Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 4 maart 2017 tot 5 maart 2017

Pier Paolo Pasolini, Arthur van Schendel, Koos van Zomeren, Jurre van den Berg, Nelly Arcan, Danny King, Jean Orizet

De Italiaanse filmregisseur, dichter en schrijver Pier Paolo Pasolini werd geboren in Bologna op 5 maart 1922. Zie ook alle tags voor Pier Paolo Pasolini op dit blog.

Uit: Seven Poems for Ninetto

6/

When you have been in pain for so long
and for so many months it has been the same, you resist it,
but it remains a reality in which you are caught.

It is a reality that wants only to see me dead.

And yet I do not die. I am like someone who is nauseous
and does not vomit, who does not surrender
despite the pressure of Authority. Yet, Sir,

I, like the entire world, agree with you.

It is better that we are kept at a far distance.
Instead of dying I will write to you.

In this way, I preserve intact my critique

of your hypocritical way of life,
which has been my sole joy in the world.

 

7/
After much weeping, in secret
and in front of you, after having staged
many acts of desperation, you made
the final decision to surrender

and never to be seen again. I am done.

I have acted like a madman. I will not let the water run
from the source of my evil and my good:
these pacts between men are not for you or perhaps

you’re too skilled in the art of breaking them,

guided by a Genie that gives you certainty
by which you are transfigured. You

know the right button to push.

When I speak you tell me “no”
and I tremble with disgust and fury
at the thought of our unforgettable happy hours.

 

 2014616-02930f83d5b1efa60e8092c6829a5f3a.jpg
Pier Paolo Pasolini (5 maart 1922 – 2 november 1975
Ninetto Davoli en Pier Paolo Pasolini

 

 

De Nederlandse schrijver, columnist en dichter Koos van Zomeren werd geboren in Velp op 5 maart 1946. Zie ook alle tags voor Koos van Zomeren op dit blog.

 

Villgrater Joch

In mijn ogen strek ik mij
geweldig uit,
ik ben in alles wat ik zie.

Al uren klimmen we, de bergen
zinken weg, alleen de diepten
klimmen mee. Ik zie
een meertje dat gesprongen is,
een in het ijs geslagen spinnenweb.

Mijn hond doet steeds meer dingen
voor het laatst. Nog één keer
deze hoogte en hij gaat nog één
keer liggen en hij haalt nog één
keer adem en hij valt in slaap.

In wat ik niet zie
ben ik trouwens ook.

 

 

Stanley

Onverzadigbarekoekjesvrager
stuiterendetennisballenjager
gigantischgrotestokkendrager
altijd tot nog extra werk bereid.

Er schoten twee schimmen over het pad
de achterste mijn dappere hond
en even later weer twee schimmen, nu
in omgekeerde richting, de achterste
een daverend everzwijn.

Tezamen op een heuveltje, hij met
zijn gebroken rug, ik met mijn
strelende hand.
Ik zal je missen
of met een roerend germanisme
jij zult aan mij ontbreken.

Toen is hij opgestaan en zijn we
maar naar huis gegaan.

 

 2014616-942795a862da223d2b462a2861a77364.jpg
Koos van Zomeren (Velp, 5 maart 1946)
Cover 

 

 

De Nederlandse dichter Jurre van den Berg werd geboren in Thesinge op 5 maart 1986. Zie ook alle tags voor Jurre van den Berg op dit blog.

 

Vraag je niet af

                                          
Het hart van een touw

                                          schuilt in zijn knopen.

                                                                        J. Bernlef

Dat meisjes pas mooi zijn
als je ze vrouwen noemt,
dat sterren geen baken zijn

in een uitdijend heelal
wist ja al, maar ook dat niet

alles zwart op of tussen wit gedrukt staat,
zoals je handen toetsen volgen:
het laat zich niet lezen maar schrijft zichzelf.

Het is droog hout voordat het vlam vat, vraag je
op deze momenten niet af van wie

de hand is, van wie de hand was,
wie de wind op je wangen blaast,

hoe je van hooi gras maakt.

Onthoud dat
glas niet alleen mooi is

vanwege de belofte dat het breken kan
maar ook omdat je er doorheen kunt kijken.

 

 2014616-f889118e96be79fc8f20a71b9a0c0138.png
Jurre van den Berg (Thesinge, 5 maart 1986)

 

 

De Nederlandse schrijver Arthur van Schendel werd geboren op 5 maart 1874 in Batavia. Zie ook alle tags voor Arthur van Schendel op dit blog.

Uit: Een zwerver verdwaald

“En voor het einde van het najaar werden zijn schreden verder geleid. Een hond die hem op den landweg had gezien liep achter zijn voeten, een reiziger vergezelde hem. De vreemdeling sprak gedurig terwijl zij voortgingen in den vochtigen dag, zijn gebaren waren niets dan vragen, en Tamalone luisterde met zijn hoofd zeer laag ter neder gebogen, want er was in de woorden die hij hoorde heugenis van een verleden dat hij geheim hield in zijn ziel. Maar wanneer de ander stil stond om op antwoord te wachten, keek hij rond naar het land waar de wilgen geel van gebladert, met de bochtige slingers van wingerdloof en een schielijk watertje daarneven, in dit vluchtige zonlicht de eenzaamheid tot een sierlijke vreugde maakten, en hij antwoordde niet, het zwijgen was hem liever dan donkere woorden en vragen zonder eind.
En zwijgend vervolgden zij hun tocht, tot Meron Joseph met diepe stem, buigzaam en berustend van toon, verder sprak over voorzienigheid, over het onheil dat hij aanschouwd had, en zooveel verhaalde en zoo lang, dat Tamalone ten laatste enkel luisterde naar den klank zijner stem. Die was hem aangenaam geworden, hij wist niet hoe, maar het was voor het eerst sedert menigen dag dat het geluid en de aanwezigheid van een ander hem gevallig waren. Toen hij zijn reis begon had hij wel geweten dat de groote verwachting nog steeds in hem leefde, nochtans bij dit luttel behagen al vreesde hij voor ontrouw aan het liefste waar hij gedachten aan wijdde. Zijn wensch was alleen door de landen te loopen, immer alleen gelijk hij altoos gedaan had, gelijk naar zijn aard was, en de stad daarginder zou van veel dat zijn droevigen vrede kon storen wel vol zijn. Maar hij had uit de diepten de oude vraag van onnoozeler jaren, in zwaarderen toon thans, weer in zijn borst verstaan, of hij waarlijk aldus was geschapen voor het geluk te vroeg of te laat? - en hij was tot zijn bevreemding meer dan in den jongelingstijd verlangend geworden naar het onverwachte dat in de wereld geschiedt.”

 

 2014616-f25119a7a1f441621045748abace78f2.jpg
Arthur van Schendel (5 maart 1874 – 11 september 1946)
Portret door Jan Poortenaar, 1955

 

 

De Canadese (Franstalige) schrijfster Nelly Arcan - pseudoniem van Isabelle Fortier – werd geboren in Lac-Mégantic op 5 maart 1973. Zie ook alle tags voor Nelly Arcan op dit blog.

Uit: Folle

“Je disais que l'équilibre entre les hommes et les femmes aurait pu exister si Dieu avait permis que l'ovulation soit produite par l'orgasme et non par l'autonomie d'un système qui ne tient pas compte de la montée du plaisir ni de l'urgence de se vider ni même des états d'âme qui pourraient entraver la libération de l'ovule. À ça j'ajoutais que si les femmes pouvaient décharger leur fertilité comme les hommes, les hommes en perdraient leurs moyens de bander et que cette question de la décharge des femmes les absorberait entièrement. Je disais que la bipolarité qui supporte l'univers en agençant tous ses atomes et qui fait s'inverser les pôles sud et nord tous les x millions d'années donnerait aux hommes une nature de femme. Si mon grand-père m'avait entendue, il en aurait été retourné, mon grand-père ne croyait pas en l'évolution de l'espèce humaine, il croyait seulement en sa disparition. »
(…)

« Ensemble on a pourtant vécu de bons moments. Un mois ou deux après notre première rencontre à Nova on s'est aimés en même temps. Entre nous il y a eu des moments magnétiques où on ne prenait plus la peine de terminer nos phrases tant l'un savait où l'autre voulait en venir : c'était le stade de la contemplation de soi dans l'autre. Entre nous il y a eu une courte période où on s'entendait sur tout et même sur le fait que les hommes et les femmes ne peuvent pas s'entendre. Je me souviens d'ailleurs de ce livre que tu avais lu où les hommes venaient de Mars et les femmes de Vénus, je me souviens que la mésentente y était expliquée de long en large et qu'à tes yeux ces explications avaient fait de nous un couple typique; l'un face à l'autre, nos sexes réagissaient comme prévu."

 

 2014616-daa039eea21e2374c0cd928c62f7a32b.jpg
Nelly Arcan (5 maart 1973 –24 september 2009)

 

 

De Britse schrijver Danny King werd geboren op 5 maart 1969 in Slough, Berkshire. Zie ook alle tags voor Danny King op dit blog.

Uit: The Monster Man of Horror House (Vertaald door Heike Schrapper)

„In jeder Stadt, in jedem Viertel gibt es so ein gruseliges altes Haus: heruntergekommen, zugewuchert, vernachlässigt und vergessen. Bewohnt wird es in der Regel von einem gruseligen alten Mann, der mehr oder weniger den gleichen Eindruck macht. Vergammelt, verwittert und mit bröckelnder Fassade schlurft dieser alte Mann durch die Gegend und kümmert sich um seinen eigenen Kram, wie zum Beispiel das Durchwühlen der Bauschuttcontainer in der Nachbarschaft. Wenn er und sein muffiger Geruch kommen, um die Rente abzuholen, lichtet sich unweigerlich die Schlange vor dem Postschalter.
Die Tatsache, dass er von allen als verschrobener Sonderling angesehen wird, ist ihm beneidenswerterweise überhaupt nicht bewusst. Er selbst hält sich für einen ruhigen, anspruchslosen Gesellen, unaufdringlich und weise – zwar ein Einzelgänger, aber auch ganz schön ausgefuchst. Und höchstwahrscheinlich macht er den klassischen Fehler zu denken, dass er sich einfach nur aus den Angelegenheiten anderer heraushalten muss, damit die anderen sich auch aus seinen heraushalten.
Wenn es doch bloß so einfach wäre!
Es hat ein paar Monate gedauert, bis ich herausfand, dass der gruselige alte Sonderling in meiner Straße ich selbst war.
Bis dahin hatte ich mich einfach nur als John betrachtet: hart arbeitend, konservativ, sparsam und alleinstehend. An heißen Tagen vielleicht ein wenig streng riechend, aber was machte das schon, wenn ich sowieso allein lebte? In meinem eigenen Haus konnte ich schließlich riechen, wie ich wollte.“

 

 2014616-facc6227cde2862839eff06ee784c0cf.jpg
Danny King (Slough, 5 maart 1969)

 

 

De Franse dichter en schrijver Jean Orizet werd geboren in Marseille op 5 maart 1937. Zie ook alle tags voor Jean Orizet op dit blog.

 

Apocalipsi

La grotte ou saint
Jean eut la révélation de l'Apocalypse ferme à midi.

Arrivés en retard, nous entrâmes de justesse — soulagés — car notre bateau partait le soir même.

Nous descendîmes rapidement les quelques dizaines de marches, ombragées de bougainvillées, qui conduisent au saint lieu.
L'endroit est petit, bas, sombre, presque humide.

En quelques minutes (était-ce une éternité?) le vieux pope de service désigne à notre attention:

a)
Une alvéole dans le roc, à ras du sol, où saint
Jean appuyait sa tête pour se reposer.

b)
Au-dessus, une croix taillée par l'Évangéliste selon la tradition.

c)
A droite, une encoche où le grand exilé plaçait la main quand il voulait s'agenouiller pour prier, ou quand il voulait se relever.

d)
Plus haut, une sorte de pupitre naturel inscrit à même la paroi, où
Prochoros, disciple de l'ancien pêcheur de
Tibériade, écrivit, sous la dictée, le texte de l'Apocalypse.

e)
Enfin, au plafond, une fente en forme de croix, signe de la présence divine, et d'où
Jean entendit
Dieu lui dire:
Je suis l'Alpha et l'Oméga.

 

 2014616-94d16c81ba05e5cff207eb51c5e74d2a.jpg
Jean Orizet (Marseille, 5 maart 1937)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 5e maart ook mijn vorige blog van vandaag.

Geschreven door Romenu om 13:12 Reageer op dit bericht

Leslie Marmon Silko, Frank Norris, Fritz Usinger, Friedrich Schnack, Ennio Flaiano, Moritz Carrière, Karl August Timotheus Kahlert

De Indiaans-Amerikaanse schrijfster Leslie Marmon Silko werd geboren op 5 maart 1948 in Albuquerque, New Mexico. Zie ook alle tags voor Leslie Marmon Silko op dit blog.

 

Lullaby

The earth is your mother,
she holds you.
The sky is your father,
he protects you.
Sleep,
sleep.
Rainbow is your sister,
she loves you.
The winds are your brothers,
they sing to you.
Sleep,
sleep.
We are together always
We are together always
There never was a time
when this
was not so.

 

 2014606-9be5b893d97d55dde17d2b9809996ec2.jpg
Leslie Marmon Silko (Albuquerque, 5 maart 1948)

 

 

De Amerikaanse schrijver Frank Norris werd geboren op 5 maart 1870 in Chicago. Zie ook alle tags voor Frank Norris op dit blog.

Uit: The Pit 

“It was Empire, the resistless subjugation of all this central world of the lakes and the prairies. Here, mid-most in the land, beat the Heart of the Nation, whence inevitably must come its immeasurable power, its infinite, infinite, inexhaustible vitality.
Here, of all her cities, throbbed the true life - the true power and spirit of America; gigantic, crude with the crudity of youth, disdaining rivalry; sane and healthy and vigorous; brutal in its ambition, arrogant in the new-found knowledge of its giant strength, prodigal of its wealth, infinite in its desires. In its capacity boundless, in its courage indomitable; subduing the wilderness in a single generation, defying calamity, and through the flame and the debris of a commonwealth in ashes, rising suddenly renewed, formidable, and Titanic.
Laura, her eyes dizzied, her ears stunned, watched tirelessly.
“There is something terrible about it,” she murmured, half to herself, “something insensate. In a way, it doesn’t seem human. It’s like a great tidal wave. It’s all very well for the individual just so long as he can keep afloat, but once fallen, how horribly quick it would crush him, annihilate him, how horribly quick, and with such horrible indifference! I suppose it’s civilisation in the making, the thing that isn’t meant to be seen, as though it were too elemental, too - primordial; like the first verses of Genesis.”

 

 2014606-03db99a854ca2f62096335314fc2d301.jpg
Frank Norris (5 maart 1870 – 25 oktober 1902)
Cover

 

 

De Italiaanse schrijver Ennio Flaiano werd op 5 maart 1910 in Pescara geboren.Zie ook alle tags voor Ennio Flaiano op dit blog.

Uit: Alles hat seine Zeit (Tempo di uccidere, Vertaald door Susanne Hurni)

"Ich hätte eine Abkürzung nehmen können, aber ich habe nicht allzu viel Vertrauen zu den
Abkürzungen in Afrika. Und doch zweigte von der Straße, an der Seite zum Fluss, dann und wann ein Pfad ab, der nach kurzen Windungen steil abfiel zum Gehölz. Ich achtete also nicht auf die Abkürzungen, und nach zwei Stunden (die Hitze hatte zugenommen, und die Bäume waren erschreckend gewachsen, schienen aber immer mehr wie aus Pappkarton zu sein, immer älter und salbungsvoller, wie Heilige einer untergegangenen Religion) sah ich, dass der Buschwald dichter und die Straße heiß und sandig wurde. Der Fluss lag plötzlich vor mir. Man war dabei, eine neue Brücke zu bauen.
Zwischen den dicken Bäumen standen noch ein paar Kreuze, und unter dem heißen Sand, in den Kisten, in denen Büchsenfleisch und Zwieback gewesen waren, lagen noch ein paar Leichen.
Irgendein Soldat, der stehengeblieben war und gesagt hatte: «Ich schaff ’s nicht mehr»; es hatte wohl auch Mühe gekostet, den Feldwebel, dann den Oberleutnant und dann den Hauptmann zu überreden, dass sie ihn hier ausruhen ließen. Und irgendetwas in dieser Natur (vielleicht der graue Sand oder die Knospen der Bäume) hatte ihm wohl zu verstehen gegeben, dass seine Ruhe nun wirklich begann. Die Leute, die das Büchsenfleisch und den Zwieback in di Kisten packen, dort oben, Tausende von Kilometern entfernt, wissen nicht, wie kostbar dieses Holz ist.
Wahrhaftig ein mit Sorgfalt zu behandelndes Holz! Eine Kiste ist immer nützlich, und wer auch nur eine besitzt, verschönt sich sein Zelt mit einem außergewöhnlichen Möbelstück; in ruhigen Zeiten kann er noch das Bild der geliebten Frau daraufstellen, zwischen ein Buch und den Tabaksbeutel. Es ist weniger schwierig, sich eine Frau zum lieben zu verschaffen, als eine Kiste.
Kein einziger lastwagen. Die Arbeiter hatten wohl wegen der Hitze aufgehört zu arbeiten und aßen. Sie waren neu angekommen, nach den großen Sonnenbrillen zu schließen, die sie noch nicht weggeworfen hatten. Sie saßen vor ihren Zelten und plauderten mit dem Carabiniere des Postens, noch erstaunt darüber, dass es sie nach hier unten verschlagen hatte in dieses Land, das so anders war als jenes Afrika ihrer Vorstellung.“

 

 2014606-302d86ece9d09972e18f97fb2bf18fca.jpg
Ennio Flaiano (5 maart 1910 – 20 november 1972)
Standbeeld in Pescara

 

De Duitse dichter, schrijver en vertaler Fritz Usinger werd geboren op 5 maart 1895 in Friedberg, Hessen. Zie ook alle tags voor Fritz Usinger op dit blog.

 

Das Glück spricht...

Der du Tag und Nacht mich bittest,
Fürchte, daß ich die erscheine!
Denn was du wohl an mir littest,
Sagt der Hoffnungen dir keine.

Ja, je mehr ich mich dir schenke,
Daß du ganz erfüllt dich findest:
Wenn ich scheide, Herz, gedenke,
Wie du solches überwindest.

Glaub, an der verlassnen Stätte
Mag es, Fliehender, geschehen,
Daß du wünschst, dein Auge hätte
Niemals mich gesehen.

 

 2014606-8ff4b2fc00597c6e0a48d21e256e7afc.jpg
Fritz Usinger (5 maart 1895 – 9 december 1982)
Gedenkplaat aan het voormalige woonhuis van Fritz Usinger in Friedberg 

 

 

De Duitse dichter en schrijver Friedrich Schnack werd geboren op 5 maart 1888 in Rieneck, Unterfranken. Zie ook alle tags voor Friedrich Schnack op dit blog.

 

Weihrauchwölkchen

Durch meinen Garten flog ein Weihrauchwölkchen,
Ein Kirchenduft der Maienprozession:
Der Wohlgeruch gefiel dem Bienenvölkchen,
Und süßer ward der Blumen bauch davon.

Indes die Knaben von Maria sangen,
Die himmelfern auf mondner Sichel steht,
Und ihre Stimmen in der Flur verklangen‚
Verrichteten die Immen ihr Gebet.

Sie zogen den blühenden Kapellen,
Geweiht dem Kinde und der Lieben Frau,
Und schöpften summend aus den Nektarquellen
Das reine Wachs, den goldenen Honigtau.

Die Beete glänzten von Gewürzt und Kräutern,
Gesegnet von der Maienprozession.
Das Öl begann sich zärtlicher zu läutern,
Von Vogelwipfeln glockte Glorienton.

Durch meinen Garten flog das Weihrauchwölkchen
Und floß vergebend in die Gottesluft:
Als zöge heimlich mit ein Engelswölkchen,
Umwehte traumhaft mich ein Sternenduft.

 

 

Wenn meine Rose blüht

Wenn meine Rose blüht,
bedarf es andrer Blumen nicht,
sie heiligt mein Gemüt,
und füllt mein Herz mit Licht.

Wie sollte da noch Platz
für andre Blumen sein?
Ein ganzer Rosengarten
rankt in mich hinein.

 

 2014606-b6d37b1ae43e59c54399807d489734fb.jpg
Friedrich Schnack (5 maart 1888 – 6 maart 1977)

 

 

De Duitse schrijver en filosoof Moritz Carrière werd geboren op 5 maart 1817 in Griedel, Hessen. Zie ook alle tags voor Moritz Carrière op dit blog.

Uit: Das Wesen und die Formen der Poesie

„Und Goethe, den sie unter die glücklichsten Sterblichen rechnen, Goethe sagte am Abend seines Lebens zu Eckermann, daß wenn er die Summe seines Daseins zöge, kaum vier Wochen ungetrübten Glückes herauskämen. "Der Menschheit ganzer Jammer faßt mich an!" Wer dieses eine Wort dem Faust in den Mund legen konnte, der mußte die himmlischen Mächte kennen gelernt, der mußte mit dem alten Harfner im Wilhelm Meister die kummervollen Nächte weinend auf seinem Bette gesessen und sein Brot mit Thränen gegessen haben. Oder wer wollte behaupten, daß Justinus Kerner keine subjective Wahrheit, keine eigene Erfahrung ausspricht, wenn er singt:

Poesie ist tiefes Schmerzen,
Und es kommt das echte Lied
Einzig aus dem Menschenherzen,
Das ein schweres Leid durchglüht.
Doch die höchsten Poesien
Schweigen wie der höchste Schmerz;
Nur wie Geisterschatten ziehen
Stumm sie durchs gebrochne Herz.

Es ist für Viele, nur nicht für Alle wahr was Freiligrath sagt, daß die Flamme der Dichtung ein Fluch, ihr Mal ein Kainstempel sei, es ist namentlich für diejenigen wahr welche das sittliche Maß und die Selbstbeherrschung des Geistes aus Uebermuth oder Schlaffheit gering achten; dem Nessushemd ward von Prutz mit Recht die Leukotheabinde der Dichtung entgegengehalten. Goethe sagt in einem Divansliede nach Hafis:

Ich will es gerne gestehn
Ich singe mit schwerem Herzen;
Sieh doch einmal die Kerzen,
Sie leuchten indem sie vergehn.“

 

 2014606-dcb53ad586b0e9aa78baf499f9dd3eed.jpg
Moritz Carrière (5 maart 1817 – 19 januari 1895) 
Griedel

 

 

De Duitse schrijver, literatuurhistoricus en muziekcriticus Karl August Timotheus Kahlert werd geboren op 5 maart 1807 in Breslau. Zie ook alle tags voor Karl August Timotheus Kahlert op dit blog.

 

Alles um sie

Ich mag so gerne liegen am Hügel in der Nacht
und schau'n in dunkler Höhe die goldne Sternenpracht.
Ich mag so gerne schauen der Rosen sanften Schein
in ihrem Dufte schwelgend von Herzen fröhlich sein.

Ich mag so gerne lauschen im Hain im Dämmerlicht,
vertrauten fernen Tönen daraus die Sehnsucht spricht.
Und doch in deiner Nähe was ist dies Alles mir,
was Sterne, Blumen, Töne bei Blick und Wort von dir?

 

 2014606-39c0570cef3102476af23bc25d4fa423.jpg
Karl August Timotheus Kahlert (5 maart 1807 – 29 maart 1864)
Breslau

Geschreven door Romenu om 13:10 Reageer op dit bericht

Kristof Magnusson, Khaled Hosseini, Robert Kleindienst, Irina Ratushinskaya, Alan Sillitoe

De Duitse schrijver Kristof Magnusson werd geboren op 4 maart 1976 in Hamburg. Zie ook alle tags voor Kristof Magnusson op dit blog.

Uit: Ik was het niet (Vertaald door Hilde Keteleer)

“Ik vroeg de anderen wat ze ervan vonden dat Felix Magath nu trainer van Schalke werd. Iedereen kende alleen maar Bayern München. Natuurlijk wist ik wel dat het zinvol was om met de collega’s iets te gaan drinken.
Netwerken en zo. Het wás ook werk, maar niet zo productief dat je er een hele nacht aan hoefde te besteden. Waarom dronken ze niet gewoon twee pintjes, handelden intussen de hele riedel van Tottenham en Arsenal, Auditt, Range Rover en vrouwelijke collega’s af en gingen dan maffen?
Eindelijk ging de kroeg dicht. Ik liep naar het hotel en had al op de liftknop geduwd toen Vikram, de in Bombay geboren Arsenalfan, aan mijn mouw trok en me meezeulde naar de hotelbar, waar iedereen bij elkaar zat. ‘We drinken Jägermeister, man’, had hij gezegd, alsof ik dan als Duitser geen nee kon zeggen. En dus dronk ik. Veroorzaakte een pijnlijke stilte toen ik zei dat ik geen auto had. Om drie uur deed ik alsof ik naar de wc moest, liep naar mijn kamer, kotste, douchte, dronk twee liter water, nam twee magnesiumtabletten, drie paracetamols en een Pantozol, pakte mijn koffer, nam een taxi naar Heathrow en stapte om 5.03 uur in dit vliegtuig terug naar Chicago.
De stewardess nam mijn jasje aan en hing het op een knaapje, waaraan ze mijn instapkaart vastmaakte als een garderobenummer. Daarna kwam ze met een glas champagne.
Ik moest me beheersen om niemand te laten merken hoe blij ik was met mijn stoel in de businessclass. Per slot van rekening was deze vlucht geen cadeau van Rutherford & Gold maar een noodzakelijke uitgave.”

 

 2014244-ee7c642560bb085de74c97be735cffdf.jpg
Kristof Magnusson (Hamburg, 4 maart 1976)

 

 

De Afghaanse schrijver Khaled Hosseini werd geboren op 4 maart 1965 in Kabul. Zie ook alle tags voor Khaled Hosseini op dit blog.

Uit: A Thousand Splendid Suns

“Later, when she was older, Mariam did understand. It was the way Nana uttered the wordnot so much saying it as spitting it at herthat made Mariam feel the full sting of it. She understood then what Nana meant, that a harami was an unwanted thing; that she, Mariam, was an illegitimate person who would never have legitimate claim to the things other people had, things such as love, family, home, acceptance.
Jalil never called Mariam this name. Jalil said she was his little flower. He was fond of sitting her on his lap and telling her stories, like the time he told her that Herat, the city where Mariam was born, in 1959, had once been the cradle of Persian culture, the home of writers, painters, and Sufis.
"You couldn't stretch a leg here without poking a poet in the ass," he laughed. Jalil told her the story of Queen Gauhar Shad, who had raised the famous minarets as her loving ode to Herat back in the fifteenth century. He described to her the green wheat fields of Herat, the orchards, the vines pregnant with plump grapes, the city's crowded, vaulted bazaars.
"There is a pistachio tree," Jalil said one day, "and beneath it, Mariam jo, is buried none other than the great poet Jami." He leaned in and whispered, "Jami lived over five hundred years ago. He did. I took you there once, to the tree. You were little. You wouldn't remember."
It was true. Mariam didn't remember. And though she would live the first fifteen years of her life within walking distance of Herat, Mariam would never see this storied tree. She would never see the famous minarets up close, and she would never pick fruit from Herat's orchards or stroll in its fields of wheat. But whenever Jalil talked like this, Mariam would listen with enchantment. She would admire Jalil for his vast and worldly knowledge. She would quiver with pride to have a father who knew such things.
"What rich lies!" Nana said after Jalil left. "Rich man telling rich lies. He never took you to any tree. And don't let him charm you. He betrayed us, your beloved father. He cast us out. He cast us out of his big fancy house like we were nothing to him. He did it happily." Mariam would listen dutifully to this. She never dared say to Nana how much she disliked her talking this way about Jalil. The truth was that around Jalil, Mariam did not feel at all like a harami. For an hour or two every Thursday, when Jalil came to see her, all smiles and gifts and endearments, Mariam felt deserving of all the beauty and bounty that life had to give. And, for this, Mariam loved Jalil.”

 

 2014244-4804ced710399b6e8d2de70ead46f5b4.jpg
Khaled Hosseini (Kabul, 4 maart 1965)

 

 

De Oostenrijkse dichter en schrijver Robert Kleindienst werd geboren op 4 maart 1975 in Salzburg. Zie ook alle tags voor Robert Kleindienst op dit blog.

 

Ich weiß, was es heißt, glücklich zu sein

wir zwei stehen hier also zu dritt und
halten die Hand fester. so viel Grün, wie uns
der Frühling schenkt, überrascht uns dann
doch, das hätten wir nur im Traum
gedacht. nicht im Traum aber spiegeln wir
uns im Weiher, sehen Entenküken
nach, die Spuren ziehen im Wasser.
am Horizont leuchten Berge weiß, wir
warten noch eine Weile, schwimmen
weiter, dem Ufer zu

 

 

Heute, vor langer Zeit

siehst du, die Schaukel steht still
in Sisak. siehst du, ein Kind
sitzt darauf, das keinen Schatten wirft,
bis es der Wind hebt ans andere Ufer.
wir warten nicht dort, es ist
schon zu spät, sagt man uns
in der Lobby. alle frühzeitig
abgereist. später werden wir
die Rechnung zahlen,
abfahren, ein einziges Mal
zurückblicken, zu sehen,
wer winkt

 

 

Einklang

Dieser ruhige Atem
neben meiner Nacht.
Diese kleine Hand
in meiner Welt, die sich
öffnet, die ich schließe
in mir.

 

 2014244-b711232e21b1e4e62a2e514911bf581e.jpg
Robert Kleindienst (Salzburg, 4 maart 1975)

 

 

De Russische dichteres en dissidente Irina Ratushinskaya werd geboren op 4 maart 1954 in Odessa. Zie ook alle tags voor Irina Ratushinskaya op dit blog.

 

And I undid the old shawl

And I undid the old shawl
And at once there came to rm:
The four winds from all the roads,
From the clouds; of the earth.

And the first wind sang Inc a song,
About a house behind a hlack mountain.
And the second wind told me
About an enchanted arquebus.

And the third wind began to dance,
And the fourth gave me a ring.
But the fifth wind came laughing
And I recognised his face.

And I asked: “Where have you come from?
And who has sent you to mc'?’
But he looked into my features
And said nothing.

And I touched his shoulder
And sent all the others away.
And this wind blew out the candle.
When night. fell.

 

Vertaald door David McDuff

 

 2014244-51de33c6f1f10d1a5bff8876e56256ee.jpg
Irina Ratushinskaya (Odessa, 4 maart 1954)
Cover

 

 

De Engelse schrijver Alan Sillitoe werd geboren op 4 maart 1928 in Nottingham. Zie ook alle tags voor Alan Sillitoe op dit blog.

Uit: Saturday Night and Sunday Morning

““Loudmouth grunted and tried to ignore her eulogy, but at the end of a fiery and vivid description of a brothel in Alexandria he called over to Arthur: "I hear you drink a lot, matey?"
Arthur didn't like being called "matey." It put his back up straight away. "Middlin'," he answered modestly. "Why?"
"What's the most you've ever drunk, then?" Loudmouth wanted to know. "We used to have boozing matches on shore- leave," he added with a wide, knowing smile to the aroused group of spectators. He reminded Arthur of a sergeant-major who once put him on a charge.
"I don't know," Arthur told him. "I can't count, you see."
"Well," Loudmouth rejoined, "let's see how much you can drink now. Loser pays the bill."
Arthur did not hesitate. Free booze was free booze. Anyway, he begrudged big talkers their unearned glory, and hoped to show him up and take him down to his right size.
Loudmouth's tactics were skilful and sound, he had to admit that. Having won the toss-up for choice, he led off on gins, and after the seventh gin he switched to beer, pints. Arthur enjoyed the gins, and relished the beer. It seemed an even contest for a long time, as if they would sit there swilling it back for ever, until Loudmouth suddenly went green halfway through the tenth pint and had to rush outside. He must have paid the bill downstairs, because he didn't come back. Arthur, as if nothing had happened, went back to his beer.
He was laughing to himself as he rolled down the stairs, at the dull bumping going on behind his head and along his spine, as if it were happening miles away, like a vibration on another part of the earth's surface, and he an earthquake-machine on which it was faintly recorded. This rolling motion was so restful and soporific, in fact, that when he stopped travelling-having arrived at the bottom of the stairs-he kept his eyes closed and went to sleep. It was a pleasant and faraway feeling, and he wanted to stay in exactly the same position for the rest of his life.”

 

 2014244-491aef7cc1c05ff8f85b7ca4b2e28120.jpg
Alan Sillitoe (4 maart 1928 - 25 april 2010)
Cover DVD



Zie voor nog meer schrijvers van de 4e maart ook mijn twee vorige blogs van vandaag.

Geschreven door Romenu om 12:59 Reageer op dit bericht

Ryszard Kapuściński, Jean-Joseph Rabearivelo, Annette Seemann, F. W. Bernstein, Giorgio Bassani

De Poolse schrijver dichter en journalist Ryszard Kapuściński werd geboren in Pinsk, Polen (thans Wit-Rusland), op 4 maart 1932. Zie ook alle tags voor Ryszard Kapuściński op dit blog.

Uit: Travels with Herodotus (Vertaald door Klara Glowczewska)

« Before Herodotus sets out on his travels, ascending rocky paths, sailing a ship over the seas, riding on horseback through the wilds of Asia; before he happens upon the mistrustful Scythians, discovers the wonders of Babylon, and plumbs the mysteries of the Nile; before he experiences a hundred different places and sees a thousand inconceivable things, he will appear for a moment in a lecture on ancient Greece, which Professor Bieiunska-Malowist delivers twice weekly to the first-year students in Warsaw University’s department of history.
He will appear and just as quickly vanish.
He will disappear so completely that now, years later, when I look through my notes from those classes, I do not find his name. There are Aeschylus and Pericles, Sappho and Socrates, Heraclitus and Plato; but no Herodotus. And yet we took such careful notes. They were our only source of information. The war had ended six years earlier, and the city lay in ruins. Libraries had gone up in flames, we had no textbooks, nobooks at all to speak of.
The professor has a calm, soft, even voice. Her dark, attentive eyes regard us through thick lenses with marked curiosity. Sitting at a high lectern, she has before her a hundred young people the majority of whom have no idea that Solon was great, do not know the cause of Antigone’s despair, and could not explain how Themistocles lured the Persians into a trap.
If truth be told, we didn’t even quite know where Greece was or, for that matter, that a contemporary country by that name had a past so remarkable and extraordinary as to merit studying at university. We were children of war. High schools were closed during the war years, and although in the larger cities clandestine classes were occasionally convened, here, in this lecture hall, sat mostly girls and boys from remote villages and small towns, ill read, undereducated. It was 1951. University admissions were granted without entrance examinations, family provenance mattering most-in the communist state the children of workers and peasants had the best chances of getting in.”

 2014243-427c8ee7f69802bb91dd56e5e4de512f.jpg
Ryszard Kapuściński (4 maart 1932 - 23 januari 2007)
Getekend door Angelero 

 

 

De Madagassische dichter en schrijver Jean-Joseph Rabearivelo werd geboren op 4 maart 1901 in Antananarivo. Zie ook alle tags voor Jean-Joseph Rabearivelo op dit blog.

 

Autre naissance du jour

On ne sait si c’est de l’Est ou de l’Ouest
qu’est venu le premier appel ;
mais maintenant,dans leur huttes transpercées par les étoiles
et les autres sagaies des ténèbres,
les coqs se dénombrent,
soufflent dans les conques marines
et se répondent de partout
jusqu’au retour de celui qui est allé dormir dans l’océan
et jusqu’à l’ascension de l’alouette
qui va à sa rencontre avec des chants
imbus de rosée.

 

 

Read

Make no sound, do not speak:
off to explore a forest, eyes, heart,
mind, dreams . . .

Secret forest; yet you can touch this forest
with your hands.

Forest astir with stillness,
forest where the bird is gone, the bird to catch,
catch in a trap and make him sing
or make him cry.

Make him sing or make him cry
and tell the place where he was hatched.

Forest. Bird.
Secret forest, bird hidden
in your hands.

 

Vertaald door John Reed en Clive Wake

 

 2014243-9249dce9ac374d71f7ae9de3aed6b1fa.jpg
Jean-Joseph Rabearivelo (4 maart 1901 – 22 juni 1937)



De Duitse schrijfster en vertaalster Annette Seemann werd geboren op 4 maart 1959 in Frankfurt am Main. Zie ook alle tags voor Annette Seemann op dit blog.

Uit:Schillers Schwester Christophine

“Als alte Frau, im Jahr 1845, legt Christophine Reinwald die sogenannten Notizen über meine Familie nieder, in denen sie die Herkunft vor allem des Bruders beschreibt, doch freilich auch auf sich selbst zu sprechen kommt. So setzt dieser Text mit den Worten ein: »Ob ich schon vermute, daß die bisherigen Lebensbeschreibungen von meinem sel[igen] Bruder fast alles berhrt haben, was meine Familie betrifft, so könnte doch vielleicht teilnehmenden Freunden nicht unwillkommen sein, was ich als älteste Schwester in meinen Erinnerungen noch aufbewahrt habe, und es hiermit aufzeichne.« Die »teilnehmenden Freunde« sind es, diejenigen, die dereinst den Nachlaß ordnen wrden – namentlich war dies die einzige damals noch lebende Nichte Emilie von Gleichen-Rußwurm (1804-1872). Damit ist ein zentrales Lebensthema Christophine Reinwalds genannt: die Freundschaft, die ihr fast wichtiger als die Liebe war. Trotz hoher moralischer und geistiger Ansprche gewann sie lebenslang viele Freunde, fast ausschließlich Frauen. Ein zweites Identifikationsmerkmal stellt sie dem Leser in diesem ersten Satz vor: »Christophine Reinwald, geborene Schiller« – so sollte sie im Alter fast alle Briefe unterzeichnen. Sie sah sich in erster Linie als »Schillers lteste Schwester«. Diese Identität schloß andere Identitäten aus,die gleichwohl einen Großteil ihres Lebens ausmachten: Tochter von Johann Caspar und Elisabeth Dorothea Schiller, Schwester von Louise und Christiane Schiller, Ehefrau von Wilhelm Reinwald, oder einfach nur: Christophine Reinwald, begabte Zeichnerin und Malerin!
Sie fährt fort: »Unser lieber Vater, Johann Caspar Schiller, ward in Bittenfeld, einem Dorfe unweit Ludwigsburg in Württemberg, 1723 geboren.
Sein Vater war daselbst Schultheiß, den er aber sehr früh verlor, und seine Mutter,Witwe mit sieben Kindern, mußte sich sehr einschränken und konnte nicht viel auf seine Ausbildung verwenden. Sie wollte ihn daher nur für ländliche Geschäfte erziehen, und er mußte sich mit großer Mühe einige Kenntnisse verschaffen.“

 

 2014243-22a0c9d856f7f415ecd852a6c8872032.png
Annette Seemann (Frankfurt am Main, 4 maart 1959)
Cover

 

 

De Duitse dichter, graficus, karikaturist en satiricus F. W. Bernstein (eig. Fritz Weigle) werd geboren op 4 maart 1938 in Göppingen. Zie ook alle tags voor F. W. Bernstein en ook voor Bernstein op dit blog

 

Guten Morgen!

Guten Morgen!
O Morgenröte um halb acht,
Die kalte Nacht vergangen.
Ich lebe und bin aufgewacht,
Der Tag hat angefangen.

O Bademantelmorgenstund!
Ein Stückchen Schokolade?
Die Heizung gluckert glücklich und
ich zieh mich aus und bade.

 

Die bildenden Künste

Wichtig ist das Kleinformat
weil’s uns was zu sagen hat.
Große Bilder zeigen
Farb und Form und schweigen.

 

Waldunsinn

Pü Reh rennt wiehernd durch den Tann,
weil es sich selber melken kann.
Das Veilchen platzt; die Nelken welken,
sie können sich nicht selber melken.
Pü Reh tut weiter wiehern,
statt sie zu erziehern.

 

 2014243-5c5853aac0a4de679506a5495652cf87.jpg
F. W. Bernstein (Göppingen, 4 maart 1938)

 

 

De Italiaanse schrijver Giorgio Bassani werd geboren op 4 maart 1916 in Bologna. Zie ook alle tags voor Giorgio Bassani op dit blog.

Uit:The Garden of the Finzi-Continis (Vertaald door Jamie McKendrick)

'Ask that gentleman back there,' he said, jerking his thumb towards me. Giannina turned. Her mouth hidden by the top of the seat, she gave me a rapid glance, severe, filled with mistrust. I waited for her to repeat the question. But she didn't: she promptly turned around and looked straight ahead.
Coming down the road, which continued to rise slightly, flanked by a double row of cypresses, groups of villagers were approaching us, girls and young men. It was the Sunday stroll. Arm in arm, the girls at times formed chains that stretched to the center of the road. At the moment we passed them, we felt ourselves inspected through the windows by their laughing eyes, in which curiosity was mixed with a kind of strange pride, barely dissimulated contempt.
"Papà,' Gianninia asked again, 'why is it that ancient tombs are not as sad as new ones?'
A group more numerous than the others, occupying a good part of the road, and singing in chorus with no thought of making way for us, had forced the car almost to a stop. Her father shifted into second.
'That's obvious,' he answered. 'People who have just died are closer to us, and so we are fonder of them. The Etruscans, after all, have been dead for a long time' – again he was telling a fairy tale – 'so long it's as if they had never lived, as if they had always been dead.'
Another longer pause. At the end of it (we were already near the open space I front of the entrance to the necropolis, full of automobiles and buses), it was Giannina's turn to impart the lesson.
'But now, if you say that,' she ventured softly, 'you remind me that the Etruscans were also alive once, and so I'm fond of them, like everyone else.'
Our visit then to the necropolis, I recall, was completely affected by the extraordinary tenderness of this sentence. Giannina had prepared us to understand. It was she, the youngest, who somehow guided us."

 

 2014243-6da391d7da29e039ec9cab6cf65c80a9.jpg
Giorgio Bassani (4 maart 1916 – 13 april 2000)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 4e maart ook mijn vorige blog van vandaag.

Geschreven door Romenu om 12:58 Reageer op dit bericht

Bernardo Ashetu, Léon-Paul Fargue, Kito Lorenc, Jacques Dupin, Thomas S. Stribling

De Surinaamse dichter Bernardo Ashetu (Eig. Hendrik George van Ommeren) werd geboren in Kasabaholo op 4 maart 1929. Zie ook alle tags voor Bernardo Ashetu op dit blog.

 

Niets

Ach,
vandaag
was er niets
op de berg,
zelfs geen snipper
van een vod.
Daarom bevind ik
mij hier op de
hoge toren bij de
gepolijste vlaggestok. -
En ik hijs de vlag
en ik strijk de vlag
en hijs de vlag
en strijk de vlag.
en ik woeker met
haar kleuren.

 

Roet

Ik was tot aan de grens van de zee
bijna bij het einde
toen een loktoon mij terugvoerde
naar dit veren bed
op gras dat reeds lang verdord is.
Iedere avond kom jij dan nog
in 't half-duister schuivend aan
en gooit roet in m'n kleurloos eten.

 

 2014240-f6530ddba3d149d60aa0da175544b7b2.jpg
Bernardo Ashetu (4 maart 1929 - 3 augustus 1982)

 

 

De Franse dichter en essayist Léon-Paul Fargue werd geboren op 4 maart 1876 in Parijs. Zie ook alle tags voor Léon-Paul Fargue op dit blog.

 

Spleen

Dans un vieux square où l'océan
Du mauvais temps met son séant
Sur un banc triste au yeux de pluie
C'est d'une blonde
Rosse et gironde
Que je m'ennuie
Dans ce cabaret du Néant
Qu'est notre vie.

 

 

Amour tremblant

Amour tremblant . Crainte de proie.
J'aime vos deux instincts frappants.
Crainte tenace. Amour tremblant.
Je sais ton style heureusement.
Je suis le maître dans la nuit.
Amour tenace. Amour tremblant.
Tu t'es posé sur le rebord
De l'âme la plus misérable.
comme un aigle sur un balcon !
Amour tenace. Amour tremblant.
L’horloge creuse la mort
Je l'honore dans tes beaux yeux,
Je la distingue aux seins blessants.
Les fleurs qu'on ne voit que la nuit
C'est ce qui fait qu'on réfléchit.
Mais veuille surveillez nos yeux.
Quand nous souffrons fais-nous pleurer.
lorsqu'on pleure on est presque heureux.
Amour tenace. amour tremblant !

 

 2014240-bab1ab2ebb996225cadb82d6f9da0341.png
Léon-Paul Fargue (4 maart 1876 – 24 november 1947)

 

 

De Duits-sorbische dichter, schrijver en vertaler Kito Lorenc werd geboren op 4 maart 1938 in Schleife (Oost-Sachsen). Zie ook alle tags voor Kito Lorenc op dit blog.

 

Singende Amsel

Als die steinerne Stadt
unter Sirenenrufen
ans Sonnenufer rollte
und Rauchopfer aufstiegen
ins Blau, früh, als ich heimkam
sah ich dich auf deinem Mast:
Gelbe Flöte schwarzes Herz –
es schwingt noch
das Mundstück aus Horn
vor der leis zitternden Säule zarter Luft.
Kleines bebendes Herz, glühst rötlich
durch dein schwarzes Gefieder,
geflügeltes Herz,
so zu singen
Angesicht in Angesicht: Sonne und Herz

Da flog sie auf:
Sing, sing du

 

 

Sorbisch-deutsche Abendlesung

Nacht steigt
Poës, frische
Wische

Schöne Fröse
unvergleichlich
Wallei

Mond Glotze
duse später
Tolpen

Weine Klitte
so verschieden
Prossetlein

Blei bai Unz
schinki schanki
Hypp!

 

 2014240-ad79ee25a5f78df757558269331bf1a7.JPG
Kito Lorenc (Schleife, 4 maart 1938)

 

 

De Franse dichter Jacques Dupin werd geboren in Privas, Ardèche, op 4 maart 1927. Zie ook alle tags voor Jacques Dupin op dit blog.

 

Grand vent

Nous n’appartenons qu’au sentier de montagne
Qui serpente au soleil entre la sauge et le lichen
Et s’élance à la nuit, chemin de crête,
À la rencontre des constellations.
Nous avons rapproché des sommets
La limite des terres arables.
Les graines éclatent dans nos poings.
Les flammes rentrent dans nos os.
Que le fumier monte à dos d’hommes jusqu’à nous !
Que la vigne et le seigle répliquent
À la vieillesse du volcan !
Les fruits de l’orgueil, les fruits du basalte
Mûriront sous les coups
Qui nous rendent visibles.
La chair endurera ce que l’œil a souffert,
Ce que les loups n’ont pas rêvé
Avant de descendre à la mer.

 

 

L'angle du mur

Ma méditation ton manteau se consument

Pour te perdre mieux
Ou te mordre blanche.

La tour délivrée de son lierre croule.

La terreur conduit sous terre ma semence,
L'éclairé et la refroidit.
J'attends la déflagration.

Et je tutoie les morts, les nouveaux venus.
Celle que j'aime est dans leur camp,
Fourche, flamme et minerai.

Le sang qui brille sur la page de garde
Ne sera jamais le sien.

 

 2014240-77540eeddb609c9768e310f666239fba.jpg
Jacques Dupin (4 maart 1927 – 27 oktober 2012)

 

 

De Amerikaanse schrijver Thomas S. Stribling werd geboren op 4 maart 1881 in Clifton, Tennessee. Zie ook alle tags voor Thomas S. Stribling op dit blog.

Uit: The Store

“In response to his wife's uncertain inquiry about the political speaking, Colonel Miltiades Vaiden called back from his gate that he did not think there would be any ladies at the courthouse that evening.
By laying stress on the word "think" the Colonel not only forecasted a purely masculine attendance in Courthouse Square that summer evening in Florence, Alabama, but at the same time he subtly expressed his own personal disapproval of women appearing at political gatherings at any place or time whatsoever.
The heavy wife in the doorway hesitated at the Colonel's implication. She had wanted to go. She felt the gregarious impulse of fleshy persons to foregather with crowds, to laugh and fraternize with the audience, to propel her large body among her lighter fellows with the voluptuous and genial ruthlessness of a fat person. However, on the other hand, her feminine fear of being the only woman in the audience stood in her path.
But behind these two antagonistic impulses lay another cause of depression which the ponderous wife knew too well but which she never frankly had admitted even to herself. This was that her husband did not want her to go with him to this or to any other public gathering; it was ... that he was ashamed of her.
This fact wavered in the woman's mind until she expelled it by calling out:
"Oh, Mr. Milt, there'll be a lot of leading men down there, I expect. Maybe some of 'em will offer you a—a better position...."
At this mention of position a disagreeable tickle went through the husband's chest, but he answered in an impassive, corrective tone:
"Not likely such a topic will come up at a political meeting, Ponny."
"Well ... if it does ... you ... you mustn't repulse 'em, Mr. Milt."

 

 2014240-94aaef907dda751ab83cb2d227e0b3ae.jpg
Thomas S. Stribling (4 maart 1881 – 8 juli 1965)

Geschreven door Romenu om 12:57 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten