Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
seniorennet.beseniorennet.be

Robert Stone

Robert Stone (New York, 21 augustus 1937)


De Amerikaanse schrijver Robert Stone wed geboren op 21 augustus 1937 in New York. Hij publiceerde zijn eerste roman A Hall of Mirrors in 1967 en kreeg er gelijk de William Faulkner Foundation Award voor. Het succes van de roman leidde tot een Guggenheim Fellowship waardoor Stones loopbaan als schrijver en leraar echt van de grond kon komen. Zijn tweede roman Dog Soldiers verscheen in 1974. Hij ontving er in 1975 de National Book Award voor en het boek werd in 1978 verfilmd onder de titel Who'll Stop the Rain door Karel Reisz, met Nick Nolte in een hoofdrol.

 

 

Uit: Bay of Souls

 

"By gad, sir, Michael Ahearn said to his son, Paul, you present a distressing spectacle.

A few nights earlier they had watched The Maltese Falcon together. Paul, who had never seen it before, was delighted by his father’s rendering of Sydney Greenstreet. Sometimes he would even try doing Greenstreet himself.

By gad, sir!

Paul’s attempts at movie voices were not subtle but commanded inflections normally beyond the comic repertory of a twelve-year-old boy from a small town on the northern plains. His voice and manner were coming to resemble his father’s.

The boy was lying in bed with a copy of The Hobbit open across his counterpane. This time he was not amused at Michael’s old-movie impressions. He looked up with resentment, his beautiful long-lashed eyes angry. Michael easily met the reproach there. He took any opportunity to look at his son. There was something new every day, a different ray, an unexpected facet reflected in the aspects of this creature enduring his twelvedness.

I want to go, Dad, Paul said evenly, attempting to exercise his powers of persuasion to best effect.

He had been literally praying to go. Michael knew that because he had been spying on Paul while the boy knelt beside the bed to say his evening prayers. He had lurked in the hallway outside the boy’s room, watching and listening to his careful recitation of the Our Father and the Hail Mary and the Gloria ‘ rote prayers, courtesy of the Catholic school to which the Ahearns, with misgivings, regularly dispatched him. Michael and his wife had been raised in religion and they were warily trying it on again as parents.”

 

Geschreven door Romenu om 20:16 Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht

Reageer op dit bericht

Een titel of je eigen website toevoegen

De blogger leest alles eerst na: je tekst verschijnt zodra die goedgekeurd is.

Frédéric Mitterrand

Frédéric Mitterrand (Parijs, 21 augustus 1947)

De Franse schrijver, scenarioschrijver, documentairemaker en filmer Frédéric Mitterrand werd geboren op 21 augustus 1947 in Parijs. Hij is een neef van de voormalige Franse president François Mitterrand. Hij studeerde o.a. in Nanterre en aan het Institut d'études politiques de Paris. Daarna doceerde hij drie jaar economie, geschiedenis en aardrijkskunde aan de lÉcole active bilingue de Paris. Hij maakte talrijke documentaires voor de televisie en verschillende bioscoopfilms. Daarnaast schreef hij diverse boeken.

 

Uit: La Mauvaise vie (2005)

 

“J'aimais la méchante, beaucoup moins que ma mère idéale, mais je l'aimais quand même. Elle occupait toute la place, elle faisait écran entre moi et le reste du monde, et elle m'avait brisé depuis le début. Elle était jeune, presque belle, avec de gros seins ronds qui collaient à son corsage quand elle était en nage. Elle était souvent en nage puisqu'elle était presque tout le temps en colère contre moi. Il m'arrivait de la voir nue dans la salle de bains, elle se déshabillait sous mes yeux, sans gêne et sans me regarder ; je ne comptais pas pour elle ou peut-être que je comptais beaucoup ; elle avait un corps ferme de sportive ; je n'avais pas le choix pour me détourner : c'était elle toute nue à ses ablutions sous le lavabo ou bien la sinistre baignoire où je passerai tôt ou tard.”

 

Geschreven door Romenu om 20:13 Reageer op dit bericht

Gennadi Ajgi

Gennadi Ajgi (Sjajmoerzjino, 21 augustus 1934)


De Russische dichter Gennadi Ajgi werd geboren op 21 augustus 1934 in het dorpje Sjajmoerzjino in de Tsjoewasjische republiek, aan de Wolga, 400 km ten oosten van Moskou. Ajgi studeerde aan het Gorki instituut van Literatuur en werkte in het Majakowski museum in Moskou. Zijn eerste gedicht publiceerde hij in 1949 in het Tsjoewasjisch. Pas in 1960 begon hij, op aanraden van zijn vriend Boris Pasternak, in het Russisch te schrijven. Zijn gedichten verschenen in verschillende talen en werden meermaals bekroond. Hij wordt ook regelmatig op internationale poëziefestivals geïnviteerd. Zo was hij te gast op Poetry International in Rotterdam. Ajgi vertaalt ook poëzie uit het Frans in het Tsjoewasjisch en in het Russisch.

 

 

 

OCHTEND IN AUGUSTUS

 

we houden de dag voor ons verscholen

ontwaren ongewild

zoals in de kamer de bladeren in de tuin

en de dag houdt zich vredig schuil

ergens hier in dit huis waar kinderen spelen - ongeacht ons

wij hebben er niets mee te maken

 

dat dit licht jou mag creëren en uitvoerig tonen

en dat zij die voor altijd voor altijd heengaan

ondertussen de afdruk ontvangen:

 

alle ramen en deuren staan overal voortdurend open

takjes verslinden het licht

van de deining van het integrale tussenlicht

van het lijden in ons

en van wat boven ons is verheven

 

waar achter reeds lang

de weerkaatsing van de beschroomde verschijningsvorm werd

bewaard

in het allerdiepste eerste licht.

 

 

 

DOOD

 

Ze neemt de sjaal niet van het hoofd,

mama sterft,

en voor één enkele keer

ween ik om dit zielige zicht

 

van haar zelf geweven japon.

 

Oh, hoe stil de sneeuw

alsof geëffend door de vleugels

van de demon van gisteren,

 

oh, hoe riant de bergen van sneeuw,

alsof zij de heidense bergen -

bedekken

 

offergave.

Maar de sneeuwvlokken

dragen aldoor met zich naar de aarde

 

het onleesbaar schrift van god.

 

 

 

Vertaald door Lut Seys

 

Geschreven door Romenu om 18:10 Reageer op dit bericht

Aubrey Beardsley

Aubrey Beardsley (21 augustus 1872 - 16 maart 1898)


De Engelse schrijver en illustrator Aubrey Vincent Beardsley werd geboren op 21 augustus 1872, Brighton. Zijn werk wordt gerekend tot de stroming van de jugendstil of art nouveau.

Hij werkte mee aan het belangrijke literaire tijdschrift de 'Yellow Book' dat verscheen tussen 1894 en 1897, was er de eerste art director van en publiceerde vele illustraties in het blad. Hij maakte zijn platen gewoonlijk met inkt, waarbij grote donkere vlakken contrasteren met witte of lege vlakken. Beardsley illustreerde Oscar Wildes Salomé en een luxe uitgave van Sir Thomas Malory's Morte d'Arthur. Hij schreef Under the Hill, een onvoltooide erotische vertelling, losjes gebaseerd op de legende Tannhäuser. Beardsley stierf op 25-jarige leeftijd aan tuberculose.

The Ballad of a Barber

Here is the tale of Carrousel,
        The barber of Meridian Street.
He cut, and coiffed, and shaved so well,
        That all the world was at his feet.

The King, the Queen, and all the Court,
        To no one else would trust their hair,
And reigning belles of every sort
        Owed their successes to his care.

 

With carriage and with cabriolet
        Daily Meridian Street was blocked,
Like bees about a bright bouquet
        The beaux about his doorway flocked.

 

Such was his art he could with ease
        Curl wit into the dullest face;
Or to a goddess of old Greece
        Add a new wonder and a grace.

 

All powders, paints, and subtle dyes,
         And costliest scents that men distil,
And rare pomades, forgot their price
        And marvelled at his splendid skill.

 

The curling irons in his hand
        Almost grew quick enough to speak,
The razor was a magic wand
        That understood the softest cheek.

 

Yet with no pride his heart was moved;
        He was so modest in his ways!
His daily task was all he loved,
        And now and then a little praise.

 

An equal care he would bestow
        On problems simple or complex;
And nobody had seen him show
        A preference for either sex.

 

   How came it then one summer day,
         Coiffing the daughter of the King,
He lengthened out the least delay
        And loitered in his hairdressing?

 

The Princess was a pretty child,
        Thirteen years old, or thereabout.
She was as joyous and as wild
        As spring flowers when the sun is out.

 

Her gold hair fell down to her feet
        And hung about her pretty eyes;
She was as lyrical and sweet
        As one of Schubert’s melodies.

 

Three times the barber curled a lock,
        And thrice he straightened it again;
And twice the irons scorched her frock,
        And twice he stumbled in her train.

 

His fingers lost their cunning quite,
        His ivory combs obeyed no more;
Something or other dimmed his sight,
        And moved mysteriously the floor.

 

He leant upon the toilet table,
        His fingers fumbled in his breast;
He felt as foolish as a fable,
        And feeble as a pointless jest.

 

He snatched a bottle of Cologne,
        And broke the neck between his hands;
He felt as if he was alone,
        And mighty as a king’s commands.

 

The Princess gave a little scream,
        Carrousel’s cut was sharp and deep;
He left her softly as a dream
        That leaves a sleeper to his sleep.

 

He left the room on pointed feet;
        Smiling that things had gone so well.
They hanged him in Meridian Street.
        You pray in vain for Carrousel.

 

Geschreven door Romenu om 16:25 Reageer op dit bericht

X.J. Kennedy

X.J. Kennedy (Dover, 21 augustus 1929)


De Amerikaanse dichter, schrijver, vertaler en bloemlezer X.J. Kennedy werd geboren in Dover, New Jersey op 21 augustus 1929.Kennedy studeerde aan de Cokombia universiteit, Na een periode in de marine studeerde hij in de periode 1955 – 1956 ook nog aan de Sorbonne in Parijs en behaalde daarna zijn graad in Engels aan de universiteit van Michigan. Het bekendst is X.J. Kennedy (hij zette de X voor zijn naam om niet met Joseph Kennedy verward te worden) vanwege zijn light verse. Voor zijn eerste bundel Nude Descending A Staircase kreeg hij in 1961 al meteen de Lamont Poetry Prize van de Academy of American Poets.

 

 

First Confession    

 

Blood thudded in my ears. I scuffed,
Steps stubborn, to the telltale booth
Beyond whose curtained portal coughed
The robed repositor of truth.

 

The slat shot back. The universe
Bowed down his cratered dome to hear
Enumerated my each curse,
The sip snitched from my old man's beer,

 

My sloth pride envy lechery,
The dime heId back from Peter's Pence
with which I'd bribed my girl to pee
That I might spy her instruments.

 

Hovering scale-pans when I'd done
Settled their balance slow as silt
While in the restless dark I burned
Bright as a brimstone in my guilt

 

Until as one feeds birds he doled
Seven our Fathers and a Hail
Which I to double-scrub my soul
Intoned twice at the altar rail

 

Where Sunday in seraphic light
I knelt, as full of grace as most,
And stuck my tongue out at the priest:
A fresh roost for the Holy Ghost.


 

 

Nude Descending a Staircase   

 

Toe upon toe, a snowing flesh,
A gold of lemon, root and rind,
She sifts in sunlight down the stairs
With nothing on. Nor on her mind.

We spy beneath the banister
A constant thresh of thigh on thigh ---
Her lips imprint the swinging air
That parts to let her parts go by.

One-woman waterfall, she wears
Her slow descent like a long cape
And pausing, on the final stair
Collects her motions into shape.


 

 

Little Elegy
for a child who skipped rope
   

 

Here lies resting, out of breath,
Out of turns, Elizabeth
Whose quicksilver toes not quite
Cleared the whirring edge of night.

Earth whose circles round us skim
Till they catch the lightest limb,
Shelter now Elizabeth
And for her sake trip up death.

 

Geschreven door Romenu om 15:05 Reageer op dit bericht

Rogi Wieg

Rogi Wieg (Delft, 21 augustus 1962)

De jonge Rogi Wieg



De Nederlandse schrijver en dichter Rogi Wieg werd geboren op 21 augustus 1962 in Delft. Zie ook mijn blog van 21 augustus 2006.

 

 

DROOM

Er waren een tafel, wat kaarsen
en een brood.
Mijn ouders liepen nader,
herrezen uit de dood.

Er waren twee gezichten,
heel dicht bij elkaar.
Zij lagen op een bed
gemaakt van mensenhaar.

Er sprong iets op,
ik weet niet wat het was.
Ik hoorde hoe mijn vader
een novelle las.

 

 

 

800 jaar

God hebbe mijn ziel,
als God mijn ziel maar
niet heeft.

Laat mij 800 jaar leven,
al zegt men mij: ‘Is dat
een leven, een oude man
die men geen vrouw kan geven?’

Nee, laat mij daarom doodgaan,
juist op tijd, als de mens
moe naar het werk gaat, als God
mijn ziel ooit hebben wil
en voor mij zingen kan:
I Say A Little Prayer.

 

 

 

Het laatste maanlicht

Doodgaan is een vak. Ik heb geen vak geleerd.
In het laatste maanlicht bezing ik mijzelf
als ware ik onvervangbaar groot. Verkeerd
is niet het lijf te zien als gewelf

van de ziel, maar de ziel is slechts as, aarde,
waaroverheen het late maanlicht vaarde
alsof het een dodenschip was, geen romantiek;
mijn hartencellen delen zich tot nieuw ziek

hersenweefsel. Het schip maakt water, zakt schuin
de aarde in. Kapitein zijn is een mooi beroep
als je niet weerkeert in een wrakke sloep,

met daarin lachende, kaartende wormen.
Ook kaarten is een vak, rode hartenaas
is de kaart die mij ontbreekt, zwart is de baas.

 

Geschreven door Romenu om 11:12 Reageer op dit bericht

Jakub Deml

Jakub Deml (20 augustus 1878 – 10 februari 1961)

De Tsjechische dichter en schrijver Jakub Deml werd geboren op 20 augustus 1878 in Tassau. Zijn zijn priesterwijding in 1902 werkte hij in het kerkelijke bestuur. Hij verspreidde zijn eigen opvattingen van de Christelijke leer en werd in 1909, na diverse overplaatsingen naar kleine gemeenten, op nonactief gezet. In 1912 kwam het tot nog meer conflicten met de leiding en werd hij met pensioen gestuurd. Hij vertrok naar Praag waar hij de schrijver en literatuurwetenschapper František Xaver Šalda leerde kennen. Tijdens WO II was het hem verboden te schrijven. Na de oorlog kwam het tot processen wegens antisemitisme en aanvallen op president Edvard Beneš, maar hij werd vrij gesproken. Toch kon zijn werk tot 1960 niet meer gepubliceerd worden.

 

 

Uit: Pilger des Tages und der Nacht (Vertaald door Christa Rothmeier)

 

“O Großvater, warum muß man sterben!
Als Großvater starb, hatten wir schon das Gebet hinter uns, es war frühmorgens, wir saßen alle um den Tisch, aßen Erdäpfel mit Schale und löffelten Sauersuppe dazu. Großvaters Bett stand direkt neben dem Tisch, und als ich sah, wie Großvater den Mund bewegte und wie bleich er war, die Augen geschlossen hatte und nicht sprach, erschrak ich, so hatte ich ihn noch nie gesehen, noch niemanden hatte ich so gesehen – es ist ganz wie etwas Mechanisches, man weiß nichts davon, und es ist arg anzuschauen, so als würde man einem großen Fisch mit einem Hammer auf den Kopf schlagen und dann ein Messer in ihn stoßen, seine Augen sind trüb und reglos, der ganze Körper ist reglos, schwer, bedauernswert – nur der bleiche Mund öffnet sich noch, schließt sich nicht, und es ist, als würde man von einem unabsehbaren Grund Wasser schöpfen und könnte nicht mehr und käme nicht mehr herauf!
O Großvater, woher sind wir gekommen, und wohin kehren wir zurück! Und wenn ich schon nichts mehr tun kann, da Ihr nicht einmal mehr hier seid, nehme ich Euch wahr und kann Euch höchstens mit einem Gebet und mit der Liebe zu allen Menschen und Tieren und Bäumen und Blumen und zum Himmel dafür danken, daß Ihr mich behütet, gelehrt und in die Träume eingelullt habt."

 

Geschreven door Romenu om 19:30 Reageer op dit bericht

Bolesław Prus

Bolesław Prus (20 augustus 1847 – 19 mei 1912)


De Poolse schrijver Bolesław Prus (eig. Aleksander Glowacki) werd geboren in  Hrubieszów, Lublin, op 20 augustus 1847. Zijn ervaringen als opstandeling en gevangene verwerkte hij in zijn werk. Tussen 1886 en 1895 publiceerde hij vier grote romans (waaronder De Pop en Farao) die de sociale en maatschappelijke verhoudingen in zijn tijd weerspiegelen.

 

Uit: Shades

 

“At that moment, on the streets of Warsaw that are falling desert, there appears the curious figure of a man with a small flame over his head. He dashes down the sidewalk as if pursued by the darkness, stops for an instant at each lamp, then having kindled a merry light, vanishes like a shade.

And so it is every day of the year. Whether, in the fields, spring breathes out a fragrance of blossoms, or a July storm rages; whether, in the streets, unbridled autumn gales hurl clouds of dust, or winter snows billow through the air — always, as soon as evening comes, he runs down the city's sidewalks with his little flame, kindles light, then disappears like a shade.

Where do you come from, man, and where do you keep yourself, that we know not your features nor hear your voice? Have you wife or mother who awaits your return? Or children who, having set your lantern in the corner, climb to your lap and embrace your neck? Have you friends to whom you tell your joys and sorrows, or acquaintances with whom you might speak of everyday events?

Have you, indeed, a home where you may be found? a name by which you may be called? needs and feelings that would make you a man like us? Or are you truly a formless, silent and intangible being that appears only at twilight, kindles light, then disappears like a shade?”

 

 

Geschreven door Romenu om 19:27 Reageer op dit bericht

Arno Surminski

Arno Surminski (Jäglack, 20 augustus 1934)



De Duitse schrijver Arno Surminski werd geboren op 20 augustus 1934 in Jäglack in Oostpruisen. Bekend werd hij met talrijke verhalen en romans die veelal gaan over zijn geboortestreek en het lot van de mensen die daaruit verdreven werden.

 

Uit: Vaterland ohne Väter

 

“So geht es den Soldaten: Sie sind Könige, wenn sie nach Hause kommen. Schwester Dorchen zog ihm die Stiefel aus, brachte ihm warme Puschen und machte sich daran, die verstaubten Knobelbecher zu putzen. Opa Wilhelm kam mit der Flasche, Mutter Bertha deckte den Tisch; noch bevor sie Platz nehmen konnten, geschah die Merkwürdigkeit, daß der Heimkehrer morgens um halb sieben im Stubensessel einschlief. So vergingen die ersten fünf Stunden seines Urlaubs im Schlaf. Als er aufwachte, fand er den Tisch festlich geschmückt. Seine Mutter trug Klopse auf und Kartoffelflinsen, zum Nachtisch brachte Dorchen eine Terrine kalter Brotsuppe, in der wie Kaulquappen süße Rosinen schwammen. Sie tafelten stundenlang, gerade so, als sei ein großes Fest, sagen wir mal eine Hochzeit, zu feiern. Auch den kleinen Franzosen holten sie an die gedeckte Tafel; Gerhard erklärte ihm, sein Bruder habe Frankreich besiegt. »Ob es Krieg gibt?« fragte die Mutter in die Brotsuppe hinein. »Ach, was du immer denkst, es ist ja längst Krieg!« Gerhard erzählte, die vielen Soldaten marschierten nach Indien, wo der Pfeffer wächst. Das hatte ihnen der Jungzugführer beim HJ-Unterricht gesagt. Klaren Schnaps für die Männer, die Frauen mußten sich mit Johannisbeerwein begnügen, der im vorigen Sommer gezogen worden war. 1940 war ein guter Weinsommer, wie überhaupt sich jenes Jahr gut anließ. Es wird wieder gute Jahre geben und Wein für kommende Feste. »Noch haben wir von allem genug«, beteuerte die Mutter. Opa Wilhelm nahm den Urlauber beiseite, um ihm zu sagen, die Russen seien gutmütige Menschen, nur wenn sie Wodka bekämen, neigten sie zur Wildheit.“

 

Geschreven door Romenu om 19:23 Reageer op dit bericht

Edgar Guest

Edgar Guest (20 augustus 1881 – 5 augustus 1959)




De Engelse dichter Edgar Albert Guest werd geboren op 20 augustus 1881 in Birmingham, Engeland. Zie ook mijn blog van 20 augustus 2006.

 

 


On Quitting

 

How much grit do you think you've got?
Can you quit a thing that you like a lot?
You may talk of pluck; it's an easy word,
And where'er you go it is often heard;
But can you tell to a jot or guess
Just how much courage you now possess?
You may stand to trouble and keep your grin,
But have you tackled self-discipline?
Have you ever issued commands to you
To quit the things that you like to do,
And then, when tempted and sorely swayed,
Those rigid orders have you obeyed?

Don't boast of your grit till you've tried it out,
Nor prate to men of your courage stout,
For it's easy enough to retain a grin
In the face of a fight there's a chance to win,
But the sort of grit that is good to own
Is the stuff you need when you're all alone.
How much grit do you think you've got?
Can you turn from joys that you like a lot?
Have you ever tested yourself to know
How far with yourself your will can go?
If you want to know if you have grit,
Just pick out a joy that you like, and quit.

It's bully sport and it's open fight;
It will keep you busy both day and night;
For the toughest kind of a game you'll find
Is to make your body obey your mind.
And you never will know what is meant by grit
Unless there's something you've tried to quit.

 

Geschreven door Romenu om 19:20 Reageer op dit bericht

Howard Phillips Lovecraft

Howard Phillips Lovecraft (20 augustus 1890–15 maart 1937)


De Amerikaanse schrijver Howard Phillips Lovecraft werd geboren op 20 augustus 1890 in Providence, Rhode Island.  Hij staat erom bekend dat hij zijn horrorverhalen in een sciencefictionachtig kader plaatste. Tijdens zijn leven werd hij niet veel gelezen, maar zijn werk bleek zeer invloedrijk bij schrijvers en fans van horrorverhalen. Veel van Lovecrafts werk is geïnspireerd door zijn eigen nachtmerries. Zijn vader werd, toen Lovecraft drie jaar oud was, gedurende 5 jaar in een psychiatrisch ziekenhuis opgenomen, waarschijnlijk had hij syfilis. Lovecraft werd opgevoed door zijn moeder, die overleed in 1921, door twee tantes en door zijn grootvader, Whipple Van Buren Phillips, die hem aanmoedigde veel te lezen, en die hem ook griezelverhalen vertelde. Ondanks zijn pogingen om veel te schrijven, leefde Lovecraft zeer armoedig. In 1936 bleek hij darmkanker te hebben, maar hij leed ook aan ondervoeding, tot zijn overlijden in 1937.

 

Uit: The Shadow Out of Time

 

”After twenty-two years of nightmare and terror, saved only by a desperate conviction of the mythical source of certain impressions, I am unwilling to vouch for the truth of that which I think I found in Western Australia on the night of July 17–18, 1935. There is reason to hope that my experience was wholly or partly an hallucination—for which, indeed, abundant causes existed. And yet, its realism was so hideous that I sometimes find hope impossible.

If the thing did happen, then man must be prepared to accept notions of the cosmos, and of his own place in the seething vortex of time, whose merest mention is paralyzing. He must, too, be placed on guard against a specific, lurking peril which, though it will never engulf the whole race, may impose monstrous and unguessable horrors upon certain venturesome members of it.”

 

Geschreven door Romenu om 18:11 Reageer op dit bericht

Sylvie Richterová

Sylvie Richterová (Brno, 20 augustus 1945)


De Tsjechische schrijfster Sylvie Richterová werd geboren op 20 augustus 1945 in Brno. Na haar eindexamen gymnasium studeerde zij talen en volgde een opleiding tot tolk Frans en Russisch. In 1971 emigreerde zij naar Italië. Zij werkt aan de universiteit van Padua.

 



Uit: Abc-Buch der Vatersprache

 

“Susanna verließ mit ihrer Familie die Tschechoslowakei im August 1981. Aleš fuhr als erster mit einem Lkw, den sie sich inklusive Fahrer gemietet hatten, um Familienmobiliar und verschiedene nützliche Gegenstände, einen Eimer zum Fußbodenwischen, Töpfe, Besteck, Handtücher und auch Bücher, von Brünn nach Wien zu transportieren. Es war nicht viel, aber der kleine Lkw war voll.

In Wien kletterte Aleš abgemagert und bleich aus der Fahrerkabine, weil er bis unmittelbar vor der Abfahrt der Großmutter den Umzug in die neue Wohnung in Brünn hatte machen müssen, den Familienbesitz teilen, den Familienbesitz einpacken, schätzen, verzollen, Verzeichnisse über seinen und den Familienbesitz schreiben, die Ausfuhrgenehmigung besorgen für Patenteinweckgläser, leer, einen getäfelten antiken Sekretär, beschädigt, chinesische Porzellanschüsseln, 2 Stück, Kinderschuhe, 6 Paar, etc. Er vollendete auch den Umbau des Einfamilienhauses, das ihm nicht mehr gehörte und in der Zukunft niemals außer in den Erinnerungen gehören sollte, in dem auch ein neues Bad nicht fehlte – er hatte es selbst installiert und gekachelt. Und er verabschiedete sich, von der Großmutter, von der anderen Großmutter, von der Großmutter, die er bestimmt noch sehen würde, von der Großmutter, die er

bestimmt nicht mehr wiedersehen würde, vom Großvater und so weiter.

 

Geschreven door Romenu om 15:58 Reageer op dit bericht

Salvatore Quasimodo

Salvatore Quasimodo (20 augustus 1901 - 14 juni 1968)




De Italiaanse dichter en criticus Salvatore Quasimodo werd geboren op 20 augustus 1901 in Modica op Sicilië. Zie ook mijn blog van 20 augustus 2006.

 


Als liefde je maar treft


Vergeet niet dat je leeft te midden van dieren
paarden, katten, ratten uit de riolen,
donker als de vrouw van Salomo, ontzaglijk
slagveld met zwaaiende banieren,
vergeet niet de hond, met tong en staart in de harmonie
met het irreële, noch de groene hagedis, de merel
nachtegaal, adder, hommel.  Of denk je soms
dat je leeft tussen reine mannen en deugdzame
vrouwen die niet weten van de kreet van de
verliefde kikker, groen als de groenste tak
van het bloed.
De vogels kijken je aan uit de bomen, en de
bladeren weten best dat de Geest dood is, voorgoed
het overschot ervan ruikt naar verbrand kraakbeen
en uitgebeten plastic; vergeet niet
dat je een vaardig en soepel dier bent
dat bruuskweg geweld aandoet en alles wil hebben
hier op aarde, voor de laatste schreeuw,
als het lichaam verval is van verdorde herinnering
en de geest naar het eeuwige einde dringt :
denk erom dat je het hoogste wezen kunt zijn
als liefde je maar goed in hart en nieren treft.

 

 

Vertaald door Catharina Ypes

 :

Geschreven door Romenu om 14:12 Reageer op dit bericht

Ernst-Jürgen Dreyer

Ernst-Jürgen Dreyer (Oschatz, 20 augustus 1934)


De Duitse schrijver, dichter, vertaler en muziekwetenschapper Ernst-Jürgen Dreyer werd geboren op 20 augustus 1934 in Oschatz in Saksen. Hij studeerde muziekwetenschap, filosofie en kunstgeschiedenis in Weimar, Jena en Leipzig. In 1959 vluchtte hij uit de DDR naar Frankfurt am Main. Van 1961 tot 1972 werkte hij voor het Goethe instituut. Tot 1986 was hij ook als  journalist werkzaam, o.a. voor de FAZ, de Hessischer Rundfunk en de Bayerischer Rundfunk. In 1993 verhuisde hij naar Kaarst in Nordrhein-Westfalen. De uitgever Klaus Piper verzocht hem in 1959 een roman over de Duitse deling te schrijven. Het boek kwam echter pas in 1974 klaar en de toezegging om te publiceren was al lang ingetrokken. Dreyer gaf het toen in eigen beheer uit. In 1980 kreeg hij er de Hermann Hesse prijs voor. Daarna vond hij er wel een uitgever voor en kreeg het boek deels uitstekende jritieken.

 

Verkaarstung

 

Der Herrgott führte sie ins Paradies.
»Pfui Teufel!« schrien sie. »Widerlicher Schatten,
wo Kröten brüten, Ratten sich begatten,
Mikroben, Molche, Kobras, Kolibris!

Die Kronen runter! Licht in das Verlies!
Die Schreddermasse kommt auf die Rabatten!
Weg das Gehölz! Und rechts und links der Platten
wird eingekürzt bis unterhalb des Knies!«

Den siebten Tag verbrachten sie zufrieden
in ihrem mit Insektoherbiziden
desinfizierten Eden – dernier cri! –,

umzirkt von Plastik-Lego-Eisenbahnen,
von Lego-Moulin-rouges und Plastikplanen,
im Liegestuhl auf ihrer Deponie.

 

 

 

Kurhaus Klassik Open Air

 

Wie einst zu John, Paul, George und Ringo,
so strömt trotz Hexenschuß und Fango,
trotz Fußball, Tagesschau und »Django«
zu Hundertausenden der Gringo

 

zur Show von Placido Domingo.
Domingo pinselt, singt, tanzt Tango -
doch ob Zarzuela, ob Fandango:
ich bleibe einsam wie ein Dingo.

 

Der Dingo wittert, spitzt die Öhrchen -
doch was an seine Sinne dringt
von Monitoren und Membranen,

 

hat nichts zu tun mit dem Tenörchen,
das fern und winzig, kaum zu ahnen,
da vorn womöglich wirklich singt.


 

Geschreven door Romenu om 12:24 Reageer op dit bericht

Charles de Coster

Charles de Coster (20 augustus 1827 - 7 mei 1879)

De Belgische schrijver Charles de Coster werd geboren in München op 20 augustus 1827. Hij had een Vlaamse vader en een Waalse moeder en studeerde aan de Université Libre de Bruxelles waar hij zich aansloot bij de democratische en anti-clerikale opvattingen. Hij werd eerst journalist en later leraar aan de Koninklijke Militaire School in Brussel. Zijn voornaamste werk La Légende et les Aventures héroïques, joyeuses et glorieuses d'Ulenspiegel et de Lamme Goedzak au pays de Flandres et ailleurs viel niet in de smaak in Belgische conformistische kringen. Het was gekend in de hele wereld en vertaald in alle Europese talen, maar in eigen land genegeerd. In de jaren 70 werd het verfilmd in het Russisch, tegen de achtergrond van de Tachtigjarige Oorlog.

 

Uit: La légende d'Ulenspiegel

 

“A Damme, en Flandre, quand mai ouvrait leurs fleurs aux aubépines, naquit Ulenspiegel, fils de Claes.

Une commère sage-femme & nommée Katheline l'enveloppa de langes chauds &, lui ayant regardé la tête, y montra une peau.

- Coiffé, né sous une bonne étoile! dit-elle joyeusement.

Mais bientôt se lamentant & désignant un petit point noir sur l'épaule de l'enfant:

- Hélas! pleura-t-elle, c'est la noire marque du doigt du diable.

- Monsieur Satan, reprit Claes, s'est donc levé de bien bonne heure qu'il a déjà eu le temps de marquer mon fils?

- Il n'était pas couché, dit Katheline, car voici seulement Chanteclair qui éveille les poules.

Et elle sortit, mettant l'enfant aux mains de Claes.

Puis l'aube creva les nuages nocturnes, les hirondelles rasèrent en criant les prairies, & le soleil montra pourpre à l'horizon sa face éblouissante.

Claes ouvrit la fenêtre, & parlant à Ulenspiegel:

- Fils coiffé, dit-il, voici monseigneur du Soleil qui vient saluer la terre de Flandre. Regarde-le quand tu le pourras, &, quand plus tard tu seras  empêtré en quelque doute, ne sachant ce qu'il faut faire pour agir bien, demande-lui conseil; il est clair & chaud: sois sincère comme il est clair, & bon comme il est chaud.

- Claes, mon homme, dit Soetkin, tu prêches un sourd; viens boire, mon fils.

Et la mère offrit au nouveau-né ses beaux flacons de nature.

 :

Geschreven door Romenu om 11:45 Reageer op dit bericht

Maren Winter

Maren Winter (Lübeck, 20 augustus 1961)

De Duitse schrijfster Maren Winter werd geboren op 20 augustus 1961 in Lübeck. Zij volgde een opleiding tot poppenspeelster aan het marionettentheater. In 1996 verhuisde zij met haar man naar de Finse eilandengroep Åland. Samen richtten zij een theater op en gaven voorstellingen in Scandinavië en Duitsland. In Finland begon zij ook aan haar eerste historische roman, waarin zij het verleden van haar beroepsgroep beschrijft. In 2003 verscheen Das Erbe des Puppenspielers. In 2006 verscheen een roman over  de uitvinder van het zakhorloge Peter Henlein, Der Stundensammler.

 

Uit:  Der Stundensammler

 

“Severin wurde zur Unzeit geboren.
Das Jahr hatte sich soeben vollendet und das nächste noch nicht begonnen.
Genau zwischen Tag und Nacht, im Wechsel der Sternbilder, als die Erde für einen Augenblick stillstehen wollte, krümmte sich eine kleine Bettelmaid verborgen im Röhricht und biss auf ein Bündel Segge, damit man ihren Wehenschrei nicht hörte.
In jenem Moment glitt Severin aus dem Mutterleib und fiel zwischen die jungen Spitzen des Rohrkolbens, die wie Lanzen aus dem Uferschlamm staken.
Das Wasser des Dutzenteiches begann gerade zu gefrieren. Myriaden von winzigen Eissplittern schaukelten auf den kleinen Wellen, rieben sich aneinander und rieben die Schilfhalme wund, sodass sich ein feines Sirren über dem ganzen Ufer erhob.

Lais kippte vornüber auf die Knie. Sie stützte sich in den Morast und tastete nach Messer und Faden in ihrer Manteltasche. Mit steifen Fingern band sie die Nabelschnur ab. Wie sie es bei Nachbarinnen gesehen hatte, versuchte sie dann die Fessel zu durchtrennen. Sie brauchte mehrere Schnitte dazu. Ihre Haut war nass von Schweiß und Tränen, und der schneidende Wind machte ihren Körper fast empfindungslos. Mit einer mechanischen Bewegung strich sie sich Unterrock und Wollkleid über die Schenkel und zog den abgewetzten Mantel fest um ihre Schultern. Befremdet starrte sie auf das dampfende Häuflein Leben unter sich.“

 

Geschreven door Romenu om 10:07 Reageer op dit bericht

Iñigo López de Mendoza

Iñigo López de Mendoza (19 augustus 1398 – 25 maart 1458)




De Spaanse dichter Iñigo López de Mendoza werd geboren op 19 augustus 1398 in Carrión de los Condes, Palencia. Mendoza was van adelijke afkomst en diende aan het hof van Johan II van Kastilië en onderscheidde zich in militaire dienst. In zijn laatste levensjaren wijdde hij zich aan de literatuur. Zijn gedichten ontstonden onder invloed van de Italiaanse Renaissance.

 

 

SERRANILLA

 

From Calatrava as I took my way

At holy Mary's shrine to kneel and pray,

And sleep upon my eyelids heavy lay,

There where the ground was very rough and wild,

I lost my path and met a peasant child:

From Finojosa, with the herds around her,

There in the fields I found her.

 

Upon a meadow green with tender grass,

With other rustic cowherds, lad and lass,

So sweet a thing to see I watched her pass:

My eyes could scarce believe her what they found her,

There with the herds around her.

 

I do not think that roses in the Spring

Are half so lovely in their fashioning:

My heart must needs avow this secret thing,

That had I known her first as then I found her,

From Finojosa, with the herds around her,

I had not strayed so far her face to see

That it might rob me of my liberty.

 

I questioned her, to know what she might say:

"Has she of Finojosa passed this way?"

She smiled and answered me: "In vain you sue,

Full well my heart discerns the hope in you:

But she of whom you speak, and have not found her.

Her heart is free, no thought of love has bound her,

Here with the herds around her."

 

 

Vertaald door  John Pierrepont Rice

 

Geschreven door Romenu om 20:27 Reageer op dit bericht

John Dryden

John Dryden (19 augustus 1631 – 12 mei 1700)






De Engels toneelschrijver, dichter en criticus John Dryden werd geboren op 19 augustus 1631.

Zie ook mijn blog van 19 augustus 2006.

 

 

ONE HAPPY MOMENT

 

No, no, poor suff'ring Heart, no Change endeavour,

Choose to sustain the smart, rather than leave her;

My ravish'd eyes behold such charms about her,

I can die with her, but not live without her:

One tender Sigh of hers to see me languish,

Will more than pay the price of my past anguish:

Beware, O cruel Fair, how you smile on me,

'Twas a kind look of yours that has undone me.

 

Love has in store for me one happy minute,

And She will end my pain who did begin it;

Then no day void of bliss, or pleasure leaving,

Ages shall slide away without perceiving:

Cupid shall guard the door the more to please us,

And keep out Time and Death, when they would seize us:

Time and Death shall depart, and say in flying,

Love has found out a way to live, by dying.

 

Geschreven door Romenu om 20:24 Reageer op dit bericht

Samuel Richardson

Samuel Richardson (19 augustus 1689 – 4 juli 1761)


De Britse drukker en schrijver Samuel Richardson werd geboren op 19 augustus 1689 in  Mackworth, Derbyshire. Richardson was de zoon van een meubelmaker en begon rond 1720 een drukkerij. Zijn vrienden vroegen hem een brievenboek samen te stellen voor ongeletterden. Hieruit kwam de eerste Engelse karakterroman voort, getiteld Pamela, or Virtue Rewarded (1740-1741). Richardson legde hiermee de basis voor de briefroman. Het boek werd een onmiddellijk succes en de opvolger, Clarissa, or the history of a young lady (1747-1748) was nog succesvoller.

 

Uit: Pamela

 

“I am very easy that I have so little to say to them. Not but they are civil to me in the main, for Mrs. Jervis's sake, who they see loves me; and they stand in awe of her, knowing her to be a gentlewoman born, though she has had misfortunes. I am going on again with a long letter; for I love writing, and shall tire you. But, when I began, I only intended to say, that I am quite fearless of any danger now: and, indeed, cannot but wonder at myself, (though your caution to me was your watchful love,) that I should be so foolish as to be so uneasy as I have been: for I am sure my master would not demean himself, so as to think upon such a poor girl as I, for my harm. For such a thing would ruin his credit, as well as mine, you know: who, to be sure, may expect one of the best ladies in the land. So no more at present, but that I am Your ever dutiful DAUGHTER.”

 

Geschreven door Romenu om 20:20 Reageer op dit bericht

Louis Th. Lehmann

Louis Th. Lehmann (Rotterdam, 19 augustus 1920)








De Nederlandse schrijver, dichter en vertaler Louis Th. Lehmann, werd geboren op 19 augustus 1920 in Rotterdam. Zie ook mijn blog van 19 augustus 2006.

 

 

Als 'k dood ben

 

Als 'k dood ben zijn mijn kleren rare dingen.
De overhemden, nieuw of dragensbroos,
de pakken hangend waar ze altijd hingen,
steeds wijzend naar omlaag, besluiteloos.

Ik was ze, ik alleen droeg hen altoos.
En omdat ze mij vaak vervingen,
of omdat ik hen uit hun winkel koos;
zij tonen iets van mijn herinneringen.

Oh, vrienden, enigszins van mijn formaat,
ik roep U als de dood te wachten staat,
(maak ik het sterven bij bewustzijn mee)
'k Geef U of leen, 't zou niet de eerste keer zijn
mijn pakken, vormt met hen die mij niet meer zijn
dan langs mijn kist een onzwart defilé.

 

Geschreven door Romenu om 14:15 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten