Tiefe dich hin.
Nimmer widme dich einem allein. Vertraue dem erstern
Deine Würde nicht an, nimmer dem andern dein Glück.

 

 1678034-f5083c035804953775721167f6557bb0.jpg
Friedrich Schiller (10 november 1759 - 9 mei 1805)
Charlotte Schiller - Schillers Gartenhaus in Jena, aquarel, ca. 1798

 

 

De Vlaamse dichter en schrijver Jan van Nijlen werd geboren op 10 november 1884 in Antwerpen. Zie ook mijn blog van 10 november 2010 en eveneens alle tags voor Jan van Nijlen op dit blog.

 

De Tuinier

Hij is voortaan alleen nog maar tuinier,
Vergat voorgoed de straten en de steden
En hij verzorgt, verlost van zijn verleden,
De teere phlox, de stralende anjelier.
 
Hij woont zoo ver, wie achterhaalt hem hier?
Het kleine dorp ligt rustig daar beneden....
Zijn leven heeft voortaan geen andre reden,
Dan de berusting van het vreedzaam dier.
 
Maar soms in vroegen nacht, wanneer de maan
Oranjekleurig bloeit aan de bewaasde kimmen,
Voelt hij zijn hart heel even sneller slaan,
 
Als hij ziet rijzen in opalen gloor
Al de gedaanten uit het rijk der schimmen
Die hij bemind heeft en voorgoed verloor.

 

 

Circuslicht

'k Zie elke avond aan de hemel branden
De gloed van 't circus en ik ben verblind
Door 't lokkend licht, ginds in de lage landen.
't Is of in droom het leven herbegint,
 
Of ik weer kind ben en nog weer verlang
Naar 't lieve spel van clowns en acrobaten,
Naar wigwam, vredespijp en boomerang
En naar de strijd van cowboys of piraten.

Dit teder licht verheldert de atmosfeer:
Morgen wellicht ontluiken de eerste blaren
En bouwen weer de vogels aan hun nest.
 
En ik begrijp, thans deftige meneer,
Hoe het geluk van de verloren jaren
Het enige is wat mij ten slotte rest.

 

 

Heloise en abelard

Alles had ons moeten scheiden,
alles bracht ons tot elkaar;
van een grondeloos verblijden
werd de najaarshemel klaar.

Nooit in 't bitterste uur van lijden
vroeg het hunkrend hart: tot waar?
Alles had ons moeten scheiden,
alles bracht ons tot elkaar.

Liefde die geknecht moet strijden
wordt eens luide en openbaar;
eens dekt ons dezelfde baar
die voor eeuwig zal bevrijden.

Alles had ons moeten scheiden...

 

 

 1678034-4d942b087f6440c3274dafecaa8a0ef1.jpg
Jan van Nijlen (10 november 1884 – 14 augustus 1965)

 

 

De Duitse schrijver Arnold Zweig werd op 10 november 1887 in een gematigd religieuze joodse familie geboren in Glogau, Neder-Silezië (nu Głogów, Polen). Zie ook mijn blog van 10 november 2010 en eveneens alle tags voor Arnold Zweig op dit blog.

Uit: Der Streit um den Sergeanten Grischa

"Um Deutschland geht es uns ...: dass in dem Land, dessen Rock wir tragen, und für dessen Sache wir in Dreck und Elend zu verrecken bereit sind, Recht richtig und Gerechtigkeit der Ordnung nach gewogen werde. Dass dies geliebte Land nicht verkomme, während es zu steigen glaubt. Dass unsere Mutter Deutschland nicht auf die falsche Seite der Welt gerate. Denn wer das Recht verlässt, der ist erledigt."
(…)

"'Der siegt für uns, der plagt sich für uns, nu lass ihn man schlafen, Matz. Die Welt wird ja nicht einstürzen und Deutschland nicht ins Wasser fallen, bloß wenn er das 'ne Stunde später erfährt.'
 Damit entnahm er der Zigarrenkiste zwei der großen Brasil, um sich für seine Rücksicht zu belohnen und kopfschüttelnd, voll aufrichtiger Bewunderung, nach einem letzten Blick auf den Ruhenden, zog er ganz leise die Tür hinter sich zu."
(…)

»Tja«, räusperte sich Posnanski endlich, »wie sagten Sie, Deutschland? Was will das heißen, mein Lieber? Wer hochsteigt und ein gemischtes Wesen ist, trampelt auf seiner Seele herum und sinkt also innerlich. Deutschland an Macht geht auf wie ein Napfkuchen, Deutschland als Sittlichkeit schrumpft ein zur Fadendünne. Wen wundert das? So geht es den Staaten. Und es macht auch nicht viel Erst wenn der Faden risse, wenn Rechtlosigkeit als Zustand allgemeine Billigung und ein Siegerbehagen fände, sähe es etwas schlimmer aus.“

 

 1678034-052ad1280f140443001cf10f31db7477.jpg
Arnold Zweig (10 november 1887 – 26 november 1968)
Gedenksteen aan zijn voormalige woning in Berlijn-Niederschönhausen

 

De Nederlandse dichterschrijver, zanger en producer Rick de Leeuw werd geboren in Haarlem op 10 november 1960. Zie ook mijn blog van 10 november 2010 en eveneens alle tags voor Rick de Leeuw op dit blog.

 

Echte mannen scheiden niet (Samen met Erik Jan Harmens)

Wat piekte werd gesmoord
Het pad langs de diepte was zo smal het was geen pad

Wat piekte werd gesmoord
Wat kiemde werd vermoord
Het pad langs de diepte was zo smal het was geen pad

Wat piekte werd gesmoord
Wat kiemde werd vermoord
Alleen wat ik niet zei werd gehoord
Het pad langs de diepte was zo smal het was geen pad

Wat piekte werd gesmoord
Wat kiemde werd vermoord
Alleen wat ik niet zei werd gehoord
Wij werd een drieletterwoord
Het pad langs de diepte was zo smal het was geen pad

Toen ik de deur achter me dichttrok voelde ik geen strop maar juist
Een hand die losliet omdat het eindelijk kon

IK HOU VAN JOU
Staat met gemeende streken op een muur in de stad gekalkt

IK HIELD VAN JOU
Maar zoiets schreeuw je niet op oude muren

Niet elke waarheid leent zich voor publicatie

En trouwens
De mannen van het sloopbedrijf zijn al onderweg

Als in een klucht heb ik ze een kaart op de kop meegegeven
Het pad langs de diepte was zo smal het was geen pad
Het was een muur

 

 1678034-1032183ef09091ff69d2b79cc803f9cf.jpeg
Rick de Leeuw (Haarlem, 10 november 1960)
Rick de Leeuw en Erik Jan Harmens

 

 

De Nederlandse dichter en schrijver Jacob Cats werd geboren op 10 november 1577 in Brouwershaven. Zie ook mijn blog van 10 november 2010 en eveneens alle tags voor Jacob Cats op dit blog.

 

't Neemt toe, men weet niet hoe

Laatst ging ik in de hof, daar schreef ik op een linde,
Ik sneed in een pompoen de naam van mijn beminde;
Het schrift was eerstmaal teer, men zag daar anders niet
Als dat het groen gewas beschreidde mijn verdriet:
Maar als ik naderhand hier weder kwam getreden,
Toen stond ’t uitgepuild al wat ik had gesneden;
Dies riep ik overluid: dus gaat ’t met de min,
Daar komt een grote wond ook van een klein begin.

 

 

Niet zonder vragen

Gij wenst een echte Wijf, gij wenst te mogen trouwen,
Gij wenst (gelijk het schijnt) uw huis te mogen bouwen,
Gij wenst en anders niet. Maar lieve, zeg een reis,
Wie trouwt’er in de droom of in een dom gepeis?
Het vrijen eist verzoek. Geen Echo zal der kwelen
Dan als haar iemand vergt, en dat met luider kelen;
Wel, tijd dan aan het werk; want ziet! een rechte Maagd
En komt niet ongenood, en geeft niet ongevraagd.

 

 1678034-5bc009f85def1d9fbeae501c99d8754e.jpg
Jacob Cats (10 november 1577 – 12 september 1660)
Standbeeld in Brouwershaven


 

De Georgische schrijver Aka Morchiladze werd geboren op 10 november 1966 in Tbilisi. Zie ook alle tags voor Aka Morchiladze op dit blog en ook mijn blog van 10 november 2010

Uit: Santa Esperanza

„And so, at last, I was there and happy! But, unfortunately, I had to go back home: first by sea to Trabzon, and then along the road to Georgia.
It was not at all easy for me to leave. But it wasn't easy to live without my family any longer either. As for the family, well, they were already used to my long-term disappearings from time to time. Nevertheless, I was returning home, and like a man of infinite precocity, I started packing my luggage ten days in advance.
During my stay in Santa City, I haven't lost a single day without writing something. There are some fine, thin notebooks sold at every shop on John's Isles. They have funny covers and remind me of my childhood notebooks – the thin ones of twelve pages – that were a bit wider. I bought nearly two hundred of those, and filled them with various stories. Some of the stories were condensed versions of the local historical facts, or of the current events borrowed from the local papers. Some others had been heard from the natives, and in case I failed to hear them to the end, I tried to invent the end myself. I had lots of them, those exciting stories recorded in my notebooks.
All the stories were quite different, none of them resembled another. Every time I tried to record a new one, I thought a lot. No wonder I managed to succeed in understanding a great deal of the mode of the Johnians' life-style.
Those more than a hundred notebooks (to be more exact, there were one hundred and forty-one, when I last counted them) made up a huge excess baggage. For that I had to blame my age-long passion for using unexploited notebooks – I could never relinquish a bad habit of starting a new piece in a fresh one! The temptation of buying them in huge amounts was boosted by the fact that they were extremely cheap – three-pence each. Thus, on the whole, all my expenses for them amounted to three local pounds only.”

 

 1678034-cee5eefcd4e9749c85611cbf3a9b2b65.jpg
Aka Morchiladze (Tbilisi, 10 november 1966)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 10e november ook mijn blog van 10 november 2013 deel 2.

Geschreven door Romenu om 18:47 Reageer op dit bericht

Ivan Toergenjev, Erika Mann, Jan Decker, Anne Sexton, Velemir Chlebnikov

De Russische schrijver Ivan Sergejevitsj Toergenjev werd geboren op 9 november 1818 in Orjol, in de Oekraïne. Zie ook mijn blog van 9 november 2010 en eveneens alle tags voor Ivan Toergenjev op dit blog.

Uit: Vaders en zonen (vertaald door Karel van het Reve)

'Aristocratisme, liberalisme, vooruitgang, principes' zei Bazarov ondertussen, 'wat een vreemde, overbodige en nutteloze woorden allemaal! De Rus kan ze missen als kiespijn.'
'Wat kan hij dan niet missen volgens u? Als ik u zo hoor bevinden wij ons buiten de samenleving, buiten haar wetten. Neem me niet kwalijk, de logica der geschiedenis eist...'
'Wat moeten we met die logica? Zonder logica komen we er ook best.'
'Hoe dan?'
'Heel eenvoudig. U hebt toch hoop ik ook geen logica nodig om een stuk brood in uw mond te steken als u honger hebt. Wat hebben we aan die abstracties!'
Pavel Petrovitsj maakte een afwerend gebaar.
'Nu begrijp ik het niet meer. U beledigt het Russische volk. Ik begrijp niet hoe men geen princiepen, geen regels erkennen kan! Op grond waarvan handelt u dan?'
'Ik heb u toch al gezegd, oom, dat wij geen autoriteiten erkennen,' mengde Arkadi zich in het gesprek.
'Wij handelen op grond van wat wij nuttig achten,' zei Bazarov.
'Op het ogenblik is het nuttig alles te loochenen ¬¬¬¬− en daarom loochenen wij.'
'U loochent alles?'
'Alles.'
'Wat? Niet alleen de kunst, de poëzie... maar ook... ik waag het niet uit te spreken...'
'Alles,' herhaalde Bazarov doodkalm.
Pavel Petrovitsj keek hem strak aan. Hij had dit niet verwacht, en Arkadi kreeg zelfs een kleur van plezier.
'Maar neemt u me niet kwalijk,' begon Nikolaj Petrovitsj. 'U loochent alles, of, nauwkeuriger uitgedrukt, u breekt alles af... Maar er moet toch ook gebouwd worden.'
'Dat is onze zaak niet... Eerst moet er schoon schip gemaakt worden.'

 

 1677429-0d88c48ca5c440106a5b2660ee15c763.jpg
Ivan Toergenjev (9 november 1818 – 3 september 1883)
Portret door Aleksej Harlamov, 1876

 

 

 

De Duitse schrijfster Erika Mann werd geboren op 9 november 1905 in München als oudste dochter van de Duitse schrijver Thomas Mann. Zie ook mijn blog van 9 november 2010 en eveneens alle tags voor Erika Mann op dit blog.

Uit: Erika Mann. Briefe und Antworten

“3. Februar 1946 an Lotte Walter
Das garstige, unselige Volk, die Deutschen, sind mittlerweile selbst dem naiven, unberatenen und keineswegs haßerfüllten Fremden (dem Angelsachsen) unleidlich geworden.
Wie erst dem Kenner, der auf sie wie auf die eigene, teuflisch mißratenen Familie schaut. Daß sie nicht besetzt sein wollen und, zu feige zu offener Revolte, uns mit passiver Resistenz, vereinzelten Sabotage-Akten und Morden und notdürftig kaschierten Frechheiten in Presse und Radio kommen, ist noch das netteste an ihnen. Weniger nett ist ihr triefendes Mitleid mit sich selbst, das der Leiden anderer schon deshalb niemals gedenkt, weil solche Leiden von jemandem verschuldet sein müssen, weil dieser jemand am Ende Deutschland heißt und weil Deutschland sich so uferlos nicht leid tun dürfte, wenn es schuld wäre, an anderer Leute ebenbürtigem Elend.“
(…)

Ruhe möchte man haben; ein wenig still sollen sie sein wenigstens jetzt, ein paar Jahre lang, möchte man, daß sie leise wären. Nicht doch!
Schon wieder ist es Beispielloses, Ungeheures, Unerhörtes, was den erwähltenGrausbirnen widerfährt, und schon wieder gellen der armen Welt die Ohren von ihrem Gezeter. Pfui Spinne.“

 

 1677429-881ea3d2dd9a87f0154b2f7f9af33607.jpg
Erika Mann (9 november 1905 - 27 augustus 1969)
Klaus en Erika Mann

 

 

De Duitse schrijver Jan Decker werd geboren op 9 november 1977 in Kassel. Zie ook mijn blog van 9 november 2010 en eveneens alle tags voor Jan Decker op dit blog.

Uit: Literatur und Demokratie

Über den Versuch, ein Gedicht auf Kim Jong Un zu schreiben
„Literatur muss aus dem Wollen entstehen. Wo sie erzwungen ist, wirkt sie konturlos und fad. Erzwungen wird sie vom Autor selbst, nicht von der Gesellschaft – sehen wir von Huldigungsgedichten an den nordkoreanischen Staats- und Parteiführer Kim Jong Un ab. Dem Gedicht kommt in der Demokratie eine besondere Bedeutung zu, weil es das reinste Wollen ist. Es hat das Poetische selbst zum Gegenstand. Ein Gedicht auf Kim Jong Un hieße, das Unmögliche zu wollen.
Der Literatur sind in der Demokratie ansonsten keine Schranken gesetzt. Sie liegen allenfalls in der Einbildung des Autoren, sein Schaffen sei so und nicht anders erwünscht. Ein Spannungsverhältnis zwischen Wollen und Können besteht in der Demokratie immer fiktional, während es in einem gesellschaftlich-repressiven System real besteht. Wir müssen in der Demokratie von individuellen Maßstäben reden, wenn wir von Literatur reden. Wann gab es in der Demokratie schon einmal eine Massendemonstration für ein Gedicht? Andererseits: Hätte der Autor es einfacher, wenn sein Können von der Gesellschaft vorbestimmt wäre?
Der Raum, auf dem man es in der Demokratie nun abstellt, wenn man von Literatur redet, hat eine gewisse Flüchtigkeit. Es ist die Stimme des Autors. Die Demokratie wartet ab und lauscht. Das ist ihr vornehmes Recht. Eine Literaturdemonstration meint in der Demokratie nicht das Protestieren auf der Straße, sondern das Präsentieren einer Autorenstimme. Auch hier ist das Gedicht die reinste Form. Eine Probepackung Literatur.
Alle anderen Formen sind in der Demokratie nur Wucherungen und Verwässerungen der Autorenstimme. Sie sind beliebter als das Gedicht, weil sie mit gesellschaftlichen Massenritualen einhergehen, dem Gang ins Theater oder dem Klick beim Online-Buchhändler. Außerdem ist die Demokratie selbst eine verwässerte Form, die aus diesem Zustand eine Tugend macht. In Nordkorea ist die Ungleichheit der Genres aufgehoben. Huldigungsgedichte erleben Massenauflagen. Die Wucherung besteht im immer gleichen Gegenstand: Kim Jong Un.”

 

 1677429-aa5fb2720e7bf78e5c582c991750d983.jpg
Jan Decker (Kassel, 9 november 1977)
Kim Jong Un

 

 

De Engelse dichteres en schrijfster Anne Sexton werd geboren op 9 november 1928 in Newton, Massachusetts. Zie ook mijn blog van 9 november 2010 en eveneens alle tags voor Anne Sexton op dit blog.

 

My Friend, My Friend

Who will forgive me for the things I do?
With no special legend of God to refer to,
With my calm white pedigree, my yankee kin,
I think it would be better to be a Jew.

I forgive you for what you did not do.
I am impossibly quilty. Unlike you,
My Friend, I can not blame my origin
With no special legend or God to refer to.

They wear The Crucifix as they are meant to do.
Why do their little crosses trouble you?
The effigies that I have made are genuine,
(I think it would be better to be a Jew).

Watching my mother slowly die I knew
My first release. I wish some ancient bugaboo
Followed me. But my sin is always my sin.
With no special legend or God to refer to.

Who will forgive me for the things I do?
To have your reasonable hurt to belong to
Might ease my trouble like liquor or aspirin.
I think it would be better to be a Jew.

And if I lie, I lie because I love you,
Because I am bothered by the things I do,
Because your hurt invades my calm white skin:
With no special legend or God to refer to,
I think it would be better to be a Jew.

 

 

The Moss of His Skin

It was only important
to smile and hold still,
to lie down beside him
and to rest awhile,
to be folded up together
as if we were silk,
to sink from the eyes of mother
and not to talk.
The black room took us
like a cave or a mouth
or an indoor belly.
I held my breath
and daddy was there,
his thumbs, his fat skull,
his teeth, his hair growing
like a field or a shawl.
I lay by the moss
of his skin until
it grew strange. My sisters
will never know that I fall
out of myself and pretend
that Allah will not see
how I hold my daddy
like an old stone tree.

 

 1677429-34bca656693ba2916e57e485a0fde06a.jpg
Anne Sexton (9 november 1928 – 4 oktober 1974)

 

De Russische dichter en schrijver Velemir Chlebnikov werd geboren op 9 november 1885 in Tundotovo.Zie ook mijn blog van 9 november 2010 en eveneens alle tags voor Velemir Chlebnikov op dit blog.

 

On This Day Of Sky-Blue Bears

On this day of sky-blue bears
Running across quiet eyelashes,
I divine beyond the blue waters
In the cup of my eyes an order to wake.

The silver spoon of my extended eyes
Offers me a sea buoying a storm petrel;
And I see how the Russian bird flies
Through unknow
n lashes to the roaring sea.

A sea of heavenlove has capsized
Someone's sail in the round-blue water,
But the first storm is hopeless and gone
And from now on the journey is spring.

 

 

Grasshopper

Wingletting with the golden scrawl
Of its finest sinews,
The grasshopper loaded its trailer-belly
With many coastal herbs and faiths.
"Ping, ping, ping!" tra-lah-ed the zingzinger.
O, swanderful!
O, illuminate!

 

 1677429-34943e3781f25eb92c524bd156a33be1.jpg
Velemir Chlebnikov (9 november 1885 - 28 juni 1922)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 9e november ook mijn vorige blog van vandaag.

Geschreven door Romenu om 14:02 Reageer op dit bericht

Roger McGough, Mohammed Iqbal, Karin Kiwus, Imre Kertész, Raymond Devos, Carl Sagan

De Engelse dichter en schrijver Roger Joseph McGough werd geboren op 9 november 1937 in Litherland, Lancashire. Zie ook alle tags voorRoger McGough op dit blog enook mijn blog van 9 november 2010.

 

Goodbat Nightman

God bless all policemen
and fighters of crime,
May thieves go to jail
for a very long time.

They've had a hard day
helping clean up the town,
Now they hang from the mantelpiece
both upside down.

A glass of warm blood
and then straight up the stairs,
Batman and Robin
are saying their prayers.

* * *

They've locked all the doors
and they've put out the bat,
Put on their batjamas
(They like doing that)

They've filled their batwater-bottles
made their batbeds,
With two springy battresses
for sleepy batheads.

They're closing red eyes
and they're counting black sheep,
Batman and Robin
are falling asleep.

 

 1677424-559055e5bb958ddd34e004a8b6aaffe7.jpg
Roger McGough (Litherland, 9 november 1937)



 

 

De Indische dichter en schrijver Mohammed Iqbal werd geboren op 9 november 1877 in Sialkot in het tegenwoordige Pakistan. Zie ook alle tags voorMohammed Iqbal op dit blog enook mijn blog van 9 november 2010

 

A Mother's Dream


As I slept one night I saw this dream
Which further increased my vexation

I dreamt I was going somewhere on the way
Dark it was and impossible to find the way

Trembling all over with fear I was
Difficult to take even a step with fear was

With some courage as I forward moved
I saw some boys as lined in nice array

Dressed in emerald-like raiment they were
Carrying lighted lamps in their hands they were

They were going quietly behind each other
No one knew where they were to go

Involved in this thought was I
When in this troupe my son saw I

He was walking at the back, and was not walking fast
The lamp he had in his hand was not lighted

Recognizing him I said 'O My dear!
Where have you come leaving me there?

Restless due to separation I am
Weeping every day for ever I am

You did not care even a little for me
What loyalty you showed, you left me'!

As the child saw the distress in me
He replied thus, turning around to me

'The separation from me makes you cry
Not least little good does this to me'

He remained quiet for a while after talking
Showing me the lamp then he started talking

'Do you understand what happened to this?
Your tears have extinguished this'!

 

 1677424-da6c54d72a024a569f3c7fa0e25b46cb.jpg
Mohammed Iqbal (9 november 1877 – 21 april 1938)

 

 

 

De Duitse dichteres en schrijfster Karin Kiwus werd geboren op 9 november 1942 in Berlijn. Zie ook alle tags voorKarin Kiwus op dit blog en ook mijn blog van 9 november 2010

 

Aphasisches Ende

Wenn keine weiteren
Mordmeldungen
vorliegen möchten wir nun
angesichts der näherrückenden
Geiherstunde
unsere Diskussion
über die nötigen
Schreiräume
in einer Gesellschaft
verenden und abschießend
feststellen daß alle zunächst
überredensgroß
erscheinenden Probleme
doch noch gelöst
und sozusagen einem
Begattungsinstitut
übergeben werden konnten

 

 

An die Dichter

Die Welt ist eingeschlafen
in der Stunde eurer Geburt

allein mit den Tagträumen
erweckt ihr sie wieder

roh und süß und wild
auf ein Abenteuer

eine Partie Wirklichkeit lang
unbesiegbar im Spiel

 

 

 1677424-ff3756ef1f5e9c8b36397f82758cad08.JPG
Karin Kiwus (Berlijn, 9 november 1942)

 

 

 

De joods-Hongaarse schrijver Imre Kertész werd geboren op 9 november 1929 in Boedapest. Zie ook alle tags voorImre Kertész op dit blog en ook mijn blog van 9 november 2010

Uit: Letzte Einkehr

«2. Januar 2001. Neujahr. Das alte war schwer und ziemlich unproduktiv, mit garstigen Krankheiten gescheckt, von denen eine lebenslänglich bedeutet (Parkinson) und diese bezaubernde Handschrift zur Folge hat; aber sie mahnt mich, daß der Tod nahe ist und also das Leben, das heißt die Arbeit pressiert. – Vor zwei Tagen habe ich mir eine elektronische Schreibmaschine (Laptop) angesehen und beschlossen, mir diese technische Errungenschaft zu eigen zu machen; ich sehe dem mit Aufregung entgegen, denn eine andere Lösung gibt es ohnehin nicht – und wie gut, daß es diese gibt. Der langweiligen Kaste der Erfinder Dank und Respekt!

7. April 2001. Ich kann meine von Gott verliehene Einsamkeit nicht schützen. Vielleicht ist damit das Debakel benannt, das mich in kritischen Momenten quält.“

5. November 2001. Es gibt keine dümmere Frage als die, womit wir ein derartiges Schicksal verdient haben – auch wenn wir nicht begreifen, womit wir es verdient haben. Das bedeutet Schicksal ja gerade, und jeder bezahlt dafür, daß er es gewagt hat, geboren zu werden, auch wenn er dafür genauso wenig kann wie für seinen Tod. Heute Abend ermaß ich die Entfernung zwischen Balkon und Asphalt und schrak zurück. Doch früher oder später muß ich handeln.

20. November 2001. In ca. vier Jahren möchte ich sterben. (Ich werde mich dann befragen – falls ich noch da bin.) Alles ist falsch. Richtig gelebt habe ich bis 1990. Glücklich war ich sieben Jahre lang, zwischen 1983 und 1989. Mein Volk wurde ausgerottet, ich kann keine Familie haben. Meine sogenannte Schriftstellerkarriere interessiert mich nicht mehr. Ich möchte am liebsten verschwinden und A. mit mir nehmen. (Warum muß ich alles geschrieben sehen, auch das, was ich vielleicht gar nicht sehen will?) – Im übrigen ist es mein Vorsatz, alle meine albernen Pflichten mit Anstand zu erfüllen.»

 

 1677424-afd5dd311c7127b2df3d8881e9622582.jpg
Imre Kertész (Boedapest, 9 november 1929)

 

 

 

De Belgische humorist, cabaretier en schrijver Raymond Devos werd geboren in Moeskroen op 9 november 1922. Zie ook alle tags voorRaymond Devos op dit blog enook mijn blog van 9 november 2010.

 

Souvenirs de vacances:

Ah ! quel été, quel été, quel été !
Il pleuvait tant sur la côte où j'étais !
On sentait bien que l'hiver était proche !
On se baignait les deux mains dans les poches !
La p'tite amie avec laquelle j'étais...
Ah ! quel été, quel été, qu'elle était moche !

 

 

Dernier soupir :

Elle était si discrète
Qu'après avoir rendu
Son tout dernier soupir... Rhah !...
Elle en rendit un autre
Que personne n'entendit...

 

 1677424-9f5cb34e2da5afd8028fb95c77d466a1.jpg
Raymond Devos (9 november 1922 - 15 juni 2006)

 

 

De Amerikaanse schrijver, astronoom en populariseerder van de wetenschap Carl Edward Sagan werd geboren in New York op 9 november 1934. Zie ook alle tags voorCarl Sagan op dit blog enook mijn blog van 9 november 2010.

Uit: A Pale Blue Dot

“Look again at that dot. That's here. That's home. That's us. On it everyone you love, everyone you know, everyone you ever heard of, every human being who ever was, lived out their lives. The aggregate of our joy and suffering, thousands of confident religions, ideologies, and economic doctrines, every hunter and forager, every hero and coward, every creator and destroyer of civilization, every king and peasant, every young couple in love, every mother and father, hopeful child, inventor and explorer, every teacher of morals, every corrupt politician, every "superstar," every "supreme leader," every saint and sinner in the history of our species lived there-on a mote of dust suspended in a sunbeam.
(…)

“How is it that hardly any major religion has looked at science and concluded, “This is better than we thought! The Universe is much bigger than our prophets said, grander, more subtle, more elegant?” Instead they say, “No, no, no! My god is a little god, and I want him to stay that way.” A religion, old or new, that stressed the magnificence of the Universe as revealed by modern science might be able to draw forth reserves of reverence and awe hardly tapped by the conventional faiths.”

 

 1677424-9651438126583e11a23c645627072f9a.jpg
Carl Sagan (9 november 1934 – 20 december 1996)

Geschreven door Romenu om 13:52 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten